Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBDHA:2013:BY9612

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
02-01-2013
Datum publicatie
25-01-2013
Zaaknummer
409800 - HA ZA 12-11
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Rolbeslissing. Procedure ingeleid bij Europees betalingsbevel. Verweerschrift dus verwezen naar procedure op tegenspraak. Gedaagde heeft geen advocaat gesteld. Oproeping via Bet-Vo (niet vereist maar wel verzocht door griffie): geen resultaat. Vervolgens is de dagvaarding op verzoek van de griffie door de eiser aangetekend verzonden. Rolbeslissing: akte uitlating omdat EBB-formulier niet aan vereisten voldoet die worden gesteld aan een dagvaarding.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Rolbeslissing

RECHTBANK DEN HAAG

team handel

zaaknummer / rolnummer: 409800 / HA ZA 12-11

Rolbeslissing van 2 januari 2013

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

GRANT THORNTON ACCOUNTANTS EN ADVISEURS B.V.,

gevestigd te Alphen aan den Rijn,

eiseres,

advocaat mr. N.A. de Leeuw,

tegen

de vennootschap naar buitenlands recht

MIRZON PROIECT S.R.L.,

gevestigd te Oradea, Roemenië,

gedaagde,

niet vertegenwoordigd door een advocaat.

Partijen zullen hierna Grant Thornton en Mirzon Proiect genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het Europees betalingsbevel (396023 / HA RK 2011.344) van 27 juni 2011 van de zijde Grant Thornton;

- het verweerschrift van 10 oktober 2011 van de zijde van Mirzon Proiect;

- de beschikking van 30 november 2011 van de rechtbank 's-Gravenhage, waarbij is bevolen dat de procedure zich in de stand waarin zij zich bevindt wordt voortgezet volgens het gewone burgerlijk procesrecht en waarbij de zaak is verwezen naar de rolzitting van 11 januari 2012 van de rechtbank 's-Gravenhage, sector civiel.

1.2. Ten slotte is een datum voor vonnis bepaald.

2. De beoordeling

2.1. De onderhavige zaak betreft een Europees betalingsbevel waartegen verweer is gevoerd. Op basis van artikel 17 lid 1 van de Verordening (EG) nr. 1896/2006 van 12 december 2006 tot invoering van een Europese betalingsbevelprocedure heeft de rechtbank 's-Gravenhage (vanaf 1 januari 2013: rechtbank Den Haag) de procedure verwezen naar de sector civiel (vanaf 1 januari 2013: team handel) om als rolprocedure te worden voortgezet.

2.2. Grant Thornton heeft conform de Verordening (EG) nr. 1348/2000 van 13 november 2007 inzake de betekening en de kennisgeving in de lidstaten van gerechtelijke en buitengerechtelijke stukken in burgerlijke en handelszaken getracht een oproepingsexploot aan Mirzon Proiect te (laten) betekenen. De ontvangende instantie in Roemenië heeft het certificaat van betekening echter - ondanks meerdere verzoeken van Grant Thornton - niet teruggestuurd. Vervolgens heeft Grant Thornton bij oproepingsexploot van 23 oktober 2012 (met bijvoeging van de voornoemde beschikking van 30 november 2011 in het Roemeens vertaald) Mirzon Proiect opgeroepen om op 5 december 2012 te verschijnen voor de onderhavige rechtbank, welk oproepingsexploot aangetekend aan Mirzon Proiect is verstuurd. Voor Mirzon Proiect heeft zich geen advocaat gesteld.

2.3. Het Europees betalingsbevel waarmee de procedure is ingeleid behoeft aanvulling. Grant Thornton wordt in de gelegenheid gesteld een akte te nemen waarin zij de eis en de gronden daarvan, de door Mirzon Proiect tegen de eis aangevoerde verweren en de gronden daarvoor en de bewijsmiddelen waarover zij kan beschikken, moet uiteenzetten in overeenstemming met het voorschrift van artikel 111 lid 2 onder d en artikel 111 lid 3 Rv. Voorts dient Grant Thornton zich uit te laten over de grondslag van de rechtsmacht van de Nederlandse rechter en het op de vorderingen toepasselijke recht. De akte moet derhalve voldoen aan de eisen die aan de dagvaarding op deze punten worden gesteld. Voorzover Grant Thornton haar vordering wenst te veranderen of te vermeerderen, wijst de rechtbank op het voorschrift van artikel 130 lid 3 Rv. Ondanks dat Mirzon Proiect in de procedure is verschenen, acht de rechtbank dit artikellid van overeenkomstige toepassing op de onderhavige situatie nu zich voor Mirzon Proiect geen advocaat heeft gesteld.

3. De beslissing

De rechtbank

3.1. verwijst de zaak naar de rol van 30 januari 2013 voor het nemen van een akte door Grant Thornton over hetgeen is vermeld in r.o. 2.3.,

3.2. houdt iedere verdere beslissing aan.

Deze beslissing is gegeven door mr. J. Mendlik op 2 januari 2013.