Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBDOR:2007:BA0793

Instantie
Rechtbank Dordrecht
Datum uitspraak
15-03-2007
Datum publicatie
15-03-2007
Zaaknummer
11/510384-06
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

De rechtbank heeft verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 8 maanden waarvan 6 maanden voorwaardelijk en een werkstraf van 240 uren voor aandeel in meerdere oplichtingen van de SNS Bank. Sprake van bewuste samenwerking en gezamenlijke uitvoering.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK DORDRECHT

MEERVOUDIGE STRAFKAMER

Tegenspraak

Parketnummer: 11/510384-06

Zittingsdatum : 1 maart 2007

Uitspraak : 15 maart 2007

VERKORT STRAFVONNIS

De rechtbank Dordrecht heeft op grondslag van de tenlastelegging en naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting vonnis gewezen in de zaak tegen:

[verdachte],

geboren in 1985,

wonende te [adres en woonplaats].

De rechtbank heeft de processtukken gezien en kennis genomen van de vordering van de officier van justitie en van hetgeen de verdediging naar voren heeft gebracht.

1. De tenlastelegging

Aan de verdachte is tenlastegelegd dat

1.

hij op een of meerdere tijdstip(pen) in de periode van 1 mei 2006 tot en met 10 augustus 2006 te Deventer en/of Amsterdam en/of Schiedam, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

(telkens) met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen (telkens) door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een

samenweefsel van verdichtsels, [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] en/of SNS Bank heeft bewogen tot de afgifte van één of meer geldbedrag(en), in elk geval van enig goed, hebbende verdachte en/of zijn mededader(s) toen aldaar (telkens) met vorenomschreven oogmerk

- zakelijk weergegeven -

valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid

- een adreswijziging doorgegeven aan SNS Bank uit naam van [slachtoffer 2] en/of

- (vervolgens) een overeenkomst Internet Bankieren aangevraagd met behulp van een handtekening van [slachtoffer 2] en/of

- (vervolgens) middels een of meer internetoverschrijving(en) (een) geldbedrag(en) van de bankrekening(en) van die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 1] overgeboekt, waardoor [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] en/of SNS Bank (telkens) werd(en) bewogen tot bovenomschreven afgifte;

SUBSIDIAIR: voorzover het vorenstaande onder 1 niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

[mededader 1] en/of [mededader 2] en/of [mededader 3] en/of een of meer onbekend gebleven perso(o)n(en) op een of meerdere tijdstip(pen) in de periode van 1 mei 2006 tot en met 10 augustus 2006 te Deventer en/of Amsterdam en/of

Schiedam, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen (telkens) door het aannemen van een

valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] en/of SNS Bank heeft/hebben bewogen tot de afgifte van één of meer geldbedrag(en), in elk geval van enig goed, hebbende die [mededader 1] en/of die [mededader 2] en/of die [mededader 3] en/of zijn/hun mededader(s) toen aldaar (telkens) met vorenomschreven oogmerk

- zakelijk weergegeven -

valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid

- een adreswijziging doorgegeven aan SNS Bank uit naam van [slachtoffer 2] en/of

- (vervolgens) een overeenkomst Internet Bankieren aangevraagd met behulp van een handtekening van [slachtoffer 2] en/of

- (vervolgens) middels een of meer internetoverschrijving(en) (een) geldbedrag(en) van de bankrekening(en) van die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 1] overgeboekt,

waardoor [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] en/of SNS Bank (telkens) werd(en) bewogen tot bovenomschreven afgifte;

tot het plegen van welk misdrijf verdachte op een of meerdere tijdstip(pen) in de periode van 1 mei 2006 tot en met 10 augustus 2006 te Schiedam en/of Amsterdam, in elk geval in Nederland opzettelijk gelegenheid,middelen en/of

inlichtingen heeft verschaft door

- van [mededader 1] diens giropas en pincode te verkrijgen en/of

- die [mededader 1] op te bellen en hem te instrueren omtrent het pinnen van de girorekening van [mededader 1] en/of

- op 22 juni 2006 (met één of meer mededader(s)) naar Schiedam te gaan en aldaar met die [mededader 1] te wachten tot die kon pinnen en/of

- met die [mededader 1] mee te gaan pinnen en/of

- die [mededader 1] een deel van het gepinde geld te overhandigen als beloning en/of

- vervolgens (het overige deel van) het gepinde geld mee te nemen;

2.

hij op een of meerdere tijdstip(pen) in de periode van 1 juli 2006 tot en met 21 september 2006 te Rotterdam en/of Spijkenisse en/of Arnhem, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

(telkens) met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen (telkens) door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een

samenweefsel van verdichtsels, [slachtoffer 3] en/of SNS Bank heeft bewogen tot de afgifte van één of meer geldbedrag(en), in elk geval van enig goed, hebbende verdachte en/of zijn mededader(s) toen aldaar (telkens) met vorenomschreven oogmerk

- zakelijk weergegeven -

valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid

- een adreswijziging doorgegeven aan SNS Bank uit naam van [slachtoffer 3] en/of

- (vervolgens) een overeenkomst Internet Bankieren aangevraagd met behulp van een handtekening van die [slachtoffer 3] en/of

- (vervolgens) middels één of meer internetoverschrijving(en) (een) geldbedrag(en) van de bankrekening(en) van die [slachtoffer 3] overgeboekt, waardoor [slachtoffer 3] en/of SNS Bank (telkens) werd(en) bewogen tot bovenomschreven afgifte;

SUBSIDIAIR: voorzover het vorenstaande onder 2 niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

hij op een of meerdere tijdstip(pen) in de periode van 1 juli 2006 tot en met 21 september 2006 te Rotterdam en/of Spijkenisse en/of Arnhem, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

(telkens) met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen (telkens) door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een

samenweefsel van verdichtsels, [slachtoffer 3] en/of SNS Bank heeft bewogen tot de afgifte van één of meer geldbedrag(en), in elk geval van enig goed, hebbende verdachte en/of zijn mededader(s) toen aldaar (telkens) met vorenomschreven oogmerk

- zakelijk weergegeven -

valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid

- een adreswijziging doorgegeven aan SNS Bank uit naam van [slachtoffer 3] en/of

- (vervolgens) een overeenkomst Internet Bankieren aangevraagd met behulp van een handtekening van die [slachtoffer 3] en/of

- (vervolgens) middels één of meer internetoverschrijving(en) (een) geldbedrag(en) van de bankrekening(en) van die [slachtoffer 3] overgeboekt, waardoor [slachtoffer 3] en/of SNS Bank (telkens) werd(en) bewogen tot bovenomschreven afgifte,

tot het plegen van welk misdrijf verdachte op een of meerdere tijdstip(pen) in de periode van 1 juli 2006 tot en met 21 september 2006 te Rotterdam en/of Spijkenisse en/of Amsterdam, in elk geval in Nederland opzettelijk

gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft door

- van [slachtoffer 4] haar giropas en pincode te verkrijgen en/of

- die [slachtoffer 4] op te bellen en haar te instrueren (omtrent het pinnen van haar girorekening) en/of

- op een of meer tijdstip(pen) (in de maand augustus) (met één of meer (mededader(s)) naar Rotterdam en/of Spijkenisse te gaan om aldaar een of meer geldbedrag(en) te gaan pinnen van de girorekening van [slachtoffer 4] en/of

- met die [slachtoffer 4] mee te gaan pinnen en/of

- die [slachtoffer 4] een deel van het gepinde geld te overhandigen als beloning en/of

- vervolgens (het overige deel van) het gepinde geld mee te nemen;

3.

hij op een of meerdere tijdstip(pen) in de periode van 15 september 2006 tot en met 18 oktober 2006 te Amsterdam en/of Breda,in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens)

met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen (telkens) door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [slachtoffer 6] en/of SNS Bank heeft bewogen tot de afgifte van één of meer geldbedrag(en), in elk geval van enig goed, hebbende verdachte en/of zijn mededader(s) toen aldaar (telkens) met vorenomschreven oogmerk

- zakelijk weergegeven -

valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid

- een adreswijziging doorgegeven aan SNS Bank uit naam van [slachtoffer 6] en/of

- (vervolgens) een nieuwe digipas aangevraagd en/of

- (vervolgens) middels één of meer internetoverschrijving(en)(een) geldbedrag(en) van de bankrekening(en) van die [slachtoffer 6] overgeboekt, waardoor [slachtoffer 6] en/of SNS Bank (telkens) werd(en) bewogen tot

bovenomschreven afgifte;

SUBSIDIAIR: voorzover het vorenstaande onder 3 niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

[slachtoffer 6] en/of een of meer mededader(s) op een of meerdere tijdstip(pen) in de periode van 15 september 2006 tot en met 18 oktober 2006 te Amsterdam en/of Breda, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen (telkens) door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige

kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [slachtoffer 6] en/of SNS Bank heeft/hebben bewogen tot de afgifte van één of meer geldbedrag(en), in elk geval van enig goed, hebbende die [slachtoffer 6] en/of zijn mededader(s) toen aldaar (telkens) met vorenomschreven oogmerk

- zakelijk weergegeven -

valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid

- een adreswijziging doorgegeven aan SNS Bank uit naam van [slachtoffer 6] en/of

- (vervolgens) een nieuwe digipas aangevraagd en/of

- (vervolgens) middels één of meer internetoverschrijving(en) (een) geldbedrag(en) van de bankrekening(en) van die [slachtoffer 6] overgeboekt,waardoor [slachtoffer 6] en/of SNS Bank (telkens) werd(en) bewogen tot

bovenomschreven afgifte;

tot het plegen van welk misdrijf verdachte op een of meerdere tijdstip(pen) in de periode van 15 september 2006 tot en met 18 oktober 2006 te Amsterdam en/of Breda, in elk geval in Nederland opzettelijk gelegenheid, middelen en/of

inlichtingen heeft verschaft door

- van [slachtoffer 6] diens giropas en pincode te verkrijgen en/of

- die [slachtoffer 6] op te bellen en hem te instrueren omtrent het pinnen van de girorekening van die [slachtoffer 6] en/of

- op één of meer tijdstip(pen) met die [slachtoffer 6] mee te gaan pinnen en/of

- die [slachtoffer 6] een deel van het gepinde geld te overhandigen als beloning en/of

- op één of meer tijdstip(pen) met de giropas en pincode van die [slachtoffer 6] geld te pinnen en/of

- vervolgens (het overige deel van) het gepinde geld mee te nemen;

2. De voorvragen

2.1 De geldigheid van de dagvaarding

Bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de dagvaarding aan alle wettelijke eisen voldoet en dus geldig is.

2.2 De bevoegdheid van de rechtbank

Krachtens de wettelijke bepalingen is de rechtbank bevoegd van het tenlastegelegde kennis te nemen.

2.3 De ontvankelijkheid van de officier van justitie

Bij het onderzoek ter terechtzitting zijn geen feiten en/of omstandigheden gebleken die aan de ontvankelijkheid van de officier van justitie in de weg staan.

2.4 De schorsing van de vervolging

Bij het onderzoek ter terechtzitting zijn geen gronden voor schorsing van de vervolging gebleken.

3. Het onderzoek ter terechtzitting

3.1 De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft -het onder 1 primair, 2 primair en 3 primair tenlastegelegde bewezen achtend- gevorderd dat verdachte wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van twaalf maanden waarvan drie maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren met aftrek van het voorarrest.

3.2 De verdediging

De verdediging heeft een bewijsverweer en een strafmaatverweer gevoerd.

4. De bewijsbeslissingen

4.1 De bewezenverklaring

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte

1.

op tijdstippen in de periode van 1 mei 2006 tot en met 10 augustus 2006 te Deventer en Amsterdam en Schiedam, tezamen en in vereniging met anderen (telkens) met het oogmerk om zich en anderen wederrechtelijk te bevoordelen (telkens) door het aannemen van een valse naam en door een of meer listige kunstgrepen SNS Bank heeft bewogen tot de afgifte van geldbedragen, hebbende verdachte en zijn mededaders toen aldaar (telkens) met vorenomschreven oogmerk

- zakelijk weergegeven -

valselijk en listiglijk en bedrieglijk en in strijd met de waarheid

- een adreswijziging doorgegeven aan SNS Bank uit naam van [slachtoffer 2] en

- vervolgens een overeenkomst Internet Bankieren aangevraagd met behulp van een handtekening van [slachtoffer 2] en

- vervolgens middels internetoverschrijvingen geldbedragen van de bankrekeningen van die [slachtoffer 2] en die [slachtoffer 1] overgeboekt, waardoor SNS Bank (telkens) werd bewogen tot bovenomschreven afgifte;

2.

op tijdstippen in de periode van 1 juli 2006 tot en met 21 september 2006 te Rotterdam en Spijkenisse en Arnhem, tezamen en in vereniging met anderen, (telkens) met het oogmerk om zich en anderen wederrechtelijk te bevoordelen (telkens) door het aannemen van een valse naam en door een of meer listige kunstgrepen SNS Bank heeft bewogen tot de afgifte van geldbedragen, hebbende verdachte en zijn mededaders toen aldaar (telkens) met

vorenomschreven oogmerk

- zakelijk weergegeven -

valselijk en listiglijk en bedrieglijk en in strijd met de waarheid

- een adreswijziging doorgegeven aan SNS Bank uit naam van [slachtoffer 3] en

- vervolgens een overeenkomst Internet Bankieren aangevraagd met behulp van een handtekening van die [slachtoffer 3] en

- vervolgens middels internetoverschrijvingen geldbedragen van de bankrekeningen van die [slachtoffer 3] overgeboekt, waardoor SNS Bank (telkens) werd bewogen tot bovenomschreven afgifte;

3.

op tijdstippen in de periode van 15 september 2006 tot en met 18 oktober 2006 te Amsterdam en tezamen en in vereniging met anderen (telkens) met het oogmerk om zich en anderen wederrechtelijk te bevoordelen (telkens) door het aannemen van een valse naam en door een of meer listige kunstgrepen SNS Bank heeft bewogen tot de afgifte van geldbedragen, hebbende verdachte en/of zijn mededader(s) toen aldaar (telkens) met vorenomschreven oogmerk

- zakelijk weergegeven -

valselijk en listiglijk en bedrieglijk en in strijd met de waarheid

- een adreswijziging doorgegeven aan SNS Bank uit naam van [slachtoffer 6] en

- vervolgens een nieuwe digipas aangevraagd en

- vervolgens middels internetoverschrijvingen geldbedragen van de bankrekeningen van die [slachtoffer 6] overgeboekt, waardoor SNS Bank (telkens) werd bewogen tot bovenomschreven afgifte.

Hetgeen aan de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hier als bewezen is aangenomen, is niet bewezen. De verdachte zal hiervan worden vrijgesproken.

Voor zover in de bewezenverklaarde tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Blijkens het verhandelde ter terechtzitting is de verdachte daardoor niet in de verdediging geschaad.

4.2 Nadere bewijsoverweging ten aanzien van de feiten 1 primair, 2 primair en 3 primair

De raadsman heeft betoogd dat er geen sprake kan zijn van medeplegen van oplichting, omdat verdachte geen verweten handelingen heeft verricht. Verdachte is op geen enkele manier betrokken geweest bij het preparen van de bankrekeningen van de rekeninghouders en bij het prepareren van (het bancaire systeem van) de SNS Bank, zodat er geld kon worden opgenomen. Naar zijn mening dient verdachte ten aanzien van deze feiten te worden vrijgesproken.

De rechtbank overweegt het navolgende. Uit de inhoud van het strafdossier en het onderzoek ter terechtzitting zijn de volgende feiten en omstandigheden vast komen te staan. Verdachte en zijn mededaders hebben voorafgaand aan de uitvoering van de oplichtingen een afspraak gemaakt die inhield dat er geldbedragen op de Postbankrekeningen van zogenaamde 'katvangers' zouden worden gestort. Deze katvangers zouden de geldbedragen pinnen en zij zouden zelf 20% van die geldbedragen mogen houden. De rol van verdachte hierbij was dat hij de katvangers regelde en begeleidde bij de feitelijke uitvoeringshandelingen. Zo was verdachte ook in het bezit van de bankpasjes en de bijbehorende pincodes van de Postbankrekeningen van de katvangers. Vervolgens hebben de katvangers, begeleid door verdachte, de op de Postbankrekeningen gestorte geldbedragen opgenomen. Tenslotte heeft verdachte zelf enkele keren geldbedragen van de desbetreffende rekeningen gepind. Verdachte zou 5% van de gestorte geldbedragen krijgen.

Gelet op bovenstaande is de rechtbank van oordeel dat sprake is van een dusdanige bewuste samenwerking en gezamenlijke uitvoering dat verdachte moet worden aangemerkt als medepleger van de gepleegde oplichtingen.

4.3 De bewijsmiddelen

De rechtbank grondt haar overtuiging dat verdachte het bewezenverklaarde heeft begaan op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat en die reden geven tot de bewezenverklaring.

De rechtbank bezigt de inhoud van de geschriften als bedoeld in artikel 344, lid 1 sub 5° van het Wetboek van Strafvordering alleen in verband met de inhoud van andere bewijsmiddelen.

De rechtbank bezigt ieder bewijsmiddel, ook in onderdelen, telkens slechts voor het bewijs van het feit waarop het blijkens zijn inhoud betrekking heeft.

De bewijsmiddelen zullen in die gevallen, waarin de wet aanvulling van het vonnis met de bewijsmiddelen vereist, dan wel, voor zover artikel 359, derde lid, tweede volzin, van het Wetboek van Strafvordering wordt toegepast, met een opgave daarvan, in een aan dit vonnis gehechte bijlage worden opgenomen.

5. De strafbaarheid van het bewezenverklaarde

De bewezen geachte feiten zijn volgens de wet strafbaar. Het bestaan van een rechtvaardigingsgrond is niet aannemelijk geworden.

Het bewezenverklaarde levert op:

ten aanzien van de feiten 1 primair, 2 primair en 3 primair:

medeplegen van oplichting, meermalen gepleegd.[I1]

6. De strafbaarheid van de verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit. De verdachte is dus strafbaar.

7. De redenen, die de straf hebben bepaald of tot de maatregel hebben geleid

7.1 Strafmotivering

De rechtbank heeft de op te leggen straffen bepaald op grond van de ernst van de feiten en de omstandigheden waaronder die zijn begaan en op grond van de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan is gebleken uit het onderzoek ter terechtzitting.

Daarbij is in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft zich in korte tijd samen met anderen driemaal schuldig gemaakt aan oplichting van de SNS Bank. Hij en zijn mededaders hebben deze strafbare feiten in diverse delen van het land gepleegd. Zij hebben telkens uit naam van een rekeninghouder van de SNS Bank een adreswijziging doorgegeven aan de SNS Bank en op het gewijzigde adres de mogelijkheid tot internetbankieren aangevraagd met behulp van een handtekening van die rekeninghouder dan wel een nieuwe digipas aangevraagd. Vervolgens hebben zij door middel van internetoverschrijvingen geldbedragen van de bankrekeningen van de rekeninghouders overgeboekt naar Postbankrekeningen die met dat doel ter beschikking waren gesteld door de personen die daarvoor waren benaderd.

De rol van verdachte hierbij was steeds dat hij de zogenaamde 'katvangers' regelde die hun Postbankrekening ter beschikking stelden, waarop geldbedragen van de rekeninghouders van de SNS Bank werden overgemaakt. De katvangers pinden vervolgens deze geldbedragen. Verdachte begeleidde ze hierbij en heeft ook zelf geldbedragen gepind.

Verdachte en zijn mededaders hebben door hun handelen een ernstige inbreuk gemaakt op het vertrouwen dat banken en rekeninghouders in het economisch verkeer in elkaar moeten kunnen stellen. Het handelen van verdachte en zijn mededaders heeft de betrokken bank een aanzienlijk financieel nadeel (in totaal is voor een bedrag van meer dan

EUR 100.000,-opgelicht) opgeleverd. Daarnaast is het ook zonder meer duidelijk dat dit de rekeninghouders veel overlast en ergernis heeft bezorgd. Verdachte en zijn mededaders lieten zich uitsluitend leiden door financieel gewin.

Verdachte en zijn mededaders hebben ter uitvoering van hun plannen zeer doelbewust kwetsbare personen in de samenleving benaderd en voor hun karretje gespannen. De rechtbank acht dit zeer verwerpelijk en tegelijkertijd bijzonder tekenend voor de mentaliteit van verdachte en zijn mededaders en de wijze waarop zij zich in de maatschappij ten opzichte van hun medemensen menen te moeten manifesteren.

Vast is komen te staan dat verdachte volgens een Uittreksel Justitiële Documentatie niet eerder is veroordeeld in Nederland.

Op grond van het vorenoverwogene en gezien verdachtes rol en aandeel bij deze strafbare feiten en de omvang van het benadelingsbedrag is de rechtbank van oordeel dat een deels onvoorwaardelijke en deels voorwaardelijke gevangenisstraf en een werkstraf van na te melden duur dienen te worden opgelegd. De voorwaardelijke gevangenisstraf dient mede als waarschuwing aan verdachte zich in de toekomst van het plegen van strafbare feiten te onthouden.

8. De toepasselijke wettelijke voorschriften

De opgelegde straffen zijn gegrond op de volgende wettelijke voorschriften:

artikelen 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 47, 57 en 326 van het Wetboek van Strafrecht.

9. De beslissing

De rechtbank

verklaart bewezen dat de verdachte de ten laste gelegde feiten heeft begaan, zoals vermeld onder 4.1. van dit vonnis;

verklaart niet bewezen wat aan de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;

verklaart dat het bewezenverklaarde de onder 5. vermelde strafbare feiten oplevert;

verklaart de verdachte hiervoor strafbaar;

veroordeelt de verdachte wegens die feiten tot:

een GEVANGENISSTRAF voor de duur van 8 (acht) MAANDEN;

bepaalt dat een gedeelte van deze straf, te weten 6 (zes) MAANDEN, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechtbank later anders mocht gelasten, op grond dat de veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd die wordt bepaald op TWEE JAREN, aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt;

beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de uitvoering van de gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;

een TAAKSTRAF voor de duur van 240 (tweehonderdveertig) UREN, bestaande uit een werkstraf, bij het niet naar behoren verrichten te vervangen door 120 (honderdtwintig) dagen hechtenis;

beveelt dat de resterende tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht (namelijk voor zover die niet reeds in mindering is gebracht op het onvoorwaardelijk deel van de gevangenisstraf), bij de uitvoering van de taakstraf geheel in mindering zal worden gebracht;

bepaalt de maatstaf voor de aftrek overeenkomstig artikel 27 van het Wetboek van Strafrecht op 2 uren per dag.

Dit vonnis is gewezen door:

mr. F.J.P Lock, voorzitter,

mr. W.P.M. Jurgens en mr. P.L. van Dijke, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. S. van Vugt,griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 15 maart 2007.