Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBDHA:2020:10883

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
24-09-2020
Datum publicatie
04-11-2020
Zaaknummer
AWB - 19 _ 6980
Formele relaties
Hoger beroep: ECLI:NL:GHDHA:2021:733, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Belastingrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

IB/PVV. Eiser heeft niet aannemelijk gemaakt dat hij aan het urencriterium voldoet. De zelfstandigen- en startersaftrek zijn terecht geweigerd

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Viditax (FutD), 05-11-2020
FutD 2020-3275
V-N Vandaag 2020/2710
V-N 2020/62.2.1
NTFR 2020/3441
NLF 2020/2459 met annotatie van
NLF 2020/2459 met annotatie van
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG

Team belastingrecht

zaaknummer: SGR 19/6980

proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van
24 september 2020 in de zaak tussen

[eiser] , wonende te [woonplaats] , eiser

en

de inspecteur van de Belastingdienst, verweerder.

De bestreden uitspraak op bezwaar

De uitspraak van verweerder van 22 oktober 2019 op het bezwaar van eiser tegen de voor het jaar 2016 opgelegde aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PVV).

Zitting

Het onderzoek ter zitting heeft via een Skypezitting plaatsgevonden op 10 september 2020.

Eiser heeft daaraan deelgenomen. Namens verweerder hebben [A] en
[B] daaraan deelgenomen.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Overwegingen

1. Sinds 16 februari 2015 staat eiser bij de Kamer van Koophandel ingeschreven met zijn eenmanszaak onder de handelsnaam ‘ [eenmanszaak] .’ Deze onderneming houdt zich volgens de inschrijving bezig met werkzaamheden op het gebied van ‘brandpreventie en repressieve ondersteuning.’

2. Eiser heeft in 2016 in dienstbetrekking gewerkt bij het Ministerie van Defensie, het Openbaar Lichaam Gezamenlijke Brandweer, Prorail B.V. en NV Luchthaven Lelystad. Voor deze dienstbetrekkingen – afgezien van de dienstbetrekking bij het Openbaar Lichaam Gezamenlijke Brandweer – zijn in totaal 2.239 uren verloond.

3. Eiser heeft voor het jaar 2016 een aangifte IB/PVV ingediend naar een verzamelinkomen van € 36.638. In de aangifte heeft eiser de mkb-winstvrijstelling, de zelfstandigenaftrek en de startersaftrek in aanmerking genomen.

4. Verweerder heeft bij het opleggen van de definitieve aanslag de mkb-winstvrijstelling geaccepteerd, maar de zelfstandigen- en startersaftrek geweigerd, omdat eiser in 2016 niet heeft voldaan aan het zogenoemde urencriterium. De definitieve aanslag is vastgesteld naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 45.233 en een inkomen uit sparen en beleggen van € 3.200.

5. Tussen partijen is uitsluitend in geschil of de zelfstandigen- en startersaftrek terecht zijn geweigerd. Specifiek in geschil is of eiser heeft voldaan aan het urencriterium. Verweerder heeft ter zitting verklaard dat voor 2016 niet langer in geschil is of sprake is van winst uit onderneming, aangezien de mkb-winstvrijstelling is toegekend.

6. De zelfstandigen- en startersaftrek gelden voor de ondernemer die aan het urencriterium voldoet.1 Aan het urencriterium wordt voldaan indien gedurende het kalenderjaar ten minste 1.225 uren worden besteed aan werkzaamheden voor een of meer ondernemingen waaruit de belastingplichtige als ondernemer winst geniet.2

7. De bewijslast dat aan het urencriterium is voldaan rust op eiser. Eiser heeft daartoe een Excelbestand overgelegd. Dit bestand bevat echter meerdere onduidelijkheden, onder andere op de onderdelen opleiding en scholing. Verweerder heeft daarom vragen gesteld en eiser onder meer verzocht facturen over te leggen. Ter zitting heeft eiser verklaard dat hij niet over facturen beschikt, omdat sprake was van verrekening met gesloten beurzen. Ook heeft eiser ter zitting verklaard dat over zijn werkzaamheden uitsluitend mondeling afspraken zijn gemaakt, waardoor van deze overeenkomsten evenmin stukken beschikbaar zijn. Eiser heeft met het enkel overleggen van het Excelbestand niet aannemelijk gemaakt dat hij aan het urencriterium heeft voldaan. Daarbij weegt de rechtbank mee dat het overgrote deel van de beschikbare tijd van eiser werd ingenomen door zijn dienstbetrekkingen (minstens 2.239 uren).

8. Verweerder heeft dus terecht de zelfstandigen- en startersaftrek geweigerd. Dat volgens eiser, voorafgaand aan het opleggen van de definitieve aanslag, verweerder en hij uitsluitend in discussie waren over een specifieke opleiding en hij in dat verband een kopie van een diploma heeft overgelegd, betekent niet dat het verweerder niet is toegestaan in de bezwaar- en beroepsfase het gehele Excelbestand ter discussie te stellen. Verweerder mag gedurende de procedure de onderbouwing van een correctie wijzigen, zolang dat niet leidt tot een hogere correctie.

9. Gelet op wat hiervoor is overwogen, is het beroep ongegrond verklaard.

10. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Deze uitspraak is gedaan door mr. G.J. Ebbeling, rechter, in aanwezigheid van

mr. G.E. Brummel, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op
24 september 2020.

griffier rechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kunnen partijen binnen zes weken na verzending hoger beroep instellen bij het gerechtshof Den Haag (team belastingrecht), Postbus 20302,

2500 EH Den Haag.

1 Artikel 3.76 van de Wet Inkomstenbelasting 2001 (Wet IB 2001)

2 Artikel 3.6, eerste lid, van de Wet IB 2001