Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBBRE:2011:BV0240

Instantie
Rechtbank Breda
Datum uitspraak
24-11-2011
Datum publicatie
05-01-2012
Zaaknummer
683917 mb 11-153
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV). Mulder beroep. Laden en lossen van goederen bij parkeerverbod. Bijzondere weersomstandigheden aanleiding tot matiging van sanctie.

Wetsverwijzingen
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990)
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) 24
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JWR 2012/12

Uitspraak

RECHTBANK BREDA

Sector kanton

Locatie Bergen op Zoom

zaaknummer: 683917 \ MB VERZ 11-153

cjib-nummer: 2148580108

registratienummer: R49210

uitspraak: 24 november 2011

beslissing ex artikel 13 Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV)

in de zaak van:

kentekenhouder: Arval B.V.

adres: Postbus 536

postcode en woonplaats: 3990 GH Houten

betrokkene: [betrokkene]

adres: [adres]

1. Het verloop van de procedure

Bij initiële beschikking van 8 januari 2011 is aan betrokkene een sanctie opgelegd van € 60,00, vermeerderd met € 6,00 administratiekosten, ter zake van “een voertuig parkeren in strijd met bord E1 (parkeerverbod)”, begaan op dinsdag 21 december 2010 om 09.37 uur te Bergen op Zoom aan de Zuivelstraat (feitcode R584).

Tegen deze beschikking is betrokkene op 15 februari 2011 bij de officier van justitie in beroep gekomen.

De officier van justitie heeft het beroep van betrokkene ongegrond verklaard. Deze beslissing is op 18 april 2011 aan betrokkene verzonden.

Tegen deze beslissing van de officier van justitie heeft betrokkene op 25 mei 2011 beroep aangetekend.

De zaak is behandeld op de openbare zitting van 24 november 2011, waar namens de officier van justitie de CVOM-vertegenwoordiger en betrokkene zijn verschenen.

2. Het standpunt van betrokkene

Betrokkene heeft aangevoerd dat er ten tijde van de verweten gedraging sprake was van bijzondere weersomstandigheden. Er was hevige sneeuwval en vanwege de gladheid had betrokkene zijn auto voor het winkelpand stil laten staan om te laden en lossen. Hij is door de winkel gelopen om in het magazijn dozen te lossen en was binnen een paar minuten weer terug bij zijn auto, aldus betrokkene. Betrokkene heeft ter zitting zijn standpunt nader toegelicht en heeft nog aangevoerd dat hij met zijn vrouw naar haar werk is gereden om zes kerstpakketten te lossen. Het waren zware pakketten en betrokkene heeft twee keer moeten lopen. Dit heeft in totaal maar ongeveer vier minuten geduurd. Zijn vrouw kan dit bevestigen. De achterklep van zijn auto heeft gedurende het lossen steeds opengestaan. Nadat betrokkene de tweede keer de pakketten had neergezet en terug bij zijn auto kwam, zat er een bekeuring onder de ruitenwisser.

3. De nadere zienswijze van de officier van justitie

De officier van justitie heeft het volgende overgelegd:

- Een zaakoverzicht waarvan de inhoud - voor zover thans van belang- luidt:

“Toelichting verbalisant: Stond geparkeerd in een parkeerverbods(zone) thv pand 19A. Geen gpk (de kantonrechter leest: geen geldige gehandicaptenparkeerkaart) of ontheffing. Geen laad en los activiteiten gedurend 10 minuten. Bestuurder is niet aangetroffen. Avb (de kantonrechter leest Aankondiging van beschikking) onder de ruitenwisser geplaatst. De gedraging vond plaats binnen de bebouwde kom”.

De officier van justitie handhaaft het eerder ingenomen standpunt.

4. De beoordeling

4.1 De termijnen en formaliteiten zijn in acht genomen.

4.2 Betrokkene heeft aangevoerd dat er geen sprake was van parkeren, maar van laden en lossen.

Uit de weergave van de ambtsedige verklaring van de verbalisant in het zaakoverzicht blijkt dat de auto van betrokkene een aantal minuten is geobserveerd en dat gedurende die tijd rond de auto geen activiteit is waargenomen.

Parkeren is volgens het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990): “het laten stilstaan van een voertuig anders dan gedurende de tijd die nodig is voor en gebruikt wordt tot het onmiddellijk in- of uit laten stappen van passagiers of voor het onmiddellijk laden of lossen van goederen.” Onder het begrip "onmiddellijk laden en/of lossen" moet worden verstaan: het onmiddellijk nadat het voertuig tot stilstand is gebracht bij voortduring in- en uitladen van goederen van enige omvang of enig gewicht gedurende de tijd die daarvoor nodig is.

Dit betekent dat het laden en/of lossen waarneembaar moet zijn en wel in die zin dat degene die de auto observeert, voortdurend iemand met goederen van enige omvang of gewicht heen en weer ziet lopen. Daarbij geldt dat de goederen na het uitladen achter de deur moeten worden gezet van het pand waarvoor ze bestemd zijn. Vervolgens dient de auto op een plaats te worden geparkeerd waar dit is toegestaan. Het opbergen van de goederen of het afwikkelen van eventuele formaliteiten (tekenen van bonnen etc. in geval van beroepsmatig laden en/of lossen) dient pas daarna afgewikkeld te worden. Uitzonderingen hierop zijn denkbaar, maar daarvoor is het op zijn minst noodzakelijk dat concrete feiten of omstandigheden zijn aangevoerd waarom niet gehandeld had kunnen worden zoals hiervoor is beschreven.

Naar het oordeel van de kantonrechter is niet aannemelijk geworden dat zich zulke uitzonderingen hebben voorgedaan en is voldoende komen vast te staan dat de gedraging, te weten parkeren in strijd met een parkeerverbod, is verricht en rechtvaardigt de opgelegde sanctie.

De door betrokkene aangevoerde omstandigheden, en dan met name het feit dat er sprake was van bijzondere weersomstandigheden, geven de kantonrechter aanleiding te sanctie te matigen als hierna bepaald.

4.3 Het beroep is dan ook gedeeltelijk gegrond.

5. De beslissing

De kantonrechter:

verklaart het beroep gedeeltelijk gegrond.

bepaalt dat aan betrokkene een bedrag van € 30.,00 dient te worden gerestitueerd.

Deze beslissing is gegeven door mr. W.E.M. Verjans en uitgesproken ter openbare zitting.

Wanneer de bij deze beslissing opgelegde sanctie meer bedraagt dan € 70,00 staat ingevolge artikel 14 WAHV tegen deze uitspraak hoger beroep open binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending bij het gerechtshof te Leeuwarden. Het beroepschrift dient ingezonden te worden bij deze sector van de rechtbank (Postbus 118, 4600 AC Bergen op Zoom). De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht.

Datum toezending: