Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBDHA:2013:14606

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
28-10-2013
Datum publicatie
01-11-2013
Zaaknummer
09/755049-12
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

De rechtbank Den Haag heeft een man veroordeeld tot achttien maanden celstraf, waarvan zes voorwaardelijk, voor creditcardfraude en witwassen. Een medeplichtige vrouw krijgt voor creditcardfraude en sjoemelen met persoonsgebonden budgetten (pgb) acht maanden cel, waarvan vier voorwaardelijk. Haar man wordt vrijgesproken van medeplegen.

De rechtbank stelt vast dat de daders onder valse namen met via internet verkregen creditcardgegevens onder andere vliegtickets, speelgoed, auto-onderdelen en audioapparatuur hebben besteld. De vrouw heeft daarnaast handtekeningen vervalst onder pgb-papieren en daarbij foutieve informatie opgegeven. Ze heeft op die manier een bedrag van ongeveer 163.000 euro valselijk verantwoord en daarvan zelf ongeveer de helft ontvangen, zonder dat zij daar recht op had.

De echtgenoot van de vrouw werd verdacht van medeplegen van de creditcardfraude en het witwassen. De rechtbank ziet hiervoor onvoldoende bewijs. Zo kan onvoldoende vastgesteld worden in hoeverre deze man op de hoogte was van de aanwezigheid van de via fraude bestelde goederen in de woning en ook niet in hoeverre hij betrokken is geweest bij de verkoop van deze goederen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG

Strafrecht

Meervoudige strafkamer

Parketnummer: 09/755049-12

Datum uitspraak: 28 oktober 2013

Tegenspraak

(Promis)

De rechtbank Den Haag heeft op de grondslag van de tenlastelegging en naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting het navolgende vonnis gewezen in de zaak van de officier van justitie tegen de verdachte:

[verdachte] ,

geboren op [geboortedag] 1977 te [geboorteplaats],

adres: [adres 1],

thans gedetineerd in de penitentiaire inrichting Alphen aan den Rijn te Alphen aan den Rijn.

1 Het onderzoek ter terechtzitting

Het onderzoek is gehouden ter terechtzittingen van 5 november 2012 en 14 oktober 2013.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie mr. J. Barensen en van hetgeen door de raadsman van verdachte mr. A.H. Westendorp, advocaat te Den Haag, en door verdachte naar voren is gebracht.

2 De tenlastelegging

Aan verdachte is - na twee wijzigingen van de tenlastelegging ter terechtzitting - ten laste gelegd dat:

1.

hij in of omstreeks de periode van 22 juni 2009 tot 23 juli 2012 te 's-Gravenhage, althans in Nederland, meermalen, althans eenmaal, (telkens) tezamen en in vereniging met een ander(en), althans alleen, met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam (o.a.[valse naam 7] en/of [valse naam 8] en/of [valse naam 4] [valse naam 3] en/of [valse naam 9] en/of [valse naam 10] en/of [valse naam 11] en/of [valse naam 12] en/of [valse naam 13] en/of [valse naam 14] [AH/25, AH/26, AH/34]) en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer

listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, een of meer

(rechts)personen, waaronder:

- [ V01/06, RHV/01] [op 4 maart 2010] de firma [bedrijf 6] heeft bewogen tot de afgifte van een Playstation 3 en/of

- [ V01/06, RHV/01] [op 4 maart 2010] de [bedrijf 4] heeft bewogen tot de afgifte van een Kenwood audiosysteem en/of

- [ dossier [bedrijf 5] 2 juli 2012] de firma [bedrijf 5] (op of omstreeks 31 mei 2012 [AH/36] heeft bewogen tot het aangaan van/ de afgifte van een weekend arrangement en/of (op 14 maart 2012) de afgifte van een geldbedrag groot (ongeveer) EUR 1660,-

- [ RHV/03] de firma [bedrijf 7] heeft bewogen tot de afgifte van verlichtingsonderdelen voor een Peugot en/of

- [ V01/12, RHV/10] (op 22 juni 2009) de firma [bedrijf 8] heeft bewogen tot de afgifte van een vliegwiel voor een Seat Toledo en/of

- [ dossier [bedrijf 12]] de firma [bedrijf 12] en/of [bedrijf 3] heeft bewogen tot de afgifte van een of meer goederen waaronder een [bedrijf 12] speakerset, en/of

-[dossier ICS] (op 28 maart 2012) [bedrijf 10] heeft bewogen tot de afgifte van een goed t.w.v. EUR189,94,

-[dossier [bedrijf 2]] op 3 en/of 4 juli 2012 [bedrijf 2] heeft bewogen tot de afgifte van één of meer goederen ter waarde van EUR 127,95 resp. EUR 223,85, althans enig(e) goed(eren) en/of;

-[dossier [bedrijf 1]] op 3 juli 2012 [bedrijf 1] heeft bewogen tot de afgifte van één of meer kledingstukken en/of

-[RHV/08] op 22 november 2010 [bedrijf 11] heeft bewogen tot de afgifte van één of meerdere tickets;

in elk geval (telkens) van enig goed, hebbende verdachte en/of zijn mededader(s) met voren omschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - (telkens) valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid

- zich voorgedaan als rechtmatige eigenaar van een creditcard en/of betaalmiddel door (creditcard)gegevens (personalia, nummers en/of codes) behorende bij creditcards/betaalmiddelen van anderen dan hijzelf te gebruiken bij het bestellen van goederen en/of diensten (via internet) en/of (vervolgens)

- goederen laten bezorgen op naam van anderen danverdachte zelf en/of

- [ dossier [bedrijf 5]] die goederen/diensten afgenomen danwel een boeking geannuleerd en om teruggave (op de rekening van [verdachte]) van het (op andermans rekening) in rekening gebrachte of te brengen geld verzocht;

waardoor bovenomschreven (rechts)personen werden bewogen tot afgifte van de bovenomschreven goederen/diensten;

[artikel 326 WvSr]

EN/OF

hij in de periode van 22 juni 2009 tot 23 juli 2012 te 's-Gravenhage, althans in Nederland, meermalen, althans eenmaal, (telkens) tezamen en in vereniging met één of meer ander(en), althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening via een internetsite

(meerdere) goederen, althans enig goed, waaronder

- [ V01/06, RHV/01] [op 4 maart 2010] een Playstation 3 en/of

- [ V01/06, RHV/01] [op 4 maart 2010] een Kenwood audiosysteem en/of

- [ V01/12] (op 22 juni 2009) een vliegwiel voor een Seat Toledo [V01/12] en/of

- [ dossier [bedrijf 12]] een [bedrijf 12] speakerset, en/of

-[dossier ICS] (op 28 maart 2012) een goed t.w.v. EUR189,94,

- -[ dossier [bedrijf 2]] op 3 en/of 4 juli 2012 één of meer

goederen ter waarde van EUR 127,95 resp. EUR 223,85, althans enig(e) goed(eren) en/of;

-[dossier [bedrijf 1]] op 3 juli 2012 [bedrijf 1] één of meer kledingstukken en/of

-[RHV/08] op 22 november 2010 bij [bedrijf 11] één of meerdere tickets;

heeft besteld en/of laten afleveren en/of heeft gereserveerd, terwijl dat(die) geheel of ten dele toebehorende(n) aan de leverancier en/of houder van de creditcard(gegevens), in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de goederen en/of het goed, zich hebben toegeëigend door middel van een valse sleutel en/of een valse order, welke bestond uit het valselijk en/of in strijd met de waarheid invullen van een (gefingeerde en/of valse) naam en/of (wederrechtelijk toegeëigende) creditcardgegevens op een en/of meerdere bestelsites op internet;

art 326 lid 1 Wetboek van Strafrecht

2.

hij in of omstreeks de periode van 22 juni 2009 tot 23 juli 2012 te 's-Gravenhage, althans in Nederland, meermalen, (telkens) tezamen en in vereniging met één of meer ander(en), althans alleen, van één of meer voorwerp(en), te weten één of meer goederen zoals een [bedrijf 12] speakerset en/of één of meerdere auto-onderdelen en/of één of meerdere

radio's/versterkers en/of andere geluidsapparatuur, in ieder geval electronica-artikelen en/of gereedschap en/of koffers/tassen, (bestaande uit goederen die via internet zijn besteld en daarna zijn (door)verkocht), de werkelijke aard, de herkomst, de vindplaats, de vervreemding of de verplaatsing heeft verborgen of verhuld, danwel heeft verborgen en/of verhuld wie de rechthebbende op bovenomschreven voorwerp(en) was of wie bovenomschreven voorwerp(en) voorhanden had,

zulks terwijl verdachte wist of redelijkerwijs had moeten vermoeden dat dat/die voorwerp(en) - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was/waren uit

enig(e) misdrijf/misdrijven,

en/of

één of meer voorwerp(en), te weten goederen zoals hierboven genoemd, (bestaande uit goederen die via internet zijn besteld en daarna zijn (door)verkocht), heeft overgedragen, omgezet en/of van die voorwerpen gebruik heeft gemaakt en/of deze voorhanden heeft gehad en/of deze heeft verworven, zulks terwijl verdachte wist of redelijkerwijs had moeten vermoeden dat dat/die voorwerp(en) - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was/waren uit enig(e) misdrijf/misdrijven,

terwijl hij, verdachte, van het plegen van dat hierboven omschreven witwassen een gewoonte heeft gemaakt;

art 420ter Wetboek van Strafrecht

art 420bis lid 1 ahf/ond a Wetboek van Strafrecht

Subsidiair, indien het vorenstaande niet tot een bewezenverklaring en/of een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

hij in of omstreeks de periode van 22 juni 2009 tot 23 juli 2012 te 's-Gravenhage, althans in Nederland, meermalen, althans eenmaal, (telkens) tezamen en in vereniging met één of meer ander(en), althans alleen, van één of meer voorwerp(en),

te weten één of meer goederen zoals een [bedrijf 12] speakerset en/of één of meerdere auto-onderdelen en/of één of meerdere radio's/versterkers en/of andere geluidsapparatuur, in ieder geval electronica-artikelen en/of gereedschap en/of koffers/tassen, (bestaande uit goederen die via internet zijn besteld en daarna zijn (door)verkocht),

de werkelijke aard, de herkomst, de vindplaats, de vervreemding of de verplaatsing heeft verborgen of verhuld, danwel heeft verborgen en/of verhuld wie de rechthebbende op bovenomschreven voorwerp(en) was of wie bovenomschreven voorwerp(en) voorhanden had zulks terwijl verdachte wist of redelijkerwijs had moeten vermoeden dat dat/die voorwerp(en) - onmiddellijk of middellijk- afkomstig was/waren uit enig(e) misdrijf/misdrijven

en/of

van één of meer voorwerp(en), te weten één of meer goederen zoals een [bedrijf 12] speakerset en/of één of meerdere auto-onderdelen en/of één of meerdere radio's/versterkers en/of andere geluidsapparatuur, in ieder geval electronica-artikelen en/of gereedschap en/of koffers/tassen, (bestaande uit goederen die via internet zijn besteld en daarna zijn (door)verkocht),

heeft verworven, voorhanden gehad, overgedragen, omgezet en/of gebruik gemaakt van bovenomschreven voorwerp(en), zulks terwijl verdachte wist of redelijkerwijs had moeten vermoeden dat dat/die voorwerp(en) - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was/waren uit enig(e) misdrijf/misdrijven.

(Artikel 420bis, lid 1 onder a en/of b ivm art 47 Wetboek van Strafrecht)

art 420bis lid 1 ahf/ond a Wetboek van Strafrecht

3.

hij in de periode van 22 juni 2009 tot 23 juli 2012 te 's-Gravenhage, althans in Nederland, meermalen, althans eenmaal, (telkens) tezamen en in vereniging met één of meer ander(en), althans alleen, een of meerdere malen een (digitaal) geschrift op een bestel-site op internet, bestaande uit een naam en/of andere gegevens,

elk zijnde een geschrift dat bestemd is om tot bewijs van enig feit te dienen, valselijk heeft opgemaakt en/of vervalst, immers heeft hij, toen en daar valselijk - immers opzettelijk in strijd met de waarheid - een of meer gefingeerde namen en/of andere onjuiste gegevens ingevuld,

zulks (telkens) met het oogmerk om dat/die geschrift(en) als echt en onvervalst te gebruiken en/of door (een) ander(en) te doen gebruiken;

art 225 lid 1 Wetboek van Strafrecht

3 Geldigheid dagvaarding – feiten 1 en 3

Feit 1

De officier van justitie heeft ter terechtzitting toegelicht dat de tenlastelegging met betrekking tot feit 1 - gelet op de gebruikte terminologie (zoals ‘zoals bijvoorbeeld’ en ‘waaronder’) is bedoeld als een verzamelfeit, waarbij negen specifieke gevallen nader zijn geconcretiseerd.

De raadsman heeft zich op het standpunt gesteld dat de tenlastelegging niet opgevat kan worden als een verzamelfeit nu in de laatste zinsnede duidelijk enkel wordt gesproken over ‘bovenvermelde (rechts)personen’.

De rechtbank is van oordeel dat de dagvaarding, voor zover deze ziet op andere oplichtingen dan de negen die nader in de tenlastelegging zijn geconcretiseerd, op grond van de tekst van de tenlastelegging, mede bezien in verband met de inhoud van het strafdossier - waarin sprake is van een grote hoeveelheid aangiftes van misbruik van creditcardgegevens - onvoldoende duidelijk en concreet is met betrekking tot de vraag ter zake van welke specifieke feiten verdachte zich dient te verdedigen. Om die reden voldoet de omschrijving van het onder 1 tenlastegelegde niet aan de eisen van artikel 261 van het Wetboek van Strafvordering en zal de rechtbank de dagvaarding daarom met betrekking tot feit 1 nietig verklaren voor zover het, door gebruik van woorden zoals ’bijvoorbeeld’ en ‘waaronder’, ziet op meer en andere feiten dan geconcretiseerd.

Feit 3

De rechtbank zal de dagvaarding ten aanzien van feit 3 – conform de vordering van de officier van justitie en het standpunt van de raadsman – nietig verklaren, aangezien dit feit onvoldoende feitelijk is omschreven en om die reden niet voldoet aan de eisen van artikel 261 van het Wetboek van Strafvordering.

4 Bewijsoverwegingen

4.1

Inleiding 1

Op verzoek van het Fraude Meldpunt werd medio oktober 2011 een informatie onderzoek ingesteld naar een creditcardfraude–zaak, waarbij de verdachten met (gestolen) buitenlandse creditcardgegevens online aankopen hebben gedaan bij verschillende binnen- en buitenlandse internetwinkels. Bij de aankopen werden namen opgegeven van veelal niet identificeerbare en vermoedelijk niet bestaande personen. De aankopen werden door koeriersdiensten bezorgd op twee adressen in Den Haag, te weten de [adres 2] en de [adres 1].2 Bij het vervolgens in mei 2012 gestarte opsporingsonderzoek ‘Steeneik’ is onder meer gebleken dat verdachte de bewoner was van het adres [adres 2] in Den Haag3, dat de medeverdachte [medeverdachte] de bewoonster was van het adres [adres 1] in Den Haag4 en dat de medeverdachte [medeverdachte 2], de levenspartner van [medeverdachte], stond ingeschreven op het adres [adres 2] in Den Haag, maar tevens op het adres [adres 1] in Den Haag verbleef.5 Tevens is gebleken dat via IP-adressen, e-mailadressen en telefoonnummers, die waren te koppelen aan één van beide adressen, met grote regelmaat goederen te koop werden aangeboden op de website www.marktplaats.nl.6

De eerste vraag die thans aan de rechtbank ter beantwoording voorligt, is of verdachte zich – kort gezegd – heeft schuldig gemaakt aan (het medeplegen van) oplichting en/of diefstal met een valse sleutel door onder een valse naam en met gebruikmaking van andermans creditcardgegevens goederen te bestellen op het internet en die thuis te laten bezorgen (feit 1 eerste en tweede cumulatief/alternatief).

De tweede vraag die aan de rechtbank ter beantwoording voorligt, is of verdachte zich – kort gezegd – heeft schuldig gemaakt aan (het medeplegen van) (gewoonte)witwassen van diverse door de creditcardfraude verkregen goederen. Deze vraag valt uiteen in drie categorieën goederen, te weten 1) de goederen die via het internet zijn (door)verkocht (feit 2 primair eerste cumulatief/alternatief, 2) de goederen die bij de doorzoeking in de woning van verdachte in beslag zijn genomen en die door hemzelf zijn besteld en 3) de goederen die bij de doorzoeking in de woning van verdachte in beslag zijn genomen en die door de medeverdachte [medeverdachte] zijn besteld (feit 2 primair tweede cumulatief/alternatief).

4.2

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat de rechtbank wettig en overtuigend bewezen zal verklaren dat verdachte zich heeft schuldig gemaakt aan het onder 1 eerste cumulatief/alternatief ten laste gelegde feit en dat verdachte vrij zal worden gesproken van het onder 1 tweede cumulatief/alternatief ten laste gelegde feit.

De officier van justitie heeft gevorderd dat de rechtbank wettig en overtuigend bewezen zal verklaren dat verdachte zich heeft schuldig aan het onder 2 primair eerste en tweede cumulatief/alternatief ten laste gelegde feit.

Ten aanzien van het onder 2 primair eerste cumulatief/alternatief ten laste gelegde feit heeft de officier van justitie aangevoerd dat de rechtbank als houvast beschikt over de advertenties die op www.marktplaats.nl zijn gezet en over het resultaat van de doorzoekingen. De goederen waarvoor wel is geadverteerd en die niet, of niet volledig, zijn teruggevonden bij de verdachten zullen naar de mening van de officier van justitie zijn verkocht.

Ten aanzien van het onder 2 primair eerste cumulatief/alternatief ten laste gelegde feit heeft de officier van justitie zich met betrekking tot de goederen die in de woning van verdachte in beslag zijn genomen en die door hemzelf waren besteld, op het standpunt gesteld dat geen sprake is geweest van witwassen, omdat het voorhanden hebben van goederen die door eigen misdrijf zijn verkregen volgens jurisprudentie van de Hoge Raad geen witwassen oplevert. Met betrekking tot de goederen die door [medeverdachte] waren besteld en op het adres van verdachte werden afgeleverd, heeft de officier van justitie zich op het standpunt gesteld dat wel sprake is geweest van witassen, omdat deze goederen niet door eigen misdrijf zijn verkregen.

Gelet op het patroon, de tijdsduur en de intensiteit is naar de mening van de officier van justitie bovendien sprake geweest van gewoontewitwassen.

4.3

Het standpunt van de verdediging

Met betrekking tot het onder 1 eerste en tweede cumulatief/alternatief ten laste gelegde feit heeft de raadsman zich primair op het standpunt gesteld dat verdachte dient te worden vrijgesproken voor zover het feit betrekking heeft op zaken waarin geen aangifte van de creditcardhouder aanwezig is, omdat in die zaken niet vaststaat dat de creditcardgegevens onrechtmatig zijn verkregen. Met betrekking tot de enige zaak waarin wel een aangifte van de creditcardhouder aanwezig is ([bedrijf 8]), heeft de raadsman zich op het standpunt gesteld dat ten aanzien van het onder 1 tweede cumulatief/alternatief ten laste gelegde feit ontslag van alle rechtsvervolging dient te volgen, omdat in de tenlastelegging het bestanddeel ‘wegnemen’ ontbreekt.

Met betrekking tot het onder 1 eerste cumulatief/alternatief ten laste gelegde feit heeft de raadsman zich subsidiair op het standpunt gesteld dat het handelen van verdachte niet kan worden gekwalificeerd als oplichting, omdat geen sprake is geweest van een samenweefsel van verdichtsels, maar de goederen zijn geleverd enkel vanwege het gebruik van de valse creditcardgegevens.

Met betrekking tot het onder 1 tweede cumulatief/alternatief ten laste gelegde feit heeft de raadsman zich subsidiair op het standpunt gesteld dat ten aanzien van alle zaken ontslag van alle rechtsvervolging dient ten volgen, omdat in de tenlastelegging het bestanddeel ‘wegnemen’ ontbreekt.

De raadsman heeft zich primair op het standpunt gesteld dat verdachte dient te worden vrijgesproken van het hem onder 2 primair en subsidiair eerste en tweede cumulatief/alternatief ten laste gelegde feit, omdat - gelet op zijn standpunt ten aanzien van feit 1 - niet vaststaat dat de goederen van oplichting afkomstig waren.

Subsidiair heeft de raadsman zich op het standpunt gesteld dat verdachte dient te worden vrijgesproken van het hem onder 2 primair en subsidiair eerste en tweede cumulatief/alternatief ten laste gelegde feit, omdat het enkele voorhanden hebben van goederen die uit eigen misdrijf afkomstig zijn, volgens jurisprudentie van de Hoge Raad, in ieder geval geen witwassen op kan leveren. Voorts begrijpt de raadsman de jurisprudentie aldus dat ook het overdragen van een goed niet per se witwassen oplevert, omdat wel vastgesteld moet worden dat die gedraging gericht is geweest op het verhullen van de afkomst van het goed. Dat is bij verdachte niet het geval geweest; hij wilde slechts geld verdienen.

4.4

De beoordeling van de tenlastelegging

Verdachte heeft in algemene zin bekend zich schuldig te hebben gemaakt aan de hem ten laste gelegde creditcardfraude. Hij heeft verklaard dat hij op het internet voor ongeveer € 40,- per kaart andermans creditcardgegevens kocht en daarmee vervolgens onder valse namen bestellingen deed bij internetwinkels en deze thuis liet bezorgen. Verdachte heeft zijn werkwijze vervolgens ook uitgelegd aan de medeverdachte [medeverdachte] en haar geholpen door de creditcardgegevens voor haar te bestellen en voor ongeveer € 50,- per kaart aan haar door te verkopen.7 Indien nodig hielp verdachte haar ook bij het afronden van de bestelling.8 Verdachte heeft verder verklaard de door hem aangekochte goederen vervolgens op grote schaal te hebben verkocht via www.marktplaats.nl.9

Feit 1

Met betrekking tot de onder feit 1 concreet ten laste gelegde zaken stelt de rechtbank op grond van het dossier en het verhandelde ter terechtzitting het volgende vast.

[bedrijf 6] – Playstation 3

[bedrijf 3] Nederland B.V. heeft aangifte gedaan van misbruik van creditcard-gegevens op het internet, waarbij de bestelde goederen werden afgeleverd op het adres [adres 2] in Den Haag.10 Verdachte heeft verklaard dat het klopt dat hij bij [bedrijf 6] een Playstation heeft besteld met behulp van valse creditcardgegevens en deze heeft laten bezorgen op naam van [valse naam 8].11

Uit onderzoek door het openbaar ministerie te Osnabrück (Duitsland) is gebleken dat de op 4 maart 2010 bij de firma [bedrijf 6], onder de naam ‘[valse naam 8]’ bestelde Playstation 3, met het afleveradres [adres 2] te Den Haag, niet is verzonden, op grond van de al aanwezige verdenking van fraude.12

Gelet op het feit dat hier slechts sprake is geweest van een poging tot oplichting, zal de rechtbank verdachte van deze specifieke zaak vrijspreken.

De [bedrijf 4] – Kenwood audiosysteem

[bedrijf 3] Nederland B.V. heeft aangifte gedaan van misbruik van creditcardgegevens op het internet, waarbij de bestelde goederen werden afgeleverd op het adres [adres 2] in Den Haag.13

Uit onderzoek door het openbaar ministerie te Osnabrück (Duitsland) is gebleken dat op 4 maart 2010, met behulp van bedrieglijk verkregen creditcardgegevens, onder de naam ‘[valse naam 9]’ een Kenwood-artikel werd besteld, met als afleveradres de [adres 2] te Den Haag.14

De politie heeft verdachte voorgehouden dat deze bestelling werd gedaan bij het internetbedrijf [bedrijf 4] en betaald met een creditcard op naam van [valse naam 7]. Verdachte heeft verklaard dat de werkwijze zoals door de politie beschreven, de werkwijze is die hij gebruikte. Verdachte kon zich ook herinneren op het internet een Kenwood audiosysteem te hebben gekocht. Tevens is de naam [valse naam 7] een verzonnen naam die door hem werd gebruikt.15

[bedrijf 5] – weekend arrangement + geldbedrag

Tijdens de doorzoeking in de [adres 1] in Den Haag werd op de salontafel in de woonkamer een reservering aangetroffen voor zeven hotelkamers in [bedrijf 5] te Almelo van 2 juni 2012 tot en met 3 juni 2012. Blijkens de reservering had de betaling plaatsgevonden middels een internet creditcard. De politie heeft contact gehad met een medewerker van [bedrijf 5], die heeft verklaard dat hij inmiddels had vernomen dat de reservering was betaald met gebruikmaking van vermoedelijk wederrechtelijk verkregen creditcardgegevens.16

Verdachte heeft verklaard dat het klopt dat hij deze boeking heeft geplaatst met behulp van valse creditcardgegevens.17

Tijdens de doorzoeking in de [adres 2] te Den Haag werd onder andere een aantal bankafschriften in beslag genomen. Bij bestudering van deze bankafschriften heeft een verbalisant waargenomen dat op 14 maart 2012 een bedrag van € 1.660,50 werd bijgeschreven op rekeningnummer 67462935 door [bedrijf 5], onder vermelding van ‘retourbetaling’. De politie heeft contact gehad met een medewerker van [bedrijf 5], die verklaart dat de retourbetaling betrekking had op een reservering van 21 februari 2012 welke werd betaald met gebruikmaking van een Oostenrijkse creditcard. De reservering werd op 22 februari 2012 geannuleerd. Op verzoek is het betaalde bedrag teruggestort op rekeningnummer 67462935 ten name van mevrouw [verdachte].18

Verdachte heeft verklaard dat het klopt dat hij deze boeking heeft geplaatst met behulp van valse creditcardgegevens. Toen hij een e-mailbericht van [bedrijf 5] ontving dat zij het geldbedrag wilden restitueren, heeft hij het rekeningnummer van zijn dochter doorgegeven. Verdachte heeft het geldbedrag van € 1.660,50 vervolgens op die rekening gestort gekregen.19

[bedrijf 7] – verlichtingsonderdelen Peugeot

Uit onderzoek door het openbaar ministerie te Ansbach (Duitsland) is gebleken dat met op oneigenlijke wijze verschafte creditcardgegevens een bestelling van lichtonderdelen voor een Peugeot 206 werd gedaan bij de onderneming [bedrijf 7]. De goederen werden geleverd op naam van [valse naam 8], wonende aan de Wapserveenstraat 554 in Den Haag.20

Verdachte heeft verklaard dat hij zich de bestelling van de verlichtingsonderdelen kan herinneren en dat dit koplampen voor de auto van een bekende betrof. Verdachte heeft de goederen betaald met via het internet verkregen gestolen creditcardgegevens. De naam [valse naam 8] was door hem verzonnen.21

[bedrijf 8] – vliegwiel Seat

Door een mede-eigenaar van [bedrijf 8] is aangifte gedaan op grond van een betaling van een auto-onderdeel, besteld en betaald via het internet. De betaling is ingetrokken door de kaarthouder, omdat PBS bezwaar ontving van de kaarthouder die ontkent aan de transactie te hebben deelgenomen. Het delict heeft plaatsgevonden op 22 juni 2009.22

Verdachte heeft verklaard dat hij zich de bestelling op 22 juni 2009 bij internetbedrijf [bedrijf 8], van een vliegwiel voor een Seat Toledo, ten name van [valse naam 7] op de [adres 2] in Den Haag nog kon herinneren. Verdachte heeft de bestelling betaald met via internet verkregen gestolen creditcardgegevens en het vliegwiel in zijn eigen Volkswagen gezet.23

[bedrijf 12] – cinebar speakerset

In het kader van het onderzoek ‘Steeneik’ zijn bij verschillende vervoersbedrijven de gegevens van toekomstige leveringen met betrekking tot de adressen [adres 2] in Den Haag en [adres 1] in Den Haag aangevraagd. Op 15 juni 2012 ontving de politie van vervoersbedrijf UPS bericht dat een zending klaar stond voor het adres [adres 2] in Den Haag. Het bleek te gaan om twee pakketjes geadresseerd aan [valse naam 11]. Op verzoek van de politie heeft de chauffeur de opdracht gekregen om de naam van de ontvanger van de pakketjes te noteren. De pakketjes zijn op 18 juni 2012, omstreeks 13.35 uur, afgeleverd bij het perceel [adres 2] in Den Haag. De chauffeur verklaarde dat de ontvanger van de pakketjes zich legitimeerde met een geldig rijbewijs als zijnde [verdachte], geboren te [verdachte].24 Uit de pakbon blijkt dat het hier een set [bedrijf 12] van het merk [bedrijf 12] betrof, met een aankoopbedrag van € 799,99.25

Op 20 juni 2012 is door een verbalisant onderzoek gedaan op www.marktplaats.nl. Daaruit bleek dat sinds 18 juni 2012, te 15.39 uur, een [bedrijf 12] speakerset *nieuw* werd aangeboden voor een bedrag van € 600,-. De adverteerder noemde zich [adverteerder].26

Op 21 juni 2012 heeft op verzoek van de politie een pseudokoper telefonisch contact gemaakt met [adverteerder]. Afgesproken werd dat de set door de pseudokoper voor een bedrag van € 550,-- zou worden gekocht en dat de overdracht zou plaatsvinden op 22 juni 2012in de [adres 2] te den Haag. Op 22 juni 2012 heeft de pseudokoper de goederen vervolgens van [adverteerder] gekocht.27 De pseudokoper heeft gerelateerd dat hij de man op de [adres 2] in Den Haag ambtshalve herkende als [verdachte].28

Verdachte heeft verklaard dat het klopt dat hij bij [bedrijf 12] een speakerset heeft besteld met behulp van valse creditcardgegevens en op het adres [adres 2] in Den Haag heeft laten bezorgen. Voorts heeft verdachte verklaard dat het klopt dat hij deze speakerset op www.marktplaats.nl te koop heeft aangeboden en voor

€ 550,-- heeft verkocht en geleverd.29

[bedrijf 10] – goed t.w.v. € 189,94

[aangever 4] heeft aangifte gedaan van misbruik van creditcardgegevens op het internet, waarbij de bestelde goederen werden afgeleverd op de adressen [adres 2] in Den Haag en [adres 1] in Den Haag. Bij deze aangifte zit een schematische weergave van de bestellingen/afleveringen met betrekking tot beide adressen.30 De rechtbank stelt vast dat op dit schema onder meer staat vermeld een bestelling bij [bedrijf 10] op 28 maart 2012, ter waarde van € 189,84, op naam van [valse naam 12], met als afleveradres de [adres 1] in Den Haag en zonder e-mailadres.

Het bij de aangifte van ICS behorende schema is aan verdachte getoond. Hij heeft verklaard dat hij enkele van de voor de [adres 1]bestemde bestellingen herkende aan de namen en e-mailadressen. Hij heeft verklaard niet verantwoordelijk te zijn voor de bestelling met het e-mailadres [e-mailadres], maar voor de rest wel verantwoordelijk te zijn.31

[bedrijf 2] – goederen t.w.v. € 127,95 + 223,85

[aangever 5] heeft aangifte gedaan van misbruik van creditcardgegevens op het internet. In haar bestand stond vermeld dat op 3 juli 2012 een MasterCard is misbruikt bij de webshop www.degrotespeelgoedwinkel.nl voor een transactie van € 127,95 op naam van [valse naam 4], met als afleveradres de [adres 1] in Den Haag. In haar bestand stond voorts vermeld dat op 4 juli 2012 een MasterCard is misbruikt bij de webshop www.degrotespeelgoedwinkel.nl voor een transactie van € 223,85 op naam van [valse naam 3], met als afleveradres de [adres 1] in Den Haag.32

De medeverdachte [medeverdachte] heeft verklaard dat ergens begin juli 2012 een pakketje voor verdachte werd geleverd op haar adres aan de [adres 1], welk pakketje afkomstig was van [bedrijf 2]. [medeverdachte] heeft aan verdachte gevraagd wat voor bedrijf dit was. Verdachte wees haar toen de website aan. Nadat [medeverdachte] tot twee keer toe zelf heeft geprobeerd een bestelling te plaatsen op deze website, met van verdachte betrokken creditcardgegevens en dit niet lukte, heeft zij verdachte gebeld. Verdachte bood vervolgens aan de besteling voor haar te verzorgen. Verdachte heeft de bestelling op haar verzoek afgerond en met valse creditcardgegevens betaald. De volgende dag of een dag later werden de goederen bij [medeverdachte] geleverd.33

Geconfronteerd met deze verklaring van [medeverdachte] heeft verdachte deze bevestigd.34

[bedrijf 1] – kledingstukken

In het kader van het onderzoek ‘Steeneik’ zijn bij [bedrijf 1] Wholesale gegevens opgevraagd over leveringen die tussen 1 januari 2011 en 12 juli 2012 hebben plaatsgevonden op de adressen [adres 2] in Den Haag en [adres 1] in Den Haag. Hieruit is gebleken dat op 3 juli 2012 voor een bedrag van € 98,85 aan kleding was besteld op naam van [valse naam 4], met als adres de [adres 1] in Den Haag. 35

Verdachte heeft verklaard dat hij diverse bestellingen bij de [bedrijf 1] heeft geplaatst met valse creditcardgegevens. [valse naam 4] was één van de fictieve namen die verdachte had verzonnen voor het bestellen van de goederen.36

Budgetticket.nl/onlineticketshop.nl - tickets

Uit onderzoek door het openbaar Ministerie te Augsburg (Duitsland) is gebleken dat op 22 november 2010 twee online-tickets werden gekocht, die vervolgens werden geleverd aan [valse naam 13], wonende aan de [adres 2] in Den Haag. Voorts is gebleken dat de dader(s) de creditcardgegevens van een gedupeerde hebben achterhaald en door gebruik te maken van deze achterhaalde gegevens een wederrechtelijke afboeking van de creditrekening van de gedupeerde hebben uitgevoerd.37

Verdachte heeft verklaard dat hij eind 2010, met behulp van valse creditcardgegevens, twee e-tickets heeft besteld en ontvangen op het adres [adres 2] in Den Haag. Hij heeft dit gedaan op naam van [valse naam 13].38

De rechtbank acht op grond van het vorenstaande wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich heeft schuldig gemaakt aan het onder 1 eerste en tweede cumulatief/alternatief ten laste gelegde feit, zoals hierna, onder 4.5, nader weergegeven.

Het feit dat niet (voor alle zaken) vaststaat dat de creditcardgegevens onrechtmatig zouden zijn verkregen, staat daaraan – anders dan de raadsman heeft betoogd – naar het oordeel van rechtbank niet in de weg. Zelfs indien het al zo zou zijn dat verdachte de creditcardgegevens met toestemming van de rechtmatige eigenaar zou hebben verkregen (hetgeen de rechtbank hoogst onaannemelijk acht nu deze voor € 40,-- per kaart via het internet werden besteld), dan nog heeft te gelden dat verdachte zelf niet de rechtmatige eigenaar van deze creditcardgegevens was en zich aldus ten onrechte als zodanig heeft voorgedaan.

De rechtbank zal verdachte ten aanzien van het onder 1 tweede cumulatief/alternatief ten laste gelegde feit evenwel ontslaan van alle rechtsvervolging, omdat hetgeen ten laste is gelegd niet aan enige wettelijke delictsomschrijving voldoet; meer in het bijzonder niet aan de delictsomschrijving van artikel 311 van het Wetboek van Strafrecht, nu het bestanddeel ‘wegneemt’ ontbreekt.

Feit 2

Met betrekking tot het onder feit 2 ten laste gelegde witwassen stelt de rechtbank op grond van het dossier en het verhandelde ter terechtzitting het volgende vast.

Uit informatie die door de politie is verkregen van www.marktplaats.nl is gebleken dat in de periode van 6 september 2007 tot en met 4 juli 2012 door de personen wonende op de adressen [adres 2] en [adres 1] in Den Haag en de daaraan gekoppelde IP-adressen, e-mailadressen en telefoonnummers, in totaal 384 aanbiedingen zijn geplaatst.39

Verdachte heeft verklaard dat hij de door hem met valse creditcardgegevens aangekochte goederen op grote schaal heeft verkocht via www.marktplaats.nl.40 Verdachte heeft op concrete vragen van de rechtbank met betrekking tot de op www.marktplaats.nl aangeboden goederen geen verklaring af willen leggen. Ook met betrekking tot het grote aantal stortingen van contant geld en de andere bijschrijvingen op zijn bankrekening heeft verdachte geen verklaring af willen en/of kunnen leggen.

Met betrekking tot (de pseudokoop van) de [bedrijf 12] speakerset verwijst de rechtbank naar hetgeen daarover hierboven - onder feit 1 - reeds is vastgesteld.

In het op verdachte betrekking hebbende ontnemingsdossier is een overzicht van de door verdachte op www.marktplaats.nl te koop aangeboden goederen opgenomen.41 De rechtbank stelt vast dat daarop in de ten laste gelegde periode onder andere diverse malen goederen zijn terug te vinden die vallen te classificeren onder de in de tenlastelegging genoemde rubrieken.

In het dossier bevindt zich tevens een overzicht van de bankrekening van verdachte met betrekking tot de periode van 13 december 2010 tot en met 11 mei 2012.42 De rechtbank stelt vast dat in de bedoelde periode diverse malen afboekingen hebben plaatsgevonden ten behoeve van advertentiekosten voor www.marktplaats.nl en dat een zeer groot aantal contante stortingen heeft plaatsgevonden op de rekening van verdachte. De rechtbank kan deze contante betalingen echter niet koppelen aan de concrete advertenties zoals opgenomen in het overzicht van www.marktplaats.nl. Op het overzicht van de bankrekening staat echter ook een aantal betalingen vermeld met een omschrijving, die naar het oordeel van de rechtbank – mede gelet op het gebrek aan een andersluidende verklaring van verdachte – wel gekoppeld kunnen worden aan concrete advertenties, zoals opgenomen in het overzicht van www.marktplaats.nl.

Het betreft hier de volgende betalingen en advertenties:

- Aankoop koffieautomaat d.d. 28-2-2011, bedrag: € 1.625,-.43

Verdachte heeft blijkens het overzicht van www.marktplaats.nl tussen 12 februari 2011 en 21 februari 2011 vier Jura koffieautomaten te koop aangeboden voor bedragen tussen de € 500,- en € 1.300,-.44

- Panasonic camera d.d. 24-3-2011, bedrag: € 638,-.45

Verdachte heeft blijkens het overzicht van www.marktplaats.nl op 17 maart 2011 een Panasonic camera te koop aangeboden voor een bedrag van € 650,-.46

- Jura XF 50 d.d. 5-4-2011, bedrag: € 662,75.47

Verdachte heeft blijkens het overzicht van www.marktplaats.nl op 27 maart 2011 een Jura XF te koop aangeboden voor een bedrag van € 650,-.48

- Jura ena 9 d.d. 14-4-2011, bedrag: € 605,-.49

Verdachte heeft blijkens het overzicht van www.marktplaats.nl op 3 april 2011 een Jura Ena 9 te koop aangeboden voor een bedrag van € 600,-.50

- een Nintendo 3ds (ice white) d.d. 2-2-2012, bedrag: € 115,-;51

Verdachte heeft blijkens het overzicht van www.marktplaats.nl op 1 februari 2012 een Nintendo 3DS (Ice White) te koop aangeboden voor een bedrag van € 150,-.52

- een Rimowa d.d. 5-3-2012, bedrag: € 450,-;53

Verdachte heeft blijkens het overzicht van www.marktplaats.nl op 2 maart 2012 een Rimowa te koop aangeboden voor een bedrag van € 500,-.54

2x Philips Xenonlampen d.d. 7-3-2012, bedrag: € 126,-;55

Verdachte heeft blijkens het overzicht van www.marktplaats.nl op 5 maart 2012 Philips xenonlampjes te koop aangeboden voor een bedrag van € 125,-.56

- een Multimedia interface d.d. 10-4-2012, bedrag: € 80,-.57

Verdachte heeft blijkens het overzicht van www.marktplaats.nl op 5 maart 2012 een Multimedia interface te koop aangeboden voor een bedrag van € 75,-.58

- Philips 8 dagrijlichten d.d. 26-4-2012, bedrag: € 106,75.59

Verdachte heeft blijkens het overzicht van www.marktplaats.nl op 28 februari 2012 Philips LED dagrijlichten te koop aangeboden voor een bedrag van € 100,-.60

De rechtbank acht op grond van het vorenstaande wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich heeft schuldig gemaakt aan het onder 2 primair eerste cumulatief/alternatief ten laste gelegde feit, zoals hierna, onder 4.5, nader weergegeven.

De rechtbank zal verdachte vrijspreken van het hem onder 2 primair tweede cumulatief/alternatief ten laste gelegde feit. Volgens vaste jurisprudentie is het niet mogelijk om goederen die afkomstig zijn uit een eigen misdrijf wit te wassen enkel door het voorhanden hebben daarvan (HR 26 oktober 2010, LJN: BM4440). Op grond van het dossier en het verhandelde ter terechtzitting is vast komen te staan dat verdachte aan de medeverdachte [medeverdachte] de valse creditcardgegevens heeft geleverd en haar heeft uitgelegd hoe daarmee vervolgens bestellingen konden worden plaatsen. Tevens staat vast dat verdachte medeverdachte [medeverdachte] wel eens hielp bij het afronden van bestellingen als haar dit zelf niet lukte. Ten slotte hebben verdachte en [medeverdachte] over en weer goederen op elkaars adres besteld, die aldaar door die ander werden aangenomen. Naar het oordeel van de rechtbank is daarmee sprake geweest van een dusdanig nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte en medeverdachte [medeverdachte] dat sprake is geweest van medeplegen. Dit betekent dat niet alleen voor de door verdachte zelf bestelde goederen, maar ook voor de (mogelijkerwijs) door [medeverdachte] bestelde goederen, die in zijn woning werden aangetroffen, heeft te gelden dat deze uit eigen misdrijf afkomstig waren.

4.5

De bewezenverklaring

De rechtbank verklaart bewezen dat verdachte:

1.

in de periode van 22 juni 2009 tot 23 juli 2012 te 's-Gravenhage, tezamen en in vereniging met een ander, althans alleen,

met het oogmerk om zich en/of anderen wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam ([valse naam 7] en [valse naam 8] en [valse naam 4] en [valse naam 3] en [valse naam 9] en [valse naam 12] en [valse naam 13]) en van een valse hoedanigheid, rechtspersonen:

- op 4 maart 2010 de [bedrijf 4] heeft bewogen tot de afgifte van een Kenwood audiosysteem en

- de firma [bedrijf 5] (op 31 mei 2012) heeft bewogen tot de afgifte van een weekend arrangement en (op 14 maart 2012) de afgifte van een geldbedrag groot EUR 1660,-

- de firma [bedrijf 7] heeft bewogen tot de afgifte van verlichtingsonderdelen voor een Peugeot en

- op 22 juni 2009 de firma [bedrijf 8] heeft bewogen tot de afgifte van een vliegwiel voor een Seat Toledo en

- de firma [bedrijf 12] heeft bewogen tot de afgifte van een [bedrijf 12] speakerset en

- op 28 maart 2012 [bedrijf 10] heeft bewogen tot de afgifte van een goed t.w.v. EUR189,94 en

- op 3 en 4 juli 2012 [bedrijf 2] heeft bewogen tot de afgifte van goederen ter waarde van EUR 127,95 resp. EUR 223,85 en

- op 3 juli 2012 [bedrijf 1] heeft bewogen tot de afgifte van kledingstukken en

- op 22 november 2010 [bedrijf 11] heeft bewogen tot de afgifte van tickets;

hebbende verdachte met voren omschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - telkens in strijd met de waarheid

- zich voorgedaan als rechtmatige eigenaar van een creditcard door creditcardgegevens (personalia, nummers en/of codes) behorende bij creditcards van anderen dan hemzelf te gebruiken bij het bestellen van goederen en diensten via internet en vervolgens

- goederen laten bezorgen op naam van anderen dan verdachte zelf en

- [ dossier [bedrijf 5]] die goederen/diensten afgenomen dan wel een boeking geannuleerd en om teruggave (op de rekening van [verdachte]) van het (op andermans rekening) in rekening gebrachte of te brengen geld verzocht;

waardoor bovenomschreven rechtspersonen werden bewogen tot afgifte van de bovenomschreven goederen/diensten.

2.

in de periode van 22 juni 2009 tot 23 juli 2012 te ’s-Gravenhage van voorwerpen, te weten een [bedrijf 12] speakerset en auto-onderdelen, in ieder geval electronica-artikelen, en een koffer (bestaande uit goederen die via internet zijn besteld en daarna zijn verkocht), de herkomst heeft verborgen of verhuld, zulks terwijl verdachte wist dat die voorwerpen afkomstig waren uit misdrijf.

5 De strafbaarheid van de feiten

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten.

Dit levert de in de beslissing genoemde strafbare feiten op.

6 De strafbaarheid van de verdachte

Verdachte is eveneens strafbaar, omdat geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die zijn strafbaarheid uitsluiten.

7 De strafoplegging

7.1

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 36 maanden, met aftrek van de tijd in voorarrest doorgebracht, waarvan 9 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren en als bijzondere voorwaarde een reclasseringstoezicht, ook als dat inhoudt dat verdachte een behandeling dient te volgen bij De Waag.

7.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft de rechtbank verzocht te volstaan met een onvoorwaardelijke gevangenisstraf conform het voorarrest en eventueel nog een werkstraf en/of een voorwaardelijke gevangenisstraf, zodat verdachte zijn behandeling bij de Waag voort kan zetten.

7.3

Het oordeel van de rechtbank

Na te melden straf is in overeenstemming met de ernst van de gepleegde feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en gegrond op de persoon en de persoonlijke omstandigheden van verdachte, zoals daarvan tijdens het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan creditcardfraude door via het internet creditcardgegevens van derden te kopen en die gegevens vervolgens te gebruiken voor het doen van (dure) aankopen bij webwinkels. Het vertrouwen dat door de consument en de acceptant in het betaalnetwerk en in het gebruik van de creditcard moet kunnen worden gesteld is van groot economisch en maatschappelijk belang. Door de bewezen verklaarde feiten is een ernstige inbreuk gemaakt op het vertrouwen van de consument in het betalingsverkeer. Wanneer dit vertrouwen niet meer aanwezig is, bestaat het risico van een ernstige ontwrichting van het maatschappelijk en economisch verkeer. Daarnaast heeft de handelwijze van verdachte geleid tot financiële schade voor de betrokken winkeliers en met name de creditcardmaatschappijen. De rechtbank heeft de straf betrokken op de negen in de tenlastelegging geconcretiseerde feiten, welke bewezen zijn verklaard. De rechtbank heeft er evenwel ook rekening mee gehouden dat het dossier voldoende aanknoping biedt om wat de strafmaat betreft uit te gaan van meer dan negen oplichtingen.

Voorts heeft verdachte zich schuldig gemaakt aan het witwassen van de op deze manier bestelde goederen, door deze te verkopen via www.marktplaats.nl. Deze handelingen vormen een bedreiging van de legale economie en tasten de integriteit van het financiële en economische verkeer aan. Verdachte heeft hieraan door zijn handelen een bijdrage geleverd.

De rechtbank heeft acht geslagen op het verdachte betreffende Uittreksel Justitiële Documentatie d.d. 16 september 2013, waaruit blijkt dat verdachte eerder is veroordeeld wegens soortgelijke feiten.

Voorts heeft de rechtbank acht geslagen op de omtrent verdachte uitgebrachte rapportage van de reclassering d.d. 26 september 2012. De reclassering heeft gerapporteerd dat bij verdachte sprake is van een duidelijk delictpatroon ten aanzien van delicten met een oplichtingcomponent. Gezien de delictgeschiedenis en de door de reclassering geconstateerde zorgelijke ontwikkelingen ten aanzien van een dagbesteding en structureel inkomen, wordt het recidiverisico door de reclassering als laag gemiddeld ingeschat. De reclassering heeft de rechtbank geadviseerd een (deels) voorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen met als bijzondere voorwaarden een meldingsgebod en een behandelverplichting bij de Waag. Uit het voortgangsverslag van de reclassering d.d. 30 september 2013 blijkt dat verdachte tijdens de (thans wegens een nieuwe verdenking van het plegen van een strafbaar feit weer opgeheven) schorsing van zijn voorlopige hechtenis reeds een aanvang had gemaakt met de behandeling bij de Waag. Verdachte heeft ter terechtzitting van 14 oktober 2013 verklaard nog steeds bereid te zijn zich aan de door de reclassering voorgestelde voorwaarden te houden.

Gelet op het vorenstaande acht rechtbank een gevangenisstraf van te noemen duur een passende en geboden straf. Om verdachte ervan te doordringen zich in de toekomst niet wederom schuldig te maken aan soortgelijke strafbare feiten en om het reclasseringstoezicht mogelijk te maken, zal de rechtbank een deel van die gevangenisstraf voorwaardelijk opleggen en daaraan de bijzondere voorwaarden zoals door de reclassering geadviseerd verbinden.

8 De inbeslaggenomen goederen

8.1

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat de op de beslaglijst vermelde voorwerpen die in beslag zijn genomen tijdens de doorzoeking van het pand aan de [adres 1] in Den Haag zullen worden verbeurd verklaard, omdat deze afkomstig zijn van enig misdrijf, te weten de oplichtingen dan wel het witwassen, zoals gepleegd door verdachte en/of medeverdachte [medeverdachte].

8.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft zich niet uitgelaten over het beslag.

8.3

Het oordeel van de rechtbank

Op grond van het onderzoek ter terechtzitting kan met betrekking tot de op de beslaglijst onder 1 tot en met 10 genummerde voorwerpen geen persoon als rechthebbende worden aangemerkt.

De rechtbank zal daarom de bewaring van deze voorwerpen ten behoeve van de rechthebbende(n) gelasten.

9 De toepasselijke wetsartikelen

De op te leggen straf is gegrond op de artikelen:

14a, 14b, 14c, 14d, 47, 57, 225, 326 van het Wetboek van Strafrecht.

Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij golden ten tijde van het bewezenverklaarde.

10 De beslissing

De rechtbank,

verklaart de dagvaarding (partieel) nietig ten aanzien van feit 1, voor zover dat feit ziet op andere zaken dan de drie zaken die in de tenlastelegging nader zijn geconcretiseerd;

verklaart de dagvaarding (integraal) nietig ten aanzien van feit 3;

verklaart niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 2 primair tweede cumulatief/alternatief ten laste gelegde feit heeft begaan en spreekt verdachte daarvan vrij;

verklaart wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 1 tweede cumulatief/alternatief ten laste gelegde feit heeft begaan;

verklaart het bewezenverklaarde onder 1 tweede cumulatief/alternatief niet strafbaar en ontslaat verdachte ter dier zake van alle rechtsvervolging;

verklaart wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de onder 1 eerste cumulatief/alternatief en onder 2 primair eerste cumulatief/alternatief ten laste gelegde feiten heeft begaan en dat het bewezenverklaarde uitmaakt:

ten aanzien van feit 1 eerste cumulatief/alternatief:

oplichting, meermalen gepleegd;

ten aanzien van feit 2 primair eerste cumulatief/alternatief:

witwassen, meermalen gepleegd;

verklaart het bewezenverklaarde en verdachte deswege strafbaar;

verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;

veroordeelt verdachte tot:

een gevangenisstraf voor de duur van 18 (ACHTTIEN) MAANDEN;

bepaalt dat de tijd, door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van het onvoorwaardelijk gedeelte van de hem opgelegde gevangenisstraf geheel in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht;

bepaalt dat een gedeelte van die straf, groot 6 (ZES) MAANDEN niet zal worden ten uitvoer gelegd, zulks onder de algemene voorwaarde, dat de veroordeelde zich voor het einde van de hierbij op twee jaren vastgestelde proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;

alsmede onder de algemene voorwaarden:

- dat de veroordeelde ter vaststelling van zijn identiteit medewerking verleent aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;

- alsmede onder de algemene voorwaarde dat de veroordeelde medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14d, tweede lid, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen;

en onder de bijzondere voorwaarden:

- dat de veroordeelde zich gedurende de proeftijd bij Reclassering Nederland te Den Haag (adres: Bezuidenhoutseweg 179) zal melden, zolang de reclassering dit noodzakelijk acht;

- dat de veroordeelde zich zal laten behandelen bij de Waag of een soortgelijke ambulante forensische zorginstelling, zulks ter beoordeling van de reclassering, waarbij de veroordeelde zich zal houden aan de aanwijzingen die hem in het kader van die behandeling door of namens de instelling/behandelaar zullen worden gegeven;

waarbij de reclassering opdracht wordt gegeven toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden;

gelast de bewaring ten behoeve van de rechthebbende(n) van de op de beslaglijst onder 1 tot en met 10 genummerde voorwerpen (bijlage A).

Dit vonnis is gewezen door

mr. V.J. de Haan, voorzitter,

mrs. Chr.A.J.F.M. Hensen en I.J.K. van der Meer, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. R. van der Graaff, griffier,

en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 28 oktober 2013.

Mr. van der Meer is buiten staat dit vonnis te ondertekenen.

1 Wanneer hierna wordt verwezen naar een proces-verbaal, wordt - tenzij anders vermeld - bedoeld een ambtsedig proces-verbaal, opgemaakt in de wettelijke vorm door (een) daartoe bevoegde opsporingsambtena(a)r(en). Waar wordt verwezen naar dossierpagina’s, betreft dit de pagina’s van het proces-verbaal met het nummer PL1509/2011/2226410, van de regiopolitie Haaglanden, met bijlagen.

2 Proces-verbaal van relaas d.d. 15 oktober 2012, Algemeen Dossier, p. 6.

3 Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 24 juli 2012, Persoonsdossier [verdachte], p. 29.

4 Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 30 juli 2012, Persoonsdossier [medeverdachte], p. 75-76.

5 Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 24 juli 2012, Persoonsdossier [medeverdachte 2], p. 363 en proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 25 juli 2012, 377.

6 Proces-verbaal van relaas d.d. 15 oktober 2012, Algemeen Dossier, p. 9.

7 Eigen verklaring verdachte ter terechtzitting van 14 oktober 2013.

8 Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 28 september 2012, Persoonsdossier [verdachte], p. 108.

9 Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 25 juli 2012, Persoonsdossier [verdachte], p. 36.

10 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 6] d.d. 13 juli 2012, [bedrijf 3], p. 8-12.

11 Eigen verklaring verdachte ter terechtzitting van 14 oktober 2013.

12 (Een vertaling van) het verzoek tot overname van de strafvervolging, [bedrijf 3], p. 35.

13 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 6] d.d. 13 juli 2012, [bedrijf 3], p. 8-12.

14 (Een vertaling van) het verzoek tot overname van de strafvervolging, [bedrijf 3], p. 35.

15 Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 14 augustus 2012, [bedrijf 3], p. 14.

16 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 6 augustus 2012, [bedrijf 5] 2 juni 2012, p. 9.

17 Eigen verklaring verdachte ter terechtzitting van 14 oktober 2013.

18 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 24 september 2012, [bedrijf 5] 2 juni 2012, p. 15.

19 Eigen verklaring verdachte ter terechtzitting van 14 oktober 2013.

20 (Een vertaling van) het verzoek tot verhoor van de verdachte door de politie, [bedrijf 3], p. 52.

21 Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 15 augustus 2012, [bedrijf 3], p. 48

22 (Een vertaling van) proces-verbaal van aangifte d.d. 27 augustus 2009, [bedrijf 12], p. 57-58.

23 Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 15 augustus 2012, [bedrijf 12], p. 56.

24 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 19 juni 2012, [bedrijf 12], p. 9-10.

25 Een geschrift, te weten een pakbon, [bedrijf 12], p. 13.

26 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 21 juni 2012, [bedrijf 12], p. 21.

27 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 9 juli 2012, [bedrijf 12], p. 37-38.

28 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 28 juni 2012, [bedrijf 12], p. 39.

29 Eigen verklaring van verdachte ter terechtzitting van 14 oktober 2013.

30 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 1] d.d. 18 juli 2012, [aangever 4], p. 9-19.

31 Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 4 oktober 2012, [aangever 4], p. 34.

32 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 2] d.d. 6 juli 2012, [bedrijf 2], p. 21-25.

33 Proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte] d.d. 12 september 2012, [bedrijf 2], p. 36.

34 Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 28 september 2012, [bedrijf 2], p. 32-33.

35 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 18 juli 2012, p. 7-8.

36 Eigen verklaring van verdachte ter terechtzitting van 14 oktober 2013.

37 (Een vertaling van) verzoek tot overname van de strafrechtelijke vervolging d.d. 13 augustus 2012, ZD Rechtshulpverzoeken, p. 85-88.

38 Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 4 oktober 2012, [bedrijf 3], p. 15.

39 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 4 oktober 2012, AH 56.

40 Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 25 juli 2012, Persoonsdossier [verdachte], p. 36.

41 Een geschrift, te weten ‘overzicht aangeboden artikelen op Marktplaats door verdachte [verdachte], bijlage 3 bij het Rapport berekening wederrechtelijk verkregen voordeel.

42 Een geschrift, te weten ‘overzicht bankrekening [bankrekeningnummer]ten name van [verdachte], [postadres].

43 Overzicht bankrekening, p. 6.

44 Overzicht Marktplaats, p. 4, advertenties 199-202.

45 Overzicht bankrekening, p. 8.

46 Overzicht Marktplaats, p. 4, advertentie 205.

47 Overzicht bankrekening, p. 9.

48 Overzicht Marktplaats, p. 4, advertentie 208.

49 Overzicht bankrekening, p. 10.

50 Overzicht Marktplaats, p. 4, advertentie 210.

51 Overzicht bankrekening, p. 42.

52 Overzicht Marktplaats, p. 5, advertentie 315.

53 Overzicht bankrekening, p. 47.

54 Overzicht Marktplaats, p. 5, advertentie 325.

55 Overzicht bankrekening, p. 47.

56 Overzicht Marktplaats, p. 5, advertentie 329.

57 Overzicht bankrekening, p. 51.

58 Overzicht Marktplaats, p. 5, advertentie 328.

59 Overzicht bankrekening, p. 53.

60 Overzicht Marktplaats, p. 5, advertentie 322.