Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBGEL:2013:3354

Instantie
Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak
24-09-2013
Datum publicatie
27-09-2013
Zaaknummer
13/2453
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Wraking
Inhoudsindicatie

De rechtbank verklaart het wrakingsverzoek niet-ontvankelijk nu het wrakingsverzoek is ingediend nadat uitspraak is gedaan.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK GELDERLAND

Zittingsplaats Arnhem

Wrakingskamer

zaaknummer : 13/2453

Beschikking van 24 september 2013

in de zaak van

[verzoeker] ,

wonende te [woonplaats]

verzoeker tot wraking,

tegen

H.J. Klein Egelink, in zijn hoedanigheid van rechter.

1 De procedure

Bij faxbericht, ontvangen op 10 september 2013, te 14.48 uur, heeft verzoeker in de zaak met registratienummer AWB 13/2453 een wrakingsverzoek ingediend.

2 Het wrakingsverzoek

2.1

Het verzoek tot wraking is gericht tegen mr. H.J. Klein Egelink als rechter in de zaak met registratienummer AWB 13/2453 tussen [naam eiser] en de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV).

2.2

Verzoeker heeft het volgende aan zijn verzoek ten grondslag gelegd.
Mr. H.J. Klein Egelink heeft gehandeld met vooringenomenheid door verzoeker bij telefonische mededeling niet-ontvankelijk te verklaren. Hierbij is geen hoor en wederhoor toegepast. Verzoeker heeft op 10 september 2013 's-ochtends telefonisch aan een griffiemedewerker informatie doorgegeven over onder meer de procesvertegenwoordiging door DAS Rechtsbijstand, met het verzoek dit mondeling aan de rechter, c.q. de secretaris door te geven.

3 De beoordeling

3.1

Bij uitspraak van 10 september 2013 heeft mr. H.J. Klein Egelink, als voorzieningenrechter van de rechtbank Gelderland, team bestuursrecht, belast met de behandeling van de zaak met registratienummer AWB 13/2453, met toepassing van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), dus zonder dat een zitting heeft plaatsgevonden, het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen, wegens het kennelijk ontbreken van spoedeisend belang.

3.2

Het verzoek tot wraking is gedaan na de door mr. H.J. Klein Egelink gegeven beslissing in de hiervoor genoemde zaak, die in het openbaar is uitgesproken op

10 september 2013, te 8.45 uur.

De Awb voorziet niet in de mogelijkheid tot het indienen van een wrakingsverzoek nadat uitspraak is gedaan. Wraking is immers slechts mogelijk wanneer de betrokken rechter de zaak (nog) behandelt.

3.3

Op grond van het vorenstaande is het wrakingsverzoek kennelijk niet-ontvankelijk, zodat zonder zitting uitspraak wordt gedaan.

4 De beslissing

De rechtbank

verklaart het wrakingsverzoek niet-ontvankelijk.

Deze beschikking is gegeven door mr. L. van Gijn, voorzitter en mrs. H.P.M. Kester-Bik en N.K. van den Dungen-Dijkstra, rechters, in tegenwoordigheid van de griffier mr. B.C.C. van den Bosch en in het openbaar uitgesproken op 24 september 2013.

De griffier, de voorzitter,

Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.