Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBGEL:2017:1397

Instantie
Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak
06-03-2017
Datum publicatie
15-03-2017
Zaaknummer
05/740428-16
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Veroordelingen door de rechtbank Gelderland, zittingsplaats Zutphen voor een 24-jarige en een 25-jarige man uit Utrecht wegens drie auto-inbraken en één poging daartoe tot een gevangenisstraf voor de duur van zes maanden.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

Team strafrecht

Zittingsplaats Zutphen

Parketnummer : 05/740428-16

Datum uitspraak : 6 maart 2017

Tegenspraak

vonnis van de meervoudige kamer

in de zaak van

de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland

tegen

[verdachte]

geboren op [geboortedatum] 1992 te [geboorteplaats] , wonende te [adres 1]

thans gedetineerd te PI Overijssel, HvB Karelskamp te Almelo

raadsman: mr. J.J.J.L. Maalsté, advocaat te Utrecht.

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 20 februari 2017.

1 De inhoud van de tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:

1.

hij op of omstreeks 15 november 2016 te Apeldoorn tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een auto (merk [merk 1] ) heeft weggenomen

- een laptop (merk [merk 2] ) en/of

- een laptop-adapter en/of

- een (trolley)tas (met bouwtekeningen) en/of

- een (schrijf)map en/of

- een telefoonlader (merk [merk 3] ) en/of

- een draadloze muis (merk [merk 2] ) en/of

in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 1] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders, waarbij verdachte en/of zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking en/of inklimming;

althans, indien het vorenstaande onder 1 niet tot een veroordeling leidt:

hij op of omstreeks 15 november 2016 te Apeldoorn, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal een of meer goederen, te weten

- een laptop (merk [merk 2] ) en/of

- een laptop-adapter en/of

- een (trolley)tas (met bouwtekeningen) en/of

- een (schrijf)map en/of

- een telefoonlader (merk [merk 3] ) en/of

- een draadloze muis (merk [merk 2] )

heeft verworven, voorhanden gehad en/of overgedragen, terwijl hij en zijn mededader(s) (telkens) ten tijde van de verwerving of het voorhanden krijgen van dit goed wist(en), althans redelijkerwijs had(den) moeten vermoeden dat het een door misdrijf verkregen goed betrof;

2.

hij op of omstreeks 15 november 2016 te Apeldoorn tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een auto heeft weggenomen

- een laptoptas (zwart) en/of

- een laptop (merk [merk 4] ) en/of

- een rugtas (zwart) en/of

- een portemonnee (bruin)

in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 2] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders, waarbij verdachte en/of zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming;

althans, indien het vorenstaande onder 2 niet tot een veroordeling leidt:

hij op of omstreeks 15 november 2016 te Apeldoorn, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal een of meer goederen, te weten

- een laptoptas (zwart) en/of

- een laptop (merk [merk 4] ) en/of

- een rugtas (zwart) en/of

- een portemonnee (bruin)

heeft verworven, voorhanden gehad en/of overgedragen, terwijl hij en zijn mededader(s) (telkens) ten tijde van de verwerving of het voorhanden krijgen van dit goed wist(en), althans redelijkerwijs had(den) moeten vermoeden dat het een door misdrijf verkregen goed betrof;

3.

hij op of omstreeks 15 november 2016 te Apeldoorn ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een auto weg te nemen goederen, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 3] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders en zich daarbij de toegang tot de plaats van het misdrijf te verschaffen en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn/haar/hun bereik te brengen door middel van braak, verbreking en/of inklimming, door de (linker)ruit van voornoemde auto in te slaan, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

4.

hij op of omstreeks 15 november 2016 te Apeldoorn tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een auto heeft weggenomen

- een laptoptas en/of

- een laptopadapter en/of

- een laptop en/of

- een telefoonlader (merk [merk 5] ) en/of

- schriftelijke bescheiden en/of

- een (wit/oranje) waterflesje

in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 4] en/of [benadeelde 5] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn

mededaders, waarbij verdachte en/of zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming;

althans, indien het vorenstaande onder 4 niet tot een veroordeling leidt:

hij op of omstreeks 15 november 2016 te Apeldoorn, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal een of meer goederen, te weten

- een laptoptas en/of

- een laptopadapter en/of

- een laptop en/of

- een telefoonlader (merk [merk 5] ) en/of

- schriftelijke bescheiden en/of

- een (wit/oranje) waterflesje

heeft verworven, voorhanden gehad en/of overgedragen, terwijl hij en zijn mededader(s) (telkens) ten tijde van de verwerving of het voorhanden krijgen van dit goed wist(en), althans redelijkerwijs had(den) moeten vermoeden dat het een door misdrijf verkregen goed betrof;

2. Overwegingen ten aanzien van het bewijs 1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden geacht dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de onder 1, 2 en 4 primair en onder 3 ten laste gelegde feiten.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman van verdachte heeft zich op het standpunt gesteld dat op basis van het dossier niet kan worden bewezen wie betrokken is geweest bij de auto-inbraken en of de rode [merk auto] daarbij betrokken is geweest. Daarnaast heeft verdachte de gestolen goederen niet in zijn bezit gehad. Het is niet duidelijk hoelang de gestolen goederen op de plek, waar de goederen zijn aangetroffen, hebben gelegen. Verdachte dient dan ook van de onder 1, 2, 3 en 4 primair ten laste gelegde feiten te worden vrijgesproken. Ten aanzien van de feiten 1, 2 en 4 subsidiair ten laste gelegde feiten is de raadsman van mening dat niet wettig en overtuigend kan worden bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan opzet- dan wel schuldheling en dient verdachte ook hiervan te worden vrijgesproken.

Ten aanzien van de feiten 1, 2 en 3:

De feiten

Op grond van de bewijsmiddelen wordt het volgende, dat verder ook niet ter discussie staat, vastgesteld.

Op 15 november 2016 zijn op de parkeerplaats van het [naam 1] Hotel aan de [adres 2] in Apeldoorn twee auto-inbraken gepleegd.2

Uit de auto van [benadeelde 1] (merk [merk 1] ), zijn de volgende goederen weggenomen: een laptop (merk [merk 2] ), een laptop-adapter, een (trolly)tas (met bouwtekeningen), een (schrijf)map, een telefoonlader (merk [merk 3] ) en een draadloze muis (merk [merk 2] ) toebehorende aan [benadeelde 1] .3 Uit de auto van [benadeelde 2] zijn de volgende goederen weggenomen: een laptoptas (zwart), een laptop (merk [merk 4] ), een rugtas (zwart, merk [merk 6] met rode bies) en een portemonnee, toebehorende aan [benadeelde 2] .4

Van de auto toebehorende aan [benadeelde 3] is de (linker)ruit ingeslagen. Er zijn geen goederen weggenomen.5

Op 15 november 2016 omstreeks 18:30 uur werd door het Operationeel Centrum Apeldoorn een melding uitgegeven van diefstal uit personenauto’s bij het [naam 1] hotel aan de [adres 2] te Ugchelen, in de gemeente Apeldoorn.6

Op 15 november 2016 omstreeks 19:12 uur werden in een personenauto, merk [merk auto] , kleur rood met kenteken [kenteken] , op de [adres 3] te Apeldoorn, drie personen aangetroffen, te weten [verdachte] , [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] . De [adres 3] is een afgelegen weg die overgaat in een zandpad.7

In de berm naast de [adres 3] te Apeldoorn lagen twee tassen. Het ging om een laptoptas, kleur zwart, merk [merk 6] en een rugtas, kleur zwart met rode bies van het merk [merk 6] . In de aangetroffen rugtas zaten visitekaartjes van [benadeelde 2] . De rugtas en laptoptas behoorde toe aan [benadeelde 2] .8

In de berm lag ook een laptop, zwart van het merk [merk 2] .9 In de berm lag ook een tas, type trolley, kleur zwart. Tegen een boom lag een zwarte jas. In de jas waren een laptop van het merk [merk 2] en een adapter van het merk [merk 2] gewikkeld.10 Onder de jas lag een vuilniszak. In de vuilniszak lag een laptop van het merk [merk 4] , een adapter van het merk [merk 4] en een witte tablet van het merk [merk 3] .11 De in de jas gewikkelde laptop en oplader waren afkomstig van de diefstal uit de auto van [benadeelde 1] . De [merk 4] laptop en de witte tablet bleken afkomstig van diefstal uit de auto van [benadeelde 2] .12

Beoordeling door de rechtbank

Vast staat dat twee auto-inbraken en een poging daartoe, zijn gepleegd op het parkeerterrein van [naam 1] in Apeldoorn. Daarbij zijn diverse goederen weggenomen. Deze goederen zijn aangetroffen in de buurt waar verdachte en zijn medeverdachte [medeverdachte 1] zijn aangehouden. De rechtbank ziet zich vervolgens voor de vraag gesteld, of verdachte de persoon is geweest die samen met zijn medeverdachte [medeverdachte 1] die de auto-inbraken heeft gepleegd.

[getuige] heeft verklaard dat zij omstreeks 18:30 uur uit het congrescentrum, [naam 1] , kwam lopen. De auto van [getuige] stond op de achterste rij geparkeerd. [getuige] hoorde een vreemd geluid en direct daarna hoorde ze een autoalarm afgaan. Het geluid kwam vanaf een parkeerplek, die grenst aan de verharde parkeerplaats van Van het [naam 1] Hotel. De alarmlichten van een auto gingen branden. [getuige] zag twee personen rennen. Het waren mannen. Dit deel van de parkeerplaats was goed verlicht of zodanig dat [getuige] het goed kon zien. De mannen renden weg. [getuige] hoorde direct twee portierdeuren dichtslaan en zag dat er een personenauto vanaf een onverharde parkeerplaats kwam rijden. [getuige] zag dat zij snel wegreden, alsof zij haast hadden. Het was een rode auto met kenteken [kenteken] .13

Om 18:30 uur is hiervan melding gedaan en is de politie op zoek gegaan naar een rode [merk auto] met het kenteken [kenteken] . Verdachte en zijn medeverdachte [medeverdachte 1] , zijn ongeveer 42 minuten nadat getuige [getuige] voornoemde auto had zien wegrijden en de melding bij de politie, aangetroffen in de auto met kenteken [kenteken] . De weggenomen goederenzijn in de nabijheid van de personenauto met kenteken [kenteken] aangetroffen.14

Uit het proces-verbaal van bevindingen komt naar voren dat onderzoek is verricht aan de rode [merk auto] met kenteken [kenteken] . Op de grondmatten van de passagierszijde, voorin, zijn glasscherven aangetroffen. In een vak, aan de bijrijdersportier is een ‘lifehammer’ aangetroffen. De lifehammer had veelvuldig gebruikerssporen. In voornoemde vak lagen meerdere glassplinters. Op de grondmat, bij de bestuurdersstoel, zijn meerdere glasscherven van autoruiten aangetroffen. Op de bestuurdersstoel zijn glassplinters aangetroffen. Op de grondmat, voor de achterbank, lagen enkele glasscherven. Op de achterbank lagen glassplinters. Ook tussen de kussens van de achterbank lagen glassplinters en glasscherven. De aangetroffen glassplinters en glasscherven zijn vermoedelijk afkomstig van autoruiten. In de kofferbak lagen twee rollen vuilniszakken.15

Gelet op het voorgaande in onderlinge samenhang bezien, staat voor de rechtbank vast dat de rode [merk auto] met het kenteken [kenteken] , is gebruikt bij de twee auto-inbraken en één poging daartoe op de parkeerplaats van het [naam 1] Hotel aan de [adres 2] in Apeldoorn.

Verdachte heeft verklaard dat hij weliswaar in de buurt van de goederen is aangehouden maar dat hij niets weet van de auto-inbraken. Hij is met [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] vanuit Utrecht naar Apeldoorn gereden. Daar is [medeverdachte 2] met een onbekende man weg geweest. Verdachte heeft samen met [medeverdachte 1] in Apeldoorn rond gehangen. In die tijd moet [medeverdachte 2] samen met de onbekende man de diefstallen hebben gepleegd. Vervolgens is hij opgehaald door [medeverdachte 2] en zouden zij weer terug naar Utrecht rijden. [medeverdachte 2] nam alleen een afslag eerder omdat hij iets moest ophalen. Vervolgens zijn zij het carpoolterrein opgereden, waar zij zijn aangehouden.

De rechtbank is van oordeel dat het alternatief scenario dat door verdachte is geschetst, niet aannemelijk is. Verdachte heeft geen verklaring voor het feit dat hij met [medeverdachte 2] vanuit Utrecht naar Apeldoorn is gegaan, anders dan dat hij gewoon is meegegaan toen dat werd voorgesteld, kan niet vertellen waar hij in Apeldoorn is geweest of wat hij heeft gezien, ook niet bij benadering, en komt na doorvragen door de rechtbank niet verder dan dat hij heeft rondgelopen en ergens een colaatje heeft gedronken, terwijl hij toch naar eigen zeggen een aantal uur in Apeldoorn is geweest. De onbekende man die in zijn lezing samen met [medeverdachte 2] verantwoordelijk moet zijn voor de auto-inbraak kent hij ook niet en over afspraken die hij met [medeverdachte 2] heeft gemaakt over wegbrengen en ophalen in Apeldoorn en over hoe dat feitelijk is gegaan kan hij geen details geven. De rechtbank is van oordeel dat het door verdachte geschetste alternatieve scenario dat hij met [medeverdachte 1] in Apeldoorn was ten tijde van de diefstallen niet aannemelijk is.

Gelet op het feit dat de gestolen goederen nog geen uur na de melding door de getuige zijn aangetroffen in de korte nabijheid van de auto met hetzelfde kenteken als gezien door de getuige staat naar het oordeel van de rechtbank vast dat de aangetroffen goederen daar zijn neergelegd door personen die zich in de rode [merk auto] met kenteken [kenteken] bevonden. Uit het feit dat de goederen droog waren toen ze werden gevonden, terwijl het volgens de verbalisanten op dat moment regende, leidt de rechtbank af dat deze goederen er zijn neergelegd vlak voor de verbalisanten deze goederen vonden.16 Vlak voordat de verbalisanten de goederen vonden zijn in de [merk auto] met kenteken [kenteken] naast de berm waarin (een deel van) de goederen zijn gevonden aangehouden verdachte, [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] . Dit betekent dat verdachte zeer kort na de diefstal van de goederen deze gestolen goederen in zijn bezit heeft gehad. Verdachte noch [medeverdachte 1] heeft hiervoor een aannemelijke verklaring. Gelet op de korte tijdsverloop en het ontbreken van een aannemelijke verklaring voor het aantreffen van de gestolen goederen, in onderling verband beschouwd met hetgeen hiervoor overwogen, is de rechtbank van oordeel dat verdachte samen met de medeverdachte [medeverdachte 1] de auto-inbraken en een poging daartoe heeft gepleegd en de aangetroffen goederen heeft weggenomen.

Ten aanzien van feit 4

Beoordeling door de rechtbank

Uit de aangifte van [benadeelde 4] komt naar voren dat zij haar auto op 15 november 2016 omstreeks 17:15 uur in de parkeergarage [naam 2] aan de [adres 4] te Apeldoorn had geparkeerd. Toen [benadeelde 4] omstreeks 20:30 uur terugkwam bij haar auto zag zij dat de achterruit volledig was vernield. Uit de auto zijn de volgende goederen weggenomen, een laptoptas, een latopadapter, een zwarte [merk 2] Probook laptop, een telefoonlader (merk [merk 5] ), schriftelijke bescheiden en een (wit/oranje) waterflesje.17 Deze laptop is met de onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde goederen aangetroffen in de berm aan de [adres 3] .18

Uit het proces-verbaal van bevindingen komt naar voren dat de bewegende beelden van de in- en uitgang van de parkeergarage [naam 2] , locatie [adres 4] Apeldoorn zijn uitgekeken. Op de beelden is te zien dat op 15 november 2016 omstreeks 18:00 uur een rode personenauto merk [merk auto] de parkeergarage komt ingereden. Omstreeks 18:15 uur verliet de personenauto merk [merk auto] voorzien van het kenteken [kenteken] de parkeergarage, nadat door de bestuurder de uitrijkaart bij de slagbomen in het apparaat was gedeponeerd.19

Blijkens de verklaring van de getuige [getuige] is een rode [merk auto] met het kenteken [kenteken] omstreeks 18:30 uur op de parkeerplaats van het [naam 1] Hotel aan de [adres 2] in Apeldoorn gesignaleerd.20 De afstand gelegen tussen het [naam 2] [adres 4] en de [adres 2] te Apeldoorn bedraagt 6,1 km. De gemiddelde reistijd met een personenauto tussen deze locaties bedraagt ongeveer 8 minuten.21

Gelet op het voorgaande in onderlinge samenhang bezien, met name hetgeen overwogen ten aanzien van de feiten 1, 2 en 3, is de rechtbank van oordeel dat verdachte en zijn medeverdachte [medeverdachte 1] zich ook schuldig hebben gemaakt aan de inbraak in de auto van [benadeelde 4] en daarbij de ten laste gelegde goederen hebben weggenomen.

De rechtbank is van oordeel dat gelet op het voorgaande door verdachte en zijn medeverdachte [medeverdachte 1] bij de feiten zoals omschreven onder 1, 2, 3 en 4 nauw en bewust is samengewerkt. Op grond hiervan acht de rechtbank ook het bestanddeel van medeplegen bewezen.

3 Bewezenverklaring

Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder feit 1 primair, feit 2 primair, feit 3 en feit 4 primair ten laste gelegde heeft begaan, te weten dat:

1.

hij op of omstreeks 15 november 2016 te Apeldoorn tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een auto (merk [merk 1] ) heeft weggenomen

- een laptop (merk [merk 2] ) en/of

- een laptop-adapter en/of

- een (trolley)tas (met bouwtekeningen) en/of

- een (schrijf)map en/of

- een telefoonlader (merk [merk 3] ) en/of

- een draadloze muis (merk [merk 2] ) en/of

in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 1] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders, waarbij verdachte en/of zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking en/of inklimming;

2.

hij op of omstreeks 15 november 2016 te Apeldoorn tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een auto heeft weggenomen

- een laptoptas (zwart) en/of

- een laptop (merk [merk 4] ) en/of

- een rugtas (zwart) en/of

- een portemonnee (bruin)

in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 2] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders, waarbij verdachte en/of zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming;

3.

hij op of omstreeks 15 november 2016 te Apeldoorn ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een auto weg te nemen goederen, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 3] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders en zich daarbij de toegang tot de plaats van het misdrijf te verschaffen en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn/haar/hun bereik te brengen door middel van braak, verbreking en/of inklimming, door de (linker)ruit van voornoemde auto in te slaan, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

4.

hij op of omstreeks 15 november 2016 te Apeldoorn tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een auto heeft weggenomen

- een laptoptas en/of

- een laptopadapter en/of

- een laptop en/of

- een telefoonlader (merk [merk 5] ) en/of

- schriftelijke bescheiden en/of

- een (wit/oranje) waterflesje

in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 4] en/of [benadeelde 5] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn

mededaders, waarbij verdachte en/of zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming.

Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen.

Verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.

4 De kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:

Ten aanzien van de feiten 1, 2 en 4 primair telkens:

diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak.

Ten aanzien van feit 3:

poging tot diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak.

5 De strafbaarheid van het feit

De feiten zijn strafbaar.

6 De strafbaarheid van de verdachte

Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.

7 Overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft geëist dat verdachte ter zake van het onder feit 1 primair, feit 2 primair, feit 3 en feit 4 primair ten laste gelegde zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 8 maanden waarvan 3 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren, met de bijzondere voorwaarden zoals door de reclassering is voorgesteld en met aftrek van de tijd in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman van verdachte heeft zich op het standpunt gesteld dat de eis van de officier van justitie te hoog is en niet aansluit bij de LOVS-oriëntatiepunten. Het is heel erg belangrijk voor verdachte dat hij zijn woning kan behouden. Om die reden verzoekt de raadsman van verdachte om verdachte te veroordelen tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf niet langer dan de zittingsdatum van 20 februari 2017.

Beoordeling door de rechtbank

De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon en de omstandigheden van de verdachte zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, waarbij onder meer is gelet op het uittreksel uit het algemeen documentatieregister, gedateerd 10 januari 2017 en een voorlichtingsrapportage van Reclassering Nederland, gedateerd 15 februari 2017.

De verdachte heeft zich samen met in ieder geval één ander schuldig gemaakt aan meerdere diefstallen uit auto’s. In korte tijd hebben de verdachte en zijn mededader in diverse auto’s ingebroken, waardoor dit handelen het karakter van een strooptocht kreeg. Daarbij zijn verdachte vanuit Utrecht naar Apeldoorn gereden om daar deze auto-inbraken te plegen. Bij de auto-inbraken zijn voor de eigenaren waardevolle goederen ontvreemd. Er is materiële schade toegebracht aan de benadeelden en inbreuk gemaakt op hun persoonlijke levenssfeer. Dergelijke inbraken veroorzaken maatschappelijke onrust en leiden bij veel mensen tot een groot gevoel van onveiligheid.

De rechtbank heeft ten aanzien van de persoon van de verdachte in aanmerking genomen dat blijkens een hem betreffend uittreksel uit de justitiële documentatie d.d. 10 januari 2017, verdachte eerder is veroordeeld voor vermogensdelicten. De rechtbank neemt verdachte zijn strafbare gedragingen bijzonder kwalijk. Eerdere veroordelingen wegens soortgelijke feiten en hem aangeboden begeleidingstrajecten hebben blijkbaar geen enkel positief effect op verdachte gehad.

Uit het reclasseringsrapport van 15 februari 2017 komt naar voren dat er sprake zijn van criminogene factoren die de kans op delictgedrag vergroten. Verdachte heeft al langere tijd geen zinvolle dagbesteding, is reeds meermaals wegens een delict in vereniging gepleegd bij justitie in beeld gekomen en verdachte pleegde vermogensdelicten zonder dat er sprake was van (duidelijke) financiële zorgen. Dit zijn volgens de reclassering zorgelijke factoren. De keuzes die verdachte maakt, zijn beïnvloedbaarheid en impulsiviteit lijken hierop van grote invloed. Verdachte heeft een tekort aan probleeminzicht en coping vaardigheden. Het recidiverisico wordt ingeschat als gemiddeld tot hoog. Door de reclassering wordt geadviseerd om een (gedeeltelijke) voorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen, eventueel in combinatie met een werkstraf.

Uit voorgaande feiten en omstandigheden en de houding van verdachte ter terechtzitting komt het beeld naar voren van een verdachte die zijn verantwoordelijkheid voor zijn criminele handelen ontkent en afschuift op anderen. Voorts heeft hij laten blijken niet gemotiveerd te zijn voor enige hulp van de Reclassering Nederland. De rechtbank is van oordeel dat derhalve thans aan het belang van de beveiliging van de samenleving een bijzonder gewicht moet worden toegekend. In dat kader acht de rechtbank dan ook oplegging van een geheel onvoorwaardelijke gevangenisstraf van na te noemen duur noodzakelijk. De rechtbank ziet geen ruimte voor een andere of lichtere sanctie, dan wel het opleggen van bijzondere voorwaarden.

8 De toegepaste wettelijke bepalingen

De beslissing is gegrond op de artikelen 10, 27, 45, 57, 310 en 311 van het Wetboek van Strafrecht.

9 De beslissing

De rechtbank:

 verklaart bewezen dat verdachte de ten laste gelegde feiten, zoals vermeld onder punt 3, heeft begaan;

 verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;

 verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de strafbare feiten zoals vermeld onder punt 4;

 verklaart verdachte hiervoor strafbaar;

 veroordeelt verdachte wegens het bewezenverklaarde tot

 een gevangenisstraf voor de duur van 6 (zes) maanden;

 beveelt dat de tijd, door veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht.

Dit vonnis is gewezen door mr. S.C.A.M. Janssen (voorzitter), mr. Y.M.J.I. Baauw en mr. J.B.J. Driessen, rechters, in tegenwoordigheid van mr. M.S. Verhagen, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 6 maart 2017.

1 Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisanten van de politie Oost Nederland, district Noord- en Oost-Gelderland, basisteam Apeldoorn, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600 2016564348, gesloten op 17 november 2016 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.

2 Het proces-verbaal van aangifte van [benadeelde 1] , d.d. 15 november 2016, p. 4 en het proces-verbaal van aangifte van [benadeelde 2] , d.d. 15 november 2016, p. 8.

3 Het proces-verbaal van aangifte van [benadeelde 1] , d.d. 15 november 2016, p. 4 en 5 alsmede het proces-verbaal van verhoor aangever [benadeelde 1] , d.d. 16 november 2016, p. 6 en 7.

4 Het proces-verbaal van aangifte van [benadeelde 2] , d.d. 15 november 2016, p. 8 en 9.

5 Het proces-verbaal van aangifte van [benadeelde 3] , d.d. 15 november 2016, p. 11.

6 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 17 november 2016, p. 85.

7 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 5 november 2016, p. 19.

8 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 17 november 2016, p. 86.

9 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 17 november 2016, p. 86.

10 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 17 november 2016, p. 86, het proces-verbaal van aangifte van [benadeelde 1] , d.d. 15 november 2016, p. 4 en 5 alsmede het proces-verbaal van verhoor aangever [benadeelde 1] , d.d. 16 november 2016, p. 6 en 7.

11 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 17 november 2016, p. 86 alsmede het proces-verbaal van aangifte van [benadeelde 2] , d.d. 15 november 2016, p. 8 en 9.

12 Proces-verbaal PL0600-2016564348, p. 10.

13 Het proces-verbaal van verhoor getuige [getuige] , d.d. 15 november 2016, p. 1 en 2.

14 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 17 november 2016, p. 85 en 86.

15 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 15 november 2016, p. 24.

16 Proces-verbaal van bevindingen, d.d. 17 november 2016, p. 13 en 14.

17 Het proces-verbaal van aangifte van [benadeelde 4] mede namens [benadeelde 5] , d.d. 15 november 2016, p. 21 en 22.

18 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 17 november 2016, p. 86.

19 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 14 december 2016, p. 105 en 106.

20 Het proces-verbaal van verhoor getuige [getuige] , d.d. 15 november 2016, p. 2.

21 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 3 januari 2017, p. 118.