Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBGEL:2014:3892

Instantie
Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak
26-06-2014
Datum publicatie
16-12-2017
Zaaknummer
AWB-13_7369
Formele relaties
Hoger beroep: ECLI:NL:GHARL:2015:3200, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Belastingrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Geen samenvatting, publicatie op verzoek.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
NTFR 2015/1809 met annotatie van mr. N. ten Broek
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

Zittingsplaats Arnhem

Belastingrecht

zaaknummer: AWB 13/7369

uitspraak van de enkelvoudige belastingkamer van 26 juni 2014

in de zaak tussen

Stichting [X] , te [Z] , eiseres

(gemachtigde: mr. [gemachtigde] ),

en

de inspecteur van de Belastingdienst, kantoor Arnhem, verweerder.

Procesverloop

Verweerder heeft aan eiseres met dagtekening 11 april 2013 een informatiebeschikking als bedoeld in artikel 52a, eerste lid, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (hierna: AWR) afgegeven.

Verweerder heeft bij uitspraak op bezwaar van 9 oktober 2013 de informatiebeschikking gehandhaafd.

Eiseres heeft daartegen bij brief van 19 november 2013 , ontvangen door de rechtbank op 20 november 2013, beroep ingesteld.

Verweerder heeft de op de zaak betrekking hebbende stukken overgelegd en een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 1 mei 2014.

Namens eiseres is verschenen [A] , bijgestaan door gemachtigde mr. [gemachtigde] en [B] . Namens verweerder zijn verschenen mr. [gemachtigde] en [C] .

Partijen hebben ter zitting een pleitnota voorgedragen en exemplaren daarvan overgelegd aan de rechtbank en aan elkaar. Partijen hebben verklaard geen bezwaar te hebben tegen overlegging van de bij deze pleitnota’s behorende bijlagen.

Overwegingen

Feiten

1.

De activiteiten van eiseres bestaan uit de handel in schaalmodellen van trucks/vrachtauto’s. Tevens worden in opdracht reparaties verricht en zijn losse onderdelen te koop.

2.

Eiseres is een stichting. De bestuurders van eiseres zijn [A] en [D] , beiden wonende aan de [A-straat 1] te [Z] . Eiseres heeft geen werknemers in dienst.

3.

Op 15 augustus 2012 is bij eiseres een boekenonderzoek aangevangen welk onderzoek formeel nog niet is afgerond. Wel is een concept-rapport van het boekenonderzoek gemaakt. Dit concept-rapport behoort tot de stukken van het geding.

4.

Naar aanleiding van het lopende boekenonderzoek heeft verweerder onderhavige informatiebeschikking afgegeven omdat de administratie van eiseres niet voldoet aan de eisen van artikel 52 van de AWR.

5.

Eiser heeft bij brief van 22 mei 2013 bezwaar gemaakt tegen de informatiebeschikking. Bij uitspraak op bezwaar van 9 oktober 2013 heeft verweerder het bezwaar afgewezen.

Geschil

6.

In geschil is of de informatiebeschikking terecht aan eiseres is afgegeven.

Beoordeling van het geschil

7.

Artikel 52, eerste lid, van de AWR bepaalt, voor zover hier van belang, dat administratieplichtigen gehouden zijn van hun vermogenstoestand en van alles betreffende hun bedrijf, naar de eisen van dat bedrijf, op zodanige wijze een administratie te voeren en de daartoe behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers op zodanige wijze te bewaren, dat te allen tijde hun rechten en verplichtingen alsmede de voor de heffing van belasting overigens van belang zijnde gegevens hieruit duidelijk blijken. Ingevolge artikel 52, vierde lid, AWR, voor zover hier van belang, zijn administratieplichtigen verplicht gegevensdragers gedurende zeven jaar te bewaren.

8.

Artikel 52, tweede lid onder a, van de AWR bepaalt dat lichamen administratieplichtig zijn. In zoverre is de tenaamstelling van de informatiebeschikking juist aangezien een stichting een lichaam is in de zin van de AWR (artikel 2 van de AWR).

9.

De rechtbank dient vervolgens te beoordelen of de informatiebeschikking terecht is afgegeven. De vraag die daarbij beantwoord moet worden is of de administratie van eiseres voldoet aan de eisen die artikel 52 van de AWR daaraan stelt.

10.

De rechtbank is van oordeel dat de administratie van eiseres niet voldoet aan de eisen die artikel 52 van de AWR daaraan stelt. De rechtbank overweegt daartoe dat eerst na een reconstructie achteraf de rechten en verplichtingen van eiseres alsmede de voor de heffing van belasting overigens van belang zijnde gegevens blijken. Voorts bevat de kasadministratie geen vermelding van data. Gelet op de aard van de onderneming acht de rechtbank de vermelding van de data van belang voor de (controleerbaarheid van de) kasadministratie. Daarbij komt dat de “privé-rekening” van [A] niet in de administratie van eiseres is opgenomen terwijl deze rekening, hetgeen tussen partijen niet in geschil is, voor een belangrijk deel voor zakelijke transacties wordt gebruikt.

11.

De rechtbank zal geen termijn stellen voor het voldoen aan de in de beschikking bedoelde verplichting omdat daaraan, naar het oordeel van de rechtbank, in het onderhavige geval, gelet op de aard van de verplichting en de schending daarvan geen gevolg kan worden gegeven.

12.

Gelet op het voorgaande dient het beroep ongegrond te worden verklaard.

13.

De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr.dr. N. Djebali, rechter, in tegenwoordigheid van mr. L.L. van Benthem, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op: 26 juni 2014

griffier

rechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kunnen partijen binnen zes weken na de verzenddatum hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (belastingkamer), Postbus 9030, 6800 EM Arnhem.

Bij het instellen van hoger beroep dient het volgende in acht te worden genomen:

1 - bij het beroepschrift wordt een afschrift van deze uitspraak overgelegd;
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;

b. een dagtekening;

c. een omschrijving van de uitspraak waartegen het hoger beroep is ingesteld;

d. de gronden van het hoger beroep.