Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBGEL:2013:3841

Instantie
Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak
17-10-2013
Datum publicatie
17-10-2013
Zaaknummer
AWB-12_1899 e.a.
Formele relaties
Hoger beroep: ECLI:NL:GHARL:2015:596, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Belastingrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Vennootschapsbelasting. Vestigingsplaats Nederland of Gibraltar (artikel 4 AWR). Toepassing verlengde navorderingstermijn.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
V-N Vandaag 2013/2279
Belastingadvies 2013/24.7
V-N 2013/61.2.1
FutD 2013-2580
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

Zittingsplaats Arnhem

Team belastingrecht

registratienummers: AWB 12/1899, 12/1900, 12/1901, 12/1902, 12/1903, 12/1904, 12/1906, 12/1907 en 12/1908

uitspraak ingevolge artikel 8:77 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb)

van 17 oktober 2013

inzake

[X] Ltd, statutair gevestigd te Gibraltar, eiseres,

tegen

de inspecteur van de Belastingdienst/Limburg, kantoor Roermond, verweerder.

1 Ontstaan en loop van het geding

Verweerder heeft aan eiseres de volgende belastingaanslagen opgelegd:

 voor het jaar 2001 een navorderingsaanslag (aanslagnummer [000].V.17.0112) vennootschapsbelasting (hierna: Vpb) berekend naar een belastbaar bedrag van f 162.945 (€ 73.941). Tevens is bij beschikking f 20.246 (€ 9.187) aan heffingsrente in rekening gebracht;

 voor het jaar 2002 een navorderingsaanslag (aanslagnummer [000].V.27.0112) Vpb berekend naar een belastbaar bedrag van € 113.109. Tevens is bij beschikking

€ 12.800 aan heffingsrente in rekening gebracht;

 voor het jaar 2003 een navorderingsaanslag (aanslagnummer [000].V.37.0112) Vpb, na verliesverrekening, berekend naar een belastbaar bedrag van € 68.979. Tevens is bij beschikking € 7.175 aan heffingsrente in rekening gebracht;

 voor het jaar 2004 een navorderingsaanslag (aanslagnummer [000].V.47.0112) Vpb berekend naar een belastbaar bedrag van € 27.842. Tevens is bij beschikking

€ 2.316 aan heffingsrente in rekening gebracht;

 voor het jaar 2005 een navorderingsaanslag (aanslagnummer [000].V.57.0112) Vpb berekend naar een belastbaar bedrag van € 35.449. Tevens is bij beschikking

€ 2.530 aan heffingsrente in rekening gebracht;

 voor het jaar 2006 een navorderingsaanslag (aanslagnummer [000].V.67.0112) Vpb berekend naar een belastbaar bedrag van € 1.249 negatief;

 voor het jaar 2007 een navorderingsaanslag (aanslagnummer [000].V.77.0112) Vpb berekend naar een belastbaar bedrag van € 2.529 negatief ;

 voor het jaar 2008 een aanslag (aanslagnummer [000].V.86.0112) Vpb berekend naar een belastbaar bedrag van € 93.406 negatief en daarbij bij beschikking het verlies vastgesteld op een bedrag van € 0;

 voor het jaar 2009 een aanslag (aanslagnummer [000].V.96.0112) Vpb, na verliesverrekening, berekend naar een belastbaar bedrag van € 0.

Verweerder heeft bij uitspraken op bezwaar van 19 april 2012 de aanslagen, de verliesbeschikkingen en de beschikkingen heffingsrente gehandhaafd.

Eiseres heeft daartegen bij brief van 25 april 2012, ontvangen door rechtbank Leeuwarden op 26 april 2012, en na doorzending ontvangen door de rechtbank op 1 mei 2012, beroep ingesteld.

Verweerder heeft de op de zaak betrekking hebbende stukken overgelegd en een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 25 september 2013 te Arnhem.

Namens eiseres zijn verschenen [A], mr. [gemachtigde] en mr. [B], beide laatstgenoemden verbonden aan [C] N.V. Namens verweerder zijn verschenen mr. [gemachtigde], mr. [D] en [E].

Eiseres heeft ter zitting een pleitnota voorgedragen en exemplaren daarvan overgelegd aan de rechtbank en aan de wederpartij.

Het beroep is ter zitting gelijktijdig behandeld met beroepsprocedure ten name van de heer [A] (registratienummers AWB 12/1879, 12/1880, 12/1881, 12/1882, 12/1883, 12/1884, 12/1885, 12/1886, 12/1887, 12/1888, 12/1889 en 12/1890).

2 Feiten

2.1

Eiseres is op 11 juni 1998 opgericht naar het recht van Gibraltar. Haar aandeelhouders zijn Jyske Bank (Gibraltar) Nominees Ltd (hierna: Jyske Gibraltar) en Jyske Bank (Gibraltar) Management Limited voor respectievelijk 99% en 1%. Bij de oprichting is Jyske Gibraltar aangesteld als bestuurder van eiseres en Jyske Bank (Gibraltar) Secretaries Ltd als secretaris.

2.2

Door bemiddeling van [I] B.V. (hierna: [I]) heeft de heer [A] (hierna te noemen: [A]) op 20 juli 1998 een “Company Application Form” ingevuld en ondertekend. Hierin is - voor zover van belang - het volgende opgenomen:

“The undersigned hereby apply for:

Purchase of a company from Jyske Bank (Gibraltar) Ltd. to be managed by Jyske Bank (Gibraltar) Management Ltd.

Transfer of a company to Jyske Bank (Gibraltar) Ltd. to be managed by Jyske Bank (Gibraltar) Management Ltd.

Basic data of applicant (…)

Name [A]

Address [A-straat 1]

City [Q] (…)

I wish to buy a so-called standard company which is characterised by:

Size of the share capital

GBP 100

Shareholders

Jyske Bank (Gibraltar) Nominees Ltd. (99 shares)

Jyske Bank (Gibraltar) Management Ltd. (1 share)

Director

Jyske Bank (Gibraltar) Nominees Ltd.

Secretary

Jyske Bank (Gibraltar) Secretaries Ltd.

Address

2 Bedlam Court, Gibraltar (…)

The beneficial owners of the company shall be the following persons

Name [A] Address [A-straat 1]

Nationality NL Number of shares 100”

2.3

Op 27 augustus 1998 heeft Jyske Bank Gibraltar als bestuurder een besluit genomen, waarin onder meer het volgende is opgenomen:

“a Power of Attorney to be granted by the Company dated the 27th of August, 1998 in favour of [A] of [A-straat 1], [Q], Netherlands, conferring such powers as were deemed necessary to enable the Attorney to represent the Company in opening, maintaining and operating bank accounts within Jyske Bank Group of Companies, and to invest the company’s moneys in various investment funds managed by Jyske Bank and Jyske Invest.”

2.4

Voorts is bij notariële akte een volmacht aan [A] verleend. Hierin is onder meer het volgende opgenomen.

“(…) [A] (…) as the true lawful Attorney of the Company for any of the following purposes:

TO OPEN AND OPERATE in the name of the Company one or more accounts within the Jyske Bank group, including: (…)

and to operate them by depositing, withdrawing, transferring money and authorising payments direct to other accounts belonging to either the Company, the Attorney or third parties.

TO BUY, SELL and exchange stocks, shares, bonds, debentures and other forms of investment, to obtain secured credit facilities provided that each and every exercise of these powers is conducted through any of the Jyske Bank group of companies. (…)

AND IT IS HEREBY DECLARED THAT:

(i) The Company hereby ratifies and confirms and agrees to ratify and confirm whatsoever the Attorney shall do or purport to do by virtue of this Power of Attorney (…)”

2.5

Op 3 september 1998 heeft Jyske Bank Gibraltar verzocht tot opening van een bankrekening (account) met nummer [001] ten name van eiseres. Hierbij wordt verzocht om de correspondentie aan [A] te zenden. Daarnaast vinden op deze datum de volgende gebeurtenissen plaats:

  • -

    op een formulier met rekeninggegevens is als eerste naam opgenomen “[A], [A-straat 2], Gibraltar”. Als postadres is opgenomen: [A-straat 1], [Q] met vermelding van het privé telefoonnummer van [A];

  • -

    [A] is opgenomen op een door de rekeninghouder ondertekende lijst met tekeningbevoegde personen. Een handtekening van [A] ontbreekt op dit formulier, evenals de toelichting of hij alleen of gezamenlijk bevoegd is. Uit de bijgevoegde regeling blijkt dat een persoon bevoegd is om alleen te tekenen, tenzij anders is vermeld;

  • -

    Jyske Bank Gibraltar verleent met betrekking tot rekening [001] een beheersvolmacht aan [I];

  • -

    Jyske Bank Gibraltar verklaart dat [A] de uiteindelijk gerechtigde van de op naam van eiseres bij Jyske Bank (Schweiz) gestalde activa is;

  • -

    Jyske Bank (Schweiz) verstrekt een krediet van CHF 2.100.000 aan eiseres. Namens eiseres heeft Jyske Bank Gibraltar ondertekend;

  • -

    eiseres verleent een pandrecht aan Jyske Bank (Schweiz) voor alle bestaande en toekomstige aanspraken van de bank op haar;

  • -

    eiseres – Jyske Bank Gibraltar namens eiseres – en Jyske Bank (Schweiz) sluiten een ‘Trust Agreement for multiple investments’, waarbij wordt overeengekomen dat Jyske Bank (Schweiz) investeringen mag doen onder het voorbehoud dat eiseres schriftelijke instructies mag geven.

2.6

Op 19 januari 1999 heeft [A] een pandrecht verleend aan Jyske Bank (Schweiz) voor alle bestaande en toekomstige aanspraken van de bank op eiseres.

2.7

In een brief van 15 mei 2000 met onderwerp “omzetting lening [X]” heeft [A] verzocht aan [I] om zijn obligatielening om te zetten van Zwitserse franken naar Japanse yen.

2.8

In een brief van 3 april 2003 met onderwerp “rek.nr. [001] [X] Ltd” heeft [A] verzocht aan [I] om het saldo op de betreffende rekening zo spoedig mogelijk te beleggen in 5% obligaties DK.

2.9

[I] heeft in een brief van 15 juli 2003 aan eiseres en ter attentie van [A] geïnformeerd over de valutarisico’s op de yen.

2.10

[I] heeft op 2 mei 2005 een Nederlandstalige vermogensbeheerovereenkomst opgemaakt ten aanzien van de rekening met nummer [001]. Deze overeenkomst is geadresseerd ter attentie van [A]. De overeenkomst is ondertekend door Jyske Bank Gibraltar. Jyske Bank Gibraltar heeft op 3 juni 2005 per e-mail [I] verzocht om een Engelse toelichting op de overeenkomst. [I] is aan dit verzoek tegemoetgekomen en heeft een Engelse vertaling van de overeenkomst verstrekt. Vervolgens heeft Jyske Bank Gibraltar aan Jyske Bank (Schweiz), per e-mail onder meer het volgende verzonden:

“I have been in correspondence with you and [M] since June of this year asking for written permission from the beneficial owner of the Company.

I asked JB Zurich because the only accounts of the Company are at JB Zurich and was informed that you were the account manager and in direct contact with the client.

The directors will not sign the [I] agreement, without the express authority of the beneficial owner.

Since you are not able to obtain such permission from the beneficial owner, I will kindly ask you to let me have his contact details, i.e. mailing address, phone number and current e-mail address, so that I can contact him directly.”

Jyske Bank (Schweiz) heeft hierop geantwoord dat [I] contact op zal nemen met de uiteindelijk gerechtigde voor toestemming.

2.11

Op 8 oktober 2007 hebben Jyske Bank Gibraltar en Jyske Bank (Gibraltar) Management Ltd. beide hun aande(e)l(en) in eiseres overgedragen aan [O] Limited. Vanaf dezelfde datum treden Jyske Bank Gibraltar en Jyske Bank (Gibraltar) Secretaries Limited af als respectievelijk bestuurder en secretaris en worden voor deze functies benoemd [P] Limited respectievelijk [a] Limited.

2.12

[I] heeft [A] in een brief van 19 november 2008 verzocht om het risicoprofiel aan te vullen, waarna het profiel zal worden doorgestuurd naar [P] Limited voor akkoord en ondertekening. [A] heeft het ingevulde risicoprofiel ondertekend op 6 december 2008. In het risicoprofiel is onder meer opgenomen dat [A] de aandeelhouder is van eiseres. Voorts heeft [A] op 6 december 2008 een verklaring ondertekend waarin is opgenomen dat [A] als uiteindelijk gerechtigde van eiseres de overeenkomst accepteert en het bestuur van eiseres verzoekt om het risicoprofiel van [I] goed te keuren.

2.13

In een brief van 5 februari 2009 heeft [I] aangegeven dat volgens hun informatie [A] zowel gemachtigde als uiteindelijk gerechtigde is en heeft [A] gewaarschuwd voor mogelijke fiscale risico’s, zoals het mogelijke standpunt van de Belastingdienst dat de feitelijke leiding van eiseres zich in Nederland bevindt.

2.14

Per Nederlandstalige brief van 23 november 2009 zendt [I] een persoonlijk risicoprofiel aan [A] onder verwijzing naar een gesprek van 10 november 2009. In het dossier zit tevens een ingevuld risicoprofiel voor het cliëntnummer [001] onder vermelding van [X] Ltd. [A] heeft op 7 december 2009 een verklaring ondertekend waarin is opgenomen dat [A] als uiteindelijk gerechtigde van eiseres de overeenkomst accepteert en het bestuur van eiseres verzoekt om het risicoprofiel van [I] goed te keuren. [P] Limited heeft op 19 april 2010 in een bestuursbesluit akkoord gegeven voor het risicoprofiel en per dezelfde datum de brief van [I] voor akkoord ondertekend.

2.15

Uit een gespreksnotitie van 25 november 2010 van een telefonisch overleg tussen [I] en [A] volgt dat gesproken is over ontwikkelingen ten aanzien van de beleggingen, alsmede de opgevraagde informatie door verweerder. In de gespreksnotitie is onder meer het volgende opgenomen:

“(…). Hij ([A], aanvulling rechtbank) heeft voor het verstrekken van informatie aan de fiscus een specialist in de arm genomen, omdat hij vraagtekens zet bij de benaderwijze van de fiscus gezien zijn (on)betrokkenheid met het beheer van de [X] portefeuille. Hij vraagt zich ook af of [I] of JBZ daar niet een steek heeft laten vallen (?). Tot slot de verhuizing van JBZ naar JBC ter sprake gebracht en de motivatie voor dit besluit van Jyske Bank uitgedragen. [A] ziet geen problemen in verhuizing van de privé account, zodat we die procedure kunnen opstarten. Het account van [X] dient vooralsnog niet in de procedure te worden betrokken. Continuatie zal na afwerking van het belastingvraagstuk geen toegevoegde waarde meer hebben. [A] weet nog niet wat hij er mee wil gaan doen. (…).”

2.16

Per brief van 15 juli 2011 informeert [I] eiseres dat zij niet langer diensten zal verrichten ten behoeve van eiseres, nu zij haar portefeuille bij Jyske Bank (Schweiz) blijft aanhouden en deze niet overboekt naar Jyske Bank [b]. [A] heeft deze brief tevens ter informatie ontvangen.

2.17

Uit een gespreksnotitie van 9 augustus 2011 ter zake van een telefonisch overleg tussen [I] en [A] blijkt dat is gesproken over ontwikkelingen ten aanzien van zijn privé beleggingen. Voorts is het volgende in de gespreksnotitie is opgenomen:

“Tevens afgesproken dan de uit te voeren transacties per email aan hem te communiceren, zodat hij daar contact over kan opnemen met [c] (van Jyske Bank (Schweiz, aanvulling rechtbank) om de portefeuille van [X] op een vergelijkbare wijze aan te laten passen.”

2.18

[c] van Jyske Bank (Schweiz) heeft per e-mail van 23 september 2011 op een algemene vraag van [I] over de procedures en bevoegdheden van een uiteindelijk gerechtigde als volgt geantwoord:

“Normally contracts are not able to be signed by the BO/PA (Beneficial Owner/Power of Attorney, aanvulling rechtbank) only by the management. But money transfer are possible, when the person has got PA from the management. We check our signature list- you also have it in your file.”

2.19

Op 8 november 2011 dient eiseres nihilaangiften over de jaren 2005 tot en met 2009 in met de mededeling dat eiseres niet binnenlands belastingplichtig is in Nederland in de onderhavige jaren.

2.20

In haar pleitnota beschrijft eiseres de beleggingsstructuur als volgt:

“(…).

2. Dit interview (een interview met Lon Bergen in het tijdschrift Beleggers Belangen van september 1997, aanvulling rechtbank) wekt de interesse van de heer [A], en enige tijd later maakt hij een afspraak met de heer [d]. In dat gesprek valt het besluit dat voor de heer [A] de valutabeleggingsconstructie zal worden opgetuigd. Daarbij schuift [I] (lees: [I], aanvulling rechtbank) haar samenwerkingspartner de Deense Jyske Bank naar voren voor de juridische en praktische uitwerking van de voorgespiegelde constructie. De bank beschikt al over een vennootschap, of beter gezegd, over een reeks van vennootschappen, die voor dit doel worden ingezet. De heer [A] plaatst vervolgens een deel van zijn vermogen bij Jyske Bank in Zwitserland. Dit vermogen dient als onderpand voor een lening, die wordt gebruikt om te beleggen in Deense obligaties.

3. De structuur is bedacht door en staat onder leiding van Jyske Bank; [I] (lees: [I], aanvulling rechtbank) beheert in samenwerking met Jyske Bank de belegde gelden en is Jyske Bank middellijk aandeelhouder en bestuurder van [X]. Als de beleggingsactiviteiten van Jyske Bank (uitgevoerd door [I]) leiden tot een positief resultaat, heeft de heer [A] een vordering op Jyske Bank. Wordt er verlies geleden, dan komt het verlies ten laste van het vermogen van de heer [A] door uitwinning van het onderpand.”

(…).”

3 Geschil


In geschil is het antwoord op de volgende vragen:

- is het beroep van eiseres over de jaren 2006 tot en met 2009 ontvankelijk?

- is de vestigingsplaats van eiseres in de jaren 2001 tot en met 2009 in Gibraltar of in Nederland gelegen?

- indien geoordeeld dient te worden dat de vestigingsplaats van eiseres in Gibraltar is gelegen: beschikt eiseres alsdan over een vaste inrichting (of vaste vertegenwoordiger) in Nederland?

- indien eiseres in Nederland is gevestigd dan wel een vaste inrichting in Nederland heeft: is het gebruik van de verlengde navorderingstermijn van artikel 16, vierde lid, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (hierna: AWR) toegestaan?

4 Beoordeling van het geschil

Ten aanzien van de ontvankelijkheid (de jaren 2006 tot en met 2009)

4.1

Verweerder stelt zich op het standpunt dat de beroepen van eiseres gericht tegen de nihil-aanslagen en de daarbij afgegeven verliesbeschikkingen over de jaren 2006 tot en met 2009 niet-ontvankelijk dienen te worden verklaard wegens het ontbreken van een financieel belang. Toewijzing van de beroepen leidt immers niet tot een vermindering van de opgelegde aanslagen dan wel een verhoging van de vastgestelde verliezen.

4.2

In tegenstelling tot verweerder is de rechtbank van oordeel dat eiseres wel een belang heeft bij het instellen van beroep voor de jaren 2006 tot en met 2009. Eiseres heeft de ontvangen aangiftebiljetten over deze jaren niet ingevuld (nihilaangiften) en geretourneerd aan verweerder. Hierbij heeft eiseres zich uitdrukkelijk en gemotiveerd op het standpunt gesteld dat zij niet in Nederland belastingplichtig is. In deze jaren is derhalve de vraag aan de orde of eiseres al dan niet belastingplichtig is in Nederland en of verweerder derhalve terecht en op juiste gronden belastingaanslagen heeft opgelegd. Het belang voor eiseres is er alsdan in gelegen dat het instellen van beroep tegen deze aanslagen de enige mogelijkheid is om het geschil door de rechter te laten toetsen.

Ten aanzien van de vestigingsplaats

4.3

Op grond van het bepaalde in artikel 4, eerste lid, van de AWR dient de vestigingsplaats van een lichaam naar de omstandigheden te worden beoordeeld. In het algemeen moet ervan worden uitgegaan dat de werkelijke leiding van het lichaam berust bij zijn bestuur, en dat de vestigingsplaats overeenkomt met de plaats waar dit bestuur zijn leidinggevende taak uitoefent. Wanneer echter aannemelijk is dat de werkelijke leiding van het lichaam door een ander wordt uitgeoefend dan dat bestuur, kan er aanleiding zijn als vestigingsplaats van het lichaam aan te merken de plaats van waaruit die ander de leiding uitoefent (vgl. HR 23 september 1992, nr. 27 293, ECLI:NL:HR:1992:ZC5105, BNB 1993/193).

4.4

Vaststaat dat eiseres is opgericht naar het recht van Gibraltar en aldaar statutair is gevestigd. Het ligt dan op de weg van verweerder om feiten en omstandigheden te stellen en aannemelijk te maken waaruit volgt dat de vestigingsplaats van eiseres desalniettemin in Nederland is gelegen. Verweerder heeft daartoe gesteld dat de werkelijke leiding van eiseres niet wordt uitgeoefend door het in Gibraltar gevestigde statutaire (formele) bestuur, maar door [A] vanuit Nederland.

4.5

Vooropgesteld dient te worden dat de werkzaamheden die ten aanzien van eiseres dienen te worden verricht minimaal zijn. De activa van eiseres bestaan immers uitsluitend uit een bankrekening bij Jyske Bank (Schweiz) met nummer [001], met daaraan gekoppeld een effectendepot en een lening.

4.6

Het formele bestuur van eiseres heeft een algemene en onbeperkte volmacht afgegeven aan [A]. [A] heeft herhaaldelijk van deze volmacht gebruik gemaakt. [A] heeft hierover geen verantwoording afgelegd aan de volmachtgever (hetgeen op basis van de volmacht ook niet vereist was). De rechtbank wijst daartoe op de volgende door [A] verrichte werkzaamheden:

  • -

    de omzetting van de obligatielening van Zwitserse Franken in Japanse Yens waarbij van enige inbreng door het formele bestuur niet is gebleken;

  • -

    de opdracht om het saldo op de rekening van eiseres te beleggen in 5% obligaties in Deense Kronen;

  • -

    [A] – en niet het formele bestuur – wordt door [I] op de hoogte gesteld van de afdekking van valutarisico’s op de Japanse Yen;

  • -

    het formele bestuur wenste expliciete toestemming van [A] voor het ondertekenen van de vermogensbeheerovereenkomst in 2005. Naast het feit dat deze overeenkomst in eerste instantie in de Nederlands was opgesteld blijkt dat er direct contact is tussen Jyske Bank (Schweiz) en [A], en niet tussen Jyske Bank (Schweiz) en het formele bestuur.

4.7

Voorts zijn de risicoprofielen ten aanzien van de beleggingen van eiseres over de jaren 2008 en 2009 vastgesteld aan de hand van door [A] verstrekte gegevens. Deze profielen zijn door het formele bestuur – na een verzoek daartoe van [A] – goedgekeurd.

4.8

Daarnaast wordt uitsluitend [A] en niet het formele bestuur op de hoogte gehouden over de stand van zaken ten aanzien van de bankrekening en de beleggingen. De rechtbank wijst op de volgende feiten en omstandigheden:

  • -

    bij opening van de bankrekening is het woonadres van [A] als postadres opgegeven;

  • -

    de financiële overzichten en de jaarlijkse financiële samenvattingen zijn ter attentie van [A] met postadres [Q] toegezonden;

  • -

    [A] is de contactpersoon voor [I].

4.9

Voorts zijn door het formele bestuur geen jaarcijfers opgesteld en is op geen enkele wijze rekening en verantwoording afgelegd van de door hen verrichte werkzaamheden.

4.10

Uit de stukken van het geding blijkt ook niet dat het statutaire (formele) bestuur enige actieve bemoeienis had met de door eiseres ontplooide beleggingsactiviteiten. In dit kader acht de rechtbank het illustratief dat het formele bestuur niet op de hoogte was wie haar accountmanager bij Jyske Bank was. Dit wordt naar het oordeel van de rechtbank bevestigd door de door eiseres in haar pleitnota opgenomen beschrijving van de onderhavige beleggingsstructuur.

4.11

Dit leidt tot de conclusie dat de directie van eiseres vanaf haar oprichting in 1998, en dus ook in de onderhavige jaren, materieel door [A] vanuit Nederland werd gevoerd. Dit houdt in dat in deze jaren op grond van artikel 4 van de AWR Nederland als vestigingsplaas van eiseres moet worden beschouwd omdat haar feitelijke leiding daar is gelegen. Het door eiseres aangevoerde is van onvoldoende gewicht om anderszins te concluderen.

Ten aanzien van de verlengde navorderingstermijn

4.12

Uit het vorenstaande volgt dat sprake is van een Nederlands belastingplichtig lichaam met vermogensbestanddelen in Zwitserland. De navorderingsaanslagen over de jaren 2001 tot en met 2005 zijn aan eiseres opgelegd met gebruikmaking van de verlengde navorderingstermijn. Eiseres heeft aangevoerd dat deze regeling in strijd is met het EG-recht.

De Hoge Raad heeft in zijn arresten van 26 februari 2010 (nrs. 43 050bis en 43 670bis, ECLI:NL:HR:2010:BJ9092 en ECLI:NL:HR:2010:BJ9120) uit het arrest van het Hof van Justitie van 11 juni 2009 (X en E.H.A. Passenheim-van Schoot, zaken C-155/08 en C-157/08, Jur. 2009, blz. I-05093, LJN:BI8987) regels afgeleid die in acht moeten worden genomen bij het opleggen van een navorderingsaanslag met toepassing van de verlengde navorderingstermijn. Anders dan eiseres kennelijk bepleit ziet genoemde jurisprudentie slechts op (inkomsten uit) binnen de Europese Unie aangehouden vermogensbestanddelen.

4.13

De navorderingsaanslagen zijn opgelegd in verband met de bankrekening van eiseres in Zwitserland, welk land geen deel uitmaakt van de Europese Unie. In beginsel geldt de vrijheid van kapitaalverkeer op grond van artikel 56 van het EG-Verdrag (thans artikel 63 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (hierna: VwEU)) ook met betrekking tot derde landen. Echter artikel 57 van het EG-Verdrag (thans artikel 64 VwEU) maakt daarop een uitzondering voor op 31 december 1993 volgens het nationale recht bestaande wettelijke belemmeringen voor zover deze zien op directe investeringen, vestiging, het verrichten van financiële diensten en de toelating van waardepapieren tot kapitaalmarkten. Het vierde lid van artikel 16 van de AWR, waarin de verlengde navorderingstermijn is opgenomen, is ingevoerd bij de Wet van 22 mei 1991, Stb. 1991, 264. Hieruit volgt dat sprake is van een op 31 december 1993 bestaande belemmering. Voorts is naar het oordeel van de rechtbank bij het openen en aanhouden van een bankrekening sprake van financiële dienstverlening. Artikel 63 van het Vw-EU staat daarom niet aan toepassing van de verlengde navorderingstermijn in de weg.

Slotoverwegingen

4.14

Nu eiseres geen afzonderlijke beroepsgronden tegen de in rekening gebrachte heffingsrente heeft aangevoerd, dienen ook de beroepen inzake de beschikkingen heffingsrente ongegrond te worden verklaard.

4.15

Gelet op het vorenoverwogene dienen de beroepen ongegrond te worden verklaard.

5 Proceskosten

De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.

6 Beslissing

De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. A.M.F. Geerling, voorzitter, mr. G.H.W. Bodt en
mr. drs. L.B.M. Klein Tank, rechters, in tegenwoordigheid van mr. drs. S.J. Willems-Ruesink, griffier.

De griffier, De voorzitter,

Uitgesproken in het openbaar op: 17 oktober 2013

Afschrift aangetekend verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kunnen partijen binnen zes weken na de verzenddatum hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (belastingkamer), Postbus 9030, 6800 EM Arnhem.

Bij het instellen van hoger beroep dient het volgende in acht te worden genomen:

1 - bij het beroepschrift wordt een afschrift van deze uitspraak overgelegd;
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;

b. een dagtekening;

c. een omschrijving van de uitspraak waartegen het hoger beroep is ingesteld;

d. de gronden van het hoger beroep.