Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBDHA:2018:11520

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
19-07-2018
Datum publicatie
04-10-2018
Zaaknummer
NL18.11032
Rechtsgebieden
Vreemdelingenrecht
Bijzondere kenmerken
Bodemzaak
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Beroep niet-ontvankelijk, eiser is met onbekende bestemming vertrokken.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg

Bestuursrecht

Zaaknummer: NL18.11032

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[naam] , eiser

(gemachtigde: mr. A.M.H.C. Verwiel),

en

de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, verweerder

(gemachtigde: mr. A. Hadfy-Kovacs).

Procesverloop

Bij besluit van 4 juni 2018 (het bestreden besluit) heeft verweerder eisers aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afgewezen als kennelijk ongegrond.

Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Tevens heeft hij een voorlopige voorziening gevraagd ter voorkoming van overdracht hangende zijn beroep.

De behandeling van het beroep heeft, tezamen met de behandeling van de zaak NL18.11033, plaatsgevonden op 4 juli 2018. Eiser en zijn gemachtigde zijn, met voorafgaand bericht, niet verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Overwegingen

1. Bij bericht van 2 juli 2018 heeft eisers gemachtigde kenbaar gemaakt dat eiser bij het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COa) staat geregistreerd als met onbekende bestemming vertrokken. Die gemachtigde heeft sindsdien geen contact meer met hem gehad.

2. De rechtbank staat voor de vraag of eiser ontvankelijk is in zijn beroep. Uit de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 22 januari 2014 (ECLI:NL:RVS:2014:183) blijkt dat, indien de vreemdeling met onbekende bestemming is vertrokken zonder contact te onderhouden met zijn gemachtigde, hij kennelijk geen prijs meer stelt op de door hem aanvankelijk gezochte bescherming in Nederland. In dat geval heeft de vreemdeling geen rechtens te beschermen belang meer bij een inhoudelijke beoordeling van het ingestelde beroep.

3. Nu eiser met onbekende bestemming is vertrokken, geen contact meer onderhoudt met zijn gemachtigde en ook niet ter zitting is verschenen, stelt hij kennelijk geen prijs meer op behandeling van de door hem tegen het bestreden besluit ingestelde rechtsmiddelen. Het beroep zal wegens gebrek aan procesbelang niet-ontvankelijk worden verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan door mr. M.J.L. Holierhoek, rechter, in tegenwoordigheid van mr. M.I.P. Buteijn, griffier.

Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na de dag van bekendmaking. Als hoger beroep is ingesteld, kan bij de voorzieningenrechter van de hogerberoepsrechter worden verzocht om het treffen van een voorlopige voorziening of om het opheffen of wijzigen van een bij deze uitspraak getroffen voorlopige voorziening.