Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBGEL:2014:4086

Instantie
Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak
10-07-2014
Datum publicatie
10-07-2014
Zaaknummer
AWB-13_6640
Formele relaties
Hoger beroep: ECLI:NL:GHARL:2016:4076, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Belastingrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Eiser heeft de door verweerder gevraagde boeken, bescheiden en andere gegevensdragers niet beschikbaar gesteld. Gelet hierop is de rechtbank van oordeel dat de informatiebeschikkingen als bedoeld in artikel 52a, lid 1, van de AWR terecht zijn afgegeven. De door eiser daarvoor aangegeven redenen maken dit niet anders. De rechtbank zal geen nieuwe termijn stellen om de in de informatiebeschikkingen verzochte informatie te verstrekken omdat sprake is van kennelijk onredelijk gebruik van procesrecht als bedoeld in het laatste onderdeel van artikel 27e, lid 2, van de AWR.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
FutD 2014-1631
V-N Vandaag 2014/1402
E.P. Hageman FB annotatie in NTFR 2014/2114

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

Zittingsplaats Arnhem

Belastingrecht

zaaknummers: AWB 13/6640, AWB 13/6644, AWB 13/6660, AWB 13/6666, AWB 13/6667 en AWB 13/6668

uitspraak van de enkelvoudige belastingkamer van 10 juli 2014

in de zaak tussen

[X] B.V., gevestigd te [Z], eiseres in de procedure met nummer AWB 13/6640,

[A] B.V., gevestigd te [Z], eiseres in de procedure met nummer AWB 13/6644,

Fiscale eenheid [B] B.V., gevestigd te [Z], eiseres in de procedure met nummer AWB 13/6660,

[C] B.V., gevestigd te [Z], eiseres in de procedure met nummer AWB 13/6666,

[D] B.V., gevestigd te [Z], eiseres in de procedure met nummer AWB 13/6667,

[E] , wonende te [Q], eiser in de procedure met nummer AWB 13/6668,

hierna tezamen ook: eisers,

en

de inspecteur van de Belastingdienst/kantoor Apeldoorn, verweerder.

Procesverloop

Verweerder heeft aan eisers met dagtekening 23 november 2012 informatiebeschikkingen als bedoeld in artikel 52a, eerste lid, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (hierna: AWR) afgegeven.

Verweerder heeft bij uitspraken op bezwaar van 15 maart 2013 de informatiebeschikkingen gehandhaafd.

Eisers hebben daartegen bij afzonderlijke faxberichten van 25 april 2013, ontvangen door de rechtbank Noord-Holland op dezelfde dag, beroep ingesteld. Rechtbank Noord-Holland heeft de beroepschriften doorgezonden aan de rechtbank Gelderland.

Verweerder heeft de op de zaken betrekking hebbende stukken overgelegd en verweerschriften ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 19 mei 2014.

Namens eisers is verschenen [E] bijgestaan door mr. [gemachtigde]. Namens verweerder zijn verschenen mr. [gemachtigde] en [F].

[gemachtigde] heeft ter zitting een pleitnota voorgedragen en exemplaren daarvan overgelegd aan de rechtbank en aan de wederpartij. Verweerder heeft verklaard geen bezwaar te hebben tegen overlegging van de bij deze pleitnota behorende bijlage.

Overwegingen

Feiten

1.

Eiser is enig bestuurder van Stichting [G]. Deze Stichting houdt alle aandelen in [C] B.V. welke B.V. op haar beurt alle aandelen houdt in de [A] B.V., [X] B.V. en [D] B.V.. [C] B.V. en [X] B.V. vormen een fiscale eenheid voor de omzetbelasting.

2.

Voornoemd concern houdt zich bezig met het verzorgen van administraties, het opmaken van jaarrekeningen en het verzorgen van fiscale aangiften.

3.

Bij brief van 13 maart 2012 kondigt verweerder aan een boekenonderzoek in te stellen welk onderzoek aan zal vangen op 3 april 2012. Het boekenonderzoek heeft betrekking op de jaren 2008 tot en met 2011 en betreft de inkomstenbelasting (eiser), loonheffingen ([C] B.V., [A] B.V., [X] B.V. en [D] B.V.) en omzetbelasting (Fiscale eenheid [B] B.V., [A] B.V. en [D] B.V.).

4.

Verweerder deelt in dezelfde brief van 13 maart 2012 mee bij aanvang van het onderzoek te willen beschikken over de volgende bestanden:

  • -

    Auditfiles financiƫle administratie van de jaren 2008 tot en met 2011 van bovengenoemde vennootschappen;

  • -

    Auditfiles van de jaren 2008 tot en met 2011 van de vennootschappen waarvoor de controle loonheffingen is aangekondigd.

Verweerder wil tevens de beschikking hebben over de volgende bescheiden:

  • -

    Inkomende en uitgaande facturen;

  • -

    Bankafschriften van genoemde belastingplichtigen over de jaren 2008 tot en met 2011;

  • -

    Een specificatie van de aangiften omzetbelasting per tijdvak en per belastingplichtige indien dit niet uit de administratie blijkt;

  • -

    De personeelsadministratie van alle vennootschappen.

5.

Op 26 maart 2012 heeft eiser het boekenonderzoek afgezegd.

6.

Bij brief van 16 mei 2012 vraagt verweerder nogmaals om de onder 4. genoemde informatie ter beschikking te stellen. Tevens heeft verweerder op die datum een e-mail gestuurd met het verzoek om met spoed contact op te nemen in verband met de aangekondigde controle en dat hij inmiddels een brief heeft laten uitgaan met een nieuwe datum. Eiser reageert hierop bij e-mail van 25 mei 2012 waarin hij aangeeft dat er door de enorme drukte en personeelstekort geen ruimte is in zijn agenda en dat de eerste vrije dag in zijn agenda 7 augustus 2012 is. In reactie hierop verzoekt verweerder bij e-mail van 28 juni 2012 aan eiser om zo spoedig mogelijk een datum te willen doorgeven, omdat hij op 7 augustus 2012 in verband met vakantie niet kan.

7.

Verweerder vraagt bij brief van 31 juli 2012 wederom om de onder 4. gevraagde informatie ter beschikking te stellen. Hierbij bevestigt hij tevens de op die dag gemaakte afspraak voor het instellen van een boekenonderzoek op 11 september 2012. Eiser reageert hierop bij e-mail van 6 september 2012 waarin hij aangeeft dat hij niet kan, omdat hij op die dag als getuige is opgeroepen in een rechtszaak. In reactie hierop geeft verweerder bij e-mail van 7 september 2012 aan dat hij op maandag contact zal opnemen. Tevens verzoekt hij eiser om aan te geven op welk telefoonnummer eiser het best te bereiken is.

8.

Verweerder vraagt bij brief van 17 september 2012 wederom om de onder 4. gevraagde informatie ter beschikking te stellen. Dit naar aanleiding van het bezoek van verweerder op het bedrijfsadres met als doel in contact te komen voor het maken van een goede afspraak met betrekking tot de al eerder aangekondigde controle. Overeengekomen is om op 15 oktober 2012 de controle in te stellen. Eiser reageert op 14 oktober 2012 telefonisch en geeft aan dat de controle niet door kan gaan omdat hij de zaken nog steeds niet helemaal op orde heeft.

9.

Bij brief van 15 oktober 2012 vraagt verweerder wederom om de onder 4. genoemde informatie ter beschikking te stellen. Hierop wordt niet gereageerd.

10.

Met dagtekening 23 november 2012 wordt de informatiebeschikking afgegeven. Deze wordt bij uitspraak op bezwaar van 15 maart 2013 gehandhaafd.

Geschil

11.

In geschil is het antwoord op de vraag of de informatiebeschikkingen terecht aan eisers zijn afgegeven.

Beoordeling van het geschil

12.

Artikel 52a, eerste lid, van de AWR bepaalt onder meer dat indien met betrekking tot een op te leggen (navorderings)aanslag niet of niet volledig wordt voldaan aan de verplichtingen ingevolge onder meer artikel 47 van die wet, de inspecteur dit kan vaststellen bij een voor bezwaar vatbare beschikking (de zogenoemde informatiebeschikking).

13.

Ingevolge artikel 47, eerste lid, onderdeel b, van de AWR is ieder gehouden de boeken, bescheiden en andere gegevensdragers of de inhoud daarvan - zulks ter keuze van de inspecteur - waarvan de raadpleging van belang kan zijn voor de vaststelling van de feiten welke invloed kunnen uitoefenen op de belastingheffing te zijnen aanzien, voor dit doel beschikbaar te stellen.

14.

Vast staat dat eisers tot op heden de door verweerder genoemde boeken, bescheiden en andere gegevensdragers niet beschikbaar hebben gesteld. Gelet hierop zijn de informatiebeschikkingen terecht afgegeven.

15.

De door eiser aangegeven redenen waarom deze boeken, bescheiden en andere gegevensdragers niet beschikbaar zijn gesteld maken het voorgaande niet anders. Gelet op de periode waarin eisers in de gelegenheid zijn geweest de gevraagde informatie ter beschikking te stellen kan een echtscheiding, verhuizing(en) en het overlijden van de vader van eiser in 2011 geen reden zijn om die informatie niet ter beschikking te stellen. Dit geldt temeer nu eiser ter zitting heeft verklaard dat hij iedere dag heeft gewerkt om de bedrijven draaiende te houden. Dat hij die tijd niet heeft gebruikt om de informatie aan verweerder ter beschikking te stellen en als gevolg hiervan nu wordt geconfronteerd met een informatiebeschikking, dient voor zijn rekening en risico te komen. In dit verband is ook nog van belang dat eiser richting verweerder ook niet (expliciet) heeft aangegeven dat de hiervoor genoemde redenen ten grondslag lagen aan voor het bij herhaling afzeggen van de afspraken. Eiser heeft dit voor het eerst op zitting aangevoerd. Gelet hierop heeft verweerder ook niet in strijd gehandeld met enig beginsel van behoorlijk bestuur door de informatiebeschikking af te geven.

16.

De rechtbank komt op grond van hetgeen hiervoor is overwogen tot de conclusie dat de informatiebeschikkingen terecht zijn vastgesteld. De rechtbank zal geen nieuwe termijn stellen om de in de informatiebeschikkingen verzochte informatie te verstrekken. Naar het oordeel van de rechtbank is in het onderhavige geval sprake van kennelijk onredelijk gebruik van procesrecht als bedoeld in het laatste onderdeel van artikel 27e, tweede lid, van de AWR. De rechtbank acht hierbij van belang dat eisers geen inhoudelijke bezwaren hebben aangevoerd tegen het verstrekken van de informatie waar in de informatiebeschikkingen om is verzocht en desondanks, tot het moment waarop in de loop van het eerste kwartaal van 2014 de administratie door de FIOD in beslag is genomen, nog steeds niet aan hun informatieverplichtingen hebben voldaan. Gelet hierop is de rechtbank van oordeel dat de procedure tegen de informatiebeschikkingen uitsluitend is gevoerd om de aanvang van het boekenonderzoek te traineren. Hiervoor is de rechtsgang tegen de informatiebeschikking niet bedoeld.

17.

Gelet op het voorgaande dienen de beroepen ongegrond te worden verklaard.

18.

De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.

Beslissing

De rechtbank:

- verklaart de beroepen ongegrond;

- verleent eisers geen nieuwe termijn om de in de informatiebeschikkingen verzochte informatie te verstrekken.

Deze uitspraak is gedaan door mr. M.C.G.J. van Well, rechter, in tegenwoordigheid van mr. L.L. van Benthem, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op: 10 juli 2014

griffier

rechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kunnen partijen binnen zes weken na de verzenddatum hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (belastingkamer), Postbus 9030, 6800 EM Arnhem.

Bij het instellen van hoger beroep dient het volgende in acht te worden genomen:

1 - bij het beroepschrift wordt een afschrift van deze uitspraak overgelegd;
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;

b. een dagtekening;

c. een omschrijving van de uitspraak waartegen het hoger beroep is ingesteld;

d. de gronden van het hoger beroep.