Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBDHA:2019:11554

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
15-10-2019
Datum publicatie
05-11-2019
Zaaknummer
nl19.21534
Rechtsgebieden
Vreemdelingenrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Voorlopige voorziening+bodemzaak
Inhoudsindicatie

vovo, Dublin Italië, toegewezen vovo vanwege interim measures EHRM, kwetsbaar, Tarakhel, zwangere alleenstaande vrouw met twee kleine kinderen, medische complicaties

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg

Bestuursrecht

zaaknummer: NL19.21534


uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[naam] , verzoekster,

mede ten behoeve van haar minderjarige kinderen

[naam 2] en [naam 3],

(gemachtigde: mr. H.P.H.M. Teunissen),

en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder

(gemachtigde: mr. N.H.T. Jansen).


Procesverloop

Bij besluit van 12 september 2019 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van verzoekster niet in behandeling genomen op de grond dat Italië verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.


Verzoekster heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Zij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft, tezamen met de behandeling van het beroep met nummer NL19.21533, plaatsgevonden op 10 oktober 2019. Verzoekster en verweerder hebben zich laten vertegenwoordigen door hun gemachtigde.

Overwegingen

1. Verzoekster heeft een voorlopige voorziening gevraagd ter voorkoming van overdracht aan Italië, zolang geen uitspraak is gedaan op het beroep tegen het bestreden besluit.

2. Verzoekster stelt de Nigeriaanse nationaliteit te hebben en te zijn geboren op [geboortedatum] . Haar kinderen zijn geboren op [geboortedatum 2] ( [naam 2] ) en op [geboortedatum 3] ( [naam 3] ). Uit de stukken blijkt dat verzoekster zwanger is en dat de uitgerekende bevallingsdatum is 18 december 2019. Verder blijkt uit de stukken dat er medische complicaties zijn bij de zwangerschap.

3. De voorzieningenrechter is van oordeel dat verzoekster en haar gezinsleden moeten worden aangemerkt als ‘bijzonder kwetsbare’ asielzoekers, als bedoeld in het arrest van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) in de zaak Tarakhel1.

4. Onlangs heeft het EHRM een aantal interim measures getroffen:

5. M.T. tegen Nederland van 6 september 2019 (no. 46595/19);

6. V.A. tegen Nederland van 16 september 2019 (no. 48062/19):

7. F.O. tegen Nederland van 16 september 2019 (no. 48125/19);

8. A.S. tegen Nederland van 17 september 2019 (no. 48397/19) en;

9. S.O. tegen Nederland van 24 september 2019 (no. 49569/19).

5. Uit de door het EHRM gestelde vragen kan worden afgeleid dat aan de orde is of bijzonder kwetsbare vreemdelingen zonder individuele garanties aan Italië kunnen worden overgedragen op grond van de Dublinverordening. In de zaak M.T. tegen Nederland heeft verweerder de vragen op 20 september 2019 beantwoord. Niettemin heeft het EHRM de interim measure in die zaak verlengd.

6. Dit betekent dat niet kan worden uitgesloten dat verweerder individuele garanties voor verzoekster en haar gezin aan Italië moet vragen met betrekking tot opvang- en andere voorzieningen, alvorens tot overdracht kan worden overgegaan.

7. De voorzieningenrechter wijst om die reden het verzoek om voorlopige voorziening toe, schorst het bestreden besluit en bepaalt dat verzoekster niet mag worden overgedragen aan Italië totdat op het beroep tegen het bestreden besluit is beslist.

8. De voorzieningenrechter veroordeelt verweerder in de door verzoekster gemaakte proceskosten. Deze kosten stelt de voorzieningenrechter op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 1.024 (1 punt voor het indienen van het verzoekschrift en 1 punt voor het verschijnen ter zitting met een waarde per punt van € 512 en een wegingsfactor 1).

Beslissing


De voorzieningenrechter:

- treft de voorlopige voorziening dat het bestreden besluit wordt geschorst en dat

verzoekster niet mag worden overgedragen aan Italië totdat is beslist op het beroep;

- veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoekster tot een bedrag van € 1.024

(duizendvierentwintig euro).

Deze uitspraak is gedaan door mr. B.F.Th. de Roos, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. J. Loonstra-Hoekstra, griffier.

Deze uitspraak is in het openbaar gedaan en bekendgemaakt op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

1 Het arrest van 4 november 2014 in de zaak Tarakhel tegen Zwitserland, nr. 29217/12, ECLI:CE:ECHR:2014:1104JUD002921712