Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBDHA:2014:15055

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
05-08-2014
Datum publicatie
03-02-2015
Zaaknummer
09/817539-14 (dagvaarding I) en 09/852117-14 (dagvaarding II) (ttz. gev.)
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

-

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG

Strafrecht

Meervoudige kamer

Parketnummers: 09/817539-14 (dagvaarding I) en 09/852117-14 (dagvaarding II) (ttz. gev.)

Datum uitspraak: 5 augustus 2014

(Verkort vonnis)

De rechtbank Den Haag, rechtdoende in strafzaken, heeft het navolgende vonnis gewezen in de zaak van de officier van justitie tegen de verdachte:

[verdachte],

geboren op [geboortedatum] 1976 te [geboorteplaats],

wonende te [plaats],

thans gedetineerd in [penitentiaire inrichting].

De terechtzitting.

Het onderzoek is gehouden ter terechtzittingen van 27 mei 2014 en 22 juli 2014.

Verdachte, bijgestaan door zijn raadsman mr. M.A.J. van der Klaauw, advocaat te Haarlem, is ter terechtzitting verschenen en gehoord.

[slachtoffer] heeft zich door tussenkomst van haar wettelijk vertegenwoordiger als benadeelde partij gevoegd.

De officier van justitie mr. C. de Ceuninck van Capelle heeft gevorderd dat verdachte ter zake van het hem tenlastegelegde wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 48 maanden, met aftrek van de tijd in voorarrest doorgebracht, waarvan 3 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 10 jaren en als bijzondere voorwaarden een behandeling, een meldplicht, periodieke controle van zijn gegevensdragers, het melden van nieuwe relaties bij de reclassering, en het melden van een eventuele veroordeling aan nieuwe duurzame relaties.

De officier van justitie heeft geconcludeerd tot gedeeltelijke toewijzing van de vordering van de benadeelde partij tot een bedrag van € 5.108,55 en tot niet-ontvankelijk verklaring van de benadeelde partij voor het overige.

Voorts heeft de officier van justitie gevorderd dat de rechtbank aan verdachte de verplichting zal opleggen tot betaling aan de Staat van een bedrag groot € 5.108,55, subsidiair 60 dagen hechtenis ten behoeve van het slachtoffer genaamd [slachtoffer].

De tenlastelegging.
Aan verdachte is - na wijziging van de tenlastelegging ter terechtzitting - ten laste gelegd dat:

Dagvaarding I

1.

hij in of omstreeks de periode van 11 oktober 2011 tot en met tot en met 3 februari 2014 te [plaats], in elk geval (elders) in Nederland, één of meermalen meerdere, althans een afbeelding(e) te weten een (aantal) film(s) (ca 8 in totaal) en/of (een) foto(s) en/of video(s)

en/of (een) gegevensdrager(s), bevattende (een) afbeelding(en) (te weten een computer en/of een mobiele telefoon) heeft vervaardigd en/of openlijk tentoongesteld en/of ingevoerd en/of doorgevoerd en/of uitgevoerd en/of verworven en/of in bezit gehad en/of zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft, terwijl op die afbeelding(en) (een) seksuele gedraging (en) zichtbaar is/zijn waarbij (telkens) een persoon, te weten zijn verdachte’s dochter [slachtoffer] (geboren [geboortedatum] 2008) die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, was betrokken of schijnbaar was betrokken,

welke voornoemde seksuele gedragingen bestonden uit (onder meer)

film (p. 84 dossier)

een naakt meisje ligt op een volwassen naakte man. Het meisje pakt de penis van de man en maakt rijdende bewegingen op de penis van de man. De man opent de schaamlippen van het meisje en gaat

met zijn vinger heen en weer tussen de schaamlippen van het meisje

[bestandnaam]

en/of

film (p. 84 dossier)

meisje zit op halfstijve penis van volwassen man. Zij pakt penis van de man en stopt die tussen haar

benen

[bestandnaam]

en/of

film (p. 84 dossier)

Naakte volwassen man zit naast meisje. Meisje pakt stijve penis van de man en neemt tot 2 keer toe

de penis in haar mond. De man sprijdt de benen van het meisje. De man trekt aan zijn penis

[bestandnaam]

en/of

- Film 1 (p. 159 dossier)

[bestandnaam]

Te zien is dat hij, verdachte op zijn rug op bed ligt met zijn dochter [slachtoffer] op zijn buik. Te zien is dat [slachtoffer] de penis van verdachte vast pakt. Te zien is dat verdachte wrijft over de vagina van [slachtoffer]. Vervolgens duwt hij, verdachte zijn stijve penis tussen de benen van [slachtoffer]. Hij drukt meermalen zijn penis tegen de vagina van [slachtoffer]

en/of

- Film 2 (p. 159 dossier)

[bestandnaam]

Te zien is dat een man in beeld is, die later blijkt te zijn verdachte.

Vervolgens komt het blote onderlichaam van [slachtoffer] in beeld. Te zien is dat de (stijve) penis van verdachte tegen/in de vagina van [slachtoffer] gaat. [slachtoffer] ligt op de buik van verdachte. Verdachte duwt meermalen zijn penis tegen de vagina van [slachtoffer] aan. [slachtoffer] gaat op de stijve penis van verdachte zitten

en/of

Film 5 (p. 161 Dossier)

[bestandnaam]

Te zien is dat [slachtoffer] op haar rug ligt. Verdachte heeft een naakt onderlichaam en kleedt [slachtoffer] uit. Verdachte wrijft met zijn stijve penis over de blote billen van [slachtoffer].

Verdachte maakt met zijn onderlichaam op en neer gaande bewegingen tegen de vagina van [slachtoffer]. Het lichaam gaat ook heen en weer;

2.

hij in of omstreeks de periode van 28 maart 2011 tot en met 28 maart 2013 te [plaats], met [slachtoffer] (geboren [geboortedatum] 2008), die toen de leeftijd van twaalf jaren nog niet had bereikt, een of meer handeling(en) heeft gepleegd, die bestond(en) uit of mede bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer], hebbende verdachte

- zich laten aftrekken door die [slachtoffer] en/of

- zijn vinger(s) tussen de schaamlippen, althans in de vagina van die [slachtoffer] geduwd/gebracht en/of

- zijn penis tussen de schaamlippen, althans in de vagina van die [slachtoffer] geduwd/gebracht en/of die [slachtoffer] op zijn penis laten rijden/bewegen en/of

- zijn tong tussen de schaamlippen, althans in de vagina van die [slachtoffer] geduwd/gebracht, althans de vagina van die [slachtoffer] heeft gelikt en/of

- zijn tong in de mond van die [slachtoffer] geduwd/gebracht en/of

- zijn penis in de mond van die [slachtoffer] geduwd/gebracht;

Dagvaarding II

hij in of omstreeks de periode van 1 juni 2004, tot en met 3 februari 2014 te [plaats], in elk geval in Nederland, één of meermalen meerdere, althans een afbeelding(en) te weten een ((groot) aantal) film(s) (ca 522) en/of een (groot aantal) foto(s) ( in totaal ca. 6467) en/of video(s) en/of (een) gegevensdrager(s), bevattende (een) afbeelding(en) (te weten een computer en/of een mobiele telefoon) heeft vervaardigd en/of openlijk tentoongesteld en/of ingevoerd en/of doorgevoerd en/of uitgevoerd en/of in bezit gehad en/of

(in de periode van 1 januari 2010 tot en met 3 februari 2014 )

heeft verworven en/of zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft,

terwijl op die afbeelding(en) (een) seksuele gedraging (en) zichtbaar is/zijn waarbij (telkens) een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, was betrokken of schijnbaar was betrokken,

welke voornoemde seksuele gedragingen bestonden uit (onder meer)

- [bestandnaam]

te zien is een baby (tussen de 6 en 12 maanden) die is vastgebonden op een plank. Te zien is een volwassen man die zijn ontlasting op de borst van de baby doet. De volwassen man pakt zijn penis en richt een straal urnine op het gezicht van de baby. Te zien is dat de man zich aftrekt boven de baby en

dat het sperma op de billen van de baby valt.

en/of

- [bestandnaam]

Te zien is een baby (tussen de 12 en 24 maanden oud). De baby wordt vastgehouden door een vrouw. Die vrouw trekt de kleding van de baby. De vrouw duwt het gezicht van de baby tegen haar mond. De vrouw duwt het gezicht van de baby tegen haar benen en vagina. Te zien is dat de vrouw de baby tegen haar geslachtsdeel slaat en/of dat zij de schaamlippen van de baby opent en haar vinger in de vagina van de baby duwt. Te zien is dat de vrouw de handen van de baby tussen haar vagina heen en weer laat bewegen. Te zien is dat de vrouw de baby tegen het hoofd schopt en tegen het gezicht slaat. De vrouw stopt de hand van de baby in de mond van de baby. De baby huilt de hele tijd. De baby wordt nog vaker gestompt en geslagen.

en/of

- [bestandnaam]

Te zien is een meisje tussen de 2 en 4 jaar oud. Erbij staat een vrouw met een mastker op een bed. Het meisje wordt aan een stok vastgebonden, met het hoofd naar beneden. De vrouw wrijft het hoofd van het meisje tegen haar borsten. De vrouw kleedt het meisje uit. De vrouw drukt het gezicht van het meisje tegen haar vagina. De armen van het meisje worden met tape op de rug vastgeplakt, stopt haar

broekje in de mond van het meisje en doet (vervolgens) tape over de mond van het meisje. Er wordt een substantie in/op de vagina van het meisje gesmeerd en er wordt hardhandig een voorwerp in de vagina van het meisje heen en weer gehaald. De vrouw pak een kaars en laat kaarsvet druppelen in de vagina van het meisje. Vervolgens slaat de vrouw met een riem op het gezicht en het lichaam van het meisje. Het tape wordt van de mond van het meisje gehaald en het hoofd van het meisje wordt dan tegen de vagina van de vrouw geduwd.

en/of

- [bestandnaam]

Te zien is een meisje tussen de 1 en 3 jaar oud. Het meisje licht bij een vrouw op bed. De vrouw heeft een masker op. De vrouw wrijft met ijsklontjes over het lichaam van het meisje. De vrouw duwt de ijsklontjes in de vagina van het meisje. Het meisje wordt met armen en benen aan een stok gebonden. Het meisje wordt ondersteboven opgehangen. De benen van het meisje zijn gespreid. De vrouw doet tape over de mond van het meisje en zet wasknijpers op de tepels van het meisje. De vrouw slaat de vagina van het meisje. De vrouw zet een wasknijper op de vagina van het meisje. De vrouw maakt likkende bewegingen over de vagina. de vrouw slaat het meisje meermalen op de vagina en de billen. De vrouw bindt ook de handen van het meisje aan de stok. De vrouw druppelt heet kaarsvet op

de vagina van het meisje.

en/of

- [bestandnaam]

Te zien is een jongetje tussen 0 en 3 jaar oud. Te zien is dat een vowlwassen man met een bivakmuts zijn hoofd richting de penis van het jongetje brengt en bewegingen maakt met zijn hoofd.

Te zien is dat de man een van zijn vingers in de anus van het jongetje steekt en/of te zien is dat de man zich aftrekt in de buurt van de penis/anus van het jongetje.

en/of

- [bestandnaam]

Te zien is een meisje tussen 1 en 3 jaar. Een volwassen man drukt zijn stijve penis tegen de vagina van het meisje. De man trekt zich af en tikt met zijn penis tegen de vagina aan. De man doet zijn penis in de mond van het meisje. De man doet zijn penis tussen de billen van het meisje en trekt zich daarbij af. Te zien is dat er sperma op de vagina en de binnenkant van de benen van het meisje komt,

van welk(e) misdrijf/misdrijven hij, verdachte, een gewoonte heeft gemaakt.

De bewijsmiddelen.

De rechtbank grondt haar overtuiging dat verdachte het bewezen verklaarde heeft begaan op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat en die reden geven tot de bewezenverklaring.

In die gevallen waarin de wet aanvulling van het vonnis vereist met de bewijsmiddelen, dan wel, voor zover artikel 359, derde lid, tweede volzin, van het Wetboek van Strafvordering wordt toegepast, met een opgave daarvan, zal zulks plaatsvinden in een aanvulling die als bijlage aan dit vonnis zal worden gehecht.

De geldigheid van de dagvaardingen.

De rechtbank stelt ambtshalve vast dat de dagvaardingen (voor dagvaarding I betreft dit feit 1) voor zover het betreft de afbeeldingen die niet in de tenlastelegging zijn omschreven partieel nietig zijn omdat aan de term 'afbeelding van een seksuele gedraging' in de zin van art. 240b, eerste lid, Sr op zichzelf onvoldoende feitelijke betekenis toekomt. Zonder feitelijke omschrijving van die afbeelding in de tenlastelegging voldoet de dagvaarding niet aan de in art. 261, eerste lid, Sv gestelde eis van opgave van het feit (vgl. HR 28 september 2004, ECLI:NL:HR:2004:AQ3710, NJ 2004/684 en HR 24 juni 2014, ECLI:NL:HR:2014:1497). De rechtbank zal wel, zoals in de genoemde arresten is overwogen, bij het bepalen van de straf rekening houden met de totale omvang van het aangetroffen materiaal.

Bewijsoverwegingen.

De verdediging heeft - verkort en zakelijk weergegeven - aangevoerd dat de tenlastegelegde pleegperiodes te ruim zijn.

Ten aanzien van dagvaarding I, feiten 1 en 2 zal de rechtbank wat betreft de aanvang van de pleegperiode aansluiten bij de verklaring van verdachte bij de politie dat hij de eerste (naakt)foto’s van het slachtoffer in juli 2011 heeft genomen. Ter terechtzitting heeft hij verklaard dat het misbruik begonnen is toen hij naaktfoto’s van het slachtoffer is gaan maken. Verder heeft hij ter zitting verklaard dat het goed kan zijn dat het misbruik in juli 2011 is begonnen.

De rechtbank zal, in navolging van de officier van justitie, het einde van de pleegperiode van feit 2 op dagvaarding I stellen op 18 maart 2012, hetgeen ook aansluit bij de verklaring van verdachte dat het misbruik tot februari of maart 2012 heeft geduurd.

Ten aanzien van dagvaarding II zal de rechtbank voor wat betreft de aanvang van de pleegperiode uitgaan van de eerste datum van plaatsing van het aangetroffen materiaal, te weten 9 januari 2012.

De pleegperiode van feit 1 op dagvaarding 1 en het feit op dagvaarding II, het voorhanden hebben en verspreiden van kinderpornografisch materiaal, heeft voortgeduurd tot aan de inbeslagname van het materiaal op 3 februari 2014.

De rechtbank acht ten aanzien van dagvaarding II, gelet op het zeer grote aantal aangetroffen afbeeldingen en de lange periode waarover verdachte kinderpornografisch materiaal voorhanden heeft gehad en met anderen heeft gedeeld, wettig en overtuigend bewezen dat verdachte hiervan een gewoonte heeft gemaakt. Daaraan doet niet af dat, zoals verdachte heeft aangevoerd, van het aangetroffen materiaal slechts een klein gedeelte wat betreft de leeftijd van de kinderen en het gebruik van geweld vergelijkbaar is met het in de tenlastelegging opgenomen materiaal.

Ten aanzien van feit 2 op dagvaarding 1 overweegt de rechtbank dat, nog daargelaten dat het in de mond brengen van de penis reeds seksueel binnendringen zoals bedoeld in artikel 244 van het Wetboek van Strafrecht oplevert, zij op grond van de beschrijving door de verbalisanten van de door verdachte gemaakt films en de door verdachte in chatgesprekken gemaakte opmerkingen over het proberen in de vagina te krijgen van de penis en het diep of naar binnen dan wel op en neer gaan van de tong wettig en overtuigend bewezen acht dat verdachte zijn penis en tong in elk geval tussen de schaamlippen van het slachtoffer heeft gebracht, zodat ook wat die handelingen betreft sprake is van seksueel binnendringen (vgl. HR 18 mei 2010, LJN BK 6910).

De bewezenverklaring.

Door de voormelde inhoud van vorenstaande bewijsmiddelen - elk daarvan, ook in zijn onderdelen, gebruikt voor het bewijs van datgene waarop het blijkens zijn inhoud betrekking heeft - staan de daarin genoemde feiten en omstandigheden vast. Op grond daarvan acht de rechtbank bewezen en is zij tot de overtuiging gekomen dat verdachte de ten laste gelegde feiten heeft begaan, met dien verstande, dat de rechtbank bewezen acht - zulks met verbetering van eventueel in de tenlastelegging voorkomende type- en taalfouten, door welke verbetering verdachte niet in de verdediging is geschaad - de inhoud van de tenlastelegging, te weten dat verdachte:

Dagvaarding I

1.

in de periode van 11 oktober 2011 tot en met tot en met 3 februari 2014 te [plaats], afbeeldingen te weten een aantal films heeft vervaardigd en openlijk tentoongesteld en uitgevoerd en in bezit gehad, terwijl op die afbeeldingen seksuele gedragingen zichtbaar zijn waarbij (telkens) een persoon, te weten zijn verdachte’s dochter [slachtoffer] (geboren [geboortedatum] 2008) die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, was betrokken,

welke voornoemde seksuele gedragingen bestonden uit (onder meer)

een naakt meisje ligt op een volwassen naakte man. Het meisje pakt de penis van de man en maakt rijdende bewegingen op de penis van de man. De man opent de schaamlippen van het meisje en gaat

met zijn vinger heen en weer tussen de schaamlippen van het meisje

en

meisje zit op de halfstijve penis van een volwassen man. Zij pakt de penis van de man en stopt die tussen haar benen

en

Naakte volwassen man zit naast meisje. Meisje pakt stijve penis van de man en neemt tot 2 keer toe

de penis in haar mond. De man spreidt de benen van het meisje. De man trekt aan zijn penis

en

- Film 1

Te zien is dat hij, verdachte op zijn rug op bed ligt met zijn dochter [slachtoffer] op zijn buik. Te zien is dat [slachtoffer] de penis van verdachte vast pakt. Te zien is dat verdachte wrijft over de vagina van [slachtoffer]. Vervolgens duwt hij, verdachte zijn stijve penis tussen de benen van [slachtoffer]. Hij drukt meermalen zijn penis tegen de vagina van [slachtoffer]

en

- Film 2

Te zien is dat een man in beeld is, die later blijkt te zijn verdachte.

Vervolgens komt het blote onderlichaam van [slachtoffer] in beeld. Te zien is dat de (stijve) penis van verdachte tegen/in de vagina van [slachtoffer] gaat. [slachtoffer] ligt op de buik van verdachte. Verdachte duwt zijn penis tegen de vagina van [slachtoffer] aan. [slachtoffer] gaat op de stijve penis van verdachte zitten

en

Film 5

Te zien is dat [slachtoffer] op haar rug ligt. Verdachte heeft een naakt onderlichaam en kleedt [slachtoffer] uit. Verdachte wrijft met zijn rechter hand over de blote billen van [slachtoffer].

Verdachte maakt met zijn onderlichaam op en neer gaande bewegingen tegen de vagina van [slachtoffer]. Het lichaam gaat ook heen en weer;

2.

in de periode van 1 juli 2011 tot en met 18 maart 2012 te [plaats], met [slachtoffer] (geboren [geboortedatum] 2008), die toen de leeftijd van twaalf jaren nog niet had bereikt, handelingen heeft gepleegd, die mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer], hebbende verdachte

- zich laten aftrekken door die [slachtoffer] en

- zijn vinger(s) tussen de schaamlippen van die [slachtoffer] gebracht en

- zijn penis tussen de schaamlippen van die [slachtoffer] gebracht en die [slachtoffer] op zijn penis laten rijden/bewegen en

- zijn tong tussen de schaamlippen van die [slachtoffer] gebracht en de vagina van die [slachtoffer] gelikt en

- zijn penis in de mond van die [slachtoffer] gebracht;

Dagvaarding II

in de periode van 9 januari 2012 tot en met 3 februari 2014 te [plaats] afbeeldingen te weten films openlijk tentoon heeft gesteld en heeft ingevoerd en/of doorgevoerd en/of uitgevoerd en in bezit gehad

terwijl op die afbeeldingen seksuele gedragingen zichtbaar zijn waarbij (telkens) een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, was betrokken,

welke voornoemde seksuele gedragingen bestonden uit (onder meer)

te zien is een baby (tussen de 6 en 12 maanden) die is vastgebonden op een plank. Te zien is een volwassen man die zijn ontlasting op de borst van de baby doet. De volwassen man pakt zijn penis en richt een straal urine op het gezicht van de baby. Te zien is dat de man zich aftrekt boven de baby en

dat het sperma op de billen van de baby valt.

en

Te zien is een baby (tussen de 12 en 24 maanden oud). De baby wordt vastgehouden door een vrouw. Die vrouw trekt de kleding van de baby uit. De vrouw duwt het gezicht van de baby tegen haar borst. De vrouw duwt het gezicht van de baby tegen haar vagina. Te zien is dat de vrouw de baby tegen haar geslachtsdeel slaat en dat zij de schaamlippen van de baby opent en haar vinger in de vagina van de baby duwt. Te zien is dat de vrouw de hand van de baby tussen haar vagina heen en weer laat bewegen. Te zien is dat de vrouw de baby tegen het hoofd schopt en tegen het gezicht slaat. De vrouw stopt de hand van de baby in de mond van de baby. De baby huilt de hele tijd. De baby wordt nog vaker gestompt en geslagen.

en

- Film

Te zien is een meisje tussen de 2 en 4 jaar oud. Erbij staat een vrouw met een masker op een bed. Het meisje wordt aan een stok vastgebonden, met het hoofd naar beneden. De vrouw wrijft het hoofd van het meisje tegen haar borsten. De vrouw drukt het gezicht van het meisje tegen haar vagina. De armen van het meisje worden met tape op de rug vastgeplakt, de vrouw stopt haar broekje in de mond van het meisje en doet (vervolgens) tape over de mond van het meisje. Er wordt een substantie op de vagina van het meisje gesmeerd en er wordt hardhandig een voorwerp in de vagina van het meisje heen en weer gehaald. De vrouw pak een kaars en laat kaarsvet druppelen in de vagina van het meisje. Vervolgens slaat de vrouw met een riem op het gezicht en het lichaam van het meisje. Het tape wordt van de mond van het meisje gehaald en het hoofd van het meisje wordt dan tegen de vagina van de vrouw geduwd.

en

-Film

Te zien is een meisje tussen de 1 en 3 jaar oud. Het meisje ligt bij een vrouw op bed. De vrouw heeft een masker op. De vrouw wrijft met ijsklontjes over het lichaam van het meisje. De vrouw duwt een ijsklontje in de vagina van het meisje. Het meisje wordt met haar benen aan een stok gebonden. Het meisje wordt ondersteboven opgehangen. De benen van het meisje zijn gespreid. De vrouw doet tape over de mond van het meisje en zet wasknijpers op de tepels van het meisje. De vrouw slaat de vagina van het meisje. De vrouw zet een wasknijper op de vagina van het meisje. De vrouw maakt likkende bewegingen over de vagina. De vrouw slaat het meisje meermalen op de vagina en de billen. De vrouw druppelt kaarsvet op de vagina van het meisje.

en

Te zien is een jongetje tussen 0 en 3 jaar oud. Te zien is dat een volwassen man met een bivakmuts zijn hoofd richting de penis van het jongetje brengt en bewegingen maakt met zijn hoofd.

Te zien is dat de man een van zijn vingers in de anus van het jongetje steekt en te zien is dat de man zich aftrekt in de buurt van de penis/anus van het jongetje.

en

Te zien is een meisje tussen 1 en 3 jaar. Een volwassen man drukt zijn stijve penis tegen de vagina van het meisje. De man trekt zich af en tikt met zijn penis tegen de vagina aan. De man doet zijn penis in de mond van het meisje. De man doet zijn penis tussen de billen van het meisje en trekt zich daarbij af. Te zien is dat er sperma op de vagina en de binnenkant van de benen van het meisje komt,

van welk misdrijf hij, verdachte, een gewoonte heeft gemaakt.

Strafbaarheid van het bewezen verklaarde en van verdachte.

Het bewezenverklaarde is volgens de wet strafbaar, aangezien er geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten.

Verdachte is deswege strafbaar, nu er evenmin feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die zijn strafbaarheid uitsluiten.

Strafmotivering.

Na te melden straf is in overeenstemming met de ernst van de gepleegde feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en gegrond op de persoon en de persoonlijke omstandigheden van verdachte, zoals daarvan tijdens het onderzoek ter terechtzitting is gebleken. Daarbij wordt in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

Ernst van de feiten

Verdachte heeft gedurende ongeveer acht maanden zijn dochter seksueel misbruikt. Zij was toen slechts drie jaar oud. Verdachte heeft ook naaktfoto’s van zijn dochter gemaakt en het misbruik gefilmd. Deze foto’s en films heeft verdachte via internet met anderen gedeeld, waardoor deze afbeeldingen mogelijk nog zeer lange tijd beschikbaar blijven. Verdachte heeft de indruk gewekt dat het misbruik iets is dat hem is “overkomen”. Uit chatgesprekken die hij met anderen heeft gevoerd over het misbruik is echter af te leiden dat hij zeer doelbewust en geraffineerd heeft gehandeld. Verdachte heeft door zijn handelen een zeer ernstige inbreuk gemaakt op de lichamelijke en geestelijke integriteit van het zeer jonge slachtoffer en haar ontwikkeling hierdoor potentieel ernstig verstoord. De ervaring leert dat slachtoffers van incest nog lange tijd de negatieve gevolgen hiervan ondervinden. Dat het slachtoffer momenteel te lijden heeft onder de gevolgen van het misbruik blijkt ook uit de ter terechtzitting voorgehouden slachtofferverklaring, opgesteld door de moeder van het slachtoffer. Verdachte heeft aldus op een uiterst kwalijke wijze het vertrouwen dat zijn dochter in hem had mogen stellen ernstig geschonden en zijn eigen lustgevoelens voortdurend laten prevaleren boven de belangen van zijn dochter. Ook heeft hij het vertrouwen van zijn echtgenote ernstig beschaamd en voor haar en andere familieleden zeer veel verdriet veroorzaakt. Dit rekent de rechtbank verdachte zeer zwaar aan.

Daarnaast heeft verdachte gedurende lange tijd een groot aantal kinderpornografische films en foto’s in bezit gehad, welke hij ook (deels) met anderen heeft gedeeld. Uit het dossier blijkt dat in totaal (buiten de afbeeldingen van de dochter van verdachte) 522 films en 6.467 foto’s zijn aangetroffen. Het in bezit hebben van dergelijke afbeeldingen is een zeer ernstig misdrijf. Het aangetroffen materiaal bestond voor een deel (40%) uit afbeeldingen waarop minderjarigen poseren. Het overige deel van de afbeeldingen betrof penetratie en ontuchtige handelingen. Op 50% van de afbeeldingen waren kinderen jonger dan 12 jaar te zien, ongeveer 2% betrof kinderen van ongeveer 2 jaar of jonger. Een deel (ongeveer 2%) van de op de bij verdachte aangetroffen kinderpornografische films en foto’s vastgelegde handelingen zijn bovendien aan te merken als de zwaarst denkbare vorm van pedoseksueel misbruik. Het gaat daarbij om misbruik van zeer jonge kinderen, door volwassenen, waarbij ook sprake is van geweld dan wel sadomasochistische handelingen. Door dergelijk materiaal te zoeken, downloaden, in bezit te houden en zelfs met anderen te delen, heeft verdachte een bijdrage geleverd aan het bevorderen en in stand houden van het op gruwelijke wijze misbruiken van jonge kinderen, waaronder kinderen in de babyleeftijd. Het behoeft geen uitleg dat de kinderen in veel gevallen voor het leven getraumatiseerd zijn door dit seksueel misbruik. De rechtbank rekent ook dit verdachte zeer zwaar aan. De rechtbank vindt het onvoorstelbaar en onverteerbaar dat kinderen dit wordt aangedaan, dat er beelden van worden gemaakt en dat er mensen zijn, zoals verdachte, die hiernaar willen kijken.

Persoon van verdachte

De rechtbank heeft acht geslagen op het uittreksel Justitiële Documentatie van 19 februari 2014 betreffende verdachte, waaruit blijkt dat verdachte niet eerder met politie of justitie in aanraking is geweest.

De rechtbank heeft acht geslagen op de inhoud van het reclasseringsadvies van 17 april 2014, opgesteld door [reclasseringswerker], waarin wordt geadviseerd een (gedeeltelijk) voorwaardelijke straf op te leggen met als bijzondere voorwaarden een meldplicht en een behandelverplichting (ambulante behandeling). Het risico op recidive wordt als laag/gemiddeld ingeschat.

Verder heeft de rechtbank kennisgenomen van een verdachte betreffende Pro Justitia rapportage van 28 april 2014, opgesteld door [klinisch psycholoog]. Hieruit komt naar voren dat verdachte lijdt aan een ziekelijke stoornis van de geestvermogens in de vorm van pedofilie, van het niet-exclusieve type. Verdachte is niet lijdend aan een gebrekkige ontwikkeling van de geestvermogens. Verdachte is in zijn jeugd slachtoffer geworden van seksueel misbruik, al heeft hij dat zelf niet als misbruik ervaren. Daarnaast is bij verdachte sprake van seksuele compulsiviteit en bevindt hij zich aan de ondergrens van hyperseksualiteit. Het zelf ervaren seksueel misbruik speelt ook een rol bij het downloaden van kinderporno. Verdachte heeft in zijn geheugen deviante seksuele schema’s opgeslagen in die zin dat seksueel misbruik door kinderen als prettig kan worden ervaren. Omdat hij – mede tegen de achtergrond van zijn ziekelijke stoornis (pedofilie) in combinatie met zijn verstoorde seksueel script - is overgegaan tot het ten laste gelegde, maar hij tegelijkertijd was doordrongen van het wederrechtelijke van zijn handelen, wordt geadviseerd om betrokkene als licht verminderd toerekeningsvatbaar aan te merken.

Vanuit klinisch oogpunt wordt de kans op recidive van het downloaden van kinderporno op de korte termijn, enerzijds vanwege het schrikeffect maar anderzijds vanwege de dwangmatigheid van het bekijken van porno en de pedofilie, als laag/matig geschat. De kans op recidive van ontucht wordt op korte termijn als laag geschat, eveneens vanwege het schrikeffect, vanwege het feit dat verdachte reeds enige tijd zou zijn gestopt met het seksueel misbruik en vanwege het feit dat zijn omgeving thans volledig op de hoogte is. Op de langere termijn wordt de kans op recidive van het downloaden van kinderporno – zonder behandeling – als hoog geschat, vanwege genoemde dwangmatigheid, de pedofilie en de persistentie van het gedrag. De kans op recidive van ontucht wordt – zonder behandeling – op de langere termijn als laag/matig geschat.

Geadviseerd wordt om verdachte als bijzondere voorwaarde een behandelverplichting op te leggen. Behandeling kan plaatsvinden in een ambulant kader bij een forensische polikliniek als De Waag. Daarbij wordt nadrukkelijk gedacht aan intensieve deeltijdbehandeling als start van de behandeling, daarna overgaand in reguliere ambulante behandeling. Deze behandeling is als bijzondere voorwaarde geïndiceerd en dient gerelateerd aan reclasseringscontact (in de vorm van een “meldplicht”) plaats te vinden.

De rechtbank onderschrijft de conclusies van de rapportages en maakt deze tot de hare.

De op te leggen straf

Bij de bepaling van de zwaarte van de straf neemt de rechtbank tot uitgangspunt de straffen die in soortgelijke zaken gewoonlijk worden opgelegd, neergelegd in de door de Landelijke Commissie voor Straftoemeting opgestelde oriëntatiepunten voor de straftoemeting (LOVS-oriëntatiepunten).

Naar het oordeel van de rechtbank komen de ernst van het bewezen verklaarde en de door de rechtbank in aanmerking genomen omstandigheden voldoende tot uitdrukking in de door de officier van justitie gevorderde straf. Het is op deze grond dat de rechtbank de hierna te vermelden straf zal opleggen zoals door de officier van justitie gevorderd, met dien verstande dat zij een enigszins groter deel van de straf voorwaardelijk zal opleggen als extra stok achter de deur om te voorkomen dat verdachte zich wederom schuldig maakt aan het plegen van strafbare feiten.

De rechtbank zal aan het voorwaardelijk deel de voorwaarden verbinden zoals voorgesteld door de reclassering. Zij acht geen termen aanwezig voor het opleggen van de aanvullende voorwaarden zoals door de officier van justitie geformuleerd, aangezien de rechtbank ervan uitgaat dat (de eventuele noodzaak voor) deze voorwaarden zullen worden ingebed in het op te leggen reclasseringstoezicht en de behandelverplichting.

Overeenkomstig de eis van de officier van justitie zal de rechtbank de proeftijd vaststellen op een periode van tien jaar, met name gelet op de hiervoor vermelde recidiverisico’s op de langere termijn.

De rechtbank ziet in de stoornis van verdachte en het recidiverisico aanleiding te bepalen dat de hiervoor bedoelde voorwaarden dadelijk uitvoerbaar zijn.

De vordering van de benadeelde partij.

[slachtoffer], heeft zich als benadeelde partij gevoegd ter zake van de vordering tot schadevergoeding, groot € 7.608,99.

De vordering is door verdachte erkend en is voldoende onderbouwd door de benadeelde partij. Uit het onderzoek ter terechtzitting is vast komen te staan dat de benadeelde partij rechtstreeks schade heeft geleden als gevolg van de bij dagvaarding I onder 1 en 2 bewezenverklaarde feiten.

De rechtbank zal derhalve de vordering toewijzen tot een bedrag van € 7.608,99.

De rechtbank zal voorts de gevorderde wettelijke rente toewijzen met ingang van 1 juli 2011, nu vast is komen te staan dat de schade met ingang van deze datum is ontstaan.

Dit brengt mee dat verdachte dient te worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij tot aan deze uitspraak in verband met haar vordering heeft gemaakt, welke kosten de rechtbank tot op heden begroot op nihil, en de kosten die de benadeelde partij ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog moet maken.

Schadevergoedingsmaatregel.

Nu verdachte jegens het slachtoffer naar burgerlijk recht aansprakelijk is voor de schade die door de bij dagvaarding I onder 1 en 2 bewezen verklaarde strafbare feiten is toegebracht en verdachte voor deze feiten zal worden veroordeeld, zal de rechtbank aan verdachte de verplichting opleggen tot betaling aan de Staat van een bedrag groot € 7.608,99, vermeerderd met de gevorderde wettelijke rente daarover vanaf 1 juli 2011 tot aan de dag waarop deze vordering is voldaan, ten behoeve van het slachtoffer genaamd [slachtoffer].

De toepasselijke wetsartikelen.

De op te leggen straf is gegrond op de artikelen:

- 14a, 14b, 14c, 14d, 14e, 24c, 36f, 57, 240b en 244 van het Wetboek van Strafrecht.

Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij golden ten tijde van het bewezenverklaarde.

Beslissing.

De rechtbank,

Verklaart de dagvaardingen partieel nietig voor zover het betreft de zinsneden:

Dagvaarding I, feit 1: “(ca 8 in totaal) en/of (een) foto(s) en/of video(s)”

Dagvaarding II: “(ca. 522) en/of een (groot aantal) foto(s) (in totaal ca. 6467) en/of video(s)”

verklaart wettig en overtuigend bewezen, dat verdachte de bij dagvaarding I onder 1 en 2 en bij dagvaarding II ten laste gelegde feiten heeft begaan en dat het bewezen verklaarde uitmaakt:

Ten aanzien van dagvaarding I feit 1:

een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken openlijk tentoonstellen en vervaardigen en uitvoeren en in bezit hebben, meermalen gepleegd;

Ten aanzien van dagvaarding I feit 2:

met iemand beneden de leeftijd van twaalf jaren handelingen plegen die bestaan uit of mede bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam;

Ten aanzien van dagvaarding II:

een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken openlijk tentoonstellen en in-/door-/uitvoeren en in bezit hebben, meermalen gepleegd, terwijl van het plegen van dit misdrijf een beroep of gewoonte wordt gemaakt;

verklaart het bewezen verklaarde en verdachte deswege strafbaar;

verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;

veroordeelt verdachte tot:

een gevangenisstraf voor de duur van 48 (ACHTENVEERTIG) MAANDEN;

bepaalt dat de tijd, door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van het onvoorwaardelijk gedeelte van de hem opgelegde gevangenisstraf geheel in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht;

bepaalt, dat een gedeelte van die straf, groot 6 (ZES) MAANDEN niet zal worden tenuitvoergelegd, zulks onder de algemene voorwaarde dat de veroordeelde

- zich voor het einde van de hierbij op tien jaren vastgestelde proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;

- ter vaststelling van zijn identiteit medewerking verleent aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;

- medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14d, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen;

en onder de bijzondere voorwaarden dat de veroordeelde:

- zich gedurende de proeftijd houdt aan de aanwijzingen die de reclassering hem geeft, voor zover deze niet reeds zijn opgenomen in een andere bijzondere voorwaarde. Daartoe moet de veroordeelde zich melden bij Reclassering Nederland, Bezuidenhoutseweg 179 te Den Haag. Hierna moet hij zich blijven melden bij deze instelling, zo frequent en zo lang die instelling dat noodzakelijk acht;

- zich gedurende de proeftijd onder behandeling zal stellen van centrum voor ambulante forensische psychiatrie De Waag of soortgelijke instelling voor ambulante forensische zorg, zulks ter beoordeling van de reclassering, waarbij hij zich zal houden aan de aanwijzingen die hem in het kader van die behandeling door of namens de instelling/behandelaar zullen worden gegeven;

geeft opdracht aan Reclassering Nederland tot het houden van toezicht op de naleving van voormelde bijzondere voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden (artikel 14d, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht);

beveelt dat de op grond van artikel 14c gestelde voorwaarden en het op grond van artikel 14d, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht, uit te oefenen toezicht, dadelijk uitvoerbaar zijn;

wijst de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij toe en veroordeelt verdachte om tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan [slachtoffer], een bedrag van
€ 7.608,99, vermeerderd met de gevorderde wettelijke rente daarover vanaf 1 juli 2011 tot aan de dag van de algehele voldoening;

veroordeelt verdachte tevens in de proceskosten door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil, en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken;

legt aan verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat van een bedrag groot € 7.608,99 ten behoeve van het slachtoffer genaamd [slachtoffer];

bepaalt dat in geval volledige betaling noch volledig verhaal van het verschuldigde bedrag volgt - onder handhaving van voormelde verplichting - vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 73 dagen;

bepaalt dat voldoening van de gehele of gedeeltelijke betalingsverplichting aan de benadeelde partij de betalingsverplichting aan de Staat in zoverre doet vervallen, alsmede dat voldoening van de gehele of gedeeltelijke betalingsverplichting aan de Staat de betalingsverplichting aan de benadeelde partij in zoverre doet vervallen.

Dit vonnis is gewezen door

mr. A.H.Th. de Boer, voorzitter,

mrs. R.C. Hartendorp en M.J.J. Visser, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. F.M. Schreuder, griffier,

en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank van 5 augustus 2014.

Mr. De Boer is buiten staat dit vonnis te tekenen.