Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBDOR:2009:BJ2164

Instantie
Rechtbank Dordrecht
Datum uitspraak
09-07-2009
Datum publicatie
09-07-2009
Zaaknummer
11-500121-09
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

verdachte wordt door de rechtbank veroordeeld tot celstraf voor het plegen van een groot aantal diefstallen met geweld onder bedreiging van een mes. verdachte is enigszins verminderd toerekeningsvatbaar.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK DORDRECHT

Sector strafrecht

parketnummer: 11/500121-09

verkort vonnis van de meervoudige kamer d.d. 9 juli 2009

in de strafzaak tegen

[verdachte],

geboren in 1979,

wonende te [adres en woonplaats] ,

thans gedetineerd in de PI Zuid West - De Dordtse Poorten, te Dordrecht.

De zaak is inhoudelijk behandeld ter terechtzitting van 25 juni 2009.

De rechtbank heeft de processtukken gezien en kennis genomen van de

vordering van de officier van justitie en van hetgeen de verdediging naar voren heeft gebracht.

1 De tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen in de dagvaarding is omschreven. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage 1 aan dit vonnis gehecht en maakt hiervan deel uit.

2 De voorvragen

De dagvaarding voldoet aan alle wettelijke eisen en is dus geldig.

De rechtbank is bevoegd van het tenlastegelegde kennis te nemen.

De officier van justitie is ontvankelijk.

Er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.

3 Het onderzoek ter terechtzitting

3.1 De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft -het ten laste gelegde bewezen achtend- gevorderd dat de verdachte zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 8 jaren met aftrek van de tijd die de verdachte reeds in voorarrest heeft doorgebracht.

3.2 De verdediging

De verdediging heeft zich gerefereerd voor wat betreft de feiten 1 tot en met10.

Voor feit 5 (poging diefstal met geweld) heeft de verdediging een beroep op vrijwillige terugtred gedaan, waardoor de verdachte voor dit feit zou moeten worden ontslagen van alle rechtsvervolging.

Voor feit 11 (bedreiging) heeft de verdediging vrijspraak bepleit. De verklaringen van de aangever in het voorgeleidingsproces-verbaal en het definitieve proces-verbaal zijn niet gelijkluidend. Bovendien dacht aangever niet dat verdachte zijn dreigement ook daadwerkelijk zou gaan uitvoeren, zodat aan dat criterium niet is voldaan.

3.3 De vordering van de benadeelde partij

Als benadeelde partij heeft zich, met betrekking tot feit 2, schriftelijk in het geding gevoegd [slachtoffer 1], [adres].

Zij vordert verdachte te veroordelen aan haar te betalen een bedrag van € 1.500, - althans een redelijk en billijk bedrag, ter zake van immateriële schadevergoeding.

De officier van justitie heeft geconcludeerd tot toewijzing van de vordering tot een bedrag van € 1.500, - met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

Als benadeelde partij heeft, zich met betrekking tot feit 7, schriftelijk in het geding gevoegd namens de Dutch Outback Shop [slachtoffer 2], [adres].

Zij vordert verdachte te veroordelen aan haar te betalen een bedrag van € 376,40 ter zake van materiële schadevergoeding.

De officier van justitie heeft geconcludeerd tot toewijzing van de vordering tot een bedrag van € 167,40 met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

Als benadeelde partij heeft zich, met betrekking tot feit 8, schriftelijk in het geding gevoegd [slachtoffer 3], [adres].

Zij vordert verdachte te veroordelen aan haar te betalen een bedrag van € 750,- , ter zake van immateriële schadevergoeding.

De officier van justitie heeft geconcludeerd tot toewijzing van de vordering met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

Door of namens de verdachte is de aansprakelijkheid en de hoogte van alle voornoemde schades betwist.

4 De bewijsbeslissing

4.1 De bewezenverklaring

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte

1.

op 02 februari 2009 te Rotterdam, [adres], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag (ongeveer 805 euro), toebehorende aan Bakkerij Klootwijk en/of [slachtoffer 4], welke diefstal werd voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 4], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, welk geweld en welke bedreiging met geweld hierin bestondendat hij verdachte:

- in de richting is gelopen van [slachtoffer 4], die achter de toonbank stond en

- onder zijn jas een mes vandaan heeft gehaald en

- de punt van dit mes op de buik van [slachtoffer 4] heeft gezet en

- tegen [slachtoffer 4] heeft gezegd: maak dat ding open en

- vervolgens heeft gevraagd of er nog meer was en

- (agressief/dreigend) heeft gevraagd: waar is het dan, waar is het dan?

2.

op 11 februari 2009 te Rotterdam, [adres], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag (ongeveer 450 euro), toebehorende aan Etos of [slachtoffer 5], welke diefstal werd voorafgegaan en vergezeld van bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 5] en/of [slachtoffer1], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken , welke bedreiging met geweld hierin bestond dat hij verdachte:

- naar [slachtoffer 5] is toegelopen en

- een mes van onder zijn jas heeft gepakt en

- heeft gezegd tegen [slachtoffer 5] en/of [slachtoffer 1]: "handen omhoog" en

- een mes heeft gericht op borsthoogte van [slachtoffer 5] en

- naast [slachtoffer 5] is gaan staan en heeft gezegd: "maak je la open" en "doe de kassa open, dan doe ik je niks";

3.

op 13 februari 2009 te Rotterdam, [adres], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag (ongeveer 957 euro) toebehorende aan [naam] Dierenshop BV en/of [slachtoffer 6], welke diefstal werd voorafgegaan en vergezeld van bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 7], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken , welke bedreiging met geweld hierin bestond dat hij, verdachte:

- op [slachtoffer 7] is afgelopen en

- een mes heeft gepakt en aan [slachtoffer 7] heeft getoond en

- tegen [slachtoffer 7] heeft gezegd: "Blijf maar rustig, dan gebeurt je niks"

4.

op 16 februari 2009 te Rotterdam, [adres], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag (ongeveer 220 euro), toebehorende aan [naam] Bakkerij en/of [slachtoffer 8], welke diefstal werd voorafgegaan en vergezeld van bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 8], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken , welke bedreiging met geweld hierin bestond dat hij, verdachte:

- achter de toonbank naast [slachtoffer 8] is gaan staan en

- een mes onder zijn trui vandaan heeft gehaald en

- ditmes aan [slachtoffer 8] heeft getoond en

- dwingend/boos tegen [slachtoffer 8] heeft gezegd: "Doe de kassa open";

5.

op 16 februari 2009 te Oud-Beijerland ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen door bedreiging met geweld [slachtoffer 9] te dwingen tot de afgifte van een geldbedrag, toebehorende aan Supervlaai en/of [slachtoffer 9], welke bedreiging met geweld hierin bestond dat hij, verdachte:

- (onverhoeds) achter de toonbank langs is gelopen en/

- (vervolgens) tegen [slachtoffer 9] heeft gezegd: "Ik wil de kas, maak de kassa open" en

- (hierbij) een mes heeft gepakt en in zijn hand heeft genomen en gehouden, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

6.

op 10 maart 2009 te Rhoon, gemeente Albrandswaard, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag (ongeveer 205 euro), toebehorende aan Hans Textiel en/of [slachtoffer 10], welke diefstal werd voorafgegaan en vergezeld van bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 10], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken , welke bedreiging met geweld hierin bestond dat hij, verdachte:

- zachtjes heeft gezegd tegen [slachtoffer 10] dat dit een overval was en

- achter de toonbank is gaan staan (naast [slachtoffer 10]) en

- een mes voor zijn lichaam heeft gehouden en

- zachtjes herhaalde dat dit een overval was;

7.

op 13 maart 2009 te Rotterdam, [adres], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag ,toebehorende aan Dutch Outback Shop en/of [slachtoffer 11], welke diefstal werd voorafgegaan en vergezeld

van geweld en bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 11], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken , welk geweld en welke bedreiging met geweld hierin bestonden dat hij, verdachte:

- [slachtoffer 11] bij de arm heeft gepakt en in de richting van de kassa heeft getrokken en

- onder zijn jas vandaan een mes heeft gepakt en

- dit mes tegen de zij van [slachtoffer 11] heeft gedrukt en

- dit mes op [slachtoffer 11] heeft gericht (gehouden) en

- heeft geroepen dat hij geld wilde en [slachtoffer 11] de kassa moest openmaken;

8.

op 13 maart 2009 te Barendrecht met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag (ongeveer 232 euro), toebehorende aan Hunkemoller en/of [slachtoffer 3], welke diefstal werd voorafgegaan en vergezeld van geweld enbedreiging met geweld tegen [slachtoffer 3], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken , welk geweld en welke bedreiging met geweld hierin bestond dat hij, verdachte:

- heeft gezegd: "Dit is een overval, hier met dat geld ...en snel" en

- tegelijkertijd een mes uit zijn broeksband heeft gehaald en

- heeft gezegd: "Je krijgt tien seconden" en

- begon te tellen van één naar tien en

- [slachtoffer 3] achter de toonbank heeft geduwd en daarbij het mes tegen haar buik heeft gehouden;

9.

op 15 maart 2009 te Rotterdam, [adres] met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een

geldbedrag (ongeveer 350 euro), toebehorende aan Snackbar [naam] en/of [slachtoffer 12], welke diefstal werd voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 12], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken , welk geweld enwelke bedreiging met geweld hierin bestond dat hij, verdachte:

- naast [slachtoffer 12] is gaan staan en

- tegen [slachtoffer 12] heeft gezegd: "Geld" en "De kassa" en

- een mes in zijn handen heeft vastgehouden en

- met dit mes [slachtoffer 12] heeft bedreigd door met het mes te zwaaien terwijl hij voor [slachtoffer 12] stond en

- dit mes tegen de (rechter)zij van [slachtoffer 12] heeft gehouden en

- (, met [slachtoffer 12] bij de kassa aangekomen) tegen [slachtoffer 12] heeft gezegd: "Open

doen";

10.

op 16 maart 2009 te Numansdorp, gemeente Cromstrijen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag (ongeveer 643 euro), toebehorende aan bakkerij De Ambacht en/of [slachtoffer 13], welke diefstal werd voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 14], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken , welk geweld enwelke bedreiging met geweld hierin bestond dat hij, verdachte,

- (opeens)(achter de toonbank) naast [slachtoffer 14] is gaan staan en

- een mes heeft getoond en

- (vervolgens) het/een mes ter hoogte van de linkerzij van [slachtoffer 14] heeft gezet en gehouden en

- (vervolgens) tegen [slachtoffer 14] heeft gezegd "Maak de kassa open"

11.

op 16 maart 2009 te Numansdorp, gemeente Cromstrijen, [slachtoffer 13] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, immers heeft verdachte opzettelijk dreigend een mes getrokken en (daarbij) gezegd: "Ik steek je dood". Hetgeen aan de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hier als bewezen is aangenomen, is niet bewezen. De verdachte zal hiervan worden vrijgesproken.

Voor zover in de bewezenverklaarde tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Blijkens het verhandelde ter terechtzitting is de verdachte daardoor niet in de verdediging geschaad.

4.2 De bewijsmiddelen

De rechtbank grondt haar overtuiging dat verdachte het bewezenverklaarde heeft begaan op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat en die reden geven tot de bewezenverklaring.

De rechtbank bezigt ieder bewijsmiddel, ook in onderdelen, telkens slechts voor het bewijs van het feit waarop het blijkens zijn inhoud betrekking heeft.

De bewijsmiddelen zullen in die gevallen waarin de wet aanvulling van het vonnis met de bewijsmiddelen vereist, dan wel, voor zover artikel 359, derde lid, tweede volzin, van het Wetboek van Strafvordering wordt toegepast, met een opgave daarvan, in een aan dit vonnis gehechte bijlage worden opgenomen.

4.4 Nadere bewijsoverweging

Door de verdediging is gesteld dat de verdachte dient te worden vrijgesproken van feit 11, de bedreiging van [slachtoffer 13].

Het proces-verbaal van de verklaring van [slachtoffer 13] zou ten tijde van de voorgeleiding niet de zinsnede "......anders steek ik je dood" bevatten. Later in het definitieve proces-verbaal zou deze zinsnede pas zijn toegevoegd. Tevens zouden aan de verklaring van aangever de woorden' of zoiets' zijn toegevoegd. Hieruit kan volgens de verdediging worden afgeleid dat aangever zelf niet weet wat verdachte gezegd zou hebben, waardoor er onvoldoende bewijs voor dit feit is. Ook zou de aangever blijkbaar niet echt gedacht hebben dat verdachte zijn dreigement zou uitvoeren terwijl dit wel een criterium is.

De rechtbank verwerpt dit verweer.

Niet alleen is er de verklaring van aangever, die expliciet stelt woordelijk met de dood bedreigd te zijn (pagina 2 van het proces-verbaal van aangifte d.d. 17 maart 2009, dossierparagraaf 2.2.2, pagina 84), maar ook heeft verdachte zelf verklaard dat hij tegen die mannen zei dat 'hij hem dood zou steken' (pagina 3 van de verklaring van verdachte d.d. 16 maart 2009, dossierparagraaf 2.1.9, pagina 54).

Niet vereist is dat de bedreiging in het concrete geval op de bedreigde een zodanige indruk heeft gemaakt dat er werkelijk vrees is opgewekt. Ten overvloede overweegt de rechtbank dat de verdachte in zijn genoemde verklaring stelt dat die mannen daarop kennelijk bang werden en daardoor uit de auto zijn gegaan.

5 De strafbaarheid van het bewezenverklaarde

De bewezen geachte feiten zijn volgens de wet strafbaar. Het bestaan van een rechtvaardigingsgrond is niet aannemelijk geworden.

Het bewezenverklaarde levert op:

FEITEN 1, 7, 8, 9 EN 10 TELKENS

DIEFSTAL, VOORAFGEGAAN EN VERGEZELD VAN GEWELD EN BEDREIGING MET GEWELD TEGEN PERSONEN, GEPLEEGD MET HET OOGMERK OM DIE DIEFSTAL VOOR TE BEREIDEN EN GEMAKKELIJK TE MAKEN

FEITEN 2, 3, 4, 6 TELKENS

DIEFSTAL, VOORAFGEGAAN EN VERGEZELD VAN BEDREIGING MET GEWELD TEGEN PERSONEN, GEPLEEGD MET HET OOGMERK OM DIE DIEFSTAL VOOR TE BEREIDEN EN GEMAKKELIJK TE MAKEN

FEIT 5

POGING TOT AFPERSING

FEIT 11

BEDREIGING MET ENIG MISDRIJF TEGEN HET LEVEN GERICHT.

6 De strafbaarheid van de verdachte

6.1 De rapporten van de deskundigen

Uit het door S. Paulides psycholoog, over verdachte uitgebracht rapport van 24 april 2009 komt naar het volgende naar voren.

Bij betrokkene is sprake van een autisme spectrum stoornis in de vorm van PDD-NOS en trekken van een antisociale persoonlijkheidsstoornis. Tevens is er sprake van een gebrekkig ontwikkeld geweten en empathisch vermogen. In die zin is er sprake van een ziekelijke stoornis en een gebrekkige ontwikkeling van de geestvermogens. Voorts is er sprake van alcohol- en drugsafhankelijkheid, thans in gedwongen remissie.

Ten tijde van het tenlastegelegde was van het beeld omschreven bij 1 ook sprake. Vooral de gebrekkige impulscontrole, deels ten gevolge van het alcohol- en drugsmisbruik (als drempelverlagende werking), het bevredigen van de eigen behoefte (geld), het gebrekkig ontwikkeld geweten en empatisch vermogen lijken een grotere rol gespeeld te hebben dan het besef dat hij verkeerd bezig was.

De ziekelijke stoornis van de geestvermogens in de vorm van de autisme spectrum stoornis (PDD-NOS) en trekken van de antisociale persoonlijkheidsstoornis, alsmede het alcohol- en drugsmisbruik (thans in gedwongen remissie) maakt dat betrokkene niet goed in staat is geweest om het ontoelaatbare van zijn handelen of de gevolgen ervan in te zien ten tijde van het tenlastegelegde. Zijn geweten en empathisch vermogen zijn onvoldoende ontwikkeld om hem bij te sturen. Betrokkene lijkt in staat om onderscheid te maken tussen goed en kwaad, maar laat zijn eigen belangen voorgaan.

Betrokkene kan tengevolge hiervan wel in staat worden geacht het ongeoorloofde van zijn handelen in te zien, maar kan er onvoldoende naar handelen en kan onvoldoende de consequenties ervan overzien. Derhalve kan hij voor de tenlastegelegde feiten, mits en voor zover bewezen, enigszins verminderd toerekeningsvatbaar worden geacht.

6.2 Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank volgt de conclusies van voormeld rapport op grond van de onderbouwing ervan en legt deze ten grondslag aan haar beslissing. Zij is van oordeel dat op grond van het strafdossier, het verhandelde ter terechtzitting en het rapport van voornoemde deskundige, voldoende vast is komen te staan dat de ten laste gelegde en bewezen verklaarde feiten slechts in enigszins verminderde mate aan verdachte kunnen worden toegerekend.

Nu ook overigens uit het onderzoek ter terechtzitting geen omstandigheden aannemelijk zijn geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluiten, is verdachte strafbaar voor de door hem gepleegde strafbare feiten.

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit. De verdachte is dus strafbaar.

Door de verdediging is een beroep op vrijwillige terugtred ex artikel 46b van het Wetboek van Strafrecht gedaan voor wat betreft feit 5 van de tenlastelegging, poging tot afpersing. De reden dat het hier bij een poging is gelegen, is naar mening van de verdediging in de verdachte zelf gelegen. De verdachte dient voor dit feit te worden ontslagen van alle rechtsvervolging.

De rechtbank verwerpt dit verweer.

De verdachte is pas vertrokken nadat [slachtoffer 9] zei dat zij de verdachte geen geld zou geven (pagina 2 van haar verklaring d.d. 16 februari 2009, opgenomen als dossierparagraaf 2.3.3 en pagina 89). De uitspraak van [slachtoffer 9] was bepalend. Dit is een omstandigheid buiten de verdachte gelegen. De verdachte is strafbaar voor dit feit.

7 De redenen die de straf hebben bepaald of tot de maatregel hebben geleid

7.1 Strafmotivering

De rechtbank heeft de op te leggen straf bepaald op grond van de ernst van de feiten en de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en op grond van de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan is gebleken uit het onderzoek ter terechtzitting.

Daarbij is in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

In de periode van 2 februari 2009 tot en met 16 maart 2009 heeft verdachte zich schuldig gemaakt aan 9 berovingen, 1 poging beroving en 1 bedreiging. Verdachte ging in deze zeer korte periode, soms meerdere keren op één dag naar verschillende winkels. Aldaar dwong hij het aanwezige winkelpersoneel onder bedreiging van een mes kassa's te openen. Vervolgens griste hij het geld uit de kassa's, de slachtoffers verbouwereerd en vaak angstig achterlatend.

Verdachte heeft zich niet bekommerd om de gevolgen voor de slachtoffers, maar zich steeds laten leiden door geldelijk gewin. Verdachte gebruikte de opbrengst om in zijn diverse verslavingen te voorzien. Duidelijk mag zijn dat de gevolgen voor de slachtoffers groot zijn. Een aantal van hen kampt tot op de dag van vandaag met gevoelens van angst.

Weliswaar had verdachte zich reeds op de wachtlijst laten plaatsen van een hulpverlenende instantie, maar dat weerhield hem niet er van te stoppen met zijn gedrag. Verdachte is eerder voor een soortgelijk feit veroordeeld en wist waar zijn verslavingsproblematiek toe kon leiden nu hij in het verleden had geleerd hiermee om te gaan. De enige reden dat verdachte daadwerkelijk is opgehouden met het plegen van strafbare feiten is door zijn aanhouding. De rechtbank rekent dit de verdachte zwaar aan.

In het voordeel van de verdachte houdt de rechtbank er rekening mee, dat er vrijwel geen fysiek geweld is gebruikt door de verdachte. Tevens is verdachte enigszins verminderd toerekeningsvatbaar. Verdachte heeft na zijn aanhouding vrijwel volledig bekend en zich coöperatief opgesteld. Hij is bekend met hulpverlening en heeft zich gemotiveerd getoond voor een behandeling.

Gelet op de ernst van de feiten, kan naar het oordeel van de rechtbank echter niet volstaan worden met een klinische behandeling in het kader van een voorwaardelijk strafdeel zoals door de psycholoog is geadviseerd. De wet staat een combinatie van een onvoorwaardelijk en voorwaardelijk strafdeel immers slechts toe tot een strafmaximum van 4 jaar onvoorwaardelijke gevangenisstraf. Een straf van dergelijke duur doet geen recht aan de omstandigheden, de hoeveelheid feiten en de gevolgen voor de slachtoffers.

De rechtbank ziet weliswaar het belang in van een behandeling op korte termijn voor verdachte, maar kan gezien het bovenstaande niet anders dan het advies van de psycholoog te passeren. Het is aan verdachte om te zijner tijd, in het kader van de voorwaardelijke invrijheidstelling, de geadviseerde behandelingen te verkrijgen.

Alles afwegende is de rechtbank van oordeel dat een gevangenisstraf voor de duur van 6 jaren noodzakelijk is. De rechtbank ziet geen ruimte voor een andere of lichtere sanctie.

7.2 De inbeslaggenomen voorwerpen

7.3 De verbeurdverklaring

De rechtbank zal het inbeslaggenomen mes dat verdachte bij zich droeg ten tijde van zijn aanhouding verbeurd verklaren, nu de verdachte de bewezenverklaarde feiten met behulp van dit mes gepleegd heeft.

7.4 De vordering van de benadeelde patij

De benadeelde partijen [slachtoffer 1], [slachtoffer 2] en [slachtoffer 3] zijn ontvankelijk in hun vorderingen, nu aan verdachte een straf of maatregel wordt opgelegd en aan de benadeelde partijen rechtstreeks schade is toegebracht door de onder 4.1 bewezen verklaarde feiten.

De rechtbank is van oordeel dat verdachte jegens de benadeelde partijen naar burgerlijk recht aansprakelijk is voor de door het bewezen verklaarde strafbare feit toegebrachte schade.

De rechtbank zal de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1] toewijzen tot een bedrag van € 750,=, omdat dat deel van de vordering voldoende onderbouwd en juist voorkomt. De rechtbank zal de benadeelde partij [slachtoffer 1] voor het overige niet-ontvankelijk verklaren.

De rechtbank zal de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2] toewijzen tot een bedrag van € 167,40 zijnde het geldbedrag dat uit de kassa is weggenomen, omdat de vordering voor dit deel voldoende onderbouwd en juist voorkomt. De rechtbank zal de benadeelde partij [slachtoffer 2] voor het overige niet-ontvankelijk verklaren.

De rechtbank zal de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 3] toewijzen tot een bedrag van € 750,=, omdat de vordering voldoende onderbouwd en juist voorkomt.

Naast toewijzing van deze civiele vorderingen zal de rechtbank als extra waarborg voor de schadevergoedingen tevens de schadevergoedingsmaatregelen ex artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht opleggen.

8 De toepasselijke wettelijke voorschriften

De opgelegde straffen en maatregelen berusten op de artikelen 24c, 33, 33a, 36f, 45, 57, 285, 310 en 312 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezenverklaarde.

9 De beslissing

De rechtbank:

- verklaart het tenlastegelegde bewezen, zodanig als hierboven onder 4.1 is omschreven;

- spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;

- verklaart dat het bewezenverklaarde de onder 5 vermelde strafbare feiten oplevert;

- verklaart de verdachte strafbaar;

- veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 6 jaren;

- beveelt dat de tijd die door de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest is doorgebracht in mindering wordt gebracht bij de tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf;

- verklaart verbeurd het inbeslaggenomen voorwerp, te weten een hakmes;

Benadeelde partijen

- veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer 1] van € 750,= ter zake van immateriële schade en vermeerderd met de wettelijke rente, berekend vanaf 11 februari 2009 tot aan de dag der algehele voldoening;

- veroordeelt verdachte in de kosten van de benadeelde partij tot nu toe gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, tot op heden begroot op nihil;

- verklaart de benadeelde partij in het overige gedeelte van de vordering niet-ontvankelijk en bepaalt dat die vordering bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht;

- legt aan verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer [slachtoffer 1], € 750, = te betalen, bij niet betaling te vervangen door 15 dagen hechtenis, met dien verstande dat toepassing van de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft;

- bepaalt dat bij voldoening van de schademaatregel de betalingsverplichting aan de benadeelde partij vervalt en omgekeerd;

- veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer 2] van € 167,40 ter zake van materiële schade;

- veroordeelt verdachte in de kosten van de benadeelde partij tot nu toe gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, tot op heden begroot op nihil;

- verklaart de benadeelde partij in het overige gedeelte van de vordering niet-ontvankelijk en bepaalt dat die vordering bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht;

- legt aan verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer [slachtoffer 2], € 167,40 te betalen, bij niet betaling te vervangen door 3 dagen hechtenis, met dien verstande dat toepassing van de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft;

- bepaalt dat bij voldoening van de schademaatregel de betalingsverplichting aan de benadeelde partij vervalt en omgekeerd;

- veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer 3] van € 750, = ter zake van immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente, berekend vanaf 13 maart 2009 tot aan de dag der algehele voldoening;

- veroordeelt verdachte in de kosten van de benadeelde partij tot nu toe gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, tot op heden begroot op nihil;

- legt aan verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer [slachtoffer 3], € 750,= te betalen, bij niet betaling te vervangen door 15 dagen hechtenis, met dien verstande dat toepassing van de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft;

- bepaalt dat bij voldoening van de schademaatregel de betalingsverplichting aan de benadeelde partij vervalt en omgekeerd.

Dit vonnis is gewezen door

mr. J.B. van den Beld, voorzitter,

mr. dr. M.I. Blagrove en mr. H.M. Dunsbergen, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. P.C. Schroeijers griffier en is uitgesproken ter openbare terechtzitting op 9 juli 2009.

Mr. H.M. Dunsbergen is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.

BIJLAGE I: De tenlastelegging

1.

(zaak 6)

hij op of omstreeks 02 februari 2009 te Rotterdam, [adres], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag (ongeveer 805 euro), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Bakkerij Klootwijk en/of [slachtoffer 4], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 4], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat hij verdachte;

- in de richting is gelopen van [slachtoffer 4], die achter de toonbank stond en/of

- onder zijn (verdachtes) jas een mes vandaan heeft gehaald en/of

- de punt van een/dit mes op de buik van [slachtoffer 4] heeft gezet/geplaatst en/of

- tegen [slachtoffer 4] heeft gezegd: maak dat ding (de kassa) open en/of

- (vervolgens) heeft gevraagd of er nog meer (geld) was en/of

- (vervolgens)(agressief/dreigend) heeft gezegd/gevraagd: waar is het dan, waar is het dan?

2.

(zaak 11)

hij op of omstreeks 11 februari 2009 te Rotterdam, [adres], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag (ongeveer 450 euro), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Etos

en/of [slachtoffer 5], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 5] en/of [slachtoffer1], gepleegd met het

oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat hij verdachte;

- naar [slachtoffer 5] is toegelopen en/of

- een mes van onder zijn (verdachtes) jas heeft gepakt en/of

- heeft geroepen tegen [slachtoffer 5] en/of [slachtoffer 1]: "handen omhoog" en/of

- een/het mes heeft gericht op (borsthoogte) van [slachtoffer 5] en/of

- (vervolgens) naast [slachtoffer 5] is gaan staan en heeft gezegd: "maak je (kassa)la open" en/of "doe de kassa open, dan doe ik je niks"

3.

(zaak 7)

hij op of omstreeks 13 februari 2009 te Rotterdam, [adres], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag (ongeveer 957 euro), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam]

Dierenshop BV en/of [slachtoffer 6], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 7], gepleegd met het

oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat hij, verdachte;

- op [slachtoffer 7] is afgelopen en/of

- een mes heeft getrokken en/of aan [slachtoffer 7] heeft getoond en/of

- tegen [slachtoffer 7] heeft gezegd: "Blijf maar rustig, dan gebeurd je niks" en/of

- (vervolgens) aan [slachtoffer 7] om meer geld heeft gevraagd

4.

(zaak 4)

hij op of omstreeks 16 februari 2009 te Rotterdam, [adres], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag (ongeveer 220 euro), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam] Bakkerij en/of [slachtoffer 8], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 8], gepleegd met het

oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat hij, verdachte;

- achter de toonbank naast [slachtoffer 8] is gaan staan en/of

- een mes onder zijn (verdachtes) trui vandaan heeft gehaald en/of

- dit/een mes aan [slachtoffer 8] heeft getoond en/of in de richting van [slachtoffer 8] heeft gehouden en/of

- dwingend/boos/dreigend tegen [slachtoffer 8] heeft gezegd: "Doe de kassa open"

5.

(zaak 3)

hij op of omstreeks 16 februari 2009 te Oud-Beijerland ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening weg te nemen een geldbedrag, geheel of ten dele toebehorende aan

Supervlaai en/of [slachtoffer 9], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte,

- (onverhoeds/opeens) achter de toonbank langs is gelopen en/of (achter de toonbank) naast/bij [slachtoffer 9] is gaan staan en/of

- (vervolgens) tegen [slachtoffer 9] heeft gezegd: "Ik wil de kas hebben" en/of "Ik wilde kas, maak de kassa open",

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid, welke poging tot diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 9], gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat hij, verdachte, een mes, althans een op een mes gelijkend voorwerp, heeft gepakt en of in zijn hand heeft genomen en/of gehouden en/of getoond (aan [slachtoffer 9]);

art 310 Wetboek van Strafrecht

art 312 lid 1 Wetboek van Strafrecht

Art 45 lid 1 Wetboek van Strafrecht

en/of

hij op of omstreeks 16 februari 2009 te Oud-Beijerland ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld [slachtoffer 9] te dwingen tot de afgifte van een geldbedrag, in elk geval van enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Supervlaai en/of [slachtoffer 9], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte,

- (onverhoeds/opeens) achter de toonbank langs is gelopen en/of (achter de toonbank) naast/bij [slachtoffer 9] is gaan staan en/of

- (vervolgens) tegen [slachtoffer 9] heeft gezegd: "Ik wil de kas hebben" en/of "Ik wil de kas, maak de kassa open" en/of

- (hierbij) een mes, althans een op een mes gelijkend voorwerp, heeft gepakt en of in zijn hand heeft genomen en/of gehouden en/of getoond,

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

6.

(zaak 8)

hij op of omstreeks 10 maart 2009 te Rhoon, gemeente Albrandswaard, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag (ongeveer 205 euro), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Hans Textiel en/of [slachtoffer 10], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 10], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat hij, verdachte;

- (zachtjes) heeft gezegd (tegen [slachtoffer 10]) dat dit een overval was en/of

- achter de toonbank is gaan staan (naast [slachtoffer 10]) en/of

- een mes in zijn handen en/of voor zijn lichaam heeft gehouden en/of

- (zachtjes) herhaalde dat dit een overval was

7.

(zaak 5)

hij op of omstreeks 13 maart 2009 te Rotterdam, [adres], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag (ongeveer 175 euro), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Dutch

Outback Shop en/of [slachtoffer 11], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 11], gepleegd met het

oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat hij, verdachte;

- [slachtoffer 11] bij de arm heeft gepakt en in de richting van de kassa heeft getrokken en/of

- onder zijn jas vandaan een mes heeft gepakt en/of

- dit/een mes tegen/in de zij van [slachtoffer 11] heeft gedrukt en/of

- dit/een mes op [slachtoffer 11] heeft gericht (gehouden) en/of

- heeft geroepen dat hij geld wilde en [slachtoffer 11] de kassa moest openmaken

8.

(zaak 9)

hij op of omstreeks 13 maart 2009 te Barendrecht met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag (ongeveer 232 euro), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Hunkemoller en/of [slachtoffer 3], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 3], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken,

hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat hij, verdachte;

- heeft gezegd: "Dit is een overval, hier met dat geld ...en snel" en/of

- (tegelijkertijd) een mes uit zijn broeksband heeft gehaald en/of

- (vervolgens) heeft gezegd: "Je krijgt tien seconden" en/of

- begon te tellen van één tot tien en/of

- [slachtoffer 11] achter de toonbank heeft geduwd en daarbij het mes tegen haar buik heeft gehouden

9.

(zaak 1)

hij op of omstreeks 15 maart 2009 te Rotterdam, [adres] met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag (ongeveer 350 euro), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Snackbar [naam] en/of [slachtoffer 12], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 12], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht

mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat hij, verdachte;

- naast [slachtoffer 12] is gaan staan en/of

- tegen [slachtoffer 12] heeft gezegd: "Geld" en/of "De kassa" en/of

- een mes in zijn handen heeft vastgehouden en/of

- met dit/een mes [slachtoffer 12] heeft bedreigd door met het mes te zwaaien terwijl hij voor [slachtoffer 12] stond en/of

- dit/een mes tegen de (rechter)zij van [slachtoffer 12] heeft gehouden en/of

- (vervolgens, met [slachtoffer 12] bij de kassa aangekomen) tegen [slachtoffer 12] heeft gezegd: "Open doen"

10.

(zaak 10)

hij op of omstreeks 16 maart 2009 te Numansdorp, gemeente Cromstrijen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag (ongeveer 643 euro), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan bakkerij De Ambacht en/of [slachtoffer 13], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 14], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat hij, verdachte,

- (onverhoeds/opeens)(achter de toonbank) naast [slachtoffer 14] is gaan staan en/of

- (vervolgens) een mes, althans een op een mes gelijkend voorwerp, heeft gepakt en/of getoond en/of

- (vervolgens) het/een mes ter hoogte van en/of tegen de (linker)zij van [slachtoffer 14] heeft gezet en/of gehouden en/of

- (vervolgens) (daarbij) tegen [slachtoffer 14] heeft gezegd "Maak de kassa open", althans woorden van gelijke aard en/of strekking;

11.

(zaak 2)

hij op of omstreeks 16 maart 2009 te Numansdorp, gemeente Cromstrijen, [slachtoffer 13] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers heeft verdachte opzettelijk dreigend een mes, althans een op een mes gelijkend voorwerp, getrokken en/of getoond, althans een beweging naar/in de richting van zijn riem gemaakt alsof hij een mes, althans een op een mes gelijkend voorwerp, zou pakken/trekken, en/of (daarbij) gezegd: "Ik steek je dood" of woorden van soortgelijke aard en/of strekking;

Parketnummer: 11/500121-09

Vonnis d.d. 9 juli 2009