Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBDOR:2010:BL2033

Instantie
Rechtbank Dordrecht
Datum uitspraak
27-01-2010
Datum publicatie
04-02-2010
Zaaknummer
81061 / HA ZA 09-2352
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Overeenkomst van opdracht. Betwisting opdracht, werkzaamheden en uurtarief. Vordering afgewezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK DORDRECHT

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 81061 / HA ZA 09-2352

Vonnis van 27 januari 2010

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid La Casa Holding B.V.,

gevestigd te Rotterdam,

advocaat: mr. A. Quispel,

eiseres,

tegen

[gedaagde],

wonende te Oud-Beijerland,

advocaat: mr. H.J. Sepers,

gedaagde.

Partijen worden hierna aangeduid als La Casa respectievelijk [gedaagde].

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het tussenvonnis van 19 augustus 2009;

- het proces-verbaal van comparitie van 2 november 2009 en de daarin genoemde stukken.

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

Als enerzijds gesteld en anderzijds niet of onvoldoende weersproken, alsmede op grond van de inhoud van de overgelegde producties, voor zover niet betwist, staat het volgende tussen partijen vast.

2.1. [gedaagde] heeft een gedeelte van zijn vermogen geïnvesteerd in percelen grond en onroerend goed in Turkije.

2.2. [gedaagde] is op een zeker moment in contact gekomen met [betrokkene 1] (hierna [betrokkene 1]). Op 8 maart 2007 heeft [betrokkene 1] La Casa opgericht.

2.3. Op 7 juli 2008 heeft La Casa een e-mail aan [gedaagde] verzonden, waarin – voor zover relevant – het volgende staat.

“(…) Betreft: opdrachtbevestiging

Opdrachten

- Totale investering van de heer [gedaagde] in Koopwel B.V. uitrekenen.

- Totale investering van de heer [gedaagde] in Garanti Everli L.T.D. uitrekenen.

- Totale investering van de heer [gedaagde] in Wellness Resort L.T.D. uitrekenen.

- Totale lening aan [betrokkene 1] met rente uitrekenen.

- Totale lening aan La Casa Holding B.V. met rente uitrekenen.

- Na het berekenen van de totale investeringen en de leningen wordt er een vergadering gepland om het door te nemen.

- Alle overzichten en alle contracten die er zijn worden opgestuurd naar de heer [gedaagde].

Zoals afgesproken zal La Casa Holding B.V. per uur 40,- euro exclusief 19% BTW bij u in rekening brengen. (…)”.

2.4. [gedaagde] heeft een schriftelijke verklaring ondertekend waarin – voor zover relevant het volgende – staat.

“Hierbij verklaar ik, de heer [gedaagde], dat ik de volgende stukken in goede orde heb ontvangen van de heer [betrokkene 1].

- Bedrijfsconstructies.

- Koopovereenkomsten, 141.000 m2 & 96.000 m2.

- Leningsovereenkomsten (Notariële aktes) Garanti Everli L.T.D. 565.000 euro, 120.000 euro Koopwel B.V., 120.000 euro [betrokkene 1], 57.000 euro La Casa Holding B.V. en 10.000 euro Garanti Everli L.T.D.

- Overeenkomsten en besluiten van [gedaagde], [betrokkene 2] en [betrokkene 1]. Koopwel B.V.

- Overeenkomsten tussen [gedaagde] & [betrokkene 3].

- Overzicht, bijschrijvingen van Wellness Resort LTD. Euro rekening Kusadasi.

- Overzicht, afschrijvingen en bijschrijvingen van Garanti Everli LTD. (Euro rekening Kusadasi, YTL rekening Kusadasi en euro rekening Nederland.).

(…)”.

2.5. [gedaagde] heeft op 29 september 2009 een schriftelijke verklaring ondertekend waarin – voor zover relevant het volgende – staat.

“Hierbij verklaar ik, de heer [gedaagde], dat ik de volgende stukken in goede orde heb ontvangen van de heer [betrokkene 1].

- Overzicht vaste lasten en betalingen van de maand september (zie bijlage).

- Kopie van het besluitenboek.

- Kopieën van de volmacht ([gedaagde] / [betrokkene 1]).

- Kopieën van de rechtszaak tussen de heer [betrokkene 4] en Garanti Everli L.T.D. (…)”.

2.6. La Casa heeft aan [gedaagde] de volgende facturen verzonden:

- op 5 oktober 2008: factuur 4-2008-10 ad € 1.687,08;

- op 6 oktober 2008: factuur 3-2008-10 ad € 11.519,20;

- op 17 oktober 2008: factuur 5-2008-10 ad € 10.650,50.

[gedaagde] heeft deze facturen niet betaald.

3. Het geschil

3.1. La Casa vordert – samengevat – dat [gedaagde] bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, zal worden veroordeeld tot betaling van:

- € 23.754,78 aan hoofdsom;

- € 1.190,- aan buitengerechtelijke incassokosten;

- vermeerderd met de wettelijke rente en de proceskosten.

3.2. La Casa legt aan haar vordering het volgende ten grondslag. Tussen partijen bestaat een overeenkomst van opdracht waarbij La Casa zich jegens [gedaagde] verplicht heeft om werkzaamheden te verrichten. Als tegenprestatie zijn partijen een uurtarief van € 40,- (exclusief btw) voor de werkzaamheden in Nederland en € 125,- (exclusief btw) voor de werkzaamheden in Turkije overeengekomen. [gedaagde] dient zijn betalingsverplichting na te komen.

3.3. [gedaagde] heeft de vordering betwist en concludeert tot afwijzing van de vorderingen.

4. De beoordeling

4.1. Ter comparitie heeft La Casa de grondslag van haar eis aldus gewijzigd dat partijen een uurtarief van € 125,- voor de werkzaamheden in Turkije en € 40,- voor de werkzaamheden in Nederland zijn overeengekomen. Hiervan zal in de beoordeling van het geschil worden uitgegaan.

4.2. Het verweer van de Weerd dat tussen partijen geen rechtsverhouding bestaat omdat niet La Casa maar [betrokkene 1] in privé werkzaamheden heeft verricht voor hem wordt gepasseerd omdat uit de processtukken blijkt dat [betrokkene 1] onder de naam La Casa correspondeerde met [gedaagde] en ook onder die naam facturen verzond aan [gedaagde].

Ten aanzien van de facturen 3-2008-10 en 4 2008-10

4.3. [gedaagde] erkent dat hij de stukken die vermeld staan op de schriftelijke verklaringen (zie 2.2 en 2.4) in ontvangst heeft genomen, maar hij betwist opdracht te hebben gegeven om die stukken te vervaardigen.

Overwogen wordt als volgt. De stukken die de [gedaagde] in ontvangst heeft genomen vloeien voort uit de werkzaamheden die genoemd staan op de facturen 3-2008-10 en 4 2008-10. Deze werkzaamheden lijken qua omschrijving binnen de overeengekomen opdracht te vallen en komen grotendeels voor in de e-mailcorrespondentie tussen partijen. Gelet hierop lag het op de weg van [gedaagde] om te onderbouwen waarom volgens hem die werkzaamheden niet onder de opdracht vallen, en waarom hij de stukken die hieruit voortvloeien desondanks toch in ontvangst heeft genomen. Nu hij dit heeft nagelaten komt vast te staan dat hij opdracht heeft gegeven aan La Casa om de werkzaamheden te verrichten die vermeld staan op de facturen 3-2008-10 en 4 2008 10. Hiervoor is hij in beginsel de factuurbedragen verschuldigd aan La Casa.

Ten aanzien van factuur 5-2008-10

4.4. [gedaagde] betwist dat La Casa de werkzaamheden zoals vermeld op factuur 5 2008-10 verricht heeft, aangezien de advocaat in Turkije ([betrokkene 5]) deze verricht zou hebben.

Ter comparitie is komen vast te staan dat de werkzaamheden betreffende factuur 5-2008-10 ten behoeve van Garanti zijn verricht. La Casa heeft een gedetailleerd overzicht van de werkzaamheden ten behoeve van Garanti overgelegd (productie 4 dagvaarding). Hieruit blijkt op welke dagen La Casa de werkzaamheden heeft verricht, hoeveel uur hieraan is besteed en welk gedeelte in Turkije is uitgevoerd. Ook blijkt uit de e-mailcorrespondentie tussen partijen dat [gedaagde] regelmatig bij La Casa polste naar de voortgang van deze werkzaamheden. Gelet hierop heeft [gedaagde] onvoldoende gemotiveerd betwist dat La Casa de werkzaamheden zoals vermeld op factuur 5-2008-10 verricht heeft, zodat dit vast komt te staan.

Het verweer van [gedaagde] dat het vanzelfsprekend was dat La Casa de werkzaamheden ten behoeve van Garanti om niet zou verrichten omdat zij belangen heeft verworven in Garanti slaagt niet. Zelfs indien uitgegaan wordt van de juistheid van deze stelling, ontslaat dit [gedaagde] niet van zijn betalingsverplichting die voortvloeit uit de overeenkomst.

Op grond van de overeenkomst van opdracht is [gedaagde] hiervoor dan ook in beginsel de overeengekomen vergoeding verschuldigd aan La Casa.

Ten aanzien van de facturen 3-2008-10 en 4 2008-10 en 5-2008-10

4.5. [gedaagde] heeft aangevoerd dat uit de handgeschreven tekst van 14 oktober 2008 (productie 8 conclusie van antwoord) blijkt dat [gedaagde] niets meer verschuldigd was aan La Casa. Dit verweer kan niet slagen nu de omstandigheid dat partijen destijds afgesproken hebben het bedrag van € 1000,- te verrekenen met de openstaande factuur van € 587,77 niet tot de conclusie kan leiden dat er (op dat moment, of op een later moment) geen andere onbetaalde facturen bestonden.

4.6. Voor zover [gedaagde] heeft aangevoerd dat La Casa haar werkzaamheden niet deugdelijk heeft uitgevoerd, wordt dit verweer als onvoldoende onderbouwd verworpen omdat [gedaagde] verzuimt te stellen op welke wijze La Casa tekort is geschoten en daar geen conclusie aan verbindt.

De overeengekomen vergoeding

4.7. Een en ander leidt tot de slotsom dat de vordering ten aanzien van de facturen 3 2008-10 en 4-2008-10 (€ 11.519,20 + € 1.585,08 =) ad € 13.104,28 voor toewijzing gereed ligt.

4.8. Ten aanzien van de vordering betreffende factuur 5-2008-10 geldt het volgende. Op deze factuur wordt een bedrag van € 8.950,- exclusief btw in rekening gebracht voor 3 werkzaamheden. De 2 werkzaamheden betreffende [betrokkene 5] zijn volgens het overzicht van werkzaamheden (productie 4 dagvaarding) in Turkije uitgevoerd en hebben in totaal 9 uur geduurd. La Casa stelt dat voor de werkzaamheden in Turkije een uurtarief van € 125,- is overeengekomen. [gedaagde] heeft dit gemotiveerd betwist. Nu La Casa heeft nagelaten om haar stelling op dit punt nader te onderbouwen wordt deze verworpen. Voor de gewerkte uren in Turkije wordt derhalve het uurtarief van € 40,- berekend.

4.9. [gedaagde] heeft nog aangevoerd dat voor de werkzaamheden in Turkije geen omzetbelasting in rekening kan worden gebracht. Dit verweer faalt. Artikel 6 lid 1 van de Wet op de Omzetbelasting (WOB) bepaalt dat als plaats waar een dienst wordt verricht, de plaats geldt waar de ondernemer die de dienst verricht is gevestigd. Aangezien La Casa in Rotterdam is gevestigd, is zij ingevolge de WOB omzetbelasting verschuldigd, die ze aan [gedaagde] mag doorberekenen.

4.10. Dit leidt tot de slotsom dat ten aanzien van factuur 5-2008-10 het volgende bedrag voor toewijzing gereed ligt.

(€ 8.950,- minus 9 uur x € 125,- = € 7.825 + 9 uur x € 40,- =) € 8.185,- + 19 % btw = € 9.740,15.

4.11. La Casa vordert € 1.190,- aan buitengerechtelijke kosten. Dergelijke kosten komen slechts voor vergoeding in aanmerking, indien zij betrekking hebben op verrichtingen die meer omvatten dan een enkele (of herhaalde) aanmaning, het enkel doen van een schikkingsvoorstel, het inwinnen van eenvoudige inlichtingen of het op gebruikelijke wijze samenstellen van het dossier. La Casa heeft gesteld dat werkzaamheden zijn verricht die niet als zodanig te kwalificeren zijn en dat de gemaakte kosten voor deze werkzaamheden niet zijn te beschouwen als kosten ter voorbereiding van de procedure, maar uit de omschrijving van de werkzaamheden blijkt het tegenovergestelde. De buitengerechtelijke kosten zullen derhalve worden afgewezen.

4.12. [gedaagde] zal als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De rechtbank begroot de proceskosten aan de zijde van La Casa op basis van het toegewezen bedrag op:

- dagvaarding € 79,25

- vast recht € 550,00

- salaris advocaat € 1.158,00 (2 punten × tarief € 579)

Totaal € 1.787,25

5. De beslissing

De rechtbank

5.1. veroordeelt [gedaagde] om aan La Casa te betalen een bedrag van € 22.844,43 (tweeëntwintigduizend achthonderdvierenveertig euro en drieënveertig eurocent), vermeerderd met de wettelijke rente hierover vanaf 1 november 2008 tot de dag van volledige betaling,

5.2. veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, aan de zijde van La Casa tot op heden begroot op € 1.787,25,

5.3. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

5.4. wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. A. Eerdhuijzen en in het openbaar uitgesproken op 27 januari 2010.?