Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBBRE:2001:AD7466

Instantie
Rechtbank Breda
Datum uitspraak
08-11-2001
Datum publicatie
20-12-2001
Zaaknummer
101091/KG ZA 01-589
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

-

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
KG 2001, 291
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

101091/KG ZA 01-589 PRESIDENT VAN DE ARRONDISSEMENTS-

RECHTBANK TE BREDA

8 november 2001

VONNIS IN KORT GEDING

in de zaak van:

de naamloze vennootschap

N.V.INTERPOLIS SCHADE, gevestigd en kantoorhoudende te Tilburg,

e i s e r e s bij dagvaarding van 28 september 2001,

procureur en advocaat: mr. A.C. van Schaick,

t e g e n :

1. de vennootschap onder firma

DUINE ADVIESBUREAU V.O.F.,

gevestigd en kantoorhoudende te Bergen op Zoom,

2. [gedaagde],

wonende te Halsteren, gemeente Bergen op Zoom,

3. [gedaagde], wonende te Halsteren, gemeente Bergen op Zoom,

g e d a a g d e n,

procureur en advocaat: mr. H.E. Chr. M. Nieland.

1. Het verloop van het geding.

Dit blijkt uit de navolgende door partijen ter vonniswijzing overgelegde stukken:

- de dagvaarding;

- de pleitnota van mr. van Schaick en de door eiseres in het geding gebrachte producties;

- de pleitnota van mr. Nieland en de door gedaagden in het geding gebrachte producties.

Partijen hebben voorts ter zitting hun stellingen mondeling nader toegelicht.

2. Het geschil.

Eiseres, hierna te noemen Interpolis, vordert bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad:

1. gedaagden, hierna te noemen Duine in enkelvoud, te verbieden om mededelingen als vervat in de reeds door haar gepubliceerde en in de dagvaarding bedoelde advertenties openbaar te maken of openbaar te laten maken, op straffe van verbeurte van een dwangsom van ƒ 50.000,-- per dag of gedeelte van een dag dat Duine in gebreke blijft om aan deze veroordeling te voldoen;

2. Duine te gelasten om binnen acht dagen na betekening van dit vonnis aan Interpolis schriftelijk opgave te doen van de bronnen waarin en data waarop Duine vergelijkende advertenties heeft gepubliceerd, respectievelijk doen of laten produceren, op straffe van verbeurte van een dwangsom van ƒ 10.000,-- per dag of gedeelte van een dag dat Duine in gebreke blijft om aan deze veroordeling te voldoen;

3. Duine te veroordelen om te rekenen vanaf veertien dagen na betekening van dit vonnis in de eerst verschijnende editie van de bronnen waarin zij vergelijkende advertenties heeft gepubliceerd, respectievelijk doen of laten produceren, op dezelfde plaats een rectificatie te plaatsen, althans te doen of laten plaatsen, van dezelfde omvang als haar oorspronkelijke advertenties en met een identieke kop, waarin zij onder verwijzing naar dit vonnis mededeling doet van het feit dat zij in haar advertenties ten onrechte heeft gesuggereerd dat zij in staat is een beter en goedkoper product te bieden dan de bedrijvencompactpolis van Interpolis;

4. Duine te veroordelen in de kosten van deze procedure en te bepalen dat Duine de wettelijke rente over deze kosten verschuldigd is indien zij deze kosten niet binnen veertien dagen na dagtekening van dit kortgedingvonnis heeft voldaan.

Duine heeft de vorderingen bestreden.

3. De voorlopige beoordeling en de gronden daarvoor.

3.1

Op grond van de niet of onvoldoende weersproken stellingen van partijen en de overgelegde producties wordt uitgegaan van de navolgende feiten:

- Interpolis is een schadeverzekeraar, die een aantal verzekeringsproducten speciaal op agrariërs heeft afgestemd. waaronder de bedrijvencompactpolis, hierna te noemen BCP.

- Duine exploiteert een assurantie-, pensioen-, financierings- en beleggings-bureau , en brengt haar agrarische verzekeringen onder bij Topland Verzekeringen.

- Topland Verzekeringen, sinds 27 december 2000 onderdeel van de Achmea groep, is een schadeverzekeraar die zich vrijwel uitsluitend richt op agrariërs.

- Interpolis heeft haar tussenpersonen op de hoogte gebracht van een premieverhoging van de BCP, door het verspreiden van een rondschrijven waarin ondermeer is vermeld:

"Herverzekeringspremies en slechte resultaten drijven premies omhoog

2 februari 2001 verhoogt de business unit Bedrijven de premies van de BCP met 4,5%. Voor nieuwe klanten én voor klanten die al een BCP bij ons hebben afgesloten. We kunnen helaas niet anders. Want we moeten kunnen blijven voldoen aan onze schadeverplichtingen, En het rendement staat vooral onder druk door de toenemende schadelast in onze portefeuille en de algemene verhogingen van de herverzekeringspremies. Deze verhogingen zijn een gevolg van calamiteiten, zoals de ramp in Enschede en de zware stormen die we in West Europa verwachten en die er al zijn geweest. Andere maatschappijen zullen ook komen met productaanpassingen en premieverhogingen.

(..)

Alle rubrieken 4,5% verhoging, behalve…

De premieverhoging van 4,5% is van toepassing voor alle rubrieken behalve voor de rubriek Milieu. Verder blijven de premies voor personen- en bestelauto's, beide inclusief de bijbehorende module Rechtsbijstand, buiten schot. De premie voor Rechtsbijstand Agrarisch verhogen we met 10% omdat de kosten van Rechtshulp zijn gestegen en het aantal claims toeneemt.

- Duine heeft in diverse huis-aan-huisbladen die in de omgeving van de vestigingsplaats van het kantoor van Duine worden verspreid een advertentie geplaatst, waarvan een verkleinde versie hieronder is weergegeven:

afbeelding advertentie

3.2

Interpolis baseert haar vordering op het bepaalde in art. 6:194 BW. Zij voert hiertoe aan dat Duine in de advertentie in strijd met de waarheid suggereert dat de polis van Topland beter en goedkoper zou zijn dan de BCP van Interpolis. Bovendien is de inhoud van de advertentie volgens Interpolis misleidend, niet objectief en nodeloos denigrerend ten opzichte van Interpolis.

3.3

Duine betwist dat de inhoud van de gewraakte advertentie onwaarheden bevat, met dien verstande dat Duine erkent dat de vermelding "dat in de media bekend is gemaakt dat de BCP met 4,5 % wordt verhoogd." niet juist is.

Volgens Duine staat vast dat Interpolis haar tarieven met de in de advertentie genoemde percentages heeft verhoogd en eveneens dat Topland de meest uitgebreide polisvoorwaarden aanbiedt in de agrarische sector.

3.4

Ter beoordeling staat of, zoals Interpolis stelt, sprake is van onrechtmatig handelen doordat Duine omtrent goederen of diensten die door haar in de uitoefening van een bedrijf worden aangeboden, een mededeling openbaar maakt of laat maken, die misleidend is ten aanzien van de vergelijking met goederen of diensten van Interpolis conform het bepaalde in art. 6:194 BW.

3.5

Ten aanzien van de door Interpolis gestelde prijsvergelijking stelt Duine terecht dat zij in de advertentie niet claimt dat de polis van Topland goedkoper is dan die van Interpolis, maar uitsluitend vermeldt dat Interpolis haar tarieven verhoogt en dat Topland haar premies niet verhoogt.

Voor zover Interpolis heeft gesteld dat de opslag van 4,5% niet voor alle onderdelen van de BCP geldt, is voldoende aannemelijk dat de onderdelen die niet worden verhoogd, namelijk Milieu en personenwagens, ondergeschikte onderdelen zijn van de BCP. Bovendien meldt Interpolis zelf in de aanhef van haar rondschrijven dat de tarieven van de BCP met 4,5 % worden verhoogd.

Nu vaststaat dat Interpolis haar tarieven heeft verhoogd met de in de advertentie genoemde percentages en tevens dat Topland haar tarieven niet heeft verhoogd, kan niet worden gezegd dat de advertentie op dit punt onwaarheden bevat.

3.6

Vaststaat dat Duine, anders dan Interpolis stelt, in haar advertentie niet claimt dat de polis van Topland beter zou zijn dan de BCP van Interpolis.

Evenmin is gebleken dat Duine in haar advertenties inhoudelijk de polissen van Interpolis en Topland met elkaar vergelijkt of stelt dat de polissen qua inhoud vergelijkbaar zijn. Immers Duine nodigt in haar advertentie ondermeer verzekerden bij Interpolis uit tot vergelijking van de door haar aangeboden polis met die van Interpolis. Al hetgeen partijen hebben aangevoerd omtrent de inhoudelijke verschillen tussen de polissen kan derhalve buiten bespreking blijven.

3.7

Duine claimt in haar advertentie dat Topland "niet alleen een uitsluitend en specifiek agrarische verzekeraar is, maar ook de verzekeringsmaatschappij met absoluut de meest uitgebreide polisvoorwaarden in de agrarische sector."

Interpolis betwist dat de voorwaarden van Topland meer uitgebreid zouden zijn dan de voorwaarden van haar BCP.

3.8

Uit hetgeen partijen ter zitting naar voren hebben gebracht is duidelijk geworden dat Interpolis en Topland als verzekeraar van agrariërs ieder een heel eigen verzekeringspakket aanbieden, en dat het reeds daarom niet eenvoudig is om de voorwaarden van de polissen met elkaar te vergelijken. De BCP van Interpolis is een zogenaamde pakketverzekering, waarin ondermeer de verzekering van gebouwen, bedrijfsmiddelen, stagnatieschade, aansprakelijkheid, kosten van rechtsbijstand, milieuschade en voertuigschade kunnen worden ingebracht, waarbij iedere verzekering een eigen premie heeft. Topland daarentegen verzekert de continuïteit van het bedrijf en biedt daartoe één polis aan en hanteert voor haar verzekeringspakket één geïndexeerde totaalpremie.

Een eventuele verzekeringnemer bij Topland kan wel dit totaalpakket naar eigen wens moduleren, waarbij ook de premie dienovereenkomstig wijzigt.

Duine heeft onbetwist gesteld dat zij, anders dan Interpolis, geen bedragen verzekert, maar de continuïteit van het bedrijf, waarbij zij alle risico's neemt, in tegenstelling tot Interpolis die risico's slechts verzekert tot de verzekerde bedragen. Duine heeft voorts gesteld en genoegzaam onderbouwd dat haar voorwaarden het meest uitgebreid zijn in het geval van vergelijking tussen de standaardpolissen die worden aangeboden door Topland en Interpolis, met name door de uitgebreide dekking voor alle agrarische gebouwen welke op een bedrijf aanwezig zijn in geval van brand, storm, inbraak, waterschade, vandalisme en aanrijdingschade alsmede de dekking voor aansprakelijkheid die bij Topland vijf miljoen gulden bedraagt zonder eigen risico, terwijl bij Interpolis de dekking de helft van dat bedrag bedraagt en tevens een eigen risico van ƒ 250,-- per gebeurtenis geldt. Daar komt bij dat de dekking van Topland, buiten de hiervoor genoemde gelimiteerde dekking in geval van aansprakelijkheid, voor alle andere verzekeringen, anders dan Interpolis, geen limiet kent.

Geconcludeerd wordt derhalve dat Duine in deze procedure voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de voorwaarden van Topland het meest uitgebreid zijn in de agrarische sector.

3.9

Interpolis heeft tenslotte gesteld dat de advertentie van Duine zou suggereren dat de polis van Topland goedkoper (en beter) zou zijn dan de polis van Interpolis.

Hiertoe voert zij aan dat voor de gemiddelde agrariër verzekeringen complexe en moeilijk vergelijkbare producten zijn en dat agrariërs, van wie, mede gelet op de aard van het aangeboden product, geen bijzondere deskundigheid en/of een kritische beoordeling van de mededelingen van Duine kan worden verwacht, daarom de neiging hebben blind te varen op adviezen en uitspraken van tussenpersonen als Duine zonder enige controle te plegen.

In afwijking van hetgeen Interpolis stelt, is de president van oordeel dat het publiek waartoe Duine zich met haar advertenties richt, agrariërs, moet worden geacht voldoende deskundig te zijn op het gebied van bedrijfsverzekeringen, nu immers een dergelijke verzekering een wezenlijk onderdeel van de bedrijfsvoering is. Ook al zouden deze producten complex zijn, er moet van worden uitgegaan dat de gemiddelde agrariër zeer wel in staat zal zijn, mede met behulp van de bijgeleverde Cd-rom's de polissen van Interpolis en Topland met elkaar te vergelijken.

3.10

Zoals reeds overwogen heeft Duine erkend dat de vermelding in de advertentie "dat in de media bekend is geworden dat de BCP met 4,5% is verhoogd" onjuist is. Dat die mededeling onrechtmatig is jegens Interpolis is echter niet aannemelijk, nu deze mededeling niets zegt over de kwaliteit van de BCP van Interpolis. In aanmerking nemend dat agrariërs in het algemeen goed op de hoogte zijn van hetgeen zich in de markt voordoet, is aannemelijk dat zij op een of andere wijze reeds kennis hadden genomen van de prijsstijging van de BCP.

3.11

Interpolis heeft voorts aangevoerd dat de woorden "forse verhoging" en "hakt er fors in" met vermelding van de naam BCP nodeloos denigrerend jegens haar zijn.

Nu Duine in de advertentie naast de door Interpolis aangevoerde woorden, tevens de exacte percentages heeft genoemd waarmee Interpolis haar tarieven heeft verhoogd, valt niet in te zien dat de bedoelde woorden nodeloos denigrerend zouden zijn. De agrariër die kennis neemt van de advertentie kan immers zelf beoordelen of hij de genoemde percentages als fors ervaart.

Topland heeft als reden voor vermelding van de naam BCP in de advertentie onbetwist gesteld dat Interpolis de enige verzekeraar is die haar tarieven voor de agrarische sector heeft verhoogd en de aankondiging van een premieverhoging het moment is voor een consument om een polis tussentijds te kunnen beëindigen.

Naar het oordeel van de president staat het Duine, als redelijk handelend verzekeringstussenpersoon, vrij om de aankondiging van prijsverhoging door Interpolis als argument te hanteren om agrariërs uit te nodigen zelf een vergelijking te maken tussen de producten van Interpolis en Topland.

Geconcludeerd wordt dat Interpolis onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat het taalgebruik in de advertentie jegens haar als nodeloos denigrerend moet worden aangemerkt.

3.14

Op grond van al hetgeen hiervoor is overwogen wordt geconcludeerd dat de advertentie van Duine niet onrechtmatig is jegens Interpolis. De vorderingen worden daarom afgewezen.

4. De kosten.

Interpolis dient als de in het ongelijk te stellen partij te worden verwezen in de kosten van het geding.

5. De beslissing in kort geding.

De president

weigert de gevorderde voorzieningen;

veroordeelt eisende partij in de kosten van het geding deze voorzover aan de zijde van de wederpartij gevallen tot op heden begroot op ¦ 1.950,--, waaronder begrepen een bedrag van ¦ 1.550,-- aan salaris;

verklaart dit vonnis wat voormelde kostenveroordeling betreft uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. E.W.J.M. Nollen, fungerend president, en uitgesproken ter openbare terechtzitting in kort geding van donderdag 8

november 2001, in tegenwoordigheid van mr. D.G.E.C.Th. Schütz, waarnemend griffier.