Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBDHA:2018:15098

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
20-12-2018
Datum publicatie
20-12-2018
Zaaknummer
09/808887-17
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Veroordeling voor poging tot afdreiging na een BDSM-spel op Second Life. Art. 318 Sr. Na wederzijds contact op Second Life in een BDSM-spel waar de aangever wilde worden gedwongen en de verdachte de meester was. Na afbreken van het contact door de aangever heeft de verdachte in “real life” middels bedreiging tot bekendmaking van de fetisj van de aangever getracht hem geld af te dreigen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG

Strafrecht

Meervoudige strafkamer

Parketnummers: 09/808887-17

Datum uitspraak: 20 december 2018

Tegenspraak

(Promisvonnis)

De rechtbank Den Haag heeft op de grondslag van de tenlastelegging en naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting het navolgende vonnis gewezen in de door de politierechter naar de meervoudige strafkamer verwezen zaak van de officier van justitie tegen de verdachte:

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] 1971 te [geboorteplaats] ,

BRP-adres: [adres] .

1 Het onderzoek ter terechtzitting

Het onderzoek is gehouden ter terechtzittingen van 2 augustus 2018 (politierechter) en 6 december 2018 (meervoudige kamer).

De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie mr. J.E. Hartjes en van hetgeen door verdachte en zijn raadsvrouw mr. K. Megens-Van Mierlo naar voren is gebracht.

2 De tenlastelegging

Aan de verdachte is - na wijziging van de tenlastelegging ter terechtzitting - ten laste gelegd dat:

hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 7 juli 2017 tot en met 9 november 2017 te [plaats 1] en/of [plaats 2] , [gemeente] , in elk geval in Nederland en/of Nederlander zijnde in Duitsland, tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen,

ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door bedreiging met smaad, smaadschrift en/of openbaarmaking van een geheim, [slachtoffer] te dwingen tot de afgifte van enig goed dat geheel of ten dele aan een ander toebehoorde, het aangaan van een schuld of het teniet doen van een inschuld, één of meer van de volgende handelingen heeft verricht:

-op de website Second Life, zijnde een fantasiespel, contact gehad met die [slachtoffer]

-(pikante) foto's van die [slachtoffer] op een of meer website(s) geplaatst ( [website] en/of [website] )

- middels een of meer smsje(s) en/of chatberichten tegen die [slachtoffer] gezegd dat hij de website offline zou halen als die [slachtoffer] 1000 euro zou betalen, althans overmaken

- een brief aan die [slachtoffer] gestuurd waarin hij dreigt dat als [slachtoffer] niet betaaltd er automatisch batches met (pikante) foto's en/of privégegevens op de website worden geplaatst en/of (vervolgens) een mail wordt verstuurd naar collega's, familie en vrienden van [slachtoffer] met daarin de url van de website

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid (doordat [slachtoffer] niet betaald heeft).

3 Bewijsoverwegingen

3.1

Inleiding

De aangever heeft rond juli van 2017 op internet op de website (client/server applicatie) Second Life contact gekregen met de verdachte. Zij waren beiden uit op het spelen van een BDSM-spel, waarbij de aangever de ondergeschikte was en de verdachte de meester. In dit spel heeft de verdachte de beschikking gekregen over specifieke foto’s van aangever. De verdachte heeft daarna de aangever sms-berichten, chatberichten en een brief gestuurd waarin werd gesteld dat de aangever geld moest geven, anders zouden de ‘pikante’ foto’s en de gegevens van de aangever waarover de verdachte beschikte op websites worden geplaatst. Tevens zouden mensen om de aangever heen daarvan op de hoogte worden gesteld. Er zijn daadwerkelijk foto’s van de aangever geplaatst op websites die de verdachte had aangemaakt.

De verdachte wordt – kort gezegd – verweten dat hij middels bedreiging met smaad(schrift) of bekendmaking van een geheim getracht heeft de aangever te dwingen tot de afgifte van geld en dat zijn intentie zag op die afgifte. De verdachte heeft dat ontkend. Hij heeft gesteld dat zijn handelingen onderdeel waren van het spel en daarom gerechtvaardigd en dat het hem nimmer om geld te doen was.

3.2

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van het ten laste gelegde.

3.3

Het standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft vrijspraak bepleit. Daartoe is aangevoerd dat de verklaringen van de aangever onbetrouwbaar zijn gelet op hetgeen hij blijkens zijn verklaring bij de rechter-commissaris eerder heeft willen verbergen voor justitie en dat zijn verklaringen mede daarom niet kunnen bijdragen tot het bewijs. Voorts was er geen sprake van een oogmerk op wederrechtelijke bevoordeling, omdat de verdachte handelde binnen de kaders van het BDSM-spel dat hij samen met de aangever speelde en daarbij niet het verkrijgen van geld het doel was maar de ervaringen van het BDSM-spel voor zowel de aangever en de verdachte. Van bedreiging met smaad(schrift) of openbaarmaking van een geheim was geen sprake volgens de raadsvrouw. Immers waren de ‘pikante’ foto’s niet geheim, omdat de aangever deze bewust toegankelijk maakte. Voorts berusten de foto’s op de waarheid van de fetisj van de aangever en was de opzet van het BDSM-spel niet gericht op aantasting van de eer of goede naam van de aangever, aldus de raadsvrouw. Tot slot is er volgens de raadsvrouw evenmin voldoende wettig en overtuigend bewijs dat het feit is medegepleegd met een ander.

3.4

De beoordeling van de tenlastelegging1

De rechtbank stelt voorop dat de verdediging terecht heeft gewezen op de inconsequenties in de verklaringen van de aangever bij de politie en bij de rechter-commissaris. De rechtbank is echter van oordeel dat de kern van die verklaringen – zoals hierna gebezigd als bewijsmiddel – daardoor niet worden aangetast, ook omdat die verklaringen op belangrijke onderdelen worden ondersteund door andere bewijsmiddelen.

[slachtoffer] (woonachtig in [plaats 1] ) heeft op 14 juli 2017 aangifte gedaan en een klacht ingediend. Hij heeft verklaard dat hij in Second Life (een op internet gesitueerde 3D-wereld) de nickname “ [accountnaam slachtoffer] ” gebruikt. Hij deed daar een spel met een gebruiker met de naam “ [accountnaam verdachte] ”. Daarbij was aangever ondergeschikt en “ [accountnaam verdachte] ” dominant. In het kader van hun contacten heeft “ [accountnaam verdachte] ” op enig moment de beschikking gekregen over specifieke foto’s van de verdachte. Volgens de aangever escaleerde het spel op 7 juli 2017 in een richting die hij niet wilde. Hij ontving een e-mailbericht vanuit Second Life van “ [accountnaam verdachte] ” met de boodschap dat hij een foto van aangever had.2

Aangever ontving vervolgens op 14, 15 en 16 juli 2017 meerdere SMS-berichten waarin onder meer te lezen stond dat de afzender 1000 euro van hem wilde hebben. Korte tijd daarna kreeg hij vaker dit soort SMS-berichten.3 Aangever had op 20 juli 2017 gemeld dat hij een brief had gekregen via de reguliere post, die een gelijke strekking had als de berichten en sms’jes en waarin ook gedreigd werd om zijn collega’s, familie en vrienden in te lichten met verwijzing naar een website met de foto’s. De websites zouden uit de lucht worden gehaald als er 1000 euro zou worden betaald. Verdachte heeft niet op de berichten en de brief gereageerd.4

De politie heeft geconstateerd dat op 31 juli 2017 en 1 augustus 2017 op de vrij toegankelijke website [website] de naam van aangever stond vermeld, zijn huisadres en zijn telefoonnummer. Daarnaast waren verschillende seksueel getinte teksten en foto’s te zien, waaronder foto’s van een man in vrouwenkleding. Op 27 juli 2017 stonden de persoonsgegevens ook al vermeld, maar de foto’s nog niet.5

De verdachte (woonachtig in [plaats 1] ) heeft verklaard dat hij “ [accountnaam verdachte] ” was binnen Second Life, dat hij de sms-berichten en de brief (vanuit Duitsland) heeft gestuurd naar de aangever, en dat hij twee websites had aangemaakt.6

Bedreiging met smaad(schrift) of openbaarmaking van een geheim

De rechtbank ziet zich gesteld voor de vraag of de verdachte heeft gedreigd met smaad(schrift) of openbaarmaking van een geheim. De rechtbank overweegt daartoe het volgende.

Uit de door aangever verstrekte sms-berichten blijkt dat de verdachte onder meer het volgende naar aangever had gestuurd:7

- “ Aloha geile slet! [website] word een grote hit als je”

- “ het blijft negeren. Dus als je wilt dat het stopt, weet je wat je te doen staat.”

- “ Een brief zal binnenkort je adres bereiken, Buig of barts, vuile slet. Je [naam bedrijf ] collegae zullen smullen. De keus is aan jou.” [duivel smiley]

- “ Voor mij is het een win-win situatie, of je betaald 1000 euro, of iedereen weet wat voor een pervertert je bent. […]”

- “ Ook al kruip je in een nieuwe avatat, de realiteit achterhaalt hem wel, Je moeder zal weten welk smerig hoerejong ze gebaard heeft. […]”

- “ I real don’t give a fuck. De erfenis kun je gebruiken om mij af te kopen. :)”

- “ Jij bent DE LUL als je niet meewerkt! Ik heb je gewaarschuwd!”

- “ Oh wat zullen die [naam bedrijf ] medewerkers je”

- “ UITLACHEN”

- ‘ Je bent het haasje! En ik ben bereid het haasje Los te laten. Maar voor niets gaat de zon op mietje!”

- “ ik ga haar gewoon al die smerige gore geile onfatsoenlijke fotos sturen van die smerige gore zoon van haar. […]”

- “ Als jij je moeder lief hebt en een goede zoon bent, bespaar je haar deze elende en de waarheid (dat je een waardeloze perverse zoon bent die haar niet verdient)”

- “ Maar voor de speciale aanbieding van slechts 1000 euro vergeet ik je bestaan. Koopje toch? Of is dat je leven niet waard?”

- “ Die vrienden in de kroeg zullen je nooit meer als volle en gelijkwaardige beschouwen. Is dat je wens? Want dat is je toekomst, tenzij…”

- “ Tik tok tik tok de klok tikt”

- “ Als jij je leven nog geen 1000 euro waard vind heb je at een kut leven toch”

- “ Je zit vast weer achter de computer Q met dat geile pikkie in dat kooitje jezelf op te geilen he verslaafde sissy?”

- “ Binnenkort hoef je dat niet meer te verbergen. Iedereen die je kent zal het dan weten. Wat zullen ze je uitlachen”

- “ Je adres en telefoon nummer zal ook verschijnen op de website als je niet betaald. […]“

- “ Mij maakt het niet uit dat je zwijgt. Dat maakt mij alleen maar meer vastberaden je leven tot een hell te maken.”

- “ Je gaat een eenzame toekomst tegemoet. Geen vrienden meer in de kroeg, familie zal zich voor je schamen, en collegae zal je links laten liggen.”

- “ Vluchten in je second life zat je hierbij echt niet helpen.”

- “ Daar kun je van avatar veranderen, maar niet in je echte leven. En uitloggen gaat al evenmin.”

- “ En je denkt als ik het negeer gaat het wel weg en stopt het wel”. Vergeet het maar ouwe. Ik heb geen moeite met je zwijgen zoals je ziet. Ik praat wel voor 2.”

- “ Haha [smileys en duivel smiley] [slachtoffer] is het haasje”

- “ Als ik jouw was zal ik je brievenbus in de gaten houden en hou er rekening

mee dat de briefje laatste kans is”

- “ Daarna is mijn geduld op en wie niet horen wil moet maat voelen is dan.mijn devies.”

- “ Vanaf nu ben ik net zo stil als jij. De volgende die je nu hier over hoort is iemand van je werk of familie.”

De door de verdachte aan aangever verstuurde chatberichten hadden de volgende inhoud:

Second Life chat: 8

[accountnaam verdachte] : Een sissy die mij 15k gaat betalen of anders een sissy in het echte leven word, ik durf te wedden dat je ook van die geile sissy kleding in het echte leven hebt heh, geef maar toe hoer ouwe geile hoer

[accountnaam slachtoffer] : dat is alleen voor prive

[accountnaam verdachte] : Maar je geeft het toe

Second Life chat: 9

[accountnaam verdachte] : Hallo, je bent een geile sissy

[accountnaam verdachte] : Lerr mij geile sissy kennen

[accountnaam verdachte] : Ik wist ook dat je geile kleding had

[accountnaam slachtoffer] : ja, dat was een gok

[accountnaam verdachte] : Ik hoef niet te gokken, je bent niet de eerste sissy die ik ga dwingen tot orale en anale sex

[accountnaam verdachte] : En aangezien je de 15k niet will betalen zie ik dat als een uitnodiging

[accountnaam verdachte] : Want die heb je wel

[accountnaam verdachte] : Maar je will liever zuigen en geneukt worden

[accountnaam slachtoffer] : nee, hoor, en ik heb dat ook nog nooit gedaan

[accountnaam verdachte] : Geen zorgen iik doe een gaga in je mond zodat de buren je niet horen.

Second Life chat: 10

[accountnaam slachtoffer] : U klinkt zelfs als een pooier

[accountnaam verdachte] : Te laat en omdat je zo’n iritant ventje bent heb ik ook het bedrag verhoogd van 15k naar 30k

[accountnaam verdachte] : ik ben een pooier

[accountnaam verdachte] : een pooier van sissies zoals jij

[accountnaam verdachte] : Je moets eens weten hoeveel marokanen graag zo’n sissy als jij neuken

Second Life chat: 11

[accountnaam verdachte] : En je gaat het ook in het echt geil en lekker vinden

[accountnaam verdachte] : Geld voor mij verdienen

[accountnaam slachtoffer] : hoe dan?

[accountnaam verdachte] : Die je op je knietjes komt aanbieden aan me in je geile pakkjes

[accountnaam verdachte] : Als siisy hoer

Uit de door aangever verstrekte brief blijkt dat de verdachte onder meer het volgende naar aangever had gestuurd:12

“Er is een website [website] waarop elke dag automatisch een batch met je foto’s worden geplaatst. Op 20 Juli 2017 zal de laatste batch met foto’s worden geplaatst en op 21 Juli verschijnt er een post met je complete gegevens, adres volledige naam telefoonnummer enz. Als klap op de vuurpijl word er automatisch op 22 Juli mails verstuurd naar je collega’s, familie en vrienden met de url van de website met je schatige foto’s.

Dit is nu een automatisch proces welke je alleen kunt stoppen door mij te betalen wat ik je heb gevraagd, je weet zelf waar en hoeveel. Na de betaling stuur je een mail naar [e-mailadres] en zal ik de website verwijderen.”

Naar het oordeel van de rechtbank volgt uit de voorgaande bewijsmiddelen dat de verdachte dreigde om pikante foto’s en de gegevens van verdachte bekend te maken aan aangevers familie en aangevers collegae en vrienden. Dat dit gerechtvaardigd zou zijn in het kader van het gespeelde spel en dat hij daarmee geen oogmerk had om aangever geld af te persen, zoals verdachte heeft betoogd, verwerpt de rechtbank op grond van het navolgende.

Op grond van de inhoud van het dossier is allereerst geenszins aannemelijk geworden dat aangever heeft toegestemd in het hanteren van de in de tenlastelegging genoemde dreigmiddelen. Verder is op grond van het dossier evenmin aannemelijk geworden dat het onderdeel uitmaakte van de fantasie van aangever dat verdachte deze middelen daadwerkelijk zou inzetten buiten Second Life. Voorts heeft aangever na het gebruik daarvan niet gereageerd, hetgeen verdachte beslist verder aan het denken heeft moeten zetten omtrent de gerechtvaardigdheid van de middelen. Tot slot komt het ook niet logisch voor dat wanneer het slechts om een spel zou zijn gegaan de foto’s met de daarbij behorende persoonsgegevens van aangever ook daadwerkelijk toegankelijk te maken voor anderen. Dit past dan beter in het scenario dat de verdachte aangever daadwerkelijk heeft willen chanteren. Van dit laatste scenario gaat de rechtbank dan ook uit.

Medeplegen?

Met de officier van justitie en de raadsvrouw is de rechtbank van oordeel dat niet is gebleken dat er sprake was van een nauwe en bewuste samenwerken met een ander.

Conclusie

Gelet op voornoemde bewijsmiddelen en overwegingen is de rechtbank van oordeel dat het tenlastegelegde feit wettig en overtuigend bewezen kan worden verklaard, uitgezonderd het medeplegen.

3.5

De bewezenverklaring

De rechtbank verklaart ten aanzien van de verdachte bewezen dat:

hij in de periode van 7 juli 2017 tot en met 9 november 2017 te [plaats 1] en/of [plaats 2] , [gemeente] , in elk geval in Nederland en/of Nederlander zijnde in Duitsland,

ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen door bedreiging met openbaarmaking van een geheim, [slachtoffer] te dwingen tot de afgifte van enig goed dat aan een ander toebehoorde, de volgende handelingen heeft verricht:

-op de website Second Life, zijnde een fantasiespel, contact gehad met die [slachtoffer]

-(pikante) foto's van die [slachtoffer] op websites geplaatst ( [website] en [website] )

- middels smsjes en chatberichten tegen die [slachtoffer] gezegd dat hij de website offline zou halen als die [slachtoffer] 1000 euro zou betalen, althans overmaken

- een brief aan die [slachtoffer] gestuurd waarin hij dreigt dat als [slachtoffer] niet betaalt er automatisch batches met (pikante) foto's en privégegevens op de website worden geplaatst en vervolgens een mail wordt verstuurd naar collega's, familie en vrienden van [slachtoffer] met daarin de url van de website,

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid (doordat [slachtoffer] niet betaald heeft).

Voor zover in de tenlastelegging type- en taalfouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Blijkens het verhandelde ter terechtzitting is de verdachte daardoor niet in de verdediging geschaad.

4 De strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde is volgens de wet strafbaar, omdat er geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten.

5 De strafbaarheid van de verdachte

De verdachte is eveneens strafbaar, omdat er geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die zijn strafbaarheid uitsluiten.

6 De strafoplegging

6.1

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte wordt veroordeeld tot een taakstraf van 240 uren, waarvan 120 uren voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren.

6.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft in het kader van eventuele strafoplegging primair bepleit dat geen straf of maatregel wordt opgelegd en subsidiair oplegging van een voorwaardelijke werkstraf. Daartoe is aangevoerd dat de verdachte geen strafblad heeft, de zaak gezondheidsproblemen heeft veroorzaakt en de verdachte zijn gedrag op internet heeft aangepast zodat soortgelijke situaties niet meer plaats kunnen vinden.

6.3

Het oordeel van de rechtbank

Na te melden straf is in overeenstemming met de ernst van het gepleegde feit, de omstandigheden waaronder dit is begaan en gegrond op de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan tijdens het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.

De rechtbank neemt hierbij in het bijzonder het volgende in aanmerking.

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een poging tot afdreiging. Hij heeft geprobeerd het slachtoffer 1000 euro te laten betalen onder bedreiging van het publiekelijk maken van pikante foto’s van het slachtoffer en diens persoonsgegevens . Hoewel het contact tussen beiden in eerste instantie met wederzijds goedvinden plaatsvond binnen een BDSM-spel op Second Life, heeft de verdachte misbruik gemaakt van hetgeen hij van aangever wist om hem te proberen af te dreigen. De verdachte heeft niet alleen woordelijk gedreigd, maar ook een website gemaakt waarop hij pikante foto’s van het slachtoffer plaatste. De verdachte heeft hiermee de persoonlijke levenssfeer van het slachtoffer zeer ernstig aangetast, en hem blijkens diens verklaringen veel schrik en angst aangejaagd. De verdachte is tegen de klippen op blijven beweren dat zijn gedrag gerechtvaardigd was en heeft daarmee nauwelijks verantwoordelijkheid genomen voor het feit. Dat alles rekent de rechtbank de verdachte aan.

De rechtbank heeft kennisgenomen van het strafblad van de verdachte van 17 juli 2018, waaruit blijkt dat hij niet eerder voor een soortgelijk strafbaar feit is veroordeeld.

Gelet op al het bovenstaande zal de rechtbank aan de verdachte een deels voorwaardelijke taakstraf opleggen van nader te noemen duur.

7 De vordering van de benadeelde partij

[slachtoffer] heeft zich als benadeelde partij gevoegd ter zake van de vordering tot schadevergoeding, groot € 1.275,00 (bestaande uit immateriële schade), te vermeerderen met de wettelijke rente.

7.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft geconcludeerd tot toewijzing van de vordering van de benadeelde partij en gevorderd dat de rechtbank aan verdachte de verplichting zal opleggen tot betaling aan de Staat van een bedrag groot € 1.275,00, ten behoeve van slachtoffer [slachtoffer] .

7.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft primair de niet-ontvankelijkheid van de benadeelde partij bepleit omdat er vrijspraak dient te volgen van het tenlastegelegde en subsidiair vanwege de omstandigheid dat de vordering onvoldoende is onderbouwd.

7.3

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank zal de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaren in de vordering, aangezien de behandeling van de vordering een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert, omdat de vordering onvoldoende is onderbouwd en het recht van de verdachte op een spoedige behandeling van de strafzaak in dit geval prevaleert boven het belang van de benadeelde partij om zijn vordering nader te onderbouwen.
De benadeelde partij kan de vordering slechts bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

Dit brengt mee dat de benadeelde partij dient te worden veroordeeld in de kosten die de verdachte tot aan deze uitspraak in verband met zijn verdediging tegen die vordering heeft moeten maken, welke kosten de rechtbank tot op heden begroot op nihil.

8 De toepasselijke wetsartikelen

De op te leggen straf is gegrond op de artikelen:

- 9, 14a, 14b, 14c, 22b, 22c, 45 en 318 van het Wetboek van Strafrecht.

Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij golden ten tijde van het bewezenverklaarde.

9 De beslissing

De rechtbank:

verklaart wettig en overtuigend bewezen, dat de verdachte het tenlastegelegde feit heeft begaan, zoals hierboven onder 3.5 bewezen is verklaard en dat het bewezenverklaarde uitmaakt:

poging tot afdreiging;

verklaart het bewezen verklaarde en de verdachte daarvoor strafbaar;

verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;

veroordeelt de verdachte tot:

een taakstraf voor de tijd van 160 (honderdzestig) UREN;

beveelt, voor het geval dat de veroordeelde de taakstraf niet naar behoren verricht, dat vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de tijd van 80 (tachtig) DAGEN;

beveelt dat de tijd, door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering doorgebracht, bij tenuitvoerlegging van het onvoorwaardelijk gedeelte van de taakstraf geheel in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht;

bepaalt de maatstaf volgens welke de aftrek overeenkomstig artikel 27 Wetboek van Strafrecht zal geschieden op 2 uren per dag;

bepaalt dat een gedeelte van die straf, groot 60 (zestig) UREN, subsidiair 30 (dertig) DAGEN vervangende hechtenis, niet zal worden tenuitvoergelegd onder de algemene voorwaarde dat de veroordeelde:

- zich voor het einde van de hierbij op twee jaren vastgestelde proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;

bepaalt dat de benadeelde partij [slachtoffer] niet-ontvankelijk is in de vordering en dat de benadeelde partij de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;

veroordeelt de benadeelde partij in de kosten door de verdachte ter verdediging tegen die vordering gemaakt, tot op heden begroot op nihil.

Dit vonnis is gewezen door

mr. S.W.E. de Ruiter, voorzitter,

mr. C.J. van der Wilt, rechter,

mr. A.M. Boogers, rechter,

in tegenwoordigheid van mr. A.J. van Zelst, griffier,

en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank van 20 december 2018.

1 Wanneer hierna wordt verwezen naar een proces-verbaal, wordt - tenzij anders vermeld - bedoeld een ambtsedig proces-verbaal, opgemaakt in de wettelijke vorm door (een) daartoe bevoegde opsporingsambtena(a)r(en). Waar wordt verwezen naar dossierpagina’s, betreft dit de pagina’s van het proces-verbaal van onderzoek Deur met het nummer PL1500-2017194339, van de politie eenheid Den Haag (doorgenummerd blz. 1 t/m 393b en 721 t/m 731).

2 Proces-verbaal van aangifte, p. 13 en 14.

3 Proces-verbaal van verhoor aangever, p. 29 en 30.

4 Proces-verbaal van bevindingen ontvangst brief, p. 33

5 Proces-verbaal, p. 47.

6 Verklaring van verdachte ter terechtzitting van 6 december 2018.

7 Geschriften, te weten afdrukken van sms-berichten, p. 31.4 t/m 31.19.

8 Proces-verbaal van bevindingen, p. 722.

9 Proces-verbaal van bevindingen, p. 723.

10 Proces-verbaal van bevindingen, p. 724.

11 Proces-verbaal van bevindingen, p. 725.

12 Geschrift, te weten een brief, p. 35.