Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBGEL:2014:7966

Instantie
Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak
16-12-2014
Datum publicatie
23-12-2014
Zaaknummer
05/880664-14
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Medeplichtigheid tot het plegen van diefstal, voorafgegaan en vergezeld en/of

gevolgd van geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor

te bereiden en gemakkelijk te maken en om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf

en aan een ander hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het

gestolene te verzekeren, terwijl het feit gepleegd wordt gedurende de voor de

nachtrust bestemde tijd, op de openbare weg, door twee of meer verenigde personen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

Team strafrecht

Zittingsplaats Zutphen

Meervoudige kamer

Parketnummer: 05/880664-14

Uitspraak d.d.: 16 december 2014

Tegenspraak

VONNIS

in de zaak tegen:

[verdachte],

geboren op[geboortedatum],

wonende te[woonplaats].

Raadsman: mr. Stam, advocaat te Doetinchem.

Onderzoek van de zaak

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van

2 december 2014

De tenlastelegging

Aan bovenbedoelde gedagvaarde persoon wordt tenlastegelegd dat

zij op of omstreeks 08 december 2013 te 's-Heerenberg, gemeente Montferland,

gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, op/aan de openbare weg (te weten

[adres 1])tezamen en in vereniging met een

ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke

toe-eigening heeft weggenomen

-een of meerdere kledingstuk(ken)(te weten een spijkerbroek en/of een

trainingsbroek) en/of

-een paar schoenen, merk Nike, type Airmax en/of

-twee mobiele telefoons(merk Blackberry en/of Apple I-phone) en/of

-een hoeveelheid geld (te weten 100,- euro) en/of

-een tas met inhoud(te weten een paspoort en/of bankpassen) en/of

-een rugtas (merk Brittain) met inhoud (te weten slippers, merk Adidas en/of

een broekriem, kleur zwart) en/of

-sieraden (te weten twee oorbellen), merk Versace, en/of

-een jas, merk South Pool, kleur zwart (met witte vlekjes) in elk geval enig

goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde], in elk geval aan een

ander of anderen dan aan verdachte en/of haar mededader(s), welke diefstal

werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging

met geweld tegen die [benadeelde], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te

bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan

zichzelf en/of aan haar mededader(s) hetzij de vlucht mogelijk te maken,

hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke

bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat

-die [benadeelde] meermalen, althans eenmaal (met kracht) met een honkbalknuppel,

althans een daarop gelijkend (metalen) voorwerp, op tegen het hoofd en/of het

lichaam is geslagen en/of

-er is geroepen door een van de (mede)daders, "ik ga je schieten" en/of

-die [benadeelde] (vervolgens) een zwart en/of zilverkleurig pistool, althans een

daarop gelijkend voorwerp, op zich gericht zag en/of gericht zag

gehouden(waarbij die [benadeelde] geluiden hoorde alsof de trekker van dat pistool

meerdere malen werd overgehaald) en/of

-(mede)verdachte(n) die [benadeelde] naar de grond werkten en/of (vervolgens) boven

op die [benadeelde] ging(en) zitten, waarbij werd geroepen/gezegd dat die [benadeelde]

stil moest blijven en/of niet hard mocht praten en/of schreeuwen en/of

-tegen die [benadeelde] is gezegd/geroepen dat hij op zijn buik moest gaan liggen,

waarbij/waarna die [benadeelde] nogmaals meerdere malen, althans eenmaal, (met

kracht) met voornoemde honkbalknuppel, althans het daarop gelijkende metalen

voorwerp, op/tegen het hoofd werd geslagen (waarna (vervolgens)voornoemde

goederen van die [benadeelde] werden weggenomen/afgepakt);

of

zij op of omstreeks 08 december 2013 te 's-Heerenberg, gemeente Montferland,

gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, op/aan de openbare weg (te weten

[adres 1]), tezamen en in vereniging met

een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of (een)

ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met

geweld [benadeelde] heeft/hebben gedwongen tot de afgifte van

-een of meerdere kledingstuk(ken)(te weten een spijkerbroek en/of een

trainingsbroek) en/of

-een paar schoenen, merk Nike, type Airmax en/of

-twee mobiele telefoons(merk Blackberry en/of Apple I-phone) en/of

-een hoeveelheid geld (te weten 100,- euro) en/of

-een tas met inhoud(te weten een paspoort en/of bankpassen) en/of

-een rugtas (merk Brittain) met inhoud (te weten slippers, merk Adidas en/of

een broekriem, kleur zwart) en/of

-sieraden (te weten twee oorbellen), merk Versace, en/of

-een jas, merk South Pool, kleur zwart (met witte vlekjes), in elk geval van

enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan die [benadeelde], in elk geval aan

een ander of anderen dan aan verdachte en/of haar mededader(s), welk geweld

en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat

-die [benadeelde] meermalen, althans eenmaal (met kracht) met een honkbalknuppel,

althans een daarop gelijkend (metalen) voorwerp, op tegen het hoofd en/of het

lichaam is geslagen en/of

-er is geroepen door een van de (mede)daders, "ik ga je schieten" en/of

-die [benadeelde] (vervolgens) een zwart en/of zilverkleurig pistool, althans een

daarop gelijkend voorwerp, op zich gericht zag en/of gericht zag

gehouden(waarbij die [benadeelde] geluiden hoorde alsof de trekker van dat pistool

meerdere malen werd overgehaald) en/of

-(mede)verdachte(n) die [benadeelde] naar de grond werkten en/of (vervolgens) boven

op die [benadeelde] ging(en) zitten, waarbij werd geroepen/gezegd dat die [benadeelde]

stil moest blijven en/of niet hard mocht praten en/of schreeuwen en/of

-tegen die [benadeelde] is gezegd/geroepen dat hij op zijn buik moest gaan liggen,

waarbij/waarna die [benadeelde] nogmaals meerdere malen, althans eenmaal, (met

kracht) met voornoemde honkbalknuppel, althans het daarop gelijkende metalen

voorwerp, op/tegen het hoofd werd geslagen (waarna (vervolgens) voornoemde

goederen van die [benadeelde] werden weggenomen/afgepakt);

art 312 lid 1 Wetboek van Strafrecht

art 317 lid 1 Wetboek van Strafrecht

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

althans, indien het vorenstaande onder 1 niet tot een veroordeling leidt:

[medeverdachte 1] en/of[medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 3] op of omstreeks 08 december

2013 te 's-Heerenberg, gemeente Montferland, gedurende de voor de nachtrust

bestemde tijd, op/aan de openbare weg (te weten [adres 1]

[adres 1]), tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans

alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen

-een of meerdere kledingstuk(ken)(te weten een spijkerbroek en/of een

trainingsbroek) en/of

-een paar schoenen, merk Nike, type Airmax en/of

-twee mobiele telefoons(merk Blackberry en/of Apple I-phone) en/of

-een hoeveelheid geld (te weten 100,- euro) en/of

-een tas met inhoud(te weten een paspoort en/of bankpassen) en/of

-een rugtas (merk Brittain) met inhoud (te weten slippers, merk Adidas en/of

een broekriem, kleur zwart) en/of

-sieraden (te weten twee oorbellen), merk Versace, en/of

-een jas, merk South Pool, kleur zwart (met witte vlekjes),

, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde], in

elk geval aan een ander of anderen dan die [medeverdachte 1] en/of die [medeverdachte 2] en/of die

[medeverdachte 3] en/of hun mededader(s) en/of aan verdachte, welke diefstal werd

voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met

geweld tegen die [benadeelde], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te

bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan

zichzelf en/of aan (een) andere deelnemer(s) van voormeld misdrijf hetzij de

vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,

welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat

-die [benadeelde] meermalen, althans eenmaal (met kracht) met een honkbalknuppel,

althans een daarop gelijkend (metalen) voorwerp, op tegen het hoofd en/of het

lichaam is geslagen en/of

-er is geroepen door een van de (mede)daders, "ik ga je schieten" en/of

-die [benadeelde] (vervolgens) een zwart en/of zilverkleurig pistool, althans een

daarop gelijkend voorwerp, op zich gericht zag en/of gericht zag

gehouden(waarbij die [benadeelde] geluiden hoorde alsof de trekker van dat pistool

meerdere malen werd overgehaald) en/of

-(mede)verdachte(n) die [benadeelde] naar de grond werkten en/of (vervolgens) boven

op die [benadeelde] ging(en) zitten, waarbij werd geroepen/gezegd dat die [benadeelde]

stil moest blijven en/of niet hard mocht praten en/of schreeuwen en/of

-tegen die [benadeelde] is gezegd/geroepen dat hij op zijn buik moest gaan liggen,

waarbij/waarna die [benadeelde] nogmaals meerdere malen, althans eenmaal, (met

kracht) met voornoemde honkbalknuppel, althans het daarop gelijkende metalen

voorwerp, op/tegen het hoofd werd geslagen (waarna (vervolgens)voornoemde

goederen van die [benadeelde] werden weggenomen/afgepakt)

, tot en/of bij het plegen van welk misdrijf verdachte

op of omstreeks 08 december 2013 te 's-Heerenberg, gemeente Montferland, en/of

elders in Nederland opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft

verschaft en/of opzettelijk behulpzaam is geweest door een afspraak met die

[benadeelde] te maken en/of die [benadeelde] naar 's-Heerenbergh en/of het (in

's-Heerenberg gelegen) park te lokken (wetende dat die [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] in

het struikgewas in voornoemd park wachtten);

of

[medeverdachte 1] en/of[medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 3] op of omstreeks 08 december

2013 te 's-Heerenberg, gemeente Montferland,, gedurende de voor de nachtrust

bestemde tijd, op/aan de openbare weg (te weten [adres 1]

[adres 1]) tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans

alleen, met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te

bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld [benadeelde] heeft

gedwongen tot de afgifte van

-een of meerdere kledingstuk(ken)(te weten een spijkerbroek en/of een

trainingsbroek) en/of

-een paar schoenen, merk Nike, type Airmax en/of

-twee mobiele telefoons(merk Blackberry en/of Apple I-phone) en/of

-een hoeveelheid geld (te weten 100,- euro) en/of

-een tas met inhoud(te weten een paspoort en/of bankpassen) en/of

-een rugtas (merk Brittain) met inhoud (te weten slippers, merk Adidas en/of

een broekriem, kleur zwart) en/of

-sieraden (te weten twee oorbellen), merk Versace, en/of

-een jas, merk South Pool, kleur zwart (met witte vlekjes),

, in elk geval van enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan die [benadeelde],

in elk geval aan een ander of anderen dan aan die [medeverdachte 1] en/of die [medeverdachte 2]

en/of die [medeverdachte 3] en/of hun mededader(s) en/of aan verdachte, welk geweld

en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat

-die [benadeelde] meermalen, althans eenmaal (met kracht) met een honkbalknuppel,

althans een daarop gelijkend (metalen) voorwerp, op tegen het hoofd en/of het

lichaam is geslagen en/of

-er is geroepen door een van de (mede)daders, "ik ga je schieten" en/of

-die [benadeelde] (vervolgens) een zwart en/of zilverkleurig pistool, althans een

daarop gelijkend voorwerp, op zich gericht zag en/of gericht zag

gehouden(waarbij die [benadeelde] geluiden hoorde alsof de trekker van dat pistool

meerdere malen werd overgehaald) en/of

-(mede)verdachte(n) die [benadeelde] naar de grond werkten en/of (vervolgens) boven

op die [benadeelde] ging(en) zitten, waarbij werd geroepen/gezegd dat die [benadeelde]

stil moest blijven en/of niet hard mocht praten en/of schreeuwen en/of

-tegen die [benadeelde] is gezegd/geroepen dat hij op zijn buik moest gaan liggen,

waarbij/waarna die [benadeelde] nogmaals meerdere malen, althans eenmaal, (met

kracht) met voornoemde honkbalknuppel, althans het daarop gelijkende metalen

voorwerp, op/tegen het hoofd werd geslagen (waarna (vervolgens)voornoemde

goederen van die [benadeelde] werden weggenomen/afgepakt)

, tot en/of bij het plegen van welk misdrijf verdachte op of omstreeks 08

december 2013 te 's-Heerenberg, gemeente Montferland, en/of elders in

Nederland opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft

en/of opzettelijk behulpzaam is geweest door een afspraak met die [benadeelde] te

maken en/of die [benadeelde] naar 's-Heerenbergh en/of het (in 's-Heerenberg

gelegen) park te lokken (wetende dat die [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] in het struikgewas

in voornoemd park wachtten);

Artikel 317 lid 1 Wetboek van Strafrecht;

Artikel 312 lid 2 sub 2 Wetboek van Strafrecht jo

Artikel 48 lid 1 en 2 Wetboek van Strafrecht;

art 310 Wetboek van Strafrecht

art 312 lid 1 Wetboek van Strafrecht

art 312 lid 2 ahf/sub 2 Wetboek van Strafrecht

art 48 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

art 48 ahf/sub 2 Wetboek van Strafrecht

Taal- en/of schrijffouten

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten en/of kennelijke omissies voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Overwegingen ten aanzien van het bewijs1

Aanleiding van het onderzoek

Op 8 december 2013 te 01.00 uur ontvangt de politie de telefonische melding van een getuige, wonende [adres 1] te ’s-Heerenberg, dat een man aan de deur verzocht om de politie te bellen (p. 514). Deze man, die later blijkt te zijn genaamd [benadeelde], zegt dat hij in het park is beroofd door twee mannen van zijn kleding, telefoons, geld en tas met inhoud en daarvan aangifte wil doen. De politie ziet dat [benadeelde] geen broek aan heeft en op kousenvoeten loopt. Volgens aangever zou een van de twee overvallers, een negroïde man, hem hebben geslagen met een (honkbal)knuppel en de andere overvaller, een lichtere getinte man zou een gun gehad hebben waarvan aangever tot tweemaal toe de trekker hoorde overgaan.

Door de politie wordt onder de naam Mergier een onderzoek gestart.

Standpunt van het Openbaar Ministerie

De officier van justitie heeft geconcludeerd tot bewezenverklaring van het onder het tweede deel van de tenlastelegging primair tenlastegelegde feit. Ter zitting heeft de officier van justitie de bewijsmiddelen uitvoerig toegelicht en opgesomd.

Standpunt van de verdachte / de verdediging

De raadsman van verdachte heeft zich op het standpunt gesteld dat verdachte dient te worden vrijgesproken van alle tenlastegelegde feiten. Zij heeft alleen over de overval horen praten, maar dacht dat het een grapje was. Zij heeft nagelaten zich hiervan te distantiëren, maar heeft geen actieve rol gespeeld bij de overval.

Beoordeling door de rechtbank

De rechtbank acht voor haar bewijsoordelen de volgende bewijsmiddelen redengevend.

[benadeelde] heeft aangifte gedaan van de gebeurtenis zoals vermeld onder aanleiding onderzoek2.

Verdachte heeft verklaard dat [medeverdachte 3] (RB; [medeverdachte 3]) dat weekend bij haar zou komen. [medeverdachte 3] had via een datingsite “Taged” een jongen (verdachte noemt hem [psuedoniem benadeelde]) leren kennen met wie zij bij verdachte thuis wilde afspreken. [medeverdachte 3] heeft [psuedoniem benadeelde] via appen en bellen uitgelegd hoe hij naar ’s-Heerenberg kon komen. Verdachte hoorde [medeverdachte 3] en [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] - die inmiddels ook bij haar in de woning waren - er op een gegeven moment over praten dat ze [psuedoniem benadeelde] wilden beroven. [psuedoniem benadeelde] zou met de trein komen. [medeverdachte 3] vroeg verdachte hoe hij met de trein moest reizen en verdachte heeft haar verteld dat hij naar ’s-Heerenberg moest reizen. Toen [psuedoniem benadeelde] belde dat hij bij de bushalte “De Hangaarts” was, zijn [medeverdachte 1], [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] samen weggegaan. Verdachte is thuis gebleven bij haar zoontje. Na vijf tot tien minuten kwam [medeverdachte 3] terug en zei dat die jongen begon te schreeuwen. Ongeveer tien minuten later kwamen [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] terug. Ze hadden een plastic tas bij zich met een lepel, slipper, een paar Nike-schoenen, telefoons en parfum. [medeverdachte 3] wilde een telefoon hebben en het parfum. Verdachte mocht de schoenen hebben en heeft ze gepast3.

Op 2 juli 2013 zijn de Nike-schoenen, Air Max, maat 38,5, tijdens een doorzoeking ter inbeslagneming aangetroffen in een doos tegen een wand in de woning van de moeder van verdachte, [adres 2] ’s-Heerenberg, gemeente Montferland. De zolder werd door verdachte gebruikt als slaapkamer.

[medeverdachte 3] [medeverdachte 3] heeft verklaard dat zij dat weekend van 8 december 2013 naar [verdachte] is gegaan te ’s-Heerenberg. Daar waren [betrokkene] ([medeverdachte 1] [medeverdachte 1]) en zijn vriend op enig moment ook. In een gesprek in de woning kwam naar voren dat zij de internetdate “[psuedoniem benadeelde]” wilden overvallen. [medeverdachte 3] had van te voren gezegd dat zij met [psuedoniem benadeelde] het parkje in zou lopen. Zij heeft dat vervolgens ook gedaan, wetende dat de jongens zich daar hadden verstopt. In het park kwamen de jongens aangerend en is [medeverdachte 3] op hun aanwijzingen weggerend, terug naar de woning van verdachte. De jongens hadden iets van een stok bij zich en hadden hun gezicht bedekt. Niet lang nadat [medeverdachte 3] terug was in het huis van verdachte kwamen de jongens ook terug. Ze hadden zijn schoenen meegenomen4.

De rechtbank komt op grond van het vorenstaande tot een vrijspraak van het medeplegen van

de beroving maar tot een bewezenverklaring van de aan verdachte als subsidiair / eerste

alternatief ten laste gelegde medeplichtigheid aan de diefstal met geweld.

Zij overweegt daartoe in het bijzonder dat uit de bewijsmiddelen blijkt dat de beraming van de beroving in de woning van - en in aanwezigheid van verdachte heeft plaatsgevonden en dat zij – wetende van het plan tot beroving – actief een rol heeft gespeeld in het coachen van [psuedoniem benadeelde] tijdens diens reis om hem op de juiste plek te laten uitstappen waarna en waardoor de beroving plaats kon vinden. Voorts heeft zij de medeverdachten gelegenheid gegeven om direct na de overval in haar woning onderdak te vinden en de buit te verdelen, terwijl zij aan die verdeling ook zelf actief heeft deelgenomen door de schoenen te passen en onder zich te houden. Aldus heeft zij opzettelijk middelen en gelegenheid verschaft en is zij behulpzaam geweest bij de plaatsgevonden beroving. Daarmee is sprake geweest van een wezenlijke ondersteunde rol voor en na het strafbare feit.

Bewezenverklaring

Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het subsidiaire / eerste alternatief ten laste gelegde heeft begaan, te weten dat:

[medeverdachte 1] en[medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] op 08 december 2013 te 's-Heerenberg, gemeente Montferland, gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, op de openbare weg, te weten de [adres 1] ter hoogte van perceelnummer [nr], tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen

- kledingstukken, te weten een spijkerbroek en een trainingsbroek en

- een paar schoenen, merk Nike, type Airmax en

- twee mobiele telefoons en

-een tas met inhoud, te weten een paspoort en/of bankpassen en

- een rugtas, merk Brittain, met inhoud,(te weten slippers, merk Adidas en

- een jas, merk South Pool, kleur zwart met witte vlekjes, toebehorende aan [benadeelde], n mededader(s) en/of aan verdachte, welke diefstal werd voorafgegaan en vergezeld en/of gevolgd van geweld tegen die [benadeelde], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te

bereiden en gemakkelijk te maken en om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en aan een andere deelnemer van voormeld misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld hierin bestond dat

- die [benadeelde] met een metalen voorwerp, op het hoofd is geslagen en

-die [benadeelde] naar de grond is gewerkt en vervolgens boven op die [benadeelde] ging zitten, waarbij werd geroepen/gezegd dat die [benadeelde] stil moest blijven en niet hard mocht praten en/of schreeuwen en

-tegen die [benadeelde] is gezegd/geroepen dat hij op zijn buik moest gaan liggen,

waarbij/waarna die [benadeelde] met voornoemde metalen voorwerp, tegen het hoofd werd geslagen waarna vervolgens voornoemde goederen van die [benadeelde] werden weggenomen/afgepakt), tot het plegen van welk misdrijf verdachte op 08 december 2013 te 's-Heerenberg, gemeente Montferland, opzettelijk gelegenheid, middelen en inlichtingen heeft verschaft en opzettelijk behulpzaam is geweest door die [benadeelde] naar 's-Heerenbergh en het in 's-Heerenberg gelegen park te lokken, wetende dat die [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] in

voornoemd park wachtten;

Vrijspraak van het meer of anders ten laste gelegde

Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is naar het oordeel van de rechtbank niet bewezen. De verdachte behoort daarvan te worden vrijgesproken.

Voor zover verdachte wordt vrijgesproken van het medeplegen van de beroving, overweegt de rechtbank dat verdachte weliswaar een wezenlijke en zeker niet te verwaarlozen ondersteunende rol heeft gespeeld voor en na de beroving maar dat de bewijsmiddelen onvoldoende ondersteuning bieden voor de conclusie dat bij verdachte sprake is geweest van een voldoende ‘bewuste en nauwe samenwerking’ met de medeverdachten (zie laatstelijk Hoge Raad 2 december 2014, ECLI:NL:HR:2014:3474)

Strafbaarheid van het bewezen verklaarde

Het bewezenverklaarde levert op het misdrijf:

medeplichtigheid tot het plegen van diefstal, voorafgegaan en vergezeld en/of

gevolgd van geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor

te bereiden en gemakkelijk te maken en om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf

en aan een ander hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het

gestolene te verzekeren, terwijl het feit gepleegd wordt gedurende de voor de

nachtrust bestemde tijd, op de openbare weg, door twee of meer verenigde personen;

Strafbaarheid van de verdachte

Over de persoon van verdachte is een pro justitia rapport gedateerd 18 september 2014 opgemaakt door [psycholoog], GZ-psycholoog.

Concluderend houdt dit rapport, zakelijk weergegeven, het volgende in:

Verdachte is een bijna 28-jarige jonge vrouw, bij wie ten tijde van het tenlastegelegde sprake is van een posttraumatische stressstoornis en een borderline persoonlijkheidsstoornis. De verstandelijke ontwikkeling is ver beneden gemiddeld en vormt daardoor geen compenserende factor. Verdachte heeft de ervaring dat tijdens toegenomen stress, ze niet meer rustig kan nadenken en haar coping mechanisme het laat afweten. Mede omdat zich op 8 december 2013 een onverwachte situatie bij haar thuis voordeed (het verrassende voorstel van medeverdachten iemand te overvallen) raakte de oordeels- en kritiekfunctie verstoord. Vooral doordat in het verleden de opvoedingsomstandigheden tekort schoten en verdachte een persoonlijkheidsstoornis ontwikkeld heeft, kon verdachte tijdens het tenlastegelegde niet adequaat handelen. Geadviseerd wordt verdachte als licht verminderd toerekeningsvatbaar te beschouwen.

De rechtbank kan zich met deze conclusie verenigen en neemt deze met het advies over.

Verdachte is strafbaar, nu ook overigens geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.

Oplegging van straf en/of maatregel

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte voor het onder 2 primair tenlastegelegde wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf gelijk aan de duur van het voorarrest, een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van tien maanden, met een proeftijd van drie jaren, met als bijzondere voorwaarden meldplicht en behandelverplichting en een werkstraf voor de duur van tweehonderd uren, subsidiair honderd dagen hechtenis.

De raadsman heeft de rechtbank verzocht bij het bepalen van de strafmaat rekening te houden met de persoonlijke omstandigheden van verdachte en de licht verminderde toerekeningsvatbaarheid. In het belang van haar zoontje is de verdediging van mening dat een straf gelijk aan de duur van de voorlopige hechtenis en het laten doorlopen van de elektronische detentie een passende straf is voor het aandeel van verdachte in dit feit.

De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon en de omstandigheden van de verdachte, zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan medeplichtigheid aan een zeer brutale straatroof, waarbij het slachtoffer midden in de nacht in een park is geslagen met een ijzeren staaf, is beroofd en bijna geheel ontkleed is achtergelaten.

Verdachte heeft, samen met mededader [medeverdachte 3], de taxichauffeur en het slachtoffer informatie gegeven over de reismogelijkheden om in ’s-Heerenberg te komen. Zij heeft - wetende dat er een beroving zou plaatsvinden - haar woning beschikbaar gesteld aan de daders voor de beraming van de beroving, als ontmoetingsplaats vóór de beroving en heeft onderdak geboden aan de daders na de beroving. Tevens heeft zij bij het verdelen van de buit de schoenen van het slachtoffer gepast en behouden. Daarmee heeft zij de daders in belangrijke mate gefaciliteerd in de uitvoering.

Een straatroof is een ernstig feit. Door aldus te handelen heeft verdachte zich - als medeplichtige – schuldig gemaakt aan het toe-eigenen van eigendom van een ander en aantasting van diens lichamelijke integriteit. Het is een feit van algemene bekendheid dat slachtoffers van dergelijke delicten zich nog lang onveilig kunnen voelen als zij zich op straat begeven. Gezien het openlijke karakter van dit gepleegde strafbare feit kan het voorts gevoelens van onrust en onveiligheid in de samenleving teweegbrengen. Op dit soort ernstige feiten moet in beginsel worden gereageerd met onvoorwaardelijke gevangenisstraf van aanzienlijke duur, ook als het gaat om medeplichtigheid.

Uit het uittreksel justitiële documentatie van 1 november 2014, blijkt dat verdachte eerder - zij het wat langer geleden - met justitie en politie in aanraking is geweest.

Bij de bepaling van de op te leggen straf heeft de rechtbank rekening gehouden met de licht verminderde toerekeningsvatbaarheid van verdachte. De gedragsdeskundige onderbouwt naar het oordeel van de rechtbank op zeer goede wijze dat de kans op recidive verlaagd kan worden door het opleggen van een deels voorwaardelijke vrijheidsstraf met een proeftijd onder toezicht van de reclassering, met bijzondere voorwaarden die verdachte verplichten mee te werken aan een ambulante begeleiding en behandeling (bij voorkeur EMDR) bij een instelling als GGNet c.q. Kairos.

Mede gelet op de benodigde begeleiding en behandeling van verdachte en haar moederschap, zal de rechtbank het onvoorwaardelijke deel aan gevangenisstraf gelijk stellen aan het reeds ondergane voorarrest en daarnaast aan een voorwaardelijk deel de geadviseerde voorwaarden verbinden. Verdachte hoeft dus niet terug naar de gevangenis als zij zich aan de voorwaarden houdt.

Daarnaast acht de rechtbank - gezien de ernst van het feit en het aandeel van verdachte en met name vanuit het oogpunt van vergelding - een stevige onvoorwaardelijke werkstraf op zijn plaats. Dit biedt tevens de mogelijkheid aan verdachte om structuur in haar dagelijkse leven aan te brengen en ervaring met het verrichten van werkzaamheden op te doen.

Alles overwegende is de rechtbank met de officier van justitie van oordeel dat de navolgende straf passend en geboden is. De rechtbank is verder van oordeel dat het opleggen van een gedeeltelijk voorwaardelijke straf, met daaraan verbonden de voorwaarden zoals geadviseerd, zinvol is om het recidiverisico te verkleinen en verdachte voldoende structuur te geven.

Vordering tot schadevergoeding

De gemachtigde van benadeelde mr. M.J.R. Roethof, advocaat te Arnhem, heeft zich namens de benadeelde partij [benadeelde], met een vordering tot schadevergoeding ten bedrage van € 4.333,00 gevoegd in het strafproces ten aanzien van het onder het eerste tenlastegelegde.

De officier van justitie heeft geconcludeerd tot hoofdelijke toewijzing van de vordering, daarbij stellende dat de vordering voldoende is onderbouwd. Tevens vordert de officier van justitie oplegging van de schadevergoedingsmaatregel en toewijzing van de wettelijke rente.

De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld, dat de vordering van de benadeelde partij gematigd moet worden. De dagwaarde van de telefoons is onbekend, voor het weggenomen geld is geen wettig bewijs en de kosten rechtsbijstand vallen onder een toevoeging. Voor de immateriële schade is een bedrag van € 500,00 - € 1.000,00 redelijk en voor de overige posten heeft de raadsman zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

Naar het oordeel van de rechtbank, is op grond van de gebezigde bewijsmiddelen en hetgeen verder ter terechtzitting met betrekking tot de vordering is gebleken, komen vast te staan, dat de benadeelde partij als gevolg van het bewezenverklaarde handelen rechtstreeks schade heeft geleden, tot na te melden bedrag, waarvoor verdachte naar burgerlijk recht aansprakelijk is. De rechtbank begroot het bedrag van de telefoons, rekening houdende met een afschrijving, op totaal € 150,00 en de slipper op € 10,00. Het eigen risico dat benadeelde heeft moeten betalen (€ 360,00) komt eveneens voor vergoeding in aanmerking. De benadeelde partij zal niet-ontvankelijk worden verklaard voor zover de vordering ziet op de spijkerbroek (kan voor zover dit nog niet is gebeurd teruggegeven worden aan de benadeelde partij), het geldbedrag van € 100,00 (geen wettig en overtuigend bewijs) en de advocaatkosten voor bijstand getuigenverhoor (te ver verwijderd belang).

De rechtbank zal het smartengeld in redelijkheid en billijkheid stellen op € 1.500,00. De rechtbank acht niet bewezen dat bij de beroving een (vuur)wapen is gebruikt, terwijl de door de raadsvrouw overgelegde casus, waarnaar zij in dit verband verwijst, daarop geënt zijn.

Zij zal de benadeelde partij voor het meergevorderde in de vordering niet-ontvankelijk verklaren, nu dit deel niet zo eenvoudig van aard is dat het zich leent voor afdoening door de strafrechter.

Met betrekking tot de kosten van rechtsbijstand voor de benadeelde partij overweegt de rechtbank dat deze, gelet op de toegekende schadevergoeding, vallen binnen het zogenaamde eerste liquidatietarief in civiele zaken. Er worden twee punten toegekend (indienen vordering en verschijnen ter zitting). De waarde per punt is € 384,00, zodat verdachte wordt veroordeeld tot betaling van € 768,00 aan proceskosten.

De rechtbank ziet, gelet op hetgeen is overwogen omtrent de vordering tot schadevergoeding aanleiding om aan verdachte op basis van het bepaalde in artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht de verplichting op te leggen tot betaling aan de Staat van na te melden som geld ten behoeve van genoemd slachtoffer.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

Deze strafoplegging/beslissing is gegrond op de artikelen 10, 14a, 14b, 14c, 14d, 22c, 22d, 27, 36f, 48, 310 en 312 van het Wetboek van Strafrecht.

Beslissing

De rechtbank:

 verklaart niet bewezen dat verdachte het onder het onder het ten eerste en alternatief tenlastegelegde heeft begaan;

 verklaart bewezen dat verdachte het onder het onder het ten eerste subsidiair tenlastegelegde feit heeft begaan;

 verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;

 verklaart het bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als:

medeplichtigheid tot het plegen van diefstal, voorafgegaan en vergezeld en/of gevolgd van geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken en om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en aan een ander hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, terwijl het feit gepleegd wordt gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, op de openbare weg, door twee of meer verenigde personen;

 verklaart verdachte strafbaar;

 veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 150 (honderdvijftig) dagen;

 bepaalt, dat een gedeelte van deze gevangenisstraf, groot 105 (honderdenvijf) dagen niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, op grond dat veroordeelde zich vóór het einde van een proeftijd van 3 (drie) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt, dan wel de navolgende algemene dan wel bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;

 legt als algemene voorwaarden op dat veroordeelde:

o zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;

o ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking zal verlenen aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage zal aanbieden;

o medewerking verleent aan reclasseringstoezicht.

 legt als bijzondere voorwaarden op dat veroordeelde:

o zich na een oproep direct dient te melden bij Tactus Reclassering te Doetinchem. Hierna moet veroordeelde zich blijven melden zo frequent en zolang Tactus Reclassering dit noodzakelijk acht en dient zij zich te houden aan de afspraken en aanwijzingen door of namens Tactus Reclassering gegeven.

o zich dient te laten behandelen voor haar psychische- en/of psychiatrische problematiek bij GGNet en/of Kairos of soortgelijke door de reclassering aan te wijzen instelling;

 geeft Tactus Reclassering opdracht toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden;

 beveelt, dat de tijd, door veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;

 veroordeelt verdachte tot de navolgende taakstraf, te weten:

een werkstraf gedurende 200 (tweehonderd) uren, met bevel dat indien deze straf niet naar behoren wordt verricht vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 100 (honderd) dagen;

 veroordeelt verdachte ten aanzien van het onder ten eerste tenlastegelegde, tot betaling van schadevergoeding aan de benadeelde partij [benadeelde], van een bedrag van € 2.020,00, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 8 december 2013 en met betaling van de kosten van het geding en de tenuitvoerlegging door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op € 768,00;

 verklaart de benadeelde partij [benadeelde] voor het overige niet-ontvankelijk in zijn vordering;

 legt aan verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer [benadeelde], een bedrag te betalen van € 2.020,00 vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 8 december 2013, met bevel dat bij gebreke van betaling en verhaal 40 dagen hechtenis zal kunnen worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;

 bepaalt daarbij dat voldoening van de ene betalingsverplichting de andere doet vervallen;

heft op het - geschorste - bevel tot voorlopige hechtenis;

Aldus gewezen door:

mr. Gerbranda, voorzitter,

mr. Prisse en mr. Cremers, rechters,

in tegenwoordigheid van De Badts, griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 16 december 2014.

1 Wanneer hierna verwezen wordt naar dossierpagina’s, betreft dit delen van in de wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal, als bijlagen opgenomen bij (stam)proces-verbaal, dossiernummer 2013166049, politie Oost Nederland, district Noord- en Oost Gelderland, gesloten en ondertekend op 14 oktober 2014(p. 417-448).

2 Proces-verbaal van aangifte [benadeelde], met foto’s,p. 483-488.

3 Proces-verbaal verhoor verdachte, p. 164-165

4 Proces-verbaal verhoor [medeverdachte 3], p. 90-91