Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBBRE:2007:BB9234

Instantie
Rechtbank Breda
Datum uitspraak
04-12-2007
Datum publicatie
10-12-2007
Zaaknummer
456666 ov 07-2690
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

verwerende partij schriftelijk verweer, niet op mondelinge behandeling, nakosten gemaximeerd op €100,00

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK BREDA

Sector kanton

Locatie Bergen op Zoom

zaak/rolnr.: 456666 OV VERZ 07-2690

beschikking d.d. 4 december 2007

op een verzoekschrift van

de besloten vennootschap LINDORFF B.V.,

voorheen genaamd TRANSFAIR B.V.,

gevestigd te Zwolle,

verzoekende partij,

gemachtigde: gerechtsdeurwaarder M.G. de Jong te Arnhem,

tegen

[verweerder],

wonende te [adres],

verwerende partij,

schriftelijk procederend.

1. Het verloop van het geding

1.1 De procesgang blijkt uit:

- het op 4 september 2007 ter griffie binnengekomen verzoekschrift, met bijlagen,

- het verweerschrift;

- de akte houdende bewijs ten behoeve van mondelinge behandeling van de zijde van verzoekende partij;

- de aantekeningen van de griffier tijdens de mondelinge behandeling van 27 november 2007 en het audiëntieblad van die zitting.

De inhoud van deze stukken geldt als hier ingelast.

2. Het verzoek en de beoordeling

2.1 Het verzoek strekt tot het afgeven van een bevelschrift, waarin verwerende partij wordt bevolen om aan verzoekende partij een bedrag ter zake van nakosten te betalen.

2.2 In de procedure tussen partijen met zaaknummer 342980 CV EXPL 05-1065 heeft de kantonrechter bij vonnis van 25 mei 2005 de vordering van verzoekende partij toegewezen en verwerende partij volledig veroordeeld in de proceskosten, tot aan de datum van de uitspraak begroot op € 550,10, waarvan € 270,00 aan salaris voor de gemachtigde van verzoekende partij.

2.3 Verzoekende partij heeft aan het verzoek ten grondslag gelegd dat na deze rechterlijke uitspraak kosten in de zin van artikel 237 lid 4 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) zijn gemaakt teneinde verwerende partij tot nakoming van haar verplichtingen uit hoofde van het vonnis te bewegen. Ter gelegenheid van de mondelinge behandeling heeft verzoekende partij die werkzaamheden bij (aangehechte) akte gespecificeerd.

2.4 De verwerende partij heeft aangevoerd dat tussen partijen inmiddels een betalingsregeling is getroffen, waarvan alle termijnen door hem zijn voldaan. Verwerende partij is, met bericht van afwezigheid, niet op de mondelinge behandeling verschenen. De werkzaamheden, genoemd in de sub 2.3. genoemde akte, zijn derhalve niet weersproken.

2.5 Nu niet weersproken is dat de door verzoekende partij gestelde werkzaamheden zijn verricht zal het verzoek worden toegewezen. Het nasalaris van de gemachtigde van verzoekende partij wordt conform het geldende liquidatietarief vastgesteld en in het onderhavige geval gemaximeerd op € 100,00.

3. De beslissing

De kantonrechter:

- wijst het verzoek toe en stelt de nakosten, zoals bedoeld in artikel 237 lid 4 Rv, vast op € 100,00;

- beveelt verwerende partij dit bedrag tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan verzoekende partij te betalen.

Deze beschikking is gegeven door mr. W.E.M. Verjans, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 4 december 2007, in tegenwoordigheid van de griffier.