Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBDOR:2001:AD6839

Instantie
Rechtbank Dordrecht
Datum uitspraak
05-12-2001
Datum publicatie
11-12-2001
Zaaknummer
30040
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

-

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
NJ 2002, 345
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

ARRONDISSEMENTSRECHTBANK TE DORDRECHT

Vonnis van de enkelvoudige kamer voor burgerlijke zaken

in de zaak van

1. [eiser 1],

wonende te [woonplaats],

2. [eiser 2],

wonende te [woonplaats],

3. [eiser 3]

wonende te [woonplaats],

eisers in conventie,

verweerders in (voorwaardelijke) reconventie,

procureur: mr. J.A. Visser,

tegen

[gedaagde]

wonende te [woonplaats],

gedaagde in conventie,

eiser in (voorwaardelijke) reconventie,

procureur: mr. E.D. Rentema.

Partijen worden hieronder als [eiser 1], [eiser 2] en [eiser 3] (samen eisers genoemd) respectievelijk [gedaagde] genoemd.

Het procesverloop

1. De rechtbank heeft kennis genomen van de volgende processtukken:

· tussenvonnis van 15 november 2000,

· proces-verbaal van comparitie van partijen van 19 december 2000,

· conclusie van antwoord in (voorwaardelijke) reconventie,

· conclusie van repliek in conventie,

· conclusie van dupliek in conventie en van repliek in (voorwaardelijke) reconventie,

· conclusie van dupliek in (voorwaardelijke) reconventie.

· de door beide partijen overgelegde producties.

De vaststaande feiten

in conventie en reconventie

2. Als enerzijds gesteld en anderzijds niet of onvoldoende gemotiveerd weersproken, alsmede op grond van de producties, voor zover niet betwist, staat het volgende tussen partijen vast.

3. [eiser 1] en [gedaagde] zijn broers. [eiser 2] en [eiser 3] zijn zoons van [eiser 1].

4. [eiser 2] en [eiser 3] aan de ene en [gedaagde] aan de andere zijde zijn ieder voor de onverdeelde helft eigenaar van het appartementsrecht in een gebouw gelegen [adres], Zwitserland. Het betreft een vakantiewoning.

5. In een brief van 5 juli 1998 deelt [eiser 1] aan [gedaagde] mee, voor zover thans van belang:

Met het schrijven van jouw advocaat (…) heb je aangegeven jouw 50% aandeel in het appartement te [plaats] te willen verkopen. (…) Mijn familie is bereid jouw 50% over te nemen voor Sfr. 200.000,-- kosten koper. Indien je hierin geïnteresseerd bent verneem ik dit gaarne per omgaande van je. Dit aanbod geldt t/m 19 juli 1998.

6. [Gedaagde] heeft op deze brief gereageerd met een ongedateerde brief die, voor zover thans van belang luidt:

Naar aanleiding van jouw schrijven d.d. 5 juli ’98 ontvangen 7 juli ’98 tref je hieronder mijn antwoord aan tw. (…)

Ik heb zojuist nog met herr [persoon 1] en [persoon 2[ telefonisch kontakt gehad iz de reële verkoopprijs nu. Deze reële prijs is thans ca. Sfr. 580.000,= incl. garage en meubilair. Voor dit bedrag mag jouw familie mijn helft overnemen uiteraard kosten koper.

7. [eiser 1] bericht [gedaagde] in zijn brief van 18 augustus 1998 vervolgens, voor zover thans van belang:

Mijn familie heeft zich beraden over jouw aanbod onder punt 3. Ondanks de belachelijk hoge prijs is toch besloten om ons moverende redenen jouw helft over te nemen voor de prijs van 50% van Sfr.580.000,= is Sfr.290.000,= (incl. garage en inboedel). Kosten koper

In verband met de verdere afwikkeling van deze koop het volgende:

· Prijs van jouw 50% = 50% van Sfr.580.000 oftewel Sfr.290.000,=

· kosten koper (notaris + Grundbuch atc)

· Winstbelasting vrv Verkoper

· notarieel transport en betaling etc. Streefdatum ca 15-11-1998

· kopers [eiser 2] en [eiser 3].

8. [Gedaagde] antwoordt bij brief van 26 augustus 1998, voor zover thans van belang, als volgt:

In jouw brief d.d. 18 augustus jl. heb je het over winstbelasting die voor mijn rekening zou zijn en transport dat medio november ’98 zou moeten plaatsvinden.

Wie winstbelasting draagt en wanneer getransporteerd zou worden, zijn voor mij essentiele punten. Nu je met deze -voor mij niet acceptabele- punten komt, stel ik vast dat je mijn voorstel verwerpt. Jouw voorstel -want zo begrijp ik jouw brief d.d. 18 augustus jl. maar- is voor mij niet acceptabel (…)

Daar komt nog het volgende bij. Pas bij jouw brief d.d. 18 augustus 1998 (ontvangen 21 augustus jl.) reageer je op mijn brief d.d. 17 juli 1998.

Ook gezien de problemen die er tussen ons al zijn, is duidelijk dat je als je werkelijk belangstelling zou hebben voor aankoop van mijn aandeel in het appartement, je direct had moeten reageren en niet pas na een maand. Mijn suggestie voor aankoop was al vervallen. Voorzover dat niet duidelijk zou zijn geweest deel ik je nog maar uitdrukkelijk mee dat mijn suggestie voor aankoop/verkoop herroepen/ingetrokken is. Voor Sfr.290.000,-- is mijn aandeel niet te koop.

9. [Gedaagde] heeft zijn aandeel in het appartementsrecht niet aan [eiser 2] en [eiser 3] geleverd.

De vordering in conventie

10. Eisers vorderen dat bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, [gedaagde] zal worden veroordeeld de tussen partijen gesloten koopovereenkomst na te komen door binnen 10 dagen na betekening van het te dezen te wijzen vonnis mee te werken aan de levering van het appartementsrecht, gelegen [adres] Zwitserland, zulks op straffe van een dwangsom van f.10.000,--, althans een in goede justitie te bepalen bedrag voor iedere dag of een gedeelte van een dag dat [gedaagde] in gebreke blijft aan het te dezen te wijzen vonnis te voldoen, kosten rechtens.

11. Aan de vordering tot nakoming ligt ten grondslag dat [eiser 2] en [eiser 3] een de ene en [gedaagde] aan de andere zijde een koopovereenkomst, waarop Nederlands recht van toepassing is, hebben gesloten op grond waarvan [gedaagde] zijn aandeel in genoemd appartementsrecht aan [eiser 2] en [eiser 3] dient te leveren.

Het verweer in conventie

12. De conclusie van [gedaagde] strekt tot afwijzing van de vordering, met veroordeling van eisers in de kosten van het geding.

13. Hij voert als verweer het volgende aan:

I. Zwitsers recht is van toepassing omdat het gaat om een in Zwitserland gelegen onroerende zaak. Aangezien de overeenkomst niet is aangegaan bij authentieke akte, is deze volgens Zwitsers rechts ongeldig.

II. Subsidiair, indien Nederlands recht van toepassing is:

Er is geen overeenkomst tot stand gekomen.

III. De overeenkomst is op grond van dwaling vernietigd.

De vordering in (voorwaardelijke) reconventie

14. [Gedaagde] in conventie vordert voorwaardelijk (ingeval de hiervoor onder 13 genoemde verweren niet tot afwijzing van de vordering leiden) dat voor recht wordt verklaard dat de pretense overeenkomst tussen partijen omtrent verkoop en levering van het appartementsrecht krachtens dwaling vernietigd is, kosten rechtens.

.

De beoordeling van het geschil

in conventie

15. In geschil is of tussen in Nederland wonende partijen ([gedaagde] aan de ene en [eiser 2] en [eiser 3] aan de andere zijde) een koopovereenkomst terzake een in Zwitserland gelegen onroerende zaak tot stand is gekomen. Bij de beantwoording van deze vraag is van het belang het bepaalde in het verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst (verder EVO).

16. Partijen hebben geen rechtskeuze gedaan.

De overeenkomst -indien deze geldig zou zijn (vgl art 8 lid 1 EVO)- wordt geacht het nauwste te zijn verbonden met het land waarin het onroerende zaak is gelegen, tenzij uit het geheel van omstandigheden blijkt, dat de overeenkomst nauwer is verbonden met een ander land (art 4 leden 3 en 5 EVO).

17. Het gaat in deze zaak om ten tijde van de onderhandelingen en de gestelde wilsovereenstemming in Nederland woonachtige partijen. De (pretense) overeenkomst is nauwer verbonden met de Nederlandse rechtssfeer dan met de Zwitserse.

Gelet op vorenstaande moet naar Nederlands recht worden beoordeeld of een overeenkomst tot stand is gekomen.

18. Voorts is in geschil of het Zwitserse recht dwingende vormvoorschriften bevat, die van toepassing zijn, ongeacht het op de overeenkomst toepasselijke recht (art 9 lid 6 EVO).

19.1 Art. 216 van het (Zwitserse) Bundesgesetz betreffend die Ergänzung des Schweizerischen Zivilgesetzbuches bepaalt, voor zover thans van belang:

1. Kaufverträge, die ein Grundstück zum Gegenstande haben, bedürfen zu ihrer Gültigkeit der öffentlichen Beurkundigung.

2. Vorverträge sowie Verträge, die ein Vorkaufs-, Kaufs- oder Rückkaufsrecht an einem Grundstück begründen, bedürfen zu ihrer Gültigkeit der öffentlichen Beurkundigung.

19.2 Onder “Grundstücke” wordt mede begrepen “Miteigentumsanteile an Grundstücken, namentlich das Stockwerkeigentum”.

Onder “Öffentliche Beurkundigung” wordt verstaan “die Aufzeichnung rechtserheblicher Tatsachen oder rechtsgeschäftlicher Erklärungen durch eine vom Staat mit dieser Aufgabe betrauten Person, in der vom Staat geforderten Form und in dem dafür vorgesehenen Verfahren”.

19.3 De Zwitserse wetgever heeft met deze bepaling beoogd overhaaste en ondoordachte verkoop van onroerende zaken tegen te gaan. Een koopovereenkomst die niet in de vereiste vorm is opgemaakt is ongeldig. Om te voorkomen dat deze dwingende bepaling wordt ontgaan door het sluiten van een vormloze voorovereenkomst, wordt ook voor de geldigheid van een voorovereenkomst de eis gesteld dat deze in de bij de wet voorgeschreven vorm wordt opgemaakt.

19.4 Gelet hierop en in aanmerking nemende dat in Zwitserland geleverd dient te worden, moet het in art. 216 voornoemd (zie 19.1) neergelegde dwingende vormvoorschrift worden toegepast, ongeacht de toepasselijkheid van Nederlands recht.

19.5 Nu geen overeenkomst in de bij de Zwitserse wet voorgeschreven vorm is gesloten, kan in het midden blijven of naar Nederlands recht een overeenkomst tot stand is gekomen en moet de vordering worden afgewezen.

20. Eisers worden als de in het ongelijk gestelde partij veroordeeld in de proceskosten.

in voorwaardelijke reconventie

21. De vordering in reconventie behoeft geen bespreking omdat niet is voldaan aan de voorwaarde waaronder deze vordering is ingesteld.

De beslissing

De rechtbank:

in conventie

wijst de vordering af;

veroordeelt eisers in de kosten van het geding, tot op heden aan de zijde van gedaagde bepaald op f 2.980,-- (€ 1.352,27) aan salaris van de procureur en f 400,-- (€ 181,51) aan verschotten.

Dit vonnis is gewezen door mr. Halk en uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 5 december 2001.