Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBDOR:2005:AU0249

Instantie
Rechtbank Dordrecht
Datum uitspraak
21-07-2005
Datum publicatie
28-07-2005
Zaaknummer
11/500244-05
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

De rechtbank Dordrecht heeft een onderwijzer van een basisschool veroordeeld tot een gevangenisstraf van 12 maanden waarvan 6 maanden voorwaardelijk wegens het gedurende enige jaren in bezit hebben van zo’n 900 kinderpornografische afbeeldingen. De rechtbank rekende het verdachte vooral zwaar aan dat deze, nadat hij het basisonderwijs had verlaten wegens het plegen van ontucht met een tweetal kinderen, tijdens het volgen van een therapie die bedoeld was om zijn pedofiele gevoelens een plaats te geven, is begonnen met het verzamelen van kinderpornografisch materiaal. Bovendien is hij, na het volgen van deze therapie en tegen het advies van een deskundige in, opnieuw in het basisonderwijs gaan werken. De rechtbank acht het onbegrijpelijk en zeer verontrustend dat verdachte absoluut niet inziet, dan wel wil inzien, dat hij een (meer dan) potentieel gevaar vormt voor jonge kinderen in zijn omgeving.

Wetsverwijzingen
Wetboek van Strafrecht
Wetboek van Strafrecht 240b
Wetboek van Strafvordering
Wetboek van Strafvordering 351
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
NBSTRAF 2005/305
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK DORDRECHT

MEERVOUDIGE STRAFKAMER

Tegenspraak

Parketnummer : 11/500244-05

Zittingsdatum : 7 juli 2005

Uitspraak : 21 juli 2005

VERKORT STRAFVONNIS

De rechtbank Dordrecht heeft op grondslag van de tenlastelegging en naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting vonnis gewezen in de zaak tegen:

[Naam verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op 1957,

wonende te [adres].

De rechtbank heeft de processtukken gezien en kennis genomen van de

vordering van de officier van justitie en van hetgeen de verdediging naar voren

heeft gebracht.

1. De tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat

hij in of omstreeks de periode van 01 oktober 2002 tot en met 16 februari 2005

te Dordrecht, in elk geval in Nederland,

één of meermalen een afbeelding (totaal 889 afbeeldingen) en/of een gegevensdrager, bevattende één of meer afbeeldingen van seksuele gedragingen, te weten

- Naakt meisje van 6 jaar ligt op haar buik met gespreide benen op een bed.

Tussen haar benen knielt een naakte volwassen man. Hij heeft een erectie en

duwt zijn stijve penis in de vagina van het voor hem liggende meisje.

(afbeelding 2, laptop, par. 1.1) ,

en/of

- Naakte volwassen man ligt op zijn rug op een bed. Hij heeft een erectie.

Ter hoogte van zijn kruis knielen een meisje van 8 jaar en een meisje van 6

jaar. Het oudste meisje buigt zich voorover en heeft de stijve penis van de

man gedeeltelijk in haar mond. Het andere meisje kijkt van dichtbij toe.

(afbeelding 5, laptop, par. 1.1),

en/of

- Jongen van 9-10 jaar staat rechtop. Hij draagt een t-shirt en een

boxershort. Het t-shirt is ver omhoog getrokken en zijn boxershort iets naar

beneden. De jongen heeft een erectie die net boven de taille van zijn broek

uitsteekt. De stijve penis van de jongen is vrijwel in close-up in beeld

gebracht.

(afbeelding 6, laptop, par. 1.1),

en/of

- Jongen van ongeveer 7 jaar staat met zijn heupen naar voren gedrukt buiten.

Hij draagt alleen een truitje en zijn onderlichaam is naakt. Met zijn hand

duwt hij zijn truitje omhoog. Doordat hij met zijn heupen naar voren gedrukt

staat en het camerastandpunt heel laag is gekozen, is zijn penis

nadrukkelijk in beeld gebtacht.

(afbeelding 7, laptop, par. 1.1),

en/of

- Naakte volwassen man staat rechtop. Hij heeft een erectie. Voor hem knielt

een naakt meisje van 9 jaar. Zij heeft de stijve penis van de man

gedeeltelijk in haar mond en pleegt orale seksuele handelingen.

(afbeelding 9, laptop, par. 1.1),

en/of

- Meisje van negen met naakt onderlichaam, ligt op haar rug op een krukje met

haar benen wijd gespreid. Tussen haar gespreide benen staat een volwassen

man met een naakt onderlichaam. Hij heeft een erectie en hij duwt zijn

stijve penis in de anus van het voor hem liggende meisje.

(afbeelding 5432, pc, par. 1.7),

en/of

- Naakt meisje van vijf jaar knielt diep voorover op een bed. Met de vingers

van beide handen trekt zij haar schaamlippen ver uiteen. Haar hierdoor

geopende vagina is vrijwel close-up in beeld gebracht

(afbeelding 5661, pc, par. 1.7),

en/of

- Naakte volwassen man knielt op de grond. Hij heeft een erectie en hij

masturbeert. Voor hem zit een naakt meisje van een jaar of 2-3. De man heeft

zojuist geejaculeerd. Er is duidelijk sperma rond de mond van het meisje te

zien.

(afbeelding 20.5729, pc, par. 1.7),

bij welke vorenbedoelde afbeelding(en) (telkens) een persoon die kennelijk de

leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, was betrokken of schijnbaar

was betrokken, (telkens) heeft verspreid en/of vervaardigd en/of ingevoerd

en/of uitgevoerd en/of in bezit heeft gehad,

terwijl hij, verdachte, van het plegen van dit/deze misdrijf/ven een beroep of

gewoonte heeft gemaakt.

2. De voorvragen

2.1 De geldigheid van de dagvaarding

Bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de dagvaarding aan alle wettelijke eisen voldoet en dus geldig is.

2.2 De bevoegdheid van de rechtbank

Krachtens de wettelijke bepalingen is de rechtbank bevoegd van het tenlastegelegde kennis te nemen.

2.3 De ontvankelijkheid van de officier van justitie

Bij het onderzoek ter terechtzitting zijn geen feiten en/of omstandigheden gebleken, die aan de ontvankelijkheid van de officier van justitie in de weg staan.

2.4 De schorsing van de vervolging

Bij het onderzoek ter terechtzitting zijn geen gronden voor schorsing van de vervolging gebleken.

3. Het onderzoek ter terechtzitting

3.1 De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft -het ten laste gelegde bewezen achtend- gevorderd verdachte te veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van twaalf maanden, waarvan zes maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren, met aftrek van de tijd die verdachte in verzekering heeft doorgebracht, onder de bijzondere voorwaarde dat verdachte zich gedurende de proeftijd zal gedragen naar de aanwijzingen, hem te geven door of namens de Stichting Reclassering Nederland, zolang deze instelling dit noodzakelijk oordeelt, ook indien zulks inhoudt het volgen van een groepsbehandeling voor seksuele daders bij GGZ De Grote Rivieren te Dordrecht of een soortgelijke instelling.

3.2 De verdediging

De verdediging heeft een bewijsverweer en een strafmaatverweer gevoerd.

4. De bewijsbeslissingen

4.1 De bewezenverklaring

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte

1.

in de periode van 01 oktober 2002 tot en met 16 februari 2005

te Dordrecht,

meermalen een afbeelding (totaal 889), bevattende seksuele gedragingen,

te weten

- Naakt meisje van 6 jaar ligt op haar buik met gespreide benen op een bed.

Tussen haar benen knielt een naakte volwassen man. Hij heeft een erectie en

duwt zijn stijve penis in de vagina van het voor hem liggende meisje.

(afbeelding 2, laptop, par. 1.1) ,

en

- Naakte volwassen man ligt op zijn rug op een bed. Hij heeft een erectie.

Ter hoogte van zijn kruis knielen een meisje van 8 jaar en een meisje van 6

jaar. Het oudste meisje buigt zich voorover en heeft de stijve penis van de

man gedeeltelijk in haar mond. Het andere meisje kijkt van dichtbij toe.

(afbeelding 5, laptop, par. 1.1),

en

- Jongen van 9-10 jaar staat rechtop. Hij draagt een t-shirt en een

boxershort. Het t-shirt is ver omhoog getrokken en zijn boxershort iets naar

beneden. De jongen heeft een erectie die net boven de taille van zijn broek

uitsteekt. De stijve penis van de jongen is vrijwel in close-up in beeld

gebracht.

(afbeelding 6, laptop, par. 1.1),

en

- Jongen van ongeveer 7 jaar staat met zijn heupen naar voren gedrukt buiten.

Hij draagt alleen een truitje en zijn onderlichaam is naakt. Met zijn hand

duwt hij zijn truitje omhoog. Doordat hij met zijn heupen naar voren gedrukt

staat en het camerastandpunt heel laag is gekozen, is zijn penis

nadrukkelijk in beeld gebtacht.

(afbeelding 7, laptop, par. 1.1),

en

- Naakte volwassen man staat rechtop. Hij heeft een erectie. Voor hem knielt

een naakt meisje van 9 jaar. Zij heeft de stijve penis van de man

gedeeltelijk in haar mond en pleegt orale seksuele handelingen.

(afbeelding 9, laptop, par. 1.1),

en

- Meisje van negen met naakt onderlichaam, ligt op haar rug op een krukje met

haar benen wijd gespreid. Tussen haar gespreide benen staat een volwassen

man met een naakt onderlichaam. Hij heeft een erectie en hij duwt zijn

stijve penis in de anus van het voor hem liggende meisje.

(afbeelding 5432, pc, par. 1.7),

en

- Naakt meisje van vijf jaar knielt diep voorover op een bed. Met de vingers

van beide handen trekt zij haar schaamlippen ver uiteen. Haar hierdoor

geopende vagina is vrijwel close-up in beeld gebracht

(afbeelding 5661, pc, par. 1.7),

en

- Naakte volwassen man knielt op de grond. Hij heeft een erectie en hij

masturbeert. Voor hem zit een naakt meisje van een jaar of 2-3. De man heeft

zojuist geejaculeerd. Er is duidelijk sperma rond de mond van het meisje te

zien.

(afbeelding 20.5729, pc, par. 1.7),

bij welke vorenbedoelde afbeeldingen telkens een persoon die kennelijk de

leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, was betrokken of schijnbaar

was betrokken, telkens in bezit heeft gehad.

Hetgeen aan de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hier als bewezen is aangenomen, is niet bewezen. De verdachte zal hiervan worden vrijgesproken.

Voor zover in de bewezenverklaarde tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Blijkens het verhandelde ter terechtzitting is de verdachte daardoor niet in de verdediging geschaad.

4.2 De bewijsmiddelen

De rechtbank grondt haar overtuiging dat verdachte het bewezenverklaarde heeft begaan op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat en die reden geven tot de bewezenverklaring.

De rechtbank bezigt ieder bewijsmiddel, ook in onderdelen, telkens slechts voor het bewijs van het feit waarop het blijkens zijn inhoud betrekking heeft.

De bewijsmiddelen zullen in die gevallen waarin de wet aanvulling van het vonnis met de bewijsmiddelen vereist in een aan dit vonnis gehechte bijlage worden opgenomen.

5. De strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezen geachte feit is volgens de wet strafbaar. Het bestaan van een rechtvaardigingsgrond is niet aannemelijk geworden.

Het bewezenverklaarde levert op:

EEN AFBEELDING, BEVATTENDE EEN SEKSUELE GEDRAGING, WAARBIJ IEMAND DIE KENNELIJK DE LEEFTIJD VAN ACHTTIEN JAAR NOG NIET HEEFT BEREIKT, IS BETROKKEN OF SCHIJNBAAR IS BETROKKEN, IN BEZIT HEBBEN, MEERMALEN GEPLEEGD.

6. De strafbaarheid van de verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit. De verdachte is dus strafbaar.

7. De redenen, die de straf hebben bepaald of tot de maatregel hebben geleid

7.1 Strafmotivering

De rechtbank heeft de op te leggen straffen bepaald op grond van de ernst van het feit en de omstandigheden waaronder dit is begaan en op grond van de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan is gebleken uit het onderzoek ter terechtzitting.

Daarbij is in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het over een langere periode in bezit hebben van circa 900 kinderpornografische afbeeldingen. Dit is een ernstig strafbaar feit. Het is immers een feit van algemene bekendheid dat achter elke kinderpornografische afbeelding een kind schuilgaat dat - ten behoeve van het vervaardigen van deze afbeeldingen - misbruikt wordt. Het seksueel misbruik van vaak nog zeer jonge kinderen kan naar het oordeel van de rechtbank niet anders worden gekwalificeerd dan uiterst laag en lafhartig. Diegenen die zich daarmee bezighouden ontbreekt het kennelijk aan enig begrip voor menselijke waardigheid en respect ten opzichte voor elkaar, laat staan dat er sprake is van zorg en bescherming van kinderen op het zo gevoelige terrein van de seksualiteit. Deze jonge kinderen die als lustobject worden misbruikt krijgen een zodanig verknipt en verwrongen beeld van seksualiteit dat dit hen levenslang parten speelt. Degenen die erop uit zijn kinderpornografisch materiaal te verzamelen ter bevrediging van hun eigen lusten dragen hieraan bij. Zij hebben kennelijk geen enkele boodschap aan de belangen van de misbruikte kinderen.

De rechtbank is van oordeel dat gezien de aard en de ernst van het misdrijf niet anders kan worden gereageerd dan met het opleggen van een vrijheidsbenemende straf.

Uit het omtrent verdachte uitgebrachte rapport van de Reclassering d.d. 13 juni 2005 en uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat verdachte al lange tijd pedofiele gevoelens koestert. Verdachte is lange tijd in het basisonderwijs werkzaam geweest. In 1996 tot en met april 1998 heeft hij een periode als leraar in het buitenland gewerkt. Daar heeft hij een tweetal kinderen seksueel misbruikt. Vastbesloten om dit nooit meer te laten gebeuren, is verdachte na zijn ontslag in het buitenland in Nederland uit eigen beweging en voor eigen rekening in therapie gegaan bij een gerenommeerd instituut. Naar eigen zeggen heeft verdachte door deze therapie geleerd om zijn pedofiele gevoelens een plaats in zijn leven te geven en geleerd over zijn pedofiele gevoelens te praten met vertrouwenspersonen.

Verdachte verklaart zich in elk geval na de geboorte van zijn kind bewust te zijn van het misbruik van kinderen dat schuilgaat achter kinderpornografische afbeeldingen, de uitwerking daarvan op die kinderen en het in stand houden van dergelijk misbruik door het opvragen van kinderpornografische afbeeldingen. Niettemin heeft verdachte na de geboorte van zijn kind afbeeldingen aan zijn verzameling toegevoegd en voelt hij de behoefte afbeeldingen te bewaren.

Het baart de rechtbank ook grote zorgen dat verdachte nota bene tijdens en na afloop van zijn therapie kinderpornografische afbeeldingen is gaan verzamelen en op deze manier toch weer heeft toegegeven aan zijn pedofiele gevoelens en dat hij, na korte tijd zich te hebben georiënteerd op het volwassenenonderwijs, ondanks andersluidend advies van een deskundige, weer in het basisonderwijs is gaan werken. Zijn motivering daarvoor was dat in deze vorm van onderwijs zijn grote kracht ligt. De rechtbank overweegt dat wat daar ook van moge zijn, het onbegrijpelijk en zeer verontrustend is te noemen dat verdachte - die kennelijk ondanks de therapie die hij heeft gevolgd niet in staat blijkt zijn pedofiele gevoelens op een juiste wijze te kanaliseren - tijdens en na de therapie weer is overgegaan tot het downloaden van kinderpornografische afbeeldingen en opnieuw in het basisonderwijs is gaan werken. Dit lijkt vragen om moeilijkheden en het komt de rechtbank dan ook voor dat verdachte absoluut niet inziet, dan wel wil inzien, dat hij een (meer dan) potentieel gevaar vormt voor de jonge kinderen in zijn omgeving.

Hoewel uit de Justitiële Documentatie van verdachte d.d. 06 april 2005 blijkt dat verdachte niet eerder met politie en justitie in aanraking is geweest en de Reclassering in haar rapport de recidivekans van verdachte laag inschat, acht de rechtbank recidive toch niet ondenkbeeldig en zal zij, om herhaling te voorkomen, een deel van de op te leggen gevangenisstraf voorwaardelijk opleggen, teneinde verdachte er van te weerhouden na zijn invrijheidstelling soortgelijke feiten te plegen. De rechtbank zal aan de voorwaardelijke straf ook de bijzondere voorwaarde van verplicht reclasseringscontact verbinden.

Op grond van het vorenoverwogene is de rechtbank van oordeel dat een vrijheidsbenemende straf van na te melden duur dient te worden opgelegd.

7.2 De verbeurdverklaring

De rechtbank is van oordeel dat de onder verdachte inbeslaggenomen en aan hem toebehorende voorwerpen, te weten:

- 1 computer, kleur: beige, TRIGEM en

- 1 computer, kleur: zwart, PACKARD BELL,

verbeurd dienen te worden verklaard. Dit zijn voorwerpen met behulp van welke de hierboven onder 4.1 bewezen verklaarde feiten zijn begaan.

8. De toepasselijke wettelijke voorschriften

De opgelegde straffen zijn gegrond op de volgende wettelijke voorschriften:

artikelen 14a, 14b, 14c, 14d, 33, 33a, 57 en 240b van het Wetboek van Strafrecht.

9. De beslissing

De rechtbank

verklaart bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan, zoals vermeld onder 4.1 van dit vonnis;

verklaart niet bewezen wat aan de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;

verklaart dat het bewezenverklaarde het onder 5. vermelde strafbare feit oplevert;

verklaart de verdachte hiervoor strafbaar;

veroordeelt de verdachte wegens dit feit tot:

EEN GEVANGENISSTRAF voor de duur van TWAALF (12) MAANDEN,

bepaalt dat een gedeelte van deze gevangenisstraf, te weten ZES (6) MAANDEN niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechtbank later anders mocht gelasten, op grond dat de veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd die wordt bepaald op TWEE JAREN, aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt of niet heeft nageleefd de hierna vermelde bijzondere voorwaarde;

stelt als BIJZONDERE VOORWAARDE dat de veroordeelde zich gedurende de proeftijd zal gedragen naar de aanwijzingen, hem te geven door of namens de Stichting Reclassering Nederland, zolang deze instelling dit noodzakelijk oordeelt, ook indien zulks inhoudt het volgen van een groepsbehandeling voor seksuele daders bij GGZ De Grote Rivieren te Dordrecht of een soortgelijke instelling;

verstrekt aan voornoemde instelling de opdracht om aan de veroordeelde hulp en steun te verlenen bij de naleving van de bijzondere voorwaarde;

beveelt dat de tijd die door veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de uitvoering van de hem opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht;

verklaart verbeurd:

- 1 computer, kleur: beige, TRIGEM en

- 1 computer, kleur: zwart, PACKARD BELL.

Dit vonnis is gewezen door:

mr. drs. T.F. van der Lugt, voorzitter,

mrs. A. Hello en F.G.H. Kristen, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. A.J. van Spengen, griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 21 juli 2005.

Mr. F.G.H. Kristen is door afwezigheid buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.