Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBDHA:2013:18167

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
18-12-2013
Datum publicatie
28-01-2014
Zaaknummer
C-09-437454 - HA ZA 13-185
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Norm Ontvanger/Roelofsen (Hoge Raad 8 december 2006, LJN AZ0758) van toepassing op degene die leiding geeft aan de ondernemingsactiviteiten van een commanditaire vennootschap

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
OR-Updates.nl 2014-0058
RO 2014/33
NJF 2014/184
JONDR 2014/562

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK DEN HAAG

Team handel

zaaknummer / rolnummer: C/09/437454 / HA ZA 13-185

Vonnis van 18 december 2013

in de zaak van

[A]

en

[B] ,

beiden wonende te [woonplaats], Russische Federatie,

eisers,

advocaat aanvankelijk mr. N. Roovers te Utrecht, nu mr. J.C. van Vliet te Utrecht,

tegen

de commanditaire vennootschap SUNTRAP C.V,

gevestigd te Moordrecht,

en

[C] ,

wonende te [woonplaats], Duitsland,

gedaagden,

advocaat mr. J. Eerbeek te Veenendaal.

Partijen worden hierna afzonderlijk aangeduid als [A], [B], Suntrap en [C]. Eisers worden gezamenlijk [A] c.s. genoemd, gedaagden gezamenlijk Suntrap c.s.

1 De procedure

1.1

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    de dagvaarding van 2 januari 2013 met productie 1 t/m 5;

  • -

    het vonnis in incident van 22 mei 2013, met de daarin vermelde stukken;

  • -

    de conclusie van antwoord met productie 1 t/m 6;

  • -

    het tussenvonnis van 7 augustus 2013, waarin een comparitie van partijen is bevolen;

  • -

    de akte indiening productie 7 van Suntrap c.s;

  • -

    de akte overlegging producties 6 t/m 14 met toelichting, van [A] c.s;

  • -

    de akte overlegging producties 8 t/m 13 van Suntrap c.s;

  • -

    het proces-verbaal van comparitie van 28 oktober 2013;

  • -

    de akte na comparitie van Suntrap c.s.

1.2

Ten slotte is een datum voor vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1

Suntrap richt zich op de groothandel, distributie en installatie van onder andere zonnepanelen. De beherend vennoot van Suntrap is de vennootschap naar Engels recht Bucketfield Ltd. In de registers van de Kamer van Koophandel is geregistreerd dat [C] vanaf 2 februari 2011 volledig gevolmachtigd is Suntrap te vertegenwoordigen.

2.2

In een overeenkomst van 15 oktober 2011, ondertekend door [C] als gevolmachtigde van Suntrap enerzijds en door [B] anderzijds, is onder andere opgenomen:

Company << Suntrap>> represented by Director General [C], hereinafter referred to as the <<Borrower>>, acting under the Character, on the one hand and [B], (…) acting as privat individual, hereinafter referred to as <<Lender>> on the other hand, have concluded an agreement on the following (…)

1. Subject of a contract:

1.1

Under this Agreement <<Lender>> shall transfer to the <<Borrower>> loan in the amount of 100000 euro (one hundred thousand) euro, and the <<Borrower>> agrees to return the specified amount of the loan in time periode specified in this Agreement (…)

1.3

Specified in section 1,1 amount, provided to the <<Borrower>> for a period till October 20, 2012 (…)

1.5

The above-mentioned loan to the <<Borrower>> shall be issued for the following purposes: business development and increase of working capital.

In een overeenkomst van eveneens 15 oktober 2011, ondertekend door [C] als gevolmachtigde van Suntrap en door [A], is onder andere opgenomen:

Company << Suntrap>> represented by Director General [C], hereinafter referred to as the <<Borrower>>, acting under the Character, on the one hand and [A], (…) acting as privat individual, hereinafter referred to as <<Lender>> on the other hand, have concluded an agreement on the following (…)

2. Subject of a contract:

1.2

Under this Agreement <<Lender>> shall transfer to the <<Borrower>> loan in the amount of 100000 euro (one hundred thousand) euro, and the <<Borrower>> agrees to return the specified amount of the loan in time periode specified in this Agreement (…)

1.4

Specified in section 1,1 amount, provided to the <<Borrower>> for a period till October 20, 2012 (…)

1.6

The above-mentioned loan to the <<Borrower>> shall be issued for the following purposes: business development and increase of working capital.

2.3

Een bedrag van € 200.000,- is overgeboekt op de ING-rekening van Suntrap.

2.4

In een e-mailbericht, verzonden op 23 maart 2011van [X], ‘Vermogensberaterin’ van de Kreissparkasse Steinfurt, gericht aan [C] is onder andere opgenomen:

Hallo [C],

Endlich kan ich Ihnen nun die Kontodaten für die Fa. Suntrap mitteilen…

Konto Nummer [kontonummer]

IBAN [IBAN nummer] (…)

2.5

Bij de gedingstukken bevindt zich een overschrijvingsbewijs, opgesteld in de Duitse taal, met daarin onder andere het volgende:

Kreissparkasse Steinfurt

Auslandsüberweisung – Ergebnis – Druckansicht (…)

Begünstiger (name oder Firma): HC Solar Power Co. Ltd (…)

Auftraggeberkonto: [kontonummer]

Name: SUNTRAP

Straβe: BURG BRANDTSTRAAT 2

Stadt/Ort: 2841 XC Moordrecht

2.6

[A] heeft op 19 december 2012 ten laste van Suntrap conservatoir derdenbeslag gelegd onder de ING Bank N.V.

3 Het geschil

3.1

[A] c.s. vorderen – samengevat – hoofdelijke veroordeling van Suntrap c.s. tot betaling van € 100.000,- aan [B] en van € 100.000,- aan [A], vermeerderd met rente en kosten, inclusief de kosten van het gelegde beslag en nakosten.

3.2

[A] c.s. leggen aan hun vordering ten grondslag dat zij een overeenkomst van geldlening hebben gesloten met Suntrap c.s, maar dat Suntrap c.s. ten onrechte niet hebben voldaan aan de op hen rustende verplichting het geleende geld 20 oktober 2012 terug te betalen. Daarnaast heeft [C] onrechtmatig gehandeld door het geleende geld aan te wenden voor privé-doeleinden, danwel door de gelden niet te investeren in Suntrap. Het geleende geld dient daarom als schadevergoeding door hem te worden terugbetaald.

3.3

Suntrap c.s. voeren verweer.

3.4

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

4.1

Gelet op hetgeen partijen aanvoeren, ligt allereerst de vraag voor aan welke partij [A] en [B] ieder € 100.000,- hebben uitgeleend. Vervolgens moet de vraag worden beantwoord wanneer het geleende geld moet worden terugbetaald. Tenslotte zal de rechtbank zich moeten buigen over de vraag of [C] onrechtmatig heeft gehandeld tegenover [A] c.s, op grond waarvan hij aan hen een schadevergoeding zou moeten voldoen.

Producties 8 tot en met 13

4.2

Voordat de rechtbank toekomt aan beantwoording van voormelde vragen, zal zij moeten beoordelen of Suntrap c.s. producties 8 tot en met 13 te laat hebben ingediend als gevolg waarvan deze buiten beschouwing moeten worden gelaten, zoals door [A] c.s. is aangevoerd.

4.3

Voornoemde producties zijn bij brief van 18 oktober 2013 aan de rechtbank en aan de advocaat van [A] c.s. toegezonden. Dit is in beginsel te laat, nu het tussenvonnis van 7 augustus 2013 vermeldt dat stukken ten behoeve van de comparitie op 28 oktober 2013, veertien dagen daaraan voorafgaand aan de rechtbank en partijen moeten worden toegezonden. Deze termijn vindt zijn oorsprong in het Landelijk Procesreglement, meer specifiek in artikel 2.9. In dit reglement is ook geregeld dat de rechtbank aan de niet-naleving ervan, de gevolgen kan verbinden die haar passend voorkomen, mede gelet op de aard van het voorschrift en de ernst van het verzuim. Nu de stukken beperkt van omvang zijn, tien dagen voorafgaand aan de comparitie zijn toegezonden en [A] c.s. op comparitie feitelijk hebben kunnen reageren op de producties, is de rechtbank van oordeel dat de overschrijding van vier dagen niet zodanig is, dat sprake is van strijd met de goede procesorde. Zij zal voormelde producties dus betrekken bij haar beoordeling.

Leningsovereenkomst

4.4

Ten aanzien van de vraag aan welke partij eisers ieder € 100.000,- hebben uitgeleend, staat tussen partijen vast dat [A] en [B] ieder met Suntrap een leningsovereenkomst hebben gesloten, waarbij [C] Suntrap heeft vertegenwoordigd. [A] c.s. hebben daarbij aangevoerd dat [C] moet worden geacht de overeenkomst ook voor zichzelf te zijn aangegaan, hetgeen [C] heeft betwist.

4.5

Naar het oordeel van de rechtbank hebben [A] c.s. alleen met Suntrap een overeenkomst gesloten. Blijkens de tekst van de onder 2.2. geciteerde overeenkomst heeft [C] immers niet namens zichzelf getekend maar heeft hij slechts Suntrap vertegenwoordigd. Tot die vertegenwoordiging was hij ook bevoegd, zoals volgt uit de gegevens van de Kamer van Koophandel. Dat zijn functie van “General Director” daarentegen niet is opgenomen in het handelsregister van de Kamer van Koophandel, maakt niet dat [C] niet heeft kunnen optreden louter in hoedanigheid van gevolmachtigde, die zelf niet gebonden zou zijn aan de overeenkomst. Kortom: alleen Suntrap is naar het oordeel van de rechtbank partij geworden bij de overeenkomst tot geldlening en zal tot terugbetaling van het geleende aansprakelijk zijn.

Termijn voor terugbetaling

4.6

De volgende vraag die ter beantwoording voorligt is wanneer Suntrap het geleende terug moet betalen. [A] c.s. hebben daartoe aangevoerd dat partijen schriftelijk zijn overeengekomen dat het geld na 20 oktober 2012 moest worden terugbetaald. Suntrap betwist deze uitleg van de overeenkomst en stelt daartoe dat partijen niet zijn overeengekomen het geleende op 20 oktober 2012 terug te betalen, maar dat [A] c.s. het bedrag van € 200.000,-- langdurig hebben geïnvesteerd in Suntrap en dat partijen nog zouden onderhandelen over het moment van terugbetalen.

4.7

Nu in beide overeenkomsten onder 1.3 expliciet is opgenomen dat het geld is uitgeleend voor een periode tot 20 oktober 2012, is het aan Suntrap om feiten en omstandigheden aan te voeren waaruit volgt dat het bedrag van € 200.000,- langdurig is geinvesteerd. Suntrap heeft echter niet onderbouwd uit welke feiten en omstandigheden zou volgen dat partijen in weerwil van de duidelijke tekst in de beide overeenkomsten de door haar gestelde afspraak hebben gemaakt. Dat enkel een einddatum in de overeenkomst zou zijn opgenomen teneinde [A] c.s. in staat te stellen buiten Rusland te investeren, is onvoldoende onderbouwd, gelet op de betwisting daarvan door [A] c.s.

4.8

Gelet op het voorgaande zal Suntrap worden veroordeeld tot betaling van € 100.000,- aan [A] en € 100.000,- aan [B]. De gevorderde wettelijke rente vanaf de dag van dagvaarding zal als onbetwist eveneens worden toegewezen.

Onrechtmatige daad

4.9

[A] c.s. stellen dat [C] onrechtmatig heeft gehandeld jegens [A] c.s, op grond waarvan hij gehouden is de som van de geleende bedragen ten titel van schadevergoeding aan [A] c.s. te voldoen. [A] c.s. voeren daartoe allereerst aan dat [C] het geleende geld niet heeft aangewend om de bedrijfsvoering van Suntrap te ontwikkelen, maar slechts voor zichzelf heeft gebruikt. Nu [A] c.s. echter geen feiten hebben gesteld waaruit volgt dat [C] het geleende geld te eigen behoeve aan Suntrap heeft onttrokken, kan deze stelling niet leiden tot een toewijzing van de gevorderde schade.

4.10

Voorts hebben [A] c.s. ter comparitie aangevoerd dat [C] onrechtmatig jegens hen heeft gehandeld, omdat zijn financiële beleid in Suntrap ertoe heeft geleid dat Suntrap haar financiële verplichtingen niet meer kan nakomen. [A] c.s. wijzen er in dat verband op dat [C] op facturen van Suntrap niet haar rekeningnummer, maar het bankrekeningnummer 731.633.96 heeft vermeld. [A] c.s. kennen deze rekening en de tenaamstelling ervan niet. Crediteuren van Suntrap hebben op deze rekening betaald, zodat Suntrap naar schatting € 162.878,63 aan omzet is misgelopen. Daarnaast heeft Suntrap een vordering van € 221.593,61 op [C], waarvan € 138.233,61 uit hoofde van een rekening-courant.

4.11

[C] betwist dat hij onrechtmatig heeft gehandeld. Suntrap kan weliswaar niet meer aan haar betalingsverplichting voldoen, maar dat is te wijten aan een teruglopende omzet als gevolg van de economische crisis, onduidelijk overheidsbeleid, verminderde subsidies en schade vanwege een vervalste bankgarantie. Een andere oorzaak ligt erin dat [A] c.s. hun verplichting om klanten te werven in Rusland en hun klantenbestand binnen Rusland ter beschikking te stellen, niet zijn nagekomen. [C] betwist een schuld uit hoofde van rekening-courant te hebben aan Suntrap. Tot slot heeft [C] de onder 2.3 en 2.4 geciteerde stukken overgelegd en aangevoerd dat de bankrekening met nummer 731.633.96 een Duitse Sparkasse rekening is die op naam van Suntrap staat. Deze rekening is geopend omdat [C] drie dagen per week voor Suntrap in Duitsland werkte en daardoor, volgens Duitse regelgeving, een nevenvestiging ontstond.

4.12

In zijn arrest van 8 december 2006, LJN AZ0758 (Ontvanger/Roelofsen) heeft de Hoge Raad ten aanzien van de bestuurder van een rechtspersoon in het algemeen geoordeeld onder welke omstandigheden de bestuurder persoonlijk aansprakelijk kan zijn jegens crediteuren van de rechtspersoon op grond van onrechtmatige daad. Kern van het arrest is dat de bestuurder alleen dan aansprakelijk kan zijn als hem een persoonlijk ernstig verwijt te maken is. “Persoonlijk ernstig” moet het verwijt zijn, omdat de bestuurder ruimte gegund moet worden om de rechtspersoon te besturen naar eigen inzicht, en dat niet elke schade die aan derden wordt toegebracht als gevolg van het gevoerde bestuur tot een schadevergoedingsverplichting van de bestuurder behoort te leiden. Ook op degene die, ofschoon formeel niet benoemd tot bestuurder maar materieel wel als bestuurder van de rechtspersoon optreedt, kan deze norm toepassing vinden.
[A] c.s. achten [C] aansprakelijk voor de wijze waarop hij leiding heeft gegeven aan de ondernemingsactiviteiten van Suntrap, een commanditaire vennootschap, als gevolg waarvan [A] c.s., naar zij stellen, schade hebben geleden. Dat [C] feitelijk de scepter zwaaide in Suntrap staat vast; in welke relatie [C] tot de beherend vennoot Bucketfield Ltd. stond is de rechtbank niet duidelijk geworden. Ter beantwoording van de vraag of [C] wegens de wijze waarop hij de onderneming van Suntrap gevoerd heeft, aansprakelijk is jegens [A] c.s, zal de rechtbank de zojuist genoemde Ontvanger/Roelofsen-norm van de Hoge Raad hanteren.

4.13

Naar het oordeel van de rechtbank strandt dit beroep van [A] c.s. op onrechtmatig handelen van [C]. Laatstgenoemde heeft, nader onderbouwd ter comparitie, uiteengezet als gevolg van welke omstandigheden, de ontwikkeling van de activiteiten van Suntrap ernstig is gestagneerd, waardoor [A] c.s. thans niet het geleende terugbetaald kan worden. Hij heeft overtuigend uiteengezet dat de voormelde rekening bij de Duitse Sparkasse op naam van Suntrap is geregistreerd en er geen knoeierijen hebben plaatsgevonden ten aanzien van het gebruik van bankrekeningen. [A] c.s. hebben één en ander niet, en zeker niet voldoende gemotiveerd, kunnen weerleggen.

4.14

Uit het voorgaande volgt dat er geen grond aanwezig is voor het oordeel dat [C] jegens [A] c.s. onrechtmatig heeft gehandeld. De vordering tot betaling van schadevergoeding zal daarom worden afgewezen.

Proceskosten in de hoofdzaak en in het incident

4.15

Suntrap zal als in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de proces- en beslagkosten van [A] c.s. Nu het Suntrap weliswaar in incident is toegestaan Bucketfield Ltd. in vrijwaring te dagvaarden, maar zij dit vervolgens heeft nagelaten, zal de rechtbank Suntrap eveneens veroordelen in de proceskosten in het incident. De totale proces- en beslagkosten worden aldus begroot op € 9.903,01, (te weten € 1.474,- als griffierecht (€ 267,- verzoekschrift en € 1.207,- dagvaarding), € 8.000,- als advocaatkosten (te weten 4 punten x tarief VI) en € 429,01 aan deurwaarderskosten ( € 157,82 betekening dagvaarding en € 271,19 betekening beslagstukken)). De rechtbank zal, conform de vordering van [A] c.s, aan de kostenveroordeling een verplichting tot vergoeding van de nakosten en van de wettelijke rente over de proces- en beslagkosten verbinden.

4.16

Nu de vordering van [A] c.s. jegens [C] is afgewezen, zullen zij als in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de proceskosten van [C]. Aangezien Suntrap en [C] zich gezamenlijk hebben gesteld, hebben zij één keer griffierecht betaald, te weten € 3.715,-. De rechtbank zal de proceskosten van [C] begroten op totaal € 6.857,50 (te weten de helft van het griffierecht, namelijk € 1.857,50 en € 5.000,- als advocaatkosten ( 2,5 punten x tarief VI )).

5 De beslissing

De rechtbank

- veroordeelt Suntrap aan [B] te betalen het bedrag van € 100.000,00, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 2 januari 2013 tot aan de dag der algehele voldoening;

- veroordeelt Suntrap aan [A] te betalen het bedrag van € 100.000,00, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 2 januari 2013 tot aan de dag der algehele voldoening;

- veroordeelt Suntrap aan [A] c.s. te voldoen het bedrag van € 9.903,01, te vermeerderen, onder de voorwaarde dat Suntrap niet binnen 14 dagen na aanschrijving van het vonnis heeft voldaan en er vervolgens betekening van de uitspraak heeft plaatsgevonden, met de wettelijke rente indien en zolang voldoening uitblijft, vanaf de 15e dag na de datum van dit vonnis en vervolgens te vermeerderen met een bedrag van € 68,- aan salaris advocaat;

- veroordeelt [A] c.s. aan [C] te voldoen het bedrag van € 6.857,50;

- verklaart het vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

- wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. H.J. Vetter en in het openbaar uitgesproken op 18 december 2013.1

1 type: Fout! Verwijzingsbron niet gevonden. coll: