Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBDOR:2009:BK3220

Instantie
Rechtbank Dordrecht
Datum uitspraak
01-10-2009
Datum publicatie
13-11-2009
Zaaknummer
AWB 09/1241
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie

Evenementenvergunning voor fietscrosswedstrijd met de beperkende voorwaarde dat op zondag tussen 9.00 en 13.00 uur geen gebruik mag worden gemaakt van de omroep- en/of geluidsinstallatie.

De voorzieningenrechter stelt vast dat artikel 4, eerste lid, van de Zondagswet eraan in de weg staat dat verweerder het wedstrijdevenement van verzoeker toestaat, voor zover dat plaatsvindt op een zondag vóór 13 uur. De voorzieningenrechter concludeert op grond van dit verbod in artikel 4, eerste lid, van de Zondagswet dat het verweerder niet vrij stond een evenementenvergunning te verlenen voor verzoekers activiteiten op zondag vóór 13 uur. Verweerder had dan ook een afzonderlijk besluit tot ontheffing als bedoeld in artikel 4, derde lid, van de Zondagswet behoren te nemen, waaraan de beperkende voorwaarde betreffende het gebruik van de omroep en/of geluidsinstallatie zonodig kon worden verbonden. De voorzieningenrechter ziet geen grond voor het oordeel dat verweerder bij het te nemen ontheffingsbesluit op grond van artikel 4, derde lid, van de Zondagswet in redelijkheid niet tot de gestelde beperkende voorwaarde zal kunnen besluiten

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK DORDRECHT

Sector Bestuursrecht

procedurenummer: AWB 09/1241

uitspraak van de voorzieningenrechter

inzake

[naam], zetelend te [plaats], verzoeker,

gemachtigde: J. Kosten, voorzitter van het bestuur,

tegen

de burgemeester van de gemeente Oud-Beijerland, verweerder,

gemachtigde: mr. P. van Egmond, werkzaam bij de gemeente.

1. Ontstaan en loop van het geding

Bij besluit van 22 september 2009 heeft verweerder verzoeker een evenementenvergunning onder voorwaarden verleend voor een fietscrosswedstrijd op het clubterrein aan de [adres] te [plaats] op zondag 4 oktober 2009.

Tegen dit besluit heeft verzoeker bij brief van 24 september 2009 bezwaar gemaakt bij verweerder.

Bij brief van 26 september 2009, ontvangen op 29 september 2009, heeft verzoeker een verzoek om voorlopige voorziening ingediend bij de voorzieningenrechter van de rechtbank Dordrecht.

Het verzoek om voorlopige voorziening is op 1 oktober 2009 ter zitting behandeld.

Verzoeker is verschenen bij gemachtigde.

Verweerder is eveneens verschenen bij gemachtigde.

2. Overwegingen

2.1. Wettelijk kader

2.1.1. Ingevolge artikel 8:81, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb), voor zover hier van belang, kan, indien tegen een besluit voorafgaand aan een mogelijk beroep bij de rechtbank bezwaar is gemaakt, op verzoek een voorlopige voorziening worden getroffen indien onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist.

2.1.2. Ingevolge artikel 2.2.2. "Evenementen" van de Algemene Plaatselijke Verordening van de gemeente Oud-Beijerland (hierna: APV) is het verboden zonder vergunning van de burgemeester een evenement te organiseren.

2.1.3. Bij besluit van 23 september 2008, bekend gemaakt op 16 oktober 2008, heeft het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oud-Beijerland het Toetsingskader Evenementen vastgesteld, dat op 17 oktober 2008 in werking is getreden (hierna: het Toetsingskader).

In paragraaf 2.6 van het Toetsingskader is neergelegd dat een aanvraag om een evenementenvergunning dient te worden getoetst aan de Zondagswet.

In paragraaf 5.2 van het Toetsingskader is neergelegd dat de begin- en eindtijden op zondag worden beperkt door de Zondagswet. Zowel de tijden voor het evenement als de tijden van het geluid zijn daarin bepaald op vanaf 13.00 uur.

2.1.4. Artikel 4 van de Zondagswet bepaalt, voor zover hier van belang:

1. Het is verboden op zondag voor 13 uur openbare vermakelijkheden te houden, daartoe gelegenheid te geven of daaraan deel te nemen.

(...)

3. De burgemeester is bevoegd ontheffing te verlenen van het bepaalde bij het eerste en krachtens het tweede lid (...).

(...)

Ingevolge artikel 7, tweede lid, van de Zondagswet mogen besluiten van een orgaan van de gemeente geen beletselen inhouden voor sportbeoefening of andere vormen van ontspanning op zondag, niet zijnde openbare vermakelijkheden.

2.2. Standpunt verweerder

In het bestreden besluit heeft verweerder verzoeker vergunning verleend voor het organiseren van de fietscrosswedstrijd op zondag 4 oktober 2009 vanaf 9.00 uur tot 16.00 uur, onder voorwaarde dat vóór 13.00 uur geen gebruik mag worden gemaakt van de omroep- en/of geluidsinstallatie. Ter zitting heeft verweerder verklaard dat hij in de verleende vergunning heeft bedoeld tevens ontheffing te verlenen van artikel 4, eerste lid, van de Zondagswet van het verbod om vóór 13.00 uur openbare vermakelijkheden te houden. Aan die ontheffing heeft verweerder de voorwaarde verbonden dat geen gebruik mag worden gemaakt van een omroep- en/of geluidsinstallatie vanwege de zondagsrust. Verweerder meent die voorwaarde in redelijkheid, na afweging van de betrokken belangen, aan die ontheffing te hebben mogen verbinden. Dat een en ander niet in het bestreden besluit is terug te vinden, kan bij de te nemen beslissing op bezwaar worden hersteld, aldus verweerder. Verweerder stelt deze voorwaarde stelselmatig te hebben gesteld bij evenementenvergunningen die werden verleend sinds de inwerkingtreding van het Toetsingskader.

2.3. Standpunt verzoeker

Verzoeker betoogt dat uit het bestreden besluit niet blijkt waarom de beperkende voorwaarde inzake het gebruik van de geluidsinstallatie is opgenomen. Verzoeker begrijpt de beperkende voorwaarde niet, aangezien hij al 25 jaar deze wedstrijd op zondag organiseert en verweerder eerder steeds zonder beperkende voorwaarde een evenementenvergunning daarvoor heeft verleend. Verzoeker betoogt dat hij de wedstrijd van 4 oktober 2009 organisatorisch zonder geluidsinstallatie niet kan afhandelen. Verzoeker betoogt voorts dat hij zonder geluidsinstallatie in de toekomst dergelijke wedstrijden niet meer zal mogen organiseren van de Koninklijke Nederlandsche Wielren Unie (KNWU), gelet op het geldende wedstrijdreglement. Verzoeker heeft ter zitting betoogd dat het de plaatselijke atletiekvereniging wel is toegestaan wedstrijden te organiseren op zondag waarbij vóór 13.00 uur gebruik wordt gemaakt van een geluidsinstallatie.

2.4. Beoordeling door de voorzieningenrechter

2.4.1. Verzoeker betoogt terecht dat uit het bestreden besluit niet valt te op te maken waarom de beperkende voorwaarde inzake het gebruik van de geluidsinstallatie in de verleende evenementenvergunning is opgenomen. Dit leidt er echter op voorhand niet toe dat de gevraagde voorziening moet worden toegewezen, aangezien verweerder dat gebrek in zijn te nemen beslissing op verzoekers bezwaar mag herstellen door daarin alsnog een motivering te geven. De voorzieningenrechter ziet zich gesteld voor de vraag of de motivering die verweerder naar hij ter zitting heeft verklaard in de beslissing op bezwaar zal geven voor de opgenomen beperkende voorwaarde, van dien aard is dat naar verwachting die voorwaarde in rechte in stand zal kunnen blijven.

2.4.2. De wedstrijd die verzoeker op 4 oktober 2009 organiseert, betreft een jaarlijkse wedstrijd voor de regionale afdeling van de KNWU. Verzoeker verwacht ongeveer 300 bezoekers en 100 rijders. De wedstrijd wordt georganiseerd op het eigen fietscrossterrein aan de [adres]. De wedstrijd is openbaar toegankelijk. Er zullen voor de wedstrijd extra toilet- en parkeervoorzieningen op en rondom het terrein worden aangebracht. Gelet op de aard van de te organiseren wedstrijd, is de voorzieningenrechter van oordeel dat die wedstrijd een openbare vermakelijkheid als bedoeld in artikel 4 van de Zondagswet betreft en niet een enkele sportbeoefening in clubverband als bedoeld in artikel 7 van de Zondagswet.

2.4.3. De voorzieningenrechter stelt vast dat artikel 4, eerste lid, van de Zondagswet eraan in de weg staat dat verweerder het wedstrijdevenement van verzoeker toestaat, voor zover dat plaatsvindt op een zondag vóór 13 uur. De voorzieningenrechter concludeert op grond van dit verbod in artikel 4, eerste lid, van de Zondagswet dat het verweerder niet vrij stond een evenementenvergunning te verlenen voor verzoekers activiteiten op zondag vóór 13 uur. Verweerder had dan ook een afzonderlijk besluit tot ontheffing als bedoeld in artikel 4, derde lid, van de Zondagswet behoren te nemen, waaraan de beperkende voorwaarde betreffende het gebruik van de omroep en/of geluidsinstallatie zonodig kon worden verbonden. Anders dan verweerder betoogt, ziet de voorzieningenrechter geen grond voor het oordeel dat het ontheffingsbesluit reeds in het bestreden besluit is vervat. Wel overweegt de voorzieningenrechter dat verweerder dit ontheffingsbesluit in de beslissing op bezwaar alsnog kan nemen, zodat de gestelde beperkende voorwaarde alsnog van een deugdelijke juridische grondslag wordt voorzien.

2.4.4. De voorzieningenrechter ziet geen grond voor het oordeel dat verweerder bij het te nemen ontheffingsbesluit op grond van artikel 4, derde lid, van de Zondagswet in redelijkheid niet tot de gestelde beperkende voorwaarde zal kunnen besluiten. Ter zitting is gebleken dat het fietscrossterein ligt op ongeveer 100 meter van een woonwijk. De zondagsrust in die woonwijk wordt dus mogelijkerwijs door verzoekers wedstrijdevenement geschaad. Ter zitting is voorts gebleken dat het niet onmogelijk is om ook zonder gebruik van de geluidsinstallatie vóór 13.00 uur de wedstrijd doorgang te laten vinden, zij het dat dit organisatorisch meer inzet zal vergen. Ook het gegeven dat de KNWU heeft verklaard dat zonder geluidsinstallatie deze wedstrijd in de toekomst door verzoeker niet mag worden georganiseerd maakt niet dat verweerder niet tot die beperkende voorwaarde mocht besluiten. Niet valt immers in te zien dat verzoeker deze jaarlijkse wedstrijd in de toekomst niet op een tijdstip of dag kan organiseren waarop de geluidsinstallatie wel mag worden gebruikt. Dat verweerder eerder wel voor deze wedstrijd een evenementenvergunning verleende zonder beperkende voorwaarde, leidt evenmin tot een ander oordeel. Verweerder heeft ter zitting verklaard vanaf de inwerkingtreding van het Toetsingskader in oktober 2008 stelselmatig te bezien of de Zondagswet niet aan het verlenen van een evenementenvergunning in de weg staat. Daargelaten of deze beleidsnota ziet op verweerders bevoegdheid, nu het Toetsingskader is vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders, is het de voorzieningenrechter niet gebleken dat verweerder sindsdien evenementenvergunningen heeft verleend voor activiteiten waarbij het gebruik van een geluidsinstallatie vóór 13.00 uur werd toegestaan. Verweerder heeft zich ter zitting op het standpunt gesteld dat de wedstrijden van de plaatselijke atletiekvereniging waarop verzoeker heeft gewezen, reguliere sportwedstrijden in clubverband betreffen die niet als een openbare vermakelijkheid in de zin van artikel 4 van de Zondagswet zijn aan te merken. Verzoeker heeft dat standpunt niet weersproken.

2.4.5. Nu naar voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter de beperkende voorwaarde inzake het gebruik van de geluidsinstallatie die in het bestreden besluit is gesteld voor de wedstrijd van 4 oktober 2009 met een aanvulling van de motivering in rechte in stand zal kunnen blijven, bestaat bij afweging van de betrokken belangen geen grond om die beperkende voorwaarde te schorsen. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.

Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

2.4.6. Gezien het vorenstaande beslist de voorzieningenrechter als volgt.

3. Beslissing

De voorzieningenrechter van de rechtbank Dordrecht:

-wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.

Aldus gegeven door mr. M.G.L. de Vette, voorzieningenrechter, en door deze en mr. M. Lammerse, griffier, ondertekend.

De griffier, De voorzieningenrechter,

Uitgesproken in het openbaar op: 1 oktober 2009

Afschrift verzonden op: