Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBDOR:2007:BC0326

Instantie
Rechtbank Dordrecht
Datum uitspraak
05-09-2007
Datum publicatie
17-12-2007
Zaaknummer
63505 HAZA 06-2140
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Buiten de meter om afgenomen elektriciteit t.b.v. hennepkwekerij. Eindvonnis na bewijslevering inzake de duur van de exploitatie van de hennepkwekerij.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK DORDRECHT

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 63505 / HA ZA 06-2140

Vonnis van 5 september 2007

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ENECO NETBEHEER B.V.,

gevestigd te Rotterdam,

eiseres,

procureur mr. A. Ester,

tegen

[gedaagde],

wonende te Alblasserdam,

gedaagde,

procureur mr. M.R. Dill.

Partijen zullen hierna eiseres en gedaagde genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het tussenvonnis van 3 januari 2007 en de daarin vermelde stukken,

- akte uitlating producties van eiseres,

- het proces-verbaal van getuigenverhoor van 14 maart 2007,

- het proces-verbaal van getuigenverhoor van 6 juni 2007.

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De verdere beoordeling

2.1. Bij voornoemd vonnis heeft de rechtbank overwogen dat niet in geschil is dat in de huurwoning van gedaagde een hennepkwekerij is aangetroffen, dat voldoende vast staat dat de in die woning aanwezige elektriciteitsmeter en hoofdverzekeringskast dusdanig waren gemanipuleerd dat het mogelijk was om onbemeten elektriciteit af te nemen (r.o. 4.1), dat schade in verband met diefstal van elektriciteit - indien daarvan sprake is - voor rekening en risico van gedaagde dient te komen (r.o. 4.2) en dat de gevorderde kosten, verband houdende met de werkzaamheden van de technische dienst en fraudemedewerker ad € 893,82 kunnen worden toegewezen, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 19 juni 2003 (r.o. 4.4). Voorts heeft de rechtbank in voornoemd vonnis overwogen dat uit door gedaagde overgelegde stukken kan worden afgeleid dat de hennepkwekerij, hoewel op het moment van ontdekking niet in bedrijf, wel in bedrijf is geweest, doch niet dat er in totaal vijf oogsten zijn geweest (r.o. 4.5). Met inachtneming van het laatste heeft de rechtbank eiseres opgedragen te bewijzen dat bij de berekening van de door haar als gevolg van diefstal van elektriciteit geleden schade uitgegaan dient te worden van vijf oogsten van 70 dagen in de periode van 4 juli 2002 tot en met 19 juni 2003.

2.2. Eiseres heeft foto's overgelegd van de situatie ter plekke ten tijde van de ontdekking van de hennepkwekerij op 19 juni 2003. Voorts heeft eiseres [werknemer 1 eiseres], fraudespecialist bij Eneco Services B.V. en [werknemer 2 eiseres], technisch specialist fraude in dienst van eiseres, als getuige doen horen.

2.3. Getuige [werknemer 1 eiseres] heeft stukjes koolstoffilter getoond en - voor zover hier van belang en zakelijk weergegeven - het volgende verklaard:

Hij heeft zijn specialisme vergaard door ervaring gedurende 20 jaar, behandelt maandelijks zo'n 16 fraudegevallen en heeft in de loop der jaren honderden hennepkwekerijen gezien.

Hij is van oordeel dat het getoonde stukje koolfilter dat afkomstig is van een koolfilter dat bij 4 oogsten is gebruikt even vervuild is als de filters op de foto in het proces-verbaal van deze zaak. Verder trof hij vervuiling op de lampen en op de vloer aan en wijst hij op de vuilniszakken die op de foto's zijn te zien waarin plantenresten zijn aangetroffen. De kweekbakken waren ook duidelijk gebruikt geweest. Gelet op de aanslag op de plateaus onder de kweekbakken concludeert hij dat de plantage al langer in werking moet zijn geweest. Hij wijst op de foto van het waterreservoir waarop veel kalkaanslag te zien is. Hij heeft met eigen ogen waargenomen dat in de woning lege jerrycans van voedingssupplementen waren. Er stonden ook nog volle jerrycans. Op basis van alle hiervoor gemelde omstandigheden komt hij op grond van zijn ervaring tot de conclusie dat in deze kwekerij tenminste 4 oogsten zijn geweest. Gelet op opmerkingen van omwonenden tegen hem en de geconstateerde wateroverlast in 2001, heeft hij het idee dat deze kwekerij al veel langer gaande is geweest dan gedurende de periode die nodig is voor 4 oogsten, maar dat is moeilijk hard te maken.

Een koolstoffilter gaat maximaal 5 kweken mee. De kweekbakken, de voedingsbakken en het waterreservoir kunnen vele malen hergebruikt worden. Dat is bijna onbeperkt: ze zijn van plastic. Hij acht het echter niet aannemelijk dat deze zaken tweedehands worden gekocht omdat ze weinig kosten.

2.4. Getuige [werknemer 2 eiseres] heeft een stukje koolstoffilter getoond en - voor zover hier van belang en zakelijk weergegeven - het volgende verklaard:

Sinds begin jaren 90 houdt hij zich bezig met fraude in verband met illegale hennepkwekerijen. Zijn kennis baseert hij op zijn jarenlange ervaring. Inmiddels is hij betrokken geweest bij zo'n 400 à 500 zaken per jaar. Hij bezoekt voorts growshops en -beurzen en leest vakliteratuur op het gebied van hennepkwekerijen.

Hij kan zich nog herinneren dat ze het pand dat gedaagde huurde, in juni 2003 naar binnen gingen. Gelet op de mate van vervuiling van het koolstoffilter concludeert hij dat er tenminste 4 oogsten moeten zijn geweest. Hij toont een stukje filter dat in een andere zaak is meegenomen en waarvan ze zeker weten dat de vervuiling daarvan het resultaat is van 4 kweken. Hij vindt dat het filter op de foto nog donkerder is, zodat het volgens hem nog langer gebruikt moet zijn. Zijn ervaring heeft hem geleerd dat kwekers gemiddeld na 5 à 7 keer het filter vervangen. Hij wijst er op dat op de foto's de lampen vervuild zijn. Hij heeft dat ter plekke ook geconstateerd. Op de lampen waren geen vingerafdrukken of iets dergelijks te zien. Hij meent dat daaruit geconcludeerd kan worden dat, ook als gebruikte lampen daar waren neergehangen, deze toch al maanden hangen, omdat je anders vingers op de lampen had gezien als gevolg van het aanbrengen. Op de foto's is te zien dat in de kweekbakjes nog resten van steenwol zitten. Zij troffen daar ook plantenresten aan. In de vuilniszakken troffen ze ook plantenresten aan. Het waterreservoir was zodanig door de kalk aangetast dat hij ook op grond daarvan concludeert dat deze kwekerij al langere tijd in gebruik was. Op de foto's valt ook te zien dat zij lege en half lege jerrycans met voedingsstoffen hebben aangetroffen.

Gelet op de situatie zoals zij die daar aantroffen en de vervuiling van het pand en de kwekerij concludeert hij uit zijn ervaring dat deze kwekerij daar een klein jaar heeft gezeten en zo'n 5 oogsten minimaal heeft gehad. Het huis was te vies om aan te pakken.

2.5. Onder de door eiseres overgelegde foto's van de aangetroffen situatie ter plekke ten tijde van de ontdekking van de hennepkwekerij bevindt zich een foto van de ruimte waarin zich de hennepkwekerij zich bevond en waarop een deel van het koolstoffilter zichtbaar is. De rechter heeft waargenomen dat het koolstoffilter op de foto even vervuild is als het door de getuigen [werknemer 1 eiseres] en [werknemer 2 eiseres] bij het afleggen van hun verklaring getoonde stuk koolstoffilter. Voorts zijn op die foto vervuilde lampen zichtbaar en zijn op een andere foto van de onderhavige ruimte vervuilde kweekbakken zichtbaar. Onder de door eiseres overgelegde foto's bevinden zich daarnaast foto's van de badkamer, waarop een waterreservoir met veel kalkaanslag zichtbaar is. Tevens zijn daarop lege jerrycans te zien en jerrycans die gedeeltelijk en bijna volledig met vloeistof zijn gevuld.

2.6. Gedaagde heeft zichzelf alsmede zijn broer [broer gedaagde] en zijn zusters [zus 1 gedaagde] en [zus 2 gedaagde] en [zus 3 gedaagde] als getuige doen horen. Op de inhoud van hun verklaringen zal voor zover nodig hierna worden ingegaan.

2.7. Het door gedaagde overgelegde proces-verbaal van doorzoeking van de politie Zuid-Holland-Zuid, opgemaakt en ondertekend door E. van Herwijnen, agent van politie Zuid-Holland-Zuid, P.J.H. Horsten inspecteur van politie Zuid-Holland-Zuid en J.H. Vos, brigadier van politie Zuid-Holland-Zuid, bevat - voor zover hier van belang - de volgende verklaring van de verbalisanten:

"BINNENTREDEN WONING

Op donderdag 19 juni 2003 ... werd door ons onder leiding van de rechter-commissaris te Dordrecht ... de woning [adres] in de gemeente Alblasserdam .. betreden.

...

De woning bleek later uit de navolgende ruimten te bestaan:

- Hal met bergkast en meterkast

- Keuken grenzend aan balkon aan de voorzijde

- Kleine slaapkamer, kennelijk ingericht als leefruimte

- Toilet

- Woonkamer en ingericht als hennepkwekerij

- Badkamer

OPENING DOORZOEKING

....

De in de hal aanwezige afgesloten deur werd geforceerd en bleek daarna toegang te verschaffen tot de oorspronkelijke woonkamerruimte van de woning, alsmede de daarmee in open verbinding staande badkamerruimte.

In deze ruimte werd een compleet ingerichte hennepkwekerij aangetroffen welke overigens niet in gebruik was.

...."

2.8. Uit de voormelde verklaringen van de getuigen [werknemer 1 eiseres] en [werknemer 2 eiseres], bezien in samenhang met de door eiseres overgelegde foto's, blijkt voldoende duidelijk dat de hennepkwekerij in de woning geruime tijd moet zijn geëxploiteerd en dat daarin ten minste 4 oogsten hebben plaatsgevonden. De verklaringen van de aan de zijde van gedaagde gehoorde getuigen bieden daaraan onvoldoende tegenwicht. Getuige [broer gedaagde] heeft wel verklaard dat zijn broer een hennepkwekerij is gaan opzetten met tweedehands spullen, maar daaraan kan geen gewicht worden toegekend nu uit die verklaring niet blijkt waarop [broer gedaagde] die wetenschap baseert. Ook kan geen waarde worden gehecht aan de door gedaagde afgelegde verklaring dat hij rond februari de sleutel van zijn woning heeft afgegeven aan degene aan wie hij zijn woning voor een hennepkwekerij beschikbaar stelde. Daarvoor ontbreekt immers ondersteunend bewijs, hetgeen gedaagde eenvoudig had kunnen aanleveren door de bedoelde persoon als getuige te doen horen. Evenmin kan aan de door getuige [broer gedaagde] afgelegde verklaring dat - zakelijk weergegeven - gedaagde hem vier maanden voor de inval heeft verteld dat hij van plan was een hennepkwekerij te beginnen waarde worden gehecht, nu gedaagde dat in zijn getuigenverklaring heeft tegengesproken. Tenslotte geven ook de verklaringen van de familieleden van gedaagde, die zijn verklaring dat hij met zijn familie in zijn woning Oud en Nieuw 2002/2003 heeft gevierd ondersteunen, geen grond om er aan te twijfelen dat de hennepkwekerij met Oud en Nieuw 2002/2003 in de woning aanwezig was. Geen van de als getuige gehoorde familieleden van gedaagde heeft immers verklaard toen in de ruimte te zijn geweest waarin de hennepkwekerij is aangetroffen of deze ruimte te hebben gezien. Aan de verklaring van [broer gedaagde] dat met Oud en Nieuw 2002/2003 nog geen hennepkwekerij in de woning van gedaagde was en de verklaring van [zus 1 gedaagde] dat zij toen in de woning van gedaagde niets heeft gezien kan derhalve geen doorslaggevende betekenis worden toegekend.

2.9. Gedaagde heeft niet bestreden dat de voor de exploitatie van de hennepkwekerij benodigde elektriciteit - indien die exploitatie zou komen vast te staan - onbemeten werd afgenomen.

2.10. Het verweer van gedaagde dat een volledige groeifase van hennep geen 70 dagen in beslag neemt, zoals eiseres stelt, maar 77 dagen, is gebaseerd op een door hem overgelegde verklaring van de universiteit Wageningen van 21 februari 1997. Die verklaring vermeldt echter dat daarin een gemiddelde situatie wordt geschetst en dat professionele telers de groeiduur verkorten door gelijk zaailingen in te planten in plaats van uit zaad te starten. Niet gesteld is dat de hennepkwekerij van uit zaad startte. Aldus staat de door eiseres gestelde duur van een volledige groeifase van hennep van 70 dagen als onvoldoende gemotiveerd weersproken vast.

2.11. Op grond van het vorenstaande acht de rechtbank bewezen dat voor de berekening van de door eiseres als gevolg van diefstal van elektriciteit geleden schade uitgegaan dient te worden van vier oogsten van 70 dagen in de periode vóór 19 juni 2003.

2.12. Gedaagde heeft onvoldoende gemotiveerd bestreden dat op grond van de aangetroffen apparatuur zoals vermeld in de namens eiseres door [werknemer 2 eiseres] gedane aangifte kan worden uitgegaan van een gemiddeld elektriciteitsverbruik van de hennepkwekerij van 303,60 kWh per dag. Berekend over een periode van 280 dagen komt dit neer op een elektriciteitsverbruik van 85.008 kWh. Evenmin heeft gedaagde gemotiveerd weersproken dat de schade die eiseres door onbemeten afgenomen elektriciteit heeft geleden, zoals eiseres heeft gedaan, dient te worden berekend op € 0,14624 per kWh over de eerste 10.000 kWh, op € 0,10304 per kWh over de volgende 40.000 kWh en op € 0,08864 voor iedere volgende kWh. Aldus berekend bedraagt de door eiseres geleden ten gevolge van onbemeten afgenomen elektriciteit schade (€ 1.462,40 + € 4.121,60 + (35.008 x € 0,08864=) € 3.103,11=) € 8.687,11 exclusief BTW, zijnde € 10.337,66 inclusief BTW.

2.13. Op grond van het vorenstaande dient de vordering van eiseres tot het bedrag van (€ 893,82 + € 10.337,66=) € 11.231,48 te worden toegewezen, vermeerderd met - nu de verschuldigdheid daarvan niet door gedaagde is betwist - wettelijke rente over dit bedrag vanaf 19 juni 2003.

2.14. Gedaagde zal als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van eiseres worden begroot op:

- dagvaarding € 71,32

- vast recht 299,00

- getuigenkosten 0,00

- salaris procureur € 1.808,00 (4 punten × tarief € 452,00)

Totaal € 2.178,32

3. De beslissing

De rechtbank

veroordeelt gedaagde om tegen kwijting aan eiseres te betalen een bedrag van € 11.231,48 , te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 19 juni 2003 tot de voldoening;

veroordeelt gedaagde in de proceskosten, aan de zijde van eiseres tot op heden begroot op € 2.178,32 ;

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. C.H. Kemp-Randewijk en in het openbaar uitgesproken op 5 september 2007.