Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBDHA:2020:8867

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
31-08-2020
Datum publicatie
15-09-2020
Zaaknummer
C/09/598471 / FA RK 20-5921
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Afwijzing verzoek tot voortzetting van de crisismaatregel. Ter zitting is door de psychiater verklaard dat op dit moment geen sprake is van een psychiatrische stoornis bij betrokkene waar onmiddellijk dreigend ernstig nadeel uit voortvloeit.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG


Team Jeugd- en Zorgrecht

Zaak-/rekestnummer: C/09/598471 / FA RK 20-5921

Datum beschikking: 31 augustus 2020

Afwijzing verzoek tot voortzetting van de crisismaatregel

Beschikking naar aanleiding van het op 26 augustus 2020 door de officier van justitie ingediende verzoek tot voortzetting van een crisismaatregel, als bedoeld in artikel 7:7 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:

[de vrouw]

hierna te noemen: betrokkene,

geboren op [geboortedag] 1964, te [geboorteplaats] ,

wonende te [woonplaats] ,

thans verblijvende in de accommodatie van [verblijfplaats]

advocaat: mr. J. Gravesteijn te 's-Gravenhage.

Procesverloop

Bij verzoekschrift, ingekomen ter griffie op 26 augustus 2020, heeft de officier van justitie verzocht om voortzetting van de op 25 augustus 2020 opgelegde crisismaatregel.

Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:

  • -

    een afschrift van de beschikking van de burgemeester van de gemeente Leiden tot het nemen van de crisismaatregel;

  • -

    een op 25 augustus 2020 ondertekende medische verklaring van [psychiater 1] , die betrokkene heeft onderzocht maar niet bij haar behandeling betrokken was;

  • -

    een uittreksel uit de justitiƫle documentatie;

  • -

    een afschrift van de politiemutaties.

De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 31 augustus 2020.

Bij die gelegenheid zijn op grond van artikel 2 Tijdelijke wet COVID-19 Justitie en Veiligheid de navolgende personen gelijktijdig telefonisch gehoord door de rechtbank omdat het houden van een fysieke zitting vanwege de geldende veiligheidsmaatregelen met betrekking tot het coronavirus niet mogelijk was:

  • -

    betrokkene;

  • -

    de advocaat van betrokkene;

  • -

    de [psychiater 2] .

Bij de telefonische behandeling zijn verder aanwezig geweest als toehoorder:

  • -

    mevrouw [behandelaar] van GGZ Rivierduinen;

  • -

    de [coach] van betrokkene in het kader van de WMO;

  • -

    een verpleegkundige.

Omdat een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig werd geacht door de officier van justitie, is de officier van justitie niet telefonisch gehoord.

Standpunten

De psychiater heeft ter zitting verklaard dat ten tijde van de crisisopname geen symptomen zijn vastgesteld die duiden op een psychiatrische stoornis bij betrokkene. Daarnaast zijn er ten tijde van de crisisopname geen signalen waargenomen van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel. Derhalve is er naar het oordeel van de psychiater onvoldoende grondslag voor de verzochte voortzetting van de crisismaatregel. Er lijkt sprake te zijn van een problematische situatie tussen betrokkene, haar buren en de gemeente die aanleiding is geweest voor de crisisopname. De psychiater heeft verklaard dat de crisismaatregel op sterk aandringen van de gemeente is afgegeven en in stand is gelaten tot de zitting.

Betrokkene heeft ter zitting verklaard dat zij onterecht is opgenomen omdat er geen sprake is van psychiatrische problematiek, maar van een burenruzie over vergunningen. De advocaat heeft aangevoerd dat door de gemeente oneigenlijke druk is uitgeoefend om betrokkene te laten opnemen. Gelet op de bevindingen van de psychiater concludeert de advocaat tot afwijzing van het verzoek.

Beoordeling

Op basis van de overgelegde stukken en het behandelde ter zitting is de rechtbank van oordeel dat niet wordt voldaan aan de wettelijke gronden voor toewijzing van het verzoek. Ter zitting is verklaard dat op dit moment geen sprake is van een psychiatrische stoornis bij betrokkene waar onmiddellijk dreigend ernstig nadeel uit voortvloeit.

Daarom zal de rechtbank het verzoek tot voortzetting van de crisismaatregel afwijzen.

Beslissing

De rechtbank:

wijst het verzoek af.

Deze beschikking is gegeven door mr. C.M. van der Kleijn, rechter, bijgestaan door
mr. S.T. Viezee als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 31 augustus 2020.

De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 8 september 2020.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.