Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBGEL:2017:3236

Instantie
Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak
21-06-2017
Datum publicatie
21-06-2017
Zaaknummer
C/05/15/30 R
Formele relaties
Hoger beroep: ECLI:NL:GHARL:2017:7370
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

De rechtbank beëindigt de schuldsaneringsregeling van betrokkene. Hij krijgt geen schone lei.

Betrokkene is veroordeeld voor poging tot afpersing. Dit past niet in de schuldsaneringsregeling. Op dit moment zit betrokkene vast. Hierdoor kan hij niet aan zijn arbeidsverplichting voldoen. Hij heeft bovendien de bewindvoerder niet geïnformeerd over zijn detentie. Om deze redenen wordt de schuldsaneringsregeling beëindigd.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

/

Team Insolventies

Zittingsplaats Zutphen

Insolventienummer: C/05/15/30 R

Uitspraakdatum: 21 juni 2017

vonnis tussentijdse beëindiging

in de schuldsaneringsregeling van:

[betrokkene] ,

geboren op [geboortedatum] 1967 te [geboorteplaats] ([geboorteland]),

wonende te [adres], [postcode] [woonplaats].

Bewindvoerder: [bewindvoerder]

Samenvatting

De rechtbank beëindigt de schuldsaneringsregeling van de heer [betrokkene]. Hij krijgt geen schone lei.

De heer [betrokkene] is veroordeeld voor poging tot afpersing. Dit past niet in de schuldsaneringsregeling. Op dit moment zit de heer [betrokkene] vast. Hierdoor kan hij niet aan zijn arbeidsverplichting voldoen. Hij heeft bovendien de bewindvoerder niet geïnformeerd over zijn detentie. Om deze redenen wordt de schuldsaneringsregeling beëindigd.

Hieronder wordt verder uitgelegd hoe de rechtbank tot deze beslissing is gekomen.

1 Inleiding

Op 12 januari 2015 is de heer [betrokkene] toegelaten tot de schuldsaneringsregeling.

De rechtbank Gelderland heeft de heer [betrokkene] op 26 april 2017 veroordeeld tot een gevangenisstraf van twaalf maanden. Deze straf is opgelegd voor poging tot afpersing, gepleegd op 7 januari 2017. De heer [betrokkene] is tegen het vonnis in hoger beroep gegaan.

De rechtbank heeft op de zitting van 14 juni 2017 beoordeeld of de schuldsaneringsregeling van de heer [betrokkene] moet worden beëindigd. Dat is gebeurd op voordracht van de rechter-commissaris. De heer [betrokkene] was op de zitting aanwezig. Ook de bewindvoerder en de beschermingsbewindvoerder (de heer [beschermingsbewindvoerder]) waren op de zitting aanwezig.

2 De beoordeling door de rechtbank

In de schuldsaneringsregeling heeft de heer [betrokkene] een aantal verplichtingen. Zo moet hij moet zoveel mogelijk geld verdienen voor zijn schuldeisers. Omdat hij niet werkt, moet hij solliciteren. Ook moet de heer [betrokkene] laten zien dat hij kan rondkomen van een klein budget. Tot slot moet hij de bewindvoerder informeren over alle zaken die van invloed kunnen zijn op zijn schuldsaneringsregeling. Als de heer [betrokkene] niet aan deze verplichtingen voldoet, dan kan de schuldsaneringsregeling worden beëindigd. Dat is zo bepaald in artikel 350 van de Faillissementswet (derde lid onder c).

De heer [betrokkene] is veroordeeld voor het plegen van een strafbaar feit. Uit het strafvonnis blijkt dat hij op 7 januari 2017 de woning van een vrouw is binnengegaan. Hij heeft haar bij de keel gegrepen en geld van haar geëist. Dit zou te maken hebben met een drank- en gokverslaving. De heer [betrokkene] heeft tegen het strafvonnis hoger beroep ingesteld. Toch gaat de rechtbank uit van de feiten die zijn vastgesteld door de strafrechter. De heer [betrokkene] heeft namelijk bij de mondelinge behandeling de poging tot afpersing niet ontkend. Het klopt volgens hem dat hij een drank- en een gokprobleem heeft. Het klopt ook dat hij op 7 januari 2017 in de woning van het slachtoffer is geweest. Wat daar is gebeurd kan de heer [betrokkene] zich niet herinneren, omdat hij toen te dronken was. Het hoger beroep is volgens hem ingesteld omdat hij in de schuldsanering wil blijven.

Het gedrag van de heer [betrokkene] past niet bij de verplichtingen die hij heeft. Met een poging om op een illegale wijze aan geld te komen, laat hij zien dat hij niet kan rondkomen van een klein budget. Daarnaast zit de heer [betrokkene] door zijn gedrag in detentie. Zolang hij vastzit, kan hij niet aan zijn arbeidsverplichting voldoen. Op de zitting heeft hij gezegd dat het Werkbedrijf voor hem een baan zou regelen. Door zijn detentie gaat dit nu niet door. Tot slot heeft de heer [betrokkene] niet voldaan aan zijn informatieplicht. Hij heeft de bewindvoerder niet op de hoogte gesteld van zijn detentie.

De heer [betrokkene] heeft dus aan verschillende verplichtingen niet voldaan. Dat valt hem te verwijten. Daarom zal de rechtbank de schuldsaneringsregeling beëindigen. Hierdoor krijgt de heer [betrokkene] geen schone lei.

Nog enkele formele aspecten

Er staat niet voldoende geld op de boedelrekening om tot een uitkering aan de schuldeisers te komen. De heer [betrokkene] wordt daarom niet failliet verklaard. De beëindiging van de schuldsaneringsregeling gaat in vier weken na het onherroepelijk worden van deze uitspraak.

De rechtbank zal het salaris en de kosten van de bewindvoerder nog niet vaststellen. Dat zal de rechtbank doen op het moment dat ook de schuldsaneringsregeling van de echtgenote van de heer [betrokkene] eindigt.

3 De beslissing

De rechtbank:

  • -

    beëindigt tussentijds de op 12 januari 2015 van toepassing verklaarde schuldsaneringsregeling zonder dat de heer [betrokkene] de schone lei krijgt;

  • -

    bepaalt dat de toepassing van de schuldsaneringsregeling eindigt vier weken nadat dit vonnis onherroepelijk is geworden.

Deze uitspraak is gedaan door mr. E. Schippers, rechter, en is uitgesproken op 21 juni 2017 in het bijzijn van de griffier.

Hoger beroep

Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld. Hoger beroep kan alleen worden ingesteld door een advocaat. Die moet dat doen binnen acht dagen na dit vonnis bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.