Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBGEL:2013:6462

Instantie
Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak
28-11-2013
Datum publicatie
18-03-2014
Zaaknummer
254675
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

De voorzieningenrechter heeft het uitstelverzoek van gedaagde afgewezen, mede in aanmerking genomen het spoedeisende belang van de eisers. Door het tijdstip van indiening van dat verzoek heeft [voorzitter] het risico genomen dat daarop niet tijdig meer voor de zitting kon worden beslist. Nu het verzoek om uitstel niet kan worden gehonoreerd en bij de dagvaarding de bij de wet voorgeschreven formaliteiten in acht zijn genomen, is er aanleiding verstek te verlenen tegen de niet verschenen gedaagde.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK GELDERLAND

Team kanton en handelsrecht

Zittingsplaats Arnhem

zaaknummer / rolnummer: C/05/254675 / KG ZA 13-644

Vonnis in kort geding van 28 november 2013

in de zaak van

1 BERNARDINA ELISABETH ALEIDA TIJSSEN,

wonende te Bemmel,

2. MARIA BERNARDINA ELISABETH TIJSSEN,

wonende te Bemmel,

3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

TIJSSEN SOCIAAL-JURDISCH, BEMIDDELING & ADVIESBURO B.V.,

gevestigd te Bemmel,

eisers,

advocaat mr. K.W.A. Wools te Elst,

tegen

de vereniging

BOND VAN WETSOVERTREDERS,

gevestigd te Arnhem,

gedaagde,

niet verschenen.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    de dagvaarding

  • -

    de mondelinge behandeling.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De beoordeling

2.1.

Bij brief van 25 november 2013 heeft [voorzitter], voorzitter van de gedaagde, namens de gedaagde uitstel verzocht van de zitting op 26 november 2013 te 10.00 uur. De brief waarin het uitstel werd verzocht is op 25 november 2013 ’s middags om 17.43 per fax bij de griffie binnengekomen, na sluitingstijd van de griffie dus. Het verzoek kon eerst de volgende dag in behandeling worden genomen. Bij een poging om een telefonische reactie te vragen van de advocaat van de eisers op het verzoek om uitstel bleek dat deze met de partijen reeds onderweg was naar de zitting. De advocaat van de eisers heeft ter zitting bezwaar gemaakt tegen inwilliging van het verzoek. Besproken is toen dat nog geen verstek kon worden verleend tegen de niet verschenen gedaagde en dat de gedaagde eerst in de gelegenheid zou worden gesteld bewijsstukken op te sturen van de verhindering om naar de zitting te komen. Vervolgens is de zaak inhoudelijk besproken. Bij brief van 26 november 2013 is [voorzitter] verzocht een medische verklaring over te leggen waaruit blijkt dat hij, zoals door hem was gesteld, een kuitspier heeft gescheurd en waaruit blijkt wanneer dat is gebeurd. Tevens is hem verzocht uit te leggen waarom niet een andere vertegenwoordiger namens de gedaagde ter zitting kon verschijnen. Bij brief van 27 november 2013 heeft [voorzitter] een stuk toegezonden en een toelichting gegeven. Daarop heeft de advocaat van eiser bij brief van 27 november 2013 gereageerd.

2.2.

Het stuk dat [voorzitter] heeft opgestuurd is een ongedateerde verwijzing naar het ziekenhuis voor een echo van de rechterenkel. Voor zover leesbaar en relevant staat bij de vraagstelling dat sprake is van pijn rechter onderbeen sinds (onleesbaar) bij traplopen. Uit dit stuk blijkt niet dat sprake is van een gescheurde kuitspier. Evenmin blijkt daaruit sinds wanneer de pijn is opgetreden. Dat de geconstateerde pijn eraan in de weg stond dat [voorzitter] naar de rechtbank zou komen, kan uit dit stuk niet worden afgeleid. Het enkele feit dat sprake is van pijn bij traplopen wettigt niet de conclusie dat [voorzitter] niet in staat was naar de zitting te komen. Dat op 27 november 2013 enige medicatie van de apotheek is verkregen, maakt al het voorgaande niet anders. Voor het overige is niet overtuigend gemotiveerd waarom niet iemand anders de gedaagde ter zitting kon vertegenwoordigen.

2.3.

Op het uitstelverzoek moet dus afwijzend worden beslist, mede in aanmerking genomen het spoedeisende belang van de eisers. Door het tijdstip van indiening van dat verzoek heeft [voorzitter] het risico genomen dat daarop niet tijdig meer voor de zitting kon worden beslist. Nu het verzoek om uitstel niet kan worden gehonoreerd en bij de dagvaarding de bij de wet voorgeschreven formaliteiten in acht zijn genomen, is er aanleiding verstek te verlenen tegen de niet verschenen gedaagde.

2.4.

De gevorderde dwangsommen zullen worden beperkt en de termijnen waarbinnen aan de veroordelingen moet zijn voldaan verruimd als volgt.

2.5.

Het gevorderde komt de voorzieningenrechter voor het overige niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal als volgt worden toegewezen.

2.6.

Gedaagde zal als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van eisers worden begroot op:

- dagvaarding € 95,32

- griffierecht € 589,00

- salaris advocaat € 527,00

Totaal € 1.211,32

2.7.

De gevorderde nakosten zullen eveneens worden toegewezen.

3 De beslissing

De voorzieningenrechter

3.1.

verleent verstek tegen de niet verschenen gedaagde,

3.2.

veroordeelt gedaagde om, op eigen kosten, binnen 24 uur na betekening van dit vonnis, haar persbericht aan Omroep Gelderland, zoals weergegeven in productie 2 bij de dagvaarding, in te trekken middels het sturen van een e-mail (met een kopie aan eisers) aan Omroep Gelderland met de mededeling dat het persbericht wordt ingetrokken, en voorts om al datgene te doen wat nodig is om het artikel zoals weergegeven in productie 1 bij de dagvaarding te verwijderen, dan wel te laten verwijderen, uit (de cache en archieven van) de

zoekmachines van Google.nl, Bing.nl, Vinden.nl en overige zoekmachines, zulks alles op straffe van verbeurte van een aan eisers te betalen dwangsom van € 1.000,00 voor iedere dag of dagdeel dat gedaagde hiermee in gebreke blijft tot een maximum van € 50.000,00 is bereikt,

3.3.

verbiedt gedaagde om na betekening van dit vonnis uitlatingen en beweringen, waarbij gedaagde de eer en goede naam van eisers en/of hun kantoor aantast, via omroepen, sociale media, websites, nieuwssites, nieuwsredacties, internetfora, televisie-uitzendingen, (digitale) kranten, en/of andere media te (doen) publiceren of anderszins openbaar te (laten) maken en om zich op welke wijze dan ook jegens derden (waaronder in ieder geval wordt

begrepen de clientèle van eisers) over eisers en hun bedrijf in vorenbedoelde zin uit te laten, zulks op straffe van verbeurte van een aan eisers te betalen dwangsom van € 5.000,00 voor elke afzonderlijke overtreding van een van deze verboden tot een maximum van € 50.000,00 is bereikt,

3.4.

veroordeelt gedaagde om, op eigen kosten, bij wijze van rectificaties

a. a) binnen 24 uur na betekening van dit vonnis een bij opening meteen zichtbare advertentie te (laten) plaatsen bovenaan alle pagina’s van de websites van Omroep Gelderland (www.gld.nl en www.omroepgelderland.nl), omkaderd en in een gebruikelijk lettertype en -grootte, zonder begeleidende opmerkingen of andere toevoegingen, en deze gedurende twee maanden na plaatsing aaneengesloten en zichtbaar geplaatst te houden, alsmede,

b) binnen 48 uur na betekening van dit vonnis op de voorpagina van dagblad De Gelderlander een advertentie ter grootte van 1/8-ste pagina te (doen) plaatsen, omkaderd en in een gebruikelijk lettertype en -grootte, zonder begeleidende opmerkingen of andere toevoegingen,

telkens met een advertentietekst die luidt als volgt:

“RECTIFICATIE

De voorzieningenrechter van de rechtbank Gelderland, zittingsplaats Arnhem heeft bij vonnis geoordeeld dat de Bond van Wetsovertreders onrechtmatige beweringen en uitlatingen heeft gedaan in een persbericht aan Omroep Gelderland over bewindvoeringskantoor Tijssen te Huissen. Deze beweringen en uitlatingen zijn door de Bond van Wetsovertreders ingetrokken en waar mogelijk verwijderd. De voorzieningenrechter te Arnhem heeft de Bond van Wetsovertreders bij voornoemd vonnis tot rectificatie hiervan veroordeeld. Voorts is de Bond van Wetsovertreders door de voorzieningenrechter te

Arnhem verboden om zich in de toekomst op negatieve wijze uit te laten over bewindvoeringskantoor Tijssen te Huissen.”

een en ander op straffe van verbeurte van een aan eisers te betalen dwangsom van

€ 1.000,00 voor iedere dag of dagdeel dat gedaagde niet of niet volledig aan deze veroordeling voldoet tot een maximum van € 50.000,00 is bereikt,

3.5.

veroordeelt gedaagde tot betaling, tegen behoorlijk bewijs van kwijting, aan eisers van een bedrag van € 7.500,00, zulks bij wijze van voorschot op de door gedaagde verschuldigde schadevergoeding, te vermeerderen met de wettelijke rente ex artikel 6:119 BW vanaf de dag van dagvaarding tot en met de dag van algehele voldoening,

3.6.

veroordeelt gedaagde in de proceskosten, aan de zijde van eisers tot op heden begroot op € 1.211,32, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over dit bedrag met ingang van de veertiende dag na betekening van dit vonnis tot de dag van volledige betaling,

3.7.

veroordeelt gedaagde in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op € 131,00 aan salaris advocaat, te vermeerderen, onder de voorwaarde dat gedaagde niet binnen veertien dagen na aanschrijving aan het vonnis heeft voldaan en er vervolgens betekening van de uitspraak heeft plaatsgevonden, met een bedrag van € 68,00 aan salaris advocaat en de explootkosten van betekening van de uitspraak, en te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de nakosten met ingang van veertien dagen na de betekening van dit vonnis tot aan de voldoening,

3.8.

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

3.9.

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. R.J.B. Boonekamp en in het openbaar uitgesproken op 28 november 2013.

Coll.: HS