Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBDOR:2010:BM2484

Instantie
Rechtbank Dordrecht
Datum uitspraak
21-04-2010
Datum publicatie
27-04-2010
Zaaknummer
62426 - HA ZA 05-2847
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Geschil over geleverd leer. Na rapporten van verschillende (partij) deskundigen en 2 comparities; een beslissing genomen. Weens Koopverdrag.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK DORDRECHT

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 62426 / HA ZA 05-2847

Vonnis van 21 april 2010

in de zaak van

de vennootschap naar Italiaans recht

WORLD SKINS S.R.L.,

gevestigd te Castelfranco di Sotto (Pisa),

eiseres in conventie,

verweerster in reconventie,

procesadvocaat: mr. C.F.W.A. Hamm te Dordrecht, namens

behandelend advocaat mr. J.J. Versluijs te ’s-Hertogenbosch,

tegen

1. de vennootschap onder firma

[eiser 1],

gevestigd te Arkel,

2. [eiser 2],

wonende te Arkel,

3. [eiser 3],

wonende te Arkel,

gedaagden in conventie,

eisers in reconventie,

procesadvocaat: mr. L.R.T. Peeters te Dordrecht, namens

behandelend advocaat mr. E.C. van der Spek te Heemstede.

Eiseres in conventie, verweerster in reconventie zal hierna worden aangeduid als World Skins, gedaagden in conventie, eisers in reconventie gezamenlijk ook wel als [gedaagden].

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het tussenvonnis van 18 maart 2009 en de daarin genoemde stukken,

- de rolbeslissing van 10 juni 2009,

- het deskundigenbericht van 11 augustus 2009, met akte van depot van 13 augustus 2009,

- de conclusie na deskundigenbericht van World Skins,

- de conclusie na deskundigenbericht, tevens akte vermeerdering van eis in reconventie van [gedaagden],

- de antwoordakte vermeerdering van eis in reconventie van World Skins.

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De verdere beoordeling in conventie en in reconventie

toepasselijk recht

2.1. Aan het geschil ligt een koopovereenkomst ten grondslag met betrekking tot roerende zaken tussen partijen die in Italië en Nederland zijn gevestigd. Op deze overeenkomst is het Verdrag der Verenigde Naties inzake internationale koopovereenkomsten betreffende roerende zaken van toepassing (Weens Koopverdrag).

2.2. Voor kwesties die niet uitputtend door dit verdrag zijn geregeld, geldt het krachtens de regels van internationaal privaatrecht toepasselijke recht. Omdat World Skins met de levering van het leer de meest kenmerkende prestatie van de overeenkomst heeft verricht, is dit het Italiaanse recht (artikel 1 lid 1 jo. artikel 4 lid 2 van het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst).

beantwoorden aan de overeenkomst

2.3. World Skins heeft aan [gedaagden] verschillende kleuren leer geleverd: rood, geel en blauw leer in totaal voor een bedrag van € 1.195,44 en zwart, donker- en middenbruin leer in totaal voor een bedrag van € 53.840,81. In geding is de vraag of het zwarte, donker- en middenbruine leer aan de overeenkomst beantwoordt.

2.4. De kwaliteit van het leer dat World Skins heeft geleverd, dient te voldoen aan de overeengekomen eisen. Het leer beantwoordt slechts dan aan de overeenkomst indien het geschikt is voor de doeleinden waarvoor leer van dezelfde omschrijving gewoonlijk zou worden gebruikt. World Skins is aansprakelijk voor elk niet beantwoorden van het leer aan de overeenkomst, indien dit is te wijten aan een tekortkoming in de nakoming van een van haar verplichtingen.

2.5. De deskundige die in dit kader is benoemd, heeft naar aanleiding van de aan haar voorgelegde vragen – kort samengevat – het volgende geconcludeerd.

Het leer vertoont een witte uitslag, beschadigingen en vlekken. De witte verkleuring is het gevolg van een substantie van cyclisch en aromatische structuur en significant hogere waardes van dichlormethane (partijen spreken ook wel over dichromethane) extraheerbare substanties dan men normaal kan verwachten. De beschadigingen en vlekken zijn het gevolg van een verkeerde technologische bewerking. Het betreft gebreken die bij de productie van het leer zijn veroorzaakt.

2.6. [gedaagden] heeft het deskundigenbericht onderschreven en stelt dat eruit blijkt dat het leer voor verwerking ongeschikt is. World Skins heeft geconcludeerd dat het bericht buiten beschouwing moet worden gelaten en dat een nieuwe deskundige moet worden benoemd. Zij heeft hieraan een in haar opdracht opgesteld rapport van TNO ten grondslag gelegd en

– samengevat – het volgende aangevoerd:

a. De deskundige heeft het beginsel van hoor en wederhoor niet in acht genomen.

b. De deskundige heeft het bericht niet in overeenstemming met de wettelijke normen en de Leidraad deskundigen in civiele zaken opgesteld door geen concept aan partijen te sturen.

c. Het door de deskundige uitgevoerde onderzoek voldoet niet aan de eisen die daaraan kunnen worden gesteld.

d. De deskundige heeft haar conclusie en de onderliggende gronden onvoldoende en onduidelijk gemotiveerd.

2.7. Het verzoek om een nieuwe deskundige te benoemen wordt afgewezen. World Skins wilde in een eerder stadium van de procedure dat BLC Leather Technology Centre Ltd (BLC) als deskundige zou worden benoemd. [gedaagden] heeft toen zelf rechtstreeks BLC benaderd. Achteraf blijkt dat ook World Skins in een eerder stadium zelf een deskundige, Stazione Sperimentale per l’Industria delle Pelli e delle Materie Concianti (SSIP), heeft benaderd. In de procedure is zowel het rapport van [gedaagden] partijdeskundige BLC als het rapport van de partijdeskundige van World Skins SSIP overgelegd. Door ieder van partijen wordt aangevoerd dat de door haar aangezochte deskundige enkele leerproducten van [gedaagden] heeft onderzocht. Kort gezegd, voldoet volgens SSIP het door World Skins geleverde leer aan de daaraan te stellen eisen, terwijl volgens BLC dit nu juist niet het geval is.

2.7.1. Thans ligt er een rapport van een derde, door de rechtbank benoemde, deskundige, te weten het Textile Lab. Deze deskundige stelt, samengevat, dat het door World Skins geleverde leer niet voldoet aan de daaraan te stellen eisen.

2.7.2. De bezwaren van World Skins en het door haar ingeschakelde TNO tegen dit rapport zijn met name gericht op de wijze waarop de deskundige haar onderzoek heeft uitgevoerd en opgeschreven. De bezwaren die volgens World Skins/TNO aan het onderzoek kleven, zoals bijvoorbeeld de beperkte steekproefomvang, gaan er aan voorbij dat door partijen ter gelegenheid van de comparitie van partijen is overeengekomen dat het voorschot van de deskundige maximaal £ 1000 tot £ 1500 mocht bedragen. Het thans door World Skins althans het door haar ingeschakelde TNO voorgestane onderzoek zou een veelvoud hebben gekost van het door partijen overeengekomen bedrag. Waarbij nog wordt opgemerkt dat het door partijen destijds vastgestelde budget voor onderzoek reeds is overschreden.

2.7.3. Bovendien wordt door World Skins/TNO aangevoerd dat de steekproef niet representatief is, er hadden 80 leerproducten moeten worden onderzocht door Textile Lab. Gesteld noch gebleken is echter dat een steekproef van die omvang tot een andere uitkomst van het onderzoek had geleid en dat de conclusies van Textile Lab dus ondeugdelijk zijn.

2.7.4. Voorts merkt World Skins bij akte op dat het al dan niet aanwezig zijn van vloeipapier en plastic zakjes en de mogelijke interactie met het leer een aspect is wat nader onderzocht had moeten worden. Dat dit door World Skins thans genoemde aspect niet in de vraagstelling aan de deskundige is betrokken, is het gevolg van het feit dat dit aspect niet eerder in de discussie tussen partijen een rol heeft gespeeld. World Skins heeft dit aspect dus zelf niet eerder in de procedure naar voren gebracht. Ook niet toen zij in de gelegenheid was om zich uit te laten over de vraagstelling aan de deskundige.

2.7.5. Tot slot wordt overwogen dat de door TNO in opdracht van World Skins verrichte contra-expertise uitsluitend ziet op het rapport van Textile Lab; TNO heeft zelf geen leerproducten onderzocht.

2.7.6. Met inachtneming van al het vorenstaande worden de bezwaren van World Skins gepasseerd.

2.8. Op grond van de conclusie van de deskundige en de daaraan ten grondslag gelegde onderzoeken acht de rechtbank zich voldoende voorgelicht. Het standpunt van de deskundige komt haar overtuigend voor en zal worden overgenomen.

2.9. Uit de stellingen van partijen volgt dat het leer, geleverd in onbewerkte vellen, bestemd was voor verdere verwerking tot onder meer agenda’s, tassen en portemonnees. Leer van het geleverde type wordt gewoonlijk voor dergelijke eindproducten gebruikt. Het zwarte, donker- en middenbruine leer is door de geconstateerde gebreken echter voor dit doel ongeschikt. Het beantwoordt dan ook niet aan de overeenkomst. Omdat de gebreken hun oorsprong vinden in het productieproces, is dit niet beantwoorden te wijten aan een tekortkoming in de nakoming van de verplichtingen van World Skins.

verlies van rechten

2.10. World Skins heeft gesteld dat [gedaagden] het leer voor de verwerking had moeten keuren en dat zij te laat over gebreken heeft geklaagd. [gedaagden] heeft hiertegen aangevoerd dat de gebreken pas na de verwerking zichtbaar werden en dat zij toen direct bij de tussenpersoon en niet veel later rechtstreeks bij World Skins heeft geklaagd.

2.11. [gedaagden] diende het leer binnen een, gelet op de omstandigheden zo kort mogelijke, termijn te keuren. Zij verliest het recht om zich erop te beroepen dat het leer niet aan de overeenkomst beantwoordt, indien zij World Skins hiervan niet binnen een redelijke termijn nadat zij dit heeft ontdekt of had behoren te ontdekken in kennis stelt.

2.12. Tussen partijen staat vast dat de tussenpersoon namens [gedaagden] een paar van de in februari 2003 geleverde vellen leer heeft gecontroleerd. [gedaagden] heeft daarmee aan haar verplichting om te keuren voldaan omdat de keuringsverplichting met zich brengt dat dit steeksproefgewijze kan geschieden. Van [gedaagden] hoeft niet te worden verwacht dat zij elk vel leer aan een keuring onderwerpt. [gedaagden] heeft kort nadat zij de eindproducten in april en juni 2003 uit India en Roemenië had ontvangen bij de tussenpersoon en bij World Skins geklaagd (zie de brief van 3 juli 2003, productie 3 bij dagvaarding). Zij heeft zich daarmee binnen een redelijke termijn na het ontdekken van de tekortkoming op het niet beantwoorden van het leer aan de overeenkomst beroepen.

verplichting tot betaling

2.13. [gedaagden] heeft zich tegen de vordering tot nakoming in conventie verweerd met de stelling dat zij niet is gehouden de koopprijs van het ongeschikte leer te betalen. World Skins heeft dit betwist met de stelling dat zij geschikt leer heeft geleverd.

2.14. [gedaagden] is in beginsel verplicht de koopprijs te betalen. World Skins kan dit niet van [gedaagden] eisen, indien laatstgenoemde een recht heeft uitgeoefend dat onverenigbaar is met deze eis. Zo geldt dat [gedaagden] de koopprijs kan verlagen, indien het leer niet aan de overeenkomst beantwoordt.

2.15. De rechtbank begrijpt dat [gedaagden] zich op laatstgenoemde bepaling heeft beroepen. Uit de conclusie dat het zwarte, donker- en middenbruine leer door de witte uitslag, beschadigingen en vlekken voor de verwerking tot eindproducten ongeschikt is, volgt tevens dat [gedaagden] bevoegd was de koopprijs te verlagen tot nihil. Het terzake in conventie gevorderde bedrag van € 53.840,81 zal dan ook worden afgewezen.

2.16. [gedaagden] heeft het rode, gele en blauwe leer in orde bevonden. Het hiervoor in rekening gebrachte en in conventie gevorderde bedrag van € 1.195,44 ligt dan ook voor toewijzing gereed.

vermeerdering van eis in reconventie

2.17. [gedaagden] heeft haar vordering tot schadevergoeding ad € 29.963,45 na het deskundigenbericht vermeerderd tot een bedrag van € 45.814,73. World Skins heeft hiertegen onder meer bezwaar gemaakt met de stelling dat dit in strijd is met de eisen van een goede procesorde, omdat zij hierdoor onredelijk wordt bemoeilijkt in haar verweer.

2.18. In beginsel is [gedaagden] bevoegd haar vordering te vermeerderen zolang nog geen eindvonnis is gewezen. World Skins is bevoegd hiertegen bezwaar te maken, op grond dat de vermeerdering in strijd is met de eisen van een goede procesorde (artikel 130 lid 1 Rv).

Omdat World Skins voldoende gelegenheid heeft om op de bij vermeerdering van eis opgevoerde kosten te reageren, wordt deze toegestaan.

2.19. Omdat [gedaagden] ter onderbouwing van deze kosten slechts facturen heeft overgelegd zonder nadere toelichting, zal het gedeelte van de vordering dat de oorspronkelijke vordering overstijgt als onvoldoende onderbouwd worden afgewezen.

schadevergoeding

2.20. [gedaagden] heeft in reconventie schadevergoeding gevorderd ter zake van productiekosten die voor de verwerking van het ongeschikte leer in India en Roemenië zijn gemaakt. Zij heeft gesteld dat deze kosten tevergeefs zijn gemaakt, omdat de eindproducten onverkoopbaar zijn dan wel uit de markt zijn gehaald in verband met klachten van klanten. World Skins heeft betwist dat [gedaagden] schade heeft geleden en zij wenst dit te controleren door de voorraad eindproducten vast te stellen. De kosten voor de verwerking zouden volgens haar hoe dan ook zijn gemaakt. Zij stelt verder dat [gedaagden] de schade had kunnen beperken, door het leer niet te laten verwerken en door de witte uitslag te verhelpen.

2.21. [gedaagden] kan van World Skins schadevergoeding vorderen, bestaande uit een bedrag gelijk aan de schade die zij als gevolg van de tekortkoming lijdt. Deze vergoeding mag niet hoger zijn dan de schade die World Skins bij het sluiten van de overeenkomst voorzag of had behoren te voorzien als mogelijk gevolg van de tekortkoming, gegeven de feiten die zij kende of die zij had behoren te kennen. Van [gedaagden] mag worden verwacht dat zij redelijke maatregelen treft om de schade te beperken. Indien zij dit nalaat, kan World Skins een vermindering van de schadevergoeding verlangen ten belope van het bedrag waarmee het verlies had moeten worden beperkt.

2.22. Tussen partijen staat vast dat [gedaagden] voor de verwerking van het leer tot eindproducten kosten heeft gemaakt. Uit de vaststelling dat het zwarte, donker- en middenbruine leer voor deze verwerking ongeschikt was, volgt reeds dat deze kosten tevergeefs zijn gemaakt. Omdat dit een voorzienbaar gevolg is van de tekortkoming, kunnen de kosten als schade worden gevorderd. Daarbij is niet van belang of [gedaagden] de eindproducten nog in voorraad heeft. De stelling dat [gedaagden] iets aan de witte uitslag had kunnen doen wordt verworpen, omdat niet is gesteld welke acties [gedaagden] dan had moeten ondernemen, noch is gebleken dat de gebreken zich voor herstel lenen.

2.23. Met betrekking tot de kosten die voor de verwerking van het zwarte en donkerbruine leer in India en Roemenië en het middenbruine leer in India zijn gemaakt, ligt een totaalbedrag van € 26.556,64 voor toewijzing gereed.

2.24. Uit de e-mail van 11 april 2003 (productie 3 bij dagvaarding) blijkt dat [gedaagden] door de verwerker in Roemenië voor de ongeschiktheid van het middenbruine leer is gewaarschuwd en in de gelegenheid is gesteld de verwerking van dit leer te voorkomen. Omdat zij dit heeft nagelaten, blijven de kosten ad € 3.406,81 voor haar eigen rekening.

rente

2.25. Indien een partij tekort schiet in de betaling van enig achterstallig bedrag, heeft de ander recht op rente hierover.

2.26. Het in conventie toe te wijzen bedrag ter zake van het rode, gele en blauwe leer diende volgens de factuur van 27 februari 2003 binnen dertig dagen te worden betaald. De hierover gevorderde rente kan dan ook worden toegewezen vanaf 29 maart 2003.

2.27. De in reconventie toe te wijzen schadevergoeding is verschuldigd vanaf het moment dat World Skins in verzuim is gekomen. Nu dit moment niet concreet door [gedaagden] is genoemd, zal de rente conform de subsidiaire vordering worden toegewezen vanaf het moment waarop de reconventionele vordering is ingesteld, te weten 26 juli 2006.

2.28. In het Weens Koopverdrag ontbreekt een regeling omtrent de rentevoet, daarom zal de rente volgens Italiaans burgerlijk recht worden toegewezen.

incassokosten

2.29. Daar de vordering van World Skins grotendeels wordt afgewezen, zal ook de gevorderde vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten worden afgewezen.

proceskosten

2.30. World Skins zal als grotendeels in het ongelijk gestelde partij in conventie worden veroordeeld in de proceskosten, aan de zijde van [gedaagden] begroot op:

- vast recht € 1.210,00

- conclusie voor tussenvonnis € 894,00 (1 punt x tarief € 894,00 )

- conclusie na tussenvonnis € 447,00 (0,5 punt x tarief € 894,00)

- akten ter rolle met bijzondere inhoud € 1.788,00 (4 x 0,5 punt x tarief € 894,00)

- comparities € 1.788,00 (2 x 1 punt x tarief € 894,00)

- kosten deskundige € 2.082,50

Totaal € 8.209,50

2.31. Nu partijen in reconventie over en weer deels in het ongelijk worden gesteld, zal de rechtbank die proceskosten compenseren.

beslagkosten

2.32. De gevorderde beslagkosten worden afgewezen nu World Skins grotendeels in conventie in het ongelijk is gesteld.

3. De beslissing

De rechtbank

in conventie

3.1. veroordeelt [eiser 1], [eiser 2] en [eiser 3], hoofdelijk om aan World Skins te betalen een bedrag van € 1.195,44, te vermeerderen met de rente volgens Italiaans burgerlijk recht over het nog niet betaalde deel van dit bedrag vanaf 29 maart 2003 tot de dag van volledige betaling,

3.2. veroordeelt World Skins in de proceskosten, aan de zijde van [eiser 1], [eiser 2] en [eiser 3], begroot op € 8.209,50

3.3. verklaart het vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

3.4. wijst het meer of anders gevorderde af,

in reconventie

3.5. veroordeelt World Skins om aan [eiser 1], [eiser 2] en [eiser 3], te betalen een bedrag van € 26.556,64, te vermeerderen met de rente volgens Italiaans burgerlijk recht over het nog niet betaalde deel van dit bedrag vanaf 26 juli 2006 tot de dag van volledige betaling,

3.6. compenseert de proceskosten in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt,

3.7. verklaart het vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

3.8. wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. A. Eerdhuijzen en in het openbaar uitgesproken op 21 april 2010.?