Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBASS:2012:BY3995

Instantie
Rechtbank Assen
Datum uitspraak
23-11-2012
Datum publicatie
23-11-2012
Zaaknummer
19.996538-09
Formele relaties
Hoger beroep: ECLI:NL:GHARL:2013:CA1972, (Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaan
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Verdachte vrijgesproken van witwassen in de zaak rond de verkoop van aandelen Thuiszorg.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ASSEN

Sector Strafrecht

Parketnummer: 19/996538-09

datum uitspraak: 23 november 2012

op tegenspraak

raadsvrouw: mr. J.A. van den Bosch, advocaat te Amsterdam.

VONNIS van de rechtbank te Assen, meervoudige kamer voor strafzaken, Noordelijke Fraudekamer, in de zaak tegen:

[verdachte],

gevestigd te [adres].

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 28 oktober 2011 en 09 november 2012.

TENLASTELEGGING

De verdachte is bij dagvaarding tenlastegelegd, dat

zij op een of meer tijdstippen gelegen in de periode van 11 januari

2002 tot en met 13 februari 2009, te Meppel en/of Zwolle, althans (elder) in

Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer natuurlijke perso(o)n(en)

en/of rechtsperso(o)n(en), althans alleen, (de opbrengst van) aandelen, te

weten aandelen Thuiszorg Perfect B.V., heeft verworven (door middel van een

koopovereenkomst d.d. 20 december 2001 tussen Stichting De Thuiszorg Icare en

[verdachte], welke aandelen door [verdachte] zijn verworven voor NLG

1,-), voorhanden heeft gehad, heeft overgedragen en/of omgezet (door die

betreffende aandelen van Thuiszorg Perfect B.V. op 28 november 2003 voor EUR

8.450.000,- aan Randstad te verkopen), althans van (de opbrengst van)

aandelen Thuiszorg Perfect B.V. gebruik heeft gemaakt, terwijl zij wist dat

(de opbrengst van) bovenomschreven aandelen -onmiddellijk of middellijk -

afkomstig was/waren uit enig misdrijf.

art 420bis lid 1 ahf/ond b Wetboek van Strafrecht

Vordering van de officier van justitie

De officier van justitie, mr. J.W. Bollen, heeft gevorderd dat de rechtbank de verdachte ter zake van het tenlastegelegde zal veroordelen tot een geldboete van € 150.000, alsmede verbeurdverklaring van het gehele vermogen van [verdachte], met aftrek van de eventueel op te leggen geldboete.

De voorvragen

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zijzelf bevoegd is tot kennisneming van de zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

Bewijsoverwegingen

De vraag die de rechtbank in deze zaak dient te beantwoorden is of wettig en overtuigend te bewijzen is dat [verdachte] zich schuldig heeft gemaakt aan witwassen van de aandelen Thuiszorg Perfect B.V. (hierna: TP). Hiertoe dient allereerst te worden beoordeeld of deze aandelen afkomstig waren uit enig misdrijf. De rechtbank overweegt hieromtrent het volgende.

In 1999 is, naar aanleiding van een uitzending van het televisieprogramma Zembla en een daarop volgend onderzoek van de Economische Controle Dienst, binnen de Stichting Thuiszorg Icare (hierna: de Stichting) besloten om de private ondernemingen strikter te scheiden van de publieke activiteiten van de Stichting. Dit heeft er toe geleid dat is besloten om de commerciële activiteiten te beëindigen en onderdelen binnen de Stichting die commerciële activiteiten uitvoeren af te stoten. TP was een onderneming binnen de Stichting die op commerciële basis zorg verleende. In juni 2001 is vervolgens, naar aanleiding van de nota "definitieve ontvlechting en vervreemding Thuiszorg Perfect" door de Raad van Commissarissen besloten dat de Raad van Bestuur van de Stichting goedkeuring wordt verleend tot het afstoten/privatiseren van TP. Uiteindelijk zijn de aandelen TP eind 2001 voor een bedrag van fl. 1,--, met overname van een schuld van fl. 852.500,--, verkocht aan verdachte [verdachte]. [medeverdachte 1] had op dat moment een groot belang in [verdachte], hetgeen hij heeft verzwegen tegenover de overige binnen de Stichting bij de verkoop betrokken personen en organen. In 2003 zijn diezelfde aandelen TP door [verdachte] verkocht aan Randstad B.V. voor een bedrag van ruim 8 miljoen euro.

De rechtbank acht voorst van belang hetgeen zij in het vonnis in de zaak [medeverdachte 1] heeft overwogen omtrent de prijs waarvoor de aandelen TP zijn verkocht. De rechtbank is in de zaak [medeverdachte 1] tot de conclusie gekomen dat niet gezegd kon worden dat overeengekomen prijs geen goede en reële prijs was. Ook in deze zaak is de rechtbank van oordeel dat niet gezegd kan worden dat de prijs waarvoor de aandelen zijn verkocht niet goed en reëel was. De rechtbank verwijst hierbij naar hetgeen in de zaak [medeverdachte 1] hieromtrent is overwogen (rechtbank Assen, d.d. 01 juni 2010, LJN: BM6319).

Nu reeds in 1999 binnen de Stichting het voornemen was ontstaan om de private ondernemingen, waaronder TP af te stoten, welke besluitvorming in de jaren daarna concretere vormen heeft aangenomen, kan naar het oordeel van de rechtbank niet worden gezegd dat [medeverdachte 1], door het verzwijgen van zijn belang in [verdachte] (hoe laakbaar dit gedrag ook is), de Stichting heeft bewogen tot afgifte van de aandelen. Het besluit tot verkoop van de aandelen TP was immers reeds geruime tijd voor het totstandkomen van de geheime afspraken tussen [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] ontstaan. Nu evenmin kan worden gezegd dat de prijs waarvoor de aandelen zijn verkocht niet reëel was, is de rechtbank

van oordeel dat niet is bewezen dat de aandelen TP afkomstig waren uit het misdrijf oplichting. Evenmin is de rechtbank gebleken dat de aandelen afkomstig waren uit enig ander misdrijf.

De rechtbank zal verdachte derhalve vrijspreken van de tenlastelegging.

BESLISSING

De rechtbank:

- verklaart het tenlastegelegde niet wettig en overtuigend bewezen en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Dit vonnis is aldus gewezen door mr. J.J. Schoemaker, voorzitter, en mr. H. van der Werff en mr. Y. Huizing, rechters, in tegenwoordigheid van J. Hoogeveen, als griffier en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 23 november 2012, zijnde mrs. Van der Werff en Huizing buiten staat dit vonnis binnen de door de wet gestelde termijn mede te ondertekenen.

3

2

Zaaknummer 19/996538-09

[verdachte]