Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBDHA:2020:8324

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
14-08-2020
Datum publicatie
28-08-2020
Zaaknummer
AWB 20/4770
Rechtsgebieden
Bestuursprocesrecht
Vreemdelingenrecht
Bijzondere kenmerken
Vereenvoudigde behandeling
Inhoudsindicatie

Verzoek om een proceskostenveroordeling. Asiel. Weigering opname in de nationale procedure is een beslissing als bedoeld in artikel 6:3 Awb.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg

Bestuursrecht

zaaknummer: AWB 20/4770

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[Naam], verzoeker

V-nummer: [V-nummer]

(gemachtigde: mr. A.A. Agayev),

en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.

Procesverloop

Verzoeker heeft daartegen bezwaar gemaakt tegen de weigering om hem op te nemen in de nationale asielprocedure. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

Op 3 juli 2020 heeft verweerder aan verzoeker meegedeeld dat hij zal worden opgenomen in de nationale asielprocedure.

Verzoeker heeft het verzoek om een voorlopige voorziening ingetrokken en tegelijk verzocht om verweerder te veroordelen in de door hem gemaakte proceskosten.

De voorzieningenrechter doet uitspraak met toepassing van artikel 8:84, vijfde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), in samenhang met artikel 8:75a van de Awb.

Overwegingen

1. Verzoeker stelt te zijn geboren op [geboortedatum] 1964 en de Azerbeidzjaanse nationaliteit te bezitten.

2. Bij besluit van 12 december 2019 heeft verweerder de asielaanvraag van verzoeker niet in behandeling genomen zoals bedoeld in artikel 30, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw) op de grond dat de autoriteiten van Letland daarvoor verantwoordelijk zijn.

3. Verzoekers gemachtigde heeft nadien contact opgenomen met de IND met het verzoek om hem alsnog in de nationale asielprocedure op te nemen, gezien het verstrijken van de overdrachtstermijn. Dit zou vervolgens zijn geweigerd aldus verzoekers gemachtigde. Tegen die weigering heeft verzoeker bezwaar gemaakt.

4. Niet is gebleken van een schriftelijke beslissing van verweerder. De voorzieningenrechter is van oordeel dat de gestelde weigering evenmin is aan te merken als een feitelijke handeling zoals bedoeld in artikel 72, derde lid, van de Vw, die voor de mogelijkheid van bezwaar en beroep met een besluit in de zin van artikel 1:3 van de Awb gelijk wordt gesteld. De weigering om verzoeker op te nemen in de nationale asielprocedure dient slechts de voorbereiding van een beslissing op de asielaanvraag en is daarmee een besluit zoals bedoeld in artikel 6:3 van de Awb. Verder is niet gesteld dat verzoeker geen opvangverstrekkingen meer krijgt of andere rechtsgevolgen ondervindt.

5. Gezien het voorgaande was er voor verzoeker geen mogelijkheid om bezwaar te maken op grond van artikel 7:1 van de Awb en in verband hiermee te verzoeken om een voorlopige voorziening als bedoeld in artikel 8:81 van de Awb.

6. Er is dan ook geen basis voor een proceskostenveroordeling.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J.F.I. Sinack, rechter, in aanwezigheid van mr. A.S. Hamans, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 14 augustus 2020.

De griffier is verhinderd om deze

uitspraak mede te ondertekenen.

voorzieningenrechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.