Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBDHA:2016:8007

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
15-07-2016
Datum publicatie
15-07-2016
Zaaknummer
09/767206-15
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Tot 3 jaar celstraf voor phishing-bende

Drie mannen en twee vrouwen zijn op 15 juli 2016 veroordeeld voor hun aandeel in het in 2015 op grote schaal plegen van oplichting door middel van phishing, waarbij voornamelijk klanten van de Rabobank voor grote bedragen benadeeld werden. De drie mannen en één vrouw krijgen celstraffen tot 3 jaar van de rechtbank Den Haag. Ook moeten zij geld terugbetalen aan enkele benadeelden en aan de Rabobank, die de benadeelde rekeninghouders voor het grootste gedeelte schadeloos heeft gesteld.

De vijf vormden een criminele organisatie met als doel het plegen van oplichting. Deze oplichting bestond uit phishing. Dit is een vorm van computercriminaliteit waarbij (in dit geval) mensen met een rekening bij de Rabobank zijn benaderd via een vals e-mailbericht met het aanbod voor het aanvragen van een nieuwe Rabo Scanner. Na op een link geklikt te hebben en hun persoonlijke gegevens op een website te hebben ingevuld ten behoeve van de aanvraag, zijn deze mensen gebeld door een van de vrouwen, die zich voordeed als medewerkster van de Rabobank. Gedurende het telefoongesprek liet zij de slachtoffers handelingen uitvoeren en codes afgeven. Vervolgens werden dan vanaf de rekening van de slachtoffers geldbedragen overgeboekt naar andere rekeningen, en opgenomen of uitgegeven. Hierin hadden de drie mannen een aandeel. Deze vrouw en de drie mannen hebben zich op die manier schuldig gemaakt aan oplichting van diverse rekeninghouders en de Rabobank gedurende een periode van ruim een half jaar. Daarbij hebben zij hun slachtoffers bewogen tot afgifte van in totaal bijna 500.000 euro. De schade had ruim 1 miljoen euro kunnen bedragen, als de fraude-afdeling van de Rabobank niet snel had ingegrepen door rekeningen te blokkeren en overboekingen te storneren.

De andere vrouw had een kleinere rol dan haar mededaders, namelijk het ter beschikking stellen van haar woning aan de andere deelnemers van de criminele organisatie. Zij krijgt daarom voor haar aandeel in de criminele activiteiten 2 maanden gevangenisstraf voorwaardelijk en een werkstraf van 150 uur.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG

Strafrecht

Meervoudige strafkamer

Parketnummer: 09/767206-15

Datum uitspraak: 15 juli 2016

Tegenspraak

(Promisvonnis)

De rechtbank Den Haag heeft op de grondslag van de tenlastelegging en naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting het navolgende vonnis gewezen in de zaak van de officier van justitie tegen de verdachte:

[verdachte 1] [verdachte 1],

geboren op [geboortedatum] te [geboorteland] ),

BRP-adres: [adres 1] .

1 Het onderzoek ter terechtzitting

Het onderzoek is gehouden ten terechtzittingen van 29 september 2015, 7 december 2015 (beide pro forma), 23 en 27 juni 2016 (beide inhoudelijk) en 11 juli 2016 (sluiting).

De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie mr. H. Mol en van hetgeen door de raadsman van verdachte mr. M. Jonk, advocaat te Amsterdam, en door de verdachte naar voren is gebracht.

2 De tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:

Feit 1

hij in of omstreeks de periode van 26 februari 2015 t/m 30 juni 2015 in Amsterdam, althans in Nederland,

(telkens) tezamen en in vereniging met een ander of anderen althans alleen, (telkens) met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen (telkens) door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, onderstaand(e) perso(o)n(en)/bedrij(f)(ven) heeft bewogen tot de afgifte van inloggegeven(s) en/of een of meer code(s) en/of onderstaande geldbedrag(en),te weten van:

- ZD 1. [benadeelde 1] / [benadeelde 1] (een geldbedrag van 15.953,- euro) en/of

- ZD 2. [benadeelde 2] / [benadeelde 2] (een geldbedrag van 31.116,- euro) en/of

- ZD 3. [benadeelde 3] / [benadeelde 3] / [benadeelde 3] (een geldbedrag van 8.453,- euro) en/of

- ZD 4. [benadeelde 4] / [benadeelde 4] (een geldbedrag van 3.083,- euro) en/of

- ZD 5. [benadeelde 5] / [benadeelde 5] (een geldbedrag van 40.658,- euro) en/of

- ZD 6. [benadeelde 6] / [benadeelde 17] [benadeelde 17] (een geldbedrag van 47.121,- euro) en/of

- ZD 7. [benadeelde 7] / [benadeelde 7] (een geldbedrag van 4.550,- euro) en/of

- ZD 8. [benadeelde 8] / [benadeelde 8] (een geldbedrag van 21.947,- euro) en/of

- ZD 9. [benadeelde 9] / [benadeelde 9] (een geldbedrag van 60.601,- euro) en/of

- ZD 10. [benadeelde 10] / [benadeelde 10] (een geldbedrag van 7.101,- euro) en/of

- ZD 11. [benadeelde 11] (een geldbedrag van 2.110,- euro) en/of

- ZD 12. [benadeelde 12] / [benadeelde 12] (een geldbedrag van 12.532,- euro) en/of

- ZD 13. [benadeelde 18] (een geldbedrag van 2.998,- euro) en/of

- ZD 14. [benadeelde 14] / [benadeelde 14] (een geldbedrag van 2.900,- euro) en/of

- ZD 15. [benadeelde 15] / [benadeelde 15] en/of

de Rabobank (in alle genoemde zaaksdossiers het totaalbedrag van alle bovenstaande bedragen)

immers heeft/hebben verdachte en/of zijn mededader(s) toen aldaar (telkens) met vorenomschreven oogmerk – zakelijk weergegeven – valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid:

- aan een of meer genoemde perso(o)n(en)/bedrij(f)(ven) (een) e-mail(s) gestuurd als ware deze e-mail(s) afkomstig van de Rabobank en hen daarin verzocht op een link te klikken en/of (online) gegevens in te vullen/terug te sturen en/of

- een of meer van genoemde perso(o)n(en)/bedrij(f)(ven) gebeld en/of zich voorgedaan als medewerkster van de Rabobank (al dan niet gebruik makend van de naam [pseudoniem van verdachte] ) en/of daarbij aangegeven/gezegd dat ze moesten inloggen om het activatieproces te voltooien en/of hen handelingen heeft laten verrichten met de Raboreader en de daarbij verkregen inloggegeven(s) en/of code(s) door laten geven en/of

- ( vervolgens) zich ten opzichte van de Rabobank voorgedaan als zijnde de rechthebbende van het internetbankieren account van een of meer genoemde perso(o)n(en)/bedrij(f)(ven) en met gebruikmaking van voornoemde verkregen inloggegeven(s) en/of code(s) door middel van internetbankieren één of meer geldbedrag(en) overgemaakt / overgeboekt van de bankrekening(en) van een of meer van genoemde perso(o)n(en)/bedrij(f)(ven) naar een of meer bankrekeningen van derden,

waardoor deze perso(o)n(en)/bedrij(f)(ven) (telkens) werd(en) bewogen tot bovenomschreven afgifte(s).

art 326 lid 1 Wetboek van Strafrecht

Feit 2

hij in of omstreeks de periode van 5 december 2014 t/m 30 juni 2015 te Amsterdam, althans in Nederland, heeft deelgenomen aan een organisatie, bestaande uit een samenwerkingsverband van natuurlijke personen, te weten o.a. verdachte en/of [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] , welke organisatie tot oogmerk had het plegen van misdrijven, te weten het plegen van oplichting en/of diefstal en/of (gewoonte)witwassen;

art 140 lid 1 Wetboek van Strafrecht

3 Bewijsoverwegingen

3.1

Inleiding
Aanleiding voor dit onderzoek, genaamd [onderzoeksnaam 1] , is een proces-verbaal geweest met restinformatie uit het onderzoek [onderzoeksnaam 2] . Uit deze restinformatie is gebleken dat op grote schaal fraude (door middel van het zogenaamde phishing) plaatsvond, waarbij voornamelijk klanten van de Rabobank voor grote bedragen benadeeld werden. In onderzoek [onderzoeksnaam 1] is gebruik gemaakt van bijzondere opsporingsmethodieken, zoals het afluisteren van telefoons en het observeren van verdachten. Uit dit onderzoek zijn de verdachten [medeverdachte 1] , [verdachte 1] , [medeverdachte 3] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 4] naar voren gekomen. Deze zijn aangehouden en verhoord. Hun is allen deelname aan een criminele organisatie ten laste gelegd en, op de verdachte [medeverdachte 4] na, oplichting van vijftien rekeninghouders en/of de Rabobank door middel van phishing.

3.2

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van de onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten.

3.3

Het standpunt van de verdediging

Door en namens de verdachte is integrale vrijspraak bepleit.

3.4

Partiële vrijspraak van het onder 1 tenlastegelegde

De rechtbank zal de verdachte van de onder 1 ten laste gelegde zaaksdossiers 13 en 14 vrijspreken, nu ten aanzien van deze zaaksdossiers niet wettig en overtuigend bewezen is dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het medeplegen van oplichting. Uit de bewijsmiddelen ten aanzien van deze specifieke zaaksdossiers komt onvoldoende naar voren wat de rol van de verdachte zou zijn geweest, nu die dossiers niet de inhoud van de op de desbetreffende dagen tussen de verdachte en de medeverdachten gevoerde communicatie bevatten en/of de zendmastgegevens niet (kunnen) bevestigen dat de verdachte bij de gevoerde phishinggesprekken aanwezig is geweest.

3.5

De beoordeling van de tenlastelegging1

De rechtbank komt tot bewezenverklaring van de ten laste gelegde feiten op grond van het volgende.

Op 9 oktober 2015 is namens de Rabobank Groep (hierna: Rabobank) aangifte gedaan van phishing tegen (een) dan nog onbekende verdachte(n). In de periode van december 2014 tot en met juni 2015 zijn bij de afdeling Financial Economic Crime van de Rabobank tientallen incidenten op het gebied van phishing in behandeling genomen, waarbij klanten van de Rabobank melding hebben gemaakt van transacties ten laste van hun rekeningen, waarbij geld is overgeboekt of gepoogd over te boeken naar een of meerdere begunstigden, zonder dat zij hiervoor toestemming hebben gegeven. De modus operandi bestaat bij phishing doorgaans uit enkele stappen, te beginnen met een “spamrun”, waarbij grote hoeveelheden e-mails worden verstuurd, die afkomstig lijken te zijn van de Rabobank. In deze mails zit een snelkoppeling/link, waarmee klanten/slachtoffers op een vals opgezette website belanden die lijkt op de website van de Rabobank. Doordat het slachtoffer persoonlijke informatie afgeeft op de phishingwebsite, heeft de fraudeur daar de beschikking over. Vervolgens worden de slachtoffers aan de hand van deze persoonlijke informatie gebeld door een nep-bankmedewerker, die zich in dit onderzoek in veel gevallen heeft voorgesteld als [pseudoniem van verdachte] , blijkens de aangiftes van de benadeelden. Deze nep-bankmedewerker probeert een I-code en diverse S-codes – die met de pinpas, pincode en Random Reader door de gebelde worden aangemaakt – bij het slachtoffer te ontfutselen, waarmee de (vermeende) medewerker kan inloggen op de Rabobank internetbankieromgeving van het slachtoffer en bedragen kan overmaken. Om de gebelde slachtoffers hiertoe te bewegen, vertelde [pseudoniem van verdachte] dat de nieuwe Rabo Scanner, die de Random Reader vervangt, moest worden geactiveerd met behulp van de Random Reader. De klanten hebben zo de inlog- en signeercodes afgegeven aan haar. In totaal is voor een potentieel bedrag van

€ 1.020.903,22 frauduleus overgeboekt naar derden. Hiervan is € 468.644,58 als daadwerkelijk geleden schade aan te merken. De Rabobank heeft de benadeelde klanten schadeloos gesteld.2

Inhoud verklaring [medeverdachte 2]

De verklaring die [medeverdachte 2] op 28 september 2015 heeft afgelegd houdt – kort en zakelijk weergegeven – het volgende in.3

[medeverdachte 2] heeft in het verleden in de Bijlmer gewoond en kwam daar nog regelmatig. Via [medeverdachte 3] (‘ [medeverdachte 3] ’), die ze kende uit de tijd dat ze in de Bijlmer woonde, is zij in contact gekomen met [verdachte 1] (‘ [verdachte 1] ’). [verdachte 1] heeft op enig moment [medeverdachte 2] meegevraagd om bij een vriendin van hem voor de gezelligheid wat te gaan drinken. Die vriendin was [medeverdachte 4] (‘ [medeverdachte 4] ’) en zij woonde in een flatwoning aan de [adres 27] in Amsterdam Zuid-Oost . In een gesprek met [verdachte 1] is [medeverdachte 2] gevraagd om phishinggesprekken te gaan voeren. Toen ze ja had gezegd, is [medeverdachte 1] (‘ [medeverdachte 1] ’) in beeld gekomen.

De fraude is ergens in januari 2015 begonnen. Er werd gewerkt vanuit de woning van [medeverdachte 4] . [medeverdachte 4] wist ongetwijfeld van de fraude, aldus [medeverdachte 2] . De ene keer was ze er wel bij, de andere keer niet.

Over de werkzaamheden heeft [medeverdachte 2] verklaard dat [medeverdachte 1] haar het verhaal van de Rabo Scanner vertelde en hoe ze mensen moest bellen. Dat was een soort script, aldus [medeverdachte 2] . Ze kreeg een telefoon en [medeverdachte 1] gaf haar het nummer op dat gebeld moest worden. Hij zat naast [medeverdachte 2] achter een laptop en voorzag haar van de persoonsgegevens van het slachtoffer. Zij belde vervolgens met het slachtoffer en deed zich voor als ‘ [pseudoniem van verdachte] ’, een medewerkster van de Rabobank. Het slachtoffer werd verteld dat er een Rabo Scanner zou komen en dat dit de nodige handelingen vereiste. De door het slachtoffer opgegeven codes herhaalde zij hardop, daar werd vervolgens iets mee gedaan. Vervolgens kreeg [medeverdachte 2] van [medeverdachte 1] codes die zij daarna aan het slachtoffer doorgaf. Die codes kreeg zij de ene keer via een briefje, de andere keer via een Rabobankscherm op de laptop van [medeverdachte 1] . Bij de gesprekken die [medeverdachte 2] met de slachtoffers voerde, was [verdachte 1] meestal aanwezig; hij was dan bezig met zijn telefoon. [medeverdachte 2] zegt niet zeker te weten wat [verdachte 1] deed, maar het meest logische was dat hij de pinners in kennis stelde. Als [medeverdachte 3] in de woning was, zat hij erbij. [medeverdachte 3] was er minder vaak dan [verdachte 1] . Hij was met [verdachte 1] en [medeverdachte 1] aan het praten over geldbedragen. Dat ging er dan over dat ze snel moesten zijn en de hoop dat het ging lukken. [medeverdachte 2] gaat ervan uit dat ook [medeverdachte 3] deelnam aan die gesprekken, want hij zat er bij. Een aantal malen, wanneer een rekening van een vrouwelijk slachtoffer geblokkeerd bleek, heeft [medeverdachte 2] met de Rabobank gebeld, zich daarbij voorgedaan als het slachtoffer en gevraagd waarom de rekening geblokkeerd was. [verdachte 1] en [medeverdachte 1] hadden haar gevraagd dit te doen en het zou ook kunnen dat [medeverdachte 3] daar bij was.

Het was [verdachte 1] die haar contactpersoon was. Ze kreeg meestal een sms van hem wanneer ze moest komen om te werken. Als ze [verdachte 1] niet kon bereiken om te weten hoe laat ze moest werken, dan belde ze [medeverdachte 3] of een andere man, [benadeelde 18] . Ze werd voor haar werkzaamheden steeds betaald door [verdachte 1] en misschien ook een keer door [medeverdachte 3] . Nooit door [medeverdachte 1] .

Op een gegeven moment kreeg [medeverdachte 2] van [verdachte 1] en [medeverdachte 1] te horen dat ze zouden weggaan uit de woning en naar een hotel zouden gaan. [medeverdachte 2] wilde dat niet, maar [verdachte 1] vertelde haar dat hij geen andere locatie had dan een hotel. Er is twee of drie keer vanuit een hotel gewerkt. [verdachte 1] of [medeverdachte 1] regelde de kamers en de betaling. [medeverdachte 1] heeft toen opgemerkt dat ze voorzichtig moesten zijn. Dat soort opmerkingen hoorde [medeverdachte 2] veel minder toen ze in de woning van [medeverdachte 4] zaten.

Inhoud verklaring [medeverdachte 3]

De verdachte [medeverdachte 3] heeft verklaard dat hij [medeverdachte 3] (verdachte [medeverdachte 4] ) heeft geholpen met haar huis verhuren om zo de kosten van de huur te drukken. Hij moest voor haar toezicht houden in de woning als er iemand was, want [medeverdachte 4] wilde niet alleen zijn. Hij hoorde dat [medeverdachte 2] (verdachte [medeverdachte 2] ) in de woning ging bellen. Zij was dan samen met een Afrikaanse man, die zich voorstelde als [medeverdachte 1] (verdachte [medeverdachte 1] ). Later kwam [verdachte 1] (verdachte [verdachte 1] ) erbij. Ze hadden verteld dat ze de huur zouden betalen en er niet de hele dag zouden zijn, dus dat was snel verdiend. [verdachte 1] heeft verteld dat ze zich als bank, de Rabobank, voordeden tijdens de telefoongesprekken. [medeverdachte 1] zat daarbij op zijn laptop.4

Betrouwbaarheid verklaring [medeverdachte 2]

De verdediging heeft betoogd dat de door [medeverdachte 2] op 28 september 2015 afgelegde verklaring onbetrouwbaar is en daarom van het bewijs moet worden uitgesloten. De verdediging wijst daarvoor – kort gezegd – op verschillen met de later door [medeverdachte 2] afgelegde verklaringen en de omstandigheid dat [medeverdachte 2] heeft aangegeven een probleem met haar geheugen te hebben.

De rechtbank is van oordeel dat de verklaring van 28 september 2015 voldoende betrouwbaar is om te kunnen dienen tot bewijs. Deze eerste inhoudelijke verklaring van [medeverdachte 2] is voldoende concreet en vindt steun in de hiervoor besproken aangifte van de Rabobank en andere (hierna per zaaksdossier aan te halen) bewijsmiddelen. Van belang is voorts dat [medeverdachte 2] zichzelf met haar verklaring in hoge mate heeft belast. [medeverdachte 2] heeft in haar latere verklaringen weliswaar op onderdelen anders verklaard, maar geconfronteerd met die verschillen heeft zij in haar verhoor bij de rechter-commissaris verklaard dat haar verklaring bij de politie een weergave is van haar herinnering op dat moment en dat het dus overeenkomstig die herinnering moet zijn gegaan. Anders dan de verdediging meent, is [medeverdachte 2] dus niet op haar verklaring van 28 september 2015 teruggekomen.

Gelet op al het voorgaande zal de rechtbank die verklaring bezigen voor het bewijs. Het betrouwbaarheidsverweer wordt dus verworpen.

Werktelefoons

Naar aanleiding van diverse aangiftes van phishing is onderzoek gedaan naar het telefoonnummer en het IMEI-nummer (de ‘werktelefoon’) waardoor aangevers waren gebeld en welke zendmasten daarbij werden aangestraald. Hieruit is naar voren gekomen dat telkens als de werktelefoon gebruikt werd, de mast aan de [adres 25] te Amsterdam werd aangestraald. Nader onderzoek met behulp van - onder andere - technische hulpmiddelen en observaties heeft uitgewezen dat er met de werktelefoon werd gebeld vanuit de woning aan de [adres 27] te Amsterdam .5 Verdachte [medeverdachte 4] staat sinds 28 februari 2014 op dat adres ingeschreven.6 Uit onderzoek is gebleken dat er met enige regelmaat andere telefoonnummers konden worden gekoppeld aan hetzelfde IMEI-nummer (de ‘werktelefoon’) en voorts dat deze voornamelijk tussen 9:00 en 21:00 uur zijn gebruikt met de grootste pieken in aantal gesprekken (30 of meer) tussen 12:00 en 20:00 uur.7

ZD 1

Op 26 mei 2015 heeft [benadeelde 16] aangifte gedaan van phishing. Op 21 mei 2015 omstreeks 10:03 uur heeft hij een e-mail ontvangen van “Rabobank Groep N.V.” [emailadres] , waarin de introductie van de Rabo Scanner werd aangekondigd en middels een snelkoppeling/link vóór 22 mei 2015 een gratis Rabo Scanner aangevraagd kon worden. Na 22 mei 2015 zou de aanvraag van de Rabo Scanner met kosten gepaard gaan. Aangever heeft op de link geklikt. Hij werd vervolgens gebeld door een vrouw die zich voorstelde als medewerker van de Rabobank. Ze zei dat hij moest inloggen om het proces te voltooien. Tijdens het proces zag aangever dat er op 21 mei 2015 drie afschrijvingen hadden plaatsgevonden naar hem onbekende rekeninghouders, van € 5.201,09, € 5.301,90 en € 5.450,04. De rekening waarvan de afschrijvingen hebben plaatsgevonden stond op naam van [betrokkene 2] .8 In totaal is er aldus een bedrag van € 15.953,03 onrechtmatig overgeboekt.

Op 21 mei 2015 om 15:52 uur is het gesprek van [telefoonnummer 1] (hierna: - [telefoonnummer 2] ) met het telefoonnummer op naam van [betrokkene 2] getapt. Uit dit gesprek, dat ruim 39 minuten duurt tot 16:32 uur, blijkt dat de belster met voornoemd nummer zich heeft uitgegeven als [pseudoniem van verdachte] van de Rabobank en dat zij aangever instrueert de Random Reader bij de te hand te houden en meermalen codes in te voeren, waarop aangever op zijn beurt codes hardop voorleest aan haar.9

De werktelefoon - [telefoonnummer 2] wordt op 21 mei 2015 gebruikt tussen 14:25 en 18:05 uur. Voorafgaand aan het tijdstip waarop de phishinggesprekken beginnen, vinden die dag de volgende contacten plaats tussen de telefoonnummers in gebruik bij de verdachten [medeverdachte 2] , [verdachte 1] , [medeverdachte 1] , [medeverdachte 3] en [medeverdachte 4] :

11:22:50 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] ) 24 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 4] : [adres 10] , Almere

13:10:14 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 26 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 6] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 9] , Amsterdam-Zuidoost

13:11:35 uur [telefoonnummer 7] ( [medeverdachte 1] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 29 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 7] [adres 6] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

13:14:26 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 6] ( [medeverdachte 4] ) 2 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 4] , Amsterdam-Zuidoost

13:18:41 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] ) 32 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 4] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 4] : [adres 7] , Almere

13:19:13 uur [telefoonnummer 6] ( [medeverdachte 4] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 64 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 4] , Amsterdam-Zuidoost

13:20:30 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] ) 19 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 6] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 6] , Amsterdam-Zuidoost

13:21:03 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 7] ( [medeverdachte 1] ) 30 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 6] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 7] : [adres 5] , Amsterdam-Zuidoost

13:44:35 uur [telefoonnummer 7] ( [medeverdachte 1] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 42 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 7] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 4] , Amsterdam-Zuidoost

13:46:33 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] ) 42 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 4] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 4] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost.10

De werktelefoon - [telefoonnummer 2] heeft tijdens het gebruik op 21 mei 2015 tussen 14:25 en 18:05 uur 47 contacten, waarbij bij al die contacten de zendmast aan de [adres 25] te Amsterdam -Zuidoost wordt aangestraald. Telefoonnummer [telefoonnummer 8] (hierna: - [telefoonnummer 9] ), in gebruik bij [medeverdachte 2] , straalt om 13:49, 13:57 en 18:16 uur ook deze zendmast aan. Ook de telefoonnummers [telefoonnummer 10] (hierna: - [telefoonnummer 10] ), in gebruik bij [verdachte 1] en [telefoonnummer 11] (hierna: - [telefoonnummer 11] ), in gebruik bij [medeverdachte 1] , stralen respectievelijk tussen 14:01 en 17:38 uur en tussen 13:30 en 18:41 uur meermalen de zendmast aan de [adres 25] aan. De zendmast aan de [adres 25] ligt in de directe omgeving van de woning aan de [adres 27] te Amsterdam -Zuidoost.11 Het telefoonnummer [telefoonnummer 12] (hierna: - [telefoonnummer 12] ), in gebruik bij [medeverdachte 3] , straalt op 21 mei 2015 om 16:12 uur ook de zendmast aan de [adres 25] aan.12

ZD 2

Op 31 maart 2015 heeft [benadeelde 2] aangifte gedaan van phishing. De avond ervoor, op 30 maart 2015, is hij gebeld door een medewerkster van de Rabobank die zich [pseudoniem van verdachte] noemde. Zij stelde vragen over de Rabo Scanner in verband met de overgang van de Reader naar de Scanner. Hij heeft haar bepaalde informatie gegeven en kennelijk iets te veel. Later bleek zijn rekening geblokkeerd en bleken er bedragen te zijn overgeboekt.13 Van de rekening van [benadeelde 2] is in totaal € 31.116,50 overgemaakt naar derden.14

Op 29 maart 2015 zijn vanaf het telefoonnummer - [telefoonnummer 9] , in gebruik bij [medeverdachte 2] , twee sms-berichten gestuurd aan - [telefoonnummer 12] , in gebruik bij [medeverdachte 3] , inhoudende: “goedeavond, ik kan morgen eerder ok?” en “er is iets tussengekomen waardoor ik morgen helemaal niet kan maar weet ik pas zeker in de ochtend, sorry”.15

Uit analyse van de historische verkeersgegevens blijkt dat het nummer [telefoonnummer benadeelde 2] op naam van [benadeelde 2] te Volendam op 30 maart 2015 om 17:26:11 uur (1440 seconden), om 17:51:41 uur (17 seconden) en om 17:53:52 uur (4021 seconden) is gebeld door het nummer [telefoonnummer 13] (hierna: - [telefoonnummer 13] ). Dit is één van de werktelefoons. Dit werktelefoonnummer wordt die dag gebruikt tussen 16:27:41 uur en 20:26:59 uur. Voorafgaand aan het tijdstip waarop de phishinggesprekken beginnen, vinden die dag de volgende contacten plaats tussen de telefoonnummers in gebruik bij de verdachten [medeverdachte 2] , [verdachte 1] , [medeverdachte 1] en [medeverdachte 3] :

12:51:22 uur [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] )  [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] ) sms

“gm ik kan er om half 2 zijn”

12:51:35 uur [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] )  [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] ) sms

“ok?”

12:52:09 uur [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] )  [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] ) sms

“sirry bedoel half 3”

13:24:16 uur [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] )  [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] ) 4 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 4] : [adres 11] , Almere

mastlocatie [telefoonnummer 5] : onbekend

13:32:08 uur [telefoonnummer 7] ( [medeverdachte 1] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 50 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 7] : onbekend

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 9] , Amsterdam-Zuidoost

13:34:41 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] ) sms

“Ok”

14:17:05 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 65 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 12] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 9] , Amsterdam-Zuidoost

14:20:09 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 46 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 12] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 9] , Amsterdam-Zuidoost

14:35:46 uur [telefoonnummer 7] ( [medeverdachte 1] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 26 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 7] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

14:47:07 uur [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] )  [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] ) 3 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 4] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 5] : onbekend

14:47:19 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] ) 4 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 12] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 4] : onbekend

14:47:30 uur [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] )  [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] ) 23 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 4] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 5] : onbekend

14:49:03 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 24 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 12] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 9] , Amsterdam-Zuidoost

15:12:58 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] ) 5 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 13] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 12] , Amsterdam-Zuidoost

15:17:11 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] ) 8 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 12] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 12] , Amsterdam-Zuidoost

15:26:44 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 7] ( [medeverdachte 1] ) 11 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 7] : [adres 12] , Amsterdam-Zuidoost

16:04:36 uur [telefoonnummer 7] ( [medeverdachte 1] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 28 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 7] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost.16

De werktelefoon met nummer - [telefoonnummer 13] wordt op 30 maart 2015 gebruikt tussen 16:27 en 20:26 uur, waarbij het nummer voortdurend de mast gelegen aan de [adres 25] te Amsterdam -Zuidoost aanstraalt. Telefoonnummer - [telefoonnummer 9] , in gebruik bij [medeverdachte 2] , straalt tussen 14:45 en 22:00 uur meermalen de zendmast aan de [adres 25] aan. Telefoonnummer - [telefoonnummer 10] , in gebruik bij [verdachte 1] , heeft tussen 15:26 en 21:13 uur zeven contacten, waarbij ook telkens de zendmast aan de [adres 25] aangestraald wordt. Telefoonnummer - [telefoonnummer 11] , in gebruik bij [medeverdachte 1] , straalt om 16:04 en 20:00 uur de zendmast aan de [adres 25] aan. In de tussenliggende periode zijn er geen contacten zichtbaar.17 Telefoonnummer - [telefoonnummer 12] , in gebruik bij [medeverdachte 3] , straalt gedurende veertien contacten op 30 maart 2015 tussen 16:00 en 21:00 telkens de zendmast aan de [adres 25] te Amsterdam -Zuidoost aan.18

ZD 3

Op 14 april 2015 heeft [benadeelde 3] aangifte gedaan van phishing. Hij had een Rabo Scanner aangevraagd bij de Rabobank en werd op 10 april 2015 in de middag gebeld door de Rabobank. Hem werd gevraagd om een aantal gegevens te veranderen vanwege de nieuwe Rabo Scanner. Er werden gegevens gevraagd en daar heeft hij antwoord op gegeven. De medewerkster vertelde hem dat de Rabo Scanner geactiveerd zou zijn voor zakelijk gebruik. De volgende dag bemerkte aangever bij het internetbankieren dat er € 6.103,01 en € 2.350,00 van zijn zakelijke rekeningen was overgeboekt naar hem onbekende rekeningen.19 In totaal is er aldus een bedrag van € 8.453,01 onrechtmatig overgeboekt.

Op 10 april 2015 is op het telefoonnummer - [telefoonnummer 9] , in gebruik bij [medeverdachte 2] , een sms-bericht ontvangen om 9:29 uur, afkomstig van - [telefoonnummer 12] , in gebruik bij [medeverdachte 3] , inhoudende: “12 kom je”. Om 9:29 is vanaf [medeverdachte 2] ’s nummer aan het nummer van [medeverdachte 3] - [telefoonnummer 12] geantwoord met “ja” en om 12:11 is vanaf het nummer van [medeverdachte 2] “10 min” aan - [telefoonnummer 12] verstuurd. Vanaf dat nummer is om 12:21 geantwoord met “Ok”.20

Naast deze sms-contacten tussen de telefoonnummers die in gebruik zijn bij [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] wordt die dag om 12:43 uur gedurende 34 seconden door het nummer - [telefoonnummer 10] , in gebruik bij [verdachte 1] , uitgebeld naar nummer - [telefoonnummer 11] , in gebruik bij [medeverdachte 1] . Telefoonnummer - [telefoonnummer 10] straalt daarbij de zendmast aan de [adres 8] te Amsterdam-Zuidoost aan en - [telefoonnummer 11] die aan de [adres 25] , eveneens te Amsterdam-Zuidoost. Enkele minuten later, om 12:47, gebeurt dit nogmaals, gedurende 66 seconden, en wordt door - [telefoonnummer 10] de mast aan de [adres 12] te Amsterdam-Zuidoost aangestraald. Telefoonnummer

- [telefoonnummer 11] , in gebruik bij [medeverdachte 1] , straalt dan wederom de zendmast aan de [adres 25] aan. Weer enkele minuten later, om 12:51 uur, wordt door het nummer - [telefoonnummer 9] , in gebruik bij [medeverdachte 2] , uitgebeld naar - [telefoonnummer 12] , in gebruik bij [medeverdachte 3] , gedurende 20 seconden. Telefoonnummer - [telefoonnummer 9] straalt daarbij ook de zendmast aan de [adres 25] aan en de telefoon van [medeverdachte 3] die aan de [adres 12] .

Uit de historische verkeersgegevens blijkt aangever op 10 april 2015 om 12:59 uur te zijn gebeld door telefoonnummer [telefoonnummer 14] (hierna: - [telefoonnummer 14] ). Dit is een van de werktelefoons. Het gesprek duurde 1353 seconden, omgerekend ongeveer 22 minuten. Werktelefoonnummer - [telefoonnummer 14] wordt die dag gebruikt tussen 12:59 en 17:26 uur.21

In de periode dat de werktelefoon met nummer - [telefoonnummer 14] in gebruik is, worden 70 contacten weergegeven waarbij bij 53 daarvan de zendmast aan de [adres 25] te Amsterdam -Zuidoost wordt aangestraald en bij de overige contacten geen zendmastlocatie wordt weergegeven. Telefoonnummer - [telefoonnummer 9] , dat bij [medeverdachte 2] in gebruik is, straalt gedurende diverse contacten tussen 12:19 en 16:28 uur ook de zendmast aan de [adres 25] aan. De telefoonnummers - [telefoonnummer 10] , in gebruik bij [verdachte 1] en - [telefoonnummer 11] , in gebruik bij [medeverdachte 1] , stralen tevens gedurende diverse contacten tussen respectievelijk 13:17 en 18:46 uur en 12:27 en 18:47 uur de zendmast aan de [adres 25] aan.22 Telefoonnummer - [telefoonnummer 12] , in gebruik bij [medeverdachte 3] , straalt bij contacten om 13:15, 13:59 en 16:12 uur de zendmast aan de [adres 25] aan.23

ZD 4

Op 7 april 2015 heeft [benadeelde 4] aangifte gedaan van phishing. Hij is op 3 april 2014 (de rechtbank begrijpt: 2015) gebeld door een vrouw die zich voorstelde als medewerkster van de Rabobank en vertelde dat alle Random Readers vervangen zouden worden door Rabo Scanners. Ze vroeg hem een code in te voeren op zijn Random Reader en de code die vervolgens verscheen aan haar door te geven, hetgeen hij heeft gedaan. Dit gebeurde twee keer, waarop aangever argwaan kreeg en zelf op internetbankieren is ingelogd, waar hij zag dat er € 180,50 en € 2.903,00 was afgeschreven. De vrouw aan de telefoon zei dat ze het in orde zou maken, maar heeft aangever niet meer teruggebeld.24 In totaal is er aldus een bedrag van € 3.083,50 onrechtmatig overgeboekt.

Op 2 april 2015 om 21:25 is op het telefoonnummer - [telefoonnummer 9] , in gebruik bij [medeverdachte 2] , een sms-bericht ontvangen, afkomstig van - [telefoonnummer 12] , het telefoonnummer dat in gebruik was bij [medeverdachte 3] . De inhoud van het sms-bericht luidt “Kan je morgen vroeg proberen we normale betaling voor 10.30”. Om 22:39 die avond is er een uitgaand bericht van - [telefoonnummer 9] aan - [telefoonnummer 12] , inhoudende “ok ik ben er half 11”.25 Op 3 april 2015 om 15:01 uur is vanaf het nummer - [telefoonnummer 9] een sms-bericht aan telefoonnummer - [telefoonnummer 10] , in gebruik bij [verdachte 1] , verstuurd, inhoudende: “alohaa, mag ik een broodje kroket van de snackbar?”26

Uit de historische verkeersgegevens van het telefoonnummer van aangever blijkt dat hij op 3 april 2015 om 13:01 uur gebeld is door 06- [telefoonnummer 15] (hierna: - [telefoonnummer 15] ). Dit is een van de werktelefoons. Het gesprek duurde 1530 seconden, omgerekend ongeveer 25 minuten. De werktelefoon - [telefoonnummer 15] is die dag gebruikt tussen 12:19:22 uur en 15:02:46 uur.

Voorafgaand aan het tijdstip waarop de phishinggesprekken beginnen, vinden die dag de volgende contacten plaats tussen de telefoonnummers in gebruik bij de verdachten [medeverdachte 2] , [verdachte 1] , [medeverdachte 1] en [medeverdachte 3] :

10:40:52 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] ) 24 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 14] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 4] : [adres 15] Almere

10:41:34 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 16 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 14] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

11:13:30 uur [telefoonnummer 7] ( [medeverdachte 1] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 2 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 7] : [adres 4] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : onbekend

11:14:06 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 5 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 14] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : onbekend

11:14:14 uur [telefoonnummer 7] ( [medeverdachte 1] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 62 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 7] : [adres 4] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

11:16:41 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 26 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 14] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

11:38:13 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] ) 10 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 14] , Amsterdam-Zuidoost.27

Tussen de tijdstippen waarop de werktelefoon met nummer - [telefoonnummer 15] in gebruik was, straalt hij diverse malen de zendmast aan de [adres 25] te Amsterdam -Zuidoost aan. De telefoon met nummer - [telefoonnummer 9] , in gebruik bij [medeverdachte 2] , straalt om 14:59 uur de zendmast aan de [adres 17] te Amsterdam-Zuidoost aan en om 15:10 uur de zendmast aan de [adres 25] . Telefoonnummer [telefoonnummer 16] (hierna: - [telefoonnummer 16] ), in gebruik bij [medeverdachte 2] , straalt tussen 11:03 en 15:56 uur meermalen de zendmast aan de [adres 16] te Amsterdam-Zuidoost aan. Telefoonnummer - [telefoonnummer 10] , in gebruik bij [verdachte 1] , straalt tussen 12:07 en 15:11 uur meermalen de zendmasten aan de [adres 25] en [adres 17] aan. Telefoonnummer

- [telefoonnummer 11] , in gebruik bij [medeverdachte 1] , straalt tussen 11:48 en 16:30 uur meermalen de zendmast aan de [adres 25] te Amsterdam -Zuidoost aan. Alle genoemde zendmasten liggen in de omgeving van de Kruitberg.28 Telefoonnummer - [telefoonnummer 12] , in gebruik bij [medeverdachte 3] , heeft tussen 12:00 en 15:30 uur vijftien contacten, waarbij telkens de zendmast aan de [adres 25] te Amsterdam -Zuidoost wordt aangestraald.29

ZD 5

Op 16 mei 2015 heeft [benadeelde 5] mede namens zijn bedrijf [benadeelde 5] . aangifte gedaan van phishing. Hij is op 15 mei 2015, terwijl hij op kantoor van zijn bedrijf was, gebeld door ene [pseudoniem van verdachte] van de Rabobank. Ze zei dat hij niet meer kon internetbankieren, hetgeen klopte, en vertelde dat ze de storing wilde opheffen. Ze vroeg aangever zijn bankpasje in de identifier te doen om de storing op te heffen. Eerder had aangever al op de website van de Rabobank gezien dat de identifiers omgewisseld zouden gaan worden voor Rabo Scanners. Op 15 mei heeft hij hierover ook een e-mail gehad van RaboGroep N.V. Nadat hij had ingelogd op de identifier duurde het gesprek heel lang. Toen het gesprek na bijna een half uur voorbij was, kreeg aangever argwaan en heeft hij de Rabobank gebeld om te vragen of [pseudoniem van verdachte] wel werkneemster bij ze was. Dat bleek niet het geval. Nadat hij had ingelogd op de internetbankieromgeving, zag hij dat tweemaal € 20.000,00 was afgeschreven in de tijd dat hij met [pseudoniem van verdachte] aan de telefoon had gezeten. Hij heeft daar geen opdracht toe gegeven.30

Uit de afschriften van de rekening ten name van [benadeelde 5] . zijn naast twee ontsparingen van € 20.000,00 ook bedragen te zien die naar rekeningen van derden zijn overgemaakt, ter hoogte van € 4.000,00, € 5.900,99, € 4.000,00, € 5.350,60, € 5.601,05, € 4.300,00,

€ 5.805,01 en € 5.701,01.31 In totaal is er aldus een bedrag van € 40.658,66 onrechtmatig overgeboekt.

Uit analyse van de historische verkeersgegevens blijkt dat het telefoonnummer van [benadeelde 5] / [benadeelde 5] . op 15 mei 2015 om 13:10:53 uur gedurende 2390 seconden (omgerekend 39 minuten) is gebeld door het nummer - [telefoonnummer 2] . Dit is één van de werktelefoons. Dit werktelefoonnummer - [telefoonnummer 2] wordt die dag gebruikt tussen 12:22:28 uur en 14:52:46 uur.

Voorafgaand aan het tijdstip waarop de phishinggesprekken beginnen, hebben die dag onder meer de volgende contacten plaatsgevonden tussen de telefoonnummers in gebruik bij de verdachten [medeverdachte 2] , [verdachte 1] , [medeverdachte 1] en [medeverdachte 3] :

10:20:34 uur [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] )  [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] ) 3 seconden

(deze oproep wordt zeer waarschijnlijk doorgeschakeld naar de voice-mail)

mastlocatie [telefoonnummer 4] : [adres 11] , Almere

mastlocatie [telefoonnummer 5] : onbekend

10:21:00 uur [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 16 seconden

(deze oproep wordt zeer waarschijnlijk doorgeschakeld naar de voice-mail)

mastlocatie [telefoonnummer 4] : [adres 11] , Almere

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

10:21:43 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 7] ( [medeverdachte 1] ) 62 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 7] : [adres 4] , Amsterdam-Zuidoost

10:52:16 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] ) sms

“Bel me”

10:59:05 uur [telefoonnummer 7] ( [medeverdachte 1] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 5 seconden

(deze oproep wordt zeer waarschijnlijk doorgeschakeld naar de voice-mail)

mastlocatie [telefoonnummer 7] : [adres 14] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : onbekend

11:02:16 uur [telefoonnummer 7] ( [medeverdachte 1] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 7 seconden

(deze oproep wordt zeer waarschijnlijk doorgeschakeld naar de voice-mail)

mastlocatie [telefoonnummer 7] : [adres 14] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : onbekend

11:03:57 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 7] ( [medeverdachte 1] ) 26 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 7] : [adres 14] , Amsterdam-Zuidoost

11:04:19 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 33 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 18] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

11:05:28 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 28 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 19] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 9] , Amsterdam-Zuidoost

11:14:45 uur [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] )  [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] ) 27 seconden

(deze oproep wordt zeer waarschijnlijk doorgeschakeld naar de voice-mail)

mastlocatie [telefoonnummer 4] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 14] , Amsterdam-Zuidoost

11:15:24 uur [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 6 seconden

(deze oproep wordt zeer waarschijnlijk doorgeschakeld naar de voice-mail)

mastlocatie [telefoonnummer 4] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : onbekend

11:18:13 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 48 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 14] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 14] , Amsterdam-Zuidoost

11:26:02 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] ) 23 seconden

(deze oproep wordt zeer waarschijnlijk doorgeschakeld naar de voice-mail)

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 4] : onbekend

11:27:00 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] ) 3 seconden

(deze oproep wordt zeer waarschijnlijk doorgeschakeld naar de voice-mail)

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 4] : onbekend

11:31:25 uur [telefoonnummer 7] ( [medeverdachte 1] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 9 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 7] : [adres 4] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

11:31:49 uur [telefoonnummer 7] ( [medeverdachte 1] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 26 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 7] : [adres 4] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

11:56:26 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] ) 4 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 14] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 4] : onbekend

11:57:06 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 40 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 14] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

12:00:37 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] ) 8 seconden

(deze oproep wordt zeer waarschijnlijk doorgeschakeld naar de voice-mail)

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 14] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 4] : onbekend

12:10:20 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 7] ( [medeverdachte 1] ) 12 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 7] : [adres 5] , Amsterdam-Zuidoost

12:16:02 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 7] ( [medeverdachte 1] ) 3 seconden

(deze oproep wordt zeer waarschijnlijk doorgeschakeld naar de voice-mail)

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 7] : onbekend

12:17:05 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 7] ( [medeverdachte 1] ) 25 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 7] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

12:24:32 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 12 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 20] Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 21] , Amsterdam-Zuidoost.32

In het tijdsbestek waarbinnen de werktelefoon met nummer - [telefoonnummer 2] op 15 mei 2015 in gebruik was, tussen 12:22 en 14:52 uur, straalde hij voortdurend de zendmast aan de [adres 25] te Amsterdam -Zuidoost aan. Ook telefoonnummer - [telefoonnummer 9] , in gebruik bij [medeverdachte 2] , straalt tussen 10:52 en 14:25 meermalen de zendmast aan de [adres 25] aan. Telefoonnummer - [telefoonnummer 10] , in gebruik bij [verdachte 1] , heeft die dag tussen 11:24 en 12:17 uur en 13:19 en 14:16 diverse malen de zendmast aan de [adres 25] aangestraald. Telefoonnummer

- [telefoonnummer 11] , in gebruik bij [medeverdachte 1] , heeft die dag tussen 12:16 en 14:23 vier contacten, waarbij bij alle vier ook de zendmast aan de [adres 25] is aangestraald.33

ZD 6

Op 20 mei 2015 heeft [benadeelde 17] aangifte gedaan - (mede) namens zijn bedrijven [benadeelde 17] B.V. en [benadeelde 17] Business Development - van phishing. Op 19 mei 2015 is zijn vriendin en medewerkster, [benadeelde 6] , gebeld door een vrouw die zich voorstelde als [pseudoniem van verdachte] van de Rabobank. Deze [pseudoniem van verdachte] vertelde dat de Random Reader van de Rabobank zou worden vervangen door de Rabo Scanner. Om de Rabo Scanner te activeren, werd [benadeelde 6] gevraagd een aantal handelingen te verrichten op de oude Rabo Reader ten behoeve van het internetbankieren. Tijdens het gesprek kreeg [benadeelde 6] echter twijfels over het verhaal dat [pseudoniem van verdachte] vertelde en na het gesprek heeft [benadeelde 6] contact gezocht met de Rabobank. Er bleken grote bedragen te zijn overgeboekt van de rekeningen van [benadeelde 17] B.V. en [benadeelde 17] Business Development naar derden, voor in totaal € 47.121,36.34 [benadeelde 6] heeft als getuige verklaard over het gesprek met [pseudoniem van verdachte] en de e-mail die zij voorafgaand ontvangen had van RaboBank Groep N.V.35

Het gesprek tussen [pseudoniem van verdachte] en [benadeelde 6] heeft plaatsgevonden op 19 mei 2015 om 12:04 uur. Het gesprek duurde 58 minuten. Dit telefoongesprek is getapt. In de uitwerking van het tapgesprek is te lezen dat de beller zich [pseudoniem van verdachte] van de Rabobank noemt en dat [benadeelde 6] hardop codes voorleest, nadat [pseudoniem van verdachte] haar heeft geïnstrueerd handelingen te verrichten op de Random Reader.36

Uit de historische verkeersgegevens is gebleken dat het telefoonnummer van [benadeelde 6] op 19 mei 2015 om 12:04 uur gedurende 3505 seconden (omgerekend 58 minuten) is gebeld door telefoonnummer - [telefoonnummer 2] , zijnde een van de werktelefoonnummers. Werktelefoon - [telefoonnummer 2] is op 19 mei 2015 gebruikt tussen 12:03 en 15:33 uur.

Voorafgaand aan het tijdstip waarop de phishinggesprekken beginnen, hebben die dag de volgende contacten plaatsgevonden tussen de telefoonnummers in gebruik bij de verdachten [medeverdachte 2] , [verdachte 1] , [medeverdachte 3] en [medeverdachte 4] :

10:14:30 uur [telefoonnummer 6] ( [medeverdachte 4] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 26 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

10:18:53 uur [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] )  [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] ) 5 seconden

(deze oproep wordt zeer waarschijnlijk doorgeschakeld naar de voice-mail)

mastlocatie [telefoonnummer 4] : [adres 22] naby, Almere

mastlocatie [telefoonnummer 5] : onbekend

10:19:35 uur [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] )  [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] ) 4 seconden

(deze oproep wordt zeer waarschijnlijk doorgeschakeld naar de voice-mail)

mastlocatie [telefoonnummer 4] : [adres 23] , Almere

mastlocatie [telefoonnummer 5] : onbekend

10:46:23 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] ) 5 seconden

(deze oproep wordt zeer waarschijnlijk doorgeschakeld naar de voice-mail)

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 14] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 4] : onbekend

10:47:51 uur [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] )  [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] ) 4 seconden

(deze oproep wordt zeer waarschijnlijk doorgeschakeld naar de voice-mail)

mastlocatie [telefoonnummer 4] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 24] , Amsterdam-Zuidoost

10:51:34 uur [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] )  [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] ) 15 seconden

(deze oproep wordt zeer waarschijnlijk doorgeschakeld naar de voice-mail)

mastlocatie [telefoonnummer 4] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 14] , Amsterdam-Zuidoost

10:54:09 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] ) sms

“10 min”

11:11:57 uur [telefoonnummer 6] ( [medeverdachte 4] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 15 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

11:26:48 uur,

11:27:03 uur,

11:30:13 uur,

11:34:29 uur,

11:35:49 uur en

11:43:02 uur [telefoonnummer 6] ( [medeverdachte 4] )  [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] )

(deze oproepen worden zeer waarschijnlijk doorgeschakeld naar de voice-mail)

mastlocatie [telefoonnummer 4] : onbekend

11:46:10 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 18 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost.37

In de periode dat de werktelefoon - [telefoonnummer 2] in gebruik was op 19 mei 2015, heeft deze bij alle contacten in die tijdsspanne de zendmast aan de [adres 25] te Amsterdam -Zuidoost aangestraald. Telefoonnummer - [telefoonnummer 9] , in gebruik bij [medeverdachte 2] , heeft tussen10:46 en 11:13 uur ook meermalen de zendmast aan de [adres 25] aangestraald. Telefoonnummer - [telefoonnummer 10] , in gebruik bij [verdachte 1] , heeft tussen 11:42 tot 13:09 uur en 15:07 en 15:44 uur ook gebruik gemaakt van de zendmast aan de [adres 25] . Telefoonnummer - [telefoonnummer 11] , in gebruik bij [medeverdachte 1] , heeft tussen 14:29 en 15:54 uur contact gemaakt met de zendmast aan de [adres 25] .38 Telefoonnummer - [telefoonnummer 12] , in gebruik bij [medeverdachte 3] , heeft tijdens diverse contacten tussen 12:14 en 14:25 uur gebruik gemaakt van de zendmast aan de [adres 25] te Amsterdam -Zuidoost.39

ZD 7

Op 5 juni 2015 heeft [benadeelde 7] aangifte gedaan van phishing. Op 1 juni 2015 had ze een e-mail van de Rabobank gekregen betreffende het aanvragen van een nieuwe Rabo Scanner, omdat de Random Reader eruit gaat. Aangeefster heeft op de link in de mail geklikt, waarna zij op een webpagina terecht kwam waar zij onder meer haar rekeningnummer/IBAN, geboortedatum en adres heeft ingevuld. Vervolgens is zij op 3 juni 2015 gebeld door een mevrouw [pseudoniem van verdachte] van Rabobank Utrecht, die vertelde dat de aanvraag voor de Scanner niet was gelukt door storingen. Aangeefster moest van [pseudoniem van verdachte] de Random Reader pakken, haar bankpas erin doen en codes aan haar afgeven. [pseudoniem van verdachte] gaf aan dat ze twee Rabo Scanners op zou sturen en dat aangeefster nog een uur moest wachten met internetbankieren. Kort na dit telefoongesprek is aangeefster door Rabobank Roosendaal gebeld met de vraag of zij grote bedragen had overgeboekt. De rekening zou zijn geblokkeerd, nadat € 4.550,45 was afgeschreven. Ook waren er enkele bedragen ontspaard.40

Het telefoongesprek tussen het telefoonnummer van [benadeelde 7] en - [telefoonnummer 2] is getapt. Uit het uitgewerkte tapgesprek blijkt dat de belster zich voorstelt als [pseudoniem van verdachte] van de Rabobank en dat de gebelde meermalen achtcijferige codes opnoemt, die [pseudoniem van verdachte] hardop herhaalt. Het gesprek is aangevangen op 3 juni 2015 om 15:05 uur en heeft 36 minuten geduurd.41

Uit de historische verkeersgegevens blijkt dat het nummer van aangeefster op 3 juni 2015 om 15:05:26 uur gedurende 2171 seconden (omgerekend 36 minuten) is gebeld door het nummer - [telefoonnummer 2] . Dit is één van de werktelefoons. De werktelefoon - [telefoonnummer 2] wordt die dag gebruikt tussen 14:23:07 uur en 18:04:46 uur.

Voorafgaand aan het tijdstip waarop de phishinggesprekken beginnen, vinden die dag de volgende contacten plaats tussen de telefoonnummers in gebruik bij de verdachten [medeverdachte 2] , [verdachte 1] , [medeverdachte 1] , [medeverdachte 3] en [medeverdachte 4] :

10:25:58 uur [telefoonnummer 7] ( [medeverdachte 1] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 61 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 7] : [adres 4] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

10:27:51 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] ) sms

“Gm [medeverdachte 2] kun je r 12 uur zijn er zijn geen storingen”

10:40:45 uur [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] ) - [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) sms

“gm wordt half 1 ok”

10:41:14 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) - [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] ) sms

“Ok”

11:55:06 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 28 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 12] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

12:29:03 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 19 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

12:33:11 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 12 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 9] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

12:39:55 uur [telefoonnummer 7] ( [medeverdachte 1] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 15 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 7] : [adres 12] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 17] , Amsterdam-Zuidoost

13:20:58 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] ) 3 seconden

(deze oproep wordt zeer waarschijnlijk doorgeschakeld naar de voice-mail)

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 4] : onbekend

13:21:14 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] ) 32 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 12] , Amsterdam-Zuidoost

13:23:32 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] ) 3 seconden

(deze oproep wordt zeer waarschijnlijk doorgeschakeld naar de voice-mail)

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 4] : onbekend

13:25:24 uur [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 16 seconden

(deze oproep wordt zeer waarschijnlijk doorgeschakeld naar de voice-mail)

mastlocatie [telefoonnummer 4] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : onbekend

14:10:24 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) - [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] ) 3 seconden

(deze oproep wordt zeer waarschijnlijk doorgeschakeld naar de voice-mail)

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 4] : onbekend

14:11:38 uur [telefoonnummer 6] ( [medeverdachte 4] ) - [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 22 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

14:37:37 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) - [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] ) 2 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 12] , Amsterdam-Zuidoost.42

Later die dag, om 16:57 uur, is vanaf - [telefoonnummer 9] ( [medeverdachte 2] ) wederom een sms-bericht aan - [telefoonnummer 10] ( [verdachte 1] ) gestuurd, inhoudende: “kun je een broodje kalfskroket voor me meenemen aub”.43

In de periode dat de werktelefoon - [telefoonnummer 2] in gebruik is geweest op 3 juni 2015 is bij alle contacten de zendmast aan de [adres 25] te Amsterdam -Zuidoost aangezocht. Telefoonnummer - [telefoonnummer 9] , in gebruik bij [medeverdachte 2] , heeft tussen 12:53 en 18:43 uur ook meermalen deze zendmast aangestraald. Telefoonnummer - [telefoonnummer 10] , in gebruik bij [verdachte 1] , heeft tussen 13:19 en 16:57 uur ook voor het grootste deel van de contacten de zendmast aan de [adres 25] aangestraald. Telefoonnummer - [telefoonnummer 11] , in gebruik bij [medeverdachte 1] , straalt om 13:11 uur de zendmast aan de [adres 32] en om 18:52 uur de zendmast aan de [adres 31] , beide te Amsterdam-Zuidoost aan.44

ZD 8

Op 7 april 2015 heeft [benadeelde 8] aangifte gedaan van phishing. Op 13 maart 2015 had hij een e-mail van de Rabobank ontvangen, waarin werd gevraagd het een en ander in te vullen, zoals rekeningnummer, telefoonnummer en geboortedatum. Dat heeft aangever gedaan. Enkele dagen later is hij gebeld door een mevrouw van de Rabobank, maar hij had toen geen tijd. Op 3 april 2015 heeft hij haar uiteindelijk te woord gestaan en heeft hij handelingen op de Random Reader verricht waar de dame om vroeg, zoals het intoetsen van zijn pincode op de Random Reader. Nadat het gesprek was beëindigd, werd hij omstreeks 16:00 uur gebeld door de beveiliging van de Rabobank met de mededeling dat er vreemde bedragen naar vreemde namen van zijn rekening afgeschreven waren. Aangever wist nergens van. In totaal is er € 27.447,50 overgemaakt.45 € 5.500,00 daarvan betreft een ontsparing naar de betaalrekening van [benadeelde 8] en dus een bijboeking (credit) en geen afboeking (debet).46 In totaal is er aldus een bedrag van € 21.947,50 onrechtmatig overgeboekt.

Op 2 april 2015 om 21:25 is op het telefoonnummer - [telefoonnummer 9] , in gebruik bij [medeverdachte 2] , een sms-bericht ontvangen, afkomstig van - [telefoonnummer 12] , het telefoonnummer dat in gebruik was bij [medeverdachte 3] . De inhoud van het sms-bericht luidt “Kan je morgen vroeg proberen we normale betaling voor 10.30”. Om 22:39 die avond is er een uitgaand bericht van - [telefoonnummer 9] aan - [telefoonnummer 12] , inhoudende “ok ik ben er half 11”.47 Op 3 april 2015 om 15:01 uur is vanaf het nummer - [telefoonnummer 9] een sms-bericht aan telefoonnummer - [telefoonnummer 10] , in gebruik bij [verdachte 1] , verstuurd, inhoudende: “alohaa, mag ik een broodje kroket van de snackbar?”48

Uit de historische verkeersgegevens van het telefoonnummer van aangever blijkt dat hij na de pogingen op 1 en 2 april 2015 op 3 april 2015 om 13:39 en 14:17 uur gebeld is door 06- [telefoonnummer 15] (hierna: - [telefoonnummer 15] ). Dit is een van de werktelefoons. De gesprekken duurden 2157 (omgerekend 35 minuten) en 1015 seconden (omgerekend 16 minuten). De werktelefoon - [telefoonnummer 15] is die dag gebruikt tussen 12:19:22 uur en 15:02:46 uur.

Voorafgaand aan het tijdstip waarop de phishinggesprekken beginnen, vinden die dag de volgende contacten plaats tussen de telefoonnummers in gebruik bij de verdachten [medeverdachte 2] , [verdachte 1] , [medeverdachte 1] en [medeverdachte 3] :

10:40:52 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] ) 24 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 14] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 4] : [adres 15] Almere

10:41:34 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 16 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 14] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

11:13:30 uur [telefoonnummer 7] ( [medeverdachte 1] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 2 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 7] : [adres 4] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : onbekend

11:14:06 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 5 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 14] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : onbekend

11:14:14 uur [telefoonnummer 7] ( [medeverdachte 1] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 62 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 7] : [adres 4] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

11:16:41 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 26 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 14] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

11:38:13 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] ) 10 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 14] , Amsterdam-Zuidoost.49

Tussen de tijdstippen waarop de werktelefoon met nummer - [telefoonnummer 15] in gebruik was, straalt hij diverse malen de zendmast aan de [adres 25] te Amsterdam -Zuidoost aan. De telefoon met nummer - [telefoonnummer 9] , in gebruik bij [medeverdachte 2] , straalt om 14:59 uur de zendmast aan de [adres 17] te Amsterdam-Zuidoost aan en om 15:10 uur de zendmast aan de [adres 25] . Telefoonnummer [telefoonnummer 16] (hierna: - [telefoonnummer 16] ), in gebruik bij [medeverdachte 2] , straalt tussen 11:03 en 15:56 uur meermalen de zendmast aan de [adres 16] te Amsterdam-Zuidoost aan. Telefoonnummer - [telefoonnummer 10] , in gebruik bij [verdachte 1] , straalt tussen 12:07 en 15:11 uur meermalen de zendmasten aan de [adres 25] en [adres 17] aan. Telefoonnummer

- [telefoonnummer 11] , in gebruik bij [medeverdachte 1] , straalt tussen 11:48 en 16:30 uur meermalen de zendmast aan de [adres 25] te Amsterdam -Zuidoost aan. Alle genoemde zendmasten liggen in de omgeving van de Kruitberg.50 Telefoonnummer - [telefoonnummer 12] , in gebruik bij [medeverdachte 3] , heeft tussen 12:00 en 15:30 uur vijftien contacten, waarbij telkens de zendmast aan de [adres 25] te Amsterdam -Zuidoost wordt aangestraald.51

ZD 9

Op 25 maart 2015 heeft [benadeelde 9] namens [benadeelde 14] aangifte gedaan van phishing. Op 19 maart 2015 heeft hij een e-mail van de Rabobank gekregen, waarin stond dat de Random Reader omgewisseld moest worden voor de Rabo Scanner. Dezelfde dag werd hij gebeld door een vrouw die zich voorstelde als medewerker van de Rabobank. Omdat aangever op dat moment geen Random Reader bij de hand had, belde ze op 24 maart 2015 terug. Ze kreeg toen een medewerkster van aangever aan de lijn. De vrouw legde de medewerkster uit dat zij inlogcodes nodig had, zodat er daarna met de nieuwe Scanner ingelogd kon worden en betalingen gedaan konden worden. De medewerkster van aangever heeft aldus drie keer ingelogd en drie keer inlog- en signeercodes afgegeven. Het gesprek duurde circa drie kwartier. Anderhalf uur daarna belde de vrouw terug, vertelde dat het niet goed was gegaan en vroeg om nog meer inlogcodes, waarop de medewerkster van aangever nog één code heeft doorgegeven. Tijdens het tweede gesprek werd aangever door de Rabobank gebeld, met de vraag of hij betalingen aan het verrichten was. De werkneemster van aangever gaf aan dat dit niet het geval was, waarop bleek dat er frauduleus vanaf de rekening van Roberlo B.V. € 5.211,00, € 3.101,00, € 7.107,03, € 45.000,00 en € 180,50 was overgeboekt.52 In totaal is er aldus een bedrag van € 60.599,53 onrechtmatig overgeboekt.

Het bedrag van € 180,50 is overgemaakt naar [naam rekeninghouder] ten behoeve van [bedrijfsnaam 1] . Met het bedrag zijn onder meer drie opwaardeercodes van provider Lebara aangeschaft, en drie opwaardeercodes van Lyca.53 Een van de opwaardeercodes van Lebara is gebruikt om telefoonnummer [telefoonnummer 17] (hierna: - [telefoonnummer 17] ) mee op te waarderen. Bij de aanhouding van de verdachte [medeverdachte 1] is (naast een Samsung telefoon met Lyca simkaart met telefoonnummer - [telefoonnummer 11] ) een zwarte iPhone aangetroffen met een Lebara simkaart met telefoonnummer - [telefoonnummer 17] .54 Twee van de opwaardeercodes van Lyca zijn gebruikt om telefoonnummer - [telefoonnummer 11] mee op te waarderen. 55

Uit analyse van de historische verkeersgegevens blijkt dat het telefoonnummer op naam van [benadeelde 14] op 24 maart 2015 om 13:08 uur gedurende 2530 seconden (omgerekend 42 minuten) en om 15:31 uur gedurende 701 seconden (omgerekend 11 minuten) gebeld is door het nummer [telefoonnummer 18] (hierna: - [telefoonnummer 18] ). De werktelefoon met het nummer - [telefoonnummer 18] is op 24 maart 2015 gebruikt tussen 11:58 uur en 16:56 uur.

Voorafgaand aan het tijdstip waarop de phishinggesprekken begonnen, hebben op 24 maart 2015 de volgende contacten plaatsgevonden tussen de telefoonnummers in gebruik bij de verdachten [medeverdachte 2] , [verdachte 1] en [medeverdachte 3] :

10:22:16 uur [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] )  [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] ) sms

“gm ik ben er om 11 uur”

(10:20:54 uur in historische verkeersgegevens)

10:22:22 uur [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] )  [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] ) sms

“ok?”

(10:21:00 uur in historische verkeersgegevens)

10:22:43 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] ) sms

“Ok”

(10:21:22 uur in historische verkeersgegevens)

10:21:47 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 10 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 12] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 9] , Amsterdam-Zuidoost

11:19:33 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 21 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 12] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

11:26:07 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] ) 6 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

[telefoonnummer 5] : [adres 12] , Amsterdam-Zuidoost

11:27:41 uur [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] )  [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] ) 12 seconden

(deze oproep wordt zeer waarschijnlijk doorgeschakeld naar de voice-mail)

mastlocatie [telefoonnummer 4] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

11:35:30 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] ) 11 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 12] , Amsterdam-Zuidoost.56

In de periode waarbinnen de werktelefoon met nummer - [telefoonnummer 18] op 24 maart 2015 in gebruik was, straalde dit nummer voortdurend de zendmast aan de [adres 25] te Amsterdam -Zuidoost aan. Telefoonnummer - [telefoonnummer 9] , in gebruik bij [medeverdachte 2] , heeft die dag om 11:27, 11:28 en 15:47 uur gedurende contacten ook de zendmast aan de [adres 25] aangestraald. Telefoonnummer - [telefoonnummer 10] , in gebruik bij [verdachte 1] , heeft tussen 11:07 en 17:45 uur veelvuldig de zendmast aan de [adres 25] aangestraald. Telefoonnummer - [telefoonnummer 11] , in gebruik bij [medeverdachte 1] , heeft tussen 12:22 en 16:32 ook diverse malen de zendmast aan de [adres 25] aangestraald.57 Telefoonnummer - [telefoonnummer 12] , in gebruik bij [medeverdachte 3] , heeft op 24 maart 2015 tussen 13:38 en 16:15 uur meermalen de zendmast aan de [adres 25] te Amsterdam -Zuidoost aangestraald.58

ZD 10

Op 11 juni 2015 heeft [benadeelde 10] aangifte gedaan van phishing, mede namens [benadeelde 10] . Hij was bezig om zijn privérekening bij de Rabobank om te zetten naar een zakelijke bankrekening. Hij zag dat hij een e-mail van de Rabobank had gehad, waarin gevraagd werd om de nieuwe Rabo Scanner aan te vragen. Dit heeft hij gedaan en op 28 mei 2015 omstreeks 16:00 uur is hij gebeld door een vrouw van de Rabobank. Ze vertelde dat er problemen waren met de aanvraag en vroeg hem enkele gegevens door te geven. Aangever heeft zijn bankpas in de Random Reader gedaan en diverse handelingen verricht. Die avond merkte hij dat zijn rekening geblokkeerd was.

De volgende dag bleek hij opgelicht voor € 5.101,90.59

Het gesprek tussen aangever en werktelefoonnummer - [telefoonnummer 2] op 28 mei 2015 om 16:07 uur is getapt. Uit het uitgewerkte tapgesprek blijkt dat er één inlogcode en één signeercode aan de belster, die zich [pseudoniem van verdachte] van de Rabobank noemt, worden doorgegeven door de gebelde. Het gesprek duurt in totaal een kwartier.60

Uit de historische verkeersgegevens blijkt dat het nummer op naam van [benadeelde 10] op 28 mei 2015 om 16:07 uur gedurende 924 seconden (omgerekend 15 minuten) is gebeld door het nummer - [telefoonnummer 2] . De werktelefoon met het nummer - [telefoonnummer 2] is die dag gebruikt tussen 13:49 uur en 16:47 uur. Voorafgaand aan het tijdstip waarop de phishinggesprekken beginnen, vinden die dag de volgende contacten plaats tussen de telefoonnummers in gebruik bij de verdachten [medeverdachte 2] , [verdachte 1] en [medeverdachte 3] :

11:40:07 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] ) sms

“Hey gm hoe laat je der zijn”

11:50:45 uur [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) sms

“morning, 1 uur”

12:57:11 uur [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 15 seconden

(deze oproep wordt zeer waarschijnlijk doorgeschakeld naar de voice-mail)

mastlocatie [telefoonnummer 4] : [adres 26] Almere

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

12:57:52 uur [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) sms

ben jij eral?”

12:58:45 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] ) sms

“Oh bijna”

12:59:03 uur [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) sms

13:02:10 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 34 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 12] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

13:09:16 uur [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) sms

(inhoud onbekend)

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

13:19:51 uur [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 19 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 12] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

13:21:32 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] ) 23 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 12] , Amsterdam-Zuidoost

13:31:21 uur [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] )  [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] ) 10 seconden

(deze oproep wordt zeer waarschijnlijk doorgeschakeld naar de voice-mail)

mastlocatie [telefoonnummer 4] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost.61

In de periode waarin de werktelefoon met nummer - [telefoonnummer 2] in gebruik is, straalt dit nummer bij elk contact de zendmast aan de [adres 25] te Amsterdam -Zuidoost aan. Telefoonnummer - [telefoonnummer 9] , in gebruik bij [medeverdachte 2] , straalt op 28 mei 2015 tussen 13:31 en 14:23 uur tweemaal de zendmast aan de [adres 25] aan. Telefoonnummer - [telefoonnummer 10] , in gebruik bij [verdachte 1] , heeft die dag tussen 13:34 en 17:23 uur ook meermalen die zendmast aangestraald. Telefoonnummer - [telefoonnummer 11] , in gebruik bij [medeverdachte 1] , straalt die dag tussen 14:39 en 18:28 uur ook tijdens de contacten die worden gemaakt de zendmast aan de [adres 25] te Amsterdam -Zuidoost aan.62 Telefoonnummer - [telefoonnummer 12] , in gebruik bij [medeverdachte 3] , straalt op 28 mei 2015 om 13:53, 16:23 en 16:43 uur de zendmast aan de [adres 25] te Amsterdam -Zuidoost aan.63 Van de rekening waar het bedrag van € 5.101,90 naartoe is overgemaakt (vanaf de rekening van aangever) is die dag om 16:20, 16:21 en 16:25 uur getracht te pinnen in Amersfoort.64

ZD 11

[benadeelde 11] heeft op 10 juni 2015 aangifte gedaan van phishing. Er is zonder zijn toestemming € 2.110,00 van zijn rekening afgeschreven. Op 5 juni 2015 had aangever een e-mailbericht gehad van de Rabobank over de nieuwe Rabo Scanner. Hij heeft de aanwijzingen in het e-mailbericht opgevolgd en ergens op geklikt om de Rabo Scanner aan te vragen. Daarmee kwam hij terecht op een website van de Rabobank. Bijna direct daarna werd hij om 17:24, 17:28 en 17:38 uur gebeld vanaf een ‘privénummer’ en toen hij bij de derde keer opnam, kreeg hij een vrouw aan de lijn die zei dat ze een medewerkster van de Rabobank was. Ze vertelde dat ze had gezien dat hij hun e-mail had geopend en dat er een fout was opgetreden in het computerprogramma. Om die reden zou ze de bestelling van de nieuwe Rabo Scanner telefonisch afhandelen. Ze vroeg aangever zijn bankpas en Random Reader te gebruiken om te signeren, hetgeen hij gedaan heeft. De volgende dag bleek zijn rekening geblokkeerd, omdat er € 2.110,00 was afgeschreven.65

Het telefoongesprek tussen aangever en [telefoonnummer 19] (hierna: - [telefoonnummer 19] ) op 5 juni 2015 om 17:37 uur is getapt. Uit dit gesprek blijkt dat de gebruiker van - [telefoonnummer 19] zich voorstelt als [pseudoniem van verdachte] van de Rabobank en dat de gebelde desgevraagd een inlogcode en meerdere signeercodes opnoemt. Het gesprek heeft bijna een half uur geduurd.66

Het telefoonnummer - [telefoonnummer 19] wordt op 5 juni 2015 gebruikt tussen 13:30 uur en 18:38 uur. Voorafgaand aan het tijdstip waarop de phishinggesprekken beginnen, hebben die dag de volgende contacten plaatsgevonden tussen de telefoonnummers in gebruik bij de verdachten [medeverdachte 2] , [verdachte 1] en [medeverdachte 1] :

10:56:28 uur [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 22 seconden

(deze oproep wordt zeer waarschijnlijk doorgeschakeld naar de voice-mail)

mastlocatie [telefoonnummer 4] : [adres 28] , Muiden

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

12:29:54 uur [telefoonnummer 7] ( [medeverdachte 1] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 12 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 7] : [adres 30] Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost.67

In de periode waarin telefoonnummer - [telefoonnummer 19] wordt gebruikt op 5 juni 2015, straalt dit nummer voortdurend de zendmast aan de [adres 25] te Amsterdam -Zuidoost aan. Telefoonnummer - [telefoonnummer 9] , in gebruik bij [medeverdachte 2] , straalt tussen 11:35 en 22:30 uur meermalen de zendmast aan de [adres 25] te Amsterdam -Zuidoost aan. Telefoonnummer - [telefoonnummer 10] , in gebruik bij [verdachte 1] , straalt tussen 11:52 uur en 18:49 uur overwegend de zendmast aan de [adres 25] aan en tweemaal die aan de [adres 5] te Amsterdam-Zuidoost. Telefoonnummer - [telefoonnummer 11] , in gebruik bij [medeverdachte 1] , heeft tussen 12:45 en 18:35 uur die dag meermalen de zendmast aan de [adres 25] te Amsterdam -Zuidoost aangestraald.68

ZD 12

Op 29 mei 2015 heeft [benadeelde 12] namens [benadeelde 12] Grafische Vormgeving aangifte gedaan van phishing. Op 26 mei 2015 rond 11:30 uur is zij gebeld door een vrouw die zich voorstelde als mevrouw [pseudoniem van verdachte] en vertelde dat zij op het hoofdkantoor van de Rabobank in Utrecht werkte. [pseudoniem van verdachte] vertelde dat de onlangs door [benadeelde 12] ontvangen Rabo Scanner moest worden voorzien van een update. Aangeefster heeft desgevraagd haar bankpas in de Random Reader gedaan, een code ingevoerd en de aangemaakte code doorgegeven aan [pseudoniem van verdachte] . Dat is een keer of twee zo gegaan. Die dag werd aangeefster in de middag door haar schoonvader gebeld, die vertelde dat hij door de Rabobank was gebeld, omdat er een bedrag van de rekening van aangeefster zou zijn afgeschreven, waardoor hun gekoppelde bankrekeningen geblokkeerd waren. Blijkens een overzicht is € 400,00 en € 2.818,00 overgeboekt, waar aangeefster geen toestemming voor heeft gegeven.69 In totaal is er aldus een bedrag van € 3.218,00 onrechtmatig overgeboekt. Daarnaast is geprobeerd nog een aantal overboekingen te verrichten, maar door de door de Rabobank toegepaste blokkade konden deze betaalopdrachten niet worden verricht.

Op 26 mei 2015 zijn twee gesprekken tussen werktelefoonnummer - [telefoonnummer 2] en het telefoonnummer van aangeefster getapt. De twee gesprekken hebben plaatsgevonden om respectievelijk 11:43 uur gedurende ruim een half uur en om 14:18 uur gedurende zes en een halve minuut. In die gesprekken stelt de gebruiker van - [telefoonnummer 2] zich voor als [pseudoniem van verdachte] van de Rabobank en noemt de gebelde desgevraagd hardop achtcijferige codes op, nadat – zo blijkt uit het gesprek – de gebelde desgevraagd met haar bankpas en random reader handelingen heeft verricht.70

Op 26 mei 2015 heeft de verdachte [medeverdachte 2] tevens om 12:47 uur een gesprek gevoerd met de Rabobank, waarbij zij zich voordeed als aangeefster. Halverwege het gesprek is zij in de “wacht” gezet en tijdens deze periode voert zij op de achtergrond een gesprek in het Engels met een man. Van de verdachte [medeverdachte 1] is bekend dat hij Engels spreekt. In de periode vanaf 29 mei 2015 is tijdens observaties waargenomen dat de verdachte [medeverdachte 2] tijdens de phishinggesprekken die zij voerde, veelal tezamen met de verdachte [medeverdachte 1] in de woning aan de [adres 27] te Amsterdam verbleef.71

De avond ervóór, op 25 mei 2015 om 18:12, is op telefoonnummer - [telefoonnummer 9] , in gebruik bij de verdachte [medeverdachte 2] , een sms-bericht ontvangen, afkomstig van telefoonnummer - [telefoonnummer 10] , in gebruik bij de verdachte [verdachte 1] , inhoudende: “Hoelaat zou je er morgen kunnen zijn”.72

Voorafgaand aan het tijdstip waarop de phishinggesprekken beginnen, hebben op 26 mei 2015 de volgende contacten plaatsgevonden tussen de telefoonnummers in gebruik bij de verdachten [medeverdachte 2] , [verdachte 1] en [medeverdachte 1] .

09:31:31 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] ) sms

“Gm 10 ben je er gwn toch”

09:56:45 uur [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) sms

“gm ben onderweg, denk nog een min of 15”

10:04:52 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 7] ( [medeverdachte 1] ) 3 seconden

(deze oproep wordt zeer waarschijnlijk doorgeschakeld naar de voice-mail)

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 7] : onbekend

10:16:10 uur [telefoonnummer 7] ( [medeverdachte 1] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 42 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 7] : [adres 12] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 29] , Amsterdam-Zuidoost

10:39:53 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] ) sms

“Ben boven”

10:40:33 uur [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) sms

“ok”

10:47:29 uur [telefoonnummer 7] ( [medeverdachte 1] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 42 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 7] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost.73

Werktelefoonnummer - [telefoonnummer 2] is op 26 mei 2015 in gebruik geweest tussen 11:19 en 15:09 uur, waarbij uitsluitend de zendmast aan de [adres 25] te Amsterdam -Zuidoost is aangestraald. Telefoonnummer - [telefoonnummer 9] , in gebruik bij [medeverdachte 2] , heeft die dag om 10:39 uur ook de zendmast aan de [adres 25] aangestraald en telefoonnummer - [telefoonnummer 16] , ook in gebruik bij haar, heeft tussen 12:48 en 15:59 uur meermalen de zendmast aan de [adres 16] aangestraald. Telefoonnummers - [telefoonnummer 10] , in gebruik bij [verdachte 1] en - [telefoonnummer 11] , in gebruik bij [medeverdachte 1] , hebben tussen respectievelijk 10:31 en 15:13 uur en 10:47 en 13:33 uur ook meermalen de zendmast aan de [adres 25] te Amsterdam -Zuidoost aangestraald.74

ZD 15

Op 14 juli 2015 heeft [benadeelde 15] aangifte gedaan van phishing. Aangeefster is werkzaam bij [bedrijfsnaam benadeelde 13] en doet samen met een aantal collega’s mee aan de [bedrijfsnaam benadeelde 13] , waarmee geld ingezameld wordt voor kankerpatiënten. Als team heten zij “ [bedrijfsnaam benadeelde 13] ”. Op 29 mei 2015 heeft aangeefster een e-mail van de Rabobank ontvangen met de mededeling dat de Random Reader vervangen zal worden door de Rabo Scanner. Zij heeft toen via de e-mail twee Rabo Scanners aangevraagd. Enkele dagen na de e-mail is aangeefster gebeld door de Rabobank. Ze heeft de naam [pseudoniem van verdachte] opgeschreven, maar weet niet meer of de beller die naam heet genoemd, of dat zij die achteraf van de Rabobank heeft gehoord. De vrouw die haar belde, refereerde aan de e-mail over de Rabo Scanner. Aangeefster moest inloggen, enkele codes invoer op de random reader en enkele codes doorgeven aan [pseudoniem van verdachte] . Op enig moment zei [pseudoniem van verdachte] dat ze later terug zou bellen. Vervolgens is aangeefster door de Rabobank gebeld – dit keer de echte – en werd haar verteld dat iemand bezig was om de bankrekening van “ [bedrijfsnaam benadeelde 13] ” leeg te halen.75 Uit de afgetapte telefoongesprekken tussen aangeefster en [pseudoniem van verdachte] en de systemen van de Rabobank is gebleken dat er diverse signeercodes door aangeefster zijn afgegeven, waarmee overboekingen van € 5.450,85, € 5.310,98, € 12.000 en wederom € 5.310,98 zijn ondertekend.76 Door snel optreden van de Rabobank is voorkomen dat deze bedragen daadwerkelijk zijn overgemaakt.77

De telefoongesprekken met de aangeefster zijn getapt. Uit de uitgewerkte tapgesprekken van 1 juni 2015 om 14:33 en 16:15 uur blijkt dat de gesprekken respectievelijk een kwartier en twaalf minuten hebben geduurd, de belster zich heeft voorgesteld als [pseudoniem van verdachte] van de Rabobank en aangeefster diverse malen achtcijferige codes heeft opgenoemd na desgevraagd handelingen te hebben verricht met haar bankpas en Random Reader.78

Uit de historische verkeersgegevens blijkt dat het nummer op naam van [bedrijfsnaam benadeelde 13] op 1 juni 2015 om 14:33 uur en om 16:15 uur is gebeld door het nummer - [telefoonnummer 2] . Dit is één van de werktelefoons. De werktelefoon met het nummer - [telefoonnummer 2] is die dag gebruikt tussen 14:02 uur en 16:40 uur.

Voorafgaand aan het tijdstip waarop de phishinggesprekken beginnen, hebben die dag en de avond ervoor de volgende contacten plaatsgevonden tussen de telefoonnummers in gebruik bij de verdachten [medeverdachte 2] , [verdachte 1] , [medeverdachte 1] en [medeverdachte 3] :

31 mei 2015

19:32:03 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] ) sms

“Hey goedenavond kan je morgen om 1uur”

19:35:08 uur [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) sms

“ook een goedeavond, ja is goed”

1 juni 2015

13:06:01 uur [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 30 seconden

(deze oproep wordt zeer waarschijnlijk doorgeschakeld naar de voice-mail)

mastlocatie [telefoonnummer 4] : [adres 28] , Muiden

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

13:06:53 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] ) 27 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 12] , Amsterdam-Zuidoost

13:14:48 uur [telefoonnummer 7] ( [medeverdachte 1] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 48 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 7] : [adres 12] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 12] , Amsterdam-Zuidoost

13:23:17 uur [telefoonnummer 7] ( [medeverdachte 1] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 57 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 7] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

13:26:13 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] ) 3 seconden

(deze oproep wordt zeer waarschijnlijk doorgeschakeld naar de voice-mail)

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 9] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 4] : onbekend

13:26:37 uur [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] )  [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 3] ) 9 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 5] : [adres 12] , Amsterdam-Zuidoost

13:26:57 uur [telefoonnummer 4] ( [medeverdachte 2] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 25 seconden

(deze oproep wordt zeer waarschijnlijk doorgeschakeld naar de voice-mail)

mastlocatie [telefoonnummer 4] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 9] , Amsterdam-Zuidoost

13:27:23 uur [telefoonnummer 7] ( [medeverdachte 1] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 4 seconden

(deze oproep wordt zeer waarschijnlijk doorgeschakeld naar de voice-mail)

mastlocatie [telefoonnummer 7] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : onbekend

13:28:28 uur [telefoonnummer 7] ( [medeverdachte 1] )  [telefoonnummer 3] ( [verdachte 1] ) 52 seconden

mastlocatie [telefoonnummer 7] : [adres 25] , Amsterdam-Zuidoost

mastlocatie [telefoonnummer 3] : [adres 8] , Amsterdam-Zuidoost.79

In de periode dat de werktelefoon met nummer - [telefoonnummer 2] in gebruik is op 1 juni 2015, heeft deze bij alle contacten de zendmast aan de [adres 25] te Amsterdam -Zuidoost aangestraald. Telefoonnummer - [telefoonnummer 9] , in gebruik bij [medeverdachte 2] , heeft die dag om 13:26, 13:44 en 17:03 uur de zendmast aan de [adres 25] aangestraald. Telefoonnummer - [telefoonnummer 11] , in gebruik bij [medeverdachte 1] , straalt tussen 13:21 en 16:02 uur meermalen de zendmasten aan de [adres 25] aan.80

Nadere bewijsoverwegingen ten aanzien van het onder 1 tenlastegelegde

De verdediging heeft betoogd dat de zendmastgegevens van de dagen waarop werd gebeld niets zeggen. Het sociale leven van [verdachte 1] speelt zich af in Amsterdam Zuidoost. Naar eigen zeggen tennist hij zeer regelmatig met [medeverdachte 3] , zijn beste vriend, op een tennisveld in de buurt van de zendmast aan de [adres 25] , op enkele tientallen meters van de woning van [medeverdachte 4] . Daarnaast ontkent [verdachte 1] iets geweten te hebben van de phishingactiviteiten van [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] in de woning van [medeverdachte 4] . [verdachte 1] heeft verklaard dat hij tijdens zijn aanwezigheid in de woonkamer met zijn oordopjes in naar muziek zat te luisteren, terwijl hij met zijn (vele) vriendinnetjes aan het whatsappen was. In de visie van de verdediging geeft het dossier voorts geen blijk van een gezamenlijke uitvoering van de oplichting met [verdachte 1] als medepleger. Op grond van het voorgaande moet dus vrijspraak volgen, aldus de verdediging.

De rechtbank is van oordeel dat het door de verdediging geschetste scenario niet aannemelijk is geworden en overweegt daartoe als volgt.

Uit de verklaring van [medeverdachte 2] van 28 september 2015, die de rechtbank betrouwbaar acht, volgt dat [verdachte 1] [medeverdachte 2] heeft gevraagd om phishinggesprekken te gaan voeren, dat hij haar contactpersoon was voor het maken van werkafspraken, dat hij (vermoedelijk) pinners aanstuurde en dat hij samen met [medeverdachte 1] hotels regelde als vervangende locatie voor de phishinggesprekken. De verklaring van [medeverdachte 2] vindt steun in de vele onderlinge sms-berichten81 en de tapgesprekken82 die zij met [verdachte 1] had over de planning. Het eerste sms-contact hierover in het dossier dateert van 3 maart 2015.83 Dat [verdachte 1] zich bezighield met de planning van de phishinggesprekken volgt eveneens uit de afgeluisterde tapgesprekken tussen hem en [medeverdachte 1] over dit onderwerp.84 De tapgesprekken die [verdachte 1] met [medeverdachte 3] voerde85, maken duidelijk dat [verdachte 1] ook betrokken was bij het pinnen van de geldbedragen die met de phishinggesprekken waren overgeboekt. Illustratief hiervoor zijn (onder meer) de volgende twee tapgesprekken van 19 juni 2015.

  • -

    Gesprek van 19 juni 2015 om 13.43 uur. [verdachte 1] vraagt aan [medeverdachte 3] of die anderen Axa hebben. Hij (Frank) ziet geen muur. Of [medeverdachte 3] op internet voor hem kan kijken? [verdachte 1] zegt dan dat ‘hij’ zegt dat het een bedrijf is, je ziet alleen een kantoor. [verdachte 1] vraagt in het Engels: “where's the wall from AXA?” [verdachte 1] zegt: “je moet niet meer zoveel gooien” ( ... ) “want je kan maar 35 pakken of zoiets per dag”. [verdachte 1] spreekt nog over ‘die kaart’ die een weeklimiet heeft, waarop [medeverdachte 3] zegt: “Oh ik kan geen geld meer van pakken.”

  • -

    Gesprek van 19 juni 2015 om 14.39 uur. [medeverdachte 3] zegt tegen [verdachte 1] dat die AXA die spaar is. [verdachte 1] zegt dat dat ze niet kunnen pinnen als ze ‘die’ gaan overmaken. [medeverdachte 3] zegt dat ze nu die mannen laten gaan, maar dan hoeven ze nu niemand meer te sturen voor die dingen. Op de achtergrond op de lijn van [verdachte 1] is de stem van [medeverdachte 2] te horen. [verdachte 1] zegt tegen haar: “34 duizend overmaken”!

De hiervoor bedoelde tapgesprekken van [verdachte 1] met [medeverdachte 2] , [medeverdachte 1] en [medeverdachte 3] zijn weliswaar later in de tenlastegelegde periode gevoerd (vanaf medio juni 2015), maar er is niets in het dossier dat erop wijst dat de betrokkenheid van [verdachte 1] bij de phishing voordien anders was.

Ten slotte bevestigen het tapgesprek van 23 juni 201586 en de politie-observatie op die dag87 de verklaring van [medeverdachte 2] dat [verdachte 1] hotels regelde als nieuwe bellocatie, nadat de woning van [medeverdachte 4] werd verlaten.

Met betrekking tot de bewezenverklaarde zaaksdossiers overweegt de rechtbank voorts nog het volgende. Per zaaksdossier is weergegeven wat de contacten tussen de verdachten onderling waren in de uren voorafgaand aan de ingebruikname van de werktelefoon (start phishingactiviteiten) op de bewuste dag waarop het zaaksdossier betrekking heeft. Hierbij zijn ook telkens de zendmastgegevens weergegeven indien deze bekend waren. Tevens zijn de zendmastgegevens in kaart gebracht van de telefoonnummers van de verdachten omstreeks de uren waarop de phishingactiviteiten op die bewuste dag plaatsvonden. Deze gegevens laten een beeld zien dat de telefoon van verdachte kort voor de start van de phishingwerkzaamheden zich verplaatst richting de plek van waaruit de zendmast aan de [adres 25] wordt aangestraald. Uit de bewijsmiddelen komt naar voren dat de phishingwerkzaamheden plaatsvonden in de woning van [medeverdachte 4] . De woning van [medeverdachte 4] ligt in de directe nabijheid van de zendmast [adres 25] , waardoor het aannemelijk is dat bij gebruik van een telefoon in die woning juist die zendmast wordt aangestraald.

Dit zelfde beeld van verplaatsen richting de zendmast aan de [adres 25] geldt ook voor de telefoonnummers van de medeverdachten, waarbij nog wordt opgemerkt dat voor wat betreft [medeverdachte 3] en verdachte in ieder geval een telefoon van één van hen dan die mast aanstraalt.

Deze bewijsmiddelen ondersteunen de verklaringen van de medeverdachte [medeverdachte 2] .

Al het voorgaande maakt dat de rechtbank de verklaring van [verdachte 1] als ongeloofwaardig terzijde schuift. De inhoud van de hiervoor (ook per zaaksdossier) aangehaalde bewijsmiddelen bevat het wettig en overtuigend bewijs dat [verdachte 1] zich in de tenlastegelegde periode in bewuste en nauwe samenwerking met zijn medeverdachten heeft schuldig gemaakt aan meerdere gevallen van oplichting. Daarmee faalt dus het verweer van de verdediging dat ziet op medeplegen.

Bewijsoverwegingen met betrekking tot het onder 2 tenlastegelegde

Algemeen

Een criminele organisatie als bedoeld in artikel 140 van het Wetboek van Strafrecht is een samenwerkingsverband, met een zekere duurzaamheid en structuur, tussen ten minste twee personen. Niet is vereist dat daarbij komt vast te staan dat men moet hebben samengewerkt met, althans bekend moet zijn geweest met alle andere personen die deel uitmaken van de organisatie of dat de samenstelling van het samenwerkingsverband steeds dezelfde is. Aanwijzingen voor het bestaan van een dergelijk samenwerkingsverband kunnen bijvoorbeeld zijn gemeenschappelijke regels, een bepaalde gezamenlijke werkwijze, het voeren van overleg, gezamenlijke besluitvorming, een taakverdeling en een bepaalde hiërarchie.

De organisatie dient het plegen van misdrijven tot oogmerk te hebben, hetgeen betekent dat het plegen van misdrijven het naaste doel van de organisatie is. Voor het bewijs van het oogmerk kan betekenis toekomen aan het meer duurzame of gestructureerde karakter van de samenwerking, zoals daarvan kan blijken uit de onderlinge verdeling van werkzaamheden of onderlinge afstemming van activiteiten van deelnemers binnen de organisatie met het oog op het bereiken van het gemeenschappelijke doel van de organisatie. Meer in het algemeen, aan de planmatigheid of stelselmatigheid van de met het oog op dit doel verrichte activiteiten van deelnemers binnen de organisatie.

Er is sprake van deelnemen aan een organisatie als bedoeld in artikel 140 van het Wetboek van Strafrecht indien de verdachte behoort tot de organisatie en een aandeel heeft in, dan wel ondersteunt, gedragingen die strekken tot of rechtstreeks verband houden met de verwezenlijking van het in dat artikel bedoelde oogmerk, te weten: het plegen van misdrijven. Hij dient in dat verband in zijn algemeenheid te weten dat de organisatie tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven. Niet is vereist dat de deelnemer enige vorm van opzet heeft gehad op de door de organisatie beoogde concrete misdrijven, aan enig concreet misdrijf heeft deelgenomen of van enig concreet misdrijf wetenschap heeft gehad.

Met betrekking tot deze zaak

Naast de aangiftes in de zaaksdossiers die onder feit 1 ten laste zijn gelegd, is er nog een groot aantal aangiftes gedaan van phishing waarbij de aangevers zijn gebeld door de bij verdachte [medeverdachte 2] in gebruik zijnde werktelefoons.88 Uiteindelijk is uit deze aangiftes een selectie gemaakt van de gevallen waarbij een gesprek heeft plaatsgevonden van een langere duur dan 500 seconden.89 Zaaksdossier 17 bevat een nadere omschrijving van deze gevallen. Het betreft nog eens 70 aangiftes van phishing, waaruit geen ander beeld naar voren komt dan uit de hierboven beschreven bewijsmiddelen.90

De hiervoor aangehaalde bewijsmiddelen die ten grondslag liggen aan het bewezenverklaarde medeplegen van oplichting, alsmede de aangehaalde bewijsmiddelen ten aanzien van zaaksdossier 17, leveren naar het oordeel van de rechtbank reeds het wettig en overtuigend bewijs dat de oplichtingen zijn gepleegd in het kader van een criminele organisatie en dat de verdachte daarin een essentiële rol had.

Alvorens daar nader op in te gaan, zal de rechtbank eerst nog andere bewijsmiddelen aanhalen die haar oordeel in deze ondersteunen, de periode waarin werd deelgenomen aan de criminele organisatie verduidelijken en die bovendien nog niet eerder besproken zijn.

Overige bewijsmiddelen ten aanzien van het onder 2 tenlastegelegde

In de telefoon van [medeverdachte 2] zijn sms-berichten aangetroffen, die dateren van januari 201591 en die zien op het maken van ‘afspraken’. [medeverdachte 2] heeft verklaard dat zij in januari 2015 is gestart met de phishinggesprekken en dat als zij moest werken zij meestal een sms’je kreeg van [verdachte 1] . Ze had ook wel contact daarover met [benadeelde 18] of [medeverdachte 3] .92

Er zijn gedurende het onderzoek diverse telefoons getapt. Dit heeft erin geresulteerd dat er niet alleen phishinggesprekken, maar ook telefoongesprekken tussen de verdachten onderling en van de verdachten met derden zijn uitgeluisterd. Bovendien zijn op verschillende data observaties verricht. Voor zover de resultaten hiervan redengevend zijn voor het bewijs van het door verdachten deelnemen aan een criminele organisatie worden zij hieronder weergegeven.

Tijdens een observatie op 2 juni 2015 is gezien dat [medeverdachte 2] haar auto rond 11:00 uur parkeert op de parkeerplaats tegenover de flat aan de Kruitberg te Amsterdam. Na te hebben aangeklopt, gaat zij [adres 27] binnen. Nog geen kwartier later worden ook verdachten [medeverdachte 1] en [medeverdachte 3] binnengelaten. Iets meer dan een uur later wordt ook [verdachte 1] binnengelaten. Kort daarna verlaten [medeverdachte 3] en [verdachte 1] de [adres 27] , waarna [verdachte 1] in een Mercedes C200 stapt en [medeverdachte 3] in een Renault Clio. [benadeelde 18] Lobles zwaait richting de Renault en wordt na aankloppen binnengelaten bij de [adres 27] . Circa een uur later verlaat hij de [adres 27] en heeft een zwarte laptoptas bij zich, die hij aan een onbekend gebleven man geeft. Kort daarna gaat [benadeelde 18] terug de [adres 27] binnen. Tegen 15:00 uur verlaten verdachten [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] en [benadeelde 18] Lobles de [adres 27] .93 Die dag is omstreeks 13:00 uur een phishinggesprek gevoerd met een van de werktelefoons.94 Lobles heeft ten aanzien van zaaksdossier 6 tweemaal als pinner opgetreden.95

Hieronder volgt een zakelijke weergave van de inhoud van enkele contacten tussen de gebruikers van telefoonnummers - [telefoonnummer 10] (verdachte [verdachte 1] ), - [telefoonnummer 11] (verdachte [medeverdachte 1] ), - [telefoonnummer 12] (verdachte [medeverdachte 3] ) en - [telefoonnummer 9] en - [telefoonnummer 16] (verdachte [medeverdachte 2] ) onderling en enkele contacten van die nummers met derden. Waar dit van toepassing is, worden tevens de observaties die hebben plaatsgevonden weergegeven. Onderstaande beslaat de periode van 21 tot en met 26 juni 2015, een periode waarvan [medeverdachte 2] heeft aangegeven dat zij toen in hotels gingen werken:96

Sessie 1184: Op 21 juni 2015 om 19:54 uur belt [verdachte 1] met [medeverdachte 1] . [verdachte 1] zegt bij [naam 3] ( [naam 2] ) langs te gaan. “Als er morgen dan niets is, hebben we tenminste een huis”, aldus [verdachte 1] . [medeverdachte 1] zegt dat [naam 4] begrijpt waar ze mee bezig zijn. Ze spreken af dat [medeverdachte 1] eerst [naam 4] gaat vragen.

Sessie 1189: Op 21 juni 2015 om 20:04 uur belt [medeverdachte 1] met [verdachte 1] . [medeverdachte 1] heeft met [naam 4] gesproken. [naam 4] weet niet wanneer hij uit zijn huis vertrekt aldus [medeverdachte 1] . Volgens [verdachte 1] moet [medeverdachte 1] tegen [naam 4] zeggen, dat ze het huis voor de hele dag willen.

Sessie 1502: Op 22 juni 2015 om 09:06 uur belt [verdachte 1] met [medeverdachte 1] . [medeverdachte 1] zegt dat [verdachte 1] 1 uur moet zeggen tegen de mevrouw.

Sessie 1534: Op 22 juni 2015 omstreeks 11:40 uur, belt [medeverdachte 2] met [verdachte 1] . [medeverdachte 2] moet bij het Tulip Inn aan de [adres 21] zijn.

Sessie 1583: Op 22 juni 2015 om 12:53 uur belt [medeverdachte 1] met [verdachte 1] . [verdachte 1] zegt bij het Tulip Inn te zijn. [verdachte 1] zegt (naar het nummer gevraagd): “56”.

Sessie 1892: Op 23 juni 2015 om 09:47 uur belt [verdachte 1] met [medeverdachte 1] . Ze weten beiden niet wat het gaat worden. SNS vragen ze zich af. [verdachte 1] zegt dat ze op die van ING moeten wachten.

Sessie 1893: Op 23 juni 2015 om 09:49 uur belt [medeverdachte 1] met [verdachte 1] . [medeverdachte 1] zegt desgevraagd dat ‘hij’ (derde persoon) er één mee heeft genomen. [verdachte 1] zegt hierop ‘haar’ te zullen gaan bellen. Op 23 juni 2015 om 12:48 uur wordt [verdachte 1] gebeld door [medeverdachte 2] . Deze zegt dat als ze nu nog vanaf haar kant moet vertrekken, ze er zeker niet voor 14:00 uur zal zijn. [verdachte 1] zegt dat ze weer een hotel hebben, want ze hebben niets anders.

Sessie 2019: Op 23 juni 2015 om 12:50 belt [verdachte 1] met [medeverdachte 1] . [verdachte 1] zegt dat [naam 1] ( [naam 2] ) is gegaan, hij nu van Schiphol vandaan komt en vraagt of ze ‘gaan werken’. [medeverdachte 1] bevestigt dit. [verdachte 1] zegt dat [naam 1] op Schiphol is en hij ‘ [medeverdachte 2] ’ dan nu laat komen. [medeverdachte 1] zegt dat ‘ze’ alvast in het hotel kan gaan zitten voordat zij komen en dat zij toch niet samen moeten gaan.

Sessie 2041: Op 23 juni 2015 om 12:58 uur sms’t [verdachte 1] de tekst; “Je kan nu komen”

aan het nummer - [telefoonnummer 9] , in gebruik bij [medeverdachte 2] .

Omstreeks 13:27 uur, wordt door leden van het observatieteam gezien, dat [medeverdachte 2] het portiek verlaat waaraan haar woning [adres medeverdachte 2] te Almere is gelegen. Omstreeks 14:12 uur daarop volgend zien de leden van het observatieteam, dat [medeverdachte 2] met haar Kia voorzien van het kenteken [kentekennummer] parkeert op de Kruitberghof te Amsterdam om vervolgens bij snackbar [naam snackbar] te Amsterdam binnen te gaan.

Sessie 2158: Op 23 juni 2015 om 13:58 uur belt [verdachte 1] met [medeverdachte 1] . [verdachte 1] zegt geen geld te hebben om het hotel te betalen. ‘ [medeverdachte 2] ’ is ‘hier’ zegt hij, en heeft ook geen geld. [verdachte 1] is boos. Hij stelt [medeverdachte 1] voor dat hij ( [verdachte 1] ) [medeverdachte 2] € 60 gaat geven zodat ze weer naar huis kan. [medeverdachte 1] is het hier niet mee eens.97

Op 23 juni 2015 is telefoonnummer - [telefoonnummer 10] , in gebruik bij [verdachte 1] , omstreeks 14:53 uur gebeld door - [telefoonnummer 9] , in gebruik bij [medeverdachte 2] . [verdachte 1] vraagt welke parkeerplaats [medeverdachte 2] is en zij zegt op de parkeerplaats waar ze vaker stond. [verdachte 1] vraagt [medeverdachte 2] of ze alvast geld kan komen halen, zodat zij alvast een hotel kan pakken. Op haar vraag hoe lang, antwoordt [verdachte 1] anderhalf tot twee uurtjes. [verdachte 1] zegt dat hij toch die dingen met de jongen moet gaan regelen.98

Sessie 2353: Op 23 juni 2015 om 15:28 uur belt [verdachte 1] met [medeverdachte 1] . Ze spreken af dat [verdachte 1] ‘ [medeverdachte 2] ’ op gaat halen in het Kraai(enest) en daarna halen ze [medeverdachte 1] op in ‘de Poort’.99

Op 23 juni 2015 omstreeks 15.32 uur zien leden van het observatieteam dat [verdachte 1] als passagier (al bellend) instapt in de Kia van [medeverdachte 2] .100

Sessie 2360: Op 23 juni 2015 om 15:42 uur belt [medeverdachte 1] met [verdachte 1] . [verdachte 1] zegt met ‘ [medeverdachte 2] ’ te zijn en hij alleen vanuit huis de laptop moet pakken.

Sessie 2372: Op 23 juni 2015 om 15:51 uur belt [medeverdachte 1] met [verdachte 1] . [verdachte 1] zegt niet helder te kunnen denken (hij is boos) en rijdt nu naar hetzelfde hotel als gisteren. [verdachte 1] zegt dat het Campanille ook goed is. [medeverdachte 1] zegt dat ze hadden gezegd dat ze gingen

veranderen. Hij zegt dat ze twee plaatsen hebben; het Campanille en dinges. [verdachte 1] zegt hierop dat het Campanille wordt.101

Op 23 juni 2015 om 15:54 uur zien leden van het observatieteam dat [medeverdachte 2] parkeert nabij het Campanille hotel, Loosdrechtdreef 3 te Amsterdam. Tevens wordt gezien, dat [verdachte 1] het genoemde hotel naar binnen gaat en aldaar betaalt met twee biljetten van € 50. Hij krijgt kamersleutel 20 overhandigd van een medewerker.102

Sessie 2375: Op 23 juni 2015 om 15:57 uur belt [verdachte 1] met [medeverdachte 1] . [verdachte 1] zegt; “Campanilla kamer 20 beneden”.103

Op 23 juni 2015 omstreeks 15:58 zien leden van het observatieteam dat [verdachte 1] en [medeverdachte 2] hotelkamer 20 van het Campanillehotel binnengaan met een kennelijk gevulde boodschappentas. Om 16:20 uur zien zij ook [medeverdachte 1] dezelfde kamer binnengaan. Tussen 17:59 en 18:11 uur verlaat [verdachte 1] kort de hotelkamer, waarna hij weer terugkeert. Om 19.19 uur zien ze dat [medeverdachte 2] , [verdachte 1] en [medeverdachte 1] de hotelkamer verlaten. [verdachte 1] levert de sleutel van de hotelkamer in bij de receptie. Ze vertrekken gezamenlijk in de KIA.104

Sessie 23: Op 24 juni 2015 om 14:04 uur wordt [medeverdachte 1] gebeld door [verdachte 1] . Desgevraagd zegt [verdachte 1] dat hij ‘de dame’ Shanna genoemd, zo gaat bellen.

Op 24 juni 2015 om 14:12 uur belt [verdachte 1] met [medeverdachte 2] . Deze zegt bijna bij de snackbar te zijn. [verdachte 1] zegt dat ze over 10 minuten ‘bij die huis’ zijn en dat hij [medeverdachte 2] over 10 minuten het adres zal sturen waar ze moet komen.105

Enkele dagen eerder zijn ook gesprekken tussen het nummer - [telefoonnummer 12] , in gebruik bij [medeverdachte 3] , en diverse andere nummers, waaronder die van [verdachte 1] , getapt. Zo wordt [medeverdachte 3] op 19 juni 2015 drie keer gebeld door een onbekend gebleven vrouw, tegen wie hij zegt dat hij er eentje heeft gestuurd en nog twee wachtenden heeft, “maar hij zegt die muurlimiet is 2500. Hij zegt tegen mij die muurlimiet is 2500 en daarna gaat tie zelf naar casino, we zijn dicht bij casino. Gaat tie zelf naar casino leeghalen.” Hij vraagt de vrouw hoe veel ze erop gaat gooien en zij zegt dat hij moet zeggen hoe veel ze erop moet zetten. In het tweede gesprek geeft hij aan dat hij op internet gezocht heeft en per week maximaal 2.500 euro gepind kan worden, swipen, en bij de pinautomaat maximaal 1.000. Qua overmaken kan 3.000. Zonder verhoging kan hij maximaal 3.500 weghalen. Kort na dit gesprek wordt [medeverdachte 3] voor de derde keer gebeld door de vrouw, die hem vraagt of AXA-bank een echte bank is, of een verzekeringsbank. Hij zegt dat hij die muur zoekt, “weet je wat die gat direct snap je”. Twee minuten laten belt [medeverdachte 3] met [verdachte 1] en gaat het gesprek ook over Axa en dat Frank geen muur ziet, waarbij [verdachte 1] in het Engels vraagt “where is the wall from AXA” aan een derde persoon. Daarna zegt hij dat je maar 35 kan pakken per dag. In het tweede gesprek die dag tussen [medeverdachte 3] en [verdachte 1] is bij [verdachte 1] op de achtergrond [medeverdachte 2] te horen die een vraag aan [verdachte 1] stelt. [verdachte 1] antwoordt hierop: “34.000 (..) overmaken.”

Op 22 juni belt [verdachte 1] met [medeverdachte 3] en zegt hem dat ze gaan stoppen. Vervolgens zegt hij: “Veertig, maar die andere konden we niet doen, maar we konden maar vier kaarten overschrijven (..) Hij heeft veel geld in uh dingen gezet, voor betalingen voor in de week snap je?”

Op 23 juni is [medeverdachte 3] door een onbekend gebleven man gebeld, tegen wie hij zegt: “Ja hij moet eerst die 5K muur, gewoon bij die muur, 5 K. Binnen, binnen kan je niet pakken. Laat die eerst die vijf in zijn zak zitten, eerst die vijf, dan kan die die dinges voor jou kopen die … toch en daarna als ze groot gooien dan gaat-ie naar binnen.” Als hij later die dag wederom door dezelfde man gebeld wordt, zegt hij: “Die man heeft al geld opgenomen toch? Luister. Die man heeft geld opgenomen. Weet je wat die klote blanke man gedaan heeft? (..) Die blanke man is bij de Rabobank naar binnen gegaan en heeft toen de helft van het geld opgenomen en toen heeft hij dat geld naar de ING rekening gestuurd. Nu is de man binnen om het restant te nemen. Die man heeft dan de hele hap opgenomen. Wij kunnen op alles werken (..) maar als je met Chano bent dan doe ik het, ik wacht op jou.”106

Op 24 juni 2015 wordt met het nummer dat in gebruik is bij de verdachte [medeverdachte 1] , - [telefoonnummer 11] , gebeld naar een man met een Nigeriaans netnummer die door de gebruiker van het nummer - [telefoonnummer 11] [medeverdachte 1] wordt genoemd. Het gesprek hield, kort en zakelijk weergegeven, in dat de beller eergisteren, gisteren en vandaag met anderen op een andere plek heeft gewerkt; dat hij heeft gehoord dat er een jongen, die hij kent en hetzelfde werk doet, is opgepakt door de politie, terwijl ze bezig waren; dat ook het meisjes dat ze gebruiken, is aangehouden; dat hij bang is geworden, omdat hij al die mensen kent en die jongen doet, wat [medeverdachte 1] ook doet.107

Op 25 juni 2015 wordt met het nummer dat in gebruik is bij de verdachte [medeverdachte 1] , - [telefoonnummer 11] , opnieuw gebeld naar “ [medeverdachte 1] ”. Het gesprek hield het volgende in:

NN44 ( [medeverdachte 1] ): Ik vraag me af of ze dat hebben gevolgd en toen de jongens aangehouden.

NN87: Nee het was per ongeluk. Kijk in Nigeria neemt niemand het woord 419 meer in de mond. Ze gingen rond rijden toen kwamen ze deze jongens. Ze hebben ze gefouilleerd en aangehouden. Zo gaat het. (..) Misschien hebben mensen hen aangegeven.

(..) NN44: Die mensen die opgepakt zijn in andere stad kenden waar wij voorheen gingen. Het was goed dat wij va plek veranderd zijn. Want mensen wisten waar wij waren. Die jongen kende dat huis. Hij was daar geweest om iets met ons te doen. Misschien kan hij gaan praten. Wie weet? Misschien hebben de buren hen aangegeven. Toen kregen ze al deze problemen. (..) Want ik vroeg mij af hoe ze opgespoord waren. Misschien gebruikten ze iets dat wij nu moeten veranderen. Wij gaan nu hotels. Dat lijkt mij goed. (..) Wij wisselen van hotels.108

Op 26 juni 2015 is - [telefoonnummer 10] , in gebruik bij [verdachte 1] , gebeld door - [telefoonnummer 9] , in gebruik bij [medeverdachte 2] . Van hen beide is de stem herkend. [medeverdachte 2] vraagt [verdachte 1] of dat van gisteren allemaal wel goed is gegaan. [verdachte 1] zegt dat die van gister, vanochtend nog niet is gekomen en dat de jongens bezig zijn. Het is pas 12 uur en hij is bezig. Hij zegt dat het wel gekomen is. Die van die groene is gekomen, van die 2200. [verdachte 1] vraagt of hij het ergens voor haar kan achterlaten. [medeverdachte 2] zegt dat ze even langs PC gaat en vraagt [verdachte 1] te laten weten hoe laat hij kan.109 Later zoekt [verdachte 1] haar in de PC Hooftstraat te Amsterdam op.110

Naast hetgeen reeds hierboven is weergegeven, heeft [medeverdachte 2] verklaard dat zij zich beetgenomen voelde omdat zij, na de aanhouding van [medeverdachte 1] , niet door [verdachte 1] daarover is ingelicht. Ze vond dat [verdachte 1] haar een belletje had kunnen geven dat er problemen waren, aangezien je haar zou kunnen zien als deel van de groep.111

Nadere bewijsoverwegingen ten aanzien van het onder 2 tenlastegelegde

De hiervoor aangehaalde bewijsmiddelen leveren naar het oordeel van de rechtbank het wettig en overtuigend bewijs dat de verdachte in de ten laste gelegde periode heeft deelgenomen aan een organisatie die tot oogmerk had het plegen van misdrijven en dat hij daarin een essentiële rol had.

De rechtbank overweegt daartoe nader als volgt.

Uit het dossier en het verhandelde ter terechtzitting is naar voren gekomen dat er door middel van gebruikmaking van een uitgebreid netwerk aan mensen phishing heeft plaatsgevonden. Klanten van de Rabobank kregen een valse e-mail waarin hen werd gevraagd op een link te klikken als zij in aanmerking wilden komen voor een gratis Rabo Scanner, waarna zij enkele gegevens dienden achter te laten (bankrekeningnummer, pasnummer, personalia en telefoonnummer). Deze mensen werden kort daarna benaderd door iemand die zich voordeed als medewerkster van de Rabobank die met hen enkele stappen wilde doorlopen om de aanvraag definitief te maken. Mensen verstrekten nietsvermoedend inloggegevens en codes waarmee betalingen konden worden verricht. Terwijl de mensen nog aan de telefoon zaten met de ‘medewerkster van de Rabobank’, werden er al bedragen van hun rekening overgemaakt naar rekeningen van derden, waarop er vrijwel direct op diverse plekken verspreid over Nederland geld gepind werd van die rekeningen. Daar waar camerabeelden waren van de bewuste pintransacties is veelal vastgesteld dat de ‘pinner’ niet de rekeninghouder was.112 Het beeld is ontstaan dat deze derden, zogenaamde ‘money mules’, tegen betaling hun bankrekening daartoe ter beschikking hebben gesteld. De money mules die uiteindelijk verhoord zijn, vertelden hun bankpas verloren te zijn en konden geen verklaring geven hoe anderen ook over hun pincode konden beschikken. Een enkele money mule heeft (uiteindelijk) verklaard zijn bankpas en pincode in ruil voor een financiële vergoeding aan een derde te hebben gegeven.113

Inherent aan bovengeschetste gang van zaken is een strakke mate van organisatie. Phishing vergt een planmatige aanpak, intensieve samenwerking en duidelijke afstemming tussen de daarbij betrokken personen.

Het onderzoek heeft niet alle radertjes in het netwerk kunnen blootleggen. Zo is onduidelijk gebleven wie het grote brein achter het plan was, ook wie de uiteindelijke leiding over de organisatie had, wie de money mules benaderde, wie het geld na de pintransacties collecteerde en bijvoorbeeld waar het geld is gebleven. Daarentegen is een aantal andere zaken met betrekking tot de rolverdeling tussen de verdachten wel duidelijk geworden.

De verdachten [medeverdachte 2] , [medeverdachte 1] en [verdachte 1] bevonden zich van januari tot en met juni 2015 bijna elke werkdag in de woning van [medeverdachte 4] , waar de gewraakte phishinggesprekken plaatsvonden. [medeverdachte 3] , die ergens in januari 2015 tot en met begin maart naar Suriname is geweest, heeft de woning van [medeverdachte 4] geregeld en was na zijn terugkeer uit Suriname ook veelal aanwezig tijdens de phishinggesprekken. In de tweede helft van juni 2015 werd er overgegaan naar het ‘werken’ vanuit verschillende hotels. De verdachten [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] , [medeverdachte 3] en [verdachte 1] voerden onderling intensief telefonisch overleg over de tijden en plaatsen waar gewerkt zou gaan worden, waarbij te zien is dat [medeverdachte 1] louter met [verdachte 1] contact heeft en op zijn beurt [verdachte 1] met [medeverdachte 3] en [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] en [medeverdachte 2] onderling. [medeverdachte 2] heeft hierover verklaard dat [verdachte 1] en [medeverdachte 3] (en soms [benadeelde 18] ) haar contactpersonen waren met wie zij werkafspraken maakte en dat zij in de woning van [medeverdachte 4] - en later in de hotels - samen met [medeverdachte 1] werkte. [medeverdachte 1] zat daarbij op de laptop en [medeverdachte 2] pleegde de telefoontjes aan de hand van een script dat zij van [medeverdachte 1] had gekregen en zijn instructies ter plekke. Zij kreeg codes van hem die zij aan de mensen moest doorgeven die zij belde en andersom; zij moest de codes die de gebelden haar gaven hardop herhalen. [medeverdachte 3] en/of [verdachte 1] zaten erbij en waren met hun telefoon bezig. Gelet op de tapgesprekken waarin [medeverdachte 3] en [verdachte 1] spreken over geldbedragen, mannen of jongens, banken en de ‘muur’ (kennelijk wordt een geldautomaat bedoeld) acht de rechtbank het aannemelijk dat zij, naast hun rol als contactpersoon voor [medeverdachte 2] , de pinners aanstuurden, mede gelet op het feit dat de geldbedragen vaak nog tijdens het phishinggesprek werden opgenomen door het hele land. Uit de zaaksdossiers komt bovendien naar voren dat er slechts gewerkt werd als er ten minste 3 personen aanwezig waren, waarbij [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] er telkens bij waren en de derde persoon wisselde ( [verdachte 1] , [medeverdachte 3] en/of [benadeelde 18] ). Voor zulk een snel handelen is een goed functionerend netwerk en een mate van organisatie nodig, waarbij een ieder op de hoogte is van zijn eigen taken en verantwoordelijkheden.

Uit de tapgesprekken en de observaties volgt dan ook dat het handelen van de verdachten intensief en planmatig was. Phishing werd door hen als ‘werk’ gezien.

In het door [medeverdachte 1] gevoerde tapgesprek met ‘ [medeverdachte 1] ’ van 25 juni 2015 valt op dat hij een berekenende houding heeft ten aanzien van de mogelijkheid om gepakt te worden; nu er aanhoudingen verricht zijn onder mensen die hetzelfde doen als zij, moet de werkmethode aangepast worden om de pakkans te verkleinen. Uit niets is gebleken dat de verdachten inkomsten uit legaal werk in Nederland hadden. Verdachten [medeverdachte 2] en [medeverdachte 4] ontvingen wel een uitkering.

De rechtbank concludeert dat uit de bewijsmiddelen volgt dat in de bewezenverklaarde periode sprake was van een duurzaam samenwerkingsverband tussen de verdachten, met een duidelijke structuur en een min of meer vaste werkwijze, waarbij bijna dagelijks overleg werd gevoerd en gezamenlijke besluitvorming plaatsvond. Uit de bewijsmiddelen rijst het beeld van een goed geoliede machine die in elk geval al op poten stond in januari 2015. De organisatie draaide tot de aanhouding van de verdachten. Het oogmerk van deze organisatie was onmiskenbaar het plegen van phishing.

De organisatie kende een duidelijke taakverdeling: [medeverdachte 2] voerde de phishinggesprekken met de slachtoffers, [medeverdachte 1] zat ernaast met zijn laptop en logde in op de internetbankieromgeving om de bedragen over te maken en [medeverdachte 3] en [verdachte 1] waren de contactpersonen van [medeverdachte 2] en stuurden pinners (katvangers/money mules) aan door het hele land om zo snel mogelijk het geld op te nemen, alvorens de Rabobank de rekeningen zou bevriezen of de gebelde mensen zelf onraad roken. Uit het onderzoek is niet gebleken dat ook maar één andere persoon dan [medeverdachte 2] phishinggesprekken heeft gevoerd. Ook [medeverdachte 1] had een zeer specifieke rol. Zonder hem kon immers niet gewerkt worden.114 [medeverdachte 4] stelde tegen betaling haar woning ter beschikking, van waaruit gewerkt kon worden, totdat [medeverdachte 1] de hete adem van de politie in zijn nek voelde en er werd overgegaan op het wisselen van hotels van waaruit gewerkt werd.

Opmerking verdient nog dat de weergave van de bewijsmiddelen is beperkt tot een selectie, maar dat uit de overige tapgesprekken, observaties en aangiftes uit die periode geen ander beeld naar voren komt.

Het verweer van de raadsman dat er geen sprake zou zijn van deelneming aan een criminele organisatie, wordt gelet op het voorgaande, verworpen.

Voor zover het verweer van de raadsman is gericht op de periode in juni 2015 gedurende welke er in hotels werd gewerkt, is de rechtbank van oordeel dat de verklaring van verdachte, dat hij de hotelkamer slechts faciliteerde door - nadat hij er zelf gebruik van had gemaakt met een vriendin - [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] daarvan gebruik te laten maken niet wordt ondersteund door het dossier. De bewijsmiddelen zoals hiervoor opgenomen ten aanzien van de gebeurtenissen op 23 juni 2015, waarbij er werd gewerkt vanuit het Campanille hotel, weerspreken deze verklaring.

Slotconclusie

De rechtbank acht daarmee beide ten laste gelegde feiten wettig en overtuigend bewezen.

3.6

De bewezenverklaring

De rechtbank verklaart bewezen dat de verdachte de onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten heeft begaan, in dier voege dat:

Feit 1

hij in de periode van 26 februari 2015 t/m 30 juni 2015 in Amsterdam, (telkens) tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en van een valse hoedanigheid en door een of meer listige kunstgrepen en door een samenweefsel van verdichtsels, onderstaande personen/bedrijven heeft bewogen tot de afgifte van inloggegevens en codes en/of onderstaande geldbedragen, te weten van:

- ZD 1. [benadeelde 1] / [benadeelde 1] [benadeelde 1] [benadeelde 1] (een geldbedrag van 15.953,- euro) en

- ZD 2. [benadeelde 2] / [benadeelde 2] (een geldbedrag van 31.116,- euro) en

- ZD 3. [benadeelde 3] / [benadeelde 3] / [benadeelde 3] (een geldbedrag van 8.453,- euro) en

- ZD 4. [benadeelde 4] / [benadeelde 4] (een geldbedrag van 3.083,- euro) en

- ZD 5. [benadeelde 5] / [benadeelde 5] (een geldbedrag van 40.658,- euro) en

- ZD 6. [benadeelde 6] / [benadeelde 17] [benadeelde 17] (een geldbedrag van 47.121,- euro) en

- ZD 7. [benadeelde 7] / [benadeelde 7] (een geldbedrag van 4.550,- euro) en

- ZD 8. [benadeelde 8] / [benadeelde 8] (een geldbedrag van 21.947,- euro) en

- ZD 9. [benadeelde 9] / [benadeelde 9] (een geldbedrag van 60.599,53 euro) en

- ZD 10. [benadeelde 10] / [benadeelde 10] (een geldbedrag van 5.101,90 euro) en

- ZD 11. [benadeelde 11] (een geldbedrag van 2.110,- euro) en

- ZD 12. [benadeelde 12] / [benadeelde 12] (een geldbedrag van 3.218,- euro) en

- ZD 15. [benadeelde 15] / Stichting You'll Never [bedrijfsnaam benadeelde 13] Alone en

de Rabobank (in alle genoemde zaaksdossiers het totaalbedrag van alle bovenstaande bedragen)

immers hebben verdachte en zijn mededaders toen aldaar (telkens) met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en listiglijk en bedrieglijk en in strijd met de waarheid:

- aan een of meer genoemde personen/bedrijven een e-mail gestuurd als ware deze e-mail afkomstig van de Rabobank en hen daarin verzocht op een link te klikken en (online) gegevens in te vullen en

- genoemde personen/bedrijven gebeld en zich voorgedaan als medewerkster van de Rabobank (al dan niet gebruik makend van de naam [pseudoniem van verdachte] ) en daarbij aangegeven dat ze moesten inloggen om het activatieproces te voltooien en hen handelingen heeft laten verrichten met de Raboreader en de daarbij verkregen inloggegevens en codes door laten geven en

- ( vervolgens) zich ten opzichte van de Rabobank voorgedaan als zijnde de rechthebbende van het internetbankieren account van genoemde personen/bedrijven en met gebruikmaking van voornoemde verkregen inloggegevens en codes door middel van internetbankieren geldbedragen overgeboekt van de bankrekeningen van genoemde personen/bedrijven naar een of meer bankrekeningen van derden,

waardoor deze personen/bedrijven werden bewogen tot bovenomschreven afgiftes;

Feit 2

hij in de periode van 1 januari 2015 t/m 30 juni 2015 te Amsterdam, heeft deelgenomen aan een organisatie, bestaande uit een samenwerkingsverband van natuurlijke personen, te weten o.a. verdachte en [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] , welke organisatie tot oogmerk had het plegen van misdrijven, te weten het plegen van oplichting.

Voor zover in de tenlastelegging type- en taalfouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Blijkens het verhandelde ter terechtzitting is de verdachte daardoor niet in de verdediging geschaad.

4 De strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde is volgens de wet strafbaar, omdat er geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten.

Het bewezenverklaarde levert de volgende strafbare feiten op:

t.a.v. feit 1: medeplegen van oplichting, meermalen gepleegd;

t.a.v. feit 2: het deelnemen aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven.

5 De strafbaarheid van de verdachte

De verdachte is eveneens strafbaar, omdat er geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die zijn strafbaarheid uitsluiten.

6 De strafoplegging

6.1

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van drie (3) jaren met aftrek van het ondergane voorarrest.

6.2

Het standpunt van de verdediging

Door de raadsman van de verdachte is matiging van de op te leggen straf bepleit, op grond van de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, het reclasseringsadvies dat een deels voorwaardelijke straf adviseert en hetgeen in soortgelijke gevallen pleegt te worden opgelegd.

6.3

Het oordeel van de rechtbank

Na te melden straf is in overeenstemming met de ernst van de gepleegde feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en gegrond op de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan tijdens het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.

De rechtbank neemt hierbij in het bijzonder het volgende in aanmerking.

De verdachte heeft zich, samen met zij medeverdachten, schuldig gemaakt aan oplichting van dertien rekeninghouders en de Rabobank gedurende een periode van ruim een half jaar. Daarbij hebben verdachte en zijn medeverdachten de slachtoffers in zaaksdossiers 1 tot en met 12, 15 en 17 bewogen tot afgifte van in totaal bijna € 500.000,00. De schade had ruim een miljoen euro bedragen, als de fraude-afdeling van de Rabobank niet snel had ingegrepen door rekeningen te blokkeren en overboekingen te storneren. De verdachten hebben door middel van deze vorm van oplichting, genaamd phishing, misbruik gemaakt van de onwetendheid en het vertrouwen van veel rekeninghouders en van het systeem dat de Rabobank tot voor kort voor internetbankieren hanteerde, namelijk dat van ondertekening van betalingsopdrachten door middel van de Random Reader. Door het uitsturen van e-mailberichten waarin op een link geklikt moest worden, waarna gegevens ingevuld moesten worden ten behoeve van de aanvraag van de opvolger van de Random Reader, de zogenaamde Rabo Scanner en het vervolgens opbellen van de rekeninghouders aan de hand van die ingevulde gegevens hebben de verdachten zich op slinkse wijze voorgedaan als de bank en rekeninghouders bewogen tot afgifte van inlog- en signeercodes. Door zich vervolgens in de internetbankieren-omgeving voor te doen als de rekeninghouders door gebruik van de signeercodes, hebben de verdachten de Rabobank bewogen tot afgifte van geldbedragen. Met de hulp van money mules/katvangers is vervolgens binnen korte tijd het geld van de rekeningen waarnaar de bedragen zijn overgeboekt, opgenomen of uitgegeven.

Slechts aan het adequate optreden van de Rabobank, die een groot deel van de transacties heeft weten te blokkeren of terugboeken, is te danken dat de werkelijke schade relatief beperkt is gebleven. Niettemin zijn de rekeninghouders en de Rabobank door de phishing ernstig gedupeerd, hetgeen blijkt uit hun aangiftes en de vorderingen die zij hebben ingediend. Bovendien is het vertrouwen dat rekeninghouders in het financiële verkeer en de daarmee gepaard gaande systemen moeten kunnen stellen, geschaad. In deze zaak ging het bovendien regelmatig om enkele (tien)duizenden euro’s per rekeninghouder die afhandig zijn gemaakt en om midden- en kleinbedrijven en particulieren, waarbij doorgaans niet alleen de betaalrekening, maar ook de spaarrekening werd geplunderd. Zelfs de bankrekening van een organisatie die geld inzamelt en doneert voor kankerpatiënten was voor de verdachten niet veilig (zaaksdossier 15).

Door zich over een langere periode, intensief en gezamenlijk bezig te houden met bedrijfsmatige phishing, hebben de verdachten zich tevens schuldig gemaakt aan deelneming aan een criminele organisatie, welke vorm van criminaliteit een sterk maatschappij-ontwrichtende werking heeft.

De rol van de verdachte was binnen die organisatie die van contactpersoon voor de medeverdachte [medeverdachte 2] en het aansturen van pinners/regelen van de geldstromen. Voor het laten slagen van de phishing, alvorens de Rabobank de rekeningen zou bevriezen, is deze rol cruciaal geweest.

De rechtbank rekent de verdachte deze feiten aan.

De verdachte heeft louter gehandeld uit winstbejag en zich niets aangetrokken van het lot van de slachtoffers. Ook is de verdachte niet op enig moment uit eigen beweging gestopt met de oplichting door middel van phishing, maar wekt het dossier juist de indruk dat de verdachte en zijn mededaders voortdurend bezig waren hun modus operandi te professionaliseren (zoals het verkleinen van de pakkans door weg te gaan uit de woning van [medeverdachte 4] en hotels te gebruiken) en door hun activiteiten uit te breiden naar het buitenland, namelijk België. De rechtbank rekent een en ander de verdachte in hoge mate aan, temeer omdat hij blijkens zijn verklaring tegenover de politie en ter terechtzitting geen enkele verantwoordelijkheid neemt voor zijn handelen, noch het laakbare daarvan inziet.

Phishing is een relatief nieuwe vorm van vermogenscriminaliteit die zeer lucratief is en in korte tijd veel schade kan berokkenen. Dergelijke vormen van internetcriminaliteit dienen, gelet hierop en de professionaliteit die ermee gepaard gaat, niet lichtvaardig te worden opgevat.

De rechtbank heeft voorts aansluiting gezocht bij hetgeen in soortgelijke fraude- en oplichtingszaken als straf pleegt te worden opgelegd. Zij is van oordeel dat een forse onvoorwaardelijke vrijheidsbenemende straf noodzakelijk is, omdat de hiervoor beschreven aard en ernst van het bewezenverklaarde, alsmede de aanzienlijke hoogte van het benadelingsbedrag, door een lichtere strafrechtelijke afdoening van de zaak zouden worden miskend. De normbevestigende werking van de op te leggen straf staat hier voorop.

De rechtbank heeft daarnaast acht geslagen op een verdachte betreffend uittreksel justitiële documentatie, waaruit volgt dat hij niet eerder is veroordeeld voor (vermogens)feiten als de onderhavige.

De rechtbank heeft voorts kennis genomen van het reclasseringsadvies d.d. 16 februari 2016 dat over de verdachte is opgesteld. Hierin wordt geadviseerd de verdachte een (gedeeltelijk) voorwaardelijke straf op te leggen, met als bijzondere voorwaarden een meldplicht, een contactverbod ten aanzien van de medeverdachten en een locatiegebod met elektronische controle.

Alles afwegende is de rechtbank van oordeel dat de ernst van de bewezenverklaarde feiten de doorslag geeft en dat een geheel onvoorwaardelijke gevangenisstraf van na te noemen duur moet worden opgelegd. Voor de door de reclassering geadviseerde bijzondere voorwaarden is dus geen plaats.

De rechtbank constateert dat de voorlopige hechtenis van de verdachte met ingang van 10 februari 2016 is geschorst. Gelet op de duur van de op te leggen gevangenisstraf overweegt de rechtbank, ambtshalve, dat de persoonlijke omstandigheden van de verdachte van onvoldoende gewicht zijn om een verlenging van de schorsing van de voorlopige hechtenis te kunnen dragen. De rechtbank beveelt derhalve dat de schorsing van de voorlopige hechtenis van verdachte met ingang van heden wordt opgeheven en dat het bevel tot voorlopige hechtenis verder ten uitvoer wordt gelegd.

7 De vordering van de benadeelde partijen schadevergoedingsmaatregel

Als benadeelde partijen hebben zich ten aanzien van het tenlastegelegde gevoegd:

- [benadeelde 4] , ter zake van een vordering tot schadevergoeding, groot € 3.083,50;

- [benadeelde 18] , ter zake van een vordering tot schadevergoeding, groot € 180,50;

- [benadeelde 2] , ter zake van een vordering tot schadevergoeding, groot € 25.838,18;

- [benadeelde 17] / [benadeelde 17] Business Development, ter zake van een vordering tot schadevergoeding, groot € 2.210,00;

- Rabobank, ter zake van een vordering tot schadevergoeding, groot € 468.644,58, te vermeerderen met de wettelijke rente.

Alle vorderingen bestaan uit materiële schade.

7.1

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van de benadeelde partij [benadeelde 4] in zijn vordering en tot hoofdelijke toewijzing van de vorderingen van de volgende benadeelde partijen:

- [benadeelde 18] , voor het gehele gevorderde bedrag van € 180,50;

- [benadeelde 2] , tot een bedrag van € 180,50, met niet-ontvankelijkverklaring voor het overige;

- [benadeelde 17] / [benadeelde 17] Business Development, voor het gehele gevorderde bedrag van

€ 2.210,-;

- Rabobank, tot een bedrag van € 468.283,58, te vermeerderen met de wettelijke rente, met niet-ontvankelijkverklaring voor het overige.

7.2

Het standpunt van de verdediging

Door de raadsman van de verdachte is niet-ontvankelijkverklaring dan wel afwijzing van de vorderingen benadeelde partij bepleit, nu de verdachte naar mening van de verdediging integraal vrijgesproken dient te worden van het tenlastegelegde en de geleden schade niet rechtstreeks voortvloeit uit het tenlastegelegde en bewezenverklaarde. Daarnaast is aangevoerd dat de vorderingen benadeelde partij niet-ontvankelijk zijn vanwege de onevenredige belasting van het strafproces.

7.3

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank zal de benadeelde partij [benadeelde 4] niet-ontvankelijk verklaren in zijn vordering tot schadevergoeding, aangezien blijkens het ter terechtzitting van 23 juni 2016 overgelegde aanvullend proces-verbaal zijn schade reeds geheel vergoed is door de Rabobank.

De rechtbank zal de benadeelde partij [benadeelde 18] niet-ontvankelijk verklaren in haar vordering tot schadevergoeding, aangezien de verdachte ten aanzien van het ten laste gelegde feit waarop de vordering betrekking heeft, partieel zal worden vrijgesproken.

De overige vorderingen van de benadeelde partijen zijn voldoende onderbouwd door de benadeelde partijen. Uit het onderzoek ter terechtzitting is vast komen te staan dat de benadeelde partijen rechtstreeks schade hebben geleden als gevolg van het onder 1 ten laste gelegde en bewezen verklaarde feit. Dit heeft ook te gelden voor de door de Rabobank geleden schade, nu deze schade in een dusdanig nauw verband staat met de door de verdachte en zijn medeverdachten gepleegde strafbare feiten, dat naar het oordeel van de rechtbank gesproken kan worden van rechtstreekse schade (vgl. Hoge Raad 12 februari 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD6993; rechtbank Gelderland 24 december 2013, ECLI:NL:RBGEL:2013:5976; rechtbank Amsterdam 21 juli 2015, ECLI:NL:RBAMS:2015:4736 en rechtbank Rotterdam 20 mei 2015, ECLI:NL:RBROT:2015:3488).

In dat verband overweegt de rechtbank dat naar haar oordeel ook de door de Rabobank geleden schade in de overige zaaksdossiers voor toewijzing in aanmerking komt als gevolg van bewezenverklaring van het onder 2 tenlastegelegde feit, te weten de deelname aan een criminele organisatie met het oogmerk het plegen van oplichting door middel van phishing.

Ook het door [benadeelde 17] / [benadeelde 17] Business Development geleden verlies van verdienvermogen acht de rechtbank tegenover de betwisting door de verdediging voldoende aannemelijk geworden als rechtstreekse schade ten gevolge van feit 1.

De rechtbank is van oordeel dat de verdachte zodanig heeft bijgedragen aan de door de groep gepleegde oplichting door middel van phishing en deelname aan een criminele organisatie met het oogmerk het plegen van oplichting, dat hij naar burgerlijk recht mede aansprakelijk is voor de schade die door feit 1 en feit 2 aan de na te noemen benadeelde partijen is toegebracht. Op grond van artikel 6:166 Burgerlijk Wetboek zijn verdachte en zijn mededaders daarom hoofdelijk aansprakelijk voor die schade.

De door de officier van justitie aanhangig gemaakte ontnemingsprocedure vormt geen beletsel om de vorderingen van de benadeelde partijen (hoofdelijk) toe te wijzen, nu te zijner tijd bij de bepaling van het wederrechtelijk verkregen voordeel van iedere verdachte rekening kan worden gehouden met de reeds aan benadeelden betaalde vergoedingen en de mate waarin de verdachten hieraan onderling hebben bijgedragen.

Het gegeven dat de vorderingen van de benadeelde partijen hoofdelijk worden toegewezen, terwijl het aandeel van de verdachten aan de feiten niet gelijkwaardig is, hetgeen van invloed is op het regresrecht van de verdachten onderling, is een omstandigheid die niet in de weg staat aan hoofdelijke toewijzing van de vordering. In zoverre is er geen sprake van een onevenredige belasting van het strafproces.

De rechtbank zal derhalve de vorderingen als volgt hoofdelijk toewijzen:

- [benadeelde 2] , tot een bedrag van € 180,50;

- [benadeelde 17] / [benadeelde 17] Business Development, voor het gehele gevorderde bedrag van € 2.210,00;

- Rabobank, tot een bedrag van € 468.283,58, te vermeerderen met de wettelijke rente met ingang van 23 februari 2016 (datum ondertekening vordering).

De rechtbank zal de benadeelde partijen [benadeelde 2] en Rabobank voor het overige deel van hun vordering niet-ontvankelijk verklaren.

Daarbij zal de rechtbank bepalen dat, indien een medeverdachte dit bedrag geheel of gedeeltelijk heeft betaald, verdachte in zoverre zal zijn bevrijd.

Dit brengt mee dat de verdachte dient te worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partijen tot aan deze uitspraak in verband met hun vorderingen hebben gemaakt, welke kosten de rechtbank tot op heden begroot op nihil, en de kosten die de benadeelde partijen ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog moeten maken.

Schadevergoedingsmaatregelen

De verdachte is naar burgerlijk recht aansprakelijk voor de schade die door het strafbare feit is toegebracht. Om die reden kan aan de verdachte in beginsel de schadevergoedingsmaatregel worden opgelegd, als bedoeld in artikel 36f Wetboek van Strafrecht. De rechtbank overweegt hierover nader als volgt.

Een gebrek aan draagkracht kan onder omstandigheden voor de rechter reden zijn ervan af te zien de schadevergoedingsmaatregel op te leggen. Daarvan kan echter slechts in uitzonderlijke gevallen sprake zijn. Daarbij kan in het bijzonder worden gedacht aan gevallen waarin op voorhand vast staat dat het opleggen van een schadevergoedingsmaatregel slechts zal leiden tot het in de toekomst tenuitvoerleggen van vervangende hechtenis (Hoge Raad 16 september 2009, ECLI:NL:HR:2009:BI1812)

Naar het oordeel van de rechtbank is niet gebleken dat de verdachte nu dan wel in de toekomst nimmer de draagkracht zal hebben om de schadevergoedingsmaatregelen of de toegewezen vorderingen van de benadeelde partijen [benadeelde 2] en [benadeelde 17] / [benadeelde 17] Business Development te voldoen. Daarmee staat niet reeds nu al vast dat oplegging van de schadevergoedingsmaatregel ertoe zal leiden dat de verdachte in verband met zijn draagkracht de vervangende hechtenis zal dienen te ondergaan.

De rechtbank zal daarom de schadevergoedingsmaatregel met betrekking tot de vorderingen van voornoemde benadeelde partijen opleggen.

Anders is dit ten aanzien van de schadevergoedingsmaatregel met betrekking tot de vordering van de Rabobank. Die vordering is zodanig hoog, dat, mede gelet op de ter terechtzitting gebleken beperkte draagkracht van de verdachte, reeds op voorhand vaststaat dat in de toekomst de vervangende hechtenis zal worden toegepast, hetgeen op gespannen voet staat met het niet-punitieve karakter van de schadevergoedingsmaatregel. De rechtbank zal daarom ten aanzien van de vordering van de Rabobank geen schadevergoedingsmaatregel opleggen.

8 De toepasselijke wetsartikelen

De op te leggen straf en maatregel zijn gegrond op de artikelen:

- 36f, 47, 57, 140 en 326 van het Wetboek van Strafrecht.

Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij golden ten tijde van het bewezenverklaarde.

9 De beslissing

De rechtbank:

verklaart wettig en overtuigend bewezen, dat de verdachte de onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten heeft begaan en dat het bewezenverklaarde uitmaakt:

t.a.v. feit 1: medeplegen van oplichting, meermalen gepleegd;

t.a.v. feit 2: het deelnemen aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven;

verklaart het bewezen verklaarde en de verdachte deswege strafbaar;

verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;

veroordeelt de verdachte tot:

een gevangenisstraf voor de duur van DERTIG (30) MAANDEN;

bepaalt dat de tijd door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de hem opgelegde gevangenisstraf geheel in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht;

bepaalt dat de benadeelde partijen [benadeelde 4] en [benadeelde 18] niet-ontvankelijk zijn in de vordering tot schadevergoeding;

wijst de vorderingen tot schadevergoeding van de benadeelde partijen [benadeelde 2] , [benadeelde 17] / [benadeelde 17] Business Development en Rabobank hoofdelijk toe tot hierna te noemen bedragen en veroordeelt verdachte om tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan:

[benadeelde 2] , een bedrag van € 180,50,

[benadeelde 17] / [benadeelde 17] Business Development, een bedrag van € 2.210,00,

Rabobank, een bedrag van € 468.283,58, vermeerderd met de gevorderde wettelijke rente daarover vanaf 23 februari 2016 tot aan de dag waarop deze vordering is voldaan;

bepaalt dat de benadeelde partijen [benadeelde 2] en Rabobank voor het overige niet-ontvankelijk zijn in de vorderingen tot schadevergoeding;

veroordeelt de verdachte tevens in de proceskosten door de benadeelde partijen gemaakt, tot op heden begroot op nihil, en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken;

legt aan verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat van:

een bedrag groot € 180,50 ten behoeve van het slachtoffer genaamd [benadeelde 2] ,

een bedrag groot € 2.210,00 ten behoeve van het slachtoffer genaamd [benadeelde 17] / [benadeelde 17] Business Development;

bepaalt dat in geval noch volledige betaling noch volledig verhaal van het verschuldigde bedrag volgt - onder handhaving van voormelde verplichting - vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van:

drie (3) dagen ten aanzien van de toegewezen vordering van [benadeelde 2] en

tweeëndertig (32) dagen ten aanzien van de toegewezen vordering van [benadeelde 17] / [benadeelde 17] Business Development;

bepaalt dat de verdachte bij gehele of gedeeltelijke betaling door zijn mededaders aan de benadeelde partij, dan wel bij gehele of gedeeltelijke voldoening van de, aan de mededaders opgelegde, verplichting tot betaling aan de Staat, zal zijn bevrijd tot de hoogte van het betaalde bedrag;

heft op de schorsing van de voorlopige hechtenis van de verdachte met ingang van heden.

Dit vonnis is gewezen door:

mr. G.J. Schiffers-Hanssen, voorzitter,

mr. M.L. Harmsen, rechter,

mr. A.M.A. Keulen, rechter,

in tegenwoordigheid van mr. A.M.A. Beckers, griffier,

en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank van 15 juli 2016.

1 Wanneer hierna wordt verwezen naar een proces-verbaal, wordt - tenzij anders vermeld - bedoeld een ambtsedig proces-verbaal, opgemaakt in de wettelijke vorm door (een) daartoe bevoegde opsporingsambtena(a)r(en). Waar wordt verwezen naar dossierpagina’s, betreft dit de pagina’s van het proces-verbaal met het nummer PL1500 2015005891, van de politie eenheid Den Haag, dienst regionale recherche, met bijlagen. Nu de zaaksdossiers, het algemeen dossier en overige dossiers van dit proces-verbaal allen apart genummerd zijn, zal bij de paginaverwijzing ook telkens vermeld worden welk dossier het betreft.

2 AH-488, een schriftelijk bescheid, bestaande uit een aangifte d.d. 9 oktober 2015, algemeen dossier (AD) p. 1082, 1084, 1086 t/m 1089.

3 AH-456, proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte 2] van 28 september 2015 (met fotobijlagen), verdachtendossier [medeverdachte 2] , p. 48 t/m 51, alsmede AH-536, proces-verbaal van bevindingen van 13 november 2015 (met een woordelijk uitgewerkt verhoor van [medeverdachte 2] van 28 september 2015 als bijlage), verdachtendossier [medeverdachte 2] , p. 60 t/m 115.

4 AH-553, proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte 3] d.d. 24 februari 2016, AD p. 1212 t/m 1220.

5 Proces-verbaal van relaas d.d. 2 september 2015, AD p. 9 onderaan en 10 bovenaan.

6 Proces-verbaal van relaas d.d. 2 september 2015, AD p. 14 bovenaan.

7 AH-288, proces-verbaal van bevindingen d.d. 29 juli 2015, AD p. 733 t/m 742.

8 AH-111, proces-verbaal van aangifte d.d. 26 mei 2015 inclusief bijlagen, ZD 1 p. 23, 24, 26 t/m 28.

9 AH-152, een schriftelijk bescheid, bestaande uit een tapgesprek van 21 mei 2015 om 15:52:57 met sessienummer 332, ZD 1 p. 51 t/m 53.

10 AH-481, proces-verbaal van bevindingen d.d. 14 oktober 2015, ZD 1 p. 195 en 196.

11 AH-424, proces-verbaal van bevindingen d.d. 1 september 2015, ZD 1 p. 176 en 177.

12 AH-516, proces-verbaal van bevindingen d.d. 19 oktober 2015, ZD 1 p. 201 en 202.

13 AH-109, proces-verbaal van aangifte d.d. 31 maart 2015, ZD 2 p. 92; Relaas PV, ZD p. 3.

14 AH-121, proces-verbaal van bevindingen d.d. 23 juni 2015, ZD 2 p. 100 en 101.

15 AH-398, proces-verbaal van bevindingen d.d. 13 augustus 2015 inclusief bijlage, ZD 2 p. 222.

16 AH-484, proces-verbaal van bevindingen d.d. 14 oktober 2015, ZD 2 p. 301 en 302 en AH-398, proces-verbaal van bevindingen d.d. 13 augustus 2015 inclusief bijlage, ZD 2 p. 222.

17 AH-399, proces-verbaal van bevindingen d.d. 27 augustus 2015, ZD 2 p. 234 en 235.

18 AH-501, proces-verbaal van bevindingen d.d. 19 oktober 2015, ZD 2 p. 306.

19 AH-468, proces-verbaal van aangifte d.d. 14 april 2015, ZD 3 p. 199 t/m 202.

20 AH-398, proces-verbaal van bevindingen d.d. 13 augustus 2015 inclusief bijlage, ZD 3 p. 112.

21 AH-486, proces-verbaal van bevindingen d.d. 14 oktober 2015, ZD 3 p. 204 en 205.

22 AH-406, proces-verbaal van bevindingen d.d. 27 augustus 2015, ZD 3 p. 122 t/m 124.

23 AH-502, proces-verbaal van bevindingen d.d. 19 oktober 2015, ZD 3 p. 207 en 208.

24 AH-246, proces-verbaal van aangifte d.d. 7 april 2015, ZD 4 p. 77 en 78.

25 AH-398, proces-verbaal van bevindingen d.d. 13 augustus 2015 inclusief bijlage, ZD 4 p. 155 onderaan.

26 AH-398, proces-verbaal van bevindingen d.d. 13 augustus 2015 inclusief bijlage, ZD 4 p. 156 bovenaan.

27 AH-498, proces-verbaal van bevindingen d.d. 14 oktober 2015, ZD 4 p. 186 en 187.

28 AH-403, proces-verbaal van bevindingen d.d. 27 augustus 2015, ZD 4 p. 166 t/m 168.

29 AH-513, proces-verbaal van bevindingen d.d. 19 oktober 2015, ZD 4 p. 189 en 190.

30 AH-298, proces-verbaal van aangifte d.d. 16 mei 2015, ZD 5 p. 57 en 58.

31 AH-238, proces-verbaal van bevindingen d.d. 15 juli 2015, ZD 5 p. 34 en 35.

32 AH-485, proces-verbaal van bevindingen d.d. 14 oktober 2015, ZD 5 p. 210 en 211.

33 AH-405, proces-verbaal van bevindingen d.d. 27 augustus 2015, ZD 5 p. 162.

34 AH-154, proces-verbaal van aangifte d.d. 20 mei 2015, ZD 6 p. 71 en 72.

35 AH-155, proces-verbaal van verhoor getuige [benadeelde 6] d.d. 30 mei 2015 inclusief bijlage, ZD 6 p. 77 t/m 80.

36 AH-114, een schriftelijk bescheid, bestaande uit een tapgesprek van 19 mei 2015 om 12:04:15 met sessienummer 85, ZD 6 p. 59 t/m 62.

37 AH-497, proces-verbaal van bevindingen d.d. 14 oktober 2015, ZD 6 p. 337 en 338 en AH-398, proces-verbaal van bevindingen d.d. 13 augustus 2015 inclusief bijlage, ZD 6 p. 217.

38 AH-423, proces-verbaal van bevindingen d.d. 1 september 2015, ZD 6 p. 233 t/m 235.

39 AH-512, proces-verbaal van bevindingen d.d. 19 oktober 2015, ZD 6 p. 341 en 342.

40 AH-260, proces-verbaal van aangifte d.d. 5 juni 2015 inclusief bijlagen, ZD 7 p. 21 t/m 26.

41 AH-279, een schriftelijk bescheid, bestaande uit een tapgesprek van 3 juni 2015 om 15:05:16 met sessienummer 748, ZD 7 p. 36 t/m 40.

42 AH-496, proces-verbaal van bevindingen d.d. 14 oktober 2015, ZD 7 p. 134 t/m 136 en AH-398, proces-verbaal van bevindingen d.d. 13 augustus 2015 inclusief bijlage, ZD 7 p. 112 onderaan en 113 bovenaan.

43 AH-398, proces-verbaal van bevindingen d.d. 13 augustus 2015 inclusief bijlage, ZD 7 p. 113 bovenaan.

44 AH-429, proces-verbaal van bevindingen d.d. 2 september 2015, ZD 7 p. 118 t/m 121.

45 AH-316, proces-verbaal van aangifte d.d. 7 april 2015, ZD 8 p. 88 en 89.

46 AH-254, proces-verbaal van bevindingen d.d. 21 juli 2015, ZD 8 p. 62 en 63.

47 AH-398, proces-verbaal van bevindingen d.d. 13 augustus 2015 inclusief bijlage, ZD 8 p. 192 onderaan.

48 AH-398, proces-verbaal van bevindingen d.d. 13 augustus 2015 inclusief bijlage, ZD 8 p. 193 bovenaan.

49 AH-480, proces-verbaal van bevindingen d.d. 14 oktober 2015, ZD 8 p. 246 en 247.

50 AH-404, proces-verbaal van bevindingen d.d. 27 augustus 2015, ZD 8 p. 203 t/m 205.

51 AH-514, proces-verbaal van bevindingen d.d. 19 oktober 2015, ZD 8 p. 249 en 250.

52 AH-074, proces-verbaal van aangifte d.d. 25 maart 2015 inclusief bijlagen, ZD 9 p. 209 t/m 218.

53 AH-039, proces-verbaal van bevindingen d.d. 10 april 2015, ZD 9, p. 78 en 79.

54 AH-392, proces-verbaal van bevindingen d.d. 25 augustus 2015, ZD 9 p. 356 en 357.

55 AH-052, proces-verbaal van bevindingen d.d. 15 april 2015, ZD 9, p. 113.

56 AH-495, proces-verbaal van bevindingen d.d. 14 oktober 2015, ZD 9 p. 532 en 533 en AH-398, proces-verbaal van bevindingen d.d. 13 augustus 2015 inclusief bijlage, ZD 9 p. 410 bovenaan.

57 AH-400, proces-verbaal van bevindingen d.d. 27 augustus 2015, ZD 9 p. 423 en 424.

58 AH-504, proces-verbaal van bevindingen d.d. 20 oktober 2015, ZD 9 p. 536 onderaan.

59 AH-257, proces-verbaal van aangifte d.d. 11 juni 2015, ZD 10 p. 9 en 10 en AH-280, proces-verbaal van bevindingen d.d. 28 juli 2015, ZD 10 p. 16.

60 AH-282, een schriftelijk bescheid, bestaande uit een tapgesprek van 28 mei 2015 om 16:07:15 uur met sessienummer 536, ZD 10 p. 24 t/m 27.

61 AH-494, proces-verbaal van bevindingen d.d. 14 oktober 2015, ZD 10 p. 140 en AH-398, proces-verbaal van bevindingen d.d. 13 augustus 2015 inclusief bijlage, ZD 10, p. 93.

62 AH-422, proces-verbaal van bevindingen d.d. 1 september 2015, ZD 10 p. 100.

63 AH-509, proces-verbaal van bevindingen d.d. 19 oktober 2015, ZD 10 p. 143.

64 AH-281, proces-verbaal van bevindingen d.d. 28 juli 2015, ZD 10 p. 20.

65 AH-245, proces-verbaal van aangifte d.d. 10 juni 2015, ZD 11 p. 13, 14, 16, 17 en 22.

66 AH-325, een schriftelijk bescheid, bestaande uit een tapgesprek van 5 juni 2015 om 17:37:09 met sessienummer 916, ZD 11 p. 44 t/m 50.

67 AH-493, proces-verbaal van bevindingen d.d. 14 oktober 2015, ZD 11 p. 186.

68 AH-430, proces-verbaal van bevindingen d.d. 2 september 2015, ZD 11 p. 154.

69 AH-243, proces-verbaal van aangifte d.d. 29 mei 2015, ZD 12 p. 12 en 13 en AH-275, proces-verbaal van bevindingen d.d. 27 juli 2015, ZD 12 p. 20 en 21.

70 AH-385, een schriftelijk bescheid, bestaande uit een tapgesprek van 26 mei 2015 om 11:43:04 met sessienummer 409, ZD 12 p. 44 t/m 51 en AH-390, een schriftelijk bescheid, bestaande uit een tapgesprek van 26 mei 2015 om 14:18:50 met sessienummer 414, ZD 12 p. 73 t/m 75.

71 AH-375, proces-verbaal van bevindingen d.d. 17 augustus 2015, ZD 12 p. 34 en 35, en AH-386, een schriftelijk bescheid, bestaande uit een tapgesprek van 26 mei 2015 om 12:47:50 met sessienummer 410, ZD 12 p. 53 t/m 56.

72 AH-398, proces-verbaal van bevindingen d.d. 13 augustus 2015 inclusief bijlage, ZD 12 p. 133.

73 AH-492, proces-verbaal van bevindingen d.d. 14 oktober 2015, ZD 12 p. 149.

74 AH-428, proces-verbaal van bevindingen d.d. 2 september 2015, ZD 12 p. 140 t/m 142.

75 AH-239, proces-verbaal van aangifte d.d. 14 juli 2015, ZD 15 p. 9 en 10.

76 AH-274, proces-verbaal van bevindingen d.d. 27 juli 2015, ZD 15 p. 14 t/m 16.

77 AH-239, proces-verbaal van aangifte d.d. 14 juli 2015, ZD 15 p. 10 onderaan.

78 AH-274, proces-verbaal van bevindingen d.d. 27 juli 2015 inclusief bijlagen, ZD 15 p. 17 t/m 21.

79 AH-489, proces-verbaal van bevindingen d.d. 14 oktober 2015, ZD 15 p. 140 en AH-398, proces-verbaal van bevindingen d.d. 13 augustus 2015 inclusief bijlage, ZD 15 p. 125.

80 AH-431, proces-verbaal van bevindingen d.d. 2 september 2015, ZD 15 p. 132.

81 Zie hiervoor de bij de bespreking van de zaaksdossiers bedoelde sms-berichten.

82 AH-206, proces-verbaal van bevindingen d.d. 7 juli 2015 inclusief bijlagen, AD p. 590 t/m 594.

83 Sms van [verdachte 1] aan [medeverdachte 2] van 3 maart 2015 om 11:15 uur (“Probeer wat eerder we hebbe grr jobs voor spoed ook”), AD p. 834.

84 AH-253, proces-verbaal van bevindingen d.d. 20 juli 2015 inclusief bijlagen, AD p. 884 t/m 887.

85 AH-479, proces-verbaal van bevindingen d.d. 30 september 2015, AD p. 1056 t/m 1067.

86 AH-160, een schriftelijk bescheid, zijnde een tapgesprek van 23 juni 2015 om 12:48:23 uur met sessienummer 1, AD p. 491.

87 AH-226, proces-verbaal van observeren 23 juni 2015 d.d. 1 juli 2015, AD p. 680 t/m 683.

88 AH-288, proces-verbaal van bevindingen, ZD 17, p. 25 t/m 35.

89 Proces-verbaal van relaas d.d. 1 juli 2015, ZD 17 p. 4 t/m 24.

90 AH-342, processen-verbaal van aangifte, ZD 17 p. 43 t/m 249.

91 AH-398, proces-verbaal van bevindingen d.d. 13 augustus 2015, ZD 18 p. 129.

92 AH-536, proces-verbaal van bevindingen van 13 november 2015 (met een woordelijk uitgewerkt verhoor van [medeverdachte 2] van 28 september 2015 als bijlage), AD p. 999, 1098, 1102 t/m 1104 en 1114.

93 AH-118, proces-verbaal van observeren 2 juni 2015 d.d. 2 juni 2015, AD p. 422 t/m 425, AH-515, proces-verbaal van bevindingen d.d. 5 oktober 2015, ZD 6 p. 344 en 345 en AH-471, AD p. 1013 onderaan.

94 AH-342, proces-verbaal van aangifte d.d. 19 juni 2015, ZD 17 p. 236 en 237, Algemeen relaas ZD 17, p. 4 en 23.

95 AH-515, proces-verbaal van bevindingen d.d. 5 oktober 2015, ZD 6 p. 344 en 345.

96 AH-536, proces-verbaal van bevindingen van 13 november 2015 (met een woordelijk uitgewerkt verhoor van [medeverdachte 2] van 28 september 2015 als bijlage), AD p. 1118 en 1119 bovenaan.

97 AH-253, proces-verbaal van bevindingen d.d. 20 juli 2015 inclusief bijlagen, AD p. 884 t/m 897.

98 AH-206, proces-verbaal van bevindingen d.d. 7 juli 2015 inclusief bijlagen, p. 592 en 603.

99 AH-253, proces-verbaal van bevindingen d.d. 20 juli 2015 inclusief bijlagen, AD p. 884 t/m 886 en 899.

100 AH-222, proces-verbaal van observeren, observatie 23 juni vroeg, AD p. 667.

101 AH-253, proces-verbaal van bevindingen d.d. 20 juli 2015 inclusief bijlagen, AD p. 884 t/m 886 en 900 t/m 902.

102 AH-226, proces-verbaal van observeren, observatie 23 juni laat, AD p. 681.

103 AH-253, proces-verbaal van bevindingen d.d. 20 juli 2015 inclusief bijlagen, AD p. 884 t/m 886 en 903.

104 AH-226, proces-verbaal van observeren, observatie 23 juni laat, AD p. 681.

105 AH-253, proces-verbaal van bevindingen d.d. 20 juli 2015 inclusief bijlagen, AD p. 884 t/m 886 en 904.

106 AH-479, proces-verbaal van bevindingen d.d. 30 september 2015, AD p. 1059 t/m 1062.

107 AH-178, proces-verbaal van bevindingen belastende tapgesprekken [medeverdachte 1] , bestaande uit een tapgesprek van 24 juni 2015 20:21:39 uur met sessienummer 73, AD p. 523.

108 AH-178, proces-verbaal van bevindingen belastende tapgesprekken [medeverdachte 1] , bestaande uit een tapgesprek van 25 juni 2015 15:33:54 uur met sessienummer 73, AD p. 527 en 528.

109 AH-206, proces-verbaal van bevindingen d.d. 7 juli 2015 inclusief bijlagen, p. 594 en 621.

110 AH-206, proces-verbaal van bevindingen d.d. 7 juli 2015 inclusief bijlagen, p. 594 en 623.

111 AH-536, proces-verbaal van bevindingen van 13 november 2015 (met een woordelijk uitgewerkt verhoor van [medeverdachte 2] van 28 september 2015 als bijlage), AD p. 206.

112 Zie onder meer AH-377, proces-verbaal van bevindingen d.d. 12 augustus 2015, ZD 2 p. 161 t/m 166, AH-284 proces-verbaal van bevindingen d.d. 28 juli 2015, ZD 5 p. 38 t/m 40, AH-530, proces-verbaal van bevindingen d.d. 16 oktober 2015, ZD 5 p. 231 en 232, AH-300, proces-verbaal van bevindingen d.d. 5 augustus 2015, ZD 3 p. 37 t/m 40 en AH-380, proces-verbaal van bevindingen d.d. 6 augustus 2015, ZD 13 p. 103 t/m 107.

113 Zie onder meer AH-442, proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte 9] d.d. 3 september 2015, ZD 2 p. 257 t/m 262, AH-435, proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte 8] d.d. 1 september 2015, ZD 5 p. 181 t/m 183, AH-443, proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte 7] d.d. 3 september 2015, ZD 6 p. 275, proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte 6] d.d. 2 mei 2015, ZD 3 p. 181 t/m 184 en AH-446, proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte 5] d.d. 1 september 2015, ZD 13 p. 186 t/m 189.

114 “ [medeverdachte 1] is ziek dus morgen”, proces-verbaal van relaas d.d. 28 oktober 2015, ZD 18 p. 9 onderaan en AH-398, proces-verbaal van bevindingen d.d. 13 augustus 2015 inclusief bijlage, ZD 18 p. 142 onderaan en 175.