Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBDOR:2007:BB7092

Instantie
Rechtbank Dordrecht
Datum uitspraak
25-10-2007
Datum publicatie
05-11-2007
Zaaknummer
72136 / KG ZA 07-184
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Het waterschap heeft een onderhoudsplichtige van twee waterbergingen verplicht de woekerende waterplant 'grote waternavel' uit het water te verwijderen. Onderhoudsplichtige heeft de plant met wortel en tak verwijderd en vordert in kortgeding dat het waterschap hetzelfde doet in de overige watergangen. Aangezienhet waterschap de planten regelmatig (mechanisch) verwijdert en het waterschap van de onderhoudsplichtige ook niet verwacht dat hij de planten met wortel en tak uitroeit, wordt de vordering afgewezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK DORDRECHT

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 72136 / KG ZA 07-184

Vonnis in kort geding van 25 oktober 2007

in de zaak van

[eiser],

wonende te Rockanje,

eiser,

procureur mr. F.A. van de Kasteele,

tegen

de publiekrechtelijke rechtspersoon

WATERSCHAP HOLLANDSE DELTA,

gevestigd te Ridderkerk,

gedaagde,

vertegenwoordigd door [directeur].

Partijen zullen hierna [eiser] respectievelijk het Waterschap genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding van 3 oktober 2007;

- de mondelinge behandeling van 11 oktober 2007;

- de pleitnota van [eiser];

- de pleitnota van Waterschap met daaraan gehecht twee producties.

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

2.1. [eiser] is melkveehouder en eigenaar van een perceel weiland nabij de Rietdijk/Panneweg (West) te Rockanje. Op dat perceel bevinden zich twee waterbergingen. [eiser] is belast met het beheer en onderhoud van de eerste zes meters van deze waterbergingen, gemeten vanuit de oever aan het weiland. Het beheer en onderhoud van de resterende meters tot de Panneweg, van deze weg zelf en van de hoofdwatergang ten zuiden van deze weg berusten bij het Waterschap.

2.2. Sinds 1999 is de uit Zuid-Amerika afkomstige waterplant grote waternavel in Nederland aanwezig. Dit is een drijvende woekerplant die de afvoer van water kan hinderen door ophoping bij duikers, stuwen en gemalen. Voorts veroorzaakt deze plant zuurstoftekort in het water waardoor vissterfte optreedt en verdringt zij andere planten.

2.3. Krachtens artikel 14 lid 3 van de Flora- en faunawet juncto artikel 6 van het Besluit aanwijzing dier- en plantensoorten Flora- en faunawet is het onder meer verboden de grote waternavel onder zich te hebben.

2.4. De grote waternavel is in de (hoofd)watergangen van het Waterschap terechtgekomen en in de waterbergingen aan de Panneweg.

2.5. Artikel 10 lid 1 van de Keur voor Waterschap Hollandse Delta verplicht de onderhoudsplichtingen van wateren om onder meer planten die de afvoer, aanvoer of berging van water kunnen hinderen, te verwijderen. Op grond hiervan heeft het Waterschap [eiser] op 13 november 2006 aangeschreven om de grote waternavel in zijn deel van de waterbergingen volledig, met wortel en tak, te verwijderen, onder aanzegging van bestuursdwang. Het Waterschap heeft [eiser] op 28 december 2006 wederom aangeschreven aangezien de plant nog niet volledig was verwijderd.

2.6. Bij brief van 5 januari 2007 heeft het Waterschap [eiser] bij aangetekende brief medegedeeld dat het verwijderen van de plant met wortel en tak weliswaar het beste resultaat geeft, maar dat de eerdere aanschrijving zo moet worden uitgelegd dat met mechanische verwijdering kan worden volstaan en dat alleen de planten ín het water dienen te worden verwijderd.

2.7. In het voorjaar van 2007 heeft [eiser] alle grote waternavel aan zijn kant volledig verwijderd door de grond langs het water af te graven. Thans verwijdert [eiser] minimaal één maal per zes weken alle grote waternavel met de hand uit zijn berm.

2.8. Het Waterschap verwijdert de grote waternavel in haar watergangen en haar deel van de waterbergingen door middel van maaien (dus: mechanische verwijdering).

3. Het geschil

3.1. [eiser] vordert - samengevat - dat het Waterschap wordt gelast om binnen vijf werkdagen ervoor te hebben zorg gedragen dat alle grote waternavelplanten uit de bij het Waterschap in onderhoud zijnde (hoofd)watergangen en de waterbergingen met wortel en tak zijn uitgeroeid, op straffe van een dwangsom van € 5.000,- per dag, met een maximum van € 500.000,-.

[eiser] voert hiervoor aan dat het Waterschap het onderhoudswerk halfslachtig uitvoert, waardoor delen van de grote waternavel achterblijven en zich verder kunnen voortplanten, ook in het bij [eiser] in onderhoud zijnde deel van de waterbergingen.

3.2. Waterschap betwist dat het nalatig is in het onderhoudswerk met betrekking tot de grote waternavel.

4. De beoordeling

4.1. [eiser] heeft aannemelijk gemaakt dat hij een spoedeisend belang heeft bij spoedige verwijdering van de grote waternavel in de hoofdwatergang en de waterbergingen.

4.2. Op grond van de brief van het Waterschap van 5 januari 2007, die blijkens de eerste alinea een aanvulling is op de brief van 28 december 2006, was [eiser] slechts gehouden de grote waternavel uit het water te verwijderen. Door in het voorjaar van 2007 de grote waternavel desalniettemin met wortel en tak uit te roeien heeft [eiser] meer gedaan dan waartoe hij gehouden was. Ook het handmatig verwijderen van jonge planten uit de berm is geen verplichting die het Waterschap [eiser] oplegt. [eiser] kan dan ook niet van het Waterschap verwachten dat het Waterschap hetzelfde doet, opdat hij deze handmatige verwijdering kan staken.

4.3. Aangezien het Waterschap aannemelijk heeft gemaakt dat het in zijn watergangen en zijn deel van de waterbergingen de grote waternavel regelmatig verwijdert en het Waterschap ook van [eiser] niet meer dan dat verwacht, wordt de gevraagde voorziening afgewezen.

4.4. [eiser] zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld.

5. De beslissing

De voorzieningenrechter

5.1. wijst de vorderingen af;

5.2. veroordeelt [eiser] in de proceskosten, aan de zijde van Waterschap tot op heden begroot op :

- vast recht € 251,00

Dit vonnis is gewezen door mr. R.J. Verschoof en in het openbaar uitgesproken op 25 oktober 2007.