Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBDHA:2017:8020

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
07-07-2017
Datum publicatie
25-07-2017
Zaaknummer
AWB - 17 _ 11419
Rechtsgebieden
Vreemdelingenrecht
Bijzondere kenmerken
Bodemzaak
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

- Asielvergunning verleend op b-grond

- geboortedatum in geschil

- in Italië als meerderjarig geregistreerd

- beroep ongegrond

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg

Bestuursrecht

Zaaknummer: AWB 17/11419

V-nummer: [nummer]

uitspraak van de enkelvoudige kamer voor vreemdelingenzaken van 7 juli 2017 in de zaak tussen

[eiseres] , eiseres,

gemachtigde mr. D.J. Merhottein,

en

de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, verweerder,

gemachtigde mr. A.M.H.W. van Heerebeek.

Procesverloop

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het besluit van verweerder van 26 mei 2017 (het bestreden besluit).

Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 28 juni 2017. Eiseres is verschenen, bijgestaan door haar gemachtigde. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. Tevens was aanwezig Z. Haile, tolk in de taal Tigrinya. Ter zitting is het onderzoek gesloten.

Overwegingen

  1. Eiseres bezit de Eritrese nationaliteit en stelt te zijn geboren op [geboortedatum] 2000 . Op 25 november 2016 heeft zij een aanvraag tot verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. Bij het bestreden besluit heeft verweerder deze aanvraag ingewilligd en aan eiser een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd verleend op grond van artikel 29, eerste lid, aanhef en onder b, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw).

  2. Uit het Eurodac-resultaat van 25 november 2016 blijkt dat eiseres op 5 oktober 2016 illegaal de grens van Italië is gepasseerd. Naar aanleiding van dit resultaat heeft verweerder op 4 januari 2017 een informatieverzoek aan Italië gestuurd. In reactie daarop heeft Italië bij brief van 13 maart 2017 aan verweerder meegedeeld dat eiseres in Italië is geregistreerd met de geboortedata [geboortedatum 2] 1995 (tweemaal) en [geboortedatum 3] 1998 (eenmaal). Tijdens een verhoor door de Vreemdelingenpolitie en een aanvullend gehoor door verweerder op 23 maart 2017 is eiseres geconfronteerd met deze resultaten. Ook tijdens het eerste gehoor op 19 mei 2017 zijn hierover vragen gesteld aan eiseres. Eiseres heeft verklaard dat ze erg ziek was in Italië en niets weet uit die tijd. Omdat eiseres niet beschikt over documenten waarmee zij haar geboortedatum kan aantonen, heeft verweerder, onder verwijzing naar de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (Afdeling) van 17 januari 2017 (ECLI:NL:RVS:2017:134), aan haar de geboortedatum toegekend die zij heeft opgegeven bij de Italiaanse autoriteiten, te weten [geboortedatum 2] 1995 (omdat deze tweemaal is geregistreerd).

  3. In beroep heeft eiseres betoogd dat verweerder ten onrechte [geboortedatum 2] 1995 als geboortedatum heeft geregistreerd. Zij stelt dat zij is geboren op [geboortedatum] 2000 en heeft ter onderbouwing daarvan een kopie van een schoolrapport overgelegd. Verder stelt eiseres dat de wijziging van haar geboortedatum door onbevoegde medewerkers is gedaan. Op het zogenaamde M117-C formulier is de gewijzigde geboortedatum met de hand bijgeschreven. Voorts stelt eiseres dat verweerder onzorgvuldig heeft gehandeld door willekeurig één van de twee geboortedata die in Italië geregistreerd zijn aan haar toe te kennen. Ten onrechte heeft er geen schouw of leeftijdsonderzoek plaatsgevonden. Ook acht eiseres het onzorgvuldig dat zij op 23 maart 2017 aanvullend is gehoord terwijl zij op dat moment nog geen rechtsbijstand had. Bovendien heeft haar gemachtigde het rapport van dit gehoor en het proces-verbaal van het verhoor bij de Vreemdelingenpolitie pas ontvangen met het procesdossier. Tot slot heeft eiseres een verklaring van haar voogd van Nidos overgelegd, waaruit onder meer volgt dat Nidos haar als minderjarige beschouwt en verdere begeleiding wenselijk is.

De rechtbank oordeelt als volgt.

4. Allereerst ziet de rechtbank zich ambtshalve gesteld voor de vraag of eiseres procesbelang heeft bij het door haar ingestelde beroep. Verweerder heeft immers de gevraagde verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd aan eiseres verleend. De rechtbank stelt vast dat uit de uitspraak van de Afdeling van 17 september 2003 (ECLI:NL:RVS:2003:AL3294) kan worden afgeleid dat er procesbelang bestaat bij betwisting van persoonsgegevens en dus ook bij betwisting van de geboortedatum. Daarnaast overweegt de rechtbank dat de leeftijd van eiseres van belang kan zijn bij mogelijke toekomstige besluitvorming, te weten een eventueel verzoek om nareis voor haar ouders. Gelet op het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat er sprake is van procesbelang. Het beroep is dan ook ontvankelijk.

5. Uit de hiervoor genoemde uitspraak van de Afdeling van 17 januari 2017 volgt dat verweerder in beginsel mag uitgaan van de in een andere lidstaat geregistreerde geboortedatum. Het is aan de vreemdeling om aannemelijk te maken dat deze geboortedatum onjuist is, bijvoorbeeld door het overleggen van identificerende documenten. Indien de vreemdeling daarin niet slaagt, bestaat er voor verweerder geen aanleiding om te twijfelen aan de in de andere lidstaat geregistreerde geboortedatum en hoeft verweerder eiseres geen leeftijdsonderzoek aan te bieden.

6. De rechtbank stelt vast dat eiseres geen identificerende documenten heeft overgelegd. Een schoolrapport is geen identificerend document en bovendien heeft eiseres slechts een kopie daarvan overgelegd. De overgelegde verklaring van de voogd van Nidos biedt evenmin aanknopingspunten voor twijfel. Verweerder heeft zich dan ook terecht op het standpunt gesteld dat de door eiseres in Nederland opgegeven geboortedatum niet juist is. Er bestond daarom voor verweerder geen aanleiding om te twijfelen aan de in Italië geregistreerde geboortedatum of om een leeftijdsonderzoek op te starten. Gelet op het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat verweerder mocht uitgaan van de in Italië geregistreerde geboortedatum. Voorts is de rechtbank van oordeel dat van onzorgvuldigheid geen sprake is. Eiseres is meermaals geconfronteerd met de in Italië geregistreerde geboortedatum en is dus uitgebreid in de gelegenheid geweest om hier, al dan niet in overleg met haar gemachtigde, op te reageren en tegenbewijs aan te leveren.

7. Dat de gewijzigde geboortedatum door een onbekende medewerker met de hand op het M117-C formulier is bijgeschreven, kan niet tot het oordeel leiden dat het bestreden besluit onzorgvuldig tot stand is gekomen. Zoals hiervoor is overwogen, heeft verweerder in het bestreden besluit na deugdelijk onderzoek deugdelijk gemotiveerd waarom niet wordt uitgegaan van de juistheid van de door eiseres in Nederland opgegeven geboortedatum. Dat een - handgeschreven - gewijzigde geboortedatum is vermeld op het M117-C formulier (de aanwijzing zich beschikbaar te houden in verband met behandeling van de asielaanvraag ingevolge artikel 55 van de Vw) doet daar niet aan af.

8. Het betoog van eiseres dat verweerder onzorgvuldig zou hebben gehandeld door willekeurig één van de twee in Italië geregistreerde geboortedata te kiezen, kan eiseres niet baten nu beide data leiden tot de conclusie dat zij meerderjarig was ten tijde van haar asielaanvraag.

9. Het beroep is ongegrond.

10. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. P.M. van Dijk-de Keuning, rechter, in aanwezigheid van mr. A.A. Dijk, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 7 juli 2017.

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan binnen vier weken na de dag van verzending hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

Afschrift verzonden aan partijen op: