Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBGEL:2016:6569

Instantie
Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak
25-10-2016
Datum publicatie
06-12-2016
Zaaknummer
05/780059-16
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Vier (destijds) minderjarige verdachten zijn door de rechtbank Gelderland, zittingsplaats Arnhem, veroordeeld voor het plegen van openlijk geweld tijdens de rellen die in Geldermalsen op 16 december 2015 hebben plaatsgevonden. Bij één van de minderjarige verdachten is een deels voorwaardelijke werkstraf opgelegd. Bij de andere drie verdachten is een onvoorwaardelijke werkstraf opgelegd. Twee minderjarige verdachten zijn vrijgesproken.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

Team jeugd

Zittingsplaats: Arnhem

Parketnummer : 05/780059-16

Tegenspraak

vonnis van de meervoudige kamer voor kinderstrafzaken d.d. 25 oktober 2016

in de zaak van

de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland

tegen

[verdachte]

geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats], wonende aan het [adres].

Raadsman: mr. G.J. Gerrits, advocaat te Arnhem.

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 11 oktober 2016.

1 De inhoud van de tenlastelegging

Aan verdachte is tenlastegelegd dat:

zij op of omstreeks 16 december 2015 te Geldermalsen openlijk, te weten op of

aan een of meer openbare wegen, gelegen in/nabij het centrum en/of het gemeentehuis van Geldermalsen, in elk geval op of aan een openbare weg, in vereniging geweld heeft gepleegd tegen een of meer aldaar aanwezige dienstdoende politieambtenaren en/of medewerkers van de beveiliging en/of (politie-)voertuigen en/of het gemeentehuis en/of hekwerk/dranghekken, welk geweld bestond uit het gooien van een of meer flessen, althans enig voorwerp, in de richting van die politieambtena(a)r(en) en/of medewerker(s) en/of het anderen aanreiken van een of meer flessen/voorwerpen en/of het ter hand nemen en/of kapotgooien van (delen van) stenen/stoeptegels/klinkers en/of het gooien van (delen van) stenen/stoeptegels/klinkers en/of flessen en/of (volle) blikjes bier/drank en/of -zwaar- vuurwerk en/of (een) rookbom(men)

tegen/naar/in de richting van die politieambtena(a)r(en) en/of medewerker(s) en/of die/dat (politie-)voertuig(en) en/of het gemeentehuis en/of het slaan, stompen, schoppen en/of (omver-)trekken/duwen van die politieambtena(a)r(en) en/of medewerker(s) en/of het omvergooien van, het schoppen/duwen tegen en/of trekken aan dat/die hekwerk/dranghekken en/of het getalsmatig versterken van de groep van waaruit geweldshandelingen werden gepleegd en/of het -met de groep- opdringen in de richting van die politieambtena(a)r(en) en/of die medewerker(s) en/of het -vanuit de groep- luidkeels provoceren van en/of

uitdagend/beledigend schreeuwen naar die politieambtena(a)r(en) en/of die medewerker(s).

2 Het onderzoek ter terechtzitting

De zaak is ter terechtzitting van de kinderrechter van 10 juni 2016 met gesloten deuren onderzocht. Daarbij zijn verdachte noch haar raadsman verschenen. De kinderrechter heeft de terechtzitting geschorst en de zaak verwezen naar de meervoudige kamer voor kinderstrafzaken van 11 oktober 2016 op een nader te bepalen tijdstip, vanwege de complexiteit alsmede de maatschappelijke impact van de zaak.

De zaak is op 11 oktober 2016 ter terechtzitting met gesloten deuren onderzocht. Daarbij is verdachte verschenen. Verdachte is bijgestaan door mr. G.J. Gerrits, advocaat te Arnhem.

De officier van justitie, mr. W.E.M. van Erp, heeft ter terechtzitting van 11 oktober 2016 haar eis geformuleerd.

De raadsman en verdachte hebben ter terechtzitting van 11 oktober 2016 het woord ter verdediging gevoerd.

3. De beslissing inzake het bewijs 1

I Algemene overwegingen ten aanzien van het tenlastegelegde feit

Op grond van de bewijsmiddelen worden de volgende feiten en omstandigheden, die verder ook niet ter discussie staan, vastgesteld. Hierbij wordt zoveel mogelijk de chronologische volgorde aangehouden.


Op 8 december 2015 werd door de burgemeester van de gemeente Geldermalsen de gemeenteraad onder embargo op de hoogte gebracht van de mogelijke komst van een asielzoekerscentrum (verder: AZC). Op 11 december 2015 zou het embargo eraf gaan omdat het dan via een persconferentie openbaar zou worden gemaakt.2

Op 10 december 2015 werd echter publiekelijk bekend dat de gemeente Geldermalsen toestemming wilde geven voor het bouwen van een AZC voor 1500 mensen op een braakliggend bedrijventerrein. Snel na deze bekendmaking ontstond er veel commotie onder de burgers van Geldermalsen.3 Er werden protestborden geplaatst en via social media werden veel berichten uitgewisseld waarin hevig ongenoegen en/of ongerustheid werd geuit.4

Voor 16 december 2015 werd daarom een extra openbare raadsvergadering gepland over het AZC. De aanvragen stroomden bij de gemeente binnen om bij deze raadsvergadering aanwezig te zijn en spreektijd te krijgen. Er konden ongeveer 100 mensen in de raadszaal aanwezig zijn en in de centrale hal van het gemeentehuis konden nog eens 110 mensen het debat via een videoscherm volgen.5 In totaal konden dus 210 mensen aanwezig zijn. Het ongenoegen van de inwoners van de gemeente Geldermalsen dat ze niet aanwezig konden zijn bij deze raadsvergadering en de onvrede over de snelheid en de manier waarop de gemeenteraad dit onderwerp wilde behandelen, leidde tot veel oproepen op social media om toch naar het gemeentehuis te komen om het ongenoegen kenbaar te maken.6 Besloten werd om 33 politiemensen in te zetten om de inspraakavond ongestoord te kunnen laten verlopen en de openbare orde rond het gemeentehuis te handhaven. Ook was vanuit Tiel op afroep een sectie Mobiele Eenheid (verder: ME) (24 personen) en een aanhoudingseenheid van de ME (8 personen) beschikbaar.7

Er werd afgesproken dat op 16 december 2016 het voorplein van het gemeentehuis aan de Kuipershof door middel van hekken zou worden afgesloten om belangstellenden buiten te houden.8 Bij het toegangshek stonden beveiligers die in het bezit waren van lijsten met namen van mensen die aanwezig mochten zijn bij de raadsvergadering.9 Voor het gemeentehuis waren hekken geplaatst die waren vastgemaakt met tiewraps om de boel bij elkaar te houden.10

Omstreeks 19:00 uur waren ongeveer 300 demonstranten aanwezig op het voorterrein van het gemeentehuis, aan de openbare weg de Kuipershof. Daaronder bevond zich een luidruchtige groep van ongeveer 40 personen waarvan sommigen een T-shirt droegen met opschrift “AZC NEE”.11

Omstreeks 19:45 uur begonnen de raadszaal en de centrale gang vol te lopen en was de sfeer nog gemoedelijk. Vanaf de Plantage te Geldermalsen was een lopende demonstratie die omstreeks 19:45 uur arriveerde op de Kuipershof bij het gemeentehuis. Vlak daarna tot aan het begin van de vergadering begon de sfeer op de Kuipershof te veranderen.12 Vanuit voornoemde luidruchtige groep, die steeds groter aan het worden was, werd geroepen “de ramen gaan eruit, de hekken gaan eruit”.13 De situatie werd zo dreigend dat werd besloten om alle 33 politiemensen te verzamelen op het voorplein tezamen met de beveiligers.14

Om 20:00 uur begon de raadsvergadering en vanaf dat moment werd de sfeer grimmig. Het afgebakende voorterrein was leeg, maar de opdringerige groep die bij het hek stond, inmiddels uitgegroeid tot een grote groep, probeerde het hek te openen. De menigte van inmiddels enkele honderden personen drong op naar het voorterrein en werd gesommeerd achteruit te gaan, waaraan aanvankelijk gehoor werd gegeven. Het hek dat diende als nooduitgang werd daarop met tiewraps vastgezet.15

Daarna werd steeds meer (zwaar) vuurwerk gegooid richting de politiemensen in wier buurt het vuurwerk ook ontplofte. Door de politiemensen werd een linie gevormd tussen de hekken en de ingang van het gemeentehuis. Er werd met bierflessen, vuurwerk en andere projectielen gegooid in de richting van de politie, beveiliging en de raadszaal.16

Het hekwerk werd geforceerd door een grote kwade groep die wederom het voorterrein opkwam. De menigte werd opnieuw gesommeerd achteruit te gaan onder waarschuwing voor geweldgebruik. Omdat op deze sommatie niet werd gereageerd, heeft de politie een charge uitgevoerd. Daarop volgde een frontale aanval van de nog verder gegroeide mensenmenigte die het gemeentehuis in wilde. Er werd door de geüniformeerde politiemensen wederom in linie een charge uitgevoerd waarbij zij werden teruggedrongen tot tegen de hoofdingang van het gemeentehuis. Hierbij werden voortdurend bierflessen, zwaar vuurwerk en andere projectielen gegooid.17

De situatie werd zo bedreigend dat portofonisch werd gevraagd om ‘assistentie collega’.

Dit is het uiterste bericht dat collega’s in het nauw zitten, vrezen voor hun leven en ondersteuning willen.18

Omstreeks 20:20 uur arriveerde de te hulp geroepen ME op de Kuipershof bij het gemeentehuis.19 Met luidsprekers werd door de ME gevorderd dat mensen zich moesten verwijderen, waarbij werd aangekondigd dat anders geweld zou worden gebruikt.20 De menigte richtte zich tegen de ME. Er waren volgens schattingen op dat moment tussen 1.000 en 1.200 boze mensen aanwezig. De ME-leden gingen al vechtend door de menigte naar de afzethekken bij het gemeentehuis en zij werden hierbij bekogeld met zwaar vuurwerk, flessen, blikjes en andere projectielen.21 Een ME-busje werd vernield doordat de spiegels werden kapotgeslagen met een verkeersbord of een stok.22

De sfeer werd nog grimmiger. De ME moest geweld gebruiken om bij de collega’s van de basispolitiezorg (verder: BPZ) te komen. Voor het hek werd een linie gevormd om een veilige ruimte te creëren voor de collega’s uit de BPZ.23

De ME heeft met de gehele sectie een aantal charges uitgevoerd. Op een gegeven moment was de ME genoodzaakt zich achter de hekken terug te trekken om de toegangsdeur tot het gemeentehuis te beveiligen. Enkele groepen demonstranten waren aan het ophitsen, door af te tellen naar een aanval richting de ME. Er werd geroepen: “Gooien, gooien”. Er werd vanuit de menigte met blikken, flessen en stenen naar het gemeentehuis en de ME gegooid. Vuurwerk ontplofte in de nabijheid van de politiemensen. De hekken werden steeds harder heen en weer getrokken en geduwd. Op een gegeven moment begaven de hekken het en bestormden de demonstranten de ME en het gemeentehuis. Door demonstranten werd geroepen: “We gaan gooien jongens, we gaan stoeptegels en keien verzamelen”.24

Een ME’er werd door een man vastgepakt en viel op de grond met de man bovenop hem. Door de ME werden waarschuwingsschoten gelost om de collega te kunnen ontzetten. Tot verbazing van sommige politiemensen reageerde de mensenmassa niet op de waarschuwingsschoten. Even later kon de belaagde ME’er weer opstaan doordat hij omhoog werd getrokken door zijn collega’s. De ME is hierop als groep naar achteren gelopen richting de hekken voor het gemeentehuis, maar de menigte bewoog met de ME mee. Er bleef vanuit de menigte op de Kuipershof vuurwerk, stenen, stoeptegels, klinkers en andere voorwerpen zoals fietsen, stokken en verkeersborden gegooid worden naar de ME en het gemeentehuis. Ook werden vanuit de menigte op de Kuipershof slaande en schoppende bewegingen gemaakt richting de ME. Na de waarschuwingsschoten werd het commando “terugtrekken” gegeven, waarop de geüniformeerde politiemensen zich terugtrokken in het gemeentehuis en de ME poogde de linie bij de afzethekken te handhaven en zo het gemeentehuis te beveiligen.25

Eén van de vuurwerkbommen is op het dak van het halletje van de toegangsdeur van het gemeentehuis beland. De knal van deze vuurwerkbom heeft kennelijk een gat in het dak gemaakt.26

Delen van het hekwerk werden opgetild en richting de ME gegooid. Toen bleek dat de ME de situatie niet meer kon beheersen, is de burgemeester medegedeeld dat de veiligheid van de aanwezige mensen in het gemeentehuis niet langer gegarandeerd kon worden.27

Omstreeks 20:27 uur nam de burgemeester de beslissing om de vergadering af te breken en moest iedereen voor zijn of haar veiligheid de raadszaal verlaten.28 Er werd op dat moment van alles, waaronder stenen, tegen de ruiten van de raadszaal gegooid. Nadat de burgemeester en de andere aanwezigen uit de raadszaal waren geëvacueerd, bleken verschillende ramen gesneuveld en lag de zaal vol met glasscherven.29

Omstreeks 21:08 uur kwam er een tweede sectie ME bij.30 Via de megafoon werd toen de menigte gevorderd te vertrekken. Omdat er geen beweging kwam in de menigte, hebben beide ME-secties het plein aan de Kuipershof schoongeveegd.31 Het publiek dat uiteen gedreven werd, gooide veel vuurwerk en stenen naar de chargerende ME en ME voertuigen. Het publiek bleef in groepjes elders in het centrum of ging weg. Omstreeks 21:45 uur was het rustig bij het gemeentehuis. De ME dreef het publiek de achtergelegen woonwijk in vanaf de Kuipershof richting de Koningsspil. Terwijl de ME hiermee bezig was, werden er vanaf een groep van ongeveer 100 personen stenen gegooid in de richting van de ME. De groep stond verspreid over de straten. Vanuit deze groep werden verschillende voorwerpen gegooid naar de bus van de ME en de ME linie. Er kwamen harde voorwerpen aan tegen de bus. Ook werd er zwaar vuurwerk gegooid in de richting van het ME-voertuig. Vanuit de groep werden voorts dingen geschreeuwd waaronder “kankerpolitie oprotten”.32

II A. nadere overweging met betrekking tot openlijke geweldpleging

De beoordeling door de rechtbank

Vast staat dat op 16 december 2015 op openbare wegen, gelegen nabij het centrum en/of het gemeentehuis van Geldermalsen massaal geweld heeft plaatsgevonden, dat kan worden gekwalificeerd als openlijke geweldpleging. Het geweld was gericht tegen aldaar aanwezige dienstdoende politieambtenaren, medewerkers van de beveiliging, (politie-) voertuigen, het gemeentehuis en hekwerken/dranghekken. Daarbij is geduwd en getrapt tegen en getrokken aan die hekwerken/dranghekken die vervolgens zijn opgetild, omhoog- en weggeduwd in de richting van de (zich vlak daarachter bevindende) politieambtenaren en/of beveiligingsmedewerkers. Daarnaast is met verschillende projectielen gegooid, waaronder zwaar vuurwerk, blikjes, flessen, stenen en stoeptegels richting het gemeentehuis, politieambtenaren, politievoertuigen en beveiligingsmedewerkers. De spiegels van een ME-voertuig zijn kapotgeslagen. Ook is door de menigte provocerend geschreeuwd naar de politieambtenaren en beveiligingsmedewerkers.

II B. de rol van verdachte ten aanzien van de openlijke geweldpleging

Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat het feit wettig en overtuigend kan worden bewezen.

Het standpunt van de verdediging
De verdediging heeft vrijspraak bepleit. Gesteld wordt dat [verdachte] met het gooien van één, mogelijk twee, lege plastic flesjes schuin richting het publiek geen, dan wel een onvoldoende significante, bijdrage heeft geleverd aan het geweld dat door anderen werd gepleegd tegen de dienstdoende politieambtenaren, beveiligingsmedewerkers, politievoertuigen, het gemeentehuis en de dranghekken.

De beoordeling door de rechtbank

De rechtbank is van oordeel dat op grond van de stukken en het verhandelde ter terechtzitting wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte het haar tenlastegelegde feit heeft begaan en bezigt daartoe de volgende bewijsmiddelen.

Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat zij op 16 december 2015 door een vriend met de auto is afgezet in Geldermalsen. Zij heeft zich in de menigte bij het gemeentehuis gevoegd. Voorts heeft zij verklaard dat het er erg druk was, dat er al snel chaos ontstond waarbij mensen aan de hekwerken begonnen te trekken en dat de ME daarna arriveerde. Verdachte heeft verklaard dat iedereen begon te gooien en dat zij daarom ook één leeg flesje recht vooruit heeft gegooid in de richting van het gemeentehuis en dat zij later nog een leeg flesje Freeway cola van de grond heeft geraapt en gegooid. Zij heeft daarbij desgevraagd verklaard dat zij door het gooien van de flesjes anderen mogelijk opgefokt heeft, waardoor zij ook meededen.33

Uit het proces-verbaal van verhoor verdachte van 17 februari 2016 omstreeks 12:15 uur van verbalisanten [verbalisant] en [verbalisant 2] blijkt voorts het volgende:

(…)

“V: Waar was je op woensdag 16 december 2016 in de avonduren?

A: Euhm, thuis. En toen ging ik naar Geldermalsen toe. Dat was rond 20:15 uur (…)

V: Op 14 december zeg jij “:vechten Joehoe”?

A: Ja dat zeg ik maar. Dat is allemaal praat.

V: Ja maar je creëert wel een sfeer, er is ook geknokt en uiteindelijk zitten mensen op het

politiebureau.?

A: Ja geknokt.... Dat zijn beste gesprekken geweest.

(…)

V: Dan staat er “we gaan gooien”? En dan staat er “ik ging flesjes geven”

A: Nee dat bedoelde ik niet (…)”34

Uit het proces-verbaal van verhoor verdachte van 17 februari 2016 omstreeks 14:58 uur van verbalisanten [verbalisant] en [verbalisant 2] volgt:

(…)

“A. Het klopt dat ik in de groep app zat. Ik heb alles van een afstandje gekeken. Ik zag dat tegen de hekken werd geduwd enzo. Ik had een leeg flesje waar water in gezeten had, dat heb ik gegooid zeg maar, maar niet op iets gericht. (…)

A: Ik werd een beetje bangig, ik had van thuis een flesje water meegenomen, een plastic flesje water, het was een 05.ltr flesje van de Lidl en dat heb ik toen gegooid.

V: Welke richting gooide je op?

A: Ik gooide recht vooruit, een beetje schuin richting het publiek. Iedereen begon ineens met van alles te gooien en ik dacht laat ik maar meedoen. Ik heb er niet naar gekeken of ik iets of iemand geraakt heb. (…)

V: (…) Opmerking: Hier een whatsapp gesprek (…) het kan niet anders over komen als hoe wij het interpreteren, en dat is dat jij zegt (…) Neem je vuurwerk mee, we gaan gooien. Dat is geen autocorrectie want je verbeterd zelf je woord vooien naar gooien. Ik ging flesjes geven verbeter je zelf ook naar gooien. En een flesje is geen flesjeS. (…) Wij interpreteren dat jij flesjes hebt aangegeven die anderen hebben gegooid.

(…)

V: Hoeveel flesjes heb je nu gegooid?

A: (…) Ik kan me herinneren dat ik een flesje gegooid heb maar het kan zijn dat ik een paar minuten later een flesje van de grond heb opgeraapt en die gegooid heb, maar dat kan ik me niet meer herinneren. Als ik nu zo terug kijk dan heb ik 2 flesjes gegooid. Een van mijn eigen en een die ik opgeraapt heb. Dat was ook een leeg plastic flesje, het was volgens me een Freeway cola flesje. Ik heb dit flesje ook gewoon vooruit gegooid, in dezelfde richting als het eerste flesje en ik heb er niet meer naar gekeken of ik iemand geraakt heb.” (…)35

Naar het oordeel van de rechtbank volgt uit de voorgaande bewijsmiddelen, in samenhang bezien, dat verdachte twee lege plastic flesjes heeft gegooid en dat zij deze flesjes recht vooruit heeft gegooid, in de richting waar publiek, maar ook (onder andere) ME-ers stonden. Anders dan door de verdediging is betoogd, is de rechtbank van oordeel dat zij daarmee een significante en wezenlijke bijdrage heeft geleverd aan het openlijk geweld, zoals dat heeft plaatsgevonden in Geldermalsen op 16 december 2015. De rechtbank betrekt daarbij dat verdachte ter terechtzitting heeft verklaard dat iedereen begon te gooien en dat zij daarop in een opwelling besloot ook een flesje en daarna nog één te gooien. De rechtbank acht het aannemelijk dat door het gooien van verdachte van de flesjes, anderen zich eveneens hebben laten opjutten tot het gooien van voorwerpen, dan wel het uiten van geweld. Een bijdrage van voldoende gewicht kan onder omstandigheden ook geheel of ten dele bestaan uit het verrichten van op zichzelf niet-gewelddadige handelingen.36 Van een dergelijke situatie is hier naar het oordeel van de rechtbank sprake. Dat verdachte, zoals de verdediging ter terechtzitting heeft gesteld, niets heeft gegooid in de richting van de dienstdoende politieambtenaren, beveiligingsmedewerkers, politievoertuigen, beveiligingsmedewerkers, politievoertuigen, het gemeentehuis en de dranghekken, maakt het voorgaande niet anders. Zij heeft met het gooien van de flesjes richting de reeds opgefokte menigte bijgedragen aan de sfeer van geweld en intimidatie richting de dienstdoende politieambtenaren, beveiligingsmedewerkers, politievoertuigen, beveiligingsmedewerkers, politievoertuigen, het gemeentehuis en de dranghekken. Door deze bijdrage kunnen de vele andere deelnemers aan het openlijk geweld zich gesterkt hebben gevoeld in hun eigen aandeel. Daarnaast heeft verdachte de groep getalsmatig versterkt en heeft zij zich tot en met het moment waarop zij heeft gegooid niet van het door de anderen uitgeoefende geweld gedistantieerd.

Gelet hierop acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het tenlastegelegde feit.

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat bewezen wordt geacht dat:

zij op of omstreeks 16 december 2015 te Geldermalsen openlijk, te weten op of aan een of meer openbare wegen, gelegen in/nabij het centrum en/of het gemeentehuis van Geldermalsen, in elk geval op of aan een openbare weg, in vereniging geweld heeft gepleegd tegen een of meer aldaar aanwezige dienstdoende politieambtenaren en/of medewerkers van de beveiliging en/of (politie-)voertuigen en/of het gemeentehuis en/of hekwerk/dranghekken, welk geweld bestond uit het gooien van een of meer flessen, althans enig voorwerp, in de richting van die politieambtena(a)r(en) en/of medewerker(s) en/of het anderen aanreiken van een of meer flessen/voorwerpen en/of het ter hand nemen en/of kapotgooien van (delen van) stenen/stoeptegels/klinkers en/of het gooien van (delen van) stenen/stoeptegels/klinkers en/of flessen en/of (volle) blikjes bier/drank en/of -zwaar- vuurwerk en/of (een) rookbom(men)

tegen/naar/in de richting van die politieambtena(a)r(en) en/of medewerker(s) en/of die/dat (politie-)voertuig(en) en/of het gemeentehuis en/of het slaan, stompen, schoppen en/of (omver-)trekken/duwen van die politieambtena(a)r(en) en/of medewerker(s) en/of het omvergooien van, het schoppen/duwen tegen en/of trekken aan dat/die hekwerk/dranghekken en/of het getalsmatig versterken van de groep van waaruit geweldshandelingen werden gepleegd en/of het -met de groep- opdringen in de richting van die politieambtena(a)r(en) en/of die medewerker(s) en/of het -vanuit de groep- luidkeels provoceren van en/of

uitdagend/beledigend schreeuwen naar die politieambtena(a)r(en) en/of die medewerker(s).

Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in haar verdediging geschaad.

Hetgeen verdachte meer of anders is tenlastegelegd is niet bewezen. Verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.

De beslissing dat verdachte het bewezenverklaarde heeft begaan, is gegrond op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat. Voor zover meer feiten bewezen zijn verklaard, worden de bewijsmiddelen alleen gebruikt voor het feit of de feiten waarop deze betrekking hebben.

4 De strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:

Openlijk in vereniging geweld plegen tegen personen of goederen.

Het feit is strafbaar.

5 De strafbaarheid van verdachte

Niet is gebleken van feiten of omstandigheden die de strafbaarheid van verdachte geheel uitsluiten.

Verdachte is dus strafbaar.

6 De motivering van de sanctie(s)

De officier van justitie heeft ter terechtzitting gevorderd dat aan verdachte wordt opgelegd een werkstraf voor de duur van veertig uren.

De raadsman van verdachte heeft ter terechtzitting verzocht om, indien verdachte schuldig wordt bevonden, rekening te houden met het advies met betrekking tot de strafmaat, zoals dat in het rapport van de Raad voor de Kinderbescherming (nader te noemen: de Raad) van 30 mei 2016 is gegeven, namelijk een voorwaardelijke werkstraf.

Bij de beslissing over de straf die aan verdachte moet worden opgelegd, heeft de rechtbank zich laten leiden door de aard en de ernst van het feit en de omstandigheden waaronder dit is begaan, alsmede de persoon van verdachte zoals van een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.

In het bijzonder heeft de rechtbank het navolgende in aanmerking genomen.

De rechtbank heeft allereerst rekening gehouden met de ernst en omvang van het geweld dat tegen de aanwezige politiemensen en beveiligers is gebruikt. Gelet op de persoonlijke ervaringen van de betrokken politiemensen, zoals die zijn gerelateerd in het procesdossier, was de situatie op 16 december 2015 voor hen zeer gewelddadig, beangstigend en intimiderend. Door een grote woedende mensenmassa van naar schatting meer dan 1.000 personen, waaronder verdachte, zijn de nog geen 70 medewerkers van de basispolitiezorg, mobiele eenheid en arrestatie-eenheid ernstig in het nauw gedreven. Sommigen van hen hebben ongeveer 45 minuten - zonder beschermende kleding - stand moeten houden tegen de aanzwellende menigte die hen belaagde. De aanwezige politiemensen hadden tot taak de orde te handhaven en het gemeentehuis en de aldaar aanwezige personen te beschermen. Bij de uitoefening van hun taken zijn zij geslagen en geschopt. Er zijn hekken omver geworpen en er is met zwaar vuurwerk, glaswerk en straatstenen naar hen gegooid. Zij zijn bedreigd en beledigd en werden zelfs gehoond, omdat ze dit werk voor weinig geld zouden doen. In het bijzonder door het rondom hen ontploffende vuurwerk en de naar hen gegooide straatstenen hebben de politiemensen persoonlijk angst gevoeld. Een enkeling vermeldt zelfs bang te zijn geweest zijn kinderen niet meer te kunnen zien. De rechtbank is zich ervan bewust dat dergelijke beangstigende ervaringen ook bij professionele politiemensen sporen nalaat en hun functioneren in de toekomst voor langere tijd kan beïnvloeden. Zoals ook door verschillende politiemensen is verklaard, acht de rechtbank het een wonder dat er geen zwaargewonden zijn gevallen. Enkele politiemensen ervaren ten gevolge van de gebeurtenissen slapeloosheid, concentratieverlies, pijn en druk op de oren. Bij één politieambtenaar is door een arts zelfs gehoorschade vastgesteld.

De ME die de politiemensen voor het gemeentehuis te hulp is geschoten, heeft zich, als gevolg van het vele geweld jegens hen bestaande uit onder meer het gooien van (zwaar) vuurwerk, stenen, flessen en blikken bier aanvankelijk moeten terugtrekken. Als gevolg daarvan is de raadsvergadering afgebroken, waarna de raadsleden, de burgemeester en overige aanwezigen zijn geëvacueerd. Daardoor is het democratisch proces verstoord. Dit raakt de Nederlandse samenleving diep in de fundamenten van onze rechtsstaat.

De rechtbank heeft daarnaast bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de specifieke rol van verdachte en de aard en ernst van hetgeen bewezen is verklaard, alsmede de omstandigheden waaronder dit is begaan. Verdachte heeft - door twee flesjes richting de aldaar aanwezige opgefokte menigte en in de richting van de aanwezige politiemensen en/of beveiligers te gooien - een wezenlijke bijdrage geleverd aan het openlijk geweld.

De rechtbank heeft voorts rekening gehouden met de persoon en de persoonlijke omstandigheden van verdachte, waarbij onder meer is gelet op:

  • -

    het Uittreksel Justitiële Documentatie betreffende verdachte, gedateerd 30 augustus 2016;

  • -

    het rapport van de Raad, gedateerd 30 mei 2016.

Uit het Uittreksel Justitiële Documentatie van 30 augustus 2016 volgt dat verdachte nog niet eerder in aanraking is gekomen met politie en justitie.

De Raad heeft op 30 mei 2016 het volgende gerapporteerd en geadviseerd. Verdachte is een (nu) achttienjarig meisje dat voor de eerste keer met politie en justitie in aanraking is gekomen. Er zijn weinig zorgen op de verschillende leefgebieden, die de kans op herhaling kunnen vergroten. Belangrijk is dat verdachte tijdig hulp leert te vragen wanneer ze door ADD het overzicht kwijt raakt en door de chaos in haar hoofd niet meer weet hoe ze dit zelfstandig kan oplossen. Een taakstraf in de vorm van een voorwaardelijke werkstraf acht de Raad het meest passend, omdat verdachte beseft dat ze anders had moeten reageren, zij een first offender is en de kans op herhaling laag wordt ingeschat.

Bij het bepalen van de hoogte van de straf houdt de rechtbank rekening met de ernst van het feit, de rol die verdachte daarbij heeft gespeeld en haar persoonlijke omstandigheden. De rechtbank zal verdachte, anders dan door de Raad is geadviseerd, een onvoorwaardelijke werkstraf opleggen. De rechtbank is van oordeel dat een onvoorwaardelijke werkstraf gelet op de ernst van het feit passend en geboden is. De rechtbank overweegt daarbij dat niet gebleken is van contra-indicaties voor het opleggen van een onvoorwaardelijke werkstraf. De rechtbank zal dan ook een werkstraf van 30 uur opleggen, te vervangen door 15 dagen jeugddetentie.

Bij het bepalen van de hoogte van deze straf heeft de rechtbank, ten slotte, acht geslagen op rechterlijke uitspraken met betrekking tot feitencomplexen die met het onderhavige grosso modo vergelijkbaar zijn.

7 De toegepaste wettelijke bepalingen

De beslissing is gegrond op de artikelen 77a, 77g, 77h, 77m, 77n, en 141 van het Wetboek van Strafrecht.

8 De beslissing

De rechtbank, rechtdoende:

Verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde, zoals vermeld onder punt 3, heeft begaan.

Verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.

Verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de strafbare feiten zoals vermeld onder punt 4.

Verklaart verdachte hiervoor strafbaar.

Veroordeelt verdachte wegens het bewezenverklaarde tot het verrichten van een werkstraf gedurende 30 (dertig) uren.

Bepaalt dat, voor het geval de veroordeelde de werkstraf niet naar behoren verricht, vervangende jeugddetentie zal worden toegepast voor de duur van 15 (vijftien) dagen.

Bepaalt dat deze werkstraf binnen 6 maanden na het onherroepelijk worden van dit vonnis moet worden voltooid.

Bepaalt voorts dat de termijn binnen welke de werkstraf moet worden verricht wordt verlengd met de tijd dat de veroordeelde rechtens haar vrijheid is ontnomen alsmede met de tijd dat zij zich aan zodanige vrijheidsontneming heeft onttrokken.

Dit vonnis is gewezen door mr. W. Bruins, kinderrechter als voorzitter, mr. A.S.W. Kroon, kinderrechter, en mr. I. de Waal-van Wessem, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. W. van de Graaff-Eggink, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op

25 oktober 2016.

1 Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisanten van de politie Oost Nederland, Team Grootschalige Optreden, opgemaakte proces-verbaal met BHV nummer 2015614794, TGO België, gesloten op 24 maart 2016 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.

2 Het proces-verbaal van aangifte van [aangever], d.d. 22 december 2015, p. 1000.

3 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 21 december 2015, p. 1003.

4 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 21 december 2015, p. 1003.

5 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 21 december 2015, p. 1003 en p. 1004.

6 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 21 december 2015, p. 1004.

7 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 21 december 2015, p. 1004.

8 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 21 december 2015, p. 1005.

9 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 21 december 2015, p. 1005.

10 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 21 december 2015, p. 1005 en het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 19 december 2015 p. 1015.

11 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 19 december 2015, p. 1015 en p. 1016.

12 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 21 december 2015, p. 1005.

13 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 19 december 2015, p. 1016.

14 Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 21 december 2015, p. 1006.

15 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 21 december 2015, p. 1006 en het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 17 december 2015, p. 1013.

16 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 17 december 2015, p. 1023.

17 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 17 december 2015, p. 1014.

18 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 19 december 2015, p. 1017.

19 Een schriftelijk bescheid inhoudende “journaal 16 december 2015”, p. 1009 en 1010.

20 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 19 december 2015, p. 1017.

21 Het proces-verbaal van aangifte van [aangever 2], d.d. 6 januari 2016, p. 1081 en het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 21 december 2015, p. 1095.

22 Het proces-verbaal van aangifte vernieling dienstvoertuig d.d. 9 maart 2016, pag. 1260.

23 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 19 december 2015, p. 1017 en het proces-verbaal van bevindingen d.d. 20 maart 2016, p. 1092-1093.

24 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 17 december 2015, p. 1025 en het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 17 december 2015, p. 1036 en p. 1037 en het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 21 december 2015, p. 1095.

25 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 20 maart 2016, p. 1093 en p. 1094 en het proces-verbaal van bevindingen d.d. 17 december 2015, p. 1025.

26 Het proces-verbaal van verhoor van aangever [aangever 3], d.d. 17 december 2015, p. 1108 alsmede het proces-verbaal van aangifte van [aangever 4], d.d. 26 december 2015, p. 1322.

27 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 21 december 2015, p. 1007.

28 Het proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige], d.d. 24 december 2015, p. 1124, het proces-verbaal aangifte door burgemeester M.W.M. de Vries, d.d. 22 december 2015, p. 1127 en het proces-verbaal uitwerken meldkamer geluidsfragmenten, d.d. 21 januari 2016, p. 1053.

29 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 21 december 2015, p. 1008.

30 Het proces-verbaal uitwerken meldkamer geluidsfragmenten, d.d. 21 januari 2016, p. 1058.

31 Het proces-verbaal van aangifte van [aangever 3], d.d. 17 december 2015, p. 1106.

32 Het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 17 december 2015, p. 1175, het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 18 december 2015, p. 1301, het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 17 december 2015, p. 1303.

33 De verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 11 oktober 2016.

34 Proces-verbaal van verhoor verdachte, d.d. 17 februari 2016, pagina 2440, 2442 en 2443.

35 Proces-verbaal van verhoor verdachte, d.d. 17 februari 2016, pagina 2460 en 2461.

36 Zie het arrest van de Hoge Raad van 5 juli 2016 (ECLI:NL:HR:2016:1320).