Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBDOR:2006:AY4941

Instantie
Rechtbank Dordrecht
Datum uitspraak
14-06-2006
Datum publicatie
25-07-2006
Zaaknummer
62426 ha za 005-2847
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Afwijzing incidentele vordering tot oproeping in vrijwaring. Tussen de waarborg en de gewaarborgde bestaat geen relatie op grond waarvan de waarborg gehouden is de nadelige gevolgen van een veroordeling van de gewaarborgde in de hoofdzaak te dragen. Recht van één van de gedaagden in de hoofdzaak, die geen partij is in het incident, om in de hoofdzaak voor antwoord te concluderen niet verspeeld.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK DORDRECHT

Sector civiel recht

zaaknummer: 62426 / HA ZA 005-2847

vonnis van de enkelvoudige kamer van 14 juni 2006

in de zaak van

de vennootschap naar Italiaans recht

WORLD SKINS S.R.I.,

gevestigd te Castelfranco di Sotto (Pisa) in Italië,

eiseres in de hoofdzaak,

verweerster in het incident,

procureur: mr. V.J. Groot,

tegen

de vennootschap onder firma

BUITENDIJK-OUDIJN V.O.F.,

gevestigd te Arkel, gemeente Giessenlanden,

gedaagde in de hoofdzaak,

gedaagde 1,

gedaagde 2,

beiden wonende te (woonplaats),

gedaagden in de hoofdzaak,

eisers in het incident,

procureur mr. L.R.T. Peeters.

Partijen worden hieronder aangeduid als respectievelijk World Skins, de v.o.f., gedaagde 1 en gedaagde 2. Gedaagden in de hoofdzaak sub 2 en 3, tevens eisers in het incident gezamenlijk worden aangeduid als Buitendijk c.s.. Gedaagden in de hoofdzaak sub 1, 2 en 3 gezamenlijk zullen worden aangeduid als Liam’s.

1. Het procesverloop

De rechtbank heeft kennis genomen van de volgende processtukken:

- dagvaardingen van 25 november 2005,

- incidentele conclusie tot oproeping in vrijwaring,

- conclusie van antwoord in het incident, tevens akte in de hoofdzaak,

- de door beide partijen overgelegde producties.

2. De vordering in de hoofdzaak

2.1 World Skins vordert in de hoofdzaak – samengevat – Liam’s hoofdelijk te veroordelen tot betaling aan World Skins van een bedrag van € 55.036,25, te vermeerderen met de wettelijke rente en de buitengerechtelijke incassokosten, een en ander met hoofdelijke veroordeling van Liam’s in de kosten van het geding, waaronder begrepen de kosten van beslaglegging. Zij stelt daartoe het volgende.

2.2 World Skins heeft begin 2003 leer verkocht en geleverd aan Liam’s. Voor de geleverde goederen heeft World Skins aan Liam’s een factuur d.d. 27 februari 2003 ad € 55.036,25 gezonden. Liam’s heeft World Skins bij brief van 3 juli 2003 aansprakelijk gesteld aangezien het geleverde middenbruine, donkerbruine en zwarte leer ondeugdelijk zou zijn, als gevolg waarvan Liam’s schade zou hebben geleden. World Skins heeft echter leer geleverd conform hetgeen partijen zijn overeengekomen en zij stelt zich op het standpunt dat de schade moet zijn ontstaan bij de bewerking of verwerking van het leer. Ondanks aanmaningen en sommaties weigert Liam’s de openstaande factuur te betalen, zodat World Skins er recht op en belang bij heeft deze betaling in rechte af te dwingen.

3. De vordering in het incident

3.1 Buitendijk c.s. vorderen in het incident dat hen wordt toegestaan de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid G.A. Maas Leder B.V. gevestigd te Waalwijk, hierna te noemen “Maas Leder”, in vrijwaring op te roepen. Zij stellen hiertoe het navolgende.

3.2 In januari 2003 heeft Liam’s van Maas Leder een partij van World Skins afkomstig leer gekocht. Liam’s heeft Maas Leder gevraagd de kwaliteit van het leer te controleren. Na twee dozen heeft Maas Leder de controle gestaakt en heeft zij Liam’s meegedeeld dat het leer goed was. Maas Leder heeft de partij leer vervolgens voor bewerking doorgestuurd aan een firma in India. Er is ook een deel van het leer voor bewerking doorgestuurd naar Roemenië, welk leer niet voorafgaand is gecontroleerd. Liam’s is afgegaan op de mondelinge verklaring van Maas Leder dat het leer van voldoende kwaliteit was. Bovendien had Liam’s al twee maal eerder via Maas Leder leer afgenomen van World Skins, zodat zij er op mocht vertrouwen dat het leer goed was.

3.3 Liam’s heeft de in India bewerkte partij leer in april 2003 retour ontvangen. Het leer bleek voor het grootste deel van slechte kwaliteit te zijn als gevolg van een verkeerd looiproces door World Skins. De uit Roemenië ontvangen partij bewerkt leer leek aanvankelijk goed, maar later kreeg Liam’s klachten van haar afnemers.

3.4 Buitendijk c.s. stellen zich op het standpunt dat Maas Leder gehouden is Liam’s te vrijwaren, primair omdat Maas Leder de partij leer voor eigen rekening en risico van World Skins heeft afgenomen. Liam’s heeft het leer bij Maas Leder besteld zonder ooit contact te hebben gehad met World Skins.

3.5 Subsidiair stellen Buitendijk c.s. dat Maas Leder gehouden is de factuur van World Skins te betalen omdat zij verzuimd heeft het leer op kwaliteit te controleren. Liam’s heeft Maas Leder meerdere malen verzocht om World Skins aan te spreken. Maas Leder heeft Liam’s toegezegd dat zij een en ander netjes met World Skins zou oplossen.

Het verweer

3.6 De conclusie van World Skins strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van Buitendijk c.s. in hun vordering, danwel deze af te wijzen, met veroordeling van Buitendijk c.s. in de kosten van het incident. Zij stelt hiertoe het navolgende.

3.7 Maas Leder heeft alleen als handelsagent opgetreden namens World Skins en niet namens Liam’s. Maas Leder heeft de partij leer in opdracht en voor rekening van Liam’s bij World Skins besteld. Maas Leder heeft slechts bemiddeld bij de totstandkoming van de koopovereenkomst tussen World Skins en Liam’s en zij heeft daarvoor van World Skins provisie ontvangen. World Skins heeft rechtstreeks aan Liam’s gefactureerd. Voorafgaand aan de onderhavige overeenkomst hebben partijen al eens op dezelfde wijze zaken met elkaar gedaan, in welk geval Liam’s de van World Skins ontvangen factuur zonder protest heeft voldaan. World Skins heeft een verklaring van Maas Leder overgelegd, waaruit blijkt dat Maas Leder ontkent als handelsagent voor Liam’s te hebben gefungeerd. Voorts betwist Maas Leder dat Liam’s haar opdracht heeft gegeven het leer op kwaliteit te controleren en ontkent zij aan Liam’s te hebben toegezegd dat Liam’s geen schade zou ondervinden.

Buitendijk c.s. hebben de juistheid van hun stellingen ook niet aangetoond.

3.8 Er is sprake van rechtsverwerking ter zake van de vermeende vordering van Buitendijk c.s. op Maas Leder. Behalve een brief van 3 juli 2003 hebben Buitendijk c.s. nimmer op betaling door Maas Leder aangedrongen.

3.9 Tenslotte voert World Skins aan dat toewijzing van de incidentele vordering tot onredelijke vertraging in de hoofdzaak zou leiden.

4. De beoordeling in het incident

4.1 Voldoende, maar ook noodzakelijk, voor het toestaan van de oproeping in vrijwaring is dat de waarborg (Maas Leder) krachtens zijn rechtsverhouding tot de gewaarborgde (Buitendijk c.s.), ook al is deze van geheel andere aard dan die waarop de vordering in de hoofdzaak is gegrond, verplicht is de nadelige gevolgen van een veroordeling van de gewaarborgde in de hoofdzaak te dragen. Een dergelijk geval doet zich hier niet voor. Immers, Buitendijk c.s. hebben onvoldoende aangetoond dat er een relatie bestaat tussen hen en Maas Leder op grond waarvan Maas Leder gehouden is Buitendijk c.s. te vrijwaren voor het geval de vordering van World Skins in de hoofdzaak wordt toegewezen. Tegenover de gemotiveerde betwisting van World Skins hebben Buitendijk c.s. onvoldoende aannemelijk gemaakt dat Maas Leder het leer voor eigen rekening en risico bij World Skins heeft afgenomen of dat tussen Buitendijk c.s. en Maas Leder was overeengekomen dat Maas Leder het leer op kwaliteit zou controleren. Van de onder 3.5. genoemde toezegging is evenmin gebleken. De gevorderde oproeping in vrijwaring wordt mitsdien afgewezen.

4.2 Als de in het ongelijk gestelde partij dienen Buitendijk c.s. de proceskosten in het incident te dragen.

5. De beoordeling in de hoofdzaak

5.1 World Skins stelt dat de incidentele conclusie tot oproeping in vrijwaring niet namens de v.o.f. is genomen. De v.o.f. heeft volgens World Skins dan ook verzuimd om in de hoofdzaak een conclusie van antwoord te nemen, zodat zij haar recht om ten principale voor antwoord te concluderen heeft verspeeld. World Skins verzoekt dan ook in de hoofdzaak jegens de v.o.f. vonnis te wijzen.

5.2 De rechtbank is van oordeel dat uit het gegeven dat ter rolle vonnis is bepaald in het incident, zonder dat in de hoofdzaak “akte niet dienen” is verleend (World Skins heeft overigens ter rolle geen daartoe strekkend verzoek gedaan), blijkt dat de mogelijkheid om in de hoofdzaak voor antwoord te concluderen voor de v.o.f. nog niet afgesneden is. De rechtbank heeft de incidentele vordering tevens beschouwd als een verzoek van de procureur van Liam c.s. tot uitstel voor het nemen van een conclusie van antwoord ten principale namens alle gedaagden en heeft dit verzoek toegewezen. Het rolreglement en artikel 128 tweede en derde lid Rv bieden hiertoe de ruimte.

5.3 Gelet op het voorgaande zal de hoofdzaak naar de rol worden verwezen voor het nemen van een conclusie van antwoord aan de zijde van Liam’s.

6. De beslissing

De rechtbank:

in het incident:

wijst de vordering af;

veroordeelt Buitendijk c.s. in de kosten van dit incident, aan de zijde van World Skins tot aan deze uitspraak begroot op nihil aan verschotten en € 452,-- aan salaris van de procureur;

in de hoofdzaak:

bepaalt dat de zaak wederom zal worden uitgeroepen ter terechtzitting van deze rechtbank, Sector Civiel Recht, enkelvoudige kamer, van 26 juli 2006, te 10.00 uur, zulks voor conclusie van antwoord aan de zijde van Liam’s.

Dit vonnis is gewezen door mr. C. van Steenderen-Koornneef en uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 14 juni 2006.