Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBDHA:2017:9968

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
17-08-2017
Datum publicatie
01-09-2017
Zaaknummer
5884095/17-9108
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

artikel 111 RV stelplicht en substantiëringsplicht

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

Rechtbank den haag

zittingsplaats Den Haag,

WtC

Zaak/rolnr.: 5884095/17-9108

17 augustus 2017

[jw.sys.1.rolnummer]

Vonnis van de kantonrechter in de zaak van:

de besloten vennootschap m.b.a.

ALEX HOUSING B.V., h.o.d.n. Alex Housing, Alex Offices, Alex Retail,

gevestigd en kantoorhoudende te Den Haag,

eisende partij,

gemachtigde: GGN Mastering Credit N.V.,

tegen

de besloten vennootschap m.b.a.

ENERGIELABEL HAAGLANDEN B.V., m.h.o.d.n. EPA Haaglanden, Doedijns Advies,

gevestigd te Den Haag,

gedaagde partij,

gemachtigde: mr. D. Roesink.

Partijen worden aangeduid als ‘Alex Housing’ en ‘Energielabel Haaglanden’.

Procedure:

De kantonrechter heeft kennis genomen van:

  • -

    de dagvaarding van 23 maart 2017;

  • -

    de conclusie van antwoord;

  • -

    het verhandelde ter comparitie van partijen d.d. 28 juli 2017, waarvan de griffier aantekeningen heeft gemaakt.

Overwegingen

Energielabel Haaglanden heeft bij conclusie van antwoord als verweer aangevoerd dat de dagvaarding – kort gezegd – een “obscuur libel” is, waar geen verweer tegen te voeren valt.

Dat verweer is in beginsel voor juist te houden. In de dagvaarding staat slechts vermeld dat tussen Alex Housing en Energielabel Haaglanden een overeenkomst van opdracht tot stand zou zijn gekomen - hetgeen Energielabel Haaglanden bestreed - maar enige verdere specificatie van de zijde van Alex Housing ontbreekt. Er zijn geen producties bij de dagvaarding gevoegd. Een voldoende concrete (feitelijke) grondslag is niet vermeld. Aan de substantiëringsplicht wordt in het geheel voorbijgegaan. Het bewijsaanbod is te algemeen om als serieus bewijsaanbod te kunnen worden aangemerkt. In de dagvaarding vermeldt Alex Housing voorts “bereid te zijn de vordering desgewenst (cursief door Kantonrechter) nader te specificeren”, waarmee Alex Housing haar zelfstandige processuele verplichtingen negeert. Het is niet de kantonrechter die specificatie van een vordering “wenst” maar het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering die dat eist.

Desgevraagd gaf Alex Housing ter comparitie alsnog aan dat zij diverse bedragen had “voorgeschoten” aan Energielabel Haaglanden door betalingen aan derden te verrichten. Dit is door Energielabel Haaglanden betwist. Verder gaf Alex Housing ook nog aan dat er aldus sprake was van “ongerechtvaardigde verrijking” van Energielabel Haaglanden ten laste van Alex Housing. Enige relevante uitleg is achterwege gelaten. Kort voor de comparitie van partijen heeft Alex Housing een aantal producties overgelegd, maar zonder toelichting. Ook ter comparitie is daar geen (voldoende) duidelijke uitleg over gegeven. Het is niet de taak van de kantonrechter om zelfstandig, ambtshalve in die stukken te gaan zoeken naar mogelijke feitelijke en juridische gronden.

Kortom: op grond van het voorgaande zijn de vorderingen van Alex Housing niet toewijsbaar, want deze wijze van procederen kan niet aanvaard worden. Bij deze uitslag zal Alex Housing in de kosten veroordeeld dienen te worden op de hierna in het dictum aan te geven wijze. Voor toewijzing van incassokosten over de kosten bestaat geen aanleiding.

De beslissing

De kantonrechter:

- verklaart Alex Housing in haar vorderingen niet-ontvankelijk;

- veroordeelt Alex Housing in de kosten van de procedure, tot de dag van de

uitspraak aan de zijde van Alex Housing begroot op € 300,00 aan salaris voor de gemachtigde van Energielabel Haaglanden, en bepaalt dat dit bedrag binnen veertien dagen na een verzoek daartoe moet zijn voldaan, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW vanaf het einde van voormelde termijn tot aan de dag der algehele voldoening;

- verklaart dit vonnis ten aanzien van de kosten uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. W. ten Cate, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting d.d. 17 augustus 2017, in tegenwoordigheid van de griffier.