Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBDHA:2018:3628

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
30-03-2018
Datum publicatie
20-04-2018
Zaaknummer
NL18.4738
Rechtsgebieden
Vreemdelingenrecht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie

Dublin voorlopige voorziening

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats 's-Gravenhage

Bestuursrecht

zaaknummer: NL18.4738


uitspraak van de voorzieningenrechter van 30 maart 2018 op het verzoek om een voorlopige voorziening in de zaak tussen

[verzoeker], verzoeker

(gemachtigde: mr. T.R. Hüpscher),

en

de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder

(gemachtigde: mr. M.A.M. Janssen).


Procesverloop

Bij besluit van 7 maart 2018 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker om het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling van de aanvraag.


Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

Het onderzoek ter zitting heeft, tezamen met de behandeling van de zaak NL18.4737, plaatsgevonden op 29 maart 2018. Verzoeker en verweerder hebben zich laten vertegenwoordigen door hun gemachtigde.

Overwegingen

1. De voorzieningenrechter is verzocht om hangende het beroep in de procedure met kenmerk NL18.4737 te bepalen dat verweerder de uitzetting van verzoeker achterwege dient te laten, totdat op het beroep is beslist.

2. Het connexiteitsvereiste, neergelegd in artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht, bepaalt dat een voorlopige voorziening alleen mogelijk is als de rechtbank nog niet op het beroep heeft beslist. De rechtbank heeft bij uitspraak van heden het beroep ongegrond verklaard. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer mogelijk.

3. De voorzieningenrechter zal het verzoek om een voorlopige voorziening afwijzen.

4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing


De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J.M. Ghrib, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. A.H. Ferment, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 30 maart 2018.

griffier

voorzieningenrechter

Afschrift verzonden of digitaal ter beschikking gesteld aan partijen op:

Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.