Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBGEL:2017:6644

Instantie
Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak
22-12-2017
Datum publicatie
22-12-2017
Zaaknummer
05/194393-16
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Voetbalgeweld Vitesse-Southampton. Zeven supporters van Vitesse zijn veroordeeld voor hun aandeel in het openlijk geweld voorafgaand aan de wedstrijd. Zij hebben een voldoende significante of wezenlijke bijdrage geleverd door op te dringen, armgebaren te maken, te gooien met bier of met stoelen, te slaan of te schoppen. Bij de strafoplegging is onder meer rekening gehouden met tijdsverloop.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

Team strafrecht

Zittingsplaats Arnhem

Parketnummer : 05/194393-16

Datum uitspraak : 22 december 2017

Tegenspraak

vonnis van de meervoudige kamer

in de zaak van

de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland

tegen

[verdachte]

geboren op [geboortedatum] 1978 te [geboorteplaats] ,
wonende te [adres] ,

raadsvrouw: mr. A van den Berg, advocaat te Arnhem.

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 6 maart 2017 (politierechter) en van 8 december 2017.

1 De inhoud van de tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:

hij op of omstreeks 6 augustus 2015, in de gemeente Arnhem, op of aan de openbare weg, de "Korenmarkt", althans in het centrum van Arnhem (voorafgaand aan de wedstrijd Vitesse - Southampton), in elk geval op of aan een openbare weg, openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen één (of meer) lid/leden van de Mobiele Eenheid en/of tegen een (of meer) supporters van voetbalclub Southampton, welk geweld bestond uit het meermalen, althans

eenmaal,

 maken van een (of meer) armgeba(a)r(en) in de richting van een (of meer) lid/leden van de mobiele eenheid en/of een (of meer) supporters van Southampton en/of

 aanvallen/uitdagen van en/of indringen op/tegen een (of meer) lid/leden van die mobiele eenheid (die in linie stonden) en/of de supporters van Southampton (die achter die linie stonden) en/of een (of meer) (ander) onbekend gebleven perso(o)n(en) en/of

 gooien van/met een (of meer) bekertje(s) bier in de menigte en/of een (of meer) lid/leden van de mobiele eenheid en/of een (of meer) supporters van Southampton en/of

 gooien met/van terrasmeubilair en/of een (of meer) voorwerp(en) in de menigte en/althans naar een (of meer) onbekend gebleven perso(o)n(en).

2. Overwegingen ten aanzien van het bewijs 1

De feiten

Op grond van de bewijsmiddelen wordt het volgende, dat verder ook niet ter discussie staat, vastgesteld.

Op 6 augustus 2015, voorafgaand aan de voetbalwedstrijd Vitesse tegen Southampton, heeft een massale vechtpartij op de Korenmarkt te Arnhem plaatsgevonden. Hierbij waren supporters van Vitesse en Southampton betrokken. Voorafgaand aan de vechtpartij liep een groep van ruim 50 Vitesse supporters van de Jansplaats naar de Korenmarkt. De eerste 10 tot 15 personen van de Vitesse supporters zochten direct de confrontatie met Southampton supporters die bij Aspen Valley op de Korenmarkt stonden. Er ontstond een vechtpartij waarbij diverse Vitesse supporters vuistslagen uitdeelden. Ook sloegen zij met barkrukken en stoelen.2 Over en weer werd geslagen, aan elkaar getrokken en geduwd.3 Daarnaast werden er tijdens de onregelmatigheden armgebaren gemaakt door diverse Vitesse supporters.4

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden geacht dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het ten laste gelegde feit.

Het standpunt van de verdediging

De raadsvrouw van verdachte heeft verzocht om vrijspraak ten aanzien van de in de tenlastelegging opgenomen gedragingen onder de eerste twee gedachtestreepjes. Hiertoe is aangevoerd dat verdachte geen armgebaren heeft gemaakt en ook geen geweld heeft gebruikt tegen leden van de Mobiele Eenheid. Op de camerabeelden is te zien dat verdachte achteruit loopt, hetgeen niet in verhouding staat tot het in de tenlastelegging genoemde aanvallen, uitdagen en indringen. Ten aanzien van de gedragingen genoemd onder het derde en vierde gedachtestreepje heeft de raadsvrouw zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank hierover.

Beoordeling door de rechtbank

Van openlijke geweldpleging is sprake bij geweld, gepleegd in vereniging, dat voor derden zichtbaar was of had kunnen zijn en waardoor de openbare orde is verstoord. Geweld wordt in vereniging gepleegd als de dader nauw en bewust samenwerkt met één of meer anderen en daarbij zelf een significante of wezenlijke bijdrage aan de openlijke geweldpleging levert. Deze bijdrage kan onder andere bestaan uit het verrichten van één of meer gewelddadige handelingen.

Uit hetgeen ten aanzien van de feiten is overwogen stelt de rechtbank vast dat op 6 augustus 2015 op de Korenmarkt te Arnhem geweld heeft plaatsgevonden, dat kan worden gekwalificeerd als openlijke geweldpleging.

De vraag die de rechtbank vervolgens dient te beantwoorden is of verdachte daaraan een voldoende significante of wezenlijke bijdrage heeft geleverd, zij het dat deze bijdrage niet zelf van gewelddadige aard behoeft te zijn. Daarna moet beoordeeld worden of de overige gebeurtenissen met de bijdrage van verdachte bijeen genomen ook een samenhangende geweldpleging opleveren.

De politie heeft de beelden bekeken die gemaakt zijn tijdens het ten laste gelegde en hiervan een beschrijving gegeven. Hieruit blijkt het volgende. Te zien is dat verdachte vanuit zijn rechterhand een plastic beker met vermoedelijk bier de menigte ingooide. In het midden van de Korenmarkt was de Mobiele Eenheid van de politie op dat moment bezig om kennelijk een vechtende menigte uit elkaar te halen. Kort daarna gooide verdachte wederom een plastic beker met bier richting een groep van vermoedelijk Southampton supporters. Een minuut later pakte verdachte een stoel in zijn beide handen en gooide deze kennelijk opzettelijk en met kracht richting Southampton supporters.5

Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat hij met bier heeft gegooid en dat hij een stoel heeft gegooid. De stoel heeft niemand geraakt.6

De rechtbank is op grond van de vaststaande feiten en het voorgaande van oordeel dat verdachte deel uitmaakte van een groep Vitesse supporters die de confrontatie met Southampton supporters heeft gezocht. De provocerende en gewelddadige handelingen die hierbij door diverse Vitesse supporters verricht zijn, kunnen ook aan verdachte worden toegerekend. Verdachte heeft daar immers een significante bijdrage aan geleverd door met plastic bekers met bier te gooien en door een stoel te gooien en hij heeft zich ook niet onttrokken aan het openlijk geweld. Uit de beschrijving van de camerabeelden volgt immers niet dat verdachte zich op geen enkele wijze heeft bemoeid met het geweld dat zich voordeed en dat hij afstand heeft genomen van de groep Vitesse supporters die op dat moment in gevecht was met supporters van Southampton. De rechtbank is dan ook van oordeel dat bewezen is dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het ten laste gelegde feit.

De rechtbank is van oordeel dat niet is komen vast te staan dat het openlijk geweld tegen de Mobiele Eenheid gericht was. De Mobiele Eenheid heeft wel supporters uit elkaar gejaagd, maar enige vorm van verzet tegen politiemensen heeft de rechtbank, noch in de beschrijvingen van de beelden, noch in de ter zitting getoonde beelden met betrekking tot de individuele verdachten kunnen bespeuren.

3 Bewezenverklaring

Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat:

hij op of omstreeks 6 augustus 2015, in de gemeente Arnhem, op of aan de openbare weg, de "Korenmarkt", althans te het centrum van Arnhem (voorafgaand aan de wedstrijd Vitesse - Southampton), in elk geval op of aan een openbare weg, openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen één (of meer) lid/leden van de Mobiele Eenheid en/of tegen een (of meer) supporters van voetbalclub Southampton, welk geweld bestond uit het meermalen, althans

eenmaal,:

 maken van een (of meer) armgeba(a)r(en) in de richting van een (of meer) lid/leden van de mobiele eenheid en/of een (of meer) supporters van Southampton en/of;

 aanvallen/uitdagen van en/of indringen op/tegen een (of meer) lid/leden van die mobiele eenheid (die in linie stonden) en/of de supporters van Southampton (die achter die linie stonden) en/of een (of meer) (ander) onbekend gebleven perso(o)n(en) en/of

 gooien van/met een (of meer) bekertje(s) bier in de menigte en/of een (of meer) lid/leden van de mobiele eenheid en/of een (of meer) tegen supporters van Southampton en/of;

 gooien met/van terrasmeubilair en/of een (of meer) voorwerp(en) in de menigte en/althans naar een (of meer) onbekend gebleven perso(o)n(en).

Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.

Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen.

Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

4 De kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:

het openlijk in vereniging geweld plegen tegen personen.

5 De strafbaarheid van het feit

Het feit is strafbaar.

6 De strafbaarheid van de verdachte

Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.

7 Overwegingen ten aanzien van de straf

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft geëist dat verdachte ter zake van het tenlastegelegde zal worden veroordeeld tot het verrichten van 60 uren werkstraf, bij niet-uitvoering te vervangen door 30 dagen hechtenis. De officier van justitie heeft dit gemotiveerd aan de hand van de al afgeronde strafzaken tegen andere verdachten, waarbij de ondergrens een vordering tot 40 uren werkstraf was en de bovengrens werd gevormd door een veroordeling tot 140 uren werkstraf en een voorwaardelijke gevangenisstraf van 2 maanden.

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft een strafmaatverweer gevoerd. De raadsvrouw vindt de gevorderde straf niet in verhouding staan tot de eis in een TOM-zitting bij twee andere verdachten. De raadsvrouw heeft gewezen op de mogelijkheid van een voorwaardelijke straf. Hiertoe heeft zij gewezen op het tijdsverloop in deze zaak en de spanning die behandeling bij de een meervoudige kamer met zich brengt. Verder heeft zij gewezen op de persoonlijke omstandigheden van verdachte.

Beoordeling door de rechtbank

De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon en de omstandigheden van de verdachte zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, waarbij onder meer is gelet op het uittreksel uit het algemeen documentatieregister, gedateerd 17 oktober 2017.

De rechtbank neemt bij de straftoemeting in het bijzonder het volgende in aanmerking. Verdachte heeft zich samen met anderen op klaarlichte dag op de Korenmarkt te Arnhem schuldig gemaakt aan openlijke geweldpleging. Op dat moment zaten de terrassen op de Korenmarkt vol met mensen die van het mooie weer aan het genieten waren. Zij hadden door het geweld gewond kunnen raken. Het geweld dat zich heeft voorgedaan leidt niet alleen tot gevoelens van angst en onveiligheid bij hen. Het zorgt ook voor gevoelens van onrust in de samenleving. Door dit soort geweld ontstaat een gespannen en soms grimmige sfeer in de stad en is de inzet van heel veel politiemensen nodig terwijl diezelfde politiemensen elders moeten worden gemist. Bovendien bezorgt het de stad Arnhem als uitgaansstad, voetbalfans in het algemeen en die van Vitesse in het bijzonder, een slechte naam en reputatie. De daders van dit geweld bewijzen hun eigen club, die ze toch zeggen te steunen, zo juist een hele slechte dienst. Verdachte is hier mede verantwoordelijk voor.

Verdachte heeft verklaard dat hij zich schaamt voor wat hij heeft gedaan. Hij woont samen met zijn partner en zij hebben twee kleine kinderen. Hij werkt 5 tot 6 dagen per week. Zijn partner werkt ’s avonds en dan zorgt hij voor het huishouden. Zijn vader is gediagnosticeerd met kanker en zit in de laatste fase van zijn leven. Verdachte is actief betrokken bij de verzorging van zijn vader.

De rechtbank neemt in het voordeel van verdachte het tijdsverloop in deze zaak. Verder overweegt de rechtbank dat de aard van het feit waarvoor verdachte veroordeeld wordt, op zich zelf niet van bijzondere zwaarte is. De totale omvang en aspecten van het dossier (waaronder de camerabeelden) en het onderlinge verband tussen de zaken van verdachte en zijn medeverdachten rechtvaardigen weliswaar dat de zaak van verdachte bij de meervoudige strafkamer is behandeld, maar de rechtbank is zich bewust van het feit dat dit een voor verdachte verzwarende omstandigheid is en zal hier rekening mee houden in de strafoplegging. Anders dan de raadsvrouw ziet de rechtbank geen toegevoegde waarde in de oplegging van een voorwaardelijke straf. Er is niet gebleken dat verdachte deze stok achter de deur nodig heeft, terwijl de oplegging van een geheel voorwaardelijke straf geen recht doet aan de ernst van de gedragingen van verdachte.

Ten nadele van verdachte houdt de rechtbank rekening met het feit dat verdachte door te gooien met een stoel een projectiel heeft gelanceerd in een menigte waarbij niemand geraakt is, maar wel iemand ernstig geraakt had kunnen worden.

Gelet op het voorgaande, waarbij de rechtbank ook rekening houdt met de persoonlijke omstandigheden van verdachte, acht de rechtbank een werkstraf voor de duur van 40 uren, te vervangen door 20 dagen hechtenis, passend en geboden.

8 De toegepaste wettelijke bepalingen

De beslissing is gegrond op de artikelen 22c, 22d en 141 van het Wetboek van Strafrecht.

9 De beslissing

De rechtbank:

 verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde, zoals vermeld onder punt 3, heeft begaan;

 verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;

 verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert het strafbare feit zoals vermeld onder punt 4;

 verklaart verdachte hiervoor strafbaar;

 veroordeelt verdachte wegens het bewezenverklaarde tot een werkstraf gedurende 40 (veertig) uren, met bevel dat indien deze straf niet naar behoren wordt verricht vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 20 (twintig) dagen.

Dit vonnis is gewezen door mr. H.C. Leemreize (voorzitter), mr. W.L.F. Prisse en mr. A. Tegelaar, rechters, in tegenwoordigheid van mr. A. Bril, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 22 december 2017.

Mr. H.C. Leemreize en mr. A. Tegelaar zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.

1 Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door een verbalisant van de politie Oost Nederland, district Gelderland-Midden, districtsrecherche, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL2016008001, onderzoek Wesp2, gesloten op 3 oktober 2016 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.

2 Proces-verbaal van bevindingen, p. 93-95.

3 Proces-verbaal van bevindingen, p. 120.

4 Processen-verbaal van bevindingen, p. 512 en 699; processen-verbaal van verhoor meerderjarige verdachte, p. 474 en 709.

5 Proces-verbaal van bevindingen, p. 596 en 597.

6 Verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting d.d. 8 oktober 2017.