Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBDHA:2017:2979

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
29-03-2017
Datum publicatie
29-03-2017
Zaaknummer
C-09-523339-HA RK 16-610
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Rekestprocedure
Inhoudsindicatie

Holland Casino is voornemens tot splitsing over te gaan van Holland Casino als splitsende stichting en Holland Casino N.V. als verkrijgende vennootschap. De FNV is in verzet gekomen tegen dat voorstel. De rechtbank heeft het verzet ongegrond verklaard.

In deze procedure kunnen enkel de bezwaren tegen de splitsing worden beoordeeld. De bezwaren tegen een mogelijke privatisering van Holland Casino zijn dus juridisch gezien niet relevant. Het is op grond van de wet toegestaan om bij splitsing van een stichting een naamloze vennootschap op te richten. FNV verzoekt Holland Casino te gebieden om waarborgen te verstrekken in de vorm van een CAO en Sociaal Plan. Dat zijn echter geen bestaande loonvorderingen, maar door FNV gewenste arbeidsvoorwaarden. FNV en haar leden kunnen daar geen waarborg voor afdwingen. Bovendien zal de splitsing geen wijziging brengen in de vermogenstoestand van Holland Casino.

Wetsverwijzingen
Burgerlijk Wetboek Boek 2
Burgerlijk Wetboek Boek 2 334k
Burgerlijk Wetboek Boek 2 334l
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JONDR 2017/657
AR 2017/3473
AR 2017/1586
JOR 2017/161 met annotatie van mr. G.C. van Eck
AR-Updates.nl 2017-0360
OR-Updates.nl 2017-0117
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK DEN HAAG

Team Handel

Zittingsplaats Den Haag

zaaknummer / rekestnummer: C/09/523339 / HA RK 16-610

Beschikking van de voorzieningenrechter van 29 maart 2017

in de zaak van

de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid

FEDERATIE NEDERLANDSE VAKBEWEGING,

statutair gevestigd te Utrecht,

verzoekster,

advocaat mr. D.M. van Daalen te Hilversum,

tegen

de stichting

NATIONALE STICHTING TOT EXPLOITATIE VAN CASINOSPELEN IN NEDERLAND,

statutair gevestigd te Den Haag,

verweerster,

advocaat mr. M.B. Kerkhof te Amsterdam,

en

ONDERNEMINGSRAAD VAN NATIONALE STICHTING TOT EXPLOITATIE VAN CASINOSPELEN IN NEDERLAND,

gevestigd te Hoofddorp,

belanghebbende,

advocaat mr. I.A. de Brouwer te Tilburg,

en

KAMER VAN KOOPHANDEL,

gevestigd te Rotterdam,

belanghebbende,

niet verschenen.

Partijen (voor zover verschenen) worden hierna respectievelijk aangeduid als ‘FNV’, ‘Holland Casino’ en ‘de Ondernemingsraad’.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    het verzoekschrift van FNV met producties;

  • -

    het verweerschrift van Holland Casino met producties;

  • -

    het verzoek van de Ondernemingsraad om als belanghebbende te worden aangemerkt;

  • -

    de bij de mondelinge behandeling door alle verschenen partijen overgelegde pleitnotities.

1.2.

De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 15 februari 2017.

2 De feiten

2.1.

FNV stelt zich ten doel de belangen te behartigen van werknemers, waaronder werknemers in casino’s.

2.2.

Holland Casino is de enige legale aanbieder van casinospelen in Nederland. Zij is opgericht bij akte van 22 januari 1974 en haar statuten zijn laatstelijk gewijzigd bij akte van 31 maart 2006.

2.3.

De looptijd van de laatste CAO van de werknemers van Holland Casino is verstreken. Holland Casino en FNV hebben maandenlang tevergeefs onderhandeld over nieuwe arbeidsvoorwaarden.

2.4.

In het regeerakkoord van het huidige kabinet staat het voornemen om de kansspelmarkt te moderniseren en Holland Casino te privatiseren. Daartoe heeft de regering op 10 mei 2016 bij de Tweede Kamer een wetsvoorstel ingediend tot wijziging van de Wet op de kansspelen. Het wetsvoorstel stelt onder meer voor dat Holland Casino vier van haar veertien vestigingen moet prijsgeven door verkoop aan een private partij en dat de resterende tien vestigingen eveneens aan een private partij moeten worden verkocht. Dit zal gebeuren door de Staat de aandelen van de nieuwe Holland Casino N.V. te laten verkrijgen in het kader van ontbinding van de Stichting Holland Casino in de vorm van een liquidatie-uitkering, waarna de Staat deze aandelen in het kader van de privatisering kan verkopen aan private marktpartijen.

2.5.

Op 8 november 2016 hebben de bestuurders van Holland Casino een voorstel tot splitsing gedaan van Holland Casino als splitsende stichting en Holland Casino N.V. als verkrijgende vennootschap.

3 Het verzoek en het verweer

3.1.

FNV verzoekt, zakelijk weergegeven:

I. Holland Casino te gebieden om waarborgen te verstrekken in de vorm van een CAO en Sociaal Plan zoals voorgelegd, dan wel minimaal een CAO die voorziet in behoud van de huidige arbeidsvoorwaarden en een Sociaal Plan als voorheen geldend voor de duur van vijf jaar;

II. Holland Casino te gebieden ervoor zorg te dragen dat de Staat een garantie afgeeft voor de naleving van de CAO en het Sociaal Plan gedurende de looptijd hiervan.

3.2.

Daartoe voert FNV – samengevat – het volgende aan. Het voorstel tot splitsing is een eerste stap op weg naar privatisering. FNV heeft gelet op de ontwikkelingen om behoud gevraagd van goede arbeidsvoorwaarden en werkgelegenheid in de vorm van een langlopende CAO en een goed Sociaal Plan. Holland Casino streeft naar versobering van de arbeidsvoorwaarden en biedt een minder goed Sociaal Plan aan om aantrekkelijk te zijn voor potentiële kopers.

Normaliter wordt een omvorming van een stichting naar een naamloze vennootschap gerealiseerd door omzetting op basis van artikel 2:18 van het Burgerlijk Wetboek (BW). Dat is de geëigende weg. Artikel 2:18 BW biedt bescherming van het vermogen tegen gebruik dat niet overeenstemt met de oorspronkelijke doelstellingen van de stichting. Door de gekozen constructie van splitsing in plaats van omzetting wordt deze bescherming op oneigenlijke wijze omzeild. Nieuwe aandeelhouders hebben de mogelijkheid het vermogen anders te besteden en naar zich toe te trekken, waardoor er minder waarborgen zijn voor de medewerkers dat de verkrijgende rechtspersoon aan haar toekomstige verplichtingen zal kunnen blijven voldoen.

Voor een structurele waarborg voor de werknemers is van belang dat deze werknemers kunnen vertrouwen op behoud van arbeidsvoorwaarden en sociaal plan. Een toezegging van een aandeelhouder kan ook onderdeel uitmaken van de waarborgen voor werknemers. De Staat is als enig toekomstig aandeelhouder van Holland Casino N.V. straks verantwoordelijk voor de verkoop hiervan en is dus in de gelegenheid om bij deze verkoop behoud van arbeidsvoorwaarden en sociaal plan te bedingen.

3.3.

Holland Casino voert verweer dat hierna, voor zover nodig, zal worden besproken.

4 De beoordeling

4.1.

De Ondernemingsraad heeft verzocht als belanghebbende in deze procedure te worden aangemerkt. Holland Casino heeft daartegen bezwaar gemaakt. De Ondernemingsraad zal worden toegelaten als belanghebbende partij, nu dit begrip naar het oordeel van de voorzieningenrechter ruim moet worden opgevat. De Ondernemingsraad heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat hij belang heeft bij de uitkomst van deze procedure. De inhoudelijke standpunten van de Ondernemingsraad komen overeen met die van FNV, zodat die hierna niet afzonderlijk zullen worden geduid en besproken.

4.2.

FNV is op grond van artikel 2:334l BW in verzet gekomen tegen het voorstel tot splitsing van Holland Casino. Het verzoekschrift is tijdig ingediend, zodat FNV daarin kan worden ontvangen.

4.3.

Het betoog van FNV dat het verzet gegrond moet worden verklaard omdat omvorming van Holland Casino naar een naamloze vennootschap moet worden gerealiseerd via de weg van artikel 2:18 BW, slaagt niet. Artikel 2:334b lid 1 BW bepaalt weliswaar dat partijen bij een splitsing dezelfde rechtsvorm moeten hebben, maar lid 4 van dat artikel bevat een uitzondering op deze regel. Bij splitsing van (onder meer) een stichting kunnen ook naamloze of besloten vennootschappen worden opgericht, zoals het splitsingsvoorstel van Holland Casino beoogt. Het staat Holland Casino dan ook vrij deze weg te kiezen. Een vergelijking tussen (de voordelen van) een juridische afsplitsing en een omvorming is niet relevant voor de beoordeling in deze procedure. Artikel 2:334l BW is immers leidend voor de beoordeling. Dat artikel bevat twee limitatieve gronden voor verzet tegen een voorstel tot splitsing. Verzet is mogelijk op grond dat het voorstel ten aanzien van zijn rechtsverhouding strijdt met artikel 2:334j of op grond dat een krachtens artikel 2:334k verlangde waarborg niet is gegeven. Het verzoek is gebaseerd op laatstgenoemde mogelijkheid.

4.4.

FNV stelt op zichzelf terecht dat ook werknemers een waarborg kunnen verlangen als bedoeld in artikel 2:334k BW. Echter, FNV vraagt geen waarborg voor bestaande loonvorderingen, maar voor door haar gewenste arbeidsvoorwaarden. FNV en Holland Casino zijn in de afgelopen maanden niet in staat gebleken tot overeenstemming te komen over die arbeidsvoorwaarden en FNV en haar leden kunnen dan ook geen aanspraak maken op (de totstandkoming van) een CAO of een Sociaal Plan met een bepaalde inhoud. De conclusie is dat FNV en haar leden in dit opzicht niet als schuldeisers van Holland Casino kunnen worden beschouwd. Artikel 2:334k BW bevat een regeling ter bescherming van crediteurenbelangen en niet ter bescherming van andere (zwaarwegende) belangen.

4.5.

Bovendien moet een verzoek op grond van artikel 2:334k BW worden afgewezen indien (verzoeker niet aannemelijk heeft gemaakt dat) de vermogenstoestand van de verkrijgende rechtspersoon na de splitsing niet minder waarborg zal bieden dat de vordering zal worden voldaan. Dat is hier het geval. Vaststaat immers dat de splitsing geen wijziging zal brengen in de vermogenstoestand van Holland Casino. In het voorstel tot splitsing staat vermeld dat de verkrijgende vennootschap het gehele vermogen van de splitsende stichting onder algemene titel verkrijgt. FNV heeft nog betoogd dat deze momentopname niet voldoende is, nu het gaat om de vraag of structureel een voldoende waarborg wordt geboden. Dat betoog miskent dat het recht op waarborgen blijkens artikel 2:334k BW niet bestaat indien (i) voldoende waarborgen bestaan óf (ii) bestaande verhaalsmogelijkheden worden behouden. Het betoog van FNV zou enkel van belang kunnen zijn bij de beoordeling van de eerste afwijzingsgrond. De tweede afwijzingsgrond leidt evenwel reeds tot ongegrondverklaring van het verzet.

4.6.

FNV stelt zich voorts op het standpunt dat de splitsing niet op zichzelf staat, maar zal worden gevolgd door de privatisering van Holland Casino. Wat daar ook van zij, dat standpunt kan niet tot een ander oordeel leiden. Privatisering is immers geen onderdeel van het splitsingsvoorstel. Deze procedure biedt met de hiervoor geciteerde wetsbepalingen geen ruimte voor een beoordeling van de bezwaren van FNV tegen (een mogelijke) privatisering, maar enkel tegen de splitsing als zodanig.

4.7.

Het voorgaande leidt ertoe dat de rechtbank het verzet ongegrond zal verklaren en opheffen met veroordeling van FNV in de proceskosten van Holland Casino. Aangezien de Ondernemingsraad het verzoek en de argumenten van FNV heeft gesteund, zal hij in de onderlinge verhouding tussen hem en Holland Casino worden veroordeeld in de kosten van Holland Casino, welke kosten worden begroot op nihil, nu niet is gebleken dat Holland Casino als gevolg hiervan extra kosten heeft moeten maken.

5 De beslissing

De rechtbank:

5.1.

verklaart het verzet ongegrond en heft dit op;

5.2.

veroordeelt de Ondernemingsraad voor wat betreft zijn verschijnen als belanghebbende in deze procedure in de kosten van Holland Casino, tot dusver begroot op nihil;

5.3.

veroordeelt FNV in de overige proceskosten, aan de zijde van Holland Casino tot op heden begroot op € 1.522,--, waarvan € 904,-- aan salaris advocaat en € 618,-- aan griffierecht;

5.4.

verklaart de beschikking voor wat betreft de opheffing van het verzet en de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. M.E. Groeneveld-Stubbe en in het openbaar uitgesproken op 29 maart 2017.

hvd