Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBBRE:2011:BU3996

Instantie
Rechtbank Breda
Datum uitspraak
08-11-2011
Datum publicatie
10-11-2011
Zaaknummer
241213 / KG ZA 11-579
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie

Zorgaanbieder vordert van CZ toekenning van een prijsopslag voor stimuleren extern netwerk’ conform het Zorginkoopdocument 2012. Vordering toegewezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
GJ 2012/12

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK BREDA

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 241213 / KG ZA 11-579

Vonnis in kort geding van 8 november 2011

in de zaak van

de stichting

STICHTING SOVAK,

gevestigd te Terheijden,

eiseres,

advocaat mr. A.H. Wijnberg te Groningen,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

CZ ZORGKANTOREN BV,

gevestigd te Tilburg,

gedaagde,

advocaat mr. A.J.H.W.M. Versteeg te Amsterdam.

Partijen zullen hierna Sovak en CZ genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding

- de mondelinge behandeling

- de pleitnota van Sovak

- de pleitnota van CZ.

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. Het geschil

2.1.Sovak vordert dat de voorzieningenrechter bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad:

primair:

CZ gelast de prijsopslag voor het project ‘stimuleren extern netwerk’ alsnog aan Sovak toe te wijzen en op te nemen in het budgetformulier;

subsidiair:

CZ gelast voor 1 november 2011 alsnog inhoudelijk te beslissen op de aanvraag van Sovak om in aanmerking te komen voor de prijsopslag voor het project ‘stimuleren extern netwerk’;

CZ veroordeelt in de kosten van het geding.

2.2. CZ voert verweer.

2.3. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

3. De feiten

3.1. Op grond van de niet of onvoldoende weersproken stellingen en de overgelegde producties wordt uitgegaan van de navolgende feiten:

a. CZ is één van de zorgkantoren die op grond van een mandaats- en volmachtovereenkomst de voor de uitvoering van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (hierna te noemen: AWBZ) toegelaten zorgverzekeraar vertegenwoordigen in de regio waarvoor zij als verbindingskantoor zijn aangewezen.

b. Voor de zorg waarop aanspraak bestaat uit hoofde van de AWBZ wordt het tarief dat een zorgverzekeraar ten hoogste in rekening mag brengen en een zorgkantoor ten hoogste mag betalen, vastgesteld door de Nederlandse Zorg Autoriteit.

c. Voor het gebruik van haar contracteerbevoegdheid heeft CZ een inkoopprocedure vorm gegeven die opgenomen is in het Zorginkoopdocument 2012 dat van toepassing is voor de sector waarbinnen zorg wordt geboden.

d. In het Zorginkoopdocument 2012 heeft CZ aangegeven dat sturing via de prijs een van de instrumenten is die zij in het kader van haar inkoopbeleid inzet. Voor het bepalen van de prijs als factor van de productieafspraak hanteert CZ een methode die zowel opslagen als afslagen kent.

e. In het Inkoopdocument 2012 is beschreven onder welke voorwaarden aanbieders in aanmerking kunnen komen voor een prijsopslag van 1,5% voor de prestatie “Stimuleren extern netwerk” voor zowel de extramurale als en intramuraal te verlenen zorg, namelijk indien:

“(..)

de deelnemende zorgaanbieder voor 1 september 2011 een plan van aanpak aangeleverd heeft waarbij inzichtelijk wordt:

- op welke manier de zorgaanbieder invulling geeft aan het in kaart brengen van het externe cliëntennetwerk en -gebeurtenissen;

- hoe de zorgaanbieder het externe cliëntennetwerk gaat stimuleren om actieve betrokkenheid te realiseren en hoe hij activiteiten gaat opzetten met cliënten;

- hoe de cliëntenraad betrokken is bij het monitoren van afspraken die zijn vastgelegd in de afzonderlijke zorg(leef)plannen;

- hoe de zorgaanbieder zorg draagt voor de ondersteuning van medewerkers in dit proces;

- op welke manier de resultaten getoetst worden.

(…)”

f. Conform het zorginkoopdocument 2012 heeft Sovak tijdig het plan van aanpak: ‘stimuleren extern netwerk’ aan CZ toegezonden, echter per abuis zonder de bij het plan behorende bijlage genaamd Projectplan.

Het plan van aanpak vermeldt onder het kopje ‘Projectopzet’:

“SOVAK heeft gekozen voor een projectstructuur vanwege de lange looptijd en de inzet van meerdere disciplines.

In het projectplan wordt tot op detailniveau uitgewerkt wat er moet gebeuren, voor welke datum en wie daarvoor verantwoordelijk is. De onderscheiden fasen in het traject moeten elkaar opvolgen, zodat er geen vertraging ontstaat gedurende de looptijd van het project. De projectgroep is verantwoordelijk voor het opstellen en uitvoeren van het projectplan en zorgt voor de juiste mensen, de juiste faciliteiten en de bijbehorende middelen.”

g. CZ heeft bij e-mailbericht van 6 oktober 2011 aan Sovak bericht:

“(…)

In het Zorginkoopdocument 2012 Sector Gehandicaptenzorg is bepaald dat uit het plan van aanpak met betrekking tot het stimuleren van het extern netwerk een aantal aspecten inzichtelijk moeten worden. In het plan van aanpak komen de volgende van deze aspecten onvoldoende dan wel niet naar voren.

- op welke wijze het externe cliëntennetwerk gestimuleerd wordt om actieve betrokkenheid te realiseren.

- op welke wijze de cliëntenraad betrokken is bij de monitoring van de afspraken die zijn vastgelegd in de individuele zorg(leef)plannen.

- op welke wijze de betrokken medewerkers getraind dan wel ondersteund worden.

- op welke manier de resultaten getoetst worden.

Het voorgaande heeft tot gevolg dat uw organisatie niet in aanmerking komt voor de prijsopslag “Stimuleren extern netwerk” ten aanzien van intramurale en extramurale zorg. (….)”

h. Sovak heeft bij e-mailbericht van 7 oktober 2011 aan de zorginkoper van CZ medegedeeld:

“(…) Sovak betreurt het zeer dat het project extern netwerk niet door CZ is toegekend en in eerste instantie begrepen we dat ook echt niet. We herkennen namelijk niet dat de hieronder genoemde punten niet in het plan van aanpak staan. Bij nader inzien bleek echter dat we bij het toezenden van de stukken abusievelijk alleen de projectbeschrijving en niet het bijbehorende projectplan hebben aangeleverd. In het projectplan zijn namelijk onderstaande punten wel opgenomen (zie daarvoor de bijlage).

Aangezien zowel het zorgkantoor als ook SOVAK het extern netwerk van groot belang achten, zouden we het erg jammer vinden als we dit niet uit kunnen gaan voeren. Wij gaan er dan ook van uit dat we samen met jou tot een goede afspraak hierover kunnen gaan komen. (…)”

i. Tijdens een telefonisch overleg op 11 oktober 2011 heeft CZ aan SOVAK medegedeeld dat CZ -zonder inhoudelijke beoordeling van de nagezonden bijlage- bij haar standpunt blijft dat de prijsopslag voor het project ‘stimuleren extern netwerk’ niet wordt toegekend, omdat niet aan de voorwaarden van het zorginkoopdocument 2012 is voldaan.

4. De beoordeling

4.1. Sovak grondt haar vorderingen op de stelling dat CZ op grond van het inkoopdocument niet het projectplan vooraf mag toetsen. Voor het geval dit anders zou zijn meent Sovak dat CZ zich onredelijk opstelt door haar weigering het projectplan te betrekken bij de beoordeling of Sovak in aanmerking komt voor de prijsopslag ‘Stimuleren extern netwerk’ omdat dit projectplan is ingediend op 7 oktober 2011, terwijl volgens het Zorginkoopdocument 2012 het plan van aanpak inclusief bijbehorende bijlagen uiterlijk 1 september 2011 diende te worden ingediend. Sovak stelt dat zij door de afwijzing van CZ op 6 oktober 2011 pas snapte dat zij had verzuimd om het projectplan als bijlage met het plan van aanpak mee te zenden en derhalve echt sprake is van een misverstand. In het onderhavige geval hebben beide partijen niet opgemerkt dat er in het plan van aanpak wel degelijk een verwijzing stond naar het projectplan. Sovak heeft verzuimd het projectplan, dat is voorzien van een datumstempel 26 juli 2011 en is goedgekeurd door de Raad van Bestuur op 24 augustus 2011, als bijlage toe te voegen bij het ingezonden plan van aanpak. CZ heeft niet geconstateerd dat er iets niet was bijgesloten of dat er iets ontbrak, hetgeen Sovak CZ overigens niet verwijt. Bij goed lezen is het volgens Sovak echter voor eenieder wel duidelijk dat uit de zin in de paragraaf “Projectplan” in het plan van aanpak: “In het projectplan wordt tot op detailniveau uitgewerkt wat er moet gebeuren, voor welke datum en wie daarvoor verantwoordelijk is” volgt dat dit projectplan al is gemaakt en dit projectplan onderdeel uitmaakt van het plan van aanpak. Sovak stelt zich dan ook op het standpunt dat sprake is van een kennelijke vergissing, die volgens vaste jurisprudentie in het aanbestedingsrecht moet kunnen worden hersteld wanneer de eerlijke concurrentie daardoor niet wordt geschaad. Aangezien hier geen sprake is van onderlinge concurrentie en het inkoopbeleid voor alle aanbieders gelijk is, wordt het gelijkheidsbeginsel niet geschaad bij toewijzing van de vordering, aldus Sovak.

4.2. CZ stelt dat zij het door Sovak ingediende plan van aanpak nog eens tegen het licht heeft gehouden en zij zich (andermaal) de vraag heeft gesteld of zij had kunnen dan wel moeten begrijpen dat het “plan van aanpak” een bijlage miste: in termen van de geciteerde jurisprudentie: was sprake van “een voor ieder kenbare vergissing” dat er nog een bijlage bij het “plan van aanpak” gevoegd had moeten worden. CZ meent dat die vraag ontkennend beantwoord dient te worden omdat in het “plan van aanpak” met geen woord wordt gerept over een bijlage of een ander document. Volgens CZ blijkt uit niets in het “plan van aanpak” als een voor eenieder kenbare vergissing dat Sovak de bedoeling had nog een ander document in te dienen dat onderdeel was van het “plan van aanpak: In de paragraaf “projectopzet’ verwijst Sovak wel naar een projectplan, maar geeft niet aan dat het onderdeel is van het “plan van aanpak”. CZ heeft de voorschriften van de inkoopprocedure dus niet geschonden door het plan van aanpak te beschouwen als het volledige plan. CZ stelt dat, indien zij anders zou hebben gehandeld, CZ niet alleen zou hebben toegelaten dat met voorbijgaan aan de eisen van het gelijkheidsbeginsel één aanbieder anders werd behandeld dan alle andere aanbieders die voor deze prijsopslag in aanmerking willen komen maar zou zij ook de mededinging hebben beïnvloed omdat de voor de uitvoering van de AWBZ beschikbare middelen op een andere wijze zouden worden verdeeld. CZ betwist niet dat Sovak abusievelijk heeft verzuimd een bijlage bij haar plan van aanpak te voegen, maar stelt dat dat verzuim voor rekening en risico van de inschrijver komt en alleen gecorrigeerd had kunnen worden indien Sovak zelf tijdig, dat wil dus zeggen voor 1 september 2011, het gebrek had hersteld.

4.3. De voorzieningenrechter is van oordeel dat uit het Inkoopdocument voor de redelijk geïnformeerde en normaal oplettende zorgvuldige inschrijver duidelijk is dat ook vooraf toetsing plaats vindt. Uit de pagina’s 30 en 46 blijkt immers dat CZ van zorgaanbieders die voor een prijsopslag in aanmerking willen komen voor 1 september 2011 een plan verlangt dat moet voldoen aan de elementen genoemd in het Inkoopdocument 2012 alsmede een rapportage waaruit blijkt dat aan de voorwaarden is voldaan en die uiterlijk op 1 augustus 2012 moet worden aangeleverd. Derhalve zijn er twee toetsingsmomenten: vooraf wordt aan de hand van een plan van aanpak getoetst of de zorgaanbieder inzichtelijk heeft gemaakt hoe hij aan de in het inkoopdocument beschreven elementen voornemens is te voldoen en achteraf wordt aan de hand van een rapportage beoordeeld of de zorgaanbieder daarin geslaagd is.

4.4. Voorts oordeelt de voorzieningenrechter dat de zin:“In het projectplan wordt tot op detailniveau uitgewerkt wat er moet gebeuren, voor welke datum en wie daarvoor verantwoordelijk is” die voorkomt in het plan van aanpak in de paragraaf ‘Projectplan’, gelet op het woord “wordt” ook zo kan worden begrepen dat er al een projectplan behoorde tot dit plan van aanpak. CZ heeft dit dus hieruit kunnen begrijpen en het ontbreken van dit projectplan kunnen aanmerken als een kennelijke vergissing van Sovak, die zich leende voor herstel. Dit was niet in strijd met “eerlijke concurrentie” omdat herstel van dergelijke vergissingen voor iedere inschrijver mogelijk is en nadere argumentatie ontbreekt waarom herstel anderszins in strijd zou zijn met die “eerlijke concurrentie”. In dit geding staat vast dat het projectplan in de vergadering van de Raad van Bestuur van Sovak op 24 augustus 2011 is goedgekeurd.

CZ zal dan ook worden gelast om het projectplan alsnog bij de beoordeling te betrekken.

Nu de gevorderde datum van 1 november 2011 reeds is verstreken zal CZ hiervoor een termijn van vijf werkdagen worden gegund. De primaire vordering komt niet voor toewijzing in aanmerking omdat CZ het projectplan niet eerder bij de beoordeling heeft betrokken en daarom vooralsnog niet duidelijk is of het door Sovak ingediende plan van aanpak met het daarbij behorende projectplan naar het oordeel van CZ voldoet aan de voorwaarden die het Zorginkoopdocument 2012 stelt om in aanmerking te komen voor de prijsopslag “Stimuleren extern netwerk” ten aanzien van intramurale en extramurale zorg.

5. De kostenveroordeling

5.1. CZ zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van Sovak worden begroot op:

- dagvaarding EUR 82,31

- griffierecht 560,00

- salaris advocaat 816,00

Totaal EUR 1.458,31

6. De beslissing

De voorzieningenrechter

6.1. gelast CZ om binnen vijf werkdagen na betekening van dit vonnis alsnog inhoudelijk te beslissen, waarbij het projectplan in de beoordeling zal worden meegewogen, op de aanvraag van Sovak om in aanmerking te komen voor de prijsopslag voor het project ‘stimuleren extern netwerk’ ten aanzien van intramurale en extramurale zorg;

6.2. veroordeelt CZ in de proceskosten, aan de zijde van Sovak tot op heden begroot op EUR 1.458,31,

6.3. verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

6.4. weigert het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. Leijten en in het openbaar uitgesproken op 8 november 2011 in aanwezigheid van de griffier, mr. Van de Kreeke-Schütz.