Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBDHA:2013:18433

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
23-12-2013
Datum publicatie
27-01-2014
Zaaknummer
C-09-454713 - KG ZA 13-1305
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Kort geding
Inhoudsindicatie

Kort geding. Inkoopprocedure. Beoordeling kwalitatieve subgunningscriteria.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JAAN 2014/50

Uitspraak

Rechtbank den haag

Team Handel - voorzieningenrechter

zaak- / rolnummer: C/09/454713 / KG ZA 13-1305

Vonnis in kort geding van 23 december 2013 (bij vervroeging)

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

INPUBLIC VENTURES B.V.,

gevestigd te Rotterdam,

eiseres,

advocaat mr. L.C. van den Berg te Den Haag,

tegen:

de rechtspersoon naar publiekrecht

GEMEENTE ZOETERMEER,

zetelend te Zoetermeer,

eiseres,

advocaat mr. W.M. Ritsema van Eck te Leiden,

waarin is tussengekomen:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

P1 ON STREET B.V.,

gevestigd te Den Haag,

advocaat mr. S.G. Tichelaar te Rotterdam.

Partijen zullen hierna worden aangeduid als 'Inpublic', 'de Gemeente' en 'P1'.

1 Het incident tot tussenkomst dan wel voeging

P1 heeft gevorderd te mogen tussenkomen in de procedure tussen Inpublic en de Gemeente, dan wel zich te mogen voegen aan de zijde van de Gemeente. Ter zitting van 16 december 2013 hebben Inpublic en de Gemeente verklaard geen bezwaar te hebben tegen toewijzing van de incidentele vordering. P1 is vervolgens toegelaten als tussenkomende partij, aangezien zij aannemelijk heeft gemaakt dat zij daarbij voldoende belang heeft. Voorts is niet gebleken dat de tussenkomst in de weg staat aan de vereiste spoed bij dit kort geding en de goede procesorde in het algemeen.

2 De feiten

Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting van 16 december 2013 wordt in dit geding van het volgende uitgegaan.

2.1.

Op 16 augustus 2013 is de Gemeente een openbare Europese aanbestedingsprocedure gestart met betrekking tot het parkeerbeheer binnen haar gemeentegrenzen. In dat kader wordt onder parkeerbeheer verstaan: de handhaving van gereguleerde parkeercontrole, het in stand houden van een parkeerservicebureau, het beheer van parkeerapparatuur op straat, het beheer van gemeentelijke parkeergarages, de inzameling en naheffing van parkeergelden, de afhandeling van bezwaar- en beroepsprocedures, alsmede de invordering van naheffingsaanslagen.

2.2.

Het op de aanbesteding betrekking hebbende Beschrijvend Document (hierna 'BD') vermeldt, voor zover hier van belang:

"4.5 Tegenstrijdigheden

Dit Beschrijvend document met alle bijbehorende Bijlagen is met zorg samengesteld. De gemeente verwacht van de Inschrijvers een proactieve houding. Dit betekent dat indien de Inschrijver onduidelijkheden, tegenstrijdigheden, procedurefouten en/of onvolkomenheden tegenkomt, de Inschrijver het cluster Aanbestedingen hiervan zo spoedig mogelijk doch uiterlijk 2 september 2013, 12.00 uur, op de hoogte dient te stellen via het e-mailadres: inkoop@zoetermeer.nl met opgave van eventuele consequenties en/of correctievoorstellen. Ook eventuele bezwaren tegen (delen van) dit document (bijv. m.b.t. termijnen, criteria, werkwijze) dient u zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 2 september 2013, 12.00 uur, te uiten via het e-mailadres: inkoop@zoetermeer.nl. De gemeente zal aan het uitblijven van klachten het vertrouwen ontlenen, dat de aanbesteding zonder bezwaar kan worden voortgezet en tot ontvangst van de Inschrijvingen kan worden overgegaan. Inschrijvers die voorafgaand aan de datum voor het stellen van vragen niet klagen over onduidelijkheden, tegenstrijdigheden, procedurefouten en/of onvolkomenheden, doen afstand van hun recht om tegen die onregelmatigheden op te komen, althans hebben zij dat recht verwerkt wanneer bovenstaande datum is verstreken.

4.6

Voorbehouden voor de gemeente

(…)

Voorbehoud in geval van onjuiste/onvolledige informatie

De gemeente Zoetermeer behoudt zich het recht voor alle verstrekte gegevens op hun juistheid te controleren. Als tijdens de aanbestedingsprocedure blijkt dat door Inschrijver onjuiste of onvolledige informatie is verstrekt en/of Inschrijver hetgeen door Inschrijver is aangeboden niet kan nakomen, wordt Inschrijver van verdere deelname uitgesloten."

2.3.

Het Programma van Eisen (hierna 'PvE'), houdt - onder meer - het volgende in:

" 1.2 Algemene inleiding PvE

In het Programma van Eisen (PvE) zijn de eisen opgenomen waar de Opdrachtnemer in het kader van de te sluiten Overeenkomst aan dient te voldoen. Bij de uitvoering van de opdracht dient Opdrachtnemer te allen tijde te voldoen aan de gestelde eisen voor het naar behoren uitvoeren van de opdracht. Met het indienen van een aanbieding geeft de aanbieder tevens aan, dat hij akkoord gaat met alle in het PvE gestelde eisen.

(…)

6 Invordering naheffingsaanslagen en beschikkingen

6.1

Naheffingsaanslagen

6.1.1

Algemeen

De Opdrachtnemer draagt zorg voor de invordering van de door zijn medewerkers uitgeschreven naheffingsaanslagen. Bij aanvang van de Overeenkomst worden de op dat moment nog uit-/openstaande naheffingsaanslagen door de huidige Opdrachtnemer ingevorderd.

6.1.2

Invorderingspercentage

Voor de beoordeling geldt een naheffing als niet ingevorderd als 6 maanden na verzending eerste duplicaat geen betaling heeft plaatsgevonden. Als minimale eis geldt dat 93% van de invorderbare naheffingsaanslagen op Nederlands kenteken moet zijn ingevorderd binnen 6 maanden na verzending eerste duplicaat (inclusief eventuele navorderingen).2 De Opdrachtnemer geeft aan óf en zo ja in welke mate zij een hoger percentage kan garanderen.

(…)

17 Gunningcriteria

Het gunningscriterium is de Economisch meest Voordelige Inschrijving (EMVI). Waarbij een verhouding prijs:kwaliteit van 40:60 wordt gehanteerd. Behalve indien de Gemeente afziet van gunning van de Opdracht, wordt aan de Inschrijver met de Economisch Meest Voordelige Inschrijving het voornemen tot gunning geuit.

Om de Economisch meest Voordelige Inschrijving te bepalen wordt de Inschrijving gewaardeerd aan de hand van de kwaliteit en de Prijs.

De van Inschrijvers ontvangen ingevulde prijsformulieren zullen pas na afronding van de kwalitatieve beoordeling worden geopend en beoordeeld.

De Inschrijvingen worden beoordeeld op basis van gunningscriteria. In dit hoofdstuk wordt beschreven welke criteria zijn gehanteerd, op welke wijze deze worden beoordeeld en op welke wijze de totaalscore en de definitieve rangorde tot stand komen.

17.1

Weging gunningscriteria

De beoordeling van de Inschrijvingen vindt plaats op basis van onderstaande gunningscriteria, waarbij achter de gunningscriteria het op dit onderdeel maximaal aantal te behalen punten is vermeld.

Elk gunningscriterium omvat één of meerdere subcriteria. De scores op deze subcriteria bepalen het behaalde aantal punten per gunningscriterium. De scores op de afzonderlijke subcriteria worden middels een onderlinge weging meegerekend, dit gebeurt op basis van de in de kolom 'onderlinge weging subcriteria' opgenomen percentages.

Gunningscriterium

Max. aantal punten

Onderlinge weging subcriteria

I

Prijs

40

Vergoeding voor de dienstverlening

100%

II

Kwaliteit

II.1

Handhaving gereguleerd parkeren

15

II.1.1

Wijze van (klantvriendelijke) handhaving

30%

II.1.2

Percentage ontvangen bezwaarschriften

30%

II.1.3

Betalingsbereidheid

40%

II.2

Naheffingsaanslagen

4

II.2.1

Invorderingspercentage

50%

II.2.2

Invordering inzake buitenlandse kentekens

50%

II.3

Uitgifte, toetsing en controle vergunningverlening

10

II.3.1

Toetsing en uitgifte waardepapieren

35%

II.3.2

Digitale aanvraag en mutaties Parkeervergunningen

40%

II.3.3

Digitaal vignet

25%

II.4

Parkeerservicebureau

5

II.4.1

Parkeerservicebureau

100%

II.5

Beheer Parkeerapparatuur en technische installaties

5

II.5.1

Preventief onderhoud en storingsherstel

75%

II.5.2

Planmatig onderhoud

25%

II.6

Beheer parkeergarages

6

II.6.1

Operationeel beheer

30%

II.6.2

Schoon, heel en veilig

40%

II.6.3

Calamiteiten

30%

II.7

Rapportage

10

II.7.1

Werkwijze en voorbeeldrapportage

75%

II.7.2

Snelheid leveren correcte managementinformatie

25%

II.8

Duurzaamheid

5

II.8.1

Deelname verklaring Duurzaam inkopen

100%

Totaal

100

(…)

17.2

Beoordeling gunningscriteria

(…)

1.

17.2.2

Beoordeling kwaliteit

Het maximaal aantal te behalen punten voor het onderdeel kwaliteit bedraagt 60 punten. Dit aantal is opgebouwd uit het maximaal aantal te behalen punten voor elk van de afzonderlijke gunningcriteria van het onderdeel kwaliteit.

Per subcriterium kan een Inschrijver een score van minimaal 1 en maximaal 10 behalen. Het aantal behaalde punten per subcriterium wordt vervolgens middels onderstaande formule berekend:

score/10 * wegingsfactor * max.punten = behaald aantal punten

Waarbij:

score = toegekende score aan subcriterium, 0 tot 10;

wegingsfactor = onderlinge wegingsfactor subcriterium, zoals opgenomen in tabel 4.1;

max. punten = maximaal aantal te behalen punten voor het gunningscriterium waartoe subcriterium
behoort;

behaald aantal punten = behaald aantal punten voor het betreffende subcriterium;

Het toe te kennen aantal punten per subcriterium wordt afgerond op twee decimalen. De puntenscore per gunningscriterium wordt bepaald door de behaalde punten per subcriterium, behorende tot het gunningscriterium, te sommeren.

(…)

17.3

Wijze van beoordeling

De eisen die in het Programma van Eisen zijn aangegeven zijn minimumeisen. Voor de beoordeling van de kwaliteit van de dienstverlening moet de Inschrijver in zijn Inschrijving de informatie verschaffen zoals deze hieronder per gunningscriterium is opgenomen. Uit de verschafte informatie moet duidelijk blijken hoe de Opdrachtnemer in zijn bedrijfsvoering te werk gaat.

Elk van de gunningscriteria bestaat uit één of meerdere subcriteria. Per subcriterium kan een score van minimaal 0 en maximaal 10 worden behaald. Bij de toekenning van de score wordt gebruik gemaakt van gehele getallen. De beoordeling wordt uitgevoerd door het beoordelingsteam. De afdeling Inkoop van de gemeente Zoetermeer begeleidt het beoordelingsproces, zij beoordeelt de Inschrijvingen niet inhoudelijk.

Indien het de beoordeling van een kwalitatief subcriterium betreft, geldt het volgende:

Het beoordelingsteam baseert haar rapportcijfer op haar totaalbeeld van de kwaliteit van de Inschrijving met betrekking tot het desbetreffende subcriterium; De toewijzing van punten geschiedt als volgt (met uitzondering van de onderdelen waarin aan de hand van percentages wordt beoordeeld).

Antwoord

Evaluatie

Waardering

Ontbreekt

De informatie ontbreekt

0

Niet overeenstemmend

De gegeven informatie voldoet niet aan de verwachtingen van de opdrachtgever. De inschrijving geeft de opdrachtgever onvolledige informatie.

2

Matig overeenstemmend

De gegeven informatie is niet volledig in overeenstemming met de verwachtingen van de opdrachtgever en/of niet projectgericht. Er ontbreekt informatie over significante punten. De wijze van invulling is niet overtuigend, laat openingen over.

5

Overeenstemmend

De gegeven informatie is volledig in overeenstemming met de verwachtingen van de opdrachtgever, de informatie is projectgericht en voldoet daarmee aan de

verwachtingen van de opdrachtgever.

7

Onderscheidend

De gegeven informatie is volledig in overeenstemming met de verwachtingen van de opdrachtgever, de informatie is projectgericht en voldoet daarmee aan de

verwachtingen van de opdrachtgever. De wijze van invulling is bovendien zeer innoverend. Er is sprake van

positief onderscheidend vermogen ten opzichte van overige dienstverleners. Toont hoogwaardige kwaliteit

van dienstverlening.

10

De beoordeling vindt afzonderlijk en op basis van onderling vergelijk van de Inschrijvingen plaats;

Het beoordelingsteam kent in gezamenlijk overleg unaniem één score toe aan elk van de benoemde subcriteria.

Totaalscore en definitieve rangorde

De totaalscore wordt bepaald door het behaalde aantal punten op het onderdeel kwaliteit en het behaalde aantal punten op het onderdeel prijs te sommeren. De maximaal haalbare totaalscore bedraagt 100,00 punten.


Het voornemen tot gunning wordt geuit aan de inschrijver met de hoogste Totaalscore.

(…)

17.5

Toelichting Gunningscriterium II "Kwaliteit"

(…)

- Gunningscriterium II.2 Naheffingsaanslagen

Onderdeel

Beoordeling

Weging per subcriterium

II.2.1

Invorderings-percentage

De Inschrijver geeft aan welk percentage van de invorderbare naheffingen van Nederlandse kentekens zal worden ingevorderd; Uitsluitend voor de beoordeling geldt een naheffing als niet meer invorderbaar als 6 maanden na verzending eerste duplicaat geen betaling heeft plaatsgevonden.

Beoordeling score:

93,01% - 93,5%: 1

93,51% - 94,0%: 2

94,01% - 94,5%: 3

94,51% - 95,0%: 4

95,01% - 95,5%: 5

95,51% - 96,0%: 6

96,01% - 96,5%: 7

96,51% - 97,0%: 8

96,01% - 97,5%: 9

97,51% - 98,0%: 10

Punten worden toegekend indien uit de onderbouwing voldoende blijkt dat het bereiken van dit percentage reëel is.

50%

(…)

- Gunningscriterium II.3 "Uitgifte, toetsing en controle vergunningverlening"

Onderdeel

Beoordeling

Weging per sub- criterium

(…)

(…)

(…)

II.3.2

Digitale aanvraag en mutaties van Parkeervergunningen en -ontheffingen

De gemeente Zoetermeer heeft als wens om het aanvragen, muteren en verlengen van parkeervergunningen en -ontheffingen via een website te laten plaatsvinden. De gemeente hecht belang aan de volgende aspecten.

(…)

Inschrijver beschrijft op welke wijze hij hieraan invulling geeft.

Voor de beoordeling wordt gekeken naar:

1. Vormgeving en gebruiksvriendelijkheid van de website

2. Onderhoud van actualiteit website

3. Waarborgen van aanvraagproces via de website

4. Beveiliging tegen ongewenst gebruik van de website

5. Optie voor aanvrager tot volgen behandeltraject

6. Tijdstip waarop opdrachtnemer de functionaliteit volledig beschikbaar heeft (hoe eerder hoe beter).

Voor de implementatiekosten van de vergunningverlening via de website, is een stelpost beschikbaar. Kosten kunnen op basis van een offerte en na toestemming van de Opdrachtgever in rekening gebracht worden.

40%

(…)

- Gunningscriterium II.7 "Rapportage"

Onderdeel

Beoordeling

Weging per sub- criterium

II.7.1

Voorbeeld

rapportage en presentatie

De Inschrijver beschrijft de door hem aan te leveren rapportages. Hij gaat in op de structuur van de door hem op te bouwen database. Hij geeft aan hoe de data worden verzameld en veiliggesteld. Hij geeft aan hoe hij de juistheid van de rapportages bewerkstelligt.

De Inschrijver levert tevens een voorbeeld van de door hem te verzorgen maand/kwartaal/jaarrapportage.

Het voorbeeld wordt beoordeeld op:

1. Voldoen aan de rapportage-eisen;

2. Overzichtelijkheid opbouw;

3. Toelichtingen en analyse van trends en afwijkingen;

4. Grafische informatie;

5. Vergelijkbaarheid met voorgaande perioden;

6. Beschikbaarheid website met online ruwe data;

7. Mogelijkheid rapportages en ruwe data te importeren (Word, Excel of Acces).

75%

"

2.4.

Op de aanbesteding hebben Inpublic, P1 en G4S Public Security B.V. ingeschreven.

2.5.

Bij brief van 31 oktober 2013 heeft de Gemeente - onder andere - het volgende bericht aan Inpublic:

"Naar aanleiding van uw inschrijving voor de openbare Europese aanbesteding parkeerbeheer voor de gemeente Zoetermeer, delen wij u hierbij het voorlopig gunningresultaat mede.

Op basis van de beoordeling van de inschrijvingen heeft het projectteam vastgesteld dat Inpublic Ventures B.V. niet de Economisch Meest Voordelige Inschrijving heeft ingediend.

(…)

Evaluatie heeft plaatsgevonden en heeft geleid tot de volgende rangorde van inschrijvers:

1. P1 On Street B.V.

2. lnpublic Ventures B.V.

3. G4S Public Security bv

Uit de ontvangen inschrijvingen is die van P1 On Street B.V. de economisch meest voordelige gebleken met 88,20 punten. Aan deze Inschrijver zal de gemeente de opdracht voorlopig gunnen en de overlegging van bewijsstukken en/of ondertekende verklaringen vorderen als voorwaarde voor het definitief gunnen van de opdracht.

Samenvattend is uw totaalbeoordeling ten opzichte van de "Economisch Meest Voordelige inschrijving (EMVI)" is als volgt:

Gunningcriterium

Maximum te behalen punten

Score EMVI

Uw score

Vergoeding voor de dienstverlening

40

36,45

40

Handhaving gereguleerd parkeren

15

13,05

13,65

Naheffingsaanslagen

4

4

3,4

Uitgifte, toetsing en controle vergunningverlening

10

10

7,55

Parkeerservicebureau

5

3,5

3,5

Beheer Parkeerapparatuur en technische installaties

5

3,5

3,5

Beheer parkeergarages

6

4,2

4,2

Rapportage

10

10

7,75

Duurzaamheid

5

3,5

3,5

Totaal score

100

88,20

87,05

De reden waarom uw inschrijving voor deze gunningcriteria niet de maximale score heeft behaald is als volgt:

(…)

Naheffingsaanslagen:

U heeft een lager invorderingspercentage geoffreerd.

Uitgifte. toetsing en controle vergunningverlening:

Ten aanzien van het tweede sub gunningscriterium is de inschrijving niet gericht op en weinig concreet over functionaliteit voor de aanvrager c.q. bezoeker van de webomgeving: de gebruiksvriendelijkheid van de website.

De informatie over bezoekersvergunningen is voor Zoetermeer niet relevant.

'Optie voor aanvrager tot volgen behandeltraject' is summier beschreven.

Tijdstip waarop Opdrachtnemer de functionaliteit volledig beschikbaar heeft, is niet benoemd: 'het draait al bij andere gemeenten' is niet relevant in deze.

(…)

Rapportage:

In de voorbeeld maandrapportage ontbreekt informatie met betrekking tot, bezwaarschriften, naheffingsaanslagen en beschikkingen. De getoonde voorbeeldrapportage (kwartaal) bevat veel cijfermatige info en overzichten. Door de veelheid van info is de hoofdlijn moeilijker te herkennen. De informatie is daardoor moeilijk toegankelijk voor de lezer. Te veel detail.

(…)

Indien u daar prijs op stelt, kunt u contact opnemen met mevrouw [A] voor een toelichting op uw inschrijving in de vorm van een toelichtinggesprek. Mocht u zich niet in deze toelichting op de beoordeling kunnen vinden en nog steeds bezwaren hebben tegen het gunningvoornemen, dan kunt u binnen twintig (20) kalenderdagen na elektronische verzending van deze gunningsbeslissing hiertegen opkomen bij de civiele rechter te 's-Gravenhage."

2.6.

Op 7 november 2013 heeft - op verzoek van Inpublic - een gesprek plaatsgevonden tussen partijen, waarin de Gemeente de gunningsbeslissing nader heeft toegelicht.

2.7.

Bij brief van 13 november 2013 heeft Inpublic haar bezwaren tegen de gunningsbeslissing (nogmaals) kenbaar gemaakt aan de Gemeente en verzocht om over te gaan tot een herbeoordeling. Op 14 november 2013 heeft de Gemeente dit verzoek afgewezen.

3 Het geschil

3.1.

Inpublic vordert de Gemeente, op straffe van verbeurte van een dwangsom:

primair

I. te verbieden om over te gaan tot gunning aan P1, althans te gebieden P1 uit te sluiten;

II. te verbieden de opdracht te gunnen aan een ander dan Inpublic;

subsidiair

III. te gebieden over te gaan tot herberekening van de scores van de inschrijvers, onder uitsluiting van P1, dan wel correctie van de aan P1 toegekende scores;

meer subsidiair

IV. te gebieden over te gaan tot herbeoordeling van de biedingen overeenkomstig de aanbestedingstukken;

uiterst subsidiair

V. te veroordelen over te gaan tot een volledige heraanbesteding van de opdracht, voor zover de Gemeente deze nog wenst te gunnen;

een en ander met veroordeling van de Gemeente in de proceskosten.

3.2.

Samengevat voert Inpublic daartoe het volgende aan.

P1 kan en mag niet worden aangemerkt als de economisch meest voordelige inschrijver. Ten onrechte zijn aan haar voor wat betreft de gunningscriteria (i) Naheffingsaanslagen, (ii) Uitgifte, toetsing en controle vergunningverlening en (iii) Rapportage de maximale scores toegekend.

Met het oog op het subgunningscriterium Invorderingspercentage (inzake niet-buitenlandse kentekens) heeft P1 zich bediend van een irreële, inschrijving, door het hoogst mogelijke percentage (97,51%-98,0%) aan te bieden. Dat percentage is echter - objectief gezien - onhaalbaar, zodat P1 zal tekortschieten in de nakoming van haar verplichtingen uit de met de Gemeente te sluiten overeenkomst. Indien de Gemeente zelfstandig een onderzoek zou hebben verricht naar het realiteitsgehalte van dat percentage - waartoe zij op grond van de aanbestedingsstukken en jurisprudentie gehouden was - zou dat duidelijk zijn geworden. Dat heeft zij echter nagelaten. P1 had moeten worden uitgesloten, althans aan haar had een lagere score ter zake van het criterium Naheffingsaanslagen moeten worden toegekend. Bovendien lokt de beoordelingssystematiek uit tot manipulatieve inschrijvingen, door de eventueel verschuldigde (lage) boete bij niet-nakoming van de overeenkomst in te calculeren bij de aanbieding van het hoogste - maar onhaalbaar - invorderingspercentage.

Voorts zijn aan P1 ten onrechte 10 punten toegekend inzake het criterium Uitgifte, toetsing en controle vergunningverlening, aangezien haar inschrijving niet zeer innoverend is. Verder had Inpublic op dat criterium hoger moeten scoren, omdat haar - ten aanzien van het subgunningscriterium Digitale aanvraag en mutaties Parkeervergunningen - ten onrechte wordt aangerekend dat zij in haar inschrijving geen concrete datum voor de invoering van een web-based systeem heeft genoemd.

Daarnaast had Inpublic hoger moeten scoren voor wat betreft het criterium Werkwijze en voorbeeldrapportage aangezien haar op onjuiste gronden wordt verweten dat de opbouw van haar voorbeeldrapportage onoverzichtelijk is. Bovendien had aan P1 ter zake van het criterium Rapportage niet de maximale score van 10 punten mogen worden toegekend, omdat haar inschrijving ook op dat punt niet zeer innoverend is.

Een en ander brengt mee dat Inpublic moet worden aangemerkt als de economisch meest voordelige inschrijver.

3.3.

De Gemeente en P1 hebben de vorderingen van Inpublic gemotiveerd bestreden. Voor zover nodig zal hun verweer hierna worden besproken.

3.4.

P1 vordert de Gemeente te verbieden de opdracht te gunnen aan een ander dan haar.

3.5.

Verkort weergegeven voert P1 daartoe aan dat de Gemeente haar terecht tot 'winnaar' van de aanbestedingsprocedure heeft uitgeroepen en (dus) op goede gronden voornemens is de opdracht aan haar te gunnen.

3.6.

Voor zover nodig zullen de standpunten van Inpublic en de Gemeente met betrekking tot de vordering van P1 hierna worden besproken.

4 De beoordeling van het geschil

Inzake de vordering van Inpublic

Vooraf

4.1.

In de onderhavige procedure stelt Inpublic de beoordeling door de Gemeente van de kwalitatieve subgunningscriteria Naheffingsaanslagen, Uitgifte, toetsing en controle vergunningverlening en Rapportage, althans bepaalde onderdelen daarvan (subgunningscriteria), ter discussie. Alvorens de bezwaren van Inpublic te beoordelen, wordt het volgende vooropgesteld.

4.2.

Enige mate van subjectiviteit is inherent aan de beoordeling van een kwalitatief criterium. Weliswaar staat dat (enigszins) op gespannen voet met de objectieve beoordelingssystematiek van het aanbestedingsrecht en de daarop toepasselijke beginselen van transparantie en gelijke behandeling, maar het behoeft - op zichzelf - nog niet mee te brengen dat ook daadwerkelijk sprake is van strijd met dat recht c.q. die beginselen. Van belang is dat (i) het voor een kandidaat-inschrijver volstrekt duidelijk is wat van hem wordt verwacht, (ii) de inschrijvingen aan de hand van een zo objectief mogelijk systeem worden beoordeeld, en (iii) de gunningsbeslissing zodanig inzichtelijk wordt gemotiveerd dat het voor de afgewezen inschrijvers mogelijk is om de wijze waarop de beoordeling heeft plaatsgevonden te toetsen. Voor het overige komt de rechter slechts een beperkte toetsingsvrijheid toe wanneer het aankomt op de beoordeling van een kwalitatief criterium. Aan de aangewezen - deskundige - beoordelaars moet dienaangaande de nodige vrijheid worden gegund. Dat klemt te meer nu van de rechter niet kan worden verlangd dat hij specifieke deskundigheid bezit op het gebied van het onderwerp van de opdracht. Slechts indien sprake is van - procedurele dan wel inhoudelijke - onjuistheden c.q. onduidelijkheden, die zouden kunnen meebrengen dat de gunningsbeslissing niet deugt, is plaats voor ingrijpen door de rechter (zie o.a. LJN: BW9894, r.o. 3.5).

Naheffingsaanslagen

4.3.

Zoals hiervoor onder 3.2 al aangegeven stelt Inpublic zich op het standpunt dat het aanbod van P1 voor wat de invordering van naheffingsaanslagen ter zake van Nederlandse kentekens (97,51%-98,0%) onhaalbaar en dus niet reëel is, alsmede dat de Gemeente gehouden was nader onderzoek te verrichten naar het realiteitsgehalte van dat aanbod, welke verplichting de Gemeente niet is nagekomen. Volgens haar moet P1 alsnog worden uitgesloten van de aanbesteding, dan wel dient de inschrijving van P1 op het onderhavige criterium met een lagere score te worden beoordeeld.

4.4.

Blijkens het bepaalde onder 4.6 in het BD heeft de Gemeente zich het recht voorbehouden om door inschrijvers verstrekte gegevens op juistheid te controleren. Een verplichting daartoe valt daarin niet te lezen. De Gemeente heeft zich wel verplicht om een inschrijver van verdere deelname uit te sluiten als tijdens de aanbestedingsprocedure blijkt dat de inschrijver onjuiste of onvolledige informatie heeft verstrekt en/of zijn aanbod niet kan nakomen. Voorts heeft de Gemeente in het PvE - onder 17.5 - met betrekking tot het onderhavige subgunningscriterium het voorbehoud gemaakt dat slechts punten worden toegekend indien uit de onderbouwing voldoende blijkt dat het aangeboden percentage reëel is.

4.5.

Op grond van het voorgaande kan Inpublic niet worden gevolgd in haar stelling dat de Gemeente verplicht was om zelfstandig een onderzoek te doen naar het realiteitsgehalte van het door P1 aangeboden invorderingspercentage. Van de Gemeente mag slechts worden verwacht dat zij onderzoekt of het door een inschrijver aangeboden percentage in voldoende mate volgt uit de daarvoor gegeven onderbouwing. Inpublic heeft dat - als behoorlijk geïnformeerd en normaal oplettend inschrijver - ook moeten (kunnen) begrijpen.

4.6.

Daar komt bij dat er - in het beperkte bestek van dit kort geding - niet van kan worden uitgegaan dat P1 onjuiste en/of onvolledige informatie heeft verstrekt, noch dat zij haar aanbod niet kan nakomen. De Gemeente heeft gemotiveerd aangevoerd dat P1 het aangeboden percentage goed ("overtuigend en doorwrocht") heeft onderbouwd. Op zichzelf heeft Inpublic dit niet - voldoende gemotiveerd - weersproken. Bovendien hebben de Gemeente en - in het bijzonder - P1 de stelling van Inpublic dat het door P1 aangeboden percentage irreëel is gemotiveerd betwist. Met de Gemeente en P1 moet worden geoordeeld dat niet kan worden verlangd dat meer details worden verstrekt over het onderhavige aanbod van P1, aangezien deze bedrijfsvertrouwelijke informatie bevatten en concurrentiegevoelig zijn. Die details geven immers inzicht in de werkwijze van P1 aan de hand waarvan door haar het hoge invorderingspercentage kan worden behaald, welk percentage voor Inpublic - volgens haar eigen stellingen - niet haalbaar is. Op grond van een en ander moet worden aangenomen dat de Gemeente op goede gronden 10 punten heeft toegekend aan de inschrijving van P1 voor wat betreft het hier aan de orde zijnde criterium. Voor zover te zijner tijd mocht blijken dat het aangeboden percentage toch niet haalbaar is voor P1, dan zullen de gevolgen daarvan moeten worden opgelost in de contractuele verhouding tussen de Gemeente en P1.

4.7.

Bezien in het licht van het voorgaande komt Inpublic in het onderhavige verband reeds geen beroep toe op het arrest van het gerechtshof Amsterdam van 9 juli 2013 (ECLI:NL:GHAMS:2013:3398) omdat geen sprake is van vergelijkbare gevallen. In die zaak was als eis gesteld dat de aangeboden prijzen kostendekkend zouden zijn en oordeelde het Hof dat de aanbestedende dienst dient te verifiëren of het aanbod daaraan voldoet. In de onderhavige zaak is de voorwaarde dat het aangeboden percentage blijkt uit de onderbouwing. Zoals hiervoor al overwogen moet ervan worden uitgegaan dat de inschrijving van P1 daaraan voldoet.

4.8.

Aan de - gemotiveerd betwiste - stelling van Inpublic dat de gehanteerde beoordelingssystematiek manipulatieve inschrijvingen in de hand werkt wordt ook voorbijgegaan. Ingevolge het bepaalde onder 4.5 in het BD had Inpublic daarover uiterlijk op 2 september 2013 moeten klagen. Gesteld noch gebleken is dat zij dat heeft gedaan. Dit brengt mee dat zij haar rechten dienaangaande heeft verwerkt. Het daarop - tijdens de zitting - gedane beroep van de Gemeente treft dus doel.

Uitgifte, toetsing en controle vergunningverlening

4.9.

Met betrekking tot het criterium Uitgifte, toetsing en controle vergunningverlening kan Inpublic niet worden gevolgd in haar stelling dat de Gemeente haar - ter zake van het subgunningscriterium Digitale aanvraag en mutaties Parkeervergunningen - ten onrechte heeft verweten dat zij geen (concreet) tijdstip heeft genoemd waarop de door haar aangeboden functionaliteit volledig beschikbaar is. Vaststaat dat Inpublic diengaande geen (concreet) tijdstip heeft genoemd, maar heeft aangegeven dat zij over een draaiend en bewezen systeem beschikt. Dat is iets anders dan waarom werd gevraagd.

4.10.

Daar komt bij dat de Gemeente gemotiveerd heeft aangevoerd dat Inpublic om meerdere redenen niet het maximale puntenaantal heeft gescoord op het onderhavige criterium. Inpublic heeft dat niet bestreden. De juistheid van die stelling volgt bovendien uit de gunningsbrief van 31 oktober 2013.

4.11.

De stelling van Inpublic dat het aanbod van P1 ter zake van het onderhavige criterium niet zeer innoverend is en dus niet met een 10 had mogen worden gewaardeerd, is niet nader onderbouwd. De Gemeente en P1 hebben die stelling gemotiveerd weersproken, terwijl de Gemeente heeft aangevoerd dat de inschrijving van P1 voor wat betreft het onderhavige criterium ook nog eens positief onderscheidend is ten opzichte van de andere inschrijvers. Een en ander betekent dat voormelde stelling van Inpublic niet voor juist kan worden gehouden.

Rapportage

4.12.

Ten aanzien van het criterium Rapportage richt Inpublic haar bezwaren in het bijzonder op het verwijt van de Gemeente dat - met het oog op het subcriterium Werkwijze en voorbeeldrapportage - de voorbeeldrapportage moeilijk toegankelijk zou zijn vanwege de vele details. Op zichzelf heeft Inpublic niet betwist dat haar voorbeeldrapportage erg gedetailleerd is, maar volgens haar vloeit dat voort uit de door de Gemeente gestelde eisen. Wat daar verder ook van zij, de Gemeente heeft gemotiveerd gesteld dat er meerdere redenen waren om aan de inschrijving van Inpublic ter zake van het criterium Rapportage niet de maximale score van 10 toe te kennen. Inpublic heeft dat niet weersproken. Bovendien volgt de juistheid van de stelling van de Gemeente uit haar brief van 31 oktober 2013, waarin de gunningsbeslissing wordt medegedeeld. Een en ander betekent dat moet worden aangenomen dat Inpublic terecht niet de maximale score heeft behaald.

4.13.

De stelling van Inpublic dat het aanbod van P1 ter zake van het onderhavige criterium niet zeer innoverend is en dus niet met een 10 had mogen worden gewaardeerd is niet nader onderbouwd. De Gemeente en P1 hebben die stelling gemotiveerd weersproken, terwijl de Gemeente heeft aangevoerd dat de inschrijving van P1 voor wat betreft het onderhavige criterium ook nog eens positief onderscheidend is ten opzichte van de andere inschrijvers. Het voorgaande brengt mee dat voormelde stelling van Inpublic niet voor juist kan worden gehouden.

Afronding

4.14.

Op grond van al het bovenstaande zullen de vorderingen van Inpublic worden afgewezen.

4.15.

Als de in het ongelijk gestelde partij zal Inpublic in de procedure tegen de Gemeente - zoals verzocht uitvoerbaar bij voorraad en te vermeerderen met de wettelijke rente - worden veroordeeld in de proces- en nakosten.

Inzake de vordering van P1

4.16.

In de stellingen van de Gemeente ligt besloten dat zij nog steeds voornemens is de opdracht te gunnen aan P1. Gelet hierop en op de beslissing op de vorderingen van Inpublic, heeft P1 geen belang (meer) bij toewijzing van haar vordering.

4.17.

P1 zal in het kader van haar vordering worden veroordeeld in de kosten van de Gemeente. Deze kosten worden begroot op nihil, nu niet is gebleken dat de Gemeente als gevolg van die vordering extra kosten heeft moeten maken. Ondanks de afwijzing moet Inpublic in haar verhouding tot P1 worden aangemerkt als de in het ongelijk gestelde partij. Het doel van P1 was immers te voorkomen dat de opdracht niet aan Inpublic zou worden gegund, welk doel is bereikt. Inpublic zal dan ook - zoals gevorderd uitvoerbaar bij voorraad en te vermeerderen met de wettelijke rente - worden veroordeeld in de proces- en nakosten van P1.

5 De beslissing

De voorzieningenrechter:

- wijst de vorderingen van Inpublic af;

- wijst de vordering van P1 af;

- veroordeelt P1 voor wat betreft de door haar ingestelde vordering jegens de Gemeente in de kosten van de Gemeente, tot op dit vonnis begroot op nihil;

- veroordeelt Inpublic in de overige proceskosten, tot op dit vonnis aan de zijde van zowel de Gemeente als P1 telkens begroot op € 1.405,--, waarvan € 816,-- aan salaris advocaat en € 589,-- aan griffierecht;

- veroordeelt Inpublic tevens in de nakosten van zowel de Gemeente als P1, telkens forfaitair begroot op € 131,-- aan salaris advocaat;

- bepaalt, dat indien niet binnen veertien dagen na het uitspreken van dit vonnis aan voormelde proceskostenveroordelingen is voldaan, daarover de wettelijke rente verschuldigd is;

- bepaalt dat, indien en voor zover Inpublic niet binnen veertien dagen na aanschrijving aan dit vonnis heeft voldaan en het vonnis om die reden door de Gemeente en/of P1 aan Inpublic is betekend, de nakosten ten aanzien van (ieder van) hen worden vermeerderd met een bedrag van € 68,-- aan salaris advocaat, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de vijftiende dag na voormelde aanschrijving, alsmede met de explootkosten van de betekening van dit vonnis;

- verklaart voormelde kostenveroordelingen uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. G.P. van Ham en in het openbaar uitgesproken op 23 december 2013.

jvl