Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBBRE:2011:BV0231

Instantie
Rechtbank Breda
Datum uitspraak
15-12-2011
Datum publicatie
05-01-2012
Zaaknummer
685691 mb 11-162
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

- Wet Administratieve Handhaving Verkeersvoorschriften (WAHV)

- Mulderberoep

- Kantonrechter komt na "onder ede" horen van vader van betrokkene tot het oordeel dat betrokkene de verweten gedraging niet kan hebben gepleegd

- Beroep gegrond

Wetsverwijzingen
Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften
Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften 9
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JWR 2012/13
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK BREDA

team kanton Bergen op Zoom

zaaknummer : 685691 \ MB VERZ 11-162

CJIB-nummer: 149107613

uitspraak: 15 december 2011

Op de in het openbaar gehouden zitting van 15 december 2011 is mr. W.E.M. Verjans, kantonrechter, bijgestaan door L.P.A. Gijsen-van der Linden als griffier, overgegaan tot de mondelinge behandeling van het beroep dat is ingesteld tegen de beslissing van de officier van justitie met bovengenoemd CJIB-nummer. Het beroepschrift is ingediend door:

naam: : [betrokkene]

adres : [adres], nader ook te noemen: betrokkene,

Betrokkene is ter zitting verschenen in persoon, samen met zijn vader [X].

Namens de officier van justitie is verschenen F. Slootweg, werkzaam bij het CVOM te Utrecht.

Van het verhandelde ter zitting is door de griffier aantekening gehouden, welke aantekeningen worden geacht deel uit te maken van dit proces-verbaal.

Betrokkene heeft beroep ingesteld en daartoe aangevoerd hetgeen in het beroepschrift - dat zich bij de stukken van het geding bevindt - is vermeld. Ter zitting heeft betrokkene medegedeeld de gronden van het beroep te handhaven.

De officier van justitie heeft ter zitting meegedeeld de beslissing waarvan beroep is ingesteld, alsmede de verwerping van de bezwaren van betrokkene, te handhaven.

1. De beoordeling

De kantonrechter heeft op grond van de navolgende overwegingen een beslissing genomen, welke beslissing is uitgesproken ter openbare terechtzitting.

Het beroep is ontvankelijk omdat het tijdig is ingesteld en er zekerheid is gesteld voor de betaling van de sanctie.

Betrokkene betwist dat hij als bestuurder van een personenauto tijdens het rijden een mobiele telefoon vast had. Betrokkene voert aan dat hij staande is gehouden voor het fietsen zonder verlichting, waardoor hij een bekeuring van € 30,00 verwachtte te ontvangen. De verbalisant heeft de gegevens van zijn identiteitsbewijs overgenomen. Betrokkene wilde de bus halen, waardoor de verbalisant aangaf dat hij snel naar de bus kon fietsen. Hierdoor heeft betrokkene geen aankondiging van beschikking gekregen. Wat betreft de verweten gedraging biedt betrokkene bewijs aan door middel van een uitdraai van gegevens van zijn mobiele telefoon en een verklaring van zijn rijinstructeur omtrent zijn rijgedrag dat hij de verweten gedraging niet kan hebben verricht. Bovendien geeft de vader van betrokkene aan dat zijn zoon op de fiets naar de bushalte was vertrokken en dat hij thuis was op het moment van de verweten gedraging. De vader van betrokkene heeft zijn auto na 8.00 uur meegenomen om naar zijn werk te rijden. Betrokkene kan dus niet in de auto hebben gereden. Het is onverklaarbaar waarom de auto wordt genoemd, aldus betrokkene.

Ter zitting is de volgende getuige gehoord:

[X], vader van betrokkene, wonende te [adres, leeftijd en beroep]

Belofte.

“Op 6 december 2010 stond de auto, een Saab met het kenteken [A], op de oprit van ons huis. Kort na 8.00 uur ben ik in de Saab vertrokken naar mijn werk in Dinteloord. Mijn zoon, [betrokkene], zat toen al op de fiets richting de bushalte. Het is absoluut onmogelijk dat mijn zoon in de auto heeft gereden en de auto heeft bestuurd”.

De kantonrechter sluit het getuigenverhoor.

De door of namens betrokkene aangevoerde omstandigheden, ondersteund door de verklaring van de vader van betrokkene, leiden tot het oordeel dat onvoldoende grond bestaat er van uit te gaan dat betrokkene de verweten gedraging heeft begaan. Dit betekent dat het beroep gegrond dient te worden verklaard en de bestreden beslissing dient te worden vernietigd.

De gestelde zekerheid dient aan betrokkene te worden terugbetaald als hierna bepaald.

2. De beslissing

De kantonrechter:

- verklaart het beroep gegrond;

- vernietigt de bestreden beslissing van de officier van justitie;

- draagt de officier van justitie op het bedrag van de zekerheidstelling ter hoogte van € 166,00 (inclusief € 6,00 administratiekosten) aan betrokkene terug te betalen.

Waarvan proces-verbaal,

De griffier, De kantonrechter,

Bent u het met de beslissing op uw beroep niet eens, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof te Leeuwarden, doch alleen indien:

a. de bij deze beslissing opgelegde administratieve sanctie meer dan € 70,00 bedraagt, of

b. het beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat de zekerheid niet (tijdig) is gesteld.

Het beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Breda, sector kanton, locatie Bergen op Zoom, (118 4600 AC Bergen op Zoom) en dient door degene die bij de sector kanton beroep heeft ingesteld of door zijn gemachtigde te zijn ondertekend.

U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.

De procedure bij het gerechtshof verloopt geheel schriftelijk, tenzij in het beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting wordt gevraagd waarop u uw standpunt mondeling wilt toelichten.

Datum toezending beslissing: