Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBDHA:2016:6787

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
16-06-2016
Datum publicatie
30-06-2016
Zaaknummer
AWB - 16 _ 2739 rectificatie
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

-

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Bestuursrecht

zaaknummers: AWB 16/2739, 16/2595, 16/3057, 16/3055, 16/3138, 16/3136

uitspraak van de voorzieningenrechter van 17 mei 2016 ter rectificatie van de uitspraak van 13 mei 2016 in de zaak tussen

[B.V. X], te [plaats] en andere plaatsen,

(gemachtigde mr. X.P.C. Wynands),

[Federatie Y] , te [plaats],

[B.V. Z] , te [plaats],

[Vereniging A] , te [plaats],

[B.V. B] , te [plaats] en andere plaatsen,

(gemachtigde mr. M.C.T.M. Sonderegger) en

[B.V. C] , te [plaats],

tezamen te noemen verzoekers,

en

de minister van Infrastructuur en Milieu, verweerder.

Procesverloop

De rechtbank heeft vastgesteld dat in haar uitspraak van 13 mei 2016, met zaaknummers AWB 16/2739, 16/2595, 16/3057, 16/3055, 16/3138, 16/3136, onder procesverloop, rechtsoverweging 5 en onder “Beslissing” een kennelijke onjuistheid staat vermeld.

Overwegingen

1. In de eerste zin van het procesverloop staat vermeld:

Bij besluit van 14 maart 2016 heeft verweerder het verzoek van [wob-verzoeker 1] (wob-verzoeker), om openbaarmaking zoals bedoeld in de Wet openbaarheid van bestuur ingewilligd.

De juiste weergave van deze zin luidt:

Bij besluit van 14 maart 2016 heeft verweerder het verzoek van de heer [wob-verzoeker 2] (wob-verzoeker), om openbaarmaking zoals bedoeld in de Wet openbaarheid van bestuur ingewilligd.

en

In rechtsoverweging 5 staat vermeld:

In het voorgaande ziet de voorzieningenrechter aanleiding om verweerder te veroordelen in de proceskosten van verzoekers tot een bedrag van € 496,- per verzoeker, uitgaande van een zaak van gemiddelde zwaarte en van één proceshandeling.

De juiste weergave van deze zin luidt:

In het voorgaande ziet de voorzieningenrechter aanleiding om verweerder te veroordelen in de proceskosten van die verzoekers die zich hebben laten bijstaan door een professioneel rechtsbijstandverlener, tot een bedrag van € 496,- per verzoeker, uitgaande van een zaak van gemiddelde zwaarte en van één proceshandeling.

en

In de rubriek “Beslissing” staat bij het vierde gedachtestreepje:

- veroordeelt verweerder in de kosten van deze procedure, aan de zijde van verzoekers begroot op € 496,- per verzoeker, te betalen door verweerder aan verzoekers.

De juiste weergave van deze zin luidt:

- veroordeelt verweerder in de kosten van deze procedure, aan de zijde van verzoekers in de procedures met zaaknummer AWB 16/2739 en 16/3138, begroot op € 496,- per verzoeker, te betalen door verweerder aan deze verzoekers.

2. Nu de uitspraak een kennelijke, ook voor partijen kenbare en voor eenvoudig herstel vatbare verschrijvingen bevat, bestaat aanleiding de uitspraak op deze punten te rectificeren.

Beslissing

De rechtbank rectificeert zijn uitspraak van 13 mei 2016, zaaknummers AWB 14/9582, 16/2595, 16/3057, 16/3055, 16/3138, 16/3136 op de hierboven beschreven wijze.

Deze uitspraak is gedaan door mr. T.J. Sleeswijk Visser – de Boer, rechter, in aanwezigheid van mr. A. Badermann, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 17 mei 2016.