Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBDHA:2018:12730

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
25-10-2018
Datum publicatie
05-11-2018
Zaaknummer
09/767199-17
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Bedreiging en belaging aangever. TBS met dwangverpleging.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG

Strafrecht

Meervoudige strafkamer

Parketnummer: 09/767199-17

Datum uitspraak: 25 oktober 2018

Tegenspraak

(Promisvonnis)

De rechtbank Den Haag heeft op de grondslag van de tenlastelegging en naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting het navolgende vonnis gewezen in de zaak van de officier van justitie tegen de verdachte:

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] ,

BRP-adres: [adres 1] ,

thans verblijvende in [PI] .

1 Het onderzoek ter terechtzitting

Het onderzoek is gehouden ter terechtzittingen van 7 maart 2018 (pro forma), 30 mei 2018 (pro forma), 9 augustus 2018 (pro forma) en 11 oktober 2018 (inhoudelijk).

De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie mr. S. Sleeswijk Visser en van hetgeen door de verdachte naar voren is gebracht. De verdachte heeft voorafgaand aan het requisitoir de terechtzitting verlaten.


Voorts was op basis van een last toevoeging aanwezig mr. I. Aardoom-Fuchs, die van de verdachte geen toestemming kreeg namens haar het woord te voeren.

2 De tenlastelegging

Aan de verdachte is - na wijziging van de tenlastelegging ter terechtzitting van 11 oktober 2018 - ten laste gelegd dat:

1.

zij in of omstreeks de periode van 3 mei 2017 tot en met 21 november 2017 te

Gouda en/of 's-Gravenhage en/of elders in Nederland (meermalen)

[slachtoffer 1] heeft bedreigd

met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling,

door die [slachtoffer 1] (via mails / berichten gericht aan de echtgenote van die [slachtoffer 1] en/of via de privé en werk mail van die [slachtoffer 1] ) dreigend de woorden toe te voegen ( in een of meerdere gevallen vergezeld met een of meerdere afbeeldingen van schaakstukken waaronder een afbeelding van een zwart schaakstuk koning waarvan de bovenkant door een rode bokshandschoen eraf wordt geslagen ”) en/of

“Voeg daad bij woord anders gaan jullie het niet begrijpen echt klaar” en/of

“Ondertussen hoop ik dat je net als je voorganger dood neerpleurt …” en/of

"Dat leiden van jou gaat echt niet meer worden verschijn jij met je kut kop voor mij breek jou echt door twee lang genoeg geduurd helemaal klaar met jou achterlijke gedoe" en/of

"Verschijn jij voor mij breek jou echt door twee achterlijke pishommel" en/of

"kom niet meer in mijn buurt [naam 9] want ik breek jou echt door" en/of

"Ik meen het mijn vaders dood was ook voorspelt met jou is het idem" en/of

"Jezus ik meen het als jij nu niet luisterd omdat ik jou niet meer kn beschermen" en/of

"nu hb je losgelaten je hoeft ook niet meer te komen want je luisterd totaal voor geen meter dat ik af en toe jou kop echt tegen de muur wol rammen" en/of

"Neen ik geef je geen dag extra meer. kan ik je doden of gewoon wachten net als je voorganger" en/of

"het juistde afstand die jou redt keiharde beuk dat je niet meer opstaat bij jouthuis"

althans telkens woorden van gelijke dreigende aard of strekking;

art 285 lid 1 Wetboek van Strafrecht

2.

zij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 3 mei 2017 tot

en met 21 november 2017 te Gouda en/of 's-Gravenhage en/of elders in Nederland,

wederrechtelijk stelselmatig

opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op eens anders per4soonlijke levensfeer, te weten die van [slachtoffer 1]

en/of [slachtoffer 2] ,

door dagelijks meermalen (soms 50 keer per dag), althans veelvuldig,

(email)berichten aan voornoemde perso(o)n(en) te sturen (in totaal ongeveer 2500) met onder meer een beledigende en/of dreigende en/of persoonlijke aard waarin onder meer stond vermeld zakelijk weergegeven:

“Paps voetsporen die mij volgen whuahah xxx je lieve kleine [naam 3] je kind” en/of

“Dus zonder de speurwerk vn uw man hb ik toch mijn papa weer terug nou ja ik dacht laat dit nog even aan u weten” en/of

“Dit puppy laat jou echt niet meer toe in het Leiden kom jij dichtbij” en/of

“omdat pap het stomme idee erop na houdt om niet fysiek eerst kennis te maken normaal draai ik gewoon mee maar het kn zijn dat ik in begin heel stil aan de eettafel rustig ga zitten en alles eerst rustig in mij opneem dat is dus tegenovergesteld aan mijn schrijven..” en/of

“Mijn nieuwe mobiel nr [nummer 1] hoor pap  luister zo extreem goed tot in de puntjes nu naar jou kerst bij jou en mam ” en/of

“Voeg daad bij woord anders gaan jullie het niet begrijpen echt klaar” en/of

“Ondertussen hoop ik dat je net als je voorganger dood neerpleurt …” en/of

“en dat stomme wijf vn jou met haar meditiatiomn dit is wat je krijgt ook dezelfde etiketten in jou elementen terug keihard n haar smoel” en/of

"Dat leiden van jou gaat echt niet meer worden verschijn jij met je kut kop voor mij breek jou echt door twee lang genoeg geduurd helemaal klaar met jou achterlijke gedoe" en/of

"Verschijn jij voor mij breek jou echt door twee achterlijke pishommel" en/of

"kom niet meer in mijn buurt [naam 9] want ik breek jou echt door" en/of

"Ik meen het mijn vaders dood was ook voorspelt met jou is het idem" en/of

"Jezus ik meen het als jij nu niet luisterd omdat ik jou niet meer kn beschermen" en/of

"nu hb je losgelaten je hoeft ook niet meer te komen want je luisterd totaal voor geen meter dat ik af en toe jou kop echt tegen de muur wol rammen" en/of

"Neen ik geef je geen dag extra meer. kan ik je doden of gewoon wachten net als je voorganger" en/of

"het juistde afstand die jou redt keiharde beuk dat je niet meer opstaat bij jouthuis",

met het oogmerk die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] , te dwingen iets te doen, niet te doen, te dulden en/of vrees aan te jagen.

3 Bewijsoverwegingen

3.1

Inleiding
De rechtbank ziet zich gesteld voor de vraag of wettig en overtuigend kan worden bewezen dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan bedreiging en/of belaging van [slachtoffer 1] en/of zijn vrouw [slachtoffer 2] .

3.2

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van het onder 1 en 2 ten laste gelegde.

3.3

Het standpunt van de verdachte

De verdachte heeft ontkend zich schuldig te hebben gemaakt aan bedreiging en belaging. Zij heeft de mails niet gestuurd en heeft zich op de vraag of zij [verdachte] is, beroepen op haar zwijgrecht.

3.4

De beoordeling van de tenlastelegging1

[slachtoffer 1] (hierna: [slachtoffer 1] ) heeft op 10 juli 2017 aangifte gedaan van bedreiging. Op zijn persoonlijke emailadres en het persoonlijke e-mailadres van zijn echtgenote [slachtoffer 2] (hierna: [slachtoffer 2] ) zijn sinds 3 mei 2017 bijna dagelijks meerdere e-mailberichten ontvangen, afkomstig van een persoon die gebruik maakte van het e-mailadres [mailadres 1] en die zich ‘ [naam 1] ’ noemde. In de periode van 3 mei 2017 tot 10 juli 2017 zijn circa 500 e-mailberichten ontvangen van deze afzender. De berichten hebben vrijwel allemaal betrekking op [slachtoffer 1] persoonlijk en in zijn functie als korpschef van de nationale politie. [slachtoffer 1] heeft verklaard dat hij in een aantal van deze berichten wordt bedreigd met een misdrijf tegen het leven gericht en dat hij zich door de inhoud en de verzender van deze berichten ernstig bedreigd voelt.2 Hij is bang dat de afzender van de berichten hem of zijn familie iets wil aandoen.

De hoeveelheid berichten en de stelselmatigheid waarin de berichten zijn gezonden, maken inbreuk op hun persoonlijke levenssfeer. Door de aangever zijn e-mails overhandigd afkomstig van het e-mailadres [mailadres 1] .3 In een aantal e-mailberichten staan teksten zoals ‘val dood’, ‘breek jou echt door twee’, ‘ik meen het mijn vaders dood was ook voorspelt met jou is het idem’, ‘dat ik af en toe echt jou kop tegen de muur wol rammen’, ‘neen ik geef je geen dag extra meer’, ‘kan ik je doden of gewoon wachten net als je voorganger’, ‘keihard beuk op je smoel’, ‘keihard beuk dat je niet meer opstaat bij jouthuis’.4

Bij een aantal e-mailberichten zijn afbeeldingen gevoegd, zoals een afbeelding van een zwart schaakstuk koning waarvan de bovenkant door een rode bokshandschoen wordt geslagen.5

[slachtoffer 2] heeft op 11 juli 2017 een klacht ingediend ter zake van belaging. Zij heeft daarbij verklaard dat zij sinds 3 mei 2017 werd lastig gevallen door een haar onbekende persoon die gebruik maakte van het e-mailaccount [mailadres 1] en die zichzelf ‘ [naam 1] ’ noemde. In de e-mailberichten werd gerefereerd aan haar gezin, hun woonplaats en locaties waar zij privé danwel werk gerelateerd afspraken hebben of verblijven. In een aantal van deze e-mailberichten werd haar echtgenoot bedreigd met een misdrijf tegen het leven gericht. De hoeveelheid e-mailberichten die zij dagelijks van de gebruiker van het e-mailadres [mailadres 1] ontving, maakte ernstig inbreuk op zowel haar persoonlijke levenssfeer als op die van haar gezin. De inhoud van de berichten jaagde haar en haar gezin vrees aan.6

[slachtoffer 2] heeft aanvullend aangifte gedaan en daarbij verklaard dat zij in de periode van 3 mei 2017 tot 11 juli 2017 circa 500 e-mailberichten heeft ontvangen op haar e-mailaccount, afkomstig van de gebruiker van het e-mailaccount [mailadres 1] . De inhoud van de e-mailberichten hadden vrijwel allemaal betrekking op haar echtgenoot en op zijn functie als korpschef van de nationale politie.7 Door de berichten is zij bang dat deze persoon haar echtgenoot van het leven wil beroven of hem zwaar lichamelijk letsel wil toebrengen. Doordat zij haar mail-account dagelijks zowel zakelijk als privé gebruikt, wordt zij telkens weer geconfronteerd met deze e-mailberichten die haar gemoedstoestand beïnvloeden en haar vrees aanjagen.8

De aangifte vermeldt een aantal berichten die [slachtoffer 2] specifiek als bedreigend ervaren heeft. Het betreft de in de aangifte van [slachtoffer 1] geciteerde e-mails.9

Aangevers hebben vanaf 11 juli 2017 in totaal 2.556 e-mails die zij van de gebruiker van het e-mailaccount [mailadres 1] hebben ontvangen ter beschikking gesteld aan de politie. De 500 in de aangiften genoemde e-mails zijn hierin niet inbegrepen.10 De politie heeft de ter beschikking gestelde e-mails onderzocht. De e-mails bevatten onder meer de in de tenlastelegging opgenomen citaten en afbeeldingen, te weten:

- van [mailadres 1] aan [mailadres 2] , op 18 november 2017: “Voeg daad bij woord anders gaan jullie het niet begrijpen echt klaar11;

- van [mailadres 1] aan [mailadres 2] , op 18 november 2017: “Ondertussen hoop ik dat je net als je voorganger dood neerpleurt (…)12;

- van [mailadres 1] aan [mailadres 3] , op 14 juni 2017: “Dat leiden van jou gaat echt niet meer worden verschijn jij met je kut kop voor mij breek jou echt door twee lang genoeg geduurd helemaal klaar met jou achterlijke gedoe13;

- van [mailadres 1] aan [mailadres 3] , op 14 juni 2017: “Verschijn jij voor mij breek jou echt door twee achterlijke pishommel14”;

- van [mailadres 1] aan [mailadres 3] , op 14 juni 2017: “kom niet meer in mijn buurt [naam 9] want ik breek jou echt door (…)15

- van [mailadres 1] aan [mailadres 3] , op 26 juni 2017: “Ik meen het mijn vaders dood was ook voorstelt met jou is het idem (…) Jezus ik meen het als jij nu niet luisterd omdat ik jou niet meer kn beschermen (…)16

- van [mailadres 1] aan [mailadres 3] , op 27 juni 2017: “Nu heb je losgelaten je hoeft ook niet meer te komen want je luisterd totaal voor geen meter dat ik af en toe jou kop echt tegen de muur wol rammen (…)17

- van [mailadres 1] aan [mailadres 3] , op 27 juni 2017: “Neen ik geef je geen dag extra meer! (…) kan ik je doden of gewoon wachten net als je voorganger (…)18

- van [mailadres 1] aan [mailadres 3] , op 27 juni 2017: “(…) het juistde afstand die jou redt keiharde beuk dat je niet meer opstaat bij jouthuis (…)19

- van [mailadres 1] aan [mailadres 3] , op 5 juli 2017: “Paps voetsporen die mij volgen whuahah xxx je lieve kleine [naam 3] je kind 20

- van [mailadres 1] aan [mailadres 3] , op 28 mei 2017: “Dus zonder de speurwerk vn uw man hb ik toch mijn papa weer terug nou ja ik dacht laat dit nog even aan u weten21

- van [mailadres 1] aan [mailadres 3] , op 10 juni 2017: “Dit puppy laat jou echt niet meer toe in het Leiden kom jij dichtbij22

- van [mailadres 1] aan [mailadres 3] , op 13 juni 2017: “Omdat pap het stomme idee erop na houdt om niet fysiek eerst kennis te maken normaal draai ik gewoon mee maar het kn zijn dat ik in het begin heel stil aan de eettafel rustig ga zitten en alles eerst rustig in mij opneem dat is dus tegenovergesteld aan mijn schrijven (…)23

- van [mailadres 1] aan [mailadres 2] , op 15 november 2017: “Mijn nieuwe mobiel nr [nummer 1] hoor pap  luister zo extreem goed tot in de puntjes nu naar jou kerst bij jou en mam  24

- van [mailadres 1] aan [mailadres 2] , op 18 november 2017: “En dat stomme wijf vn jou met haar meditiatiomn dit is wat je krijgt ook dezelfde etiketten in jou elementen terug keihard n haar smoel (…) 25

Na de voornoemde aangiften is de verzender doorgegaan met het verzenden van e-mailberichten vanaf het e-mailaccount [mailadres 1] . Halverwege oktober 2017 is deze verzender ook e-mailberichten gaan versturen naar het werk e-mailadres van de korpschef [slachtoffer 1] . De afzender heeft dan inmiddels meer dan 2300 e-mailberichten verzonden.26 Om de identiteit te achterhalen van de gebruiker van het e-mailaccount [mailadres 1] is op 11 november 2017 een nieuw e-mailaccount aangemaakt waarvan het adres, te weten [mailadres 2] , is gecommuniceerd naar de verzender ‘ [naam 1] ’. Op 14 november 2017 is naar het e-mailadres [mailadres 2] door de gebruiker van het e-mailadres [mailadres 1] een bericht gestuurd met desgevraagd een telefoonnummer dat aan de afzender zou toebehoren, te weten het telefoonnummer [nummer 2] . Ook op 15 november heeft dezelfde afzender naar het e-mailadres [mailadres 2] een e-mailbericht gestuurd met daarin het telefoonnummer dat aan de afzender zou toebehoren, te weten het telefoonnummer [nummer 3] .27 Uit taps is gebleken dat beide simkaarten met deze telefoonnummers zich in een toestel hebben bevonden met imei [nummer 4] .28

De politie heeft voorts onderzoek gedaan naar de technische eigenschappen van de foto’s die door de afzender ‘ [naam 1] ’ zijn meegestuurd met de e-mailberichten aan de aangevers. Uit politieonderzoek is gebleken dat een aantal foto’s is gemaakt met een mobiele telefoon van het merk Alcatel, type Pixi 3 4000D29. Deze toestellen zijn zogenaamde dual sim telefoontoestellen en zijn voorzien van de imei-nummers die beginnen met de 8-cijferige nummering [nummer 5] of [nummer 6] , welke laatste 8-cijferige nummering overeenstemt met het imei [nummer 4] . Op basis van onderzoek van verkeersgegevens van imei-nummer [nummer 4] is komen vast te staan dat de afzender bijna uitsluitend gebruik heeft gemaakt van zendmasten in de directe omgeving van het [adres 2] . Door een Telecom-expert is een berekening gemaakt van het gebied waarbinnen de afzender zeer waarschijnlijk woonachtig is. Voorts is in het bedrijfsregistratiesysteem BVH onderzoek gedaan naar de personen die in of bij het door de telecom-expert aangewezen gebied woonachtig zijn, en die aan een bepaald profiel beantwoorden. Hieruit is een vrouw naar voren gekomen, genaamd [verdachte] , geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] en woonachtig op de [adres 3] . Gezien het feit dat de afzender zichzelf in een aantal e-mailberichten [naam 2] of [naam 2] [slachtoffer 1] noemt en gezien de bij de politie bekende registraties over haar, is zij als verdachte aangemerkt.30

Op 21 november 2017 is de verdachte in haar woning aangehouden. Ook heeft er een doorzoeking van haar woning plaatsgevonden. Tijdens de aanhouding van de verdachte is uit haar broekzak een mobiele telefoon gehaald van het merk Alcatel, type Pixi 3. Deze telefoon is inbeslaggenomen.31 Het beeldscherm van de telefoon lichtte op. Daarop zag de dienstdoende verbalisant dat verschillende berichten van ‘ [naam 1] ’ waren opgeslagen in de map ‘Prullenbak’ en dat het e-mailadres [mailadres 1] aan de map was gekoppeld. Deze berichten bleken naderhand overeen te komen met berichten die zijn verzonden aan de aangever. Van het scherm is een foto gemaakt.32

Voornoemde telefoon is onderworpen aan een forensisch onderzoek. Daarbij zijn in de map verwijderde bestanden 348 e-mailberichten aangetroffen, waarvan een groot aantal berichten was gericht aan [mailadres 3] , naar [mailadres 2] of naar [mailadres 2] . Er was één e-mailbericht gedateerd 21 november 2017 te 15:49:40, die in de map ‘concepten’ stond. Op dat moment stond de politie voor de voordeur van de woning van de verdachte. Deze mail was nog niet verstuurd, maar bevatte de tekst: ‘je naam identificeer jezelf’. Alle aan de korpschef en zijn vrouw verstuurde afbeeldingen zijn aangetroffen in de opslagruimte van de telefoon.33

Er werden 90 foto’s als bijlage meegestuurd aan de e-mailaccounts van [slachtoffer 2] en [slachtoffer 1] . Deze afbeeldingen zijn onderzocht. Uit de afbeeldingseigenschappen bleek dat 82 van de 90 afbeeldingen kennelijk waren gemaakt met een videocamera van het merk Sony, type DCR S78. Tijdens de doorzoeking van de woning van de verdachte is een videocamera van het merk Sony, type DCR S78 in beslag genomen. Op het opslagmedium van de camera werden 11 verwijderde bestanden aangetroffen. Twee afbeeldingen waren als bijlage meegestuurd met e-mailberichten aan [slachtoffer 1] . De overige afbeeldingen waren foto’s van e-mailberichten, waaronder een aantal e-mailberichten die zijn gestuurd vanaf het e-mailadres van [slachtoffer 1] naar de verdachte en een aantal e-mailberichten van de verdachte zelf.34

Conclusie rechtbank

De rechtbank is van oordeel dat uit voornoemde bewijsmiddelen blijkt dat het de verdachte is geweest die in de periode van 3 mei 2017 tot en met 21 november 2017 onder de namen ‘ [naam 1] ’, ‘ [naam 2] ’ en ‘ [naam 2] [slachtoffer 1] ’, vanaf het e-mailadres [mailadres 1] , dagelijks meermalen e-mails aan de aangevers heeft gestuurd, met onder meer de in de tenlastelegging geciteerde teksten. Dit blijkt immers uit het feit dat de voornaam van de verdachte in een aantal e-mails werd genoemd, op de telefoon die bij de fouillering van de verdachte in beslag is genomen e-mailberichten en afbeeldingen zijn aangetroffen die overeenkomen met de aan aangevers verstuurde e-mailberichten vanaf het account [mailadres 1] en bovendien was dit e-mailaccount aan de telefoon van de verdachte gekoppeld. Voorts zijn afbeeldingen die in de berichten aan aangevers zijn verstuurd, aangetroffen op de videocamera die tijdens de doorzoeking in de woning van de verdachte inbeslaggenomen is.

Door de verdachte zijn meer dan 2500 berichten aan aangevers verstuurd. Een deel van de berichten bevatte teksten waarin de verdachte stelt aangever [slachtoffer 1] lichamelijk letsel toe te zullen brengen, zoals: ‘breek jou echt door twee’, ‘keiharde beuk dat je niet meer opstaat’, of te zullen doden: ‘neen ik geef je geen dag extra meer, kan ik je doden of gewoon wachten net als je voorganger’. De afbeeldingen bevatten bovendien onder meer schaakstukken waarvan de bovenkant wordt afgeslagen door een ander schaakstuk of door een bokshandschoen. In combinatie met de teksten in de e-mails, suggereren deze afbeeldingen naar het oordeel van de rechtbank de onthoofding of het in tweeën breken van een schaakstuk, dat symbool moet staan voor aangever [slachtoffer 1] .

De rechtbank is van oordeel dat door de teksten van deze e-mails in combinatie met de afbeeldingen, bij de aangever in redelijkheid de vrees kon ontstaan dat hij gewond zou kunnen raken of het leven zou kunnen verliezen. Met het versturen van deze berichten heeft de verdachte, in elk geval in voorwaardelijke zin, opzet gehad op het aanjagen van de redelijke vrees bij aangever [slachtoffer 1] . De rechtbank acht de bedreiging dan ook wettig en overtuigend bewezen.

De rechtbank is voorts van oordeel dat de verdachte door het verzenden van zo’n grote hoeveelheid mails aangevers opzettelijk en herhaaldelijk heeft lastig gevallen, waardoor zij inbreuk heeft gemaakt op hun persoonlijke levenssfeer. Zoals hiervoor reeds is overwogen, heeft de verdachte in de periode van 3 mei 2017 tot en met 21 november 2017 in totaal meer dan 2500 e-mails verstuurd naar zowel zakelijke als privé e-mailadressen van aangevers. Daarmee heeft verdachte aangevers gedwongen het ontvangen van deze grote hoeveelheid e-mails te dulden. Dat levert reeds een inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van aangevers op. Door in de e-mails bovendien te suggereren dat zij op de hoogte is van persoonlijke gegevens en dat zij een kind van aangever [slachtoffer 1] zou zijn, is de verdachte diep doorgedrongen in het privéleven van aangevers. Deze inbreuk is daardoor zeer ernstig te noemen. Tot slot is de rechtbank – gelet op de dreigende inhoud van (een deel van) de e-mails en de afbeeldingen – van oordeel dat de verdachte het oogmerk heeft gehad om de aangevers met haar e-mails vrees aan te jagen. Dit alles leidt tot de conclusie dat de rechtbank ook de belaging wettig en overtuigend bewezen acht.

3.5

De bewezenverklaring

De rechtbank verklaart ten aanzien van de verdachte bewezen dat:

1.

zij in de periode van 3 mei 2017 tot en met 21 november 2017 te Gouda, meermalen [slachtoffer 1] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht en met zware mishandeling, door die [slachtoffer 1] (via mails gericht aan de echtgenote van die [slachtoffer 1] en/of via de privé en werk mail van die [slachtoffer 1] )

dreigend de woorden toe te voegen, in een of meerdere gevallen vergezeld van een of meerdere afbeeldingen van schaakstukken waaronder een afbeelding van een zwart schaakstuk koning waarvan de bovenkant door een rode bokshandschoen eraf wordt geslagen,

“Voeg daad bij woord anders gaan jullie het niet begrijpen echt klaar” en

“Ondertussen hoop ik dat je net als je voorganger dood neerpleurt …” en

"Dat leiden van jou gaat echt niet meer worden verschijn jij met je kut kop voor mij breek jou echt door twee lang genoeg geduurd helemaal klaar met jou achterlijke gedoe" en

"Verschijn jij voor mij breek jou echt door twee achterlijke pishommel" en

"kom niet meer in mijn buurt [naam 9] want ik breek jou echt door" en

"Ik meen het mijn vaders dood was ook voorspelt met jou is het idem" en

"Jezus ik meen het als jij nu niet luisterd omdat ik jou niet meer kn beschermen" en

"nu hb je losgelaten je hoeft ook niet meer te komen want je luisterd totaal voor geen meter dat ik af en toe jou kop echt tegen de muur wol rammen" en

"Neen ik geef je geen dag extra meer. kan ik je doden of gewoon wachten net als je voorganger" en

"het juistde afstand die jou redt keiharde beuk dat je niet meer opstaat bij jouthuis";

2.

zij in de periode van 3 mei 2017 tot en met 21 november 2017 te Gouda, wederrechtelijk stelselmatig, opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] ,

door dagelijks meermalen, soms 50 keer per dag, althans veelvuldig, (email)berichten aan voornoemde personen te sturen, in totaal ongeveer 2500, met onder meer een beledigende en/of van dreigende en/of persoonlijke aard waarin onder meer stond vermeld zakelijk weergegeven:

“Paps voetsporen die mij volgen whuahah xxx je lieve kleine [naam 3] je kind” en

“Dus zonder de speurwerk vn uw man hb ik toch mijn papa weer terug nou ja ik dacht laat dit nog even aan u weten” en

“Dit puppy laat jou echt niet meer toe in het Leiden kom jij dichtbij” en

“omdat pap het stomme idee erop na houdt om niet fysiek eerst kennis te maken normaal draai ik gewoon mee maar het kn zijn dat ik in begin heel stil aan de eettafel rustig ga zitten en alles eerst rustig in mij opneem dat is dus tegenovergesteld aan mijn schrijven..” en

“Mijn nieuwe mobiel nr [nummer 1] hoor pap  luister zo extreem goed tot in de puntjes nu naar jou kerst bij jou en mam ” en

“Voeg daad bij woord anders gaan jullie het niet begrijpen echt klaar” en

“Ondertussen hoop ik dat je net als je voorganger dood neerpleurt …” en

“en dat stomme wijf vn jou met haar meditiatiomn dit is wat je krijgt ook dezelfde etiketten in jou elementen terug keihard n haar smoel” en

"Dat leiden van jou gaat echt niet meer worden verschijn jij met je kut kop voor mij breek jou echt door twee lang genoeg geduurd helemaal klaar met jou achterlijke gedoe" en

"Verschijn jij voor mij breek jou echt door twee achterlijke pishommel" en

"kom niet meer in mijn buurt [naam 9] want ik breek jou echt door" en

"Ik meen het mijn vaders dood was ook voorspelt met jou is het idem" en

"Jezus ik meen het als jij nu niet luisterd omdat ik jou niet meer kn beschermen" en

"nu hb je losgelaten je hoeft ook niet meer te komen want je luisterd totaal voor geen meter dat ik af en toe jou kop echt tegen de muur wol rammen" en

"Neen ik geef je geen dag extra meer. kan ik je doden of gewoon wachten net als je voorganger" en

"het juistde afstand die jou redt keiharde beuk dat je niet meer opstaat bij jouthuis",

met het oogmerk die [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] , te dwingen te dulden en/of vrees aan te jagen.

Voor zover in de tenlastelegging type- en taalfouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Blijkens het verhandelde ter terechtzitting is de verdachte daardoor niet in de verdediging geschaad.

4 De strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde is volgens de wet strafbaar, omdat er geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten.

5 De strafbaarheid van de verdachte

De rechtbank heeft kennis genomen van de volgende rapporten van gedragsdeskundigen die over de verdachte zijn opgemaakt:

  • -

    een Pro Justitia rapport van het Pieter Baan Centrum (hierna: PBC) van 17 augustus 2018, opgesteld door arts-assistent in opleiding tot psychiater [naam 4] , onder supervisie van psychiater [naam 5] , en GZ-psycholoog [naam 6] , allen verbonden aan het PBC te Utrecht;

  • -

    een Pro Justitia rapport van 29 januari 2018 van psychiater [naam 7] .

De verdachte heeft geweigerd mee te werken aan het onderzoek van psychiater [naam 7] , zodat de psychiater geen advies heeft kunnen geven over een eventueel aanwezig psychiatrisch beeld bij de verdachte.

In het rapport van het PBC wordt geconcludeerd dat er bij de verdachte sprake is van schizofrenie en een stoornis in het autismespectrum. Dit zijn chronische aandoeningen die aanwezig waren ten tijde van het tenlastegelegde. De gedragingen van de verdachte werden in de periode van het ten laste gelegde volledig bepaald door haar paranoïde wanen, rigiditeit en vasthoudendheid, passend bij de vastgestelde stoornissen. Geadviseerd wordt om het ten laste gelegde niet aan haar toe te rekenen.

De verdachte heeft geweigerd om mee te werken aan het onderzoek in het PBC. De deskundigen hebben evenwel aangegeven dat zij op basis van de observaties, interacties met de verdachte, beschikbare stukken en analyse van de politieverhoren wel tot een diagnose hebben kunnen komen. In het rapport van het PBC is verder uitgebreid weergegeven hoe het onderzoek heeft plaatsgevonden. De rechtbank is van oordeel dat de conclusies van het PBC op zorgvuldige wijze tot stand gekomen zijn, en neemt de conclusies in dat rapport over.

De rechtbank is op grond van de conclusie van het PBC van oordeel dat de verdachte op het moment van het plegen van de bewezenverklaarde feiten volledig ontoerekeningsvatbaar was. De verdachte is daarom niet strafbaar ter zake van beide feiten en zal worden ontslagen van alle rechtsvervolging.

6. De maatregel

6.1

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat aan de verdachte de maatregel van terbeschikkingstelling (hierna: TBS-maatregel) met dwangverpleging zal worden opgelegd.

6.2

Het oordeel van de rechtbank

Na te melden maatregel is in overeenstemming met de ernst van de gepleegde feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en gegrond op de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan tijdens het onderzoek ter terechtzitting is gebleken. De rechtbank neemt hierbij in het bijzonder het volgende in aanmerking.

De ernst van de feiten

De verdachte heeft de aangevers ruim een half jaar lang bestookt met e-mails op zowel hun zakelijke als hun privé e-mailadressen. Dit gebeurde vrijwel dagelijks, op sommige dagen zelfs 50 maal per dag, en het betrof in totaal ruim 2.500 e-mails. Deze berichten bevatten onder meer bedreigingen met de dood, de suggestie dat de verdachte wist waar aangevers zich bevonden, of de bewering dat de verdachte het kind was van aangever [slachtoffer 1] . Door aangevers zijn de berichten als zeer beangstigend en bedreigend ervaren, niet alleen vanwege de inhoud van de berichten, maar ook in verband met de frequentie en de vasthoudendheid waarmee de berichten werden verstuurd door een voor hen tot dan toe onbekende afzender. De verdachte heeft met haar gedragingen de grens van het toelaatbare ver overschreden en op zeer grove wijze inbreuk gemaakt op de persoonlijke levenssfeer van aangevers.

De persoon van de verdachte

Strafblad

De rechtbank heeft acht geslagen op een de verdachte betreffend uittreksel uit de Justitiële Documentatie, d.d. 11 september 2018, waaruit blijkt dat de verdachte niet eerder is veroordeeld voor het plegen van een strafbaar feit. Tot twee keer toe zijn zaken geseponeerd vanwege de gezondheidstoestand van de verdachte.

Psychiatrisch onderzoek

Blijkens het Pro Justitia rapport van d.d. 29 januari 2018 dat over de verdachte is opgemaakt door [naam 7] , psychiater, heeft de verdachte geweigerd om aan het onderzoek mee te werken. Hierdoor was het niet mogelijk om tot een inschatting en diagnose te komen en een advies ten aanzien van eventueel noodzakelijke begeleiding of behandeling te geven. De psychiater heeft ter overweging gegeven om de verdachte ter observatie in het PBC te plaatsen.

PBC-rapport

De verdachte is van 6 juni 2018 tot 18 juli 2018 opgenomen geweest in het PBC. Uit het PBC-rapport van 17 augustus 2018 blijkt dat de verdachte ook in het PBC haar medewerking aan het onderzoek heeft geweigerd. Hierdoor heeft de forensische milieuonderzoeker geen inhoudelijke gesprekscontacten met de verdachte gehad. Wel is er contact geweest met enkele leden van het sociale netwerk van de verdachte en is er schriftelijke informatie ontvangen van diverse instellingen. Ook is er kennis genomen van de opgevraagde strafdossiers uit eerdere strafzaken van de verdachte. De rapporterend groepsleider heeft informatie over de verdachte uit eigen observaties verkregen, alsmede van de andere groepsleiders en de sport- en arbeidsmedewerkers. De psychiater en psycholoog hebben eveneens informatie verkregen uit zowel de eigen contacten, als de beschikbare stukken, het forensisch milieuonderzoek en de observaties van de groepsleiding.

Zoals hiervoor onder 5 reeds is overwogen, blijkt uit het NIFP-onderzoek in het PBC dat bij de verdachte sprake is van schizofrenie en een stoornis in het autismespectrum. Dit zijn chronische aandoeningen en deze waren ten tijde van het ten laste gelegde ook aanwezig; het denken en handelen van de verdachte werd volledig bepaald door haar paranoïde wanen, rigiditeit en vasthoudendheid, passend bij de vastgestelde stoornissen.

Aangezien de verdachte ten tijde van haar opname in het PBC onverminderd psychotisch was, en er tijdens haar detentie sprake was van delict gerelateerd gedrag, wordt het risico op hernieuwd stalkinggedrag onverminderd hoog ingeschat indien de verdachte zonder behandeling in vrijheid zou worden gesteld. Gezien de ernstige stoornis, het hoge recidiverisico en het mogelijke positieve effect van een anti-psychotische behandeling, menen onderzoekers dat aan de verdachte een langdurige gedwongen behandeling dient te worden opgelegd. De verwachting is dat de verdachte - vanwege het ontbreken van ziektebesef en zelfinzicht, haar aversie tegen anderen, haar verstoorde realiteitstoetsing en haar zorg mijdende gedrag in de afgelopen jaren - niet in staat is tot afspraken te komen of zich aan afspraken te houden, waardoor een behandeling binnen een voorwaardelijk kader niet haalbaar is. Een plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis voor de duur van een jaar is onvoldoende lang om het recidiverisico ook op lange duur te verlagen. Om het recidiverisico ook op lange termijn te waarborgen, is de enige maatregel die overblijft het opleggen van de TBS-maatregel met dwangverpleging.

TBS-maatregel

Bij de beantwoording van de vraag of aan de verdachte een maatregel in de vorm van TBS moet worden opgelegd, stelt de rechtbank voorop dat een TBS maatregel aan de orde kan zijn wanneer de veiligheid van anderen of de algemene veiligheid van personen of goederen dit vereist en andere, minder ingrijpende, maatregelen niet effectief zijn (geweest).

De rechtbank is van oordeel dat hier is voldaan aan het zogenoemde gevaarscriterium. Hoewel er niet direct aanwijzingen zijn voor fysieke agressie van de verdachte, zijn de deskundigen van het PBC van oordeel dat het risico op escalatie tot meer bedreigend en ernstig opdringerig gedrag verhoogd lijkt. Bovendien volgt uit vaste jurisprudentie van de Hoge Raad dat onder ‘gevaar’ mede dient te worden verstaan het gevaar voor de psychische gezondheid van een ander (vgl. ECLI:NL:HR:2006:AU7080). Naar het oordeel van de rechtbank is in onderhavige zaak van een dergelijk gevaar sprake. Uit het dossier komt duidelijk naar voren dat de belaging met de bedreigingen een psychisch zware belasting voor de aangevers heeft opgeleverd, dat deze gedurende een langere periode en met grote regelmaat heeft plaatsgevonden, dat de verdachte niet met haar gedrag is gestopt en ook niet voornemens lijkt hiermee te stoppen.

Op grond van de bevindingen van de deskundigen van het PBC, alsmede op grond van hetgeen de rechtbank ter terechtzitting heeft waargenomen, stelt de rechtbank vast dat de verdachte geen ziektebesef en zelfinzicht heeft en niet in staat is om tot afspraken te komen of zich aan afspraken te houden. De stoornis van de verdachte en het daaruit voorkomende recidiverisico is zodanig dat het vanuit veiligheidsoogpunt onverantwoord is om de verdachte onbehandeld terug te laten keren in de maatschappij. In het licht hiervan komt de rechtbank tot de conclusie dat de veiligheid van anderen vereist dat aan de verdachte de TBS-maatregel wordt opgelegd.

Gelet op de conclusie van de deskundigen van het PBC dat verdachte een langdurige behandeling nodig heeft en de ontkennende en afwijzende houding van de verdachte ter terechtzitting, heeft de rechtbank geen enkel aanknopingspunt voor het opleggen van een TBS-maatregel met voorwaarden. De rechtbank ziet dan ook geen andere mogelijkheid dan de terbeschikkingstelling van de verdachte te gelasten en daarbij te bepalen dat zij van overheidswege wordt verpleegd.

De door de verdachte begane feiten betreffen misdrijven zoals genoemd in artikel 37a, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht, terwijl de veiligheid van anderen danwel de algemene veiligheid van personen de oplegging van deze maatregel eist.

De bewezenverklaarde feiten zijn niet aan te merken als misdrijven gericht tegen of gevaar veroorzakend voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen. De aan de verdachte op te leggen TBS-maatregel is daarom krachtens artikel 38 e van het Wetboek van Strafrecht beperkt tot de maximale periode van vier jaren. De rechtbank zal de TBS-maatregel dan ook opleggen voor de duur van maximaal vier jaren.

7 De inbeslaggenomen goederen

De rechtbank zal - overeenkomstig de eis van de officier van justitie - de onder 1 t/m 8 genummerde voorwerpen zoals vermeld op de lijst van inbeslaggenomen voorwerpen verbeurdverklaren, aangezien deze voorwerpen aan de verdachte toebehoren en dit voorwerpen betreffen waarmee de bewezenverklaarde feiten zijn gepleegd.

8 De toepasselijke wetsartikelen

De op te leggen maatregel is gegrond op de artikelen 33, 33a, 37a, 37b, 57, 285 en 285b van het Wetboek van Strafrecht.

Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij golden ten tijde van het bewezenverklaarde.

9 De beslissing

De rechtbank:

verklaart wettig en overtuigend bewezen, dat de verdachte de onder 1 en 2 tenlastegelegde feiten heeft begaan, zoals hierboven onder 3.5 bewezen is verklaard en dat het bewezenverklaarde uitmaakt:

ten aanzien van feit 1:

bedreiging met zware mishandeling en

bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht;

ten aanzien van feit 2:

belaging;

verklaart het bewezen verklaarde strafbaar;

verklaart de verdachte niet strafbaar;

ontslaat de verdachte van alle rechtsvervolging;

verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;

gelast de terbeschikkingstelling van de verdachte voor de duur van maximaal vier jaren;

beveelt dat de ter beschikking gestelde van overheidswege zal worden verpleegd;

verklaart verbeurd de onder 1 t/m 8 genummerde voorwerpen zoals vermeld op de lijst van inbeslaggenomen voorwerpen, te weten:

1. STK Telefoontoestel KL: zwart

Alcatel

Mist achterklep

2 1.00 STK Oplaadapparaat KL: zwart

Alcatel

Oplader telefoon

3 1.00 STK Telefoontoestel KL: zwart

Alcatel PIXI 3

4 1.00 STK Computer KL: zwart

ASUS

Serienummer [nummer 7]

5 1.00 STK Videocamera KL: grijs

SONY DCR-SR78

6 1.00 STK USB stick KL: zwart

7 1.00 STK Geheugensim

LYCATEL

8 1.00 STK Geheugensim

Dit vonnis is gewezen door

mr. Y.J. Wijnnobel-van Erp, voorzitter,

mr. R.E. Perquin, rechter,

mr. M.S. Neervoort, rechter,

in tegenwoordigheid van mr. S. Imami-Kalloemisier, griffier,

en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank van 25 oktober 2018.

1 Wanneer hierna wordt verwezen naar een proces-verbaal, wordt - tenzij anders vermeld - bedoeld een ambtsedig proces-verbaal, opgemaakt in de wettelijke vorm door (een) daartoe bevoegde opsporingsambtena(a)r(en). Waar wordt verwezen naar dossierpagina’s, betreft dit – tenzij anders vermeld – de pagina’s van het proces-verbaal van het team opsporing Den Haag, onderzoek Ridderspoor/DHRAA17044, RC-nummer 17/2754, t.b.v. vordering bevel bewaring, blz. 1 t/m 94; t.b.v. vordering gevangenhouding, blz. 1 t/m 99; vervolg verbaal blz. 100 t/m 115 en proces-verbaal Methodiekendossier delen I en II, blz. 1 t/m 486.

2 Proces-verbaal t.b.v. vordering bevel bewaring - proces-verbaal van aangifte, PL1500-2017188293-1, met bijlagen, blz. 1.

3 Proces-verbaal t.b.v. vordering bevel bewaring - proces-verbaal van aangifte, PL1500-2017188293-1, met bijlagen, blz. 3.

4 Proces-verbaal t.b.v. vordering bevel bewaring - proces-verbaal van aangifte, PL1500-2017188293-1, met bijlagen, blz. 2 - 3.

5 Proces-verbaal t.b.v. vordering bevel bewaring - proces-verbaal van aangifte, PL1500-2017188293-1, met bijlagen, blz. 3.

6 Proces-verbaal t.b.v. vordering bevel bewaring - proces-verbaal ontvangst klacht door hulpofficier van justitie, PL1500-2017194804-2, blz. 5.

7 Proces-verbaal t.b.v. vordering bevel bewaring - proces-verbaal van aangifte, PL1500-2017194804-1, met bijlagen, blz. 7.

8 Proces-verbaal t.b.v. vordering bevel bewaring - proces-verbaal van aangifte, PL1500-2017194804-1, met bijlagen, blz. 8.

9 Proces-verbaal t.b.v. vordering bevel bewaring - proces-verbaal van aangifte, PL1500-2017194804-1, met bijlagen, blz. 9 t/m 11.

10 Proces-verbaal van het team opsporing van de Eenheid Den Haag, Dienst Regionale Recherche, met documentcode AMB-033 inzake onderzoek Ridderspoor / DHRAA17044, met bijlagen, blz. 1 – 2 en bijlagen blz. 1 t/m 29.

11 Proces-verbaal t.b.v. vordering gevangenhouding - bijlage bij proces-verbaal van bevindingen uitgelezen Alcatel PIXI3 van verdachte [verdachte] , AMB10, blz. 34.

12 Proces-verbaal t.b.v. vordering gevangenhouding - bijlage bij proces-verbaal van bevindingen uitgelezen Alcatel PIXI3 van verdachte [verdachte] , AMB10, blz. 10.

13 Proces-verbaal t.b.v. vordering bevel bewaring - bijlage bij proces-verbaal van aangifte, PL1500-2017194804-1, blz. 23.

14 Proces-verbaal t.b.v. vordering bevel bewaring - bijlage bij proces-verbaal van aangifte, PL1500-2017194804-1, blz. 25.

15 Proces-verbaal t.b.v. vordering bevel bewaring - bijlage bij proces-verbaal van aangifte, PL1500-2017194804-1, blz. 27 t/m 28.

16 Proces-verbaal t.b.v. vordering bevel bewaring - bijlage bij proces-verbaal van aangifte, PL1500-2017194804-1, blz. 30.

17 Proces-verbaal t.b.v. vordering bevel bewaring - bijlage bij proces-verbaal van aangifte, PL1500-2017194804-1, blz. 32.

18 Proces-verbaal t.b.v. vordering bevel bewaring - bijlage bij proces-verbaal van aangifte, PL1500-2017194804-1, blz. 33.

19 Proces-verbaal t.b.v. vordering bevel bewaring - bijlage bij proces-verbaal van aangifte, PL1500-2017194804-1, blz. 35.

20 Proces-verbaal t.b.v. vordering bevel bewaring - proces-verbaal van aangifte, PL1500-2017194804-1, blz. 11.

21 Proces-verbaal t.b.v. vordering bevel bewaring - bijlage bij proces-verbaal van aangifte, PL1500-2017194804-1, blz. 12.

22 Proces-verbaal t.b.v. vordering bevel bewaring - bijlage bij proces-verbaal van aangifte, PL1500-2017194804-1, blz. 15.

23 Proces-verbaal t.b.v. vordering bevel bewaring - bijlage bij proces-verbaal van aangifte, PL1500-2017194804-1, blz. 20.

24 Methodiekendossier deel I - bijlage bij proces-verbaal aanvraag bevel opnemen (tele)communicatie, blz. 29.

25 Proces-verbaal t.b.v. vordering gevangenhouding - bijlage bij proces-verbaal van bevindingen uitgelezen Alcatel PIXI3 van verdachte [verdachte] , AMB10, blz. 34.

26 Proces-verbaal t.b.v. vordering bevel bewaring, blz. 6.

27 Proces-verbaal t.b.v. vordering gevangenhouding – proces-verbaal onderzoek door verdachte opgegeven nummers, blz. 48.

28 Methodiekendossier deel I - proces-verbaal aanvraag bevel opnemen (tele)communicatie, blz. 24 t/m 27.

29 Proces-verbaal t.b.v. vordering bevel bewaring - proces-verbaal van bevindingen TAC en IMEI Alcatel 4009D, TE01, blz. 43 t/m 45.

30 Proces-verbaal t.b.v. vordering gevangenhouding - proces-verbaal van verdenking, PL1500-2017188293, AMB015, blz. 56 t/m 58.

31 Proces-verbaal t.b.v. vordering bevel bewaring – proces-verbaal van aanhouding, PL1500-2017331872-2, blz. 47-48.

32 Proces-verbaal t.b.v. vordering bevel bewaring - proces-verbaal van bevindingen, AMB005, blz. 67 t/m 68.

33 Proces-verbaal t.b.v. vordering gevangenhouding - proces-verbaal bevindingen uitgelezen Alcatel Pixi3 van verdachte [verdachte] , nr. 96, AMB010, met bijlagen, blz. 1 t/m 2 en blz. 3 t/m 55.

34 Vervolg verbaal - proces-verbaal AMB-030, blz. 108 t/m 109.