Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBDHA:2019:2795

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
21-03-2019
Datum publicatie
21-03-2019
Zaaknummer
F.19.54
Rechtsgebieden
Insolventierecht
Bijzondere kenmerken
Verzet
Inhoudsindicatie

Verzettermijn van een maand ex artikel 8 lid 2 Fw. De vennootschap reist niet mee met de bestuurder.

Wetsverwijzingen
Faillissementswet 8
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOR 2019/171 met annotatie van Mr. M.C. Van Genugten
JONDR 2019/451
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK DEN HAAG

Team Insolventies – enkelvoudige kamer

insolventienummer: C/09/19/[00] F

Vonnis in verzet van 21 maart 2019

in het faillissement van:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

United Visa Services B.V. ,

ingeschreven bij de Kamer van Koophandel onder nummer [00000000],

statutair gevestigd te 's-Gravenhage,

vestigingsadres: [postcode en plaats, adres],

handelend onder de namen [K, L, M, en N],

gefailleerde,

advocaat: mr. dr. D. Coskun.

1 Procesverloop

1.1

Op 12 februari 2019 is United Visa Services B.V. in staat van faillissement verklaard met benoeming van mr. R.G.C. Veneman tot rechter-commissaris en aanstelling van mr. M.T.J. Wilmer, advocaat te 's-Gravenhage als curator.

1.2

Bij brief van 11 maart 2019, die op 12 maart 2019 ter griffie van de Insolventiekamer van deze rechtbank is ingekomen, is namens United Visa Services B.V. verzocht “ het faillissement van de vennootschap van 12.02.2019 op te heffen”.

1.3

Gezien de inhoud van dat stuk en hetgeen ter terechtzitting is meegedeeld, gaat de rechtbank er van uit dat United Visa Services B.V. door middel van de brief van 11 maart 2019 verzet instelt tegen het faillissementsvonnis van 12 februari 2019.

1.4

Het verzet is op 19 maart 2019 ter terechtzitting behandeld. Bij die gelegenheid zijn verschenen:

- [Z], indirect bestuurder van gefailleerde;

- mr. Coskun, voornoemd;

- [A], aanvraagster van het faillissement en hierna te noemen ‘mevrouw [A]’, bijgestaan door [C];

- de curator vergezeld van een kantoorgenote.

1.5

De rechtbank maakt verder melding van de ontvangst van:

- het advies, met bijlagen, van 18 maart 2019 van de curator;

- de e-mails, met bijlagen, van 14 en 18 maart 2019 van mr. Coskun, voornoemd.

2 De beoordeling

2.1

In de eerste plaats dient de vraag te worden beantwoord of het verzet tijdig is ingesteld. Dienaangaande overweegt de rechtbank als volgt.

2.2

[A] heeft een verzoek ingediend tot faillietverklaring van United Visa Services B.V. Dit verzoek is op 29 januari 2019 ter terechtzitting behandeld. United Visa Services B.V. is niet verschenen en de behandeling van het verzoek is aangehouden tot 12 februari 2019 waarbij in de gelegenheid is gesteld United Visa Services B.V. bij deurwaardersexploot op te roepen om ter terechtzitting van 12 februari 2019 te verschijnen. Die oproeping heeft op 30 januari 2019 plaatsgevonden en het desbetreffende deurwaardersexploot is namens mevrouw [A] overgelegd. Dit exploot is uitgebracht aan het adres [straatnaam en huisnummer] te [plaatsnaam], zijnde het adres dat volgens de gegevens in het handelsregister van de kamer van koophandel het bezoekadres van United Visa Services B.V. is. Volgens diezelfde gegevens is United Brothers B.V. de bestuurder van United Visa Services B.V. en is de heer [Z] de bestuurder van United Brothers B.V. Op 12 februari 2019 is United Visa Services B.V. failliet verklaard. Daarbij heeft de rechtbank overwogen dat United Visa Services B.V. niet is verschenen, hoewel zij daartoe behoorlijk is opgeroepen.

2.3

United Visa Services B.V. heeft bij brief van brief van 11 maart 2019, die op 12 maart 2019 ter griffie van de Insolventiekamer van deze rechtbank is ingekomen, bedoeld verzet in te stellen tegen het faillissementsvonnis van 12 februari 2019. Die brief voldoet niet aan de vereisten die in het Procesreglement verzoekschriftprocedures insolventiezaken rechtbank (artikel 1.3.2.4) aan een verzetrekest worden gesteld. In de kop van het verzetrekest ontbreekt de vermelding dat het gaat om een verzetrekest, alsmede de vermelding van de wetsbepaling waarop het rekest berust. Voorts ontbreken adres en woonplaats van de geopposeerde en het telefoonnummer van de curator.

2.4

United Visa Services B.V. is niet gehoord op het verzoek tot faillietverklaring. Artikel 8 lid 2 van de Faillissementswet bepaalt dat een schuldenaar, zo hij niet is gehoord, gedurende veertien dagen, na de dag der uitspraak, recht van verzet heeft. Het is duidelijk dat het verzet niet binnen deze termijn is ingesteld. Dit is ter terechtzitting door de advocaat van United Visa Services B.V. beaamd.

2.5

Artikel 8 lid 2 van de Faillissementswet bepaalt voorts dat indien een schuldenaar, zo hij niet is gehoord, zich tijdens de faillissementsuitspraak niet binnen het Rijk in Europa (lees: in het land Nederland) bevindt, de verzettermijn wordt verlengd tot een maand. United Visa Services B.V. beroept zich erop dat die termijn van een maand van toepassing is omdat de heer [Z], haar indirect bestuurder, zich ten tijde van het uitspreken van het faillissementsvonnis in het buitenland bevond. Hiermee vereenzelvigt de vennootschap United Visa Services B.V. zich met haar bestuurder, aldus dat indien een enig (indirect) bestuurder van een vennootschap buiten Nederland verblijft dit in beginsel ook automatisch voor de vennootschap geldt. Hiervoor zijn echter geen aanknopingspunten. United Visa Services B.V. is een zelfstandige juridische entiteit. Het faillissementsverzoek richt zich tegen de vennootschap als schuldenaar. Niet is gebleken dat de vennootschap zich ten tijde van faillietverklaring buiten Nederland bevond, daargelaten wat United Visa Services B.V. daarmee voor ogen zou kunnen staan. Ter terechtzitting is gebleken dat de bestuurder geen adreswijziging van United Visa Services B.V. in het handelsregister van de kamer van koophandel heeft doen opnemen. Evenmin is gebleken dat op andere wijze voor derden kenbaar is gemaakt dat de vennootschap haar adres elders zou hebben. De rechtbank neemt mede in aanmerking dat het ontbreekt aan een wettelijke bepaling waarin wordt bepaald dat, indien de schuldenaar een vennootschap is, onder schuldenaar als bedoeld in artikel 8 lid 2 van de Faillissementswet tevens de bestuurder van die vennootschap dient te worden verstaan (vergelijk de artikelen 91 en 106 van de Faillissementswet). Dit alles maakt dat United Visa Services B.V. zich niet kan beroepen op de verzettermijn van een maand.

2.6

Het verzet is derhalve niet-tijdig ingesteld en niet is gebleken van voldoende relevante feiten of omstandigheden op basis waarvan kan worden geoordeeld dat er plaats is voor een uitzondering op de regel dat aan de termijn voor het instellen van verzet strikt de hand moet worden gehouden. De stelling dat de vennootschap niet behoorlijk is opgeroepen, kan niet tot dat oordeel leiden en overigens is de juistheid daarvan niet komen vast te staan. Voorts neemt de rechtbank in dit verband in aanmerking dat is gebleken dat de indirect bestuurder van United Visa Services B.V. op 15 februari 2019 per e-mail contact met de curator heeft gehad en dat hij zich twee of drie dagen later tot een advocaat heeft gewend, waarmee de curator eveneens contact heeft gehad en aan wie de curator ook de stukken van de faillissementsaanvraag heeft gestuurd. De bestuurder was derhalve in ieder geval op 15 februari 2019 bekend met het faillissementsvonnis van 12 februari 2019.

2.7

Het vorenstaand maakt dat de rechtbank van oordeel is dat het verzet te laat is gesteld, zodat United Visa Services B.V. niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in haar verzoek.

BESLISSING

De rechtbank:

- verklaart gefailleerde niet-ontvankelijk in haar verzoek.

Dit vonnis is gewezen door mr. R. Cats, rechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 21 maart 2019 in aanwezigheid van C.R. Cortenbach-van der Lek LL.B., griffier.