Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBGEL:2014:5610

Instantie
Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak
23-07-2014
Datum publicatie
04-09-2014
Zaaknummer
238273
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Benoeming deskundige ter beantwoording van vragen over werkzaamheden met betrekking tot de elektrische installatie op een casco binnenvaartschip.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK GELDERLAND

Team kanton en handelsrecht

Zittingsplaats Arnhem

zaaknummer / rolnummer: C/05/238273/ ha za 13-23

Vonnis van 23 juli 2014

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

VAN GEMERT HOLDING BV,

gevestigd te Beuningen,

eiseres,

advocaat mr. B.E. Volker te Rotterdam

tegen

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ALEWIJNSE MARINE ROTTERDAM BV,

gevestigd te Nijmegen,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ALEWIJNSE MARINE NIJMEGEN BV,

gevestigd te Nijmegen,

gedaagden,

advocaat mr. K.A. Doekhi te Alblasserdam.

Partijen zullen hierna Van Gemert Holding en Alewijnse c.s. genoemd worden.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het tussenvonnis van 28 mei 2014,

- de akte van 11 juni 2014 aan de zijde van Van Gemert Holding,

- de akte van 11 juni 2014 aan de zijde van Alewijnse c.s.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De verdere beoordeling van het geschil

2.1.

De rechtbank blijft bij hetgeen is overwogen en beslist in het tussenvonnis van 28 mei 2014. In dat tussenvonnis zijn partijen in de gelegenheid gesteld zich bij akte uit te laten over de aangekondigde deskundigenrapportage als bedoeld in r.o. 2.5 van dat vonnis.

2.2.

Bij akte van 11 juni 2014 heeft Van Gemert Holding voorgesteld de heer [naam 1] van Van Pelt & Co B.V. als deskundige te benoemen. Alewijnse c.s. heeft hiertegen bezwaar gemaakt. Alewijnse c.s. heeft, bij akte van 11 juni 2014, voorgesteld om - als er al een deskundige benoemd moet worden - een deskundige te benoemen met een financiële achtergrond, bijvoorbeeld in de accountancy, waartegen Van Gemert bezwaar heeft gemaakt. Nu partijen geen overeenstemming hebben kunnen bereiken over de persoon van de te benoemen deskundige(n) zal de rechtbank ambtshalve een deskundige benoemen.

2.3.

De rechtbank wenst, zoals reeds is aangegeven in eerder genoemd tussenvonnis, door een deskundige voorgelicht te worden over de vraag welke werkzaamheden tot de opzegging van de overeenkomst zijn uitgevoerd aan de elektrische installatie op casco 701 en welke arbeids- en materiaalkosten hiermee gemoeid zijn geweest. Zij wenst derhalve voorgelicht te worden door iemand met een specifieke deskundigheid op het gebied van elektrische installaties op schepen. Voorlichting door een deskundige met een financiële achtergrond is (vooralsnog) niet aan de orde.

2.4.

De rechtbank zal ing. R. Voskamp benoemen als deskundige. De deskundige heeft zich bereid verklaard de benoeming te aanvaarden en heeft aangegeven vrij te staan ten opzichte van partijen.

2.5.

Aan de hand van de opgave van de deskundige wordt het voorschot op zijn loon en kosten, inclusief de daarover verschuldigde omzetbelasting, bepaald op € 3.484,80 (exclusief eventuele reiskosten). Dit bedrag dient zoals in het tussenvonnis reeds is overwogen door Van Gemert Holding aan de griffier te worden betaald.

2.6.

Alewijnse c.s. heeft bezwaar gemaakt tegen de voorgenomen vraagstelling zoals hierna opgenomen onder 3.1. onder 1, 3 en 5. Nu de rechtbank het antwoord op deze vragen relevant acht voor de beslechting van het geschil, handhaaft zij deze vragen.

Alewijnse c.s. heeft voorts een tweetal (extra) vragen voor de deskundige geformuleerd. Beide vragen vallen buiten het bestek van het door de deskundige uit te voeren onderzoek en buiten diens expertisegebied. De rechtbank neemt deze vragen daarom niet over.

2.7.

Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.

3 De beslissing

De rechtbank

3.1.

beveelt een onderzoek door een deskundige ter beantwoording van de volgende vragen:

  1. Kunt u aan de hand van de zich in het dossier bevindende stukken en foto’s zo nauwkeurig mogelijk omschrijven welke werkzaamheden er in verband met de elektrische installatie van casco 701 zijn uitgevoerd voorafgaand aan het faillissement van Van Gemert Repair?

  2. Kunt u zo nauwkeurig mogelijk aangeven welke materialen en hoeveel materiaalkosten (verkoopprijs) er met deze verschillende werkzaamheden gemoeid zijn geweest?

  3. Kunt u hierbij (in ieder geval) onderscheid maken tussen de situatie dat al het ijzerwerk door de aannemer (Alewijnse c.s.) is uitgevoerd en de situatie dat Alewijnse c.s. enkel de kabelgoten heeft geleverd?

  4. Kunt u zo nauwkeurig mogelijk aangegeven hoeveel arbeidsuren en arbeidskosten er met de verschillende werkzaamheden gemoeid zijn geweest?

  5. Kunt u ook hierbij (in ieder geval) onderscheid maken tussen de situatie dat al het ijzerwerk door de aannemer (Alewijnse c.s.) is uitgevoerd en de situatie dat Alewijnse c.s. enkel de kabelgoten heeft geplaatst?

  6. Kunt u aangeven welke gedeelte van de offerte (percentage) is uitgevoerd?

  7. Kunt u aangeven of u aan de hand van het dossier een volledig beeld van de uitgevoerde werkzaamheden hebt kunnen geven?

  8. Hoe waarschijnlijk is het dat er meer werkzaamheden zijn uitgevoerd dan dat u heeft kunnen vaststellen?

  9. Kunt u, als het waarschijnlijk is dat er meer werkzaamheden zijn uitgevoerd dan u heeft kunnen vaststellen, aangeven welke arbeids- en materiaalkosten er met deze werkzaamheden gemoeid zijn geweest?

  10. Heeft u verder nog opmerkingen die voor de beoordeling van de zaak van belang zijn?

3.2.

benoemt tot deskundige om dit onderzoek te verrichten:

De heer ing. R. Voskamp

[adres]

[adres]

[adres]

3.3.

bepaalt dat de griffier een kopie van dit vonnis aan de deskundige zal toezenden;

3.4.

bepaalt dat Van Gemert Holding binnen twee weken na datum van dit vonnis (kopieën van) de overige processtukken aan de rechtbank Gelderland, Team kanton en handelsrecht, zittingsplaats Arnhem, civiele roladministratie, Postbus 9030, 6800 EM Arnhem zal doen toekomen;

3.5.

bepaalt dat Van Gemert Holding binnen twee weken na datum van dit vonnis als voorschot op de kosten van de deskundige (inclusief omzetbelasting) € 3.484,80 ter griffie van deze rechtbank dient te deponeren door dit bedrag over te maken op rekeningnummer [rekeningnummer] ten name van MvJ arrondissement Arnhem onder vermelding van het rolnummer en de namen van partijen;

3.6.

bepaalt dat de griffier onmiddellijk na betaling van dit voorschot de deskundige hiervan in kennis zal stellen en dat de deskundige pas dan met het onderzoek behoeft te beginnen;

3.7.

bepaalt dat de deskundige binnen vier weken nadat hij bericht heeft gekregen dat het voorschot is gedeponeerd met de partijen een afspraak moet hebben gemaakt voor een datum en tijdstip waarop het onderzoek zal plaatsvinden en die datum aan de rechtbank moet hebben doorgegeven, tenzij een dergelijke afspraak vanwege de aard van het onderzoek naar het oordeel van de deskundige niet nodig is;

3.8.

bepaalt dat indien een partij of de deskundige de aldus afgesproken datum voor het onderzoek wil wijzigen, die partij of de deskundige daartoe een schriftelijk gemotiveerd verzoek moet doen aan de griffie van de rechtbank, met afschrift aan de andere betrokkenen;

3.9.

bepaalt dat de deskundige zich met vragen over het onderzoek kan wenden tot de griffier mr. [naam 2];

3.10.

bepaalt dat de deskundige bij het onderzoek de partijen in de gelegenheid moet stellen opmerkingen te maken en verzoeken te doen, en dat de deskundige in het schriftelijk bericht moet doen blijken of aan dit voorschrift is voldaan, onder vermelding in dat bericht van de eventueel gemaakte opmerkingen en/of gedane verzoeken;

3.11.

bepaalt dat de deskundige een schriftelijk en ondertekend conceptrapport zal inleveren ter griffie van deze rechtbank voor 1 oktober 2014, waarna schriftelijk nadere instructies van de rechtbank zullen volgen over de indiening van het definitieve rapport en de declaratie van de deskundige;

3.12.

verwijst de zaak naar de rolzitting van vier weken na de datum waarop het definitieve rapport ter griffie is ingeleverd voor het nemen van een conclusie na deskundigenbericht aan de zijde van partijen of voor bepaling datum vonnis;

3.13.

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.M. Graat en in het openbaar uitgesproken op 23 juli 2014.