Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBDHA:2021:4871

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
10-05-2021
Datum publicatie
25-05-2021
Zaaknummer
NL21.3182
Rechtsgebieden
Vreemdelingenrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

mondelinge uitspraak, dublinclaimant al overgedragen aan België, geen procesbelang

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Bestuursrecht

zaaknummer: NL21.3182


proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser], eiser, V-nummer: [V-nummer]

(gemachtigde: mr. S.B. Kleerekooper),

en

de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder

(gemachtigde: mr. C. van der Zijde).

Procesverloop

Bij besluit van 2 maart 2021 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van eiser tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat België verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.

Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden via Skype op 6 mei 2021. Partijen hebben zich laten vertegenwoordigen door hun gemachtigden.

Na afloop van de behandeling van de zaak ter zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Overwegingen

1. Ter zitting is gebleken dat eiser vanuit strafrechtelijke detentie op 21 april 2021 is overgedragen aan België. De gemachtigde van eiser bevestigt dat eiser naar België overgedragen wilde worden. De rechtbank is daarom van oordeel dat eiser geen rechtens te beschermen belang meer heeft bij een beoordeling van de rechtmatigheid van het bestreden besluit. Het beroep is daarom niet-ontvankelijk.

2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 6 mei 2021 door mr. G.P. Kleijn, rechter, in aanwezigheid van mr. A.E. Maas, griffier.

Dit proces-verbaal is bekendgemaakt op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een hogerberoepschrift. U moet dit hogerberoepschrift indienen binnen een week na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven.