Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBGEL:2018:189

Instantie
Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak
18-01-2018
Datum publicatie
18-01-2018
Zaaknummer
05/841202-16
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Vrijspraak van het medeplegen van het telen van hennep en diefstal van stroom door twee of meer verenigde personen. Medeplichtigheid is niet ten laste gelegd.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

Team strafrecht

Zittingsplaats Arnhem

Parketnummer : 05/841202-16

Datum uitspraak : 18 januari 2018

Tegenspraak

vonnis van de meervoudige kamer

in de zaak van

de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland

tegen

[verdachte]

geboren op [geboortedag] 1982 te [geboorteplaats] ,

wonende [adres 1] ,

raadsman: mr. B.J.P. Toonen, advocaat te Grave.

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen

van 7 september 2017 en 4 januari 2018.

1 De inhoud van de tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:

1.

hij op of omstreeks 28 januari 2016 te Wijchen tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, in de uitoefening van een beroep of bedrijf, (telkens) opzettelijk heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of vervaardigd, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad (in een pand/loods aan [adres 2] ) een hoeveelheid van (in totaal) ongeveer 1373 hennepplanten, althans een groot aantal hennepplanten en/of delen daarvan, in elk geval (telkens) een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende

hennep, zijnde hennep een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid van die wet, welke hoeveelheid meer bedraagt dan de bij algemene maatregel van bestuur bepaalde hoeveelheid van een middel (te weten ongeveer 1373 hennepplanten, althans meer dan 200 hennepplanten en/of delen daarvan);

2.

hij op een of meerdere tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 april 2015 tot en met 28 januari 2016 te Wijchen tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een pand/loods gelegen aan [adres 2] heeft weggenomen een hoeveelheid elektriciteit, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders, waarbij verdachte en/of zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen hoeveelheid elektriciteit onder zijn/haar/hun bereik hebben gebracht door middel van braak, verbreking, inklimming, een valse sleutel.

2 Overwegingen ten aanzien van het bewijs

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden geacht dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de ten laste gelegde feiten. De officier van justitie heeft aangevoerd dat de ter terechtzitting afgelegde verklaring van verdachte niet geloofwaardig is. Uit het dossier blijkt dat verdachte de huursommen heeft betaald en een contract heeft afgesloten voor de levering van elektriciteit. Uit de verklaring van getuigen [getuige 1] blijkt dat verdachte meerdere malen samen met medeverdachte [medeverdachte] aanwezig is geweest in de loods.

De officier van justitie heeft geëist dat verdachte ter zake van beide tenlastegelegde feiten zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 10 maanden, met aftrek van de tijd in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft integrale vrijspraak bepleit. De raadsman heeft aangevoerd dat verdachte geen bijdrage van voldoende gewicht heeft geleverd aan het telen van hennepplanten of de diefstal van stroom, om diens medeplegen bewezen te kunnen verklaren.

Beoordeling door de rechtbank

De rechtbank heeft diverse redenen om te twijfelen aan de geloofwaardigheid van de verklaringen van getuigen [getuige 1] en [getuige 2] . Een van die redenen betreft de omstandigheid dat er meerdere oogsten in de hennepkwekerij moeten hebben plaatsgevonden, dat hun woning daar vlakbij stond en het nogal twijfelachtig is dat zij daarvan niets hebben gemerkt of niets hebben geroken. Deze verklaringen zullen daarom niet gebruikt worden voor het bewijs.

Het enige dat op grond van het dossier kan worden bewezen is dat verdachte het huurcontract van de loods en het contract met energieleverancier Eon heeft afgesloten en hiervoor betalingen heeft verricht. De rechtbank is van oordeel dat deze handelingen hooguit medeplichtigheid aan de verweten gedragingen met zich mee brengen, maar dat is niet aan verdachte ten laste gelegd. De rechtbank is daarom van oordeel dat er onvoldoende wettig en overtuigend bewijs is dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de ten laste gelegde feiten en zal verdachte daarom vrijspreken.

3 De beslissing

De rechtbank:

 spreekt verdachte vrij van de onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten.

Dit vonnis is gewezen door mr. C.J.M. van Apeldoorn (voorzitter), mr. R.S. Croll en

mr. R.G.J. Welbergen, rechters, in tegenwoordigheid van mr. M. Langstraat, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 18 januari 2018.