Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBDHA:2019:2212

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
21-02-2019
Datum publicatie
13-03-2019
Zaaknummer
NL19.992
Rechtsgebieden
Vreemdelingenrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Mondelinge uitspraak
Voorlopige voorziening+bodemzaak
Inhoudsindicatie

Dublin Duitsland. Instemming in terugname. Geen gegronde vrees dat overdracht leidt tot refoulement. Medische klachten op zitting aangevoerd, niet onderbouwd. Beroep ongegrond. Geen proceskostenveroordeling

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg

Bestuursrecht

zaaknummer: NL19.992


proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[naam] , eiser

(gemachtigde: mr. M.B. van den Toorn-Volkers),

en

de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.

Procesverloop

Bij besluit van 15 januari 2019 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van eiser tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling van de aanvraag.

Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter gevraagd een voorziening te treffen hangende zijn beroep (NL19.993).

Het onderzoek op zitting heeft, samen met de behandeling het verzoek, plaatsgevonden op 21 februari 2019. Eiser is verschenen, bijgestaan door mr. van den Heuvel, als waarnemer van zijn gemachtigde. Als tolk is verschenen P.N. Kleinendorst. Verweerder is, na voorafgaand bericht, niet verschenen.

Na afloop van de behandeling van de zaak op zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Overwegingen

1. Niet in geschil is dat eiser eerder in Duitsland heeft verzocht om internationale bescherming. Duitsland heeft ingestemd met terugname van eiser op de grond dat eiser dit verzoek zou hebben ingetrokken. Verweerder dan ook heeft terecht vastgesteld dat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling van eisers verzoek om internationale bescherming. Niet is gebleken van aanwijzingen om aan de juistheid van de terugnamegrond te twijfelen. De enkele in beroep overgelegde aanzegging van de Duitse autoriteiten aan eiser om het land te verlaten, is geen bewijs van eisers stelling dat zijn aanvraag in Duitsland is afgewezen. Overigens zou ook in dat geval zijn vastgesteld dat Duitsland verantwoordelijk is.

2. Nu Duitsland heeft ingestemd met terugname van eiser moet ervan uit worden gegaan dat het verzoek om internationale bescherming door Duitsland zal worden behandeld met inachtneming van de Europese asielrichtlijnen. Dat houdt onder meer in dat de Duitse autoriteiten eiser niet mogen terugsturen naar Congo als dat betekent dat zijn leven gevaar loopt. De Duitse autoriteiten zijn ook verplicht eiser bescherming te bieden tegen eventuele problemen in Duitsland zelf. Daarnaast wordt ook aangenomen dat eiser bij de rechter in Duitsland kan klagen indien hij meent dat Duitsland bedoelde verplichtingen tegenover hem niet nakomt. Gelet hierop heeft eiser geen gegronde vrees dat overdracht zal leiden tot refoulement. Eiser heeft zijn verklaringen over problemen in Duitsland niet onderbouwd met enig bewijs. Voor zover eiser daarnaast ter zitting heeft verklaard medische klachten te hebben, geldt dat ook hiervan enige onderbouwing ontbreekt.

3. Verweerder heeft in hetgeen eiser naar voren heeft gebracht geen aanleiding hoeven zien om de asielaanvraag inhoudelijk te behandelen.

4. Het beroep is ongegrond.

5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

De beslissing is in het openbaar uitgesproken door mr. J.F.I. Sinack, rechter, in aanwezigheid van S.A.K. Kurvink, griffier, op 21 februari 2019.

Dit proces-verbaal is digitaal ondertekend en bekendgemaakt op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na de dag van bekendmaking van dit proces-verbaal.