Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBBRE:2007:BB2382

Instantie
Rechtbank Breda
Datum uitspraak
29-08-2007
Datum publicatie
04-09-2007
Zaaknummer
452815 vv 07-89
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Geen concurrentie- of aanverwant beding overeengekomen, maar (neven)activiteiten werknemer buiten werktijd toch onrechtmatig. Omdat volledige toewijzing van het door werkgever gevorderde verbod lijkt op een concurrentiebeding dat juist niet werd overeengekomen, wordt een beperkt verbod uitgesproken. Dat de (neven)activiteiten niet (meer) worden uitgeoefend staat aan het verbod niet in de weg, omdat (her)activering reëel mogelijk moet worden geacht.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK BREDA

Sector kanton

Locatie Tilburg

zaak/rolnr.: 452815-VV-07/89

vonnis d.d. 29 augustus 2007

inzake

[J.L.],

wonende te [adres],

eisende partij in conventie bij exploot van dagvaarding d.d. 3 augustus 2007,

gedaagde in reconventie,

gemachtigde: mr. W.A. Braams, advocaat te Eindhoven,

tegen:

[HSS BV]

h.o.d.n. [HS].,

gevestigd en kantoorhoudende te [adres],

gedaagde partij in conventie bij voormeld exploot,

eisende partij in reconventie,

gemachtigde: mr. H.M.Th. de Pont, advocaat te Tilburg.

Partijen worden hierna aangeduid als [J.L.] en [HSS BV].

1. Het verloop van het geding

Dit blijkt uit de volgende processtukken:

1.1 de inleidende dagvaarding met producties,

1.2 het verweerschrift met producties,

1.3 de griffiersaantekeningen van de zitting van 14 augustus 2007 en de daarbij zijdens partijen overgelegde pleitnotities.

De stukken uit de ter zitting tussen partijen eveneens behandelde ontbindingsprocedure in zaak 453512 AZ 07-544 worden hier met instemming van partijen ook als ingelast beschouwd.

2. Het geschil

[J.L.] vordert als voorlopige voorziening in conventie, samengevat, bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, bepaling dat de arbeidsovereenkomst (naar de kantonrechter begrijpt: ondanks het verleende ontslag op voet) voortduurt, veroordeling van [HSS BV] tot betaling van loon c.s. over de periode sedert 4 juli 2007 totdat de arbeidsovereenkomst rechtsgeldig zal zijn geëindigd onder afgifte van loonspecificaties, veroordeling van [HSS BV] om [J.L.] toe te laten tot zijn werkzaamheden op verbeurte van een dwangsom, en veroordeling van [HSS BV] in de proceskosten.

[HSS BV] vordert als voorlopige voorziening in reconventie, samengevat, bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, [J.L.] te verbieden ten behoeve van zijn of een andere onderneming gelijk of aanverwant aan dat van [J.L.], concurrerende werkzaamheden te verrichten gedurende één jaar, op verbeurte van een dwangsom en met veroordeling van [J.L.] in de proceskosten.

Partijen weerspreken elkaars vordering.

3. De voorlopige beoordeling

in conventie en in reconventie:

3.1 De vorderingen in conventie en in reconventie worden vanwege hun nauwe samenhang gezamenlijk behandeld.

3.2 Als enerzijds gesteld en anderzijds niet of onvoldoende betwist staat tussen partijen het navolgende in rechte vast.

- Partijen sloten een arbeidsovereenkomst waarbij [J.L.], geboren op 15 juni 1966 en nu 41 jaar oud, zich verbond met ingang van 1 maart 2006 in dienst van [HSS BV] tegen loon arbeid te verrichten. [J.L.] is laatstelijk krachtens arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd gedurende 38 uren per week werkzaam in de functie van verkoopmedewerker tegen een bruto maandloon van € 2.175,50 te vermeerderen met 8% vakantietoeslag.

- Het laatstelijk op 1 september 2006 door partijen ondertekende arbeidscontract bepaalt onder meer in artikel 6 dat jaarlijks ook een nader omschreven provisie gerelateerd aan de behaalde bruto jaaromzet wordt uitbetaald waarop maandelijks voorschotbedragen van € 400,00 worden uitbetaald.

- Blijkens uittreksel uit het handelsregister exploiteert [J.L.] met ingang van 7 april 2007 voor eigen rekening de eenmanszaak New Europe Yachts.

- [J.L.] is medio juni 2007 ziekgemeld.

- Bij brief van 4 juli 2007 werd namens [HSS BV] aan [J.L.] geschreven, samengevat, dat ontslag op staande voet wordt verleend vanwege het verrichten van concurrerende activiteiten en de op 30 mei 2007 door [J.L.] gepleegde fraude.

3.3 [J.L.] baseert de vordering in conventie op een vernietigbare opzegging van de arbeidsverhouding, met name omdat deze ten onrechte is gebaseerd op een dringende (ontslag)reden. [J.L.] stelt, samengevat, dat zijn internetonderneming geen activiteiten ontwikkelt waarmee [HSS BV] wordt beconcureerd en dat hij als bemiddelaar via internet slechts vraag en aanbod van tweedehands boten bij elkaar brengt. [J.L.] stelt daarmee geen werknemersverplichtingen te hebben geschonden, onder meer omdat directeur [RvdH] daarmee door gevoerde gesprekken al langer bekend was, althans had moeten zijn. Met betrekking tot de hem verweten fraude betwist [J.L.] de dringendheid terzake en ontkent [J.L.] de handtekening van [H-B] te hebben vervalst. [J.L.] stelt het (ver)koopcontract Gusman wel met een handtekening van die [RvdH] te hebben ondertekend, maar dat in opdracht en onder bedreiging van toenmalig directeur [RvdH] te hebben moeten doen. [J.L.] stelt verder op 17 juli 2007 ook door directeur [RvdH] ernstig te zijn mishandeld, waarvan hij ook aangifte heeft gedaan.

3.4 [HSS BV] verweert zich in conventie door, samengevat, te stellen dat [J.L.] haar beconcureert omdat zij ook handelt in ingeruilde en dus tweedehands jachten. [HSS BV] stelt, samengevat, dat haar pas eind juni 2007 is gebleken dat [J.L.] concurrerende activiteiten verricht, hetgeen op zichzelf en zeker in combinatie met de gepleegde fraude waarbij hij namens [HSS BV] onbevoegdelijk en valselijk op naam van [H-B] een (ver)koopcontract Gusman ondertekende, een dringende (ontslag)reden oplevert. [HSS BV] stelt dat [J.L.] zich ook niet als goed werknemer heeft gedragen door haar niet te informeren over zijn met ingang van 7 april 2007 uitgeoefende nevenwerkzaamheden die zij concurrerend acht met haar eigen activiteiten. [HSS BV] verwijt [J.L.] verder haar relaties te benaderen voor de door hem zelf te verkopen collectie. [HSS BV] legt ter staving van haar standpunt met betrekking tot de bedoelde concurrerende activiteiten verder nog een aantal schriftelijke verklaringen over. Met betrekking tot de bedoelde fraude ontkent [HSS BV] dat directeur [RvdH] tot het plaatsen van de valse handtekening opdracht gaf of bedreigingen daartoe uitoefende. [HSS BV] stelt dat [J.L.] op 17 juli 2007 door directeur [RvdH] niet ernstig werd mishandeld maar sprake was van een ongelukkig incident, welke kwestie inmiddels strafrechtelijk is afgedaan met een transactie van € 550,00. [HSS BV] legt haar voornoemde stellingen ook ten grondslag aan de vordering in reconventie. [HSS BV] baseert die vordering in reconventie op een onrechtmatige daad, met name doordat [J.L.] met zijn eenmanszaak onrechtmatige concurrerende activiteiten zou verrichten.

3.5 De kantonrechter overweegt dat de door [J.L.] in conventie gevorderde bepaling dat de arbeidsovereenkomst (naar de kantonrechter begrijpt: ondanks het verleende ontslag op voet) voortduurt, naar zijn aard niet voorlopig is. Die als voorlopige voorziening ingestelde conventionele vordering zal al daarom moeten worden afgewezen. Voor het overige spitst het geschil zich thans in het bijzonder toe op het voorshands oordeel of het gegeven ontslag op staande voet in een bodemprocedure in rechte stand zal houden.

3.6 Voorshands is niet echt duidelijk geworden wat er zich precies heeft afgespeeld met betrekking tot de door [J.L.] geplaatste handtekening onder het (ver)koopcontract Gusman en meer in het bijzonder of [J.L.] zich daarbij tegenover [HSS BV] schuldig heeft gemaakt aan enig handelen waardoor hij het vertrouwen van [HSS BV] als werkgever onwaardig werd. Voor zover [HSS BV] [J.L.] terzake thans een ernstig verwijt maakt, is in ieder geval niet kunnen blijken dat een daarop gebaseerde (ontslag)reden onverwijld aan [J.L.] werd meegedeeld. Een dergelijke mededeling werd althans niet vóór 4 juli 2007 gedaan, terwijl [HSS BV] blijkens de stukken van dat beweerde frauduleuze handelen in ieder geval al meedere dagen op de hoogte was vóórdat daarvan op 18 juni 2007 bij de politie aangifte werd gedaan. Verder stelt [HSS BV] thans aan [J.L.] te verwijten dat [J.L.] zich ook al tijdens zijn werkzaamheden niet steeds goed ten behoeve van haar zou hebben ingezet, maar die verwijten zijn niet ten grondslag gelegd aan het gegeven ontslag op staande voet. Het voorgaande brengt mee dat voor het voorshands oordeel of het gegeven ontslag op staande voet in een bodemprocedure in rechte stand zal houden, in het bijzonder van belang is hetgeen [J.L.] wordt verweten met betrekking tot de gestelde concurrerende activiteiten in het kader van zijn eenmanszaak New Europe Yachts.

3.7 Blijkens de stukken en het verhandelde ter zitting exploiteert [HSS BV] met name een verkoopmaatschappij van bij een zusterbedrijf gebouwde scheepsjachten en houdt [HSS BV] zich met name bezig met de verkoop van en de verkoopbemiddeling bij grote luxueuze jachten in het hogere marktsegment. Daarbij richt [HSS BV] zich zelf in eerste instantie op de verkoop van nieuwe jachten maar houdt zij zich in relevante mate ook bezig met de verkoop van bij haar ingeruilde occasions, vaak via collega-handelaren maar in een aantal gevallen pleegt zij dat ook zelf te doen. Blijkens de stukken doet [HSS BV] dat in voorkomend geval ook rechtstreeks via haar eigen website. Blijkens uittreksel uit het handelsregister exploiteert [J.L.] met ingang van 7 april 2007 voor eigen rekening de eenmanszaak New Europe Yachts, met als bedrijfsomschrijving “Jachtbemiddeling via internet. Aan- en verkoop, begeleiding van jachten. Jachtfinancieringen. Jachtverzekeringen. Consiatieverkoop. Taxatie en expertises”. [J.L.] benadrukt dat hij zich in dat kader op zijn website slechts presenteert als bemiddelaar en dat de daarbij beoogde markt breed is gekozen, zodat er op de website van zijn onderneming boten in iedere prijsklasse kunnen worden verhandeld. Hoe [J.L.] zich in het kader van zijn eenmanszaak ook precies presenteert en dat [J.L.] zich in dat kader richt op alleen maar occasions en dan voor een bredere markt dan die waarop [HSS BV] werkzaam is, doet er niet aan af dat hij zich met zijn (neven)activiteiten in het kader van zijn eenmanszaak New Europe Yachts ook begeeft op een markt waar [HSS BV] pleegt te handelen. Voorshands is genoegzaam aannemelijk dat de door [J.L.] in dat kader ontwikkelde activiteiten in relevante mate concurrerend zijn aan die van [HSS BV] en het zakelijk bedrijfsbelang van [HSS BV] (kunnen) schaden. Dit vindt ook bevestiging in de schriftelijke verklaring van F. Rombouts d.d. 10 augustus 2007 wie de website voor [J.L.]s eenmanszaak heeft ontwikkeld en wie verklaart over een voorval waarbij volgens [J.L.] jachten op die website moesten worden geplaatst “die directe concurrenten voor [HS] betekenden”. Rombouts verklaart verder, samengevat, er tot die tijd nooit bij te hebben stilgestaan dat de voor [J.L.] ontwikkelde website ernstige gevolgen voor [HSS BV] kon hebben “die op het punt stond een belangrijke klant te verliezen door New Europe Yachts”, waarna Rombouts zijn verbintenis met [J.L.] zegt te hebben verbroken.

3.8 In de tussen partijen gesloten arbeidsovereenkomst is geen concurrentie- of aanverwant beding opgenomen, maar het arbeidscontract kent slechts een zogenoemd geheimhoudingsbeding. De enkele omstandigheid dat [J.L.] buiten werktijd (neven)activiteiten verricht waarmee [HSS BV] als zijn actuele werkgever wordt beconcureerd en het zakelijk bedrijfsbelang van [HSS BV] kan worden geschaad, maakt dan nog niet dat [J.L.] tegenover [HSS BV] enige werknemersverplichting schendt of onrechtmatig handelt. Voor zover [J.L.] daarbij (ook) gebruik maakt van kennis of informatie die hij in dienst van [HSS BV] heeft verkregen, wordt dat nog niet anders. In dit geval is echter naast de voornoemde omstandigheden sprake van nog meer bijkomende omstandigheden. Zo had [J.L.] op grond van goed werknemerschap [HSS BV] op zijn minst correct en volledig moeten informeren over (zijn voornemen tot) de met ingang van 7 april 2007 door hem geëxploiteerde eenmanszaak New Europe Yachts, zeker nu [J.L.] ook had moeten begrijpen dat [HSS BV] daarbij een redelijk belang heeft. Dit geldt nog temeer nu [J.L.] zich ter zitting op het - overigens door [HSS BV] betwiste - standpunt stelt dat hem al eerder namens [HSS BV] was gevraagd of hij niet voor eigen rekening zelf ook zakelijk wilde gaan bemiddelen in de handel in tweedehands schepen. Waar [J.L.] ter zitting nadrukkelijk aangeeft de in het kader van zijn eenmanszaak New Europe Yachts verrichte internetactiviteiten echter als zodanig niet aan [HSS BV] te hebben gemeld, heeft [J.L.] tegenover [HSS BV] geen openheid van zaken gegeven over de door hem naast zijn werk ontwikkelde activiteiten en heeft [J.L.] reeds gelet op de voornoemde omstandigheden in hun onderlinge samenhang beschouwd, gehandeld in strijd met hetgeen [HSS BV] van [J.L.] als goed werknemer mocht verwachten. Dit klemt nog temeer nu [HSS BV] zijn (neven)activiteiten blijkens de schriftelijke verklaring van F. Rombouts d.d. 10 augustus 2007 zelfs bewust voor [HSS BV] lijkt te hebben verzwegen. Zelfs nog daargelaten of [J.L.] ten behoeve van zijn (neven)activiteiten ook gebruik heeft gemaakt van klantenbestanden van [HSS BV], wordt reeds gelet op de voornoemde omstandigheden en bezien in hun onderlinge samenhang, voorshands geoordeeld dat het gegeven ontslag op staande voet in een bodemprocedure in rechte stand zal houden. Gelet daarop zal de door [J.L.] in conventie gevorderde voorlopige voorziening worden afgewezen.

3.9 De voornoemde omstandigheden bezien in hun onderlinge samenhang brengen naar voorshands oordeel tevens mee dat [J.L.] tegenover [HSS BV] onrechtmatig handelt, met name door zijn handelen in strijd met de wettelijke werknemersverplichting zich als een goed werknemer te gedragen. Dit brengt mee dat het door [HSS BV] in reconventie gevorderde verbod om concurrerende werkzaamheden te verrichten in beginsel toewijsbaar is. Waar een volledige toewijzing van het door [HSS BV] gevorderde verbod het effect benadert van een concurrentiebeding dat de tussen partijen gesloten arbeidsovereenkomst juist niet kent, zal het uit te spreken verbod worden beperkt tot daadwerkelijk door [J.L.] in het kader van zijn eenmanszaak verrichte (neven)activiteiten. Bij gebreke van een daartegen gevoerd verweer is ook de gevorderde duur toewijsbaar, maar de toewijsbare dwangsom zal worden gemaximeerd als na te melden. Voor zover [J.L.] ter zitting aangeeft dat zijn eenmanszaak en website niet actief (meer) zijn of zullen zijn, staat dat aan toewijzing van het door [HSS BV] gevorderde niet in de weg nu (her)activering reëel mogelijk moet worden geacht.

3.10 Als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij zal [J.L.], zowel in conventie als in reconventie, in de proceskosten worden veroordeeld.

3.11 Gelet op het voorgaande behoeven de overige geschilpunten geen bespreking meer en wordt als volgt beslist.

4. De beslissing in kort geding

De kantonrechter:

in conventie:

wijst de vordering van [J.L.] af;

veroordeelt [J.L.] in de kosten van het geding in conventie, deze voor zover aan de zijde van [HSS BV] gevallen tot op heden begroot op € 200,00 aan gemachtigdensalaris;

in reconventie

verbiedt [J.L.] ten behoeve van zijn onderneming New Europe Yachts werkzaamheden uit te voeren gedurende een periode van één jaar na de betekening van dit vonnis;

bepaalt dat [J.L.] voor iedere dag of een gedeelte daarvan dat [J.L.] handelt in strijd met het voornoemde verbod aan [HSS BV] een dwangsom verbeurt van € 500,00, tot een maximum aan totaal te verbeuren dwangsommen van

€ 50.000,00;

veroordeelt [J.L.] in de kosten van het geding in reconventie, deze voor zover aan de zijde van [HSS BV] gevallen tot op heden begroot op € 200,00 aan gemachtigdensalaris;

wijst het meer of anders door [HSS BV] gevorderde af;

in conventie en reconventie:

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. M.G.W.M. Stienissen en in het openbaar uitgesproken op 29 augustus 2007.